Vroegboekkorting bij hu openair villages & campings

In de voetsporen van Elsa Morante – plekken die aan haar herinneren in Rome

Elsa Morante (1912-1985) is een van de populairste schrijfsters van Italië. Voor auteurs als Elena Ferrante en Silvia Avallone is ze een groot voorbeeld. Haar verhalen zijn nog even relevant en haar schrijfstijl is nog even sprankelend als toen haar boeken voor het eerst werden gepubliceerd.

foto: Wereldbibliotheek

Binnen de Italiaanse literatuur neemt Elsa Morante een bijzondere plaats in. Ze was de eerste vrouw die de Premio Strega won, de belangrijkste Italiaanse literatuurprijs, voor haar roman L’isola di Arturo (in het Nederlands vertaald als Het eiland van Arturo).

Haar bekendste werk, La storia (in het Nederlands vertaald als De geschiedenis), wordt beschouwd als een van de grootste literaire meesterwerken van de twintigste eeuw. Het is recent verfilmd door de Rai, waardoor het prachtige verhaal hopelijk nog meer lezers en kijkers weet te ontroeren.

Naast haar grootse romans is Morante ook bekend vanwege haar stormachtige relatie met schrijver Alberto Moravia. In dit artikel duiken we in haar leven en ontdekken we de plekken in Rome die nog aan haar en haar boeken herinneren.

‘Je praat altijd over je eigen stad’

‘Over welke plaats je ook praat, je praat altijd over je eigen stad,’ zo schrijft Italo Calvino in Le città invisibili. Het werk van Elsa Morante is daar een perfect voorbeeld van.

De schrijfster is in Rome geboren en woonde er het grootste deel van haar leven. Het is dus niet verbazingwekkend dat de Italiaanse hoofdstad altijd aanwezig is in haar werken.

In ieder boek zijn sporen te vinden van de stad waar Elsa opgroeide, van de appartementen uit haar jeugd tot de huizen waar ze met haar man woonde en waar ze haar prachtige boeken schreef.

De plekken waar Elsa Morante gewoond heeft en andere locaties in Rome die een belangrijke rol spelen in haar romans, zijn verzameld in Google Earth, als onderdeel van een gezamenlijk project van de Associazione Italiana Insegnanti di Geografia (de Italiaanse organisatie voor docenten aardrijkskunde) en Touring Club Italiano.

Op deze kaart kun je alle plekken terugvinden waar we je in dit artikel mee naartoe nemen, met per plek steeds een korte beschrijving in het Italiaans.

Het geboortehuis van Elsa Morante in Rome

Als eerste bezoeken we de huizen uit Elsa’s jeugd. We beginnen bij haar geboortehuis aan de Via Anicia 7, in de wijk Trastevere. Elsa werd geboren op 18 augustus 1912, als dochter van Francesco Lo Monaco en Irma Poggibonsi en als oudste van vier kinderen. Ze groeide echter op in de veronderstelling dat de tweede echtgenoot van haar moeder, Augusto Morante, haar vader was.

Als kind woonde Elsa aan de Via Vespucci 41, in Testaccio, in die tijd een wijk met sociale huurwoningen, een grote markt en moestuintjes, die een blijvende invloed op haar zou hebben.

Op de flat met kleine appartementen is een plaquette aangebracht die herinnert aan haar kindertijd daar, op de achtste verdieping. Er staat een tekst op van de Italiaanse schrijfster Dacia Maraini:

In dit huis heeft een uitzonderlijke Italiaanse schrijfster gewoond
Elsa Morante (Rome 1912-1985)

Een visionaire geest
een diep gevoel van verdriet
intens mededogen met de minder bedeelden
in staat geschiedenis te veranderen in mythologie
en het leven in een wreed en mysterieus sprookje.

anno 2004

In de villa van een vriendin van Maria Montessori

Toen Elsa zes was, verbleef ze een tijd in de villa van Maria Guerrieri Gonzaga Maraini, een goede vriendin van Maria Montessori, aan het Largo di Villa Massimo in de wijk Nomentano. In haar eerste roman, Menzogna e sortilegio (vertaald als Leugens en tovenarij), beschrijft Elsa een schitterende villa die hier precies op lijkt.

Verhuizing naar Monteverde Nuovo

In 1922 verhuisde het gezin naar Monteverde Nuovo, naar een huis aan de Via Camillo De Lellis 4, waar Elsa al jong begon met het schrijven van verhalen en gedichten. De wijk was in die periode nog in ontwikkeling. Er stonden weinig gebouwen, rondom keek je uit over het uitgestrekte platteland.

De laatste decennia is Monteverde verfraaid met fonteinen, standbeelden, parken en wandelpaden, maar er blijven sporen van het verleden te vinden, waaronder de schitterende vrijstaande huizen met tuin die uit het begin van de twintigste eeuw stammen. Het appartement van de familie Morante bestaat niet meer, maar de straat is er nog wel.

Nadat Elsa haar studie had voltooid, verliet ze het gezin en voorzag in haar onderhoud door lessen Grieks en Latijn te geven. Ze woonde enige jaren alleen in kamers in het centrum van Rome. Haar eerste verhalen werden gepubliceerd in tijdschriften. Soms publiceerde ze onder het pseudoniem Antonio Carrera.

Het huwelijk van Morante en Moravia

Via de schilder Giuseppe Capogrossi leerde Elsa Morante in 1936 Alberto Moravia kennen, auteur van onder andere Gli indifferenti en La noia. Door haar relatie met Alberto, een tegenstander van het fascistische regime van Mussolini, kwam ze in contact met de grootste Italiaanse schrijvers en intellectuelen van die tijd, zoals schrijver Umberto Saba en regisseur Pier Paolo Pasolini.

foto: Wikimedia Commons

Appartement tegenover Villa Borghese

In 1941 verhuisden Elsa en Alberto naar de Via Sgambati 9, een zijstraat van de Via Pinciana. Ze betrokken er een bescheiden zolderappartement met een bijzonder pluspunt: het lag direct tegenover Villa Borghese. Als je langs het gebouw loopt, is het niet moeilijk om je voor te stellen hoe geweldig het moet zijn geweest om in een huis op deze plek te wonen.

In dit appartement begon de schrijfster in 1943 aan de roman Menzogna e sortilegio. Ze moest het werk echter vrij plotseling onderbreken toen haar man werd verdacht van antifascisme en ze gedwongen was om samen met hem te vluchten naar de bergen van Fondi, in de Ciociaria, ten zuidoosten van Rome. Het landelijke karakter van deze streek zou een belangrijke rol spelen in haar latere werk.

Menzogna e sortilegio werd gepubliceerd in 1948. Het werd bekroond met de literatuurprijs Premio Viareggio, kreeg lovende kritieken en werd vertaald naar het Engels.

Terras met uitzicht op de daken van Rome

Rond 1948 kochten Elsa en Alberto een appartement aan de Via dell’Oca 27, met een heerlijk luxe terras dat uitzicht bood op de daken en de koepels van de kerken in de buurt, waaronder de tweelingkerken aan het Piazza del Popolo.

In dit huis richtte Elsa haar magnifieke studio in, waarvan tegenwoordig een reconstructie te zien is in de Biblioteca Nazionale Centrale di Roma. Deze kamer is ingericht met de originele meubels, waaronder het bureau en de boekenkast, die vol staat met haar romans en haar studieboeken.

Je kunt haar schrijfmachine bewonderen, haar geliefde collectie platen, de schilderijen van haar favoriete Amerikaanse schilder Bill Morrow en haar portretten, geschilderd door Carlo Levi en Leonor Fini. In het archief van de bibliotheek worden ook de manuscripten van Elsa’s werk bewaard.

foto: Biblioteca Nazionale Centrale di Roma

Extra tip: in de Biblioteca Laurentina, aan het Piazzale Elsa Morante, vind je het Centro Culturale Elsa Morante.

Een appartement als cadeau van Alberto Moravia

Alberto Moravia deed zijn vrouw nog een ander appartement cadeau, aan de Via Archimedes 161,in de wijk Parioli, dat volledig werd ingericht als studio.

Ondanks deze inspirerende ruimte was Elsa Morante geen productieve schrijfster. Haar volgende roman, L’isola di Arturo, verscheen pas in 1957. Met dit boek won ze als eerste vrouw de Premio Strega, de meest prestigieuze Italiaanse literatuurprijs.

Relatie met regisseur Luchino Visconti

Elsa en Alberto waren vijfentwintig jaar samen. In die periode had Elsa ook een relatie met regisseur Luchino Visconti. De twee werden verliefd in 1955, toen Alberto in de Verenigde Staten verbleef.

Desalniettemin wilde Elsa, als praktiserend katholiek, niet scheiden. Ook Alberto had relaties met andere vrouwen, onder meer met Dacia Maraini.

Toen het echtpaar in 1961 toch uit elkaar ging, besloot Elsa korte tijd in een huis helemaal voor zichzelf te gaan wonen, aan de Via del Babuino 46, tussen Piazza del Popolo en Piazza di Spagna. Korte tijd later keerde Elsa terug in het appartement aan de Via dell’Oca, dat altijd in haar bezit is gebleven.

Eenzaam einde

Vanaf het eind van de jaren zestig werd Elsa steeds eenzamer. In haar laatste jaren was ze aan een rolstoel gebonden, na een ongeluk waarbij ze haar heup brak. In 1982 kwam haar laatste roman uit, Aracoeli (niet in het Nederlands vertaald).

De mooiste uitzichten van Rome vormen de achtergrond van dit verhaal. Terwijl in de eerste romans van Elsa Morante Rome alleen herkenbaar is in vergelijkingen, verwijzingen en symbolen, zijn in de laatste twee, La storia en Aracoeli, de wijken van Rome nadrukkelijk aanwezig en geeft de schrijfster haar Rome een hoofdrol.

Kort na de verschijning van Aracoeli kwam Elsa erachter dat ze ernstig ziek was. In april 1983 deed ze een zelfmoordpoging door drie verschillende slaapmiddelen in te nemen en het gas open te zetten. Ze werd echter gered door haar huishoudster en leefde nog ruim twee jaar, waarin ze in het ziekenhuis het Inferno van Dante las en herlas.

Elsa Morante stierf aan een hartstilstand op 25 november 1985 in de kliniek Villa Margherita aan de Via di Villa Massimo.

Rome in de romans van Elsa Morante

Welke Romeinse sporen zijn er in de romans van Elsa Morante te vinden? Laten we beginnen met haar eerste roman, Menzogna e sortilegio (1948; vertaald als Leugens en tovenarij).

Hierin beschrijft Elisa het leven van haar ouders en grootouders, vol liefdesintriges en verraad. Dit boek speelt zich af in een stad op Sicilië aan het eind van de negentiende en het begin van de twintigste eeuw, maar aan de beschrijvingen van de verschillende wijken, straten en huizenblokken kun je merken dat de schrijfster inspiratie heeft gehaald uit haar Romeinse omgeving. De beschrijvingen zijn rijk aan details en de beeldtaal waarmee de schrijfster een stad beschrijft, is duidelijk Romeins.

Procida – het eiland van Arturo

Haar tweede roman, L’isola di Arturo (1957; in het Nederlands verschenen als Het eiland van Arturo) gaat over het leven van Arturo Gerace, een kind dat grotendeels alleen opgroeit op het eiland Procida.

Zijn moeder is gestorven tijdens zijn geboorte en Arturo heeft alleen een portret van haar dat hij angstvallig bewaart. Zijn vader is veel op reis. Elke avond plant Arturo reizen om de wereld om net zo te worden als zijn vader, die hij een held vindt, ook al ziet hij hem maar weinig. Als zijn vader met een andere vrouw trouwt, een meisje dat slechts twee jaar ouder is dan Arturo, komt Arturo’s leven op zijn kop te staan.

Een van de plekken die een belangrijke rol spelen in deze roman, is de gevangenis op het eiland Procida. De beschrijving hiervan vertoont sterke overeenkomsten met de Romeinse jeugdgevangenis Riformatorio Minorile Aristide Gabelli, vlak bij de Porta Portese. Deze is gesticht door Augusto Morante, de wettelijke vader van Elsa.

‘Bijna aan de top van de helling, tegenover het muurtje, begonnen de eerste gebouwen van de Strafinrichting, met de woningen van de werknemers, de kantoren en de ziekenboeg. Aan het eind werd de weg verbreed tot een plaatsje met aan twee kanten uitzicht op de frisse, hemelsblauwe zee, tot aan de horizon. Hier verrees de reusachtige poort van de Terra Murata, met het diepe stenen gewelf en de wachthuisjes voor de bewakers uitgehold in de zuilen.’

Rome tijdens en na de Tweede Wereldoorlog

La storia (1974; in het Nederlands uitgebracht als De geschiedenis) is de meest ‘Romeinse’ roman van allemaal. Het verhaal speelt zich af in Rome, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog.

Hoofdpersonen zijn Iduzza, Ida Ramundo Mancuso, een half-joodse lerares, en haar zoons Nino en Useppe. Iduzza ondergaat alle gruwelen van de oorlog en strijdt voor het leven van haar twee zoons.

Elk van de acht hoofdstukken begint en eindigt met een korte beschrijving van het verloop van de oorlog. La storia wordt beschouwd als een van de meesterwerken van de twintigste eeuw. Er blijkt een diep begrip van de menselijke psyche uit.

In deze roman beschrijft Morante Rome als een levendige en bruisende stad die bijna de eigenlijke hoofdpersoon van het verhaal is. Ze schildert de stad op een heldere en realistische manier en noemt door het verhaal heen steeds de verschillende wijken – San Lorenzo, het voormalige getto, Pietralata, Testaccio…

Met haar gedetailleerde beschrijvingen van plekken, straten en buitenwijken heeft de schrijfster een waar literair monument gewijd aan Rome. Terwijl je als lezer de dagelijkse routes van de hoofdpersoon Iduzza en haar zoon Useppe volgt, kun je straten en plekken in de stad herkennen, vooral de armere en volkse.

De hele roman barst van de schitterende beschrijvingen van Romeinse decors, die zo dierbaar zijn aan de schrijfster: het vroegere getto is voor haar bijvoorbeeld een plek van dierbare en vertrouwde herinneringen, maar ook van angst en onrust, gezien de joodse afkomst van haar moeder.

Een fragment uit La storia

‘Het getto, niet ver van haar school, was een kleine, oude buurt die – tot de vorige eeuw – van de stad gescheiden was door hoge muren en poorten die ’s avonds dichtgingen. In het verleden had daar veel moeraskoorts geheerst door de nevels en de modder van de naburige Tiber, die toen nog geen dijken had.

Sinds de oude wijk gesaneerd was en de muren waren afgebroken, was het aantal bewoners voortdurend groter geworden. Nu woonden er duizenden in de vertrouwde paar steegjes en op de weinige pleintjes.

Er waren daar honderden kleine en grote kinderen, meestal met krulhaar en levendige ogen. En nog in het begin van de oorlog, voordat het grote hongerlijden begon, zwierven er talloze katten rond die in de ruïnes van het Theater van Marcellus huisden.’

De historische gebeurtenissen, de veranderingen in het leven van de personages en de keuzes die ze maken, worden gereflecteerd in de plaatsen waar ze zich afspelen. De hoofdpersonen bewegen zich altijd op nauwkeurig gedefinieerde plekken, in een door de oorlog geschokt Rome.

Beroemd is de passage over het bombardement van San Lorenzo. Tegenwoordig kun je als je door die wijk loopt aan de Via degli Equi een gebombardeerd palazzo zien. Ervoor staan enkele borden waarop citaten te lezen zijn van verschillende auteurs die over het bombardement op de wijk hebben geschreven. Op een van die borden staat ook een citaat uit La storia.

De wandelingen van Useppe en Bella

Morante beschrijft de omgeving altijd heel precies. Ze noemt wijken, buurten, straten en zorgt er daarmee niet alleen voor dat de lezer zich kan oriënteren, maar ook dat het verhaal buitengewoon realistisch en geloofwaardig overkomt. Zelfs de wandelingen van Useppe met zijn hond Bella kunnen precies gereconstrueerd worden dankzij aanwijzingen waaruit de locatie blijkt.

‘Zonder het te merken staken ze de Via Marmorata over en volgden de hele Viale Ostiense. Bij de Basilica di San Paolo sloegen ze rechtsaf waar Bella, aangetrokken door een bedwelmende geur, het op een lopen zette en Useppe haar volgde.’

La Storia – de televisieserie van de Rai

Via RaiPlay kun je de nieuwe miniserie La Storia van de hand van regisseur Francesca Archibugi bekijken. In acht uitzendingen brengt ze Morantes mooiste boek tot leven, met in de hoofdrollen Jasmine Trinca, Elio Germano, Asia Argento, Lorenzo Zurzolo, Francesco Zenga, Valerio Mastandrea en Mattia Basciani:

De opnames vonden plaats in 2022, deels in Rome maar ook in Tivoli (voor scènes die zich in het boek afspelen in de Castelli Romani) en in Anagni. Ook in Napels werden opnames gemaakt

foto’s: Maila Iacovelli – Fabio Zayed | Rai

Download de gratis Ciao tutti app voor nog meer tips

Een reactie

  1. Marielouise Frediani-Bolwerk

    Wij hebben deze film op Rai uno gekeken ,schitterend maar wel confronterend voor ons .

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *