mei 17

Na alle feestelijkheden rondom de presentatie van mijn boek gaan we vandaag op Ciao tutti weer over tot de orde van de dag. Maar niet voordat ik jullie heb bedankt voor alle leuke reacties op de berichtjes van de afgelopen drie dagen. Ik glunder nog even lekker na!

Hemelvaart – Giotto
(te zien in de Cappella Scrovegni in Padua)

Hemelvaartsdag wordt lang niet overal in Italië even groot gevierd. Veel mensen die ik dit vertel, vinden dat vreemd. Vooral omdat Maria Hemelvaart, op 15 augustus, in elk Italiaans dorp, hoe klein ook, wordt gevierd. Ik wil vandaag niet ingaan op de verschillen tussen de Italiaanse tradities op beide dagen, maar – in weerwil van de betekenis van Hemelvaart – Maria in het zonnetje zetten.

Maar dan wel anders, zoals de titel van vandaag al aangeeft. Lady Manonna is de naam van een portrettenreeks van fotograaf Peete van Spankeren die vanaf morgen in de Onze Lieve Vrouwe Toren in Amersfoort te zien is. Voor wie de woordspeling niet direct door heeft, de titel van de expositie is een samentrekking van Madonna en nonna (grootmoeder).

Voor deze serie portretten heeft Peete van Spankeren zich laten inspireren door de zeventiende-eeuwse Russische iconen. Deze iconen dienden vooral als voorbeeld voor de vorm waarin hij samen met styliste Monneke Peters een beeld neer wilde zetten: de Madonna als brengster van nieuw leven, met daarin besloten het verdriet en de vreugde die daar onlosmakelijk mee verbonden zijn.

De nadruk ligt op de tegenstelling jong-oud, het beeld van een oudere, wijze vrouw met de onbevangenheid van een jong kind. Om die tegenstelling zo groot mogelijk te maken, hebben beide kunstenaars gekozen voor grootmoeders (en in sommige gevallen zelfs een overgrootmoeder), in plaats van moeders,samen hun kleinkind. De zo goed als naakte kinderen met hun roze, ongeschonden huidje, steken schitterend af tegen de bedekte en doorleefde huid van de (over)grootmoeders.

Lady Manonna is te zien van 18 mei tot en met 13 juli 2012 in de Onze Lieve Vrouwe Toren in Amersfoort. De expositie maakt deel uit van de fotobiënnale Fotostad033. Op de website www.033fotostad.com vind je niet alleen praktische informatie over de expositie, maar eveneens een overzicht van alle andere exposities die in Amersfoort worden georganiseerd. Al is Lady Manonna alleen al echt een bezoek aan Amersfoort waard!

mei 11

De afgelopen dagen werd ik in Florence wakker met een schitterend uitzicht. Ik logeerde bij Casa del Garbo, en als ik mijn bed uitstapte en uit het raam keek om te zien of de zon scheen, werd ik steeds weer verrast door de aanblik van het Piazza della Signoria. Ik zag de toren van het Palazzo Vecchio tegen een strakblauwe lucht, omhuld door mistflarden en bijna aan het oog onttrokken door een hoosbui.

Ik zag Neptunus zonder toeristen om zich heen (de David staat net verscholen om de hoek), de nog lege terrassen van Rivoire, de ingang van het Palazzo Vecchio die nog gesloten was. Met recht a room with a view, of una camera con vista, zoals ze het in het Italiaans uitdrukken.

Toen ik dat tegen een van de medewerkers van Casa del Garbo zei, vroeg hij of ik de huidige tentoonstelling in het Palazzo Strozzi al had bekeken. Hij vertelde dat er veel werken van Amerikaanse impressionisten (van eind negentiende, begin twintigste eeuw) die tijdens hun carrière een tijdje in Italië verbleven te zien zijn. De nadruk ligt natuurlijk op doeken die in Florence zijn gemaakt of waarop de stad zelfs een hoofdrol speelt.

De expositie is opgebouwd rondom werken van de Ten American Painters, onder wie William Merrit Chase en Frederick Childe Hassam. Daarnaast zijn er werken te zien van onder anderen William Morris Hunt, John La Farge, Tomas Eakins, John Singer Sargent, Mary Cassatt en James Abbott McNeill Whistler.

Er zijn veel prachtige portretten van vrouwen te zien, waarin de vrouw symbool staat voor de moderne Amerikaanse natie. Hun jonge gezichten en meestal witte kleding verbeelden hun puurheid en de hoop op een gouden toekomst, ook voor vrouwen. De Amerikanen waren immers ook toen al een stuk geëmancipeerder dan de Italianen…

Voor wie niet in de gelegenheid is de tentoonstelling te bezoeken, openen we hier alvast een raam op een kleine selectie van de werken die in het Palazzo Strozzi te zien zijn. Eerst een aantal werken die zijn gegroepeerd onder de naam Camera con vista:

La camera d’albergo – John Singer Sargent (ca. 1904-1906)

Lasciando Montepulciano – Joseph Pennell (1882)

Il dolce far nulla sulle rive dell’Arno – Lorenzo Gelati (1869)

Mercato Vecchio a Firenze – Telemaco Signorini (1881-1883)

Il villino Batelli a Piagentina – Silvestro Lega (1863)

Verderop word je verrast door nog meer prachtige schilderingen die de liefde voor de stad tot uiting brengen:

I ponti: Firenze – Frank Duveneck (ca. 1880)

Studio da”La Notte” di Michelangelo – John Singer Sargent (1870)

Un giardino italiano – William Merritt Chase (ca. 1909)

Fioraia fiorentina – Frank Duveneck (1886)

We sluiten af met hetzelfde als waarmee we vandaag begonnen; een laatste dromerige blik uit het raam. Dit keer niet van mij, maar van een onbekende dame, op het doek vereeuwigd door Frederick Childe Hassam (1913):

De tentoonstelling is nog te zien tot en met 15 juli. Palazzo Strozzi is dagelijks open van 9 tot 20.00 uur, en op donderdag zelfs tot 23 uur. De kassa’s sluiten een uur eerder. Op de website van Palazzo Strozzi vind je alle informatie over toegangsprijzen en dergelijke.

apr 18

Hoewel ik deze woorden zomaar zelf opgetekend zou kunnen hebben, vormen ze een beroemde uitspraak van de Amerikaanse fotograaf Leonard Freed, die na zijn eerste bezoek aan Italië zijn hart aan het land verloor. I love Italy – Io amo l’Italia is tevens de titel van een tentoonstelling die nog tot en met 27 mei te zien is in het Museo di Roma in Trastevere. Gisteren liep ik er toevallig binnen, vandaag een klein inkijkje in het leven van Freed en de tentoonstelling.

Leonard Freed kwam ter wereld in New York, in 1929, in een familie van joodse arbeiders die oorspronkelijk afkomstig waren uit het Russische Minsk. In 1952 trok hij voor het eerst naar Europa, waar hij onder andere langere tijd in Amsterdam verbleef. Hier werd zijn passie voor kunt, en dan met name de schilderkunst en de fotografie, aangewakkerd.

Dat vuur laaide nog eens extra op toen Freed voet op Italiaanse bodem zette. Hij maakte zijn eerste professionele foto’s en ontdekte waar zijn hart lag: bij de fotografie, en in Italië. Eenmaal terug in New York, in 1954, verhuisde hij dan ook naar Little Italy. Zo was Italië toch dichtbij…

Freed genoot volop van het Italiaanse leven om hem heen; de warmte van de mensen en de aandacht voor familie en vrienden konden op zijn warme belangstelling rekenen. Dat is dan ook wat we terugzien in zijn foto’s: een liefde voor Italië, die veel dieper gaat dan een liefde voor wat je aan de oppervlakte ziet. Freed hield van de Italianen – en van die liefde laat hij ons via zijn foto’s meegenieten.

De expositie omvat honderd foto’s, die een soort dagboek vormen van Freeds carrière. Freed heeft de beelden geschoten tijdens meer dan 45 reizen naar Italië, in Milaan, Rome, Napels, Siena, op Sicilië – en altijd met de liefde voor Italië en de Italiaan als basis.

Een klein voorproefje:

apr 15

Hoe zouden bekende kunstwerken uit de renaissance eruit zien als ze moeten voldoen aan de schoonheidsidealen van nu? Met die vraag is de Italiaanse kunstenares Anna Utopia Giordano aan de slag gegaan. Het resultaat is nu te zien in Museum Het Valkhof in Nijmegen. Een dubbele dosis Italiaanse kunst daar dus, want zoals ik gisteren schreef is in hetzelfde museum de tentoonstelling Waarom godinnen zo mooi zijn – liefde en schoonheid in de oudheid te bewonderen.

Anna Utopia Giordano heeft zich laten inspireren door niemand minder dan de godin van de schoonheid, Venus. Ze is op zoek gegaan naar bekende kunstwerken met Venus in de hoofdrol en heeft deze naar de huidige standaard – dat wil zeggen bewerkt door Photoshop – aangepast zodat ze voldoen aan de huidige schoonheidsidealen.

Waar lang geleden nog sprake was van wulpse vrouwen met rondingen op de heupen en (ietwat) bolle buikjes, zijn alle vetrollen en stevige bovenbenen in de door Anna bewerkte versies als sneeuw voor de zon verdwenen. Soms zijn de verschillen overduidelijk, soms moet je echt even goed kijken. De bedoeling van Anna Utopia Giordano mag duidelijk zijn; ze wil iedereen laten nadenken over de invloed van Photoshop op het vrouwbeeld en het huidige slankheidsideaal. De werken zijn voor het eerst te zien in Nederland.

De tentoonstelling omvat replica’s van de originele doeken met Venus in de hoofdrol, met daarnaast de bewerkte versie van Anna. Op Ciao tutti vandaag een digitale weergave van een deel van de expositie:

Wie echter in de gelegenheid is, moet echt naar Nijmegen reizen en er met zijn neus bovenop gaan staan. De tentoonstelling Venus vs Venus is nog tot en met 12 augustus in Museum Het Valkhof te Nijmegen te zien. Klik hier voor het artikel van gisteren over de tentoonstelling Waarom godinnen zo mooi zijn – liefde en schoonheid in de oudheid die eveneens tot en met 12 augustus te bezoeken is.

apr 14

Het is weer Museumweekend! Aan dit feestelijke weekend doen bijna 500 musea mee die vaak verrassende activiteiten organiseren. Thema dit jaar is Laat je verrijken door het museum. Ciao tutti tipt voor een bezoek dit weekend de tentoonstelling Waarom godinnen zo mooi zijn – Liefde en schoonheid in de oudheid in Het Valkhof in Nijmegen.

Parfum en cosmetica, spiegels en kapsels en met edelstenen ingelegde sieraden van goud en zilver. Jezelf mooi maken is niet alleen van deze tijd maar deed men ook al in de oudheid. Veel schoonheidsrituelen zijn zelfs onveranderd gebleven. Tijdens de tentoonstelling opent daar de godin van de liefde en schoonheid, Aphrodite (ook wel bekend als Venus), haar beautycase. Maak kennis met de schoonheidsidealen van de oudheid, ontdek de middelen die vrouwen toen hadden om zichzelf mooi en aantrekkelijk te maken en ervaar waarom godinnen zo mooi zijn.

Venus / Aphrodite

Antieke gezichtscrème
Uit archeologische vondsten en antieke teksten blijkt dat zalven, crèmes, make-up en parfums in alle antieke culturen op grote schaal werden toegepast. Met oogschaduw, rouge en lippoeder werden ogen, wangen en lippen verfraaid en werd indruk gemaakt op potentiële huwelijkspartners. Olie en parfum spelen een belangrijke rol bij de huwelijksrituelen: het verhoogde de verleidingskracht van de jonggehuwden en droeg bij tot de feestsfeer.

Cosmetische producten waren in de oudheid overigens niet alleen bestemd voor de levenden. Wanneer iemand stierf, werd het lichaam verzorgd met olie of zalf en met reukmiddelen, die ook tijdens de begrafenisplechtigheid een belangrijke rol speelden. In Egypte probeerde men zelfs het lichaam door mummificatie voor verval te behoeden. De Grieken gaven de doden vaak parfumvazen mee in het graf.

Romeinse gezichtshelm
Ga je samen met je man op pad en heeft hij Venus’ schoonheidsrituelen snel gezien? Geen nood, hij kan in hetzelfde museum een bijzondere replica van een ijzeren gezichtshelm uit het midden eerste eeuw bewonderen. De nieuwe reconstructie van deze helm geeft een goede indruk van het oorspronkelijke uiterlijk, dat bijzonder fraai en indrukwekkend was. Het is nog niet helemaal duidelijk of de gezichtshelm alleen een kostbaar statussymbool was of dat het ook in de strijd gebruikt werd. Misschien wel beide.

Het ijzeren masker van de helm was met een dunne laag zilver bedekt. De drie gaatjes op elke wang stellen waarschijnlijk tatoeages voor. zijn De knoppen van de klinknagels onder de oren zijn ingelegd met niëllo, een mengsel van zilver, lood en zwavel. Uit het onderzoek is gebleken dat het ijzer van het masker uit meerdere lagen bestond. Het gebruikte ijzer is nagemaakt en is o.a. beproefd door middel van schietproeven met een replica van een ballista, een Romeinse kruisboog. Het bleek bijzonder sterk te zijn.

 

© foto Carl Koppeschaar

Op de buitenzijde van de originele helm waren, geconserveerd in de corrosie van het ijzer, restanten van een kunstig vlechtwerk bewaard gebleven. Het bleek om paardenhaar te gaan dat met een soort lijm op het ijzer bevestigd moet zijn geweest. Welke kleur het gebruikte paardenhaar had, was helaas niet meer vast te stellen. In de reconstructie is ervoor gekozen om meer kleuren te gebruiken. Bij het maken van de replica bleek duidelijk hoeveel werk er in de bekleding van de helm ging zitten; waarschijnlijk kostte dit meer dan 150 uur! En dan is het maken van helm en masker zelf nog niet eens meegerekend…

De gezichtshelm van een Romeins soldaat en de gezichtscrème van Romeinse godinnen zijn te bewonderen in Het Valkhof in Nijmegen. De tentoonstelling Waarom godinnen zo mooi zijn – Liefde en schoonheid in de oudheid duurt tot en met 12 augustus. Tijdens het Museumweekend (14 en 15 april 2012) betaalt elke bezoeker slechts het symbolische bedrag van € 1. Daarna gelden de normale tarieven.

apr 11

Voor het eerst in de geschiedenis kun je een aantal geheime documenten de Vaticaans Archieven met eigen ogen aanschouwen. Ter ere van het vierhonderdjarig bestaan van het archief is de expositie Lux in Arcana ingericht, die tot 9 september te zien is in de Capitolijnse Musea. De tentoonstelling biedt een kijkje in een honderdtal echte documenten, brieven en stukken die normaal gesproken achter slot en grendel bewaard worden en alleen door de Heilige Stoel en een beperkt aantal wetenschappelijke onderzoekers ingezien kunnen worden.

Nu hebben deze documenten voor het eerst Vaticaanstad achter zich gelaten en beslaan ze drie hele drie verdiepingen van de Capitolijnse Musea. De tentoonstelling omvat zo’n honderd originele documenten van de achtste eeuw tot en met de Tweede Wereldoorlog, die je nu met eigen ogen kunt aanschouwen. Maar dat niet alleen: sommige stukken mogen tijdens de duur van de expositie volledig geraadpleegd worden.

Het eerste waar je na binnenkomst tegenaan loopt, is de handtekening van Galileo Galilei die groot wordt geprojecteerd. Deze paraaf vestigt meteen de aandacht op een van de belangrijkste en spraakmakendste onderdelen van de expositie: de originele stukken van het proces in 1633 waarbij Galilei door de Inquisitie veroordeeld werd omdat volgens hem de aarde om de zon draaide. Een enorm marmeren beeld van paus Urbanus VIII, onder wiens bewind Galilei dit vonnis over zich uit hoorde spreken, waakt over de stukken.

Wie nieuwsgierig is naar alle details van het proces, moet zeker afreizen naar Rome om deze expositie te zien. Wil je niet alleen het originele vonnis van het proces tegen Galileo Galilei zien, maar ook het complete dossier van de zaak raadplegen? Dat kan! Naast de originele documenten kun je vanaf het scherm de hele tekst oproepen en – als je even de tijd hebt – van A tot Z doornemen.

Behalve de geheime documenten zijn er ook andere dingen te zien die bij het beheren en raadplegen van een archief komen kijken. Zo verlekkeren mijn ogen zich aan een systeem waarmee je gewone teksten kunt omzetten naar geheimschriften, simpelweg door bepaalde kaarten met uitgestanste vakjes over de tekst te leggen. Zo’n baan had me wel ets geleken; het ontcijferen van geheime boodschappen is toch wel heel wat spannender dan het schrijven van voor iedereen leesbare teksten zonder dubbele bodem.

Maar er wachtte nog meer geheimzinnigs, zoals een document met maar liefst 81 rode zegels van Britse bestuurders, die de paus in 1530 onder druk zetten om het eerste huwelijk van koning Hendrik VIII nietig te verklaren. De paus gaf hier echter geen gehoor aan, hetgeen het ontstaan van de Anglicaanse Kerk tot gevolg had.


Ook Nederlandse documenten uit de Vaticaans Archieven hebben hun weg gevonden naar het Capitool. Er is een brief uit 1525 te zien van Erasmus, waarin hij betreurt dat Luther is geëxcommuniceerd. ‘Ik zou niet willen dat het ene kwaad met het andere wordt bestreden,’ zo schrijft Erasmus. Een ander Nederlands document vertelt het verhaal van Edith Stein, een van oorsprong joodse vrouw die zich bekeerde en tijdens de Tweede Wereld Oorlog onderdook in een klooster in Limburg. In de zomer van 1942 werden ze opgepakt en naar Auschwitz gedeporteerd, waar ze overleden. In 1998 werd Edith Stein heilig verklaard door paus Johannes Paulus II.

De samenstellers van de expositie hebben overigens alle moeite genomen om de meest indrukwekkende stukken tentoon te kunnen stellen. Zo hebben ze het zwaarste boekwerk ter wereld naar het Capitool gesjouwd, dat een overzicht geeft van alle details van het leven van de familie Borghese. Alle familieleden komen erin voor, net als hun boekhouding en hun bezittingen.



Het boekwerk, met rood leer en een houten ‘kaft’ is maar liefst veertig centimeter breed, vijfenvijftig centimeter hoog en 37 centimeter dik. Alles bij elkaar weegt het meer dan zestig kilo.

Dat de Vaticaanse Archieven zaken van gewicht ontsluiten, moge duidelijk zijn!

mrt 27

Deze maand zijn twee beroemde Spaanse schilders neergestreken in Rome. Het Chiostro del Bramante herbergt ruim tachtig werken van Joan Miró, terwijl Il Vittoriano onderdak biedt aan de werken van Salvador Dalí.

Miró – Poesia e luce
Joan Miró zet met zijn poëtische schilderijen kunst in een ander daglicht. De vijftig grote doeken die in het Chiostro del Bramante bijeen zijn gebracht, brengen dat mooi tot uiting, maar ook de beelden en aquarellen laten de fantasie van de kunstenaar zien. De werken zijn veelal gemaakt in de periode dat Miró op Mallorca woonde, waar hij een groot atelier had maar waar hij tegelijkertijd in direct contact stond met zijn muze, de natuur.

Omdat deze ruimte zo belangrijk was voor Miró, is geprobeerd het atelier deels na te bootsen. Zo krijg je als bezoeker een idee van hoe hij werkte, te midden van zijn originele gebruiksvoorwerpen en penselen. Ook dit werpt een beetje extra licht op de creaties van de Spaanse kunstenaar, die hier meer dan ooit tot hun recht komen.

De tentoonstelling is nog tot en met 10 juni te zien, maar voor wie geen ticket Rome in het vooruitzicht heeft, alvast een klein voorproefje:

Dalí – un artisto, un genio
Ogni mattina, appena sveglio, sperimento un piacere supremo: quello di essere Salvador Dalí, e mi chiedo – intimamente stupito – quale cosa prodigiosa farà mai oggi, questo signor Dalí ?’ aldus niemand minder dan Salvador Dalí zelf. ‘Elke ochtend, nauwelijks ontwaakt, ervaar ik een buitengewoon genoegen: namelijk het genoegen Salvador Dalí te zijn, en ik vraag me af – diep onder de indruk – wat voor wonderbaarlijks hij vandaag weer zal doen, deze mijnheer Dalí?’

Deze zin maakt direct duidelijk hoe het wonderlijke brein van Dalí de meest bijzondere kanten op kronkelt. Dat blijkt ook uit de verzameling werken die in het Complesso del Vittoriano bijeen is gebracht. Foto’s, schilderijen, teksten en documenten proberen de bezoeker een kijkje te geven in de geest van deze grote kunstenaar.

Hoe zag hij zichzelf en de wereld? Maar vooral ook: hoe zag hij Rome? In 1938 woonde en werkte Dalí namelijk een tijd in de Eeuwige Stad, maar ook toen hij weer in Spanje woonde kwam hij er graag. Niet alleen om te werken uiteraard, Dalí kwam vooral graag in Rome om even op te laden en nieuwe energie op te doen. Bijvoorbeeld door een scootertochtje te maken op een Vespa – en wel precies die Vespa die nu in het Vittoriano tentoongesteld wordt.

Maar Dalí zou Dalí niet zijn als hij ook niet buiten de gebaande paden reisde. Hij was bijvoorbeeld dol op de tuinen in Bomarzo (waar ik eerder deze maand over schreef), ook omdat het hier in de woorden van Dalí ‘makkelijker is om dingen te zien die anderen niet hebben gezien’. De bizarre monsters en grillige giganten inspireerden Dalí meer dan het Colosseum en het Pantheon. Alhoewel, zo te zien heeft heel Rome als inspiratie gediend voor het onderstaande doek, De verzoeking van de Heilige Antonius…

mrt 13

Vorige week maandag is er in de Engelenburcht in Rome een expositie geopend die geheel gewijd is aan Amor en Psyche. Dat liefde bij de Italianen hoog in het vaandel staat, bewees de lange rij gisteren. Het was er tot mijn grote verbazing zo druk dat ik op de Engelenbrug moest aansluiten in de rij, die achter mij steeds langer en langer werd.

Amor en Psyche

Ik hoorde ouders alvast aan hun kinderen het prachtige verhaal van Amor en Psyche vertellen. Voor wie deze mythe niet kent, volgt hieronder een uitgebreide samenvatting (ontleend aan: Eric M. Moormann & Wilfried Uitterhoeve, Van Achilles tot Zeus, SUN Nijmegen):

‘Psyche, een koningsdochter, was zo bovenmenselijk mooi dat iedereen haar bewonderde en zelfs de verering van de godin van de liefde, Venus, erdoor werd verwaarloosd. Venus droeg in haar woede haar zoon Amor op het meisje verliefd te doen worden op een afzichtelijk iemand. Amor werd echter zelf verliefd op Psyche en gaf aan die opdracht geen gehoor.

Het gevolg was dat de veel bewonderde Psyche niemand liefhad noch door iemand werd bemind. Haar ouders gingen in hun wanhoop naar Delphi om de orakelgod Apollo raad te vragen. Deze liet hen – op instigatie van Amor – weten dat ze hun dochter moesten kleden als voor een huwelijk en haar naar de oever van de zee moesten brengen vanwaar ze zou worden weggevoerd door een vreselijk monster.

De ouders brachten Psyche naar de aangegeven plaats, vanwaar ze door Zephyros, de Westenwind, werd weggevoerd naar een prachtig paleis om daar in slaap weg te zinken. De volgende ochtend verkende ze, door stemmen geleid, het wonderbaarlijke paleis. Na het vallen van de avond kreeg ze gezelschap van een bedgenoot. Ze kon echter geen blik op hem slaan, en hij waarschuwde haar geen pogingen te ondernemen om hem te kunnen zien.

Psyche had een zeer gelukkige tijd, al voelde ze steeds sterker de behoefte anderen, en met name haar twee getrouwde zusters, deelachtig te maken aan haar geluk. Op haar aandrang stond Amor een bezoek van haar zusters toe. Zij werden door Zephyros naar het paleis gebracht en vervolgens bevangen door een felle jaloezie. Toen ze hoorden dat Psyche nimmer een blik op haar minnaar had kunnen slaan, hielden ze haar voor dat ze het bed mogelijk deelde met een monster.

Psyche kon haar angst en nieuwsgierigheid niet langer beheersen. Ze voorzag zich van een olielamp en van een mes waarmee ze haar echtgenoot, als het een monster zou blijken te zijn, zou kunnen doorsteken. Toen ze op een nacht de olielamp ontstak, ontdekte ze tot haar opluchting dat ze het bed deelde met een prachtige jongeling.

Amor werd echter gewekt door een druppel gloeiende olie en verdween om niet terug te keren. De wanhopige Psyche zocht haar bedgenoot overal, maar niemand wilde haar, object van de voortdurende jaloezie van Venus, daarbij helpen. Uiteindelijk belandde ze bij de liefdesgodin zelf, die haar belastte met vernederende en schier onmogelijke taken.

Op een gegeven moment moest ze bij de koningin van het dodenrijk, Proserpina, een flesje schoonheidszalf ophalen. Ze kreeg het verzegelde flesje mee, maar kon op de terugweg haar nieuwsgierigheid niet bedwingen, opende het flesje, werd door de geur bedwelmd en geraakte in een slaap waaruit ze niet ontwaakte.

Intussen was de verliefde Amor op zoek naar Psyche. Hij vond haar slapend en wekte haar met een prikje van één van zijn vleugels. Ze werd door Mercurius naar de Olympus gevoerd. Op Amors verzoek bewerkstelligde Jupiter een verzoening met Venus en verleende hij Psyche onsterfelijkheid. Alle goden namen deel aan de feestelijke bruiloft van Amor en Psyche.’

Dit verhaal wordt in de Engelenburcht tot en met 10 juni 2012 op verschillende wijzen geïllustreerd, onder andere in de Sala di Amore e Psiche, dat ooit het privévertrek van paus Paulus III was. Daarnaast zijn er ongeveer honderd werken van grote kunstenaars verzameld – allemaal met het zojuist vertelde liefdesverhaal als uitgangspunt. Zo zien we Amor en Psyche uit de Galleria degli Uffizi in Florence nu in de Romeinse Engelenburcht, net als de gevleugelde Psyche uit de Capitolijnse Musea, tekeningen van Raffaello en onderstaand schilderij van Antonio Canova.

Deze Canova maakte overigens ook een prachtig beeld van Amor en Psyche, dat in het Louvre in Parijs te bewonderen is, en dat – meer nog dan het schilderij – de liefde van Amor en Psyche uitdraagt.

Wie gegrepen is door het verhaal van de twee geliefden, moet overigens als hij in Rome is ook zeker een bezoek brengen aan de Villa Farnesina, waar Rafael in opdracht van de bankiersfamilie Chigi een loggia beschilderde met de hoofdpersonen uit het verhaal van Amor en Psyche. Wedden dat Amor je raakt met zijn pijlen en je op slag verliefd wordt op dit prachtige stukje Rome?

mrt 04

Vorig jaar in oktober was een prent van Maarten van Heemskerck waar ik bij toeval op stuitte de aanleiding op zoek te gaan naar de geschiedenis van het Pantheon. Nu zijn veel meer van zijn prachtige prenten te zien in Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam. Jullie kunnen je vast voorstellen dat mijn hart daar een beetje sneller van gaat kloppen. Niet alleen is er nu voor iedereen die niet in Rome verblijft een klein stukje van de Eeuwige Stad binnen handbereik, we kunnen zo ook zien hoe de stad er vroeger uitzag en welke geheimen er nog verborgen liggen onder eeuwen geschiedenis.

Voor ik naar Rome vertrok, maakte ik dus nog even een tussenstop in Rotterdam. Ik reisde via Haarlem. Niet alleen omdat de NS me daar door omstandigheden toe verplichtte, maar ook om nog een beetje beter in de voetstappen van Van Heemskerck te kunnen treden. Haarlem was namelijk de geboortestad van Van Heemskerck. Hier moet hij voor het eerst over Rome hebben gehoord, hier moet hij over Rome hebben gedroomd, zijn reis hebben gepland…

Precies vierhonderdtachtig jaar geleden was het zover. In 1532 vertrok Maarten van Heemskerck naar Rome. In de Eeuwige Stad liet hij zich inspireren door de overblijfselen uit de klassieke oudheid. Antieke beelden en ruïnes vormden een dankbaar onderwerp voor zijn tekeningen, die hij nog jaren na zijn terugkeer als bron zou blijven gebruiken. Op de achtergrond van zijn beroemdste zelfportret, dat speciaal voor deze tentoonstelling uit het Fitzwilliam Museum in Cambridge is overgebracht naar Rotterdam, schilderde hij het Colosseum, voor velen hét symbool van het oude Rome.

Maarten van Heemskerck | Zelfportret met Colosseum, 1553 | Olieverf op paneel
© Fitzwilliam Museum, Cambridge

Op het olieverfschilderij Zelfportret met Colosseum (1553) beeldde Maarten van Heemskerck zichzelf overigens twee keer af: als 55-jarige, succesvolle en gefortuneerde kunstenaar staat hij voor een schilderij waarop hij een tweede maal te zien is (rechtsonder), ditmaal als jonge kunstenaar die de ruïnes van het Colosseum vastlegt op een schetsblad. Van Heemskerck heeft het Colosseum keer op keer getekend tijdens zijn verblijf in Rome. Hoezeer hij het oude amfitheater bewonderde, bleek nog aan het eind van zijn leven, toen hij het als achtste wereldwonder toevoegde aan een prentreeks over de wereldwonderen van de oudheid.

Naast dit beroemde werk tonen diverse prenten en schilderijen hoe de oudheid een rol bleef spelen in het oeuvre van deze kunstenaar. In tal van schetsboeken legde hij zijn studies naar klassieke architectuur, ruïnes en antieke beelden vast. De tentoonstelling omvat een aantal schetsen die Van Heemskerck maakte tijdens zijn verblijf in Rome, uit de collectie van het Rijksmuseum en uit een particuliere collectie.

Maarten van Heemskerk |Ruïnes op de Palatijn in Rome (recto), ca. 1532-37 | Pen in bruin
© Rijksmuseum, Amsterdam

Na zijn terugkeer in Haarlem gebruikte hij deze studies voor schilderijen en prenten met fantasievolle landschappen. De klassieke ruïnes en sculpturen vormen de achtergrond van mythologische, allegorische of Bijbelse voorstellingen, zoals Het oordeel van Paris (circa 1545-1550) of De goden van de Olympus (1556). Ook is de invloed van de antieke sculptuur direct te herkennen in Van Heemskercks composities en in de houdingen van zijn figuren. Zo gebruikte hij een studie die hij in Rome maakte van de Torso van Belvedere voor de Christusfiguur in de prent De doornenkroning (1548). Een gipsafgietsel van deze klassieke sculptuur maakt deel uit van de tentoonstelling.

De tentoonstelling Maarten van Heemskerck – Het oude Rome herleeft is nog tot en met 3 juni 2012 te zien. Kijk voor meer informatie op www.boijmans.nl.

mrt 02

Vanochtend werd ik niet meer wakker van het gekabbel van Venetiaans water, maar van het Romeinse verkeer. Na een week of twee zonder toeterende auto’s, Vespa’s en de sirenes van ambulances en la polizia, is het toch altijd weer even wennen continu omringd te zijn door lawaai. Ook de klanken van het Venetiaanse dialect sterven langzaam uit in mijn hoofd, om plaats te maken voor de o zo bekende Romeinse uitdrukkingen.

Toch zit Venetië nog wel een beetje in mijn hoofd. Terwijl ik langzaam door de Romeinse straten en steegjes wandel, probeer ik de heimwee naar de stilte, naar de mystieke sfeer, naar het gekabbel van het water – dat zo heerlijk als achtergrondgeluid kan dienen tijdens het schrijven – van me af te lopen. Ongemerkt ben ik boven op de Quirinale beland, waar ik mijmerend uitkijk over de koepels en de daken van de stad.

Waarom overvalt het gevoel van thuiskomen me nu niet zoals anders? Waarom wandelt mijn hart nog door Venetië terwijl mijn hoofd zich uit alle macht in Rome probeert te orienteren? Waarom mist het warme gevoel dat me normaal gesproken direct na aankomst in Rome overvalt? Ik zucht en besluit een kopje koffie te gaan drinken in het cafeetje van de Scuderie, de voormalige pauselijke paardenstallen.

Ik steek het grote plein over en moet een paar keer met mijn ogen knipperen. Heb ik nu zo lang staan mijmeren dat ik droom? Of droom ik überhaupt, ergens in Venetië, en voel ik me daarom zo ontheemd? Boven de ingang van de Scuderie zie ik namelijk een naam die ik afgelopen weken in Venetië ook regelmatig zag opduiken: Tintoretto.

Ik knijp mezelf hard in mijn arm. Au! Ik droom dus niet… Aan een van de mensen bij de ingang vraag ik hoe de Venetiaanse schilder hier zo verzeild is geraakt. Eind februari blijkt een grote aan hem gewijde expositie van start te zijn gegaan, op de plek waar Caravaggio, Lorenzo Lotto en Filippino Lippi eerder honderdduizenden bezoekers trokken.

Ik besluit mijn koffie nog even uit te stellen en midden in Rome in de wereld van de Venetiaanse Tintoretto te duiken. Deze schilder, die eigenlijk Jacopo Robusti heette, werd door zijn tijdgenoten il tintoretto genoemd, het ververtje. Hij was namelijk al op zeer jonge leeftijd een fervent liefhebber van het penseel. Hij schilderde al vroeg de mooiste taferelen en bestudeerde vele werken van de grote meesters, met als belangrijkste voorbeeld Michelangelo.

Op 15-jarige leeftijd ging Tintoretto in de leer bij de grote Venetiaanse schilder Titiaan, die toen zelf al 56 jaar oud was. Tintoretto’s studie duurde echter niet lang; volgens de overlevering had hij zozeer een eigen stijl dat hij het al na tien dagen voor gezien hield in het atelier van Titiaan.

Tintoretto zette aan het begin van zijn schilderscarrière vooral religieuze voorstellingen op het doek. Later schilderde hij ook prachtige mythologische verhalen en een aantal portretten. Bijzonder is de aanwezigheid van een zeer jong zelfportret, dat normaal gesproken in het Victoria & Albert Museum te zien is. Zeker als je daarna het zelfportret op oudere leeftijd ziet (dat in het bezit is van het Louvre maar nu ook in de Scuderie hangt), komt Tintoretto echt een beetje tot leven.

Na zo’n veertig Tintoretto’s te hebben bewonderd, is mijn honger naar Venetië gestild en mijn heimwee zo goed als verdwenen. Terwijl ik een kopje koffie drink aan de bar, geniet ik van de Romeinse conversaties om me heen. Eenmaal buiten haal ik diep adem en voel ik Rome in al mijn poriën doordringen. Venetië sijpelt uit mijn systeem en met elke pas groeit het gevoel van thuiskomen.

Daar ga ik vandaag dan ook heerlijk van genieten, maar niet voordat ik jullie nog even heb laten weten dat Tintoretto ook in eigen land te zien is. In het Rijksmuseum in Amsterdam bijvoorbeeld, dat een aantal prachtige werken van dit Venetiaanse ververtje herbergt. Ook wie niet in Rome of Venetië is, kan zijn werk dus bewonderen – zonder heimwee te hoeven hebben!

preload preload preload