Home » Italiaans eten » Het culinaire ritme van een Italiaanse dag
Duik in Ciao tutti's puzzelboekjes over Italië!

Het culinaire ritme van een Italiaanse dag

Een dag in Italië start met een cappuccino al bar en eindigt met een digestivo onder de sterrenhemel. We zetten alle culinaire momenten voor je op een rijtje, van ontbijt tot en met diner, zodat je weet wat je kunt verwachten in het Luilekkerland dat Italië heet.

La prima colazione – het ontbijt
Het Italiaanse ontbijt is heel simpel: een romige cappuccino of een sterke caffè met een cornetto (croissantje) of een andere zoete lekkernij in een van de vele koffiebarretjes, of thuis een snelle koffie gemaakt met de moka, eventueel met een (zoet) broodje.

cappuccino & sfogliatella bij Bar Mexico in Napels

Het ontbijt in een hotel kan soms nogal teleurstellend zijn, met niet meer dan koffie en een broodje met jam – zoals de Italianen thuis ook gewend zijn.

We raden je dan ook echt aan om tijdens je verblijf in Italië minstens één keer in een koffiebarretje te ontbijten. Staand aan de bar, met een cappuccino of een espresso, een cornetto in de hand, het gesis van de espressomachine op de achtergrond en druk gebarende Italianen om je heen. Hoe je dan je koffie moet bestellen (en uit welke koffiesoorten je kunt kiezen) lees je in detail in deze blog.

cappuccino bij Bar Totò in Rome

Op steeds meer plekken, zeker in de grotere steden, kun je ook ontbijten met yoghurt, muesli en fruit of een verse smoothie. Wil je een glas vers geperst sinaasappelsap? Vraag dan om spremuta d’arancia. Probeer ook eens bloedsinaasappelsap, spremuta d’arancia rossa, onze favoriet! Fruitsap uit een flesje, in smaak variërend van aardbei tot perzik, heet succo di frutta.

Kinderen ontbijten meestal met een kop (warme) melk en biscotti, koekjes, die in alle soorten en maten bij de bakker en in de supermarkt te vinden zijn. Voor ons voor het ontbijt veel te weinig, maar de koekjes met fantasierijke namen als pan di stelle (‘sterrenbrood’), abbracci (‘omhelzingen’) en bucaneve (‘gat in de sneeuw’) smaken eenmaal thuis ook heerlijk bij de koffie of thee.

Il pranzo – de lunch
Na zo’n sober ontbijt kun je je voorstellen dat je tegen lunchtijd behoorlijke trek hebt. Italianen lunchen over het algemeen dan ook vrij uitgebreid. Als het even kan, gaan ze naar huis voor een warme maaltijd, maar het is ook de gewoonste zaak van de wereld om samen met collega’s in een restaurantje te lunchen.

lunch bij Trattoria Al Vecchio Orologio in Viterbo

Hoewel je, zeker in de grotere steden, steeds meer bordjes ziet voor un pranzo veloce, een snelle lunch, bestaande uit een broodje of een piatto unico, is een uitgebreide lunch voor veel Italianen nog steeds een mooie onderbreking van de werkdag. Kinderen lunchen tussen de middag overigens vaak op school, met een pasta, salade of warme groente en een stuk fruit toe.

Il pranzo della domenica – de zondagse lunch
Op zondag lunchen Italianen over het algemeen nog veel uitgebreider dan doordeweeks. De hele familie komt als het even kan bij elkaar voor de specialiteiten uit (groot)moeders keuken, met zeker voor het hoofdgerecht bewerkelijke recepten die al generaties lang meegaan.

lunch bij Osteria Fratelli Mori in Rome

Word je uitgenodigd voor zo’n pranzo della domenica, houd er dan rekening mee dat je wel een paar uur aan tafel zit en heel wat gangen krijgt voorgeschoteld. ’s Ochtends heerst er in de keuken een en al bedrijvigheid. De vrouwelijke helft van de familie is druk met de voorbereidingen voor de lunch. De mannen rest niets anders dan wachten tot ze aan mogen schuiven…

pranzo della domenica in Abruzzo, met de familie van Antonella Barbella
(foto is van vorig jaar zomer)

La merenda – het tussendoortje
Aangezien Italianen pas laat aan hun avondmaaltijd beginnen, kennen de bambini in de namiddag het ritueel van la merenda. Moeders en oma’s maken een klein, vaak zoet hapje klaar, dat om een uur of vier, vijf gegeten wordt. Volwassenen eten ook wel eens een klein broodje, maar meestal wachten ze op de aperitivo.

L’aperitivo – een drankje voor het diner
Voor ons is dit misschien wel het mooiste moment van een Italiaanse dag. Je geniet met vrienden van een mooi glas prosecco, een kleurrijke Aperol Spritz of een ander feestelijk drankje, vergezeld van een keur aan hapjes.

De eerste bars en cafés die deze traditie – een drankje in combinatie met verschillende hapjes – in gang zetten, openden al aan het begin van de twintigste eeuw. Als geboortegrond wordt meestal Milaan aangewezen, maar ook in Turijn, Venetië en Florence bestaat deze traditie al langere tijd.

Aperol Spritz met cicchetti (borrelhapjes) in Venetië

Langzamerhand zakte de aperitivo-traditie steeds verder zuidwaarts, zodat je nu in heel Italië kunt genieten van hapjes en bijpassende drankjes voor het diner. Soms is de keuze aan hapjes zelfs zo groot dat je het diner bijna over zou kunnen slaan. De hapjes, variërend van stukjes focaccia of kleine sandwiches tot pastasalades, zijn gratis voor wie tijdens l’aperitivo een alcoholisch drankje bestelt.

De prijs kan wel zo’n acht tot tien euro zijn, afhankelijk van waar je aanschuift, maar daarbij hoort dan dus wel een selectie stuzzichini, hapjes, die de ergste trek alvast stillen en in combinatie met de alcohol – en zeker met het bittertje in bijvoorbeeld Aperol Spritz of Campari – de eetlust juist opwekken.

La cena – het diner
Als de eetlust voldoende is opgewekt, schuiven de Italianen aan voor la cena, het diner. Dat gebeurt later dan in Nederland en België. Rond acht uur, half negen is een mooi gemiddelde, maar hoe zuidelijker, hoe later het kan worden – zeker als het ’s zomers erg heet is.

Anders dan bij ons meestal het geval is, eten de Italianen ’s avonds verschillende gangen. Eerst komt de antipasto op tafel, het voorgerecht. Vaak is dit een selectie aan smakelijke hapjes zoals olijven, vleeswaren, kaas en gegrilde groenten (dan met het meervoud, antipasti, aangeduid), maar ook carpaccio, vitello tonnato en bruschetta zijn klassieke antipasti.

de antipasto toscano bij Allabona in Lucca

Bij de antipasti komt vaak een mandje brood op tafel. Anders dan wij gewend zijn, wordt dit de hele maaltijd door bijgevuld. Het zou immers zonde zijn om niet de laatste restjes pastasaus met een stukje brood van je bord te vegen…

Meestal vind je dit brood op de rekening terug onder de noemer pane e coperto, een klein bedrag (zo’n twee euro) dat je per persoon betaalt voor ‘brood en couvert’. Een Italiaanse gewoonte, die je niet ‘op z’n Hollands’ kunt afdoen door dan maar geen brood te eten. Het is in bijna heel Italië niet meer dan gewoon om dit op de rekening te zetten en vaak wordt het ook netjes op het menu vermeld.

Na de antipasto volgt il primo piatto (letterlijk: ‘het eerste gerecht’), kortweg primo genoemd. Deze primo kan een bord pasta zijn, maar ook risotto, gnocchi, polenta en gevulde soepen behoren tot de primi. Pasta is in Italië dus zeker géén hoofdgerecht, zoals wij vaak gewend zijn. Over het algemeen zijn de porties klein, aangezien er nog een tweede gang volgt.

spaghetti alle vongole bij Paradise Beach in Fregene

Pizza hoort overigens niet tot de primi. Deze Italiaanse delicatesse heeft een aparte status en wordt niet in het menu gevoegd. Een pizza eet je als hoofdmaaltijd. Het is een favoriet gerecht als men ’s middags al uitgebreid heeft getafeld (bijvoorbeeld op zondag) en er ’s avonds toch nog iets gegeten moet worden. Waar wij dan wellicht naar een boterham of uitsmijter grijpen, nemen de Italianen een paar stukken pizza.

Dan volgt de tweede gang, de secondo piatto, of kortweg secondo, bestaande uit vlees of vis. Voor vegetariërs wordt er soms wel een alternatief geserveerd, zoals gebakken scamorza of melanzane alla parmigiana (aubergine met tomatensaus en Parmezaanse kaas). Overigens laten Italianen versheid prevaleren boven een brede keuze. In het binnenland, ver van de zee, is het dus niet gek als een restaurant geen vis op het menu heeft staan.

Bij de secondo kun je verschillende contorni, bijgerechten, bestellen. Meestal is er keuze uit een aantal aardappel- en groentegerechten. Standaard wordt een secondo meestal zonder aardappels en groente geserveerd, dus vergeet de contorni niet als je meer wil eten dan alleen vlees of vis.

Na dit alles eten de Italianen graag nog un dolce, een dessert. Hoewel ijs soms wel op de kaart staat, eten de Italianen liever un gelato als merenda. Aan tafel gaat de voorkeur uit naar panna cotta, tiramisù en andere zoete verleidingen. Verderop een kleine selectie van al dat lekkers voor zoetekauwen. Doordeweeks wordt het dessert, zeker thuis, regelmatig vervangen door een stuk fruit.

Als afsluiting volgt er dan nog un caffè (nooit een cappuccino – in deze blog lees je waarom) al dan niet geserveerd met un digestivo, een glaasje likeur, dat de spijsvertering vergemakkelijkt. Geen overbodige luxe als je zo laat en overvloedig tafelt als de Italianen… Beroemd zijn amaretto, grappa en limoncello, maar er zijn talloze, vaak ook lokale, variaties. Laat je maar verrassen!

Waar stil je in Italië je honger?
Voordat je gaat genieten van al dat lekkers dat in Italië geserveerd wordt, moet je bepalen waar je dat gaat doen. Het grote aanbod ‘lekkere adressen’ maakt de keuze er niet makkelijker op. In deze blog maken we je wegwijs in de verschillende soorten eetgelegenheden in Italië, van bar en ristorante tot trattoria en tavola calda.

2x per week Italiaanse inspiratie

Meld je aan voor de Ciao tutti nieuwsbrief - en ontvang de digitale editie van onze City Walk Klassiek Rome als cadeautje:

Geniet van de leukste routes door Italiaanse steden!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *