Inspiratie voor een Italiaanse kerst - cadeaus, delicatessen & wijn

Een foodie in Bologna – de lekkerste tips voor een weekendje weg

Een beetje foodie mág en kán Bologna als stedentrip niet overslaan. Want eten… dat kun je daar – en hoe! Niet voor niets wordt Bologna ‘de buik van Italië’ genoemd. Gelukkig is er genoeg te wandelen en slenteren in deze prachtige, roodkleurige stad, want die kilometers in de benen heb je ook wel nodig als balans! 😉

Bibi Loomans, culinair coördinator voor het televisieprogramma Koffietijd maar vooral ook groot Italiëliefhebber, deelt haar culinaire tips met jullie, aan de hand van een ‘delicatessendagboek’. Op een buonissimo verblijf in Bologna!

Dag 1, 15.00 uur – enorme trek
Bibi: ‘Na aankomst in Bologna frissen mijn vriend en ik ons snel op in ons slaapvertrek. We slapen bij Residenza Bianconcini aan de Via delle Belle Arti, recht tegenover de bibliotheek in de zona universitaria.

Deze slaapplek huist in een palazzo van meer dan vierhonderd jaar oud en werkelijk prachtig! De plafonds doen je denken aan een oude kerk of museum. We haasten ons daarna snel naar buiten, want we hebben trek! Naast een sapje op het vliegveld hebben we nog niets gehad en het is ver na lunchtijd.

Na nog geen tien minuten komen we uit bij La Prosciutteria (Via Oberdan 19a). Een súperschattig zaakje waar je vanaf een afstandje de gedroogde hammen al ziet hangen. De zwart-wit geblokte vloer en vintage spulletjes maken het helemaal af.

Zowel binnen als buiten zit je hier heerlijk. Dit is de ideale plek voor een lunch of om lekker te borrelen want ze hebben hier heerlijke goed gevulde broodjes en de lekkerste planken. Bologna staat bekend om de verschillende vleessoorten we bestellen dan ook de traditionele plank met van alles wat. Natuurlijk pakken we daar een wijntje bij!

Dag 1 20.30 uur – mezelf begraven in ragù bolognese
Mijn eerste avondmaaltijd in Bologna moest en zou pasta bolognese zijn. Absoluut niet de ‘pasta bolo’ zoals we deze kennen in Nederland, maar versgemaakte tagliatelle met een dikke, vlezige saus.

Het is niet te vergelijken met de Nederlandse pastasaus, die sowieso veel natter en sauziger is. De ragù is dikker en compacter. Maar begrijp me niet verkeerd, dat is juist verrukkelijk. Sterker nog, ik wil mezelf erin begraven.

Er zijn meerdere plekken waar je een goede, traditionele ragù bolognese eet. Er zijn in deze stad ook minder tourist traps dan in een andere steden, heb ik het idee. Alsof de Italianen hier het niet eens over hun hart kunnen krijgen om eten aan te bieden waar geen liefde in zit.

Wij aten onze pasta bij Ristorante Da Cesari (Via de’ Carbonesi 8), een oud familierestaurant waar ze supervriendelijk zijn. Daarnaast aten we pompoenravioli met een goddelijke botersaus en als toetje panna cotta – een panna cotta zoals ik deze nog nooit geproefd had. In dit familierecept wordt geen gelatine gebruikt, hoe ze het zo fantastisch krijgen… geen idee.

Na onze eerste avond Bologna belandden we ook direct in een foodcoma, want al deze gerechten lagen wel héél zwaar op de maag.

Dag 2, 10.00 uur – buongiorno pistachepasta!
Gelukkig hebben we de dag erna gewoon weer trek. We ontbijten bij Papparè (Via de’ Giudei 2), een Italiaanse keten waar ze bekend staan om hun croissantjes. Gevuld met pistachepasta, pure chocolade, hazelnoot, room…

Ze hebben zelfs zwarte vegan croissantjes en verder nog tal van opties met yoghurt, pannenkoeken of eitjes. Wij zwichten voor de cornetti, hoe kun je ook anders.. Bij binnenkomst is de hele etalage bezaaid met al dit lekkers.

Dag 2, 14.00 uur – kleine hap
We hebben gewandeld en geshopt en kunnen wel weer wat nieuwe energie gebruiken. We vinden belachelijk leuke, gezellige, culinaire straatjes in het Quadrilatero, de verrukkelijke vierhoek die via een steegje is verbonden met het Piazza Maggiore. Niet te missen, want overal vind je hier vis, pasta en kaaswinkels, groenteboeren, slagers en kleine restaurantjes.

We strijken neer bij het zaakje waar we tigelle op het menu zien staan, want deze kleine, bijna pita achtige platbroodjes wilde ik al heel lang proeven. We nemen er ieder twee voor een kleine hap (neem er vier per persoon voor een lunch) en laten ons adviseren door het personeel waar we ze het beste mee kunnen vullen.

Dat is sowieso altijd een tip om te doen in Italië, je laten adviseren door Italianen. Weten wat lekker is zit namelijk in hun DNA. De tigelle zijn gevuld met stracchino, een soort Italiaanse roomkaas die wat weg heeft van ricotta gemengd met Parmezaanse kaas of het middelste van een burrata. Daarbij kun je dan kiezen uit verschillende vleessoorten. Na de broodjes en een glas Lambrusco gaan we weer door.

Dag 2, 15.30 uur – een toetje past altijd
Die kleine hap als lunch, dat had ik natuurlijk expres zo bedacht. Ik ben namelijk gék maar dan ook echt gék op gelato en ik wil een ijsje. Het wordt Cremeria Cavour (Piazza Cavour 1), want deze is dichtbij. Dat bleek me toch een fantastisch lekkere voltreffer te zijn, wauw!

De ijssalon ziet er chique uit en naast ijs verkopen ze ook prachtige taartjes. Je kunt hier ook een Siciliaanse brioche met granita (schaafijs) bestellen. Naast normale ijshoorntjes hebben ze ook zwarte, gemaakt van chocolade, die naar Oreo-koekjes smaken. Alleen al het koekje is fantastisch.

Ik ging voor crema di bufala (sowieso mijn lievelingssmaak in Italië) en crema di pistacchio. Dus geen pistache-ijs, maar pistachepasta ijs: dubbel zo lekker!!

De ijssalon zit tegenover een schattig parkje waar je lekker van je ijsje kunt genieten, want dit is niet zo’n ijsje dat je lopend wil eten. Nee. Je wil van élke hap genieten!

Dag 2, 20.00 uur – cocktails en modern Italiaans
De locatie van vanavond zit goed verstopt. Zo goed verstopt zelfs dat we moeten aanbellen en dat de deur voor ons open wordt gedaan. Spannend!

We gaan cocktails drinken en daarna eten bij Oltre (Via Augusto Majani 1), een modern restaurant dat wordt gerund door een stel jonge Italianen. Hoezeer ik ook respect heb voor de Italiaanse tradities, ik heb misschien wel nog meer bewondering voor de nieuwe generatie die durft te vernieuwen en creatief kan zijn. Want dát is soms nog best spannend in Italië, een land waar alles moet zoals la mamma het maakt. Respect voor tradities hebben deze jongens overigens wel, want alles wat ze maken is súperlokaal en helemaal Bolognees.

De bartender bij Oltre. maakt prachtige cocktails en weet ons te verassen. Daarna gaan we aan tafel en bestellen we een zesgangenproeverij. Vooraf krijgen we focaccia van een lokale bakker. Is het gek als ik zeg dat dit misschien wel een van de lekkerste dingen is die ik heb gegeten deze reis?

Verder aten we een geweldige handgemaakte (uiteraard) tortellini in een romige saus van 24 maanden gerijpte Parmezaanse kaas. Ik kon wel janken van geluk, zó goed! Misschien was dit wel het lekkerste dat ik heb gegeten. Ja. Zonder twijfel.

Hierna volgde een moderne versie van vitello tonnato die zwom in de saus. Als dessert kregen we cannoli die me deden denken aan Sinterklaas, dankzij de kaneel in het deeg en de sinaasappelrasp in de vulling. Je kon me wegdragen na deze avond (dat kwam overigens ook door het wijnarrangement dat we erbij bestelden…)

Dag 3 – nog meer fantastisch ijs en… vis
We ontbijten met een simpel croissantje en een koffie en maken de enorme klim naar boven, naar de Madonna di San Luca. Eenmaal terug in de stad strijken we uitgeput en hongerig (hangry zelfs!) neer in dezelfde culinaire buurt als gisteren en gaan we voor een borrelplank als lunch.

Daarna vind ik eigenlijk weer dat ik een ijsje heb verdiend en komen we per toeval uit bij Gelateria Galliera 49 (Via Galliera 49). Het zaakje wordt gerund door twee broers en de ijssmaken zijn écht fantastisch; supercreatief en anders dan wat je gewend bent. Deze mannen durven!

Aangezien het begin oktober is, ga ik voor het pompoenijs. Ook hebben ze fantastisch pistache-pijnboompittenijs waar ik benieuwd naar ben. Het stijgt boven mijn verwachtingen uit.

Ik ben thuis niet zo’n vleeseter en moet eerlijk toegeven dat ik daarom enorm verlang naar lichte vis. Ik weet het, dat is vloeken in de kerk hier in Bologna. De stad ligt immers niet aan zee en daarom eet je hier eigenlijk geen vis.

Toch vinden we een romantisch, modern visrestaurant met een prachtige tuin met lichtjes: Osteria Bartolini (Piazza Malpighi 16). Het is buiten nog aangenaam zo in de nazomer dus we besluiten heerlijk buiten te eten. Als al het vleesgeweld in Bologna je dus even teveel wordt, is dit een goede tip.

Dag 4 – Fico Eataly
Het is onze laatste dag en het regent aan een stuk door… Ik hoorde van meerdere Italianen dat Fico Eataly geen aanrader is en dat de passie aan eten er ontbreekt. Aangezien het wel overdekt is, besluiten we tegen beter weten in tóch maar een bezoek te brengen aan ‘het foodpretpark’. Onder het mom: je moet er eens geweest zijn.

Ik zou willen dat ik het tegendeel kon bewijzen, maar alles wat ik over Fico heb gehoord is waar. Het is een sfeerloze ‘beurszaal’ waar verschillende kraampjes over Italiaans eten zijn uitgestald. Het eten is er overigens wel heerlijk, want de boodschap van Eataly is goed.

Duurzaamheid staat voorop en tradities doorgeven. We eten een heerlijke klassieke lasagne (met groene pastavellen door het gebruik van spinazie in het deeg) terwijl toeristen voor onze neus een workshop pasta maken krijgen. Dat is dan toch wel weer leuk. Na deze lunch keren we met een volle buik van al dat Bolognese lekkers terug naar huis. Op naar een weekje water en brood…’

Tot haar volgende reis naar Italië deelt Bibi op haar Instagramaccount veel lekkers, van een recept voor pompoenwentelteefjes tot kooktips.

Geniet van onze puzzelboekjes!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *