Naar hoofdinhoud Naar navigatie
17 september 2026

Ontdek Italiaans München – van kerken en kunst tot culinaire tips

München wordt niet voor niets gekscherend ‘de noordelijkste stad van Italië’ genoemd. Je vindt er prachtige plekken die doen denken aan Italië, kerken en paleizen naar Italiaans voorbeeld, Italiaanse kunst, gezellige trattoria’s en zeker ’s zomers ook die heerlijke mediterrane sfeer.

Saskia logeert regelmatig een nachtje in München, op weg van of naar Italië per trein (over de treinreis zelf vertelt ze in deze blog meer). Op de terugweg vanuit Venetië eind vorige maand bleef Saskia een nachtje extra om een dag langer te genieten van de Italiaanse sfeer.

Ze neemt je in deze blog mee op een wandeling langs de mooiste Italiaanse monumenten van München, ideaal voor een korte tussenstop om op weg naar Italië alvast in de juiste stemming te komen of om op de terugreis het échte afscheid van Italië nog even uit te stellen.

Cappuccino bij Bar Centrale

Een dagje München begint met een cappuccino bij Bar Centrale (Ledererstraße 23). Door de barista’s, de verse cornetti, de rinkelende koffiekopjes en de muziek is dit echt een Italiaanse enclave in München.

Je kunt er elke dag terecht, doordeweeks al vanaf half acht ’s ochtends. Later op de dag schuif je er ook aan voor lunch, aperitivo of diner (met uitzondering van zondagavond).

met dank aan Bar Centrale voor een aantal foto’s

Drie andere aanraders voor een perfect kopje koffie:

*Dallmayr Coffee Club, Dienerstraße 12
*Dinatale Café, Veterinärstraße 4
*Macinino, Neuhauser Straße 47
*Morso, Nordendstraße 17
*Tambosi, Odeonsplatz 18

foto’s: Dallmayr Coffee Club
foto’s: Dinatale Café

Julia als symbool voor de stedenband tussen München en Verona

De historische, culturele en economische band tussen Verona en München is van oudsher sterk verankerd, hetgeen in 1960 officieel werd. Sindsdien prijkt het wapen van Verona in de hal van het stadhuis aan de Marienplatz.

In 1974 kreeg München er een belangrijke inwoonster bij. Sinds dat jaar prijkt namelijk een getrouwe kopie van het beeld van Julia uit Verona op de Marienplatz.

De levensgrote bronzen Giulietta werd gemaakt door Natascha Alexandrova Munter, als een cadeau van de Cassa di Risparmio di Verona.

Op de plaquette staat een vers uit Romeo en Julia van William Shakespeare: ‘Zolang Verona haar naam behoudt, zal geen enkel beeld zo hoog in aanzien staan als dat van de ware en trouwe Julia.’

In ruil kreeg Verona van de Sparkasse München de Fontana delle Alpi, die midden op Piazza Bra prijkt. Vanwege de vorm wordt de fontein door de Veronesi ook wel ‘de citruspers’ genoemd.

Er staat overigens nog een standbeeld van Julia in München, aan de andere kant van de Isar, op de Shakespeare Platz.

Il Porcellino – een Florentijns zwijntje in München

Julia is niet het enige Italiaanse standbeeld in München. Voor het Jagd- und Fischereimuseum (Neuheuser Straße 2) staat een kopie van Il Porcellino, het bronzen zwijntje uit Florence.

Het origineel staat in de Galleria degli Uffizi, maar de kopie bij de Mercato Nuovo is het bekendst. Het verhaal gaat dat als je het zwijntje over zijn neus aait, je naar Florence terug zal keren. Zou dat ook voor München gelden?

Residenz – naar voorbeeld van een Florentijnse façade

Florence zorgt ook elders in München voor inspiratie. Zo is de imposante gevel van de Residenz aan de Max Joseph Platz een miniatuurversie van de façade van het Palazzo Pitti.

Koning Ludwig I alias Lodewijk I van Beieren gaf nadat hij in 1825 de troon besteeg architect Leo von Klenze de opdracht zijn bewondering voor Italië en de renaissance terug te laten komen in de bouwstijl van het koninklijk paleis.

Binnen bewonder je onder meer het Antiquarium, de grootste en weelderigst versierde renaissanczaal ten noorden van de Alpen. De zaal werd tussen 1568 en 1571 gebouwd in opdracht van hertog Albrecht V, die er zijn collectie antieke beeldhouwwerken onder wilde brengen.

Als je langs de zijde van het palazzo aan de Residenzstraße loopt, zie je een aantal leeuwen. Volgens de locals brengt het net als bij de borst van Julia en de snuit van het zwijntje geluk als je over de leeuwenneuzen wrijft.

Nog meer Florentijnse voorbeelden

Leo van Klenze ontwierp ook het Palais Toerring-Jettenbach, eveneens aan de Max Joseph Platz. De beste man was waarschijnlijk een groot liefhebber van Florence, want hiervoor liet hij zich inspireren door de gevel van het Ospedale degli Innocenti aan Piazza Santissima Annunziata.

Daar houdt de Florentijnse inspiratie nog niet op, want even verderop aan de Odeonsplatz staat de Feldherrnhalle, waarvoor de Loggia dei Lanzi op Piazza della Signoria als model diende.

Natuurlijk is de Feldherrnhalle een stuk jonger dan het origineel in Florence: ze werd tussen 1841 en 1844 gebouwd door architect Friedrich von Gärtner, wederom in opdracht van Lodewijk I van Beieren.

Deze koning was niet alleen een fervent bewonderaar van het oude Griekenland, maar ook van de Italiaanse kunst. Hij reisde als kroonprins al talrijke keren naar Italië en bezat in Rome zelfs een eigen villa.

Theatinerkirche – zonnige versie van de Sant’Andrea della Valle in Rome

Naast deze Florentijnse loggia schittert een Romeinse kerk. De warmgele gevel, koepel en torens zijn echte blikvangers, maar ook van binnen is de kerk een en al Italiaanse bellezza.

De opdracht voor de bouw kwam van Ferdinand Maria, keurvorst van Beieren, en zijn echtgenote Henriette Adelaide, toen halverwege de zeventiende eeuw de langverwachte troonopvolger Max Emanuel geboren werd.

Ze vroegen de Italiaanse architecten Agostino Barelli, Antonio Spinelli en Enrico Zuccalli om ‘de mooiste kerk’ te bouwen. Het drietal nam de Sant’Andrea della Valle in Rome als voorbeeld en bouwde tussen 1663 en 1688 de eerste kerk in de stijl van de Italiaanse laatbarok ten noorden van de Alpen.

Vanwege de concentratie van Italiaans geïnspireerde bouwwerken is de Odeonsplatz eerder een Italiaans piazza dan een Duits plein.

Zeker als je nog even neerstrijkt voor een drankje bij Tambosi en door de Hofgarten wandelt, die is ontworpen in de stijl van een traditionele Italiaanse renaissancetuin, met een paviljoen voor Diana, de Romeinse godin van de jacht, in het midden. De tuin wordt omringd door een galerij die doet denken aan de portici in Bologna.

Ludwigskirche – met het grootste altaarfresco na Michelangelo’s Laatste Oordeel

Dankzij de voorliefde van koning Lodewijk I voor Italiaanse architectuur ademen veel gebouwen aan de Ludwigstraße een Italiaanse sfeer. Zo ook de Ludwigskirche, die Friedrich von Gärtner ontwierp in opdracht van Lodewijk I.

De koning voelde zich zo sterk verbonden met deze kerk dat hij de zes kerkklokken zelfs vernoemde naar zichzelf, zijn vrouw Therese en hun vier kinderen: Maximilian, Otto, Luitpold en Adalbert.

Binnen in de kerk vraagt het altaarfresco van meer dan tweehonderd vierkante meter alle aandacht. Dit Laatste Oordeel werd tussen 1836 en 1840 geschilderd door Peter von Cornelius, die destijds hoofd was van de Akademie der Bildenden Künste in München. Het is het op één na grootste altaarfresco ter wereld, na Michelangelo’s Laatste Oordeel in de Sixtijnse Kapel.

De kerk heeft nog een ander heel bijzonder kunstwerk, hoewel dit alleen van bovenaf te zien is: het gedetailleerde, mozaïekachtige dak. Na een grondige bestudering van de technieken voor het glazuren van dakpannen besloot Friedrich von Gärtner, in afwijking van de oorspronkelijke plannen, het gebouw te bedekken met plaatijzer. Vervolgens liet hij het hele dak bedekken met tegels, waardoor het lijkt alsof er een kleurrijk geweven tapijt ligt.

Alter Peter – de Sint-Pieter van München

München heeft ook een eigen Sint-Pieter: de Peterskirche, die in de volksmond Alter Peter wordt genoemd. Het is de oudste parochiekerk van München, met de oudste kerkklokken van de stad.

Binnen bewonder je het circa driehonderd jaar oude barokke hoogaltaar met een gouden beeld van Petrus, met een afneembare tiara. Als de paus overlijdt, wordt de tiara verwijderd totdat er een nieuwe paus is gekozen.

Het uitkijkplatform biedt vanaf een hoogte van zesenvijftig meter (die je bereikt na ongeveer driehonderd traptreden) prachtig uitzicht in alle richtingen – waaronder natuurlijk op de Marienplatz met het stadhuis, het gouden Mariabeeld en de Frauenkirche (Onze-Lieve-Vrouwekerk).

Bij mooi weer kun je zelfs de Alpen zien, wat samen met de skyline van München een onvergetelijk panorama oplevert.

Mariensäule – Maria prijkt hoog boven de Marienplatz

Onder meer Rome en Napels hebben hun Colonna dell’Immacolata, München heeft de Mariensäule: een Mariabeeld dat hoog op een zuil over de stad waakt. Maria kreeg bezoek van drie pausen. Pius VI was er al in 1782, Johannes Paulus II volgde in 1980 en Benedictus XVI in 2006.

Het beeldje is geïnspireerd op het Maria-heiligdom in Loreto: Maria houdt Jezus vast en staat op een maansikkel. De vier dappere putti op de sokkel symboliseren Maria’s overwinning op honger (de draak), oorlog (de leeuw), pest (de basilisk) en ketterij (de slang).

Frauenkirche – Italiaanse kunst in de kathedraal van München

Het originele Mariabeeld is te vinden in de kathedraal van München, de Frauenkirche. Ook hier is een stukje Italië te vinden, dankzij het altaarstuk De aanbidding door de herders, dat rond 1640 werd gemaakt door de Zuid-Italiaanse schilder Cesare Fracanzano.

Twee pausen die de kathedraal van München bezochten worden herinnerd in reliëfs op de enorme pijlers. In 1980 werd Johannes Paulus II verwelkomd door de toenmalige aartsbisschop van München, kardinaal Joseph Ratzinger, die in 2005 tot zijn opvolger zou worden gekozen.

Paus Pius VI was in 1782 de eerste paus die de Frauenkirche bezocht. De inwoners van München waren zo enthousiast over zijn bezoek dat in de maanden erna verschillende kinderen bij hun doop de naam Pius kregen.

Michaëlskirche – groter dan de Gesù in Rome

We tippen nog twee kerken die een link met Italië hebben. Allereerst de Michaëlskirche, de grootste renaissancekerk ten noorden van de Alpen. De Gesù, de moederkerk van de jezuïeten in Rome, diende als voorbeeld, hoewel de Michaëlskirche qua omvang uiteindelijk groter werd. Het zeer ongebruikelijke, twintig meter brede tongewelf is het op één na grootste vrijdragende tongewelf ter wereld, na dat van de Sint-Pieter.

Barok spektakel in de Asamkirche

Zowel van buiten als van binnen is de Asamkirche één groot barok spektakel, met dank aan de broers Cosmas Damian en Egid Quirin Asam.

Hun succesverhaal begint met de Italiaanse prinses Henriette Adelaide van Savoye, die in 1650 werd uitgehuwelijkt aan Ferdinand Maria, toen ze beiden pas veertien jaar oud waren. De prinses bestreed haar heimwee door uitbundige feesten in Italiaanse stijl te organiseren en dichters, musici en bouwmeesters uit haar thuisland naar het hof in München te halen.

Onder meer Agostino Barelli, Enrico Zucchali en Antonio Viscardi gaven gehoor aan die oproep en bouwden de eerste voorbeelden van de Italiaanse hoogbarok in München. Iedereen die het als kunstenaar wilde maken, moest zich door deze Italiaanse stijl laten leiden.

De oudste van de broers, Cosmas Damian, trok dan ook vanuit München naar Rome voor zijn opleiding. Het duurde niet lang voordat de begaafde geleerde de vrijgevigheid van de orde rechtvaardigde door de eerste prijs voor schilderkunst te winnen bij het Concorso Clementino, dat in 1702 door paus Clemens XI was ingesteld.

Aangenomen wordt dat ook Egid Quirin enige tijd in Rome heeft doorgebracht, waarbij hij zich met name richtte op gebouwen ontworpen door Gian Lorenzo Bernini. De invloed van Bernini’s werk is dan ook in aanzienlijke mate terug te zien in de Asamkirche.

Italiaanse meesterwerken in de Alte Pinakothek

De Alte Pinakothek herbergt een prachtige collectie schilderijen van de veertiende tot en met de achttiende eeuw, die in bekendere musea schouder aan schouder staande menigten zouden trekken. Hier kun je ze echter in relatieve rust bekijken, met alle aandacht die ze verdienen.

Net als veel van de eerder genoemde plekken in dit artikel heeft München de bouw van het museum te danken aan koning Lodewijk I, die zijn schatkamer toegankelijk wilde maken voor het publiek.

Het was wederom Leo von Klenze die de opdracht kreeg om het museum te bouwen. Toen het in 1836 werd geopend, was de Alte Pinakothek het grootste museum ter wereld.

In de collectie vind je veel echte meesterwerken, zoals de Madonna met de anjer (geschilderd rond 1473) van Leonardo da Vinci. Bijzonder weetje: de Alte Pinakothek is het enige Duitse museum dat een eigen Da Vinci bezit.

Dit vroege schilderij van Leonardo toont al zijn ontluikende beheersing van de sfumato, de zachte, rokerige weergave van licht en schaduw die later zijn handelsmerk zou worden. Het dateert uit de tijd dat Da Vinci nog in het atelier van Verrocchio in Florence werkte, maar vertoont al de subtiliteit en technische vernieuwing die hem tot een van de grootste kunstenaars van de renaissance zouden maken.

Daarnaast sta je oog in oog met schilderijen van Giotto, Fra Angelico, Filippo Lippi, Ghirlandaio, Botticelli, Rafaël, Parmigianino, Perugino, Bellini, Titiaan, Tintoretto, Tiepolo, Canaletto, Paolo Veronese, Antonello da Messina, Guido Reno en Giuseppe Arcimboldo (en veel werken van onze landgenoten Rembrandt en Rubens).

Griekse en Romeinse beelden in de Glyptothek

De twee indrukwekkende tempels die tegenover elkaar aan de Königsplatz liggen, bieden onderdak aan musea voor kunst uit de oudheid: de Glyptothek en de Staatliche Antikensammlungen.

Het merendeel van de museumcollectie kwam naar München dankzij Lodewijk I. Na zijn reis naar Italië in 1804-1805 bracht hij een indrukwekkende hoeveelheid Griekse en Romeinse beeldhouwwerken mee terug naar München.

Later breidde hij zijn collectie uit met hulp van de Romeinse kunsthandelaar Johann Martin von Wagner, die een feilloos oog voor antieke kunst combineerde met een ingenieus wetenschappelijk talent en groot zakelijk inzicht.

Leo von Klenze kreeg de opdracht een passend onderkomen voor al dat moois te bouwen: de Glyptothek, die in 1830 de deuren opende als eerste openbare museum van München. Voor de opstelling zou Lodewijk I advies hebben gekregen van beeldhouwer Antonio Canova.

Een van de topstukken is de Barberini Faun. Dit beeld werd in 1620 zwaar beschadigd gevonden in de gracht onder het Mausoleum van Hadrianus (de Engelenburcht) in Rome.

Francesco Barberini, de neef van paus Urbanus VIII, had het beeld lange tijd in bezit. In 1810 werd het gekocht door Lodewijk I en verhuisde het naar de Glyptothek.

Andere bekende stukken zijn de Augustus Bevilacqua en de Medusa Rondanini, die door Goethe zeer werd bewonderd.

‘Kleine kunst’ van de voormalige koningin van Napels

In de tempel aan de overkant ontdek je meer over het dagelijks leven van de Etrusken, Grieken en Romeinen, met vazen, aardewerk, sieraden, glas en beeldjes.

Veel van de stukken behoorden eerder toe aan gravin Lipona, die koningin van Napels was geweest. Achter deze naam gaat niemand minder dan Caroline Bonaparte schuil, de zus van Napoleon.

Als koningin van Napels verzamelde ze niet alleen antieke kunstwerken, maar liet ze ook zelf opgravingen uitvoeren in onder meer Pompeï. Zo ontstond een opmerkelijke particuliere antiekcollectie, die nu grotendeels in München te zien is.

Tip: op zondag betaal je slechts een euro voor de drie laatstgenoemde musea. Voor drie euro kun je op die dag dus zowel de Alte Pinakothek als de Glyptothek en de Staatliche Antikensammlungen bezoeken.

Toscaanse sferen bij het Lenbachhaus

De Städtische Galerie is gevestigd in het Lenbachhaus, de historische villa die ooit toebehoorde aan Franz von Lenbach. Tussen 1887 en 1890 liet deze befaamde portretschilder een villa in Toscaanse stijl bouwen, ontworpen door Gabriel von Seidl, destijds de ster van de architectuurwereld in München.

Het geheel werd aangevuld met een tuin, ontworpen door Max Kolb, eveneens een gerenommeerd meester in zijn vakgebied, die de sfeer van een Toscaanse tuin moest ademen.

Italiaanse kerststallen in München

Het Bayerisches Nationalmuseum (Prinzregentenstraße 3) bezit een zeer uitgebreide collectie kerststallen, met veel presepi die tussen 1700 en 1900 onder meer in Napels en in het Alpengebied zijn vervaardigd.

Roestkleurige ring van Mauro Staccioli

Net als in de omgeving van Volterra staat er midden in München, op de kruising van de Elisestraße and Luisstraße) een grote ring, met een diameter van twaalf meter. Het beeld was een geschenk van de Stadtsparkasse München en behoort tot de zogenaamde Luoghi d’Esperienza van kunstenaar Mauro Staccioli.

Staccioli, die is geboren in Volterra, wil met deze cirkels een dialoog aangaan met zijn geboortegrond, ‘met het landschap waarin geschiedenis, cultuur en mensenwerk samenkomen’.

De gondel van Schloss Nymphenburg

Een stuk buiten het centrum vind je een laatste stukje Italië terug: Schloss Nymphenburg, dat wel iets wegheeft van de Reggia di Caserta.

Keurvorst Ferdinand Maria schonk het kasteel aan zijn vrouw ter ere van de geboorte van hun langverwachte zoon. In die tijd, wat vandaag de dag nauwelijks voorstelbaar is, lag Nymphenburg midden in een open veld, op twee uur reizen van de Residenz.

Bouwmeesters Agostino Barelli en Enrico Zuccalli ontwierpen het slot als een barokpaleis. De rococo- en neoklassieke elementen werden later toegevoegd. Het hart van het kasteel wordt gevormd door de Steinerner Saal, met door weelderig rococostucwerk omlijste fresco’s.

Tijdens een rondleiding kun je een kijkje nemen in de Schönheitengalerie van koning Lodewijk I. Ook leuk om te doen: maak een gondeltocht door het park van Schloss Nymphenburg, voor een vleugje Venetiaanse romantiek.

De gondel is overigens geen moderne toeristische toevoeging, maar een eeuwenoude attractie. In de tijd van keurvorst Max Emanuel dobberden er wel tachtig gondels en prachtige boten op het water. Tegenwoordig houden de laatste overgebleven gondeliers van München, vader en zoon Maximilian en Maximilian Maria Koch, deze traditie in ere.

Van Eataly tot Napolitaanse pizza

In de Schrannenhalle, bij de levendige Viktualienmarkt vind je een vestiging van Eataly. Ideaal voor wat laatste Italiaanse souvenirs op de terugweg maar ook perfect voor een lekkere Italiaanse maaltijd.

Voor een aperitivo kun je bij de Viktualienmarkt ook naar L’Aperitivo (Westenrieder Straße 13). Ook erg toepasselijk tijdens een treinreis is Stazione di Aperitivo (Corneliusstraße 16).

foto: Stazione di Aperitivo

Een andere aanrader is The Italian Shot (Theresienstraße 40), waar je kunt blijven zitten voor een lekkere pizza. Nog meer adresjes voor een goede pizza zijn:

*Amea, Blutenburgstraße 112
*Ciao Napoli, Ledererstraße 11
*L’Osteria, Lenbachplatz 8
*60 secondi, Occamstraße 11
*Soul Kitchen, Fraunhoferstraße 27A

Autoliefhebbers moeten zeker naar Rosso Mille Miglia (Sendlinger Straße 28), waar de pizza’s namen van automerken hebben. Ga je voor de Ape, de Cinquecento, de Maserati of de Ferrari?

10x Italiaans dineren in München

Geen zin in pizza? Er is in München ook meer dan genoeg ander lekkers uit de hele laars te vinden. Of je nu neerstrijkt bij Rustikeria (Rosenheimer Straße 1, in het Müllersches Volksbad) om te proeven van de Toscaanse keuken of bij Storia (Karlstraße 47A) voor gerechten uit de Cilento, heel Italië is smakelijk vertegenwoordigd.

Een aantal van onze tips:

*Florio, Sophienstraße 28 (in The Charles Hotel)
*Giorgia Trattoria, Weißenburger Straße 2
*Guido al Duomo, Frauenplatz 12
*La Tavernetta, Hildegardstraße 9
*Mia Trattoria & Bar, Schwantalerstraße 12
*Monti, Steindorfstraße 22
*Ornella, Platzl 4
*Risotto, Hirschgartenallee 38
*Rocca Riviera, Wittelbachersplatz 2

Ook bij het eerder genoemde Bar Centrale (Ledererstraße 23) kun je terecht voor een lekkere pasta, die elke dag wisselt.

foto’s: Bar Centrale

Voor een bolletje gelato als toetje kun je terecht bij:
*Ballabeni, Theresienstraße 46
*Candoli, Sparkassenstraße 2
*Gelateria Garda, Orlandostraße 2

Slapen bij Cocoon Hotel – nog even in de bergen

Kun je geen afscheid nemen van de Italiaanse bergen of niet wachten om de bergtoppen te zien? We slapen graag bij Cocoon Hotel Hauptbahnhof, vlak bij het station, met een fijne binnentuin en details die aan de bergen doen denken, van een skilift in de lobby tot koeien boven je bed.

Elk Cocoon Hotel is nauw verweven met zijn locatie. Architectuur en interieur spelen in op de bijzonderheden van de omgeving. Dit wordt symbolisch vertegenwoordigd door de vlinder: zijn kleuren, vormen en eigenschappen bepalen het ontwerpconcept.

Zo is elk Cocoon-hotel uniek en zijn alle hotels tegelijk verbonden door dezelfde gedachte: natuur en stad op duurzame wijze samenbrengen. In je badkamer vind je dan ook de fijne verzorgingsproducten van Rituals, die dezelfde filosofie nastreven.

Vind je het niet erg om ietsje verder met je koffer te lopen, dan is Cocoon Hotel Sendlinger Tor zeker ook een aanrader.

In de lobby is een groot wandkunstwerk te zien met bekende personen uit de geschiedenis van München, zoals koning Lodewijk I en keizerin Sissi. Het heeft een groene tuin, met bloemen, zitjes en een natuurlijke zandbodem, maar de grootste troef ligt hoog boven de daken van de stad: Rooftop Bar FreiSchwimmer, met op de kaart knapperige pinsa’s en zomerse cocktails.

foto: Cocoon Hotels

Ook Cocoon Hotel Stachus ligt op loopafstand van het station. Iets verder weg is er ook nog Cocoon Hotel Theresienwiese, met het exclusieve dakterras met uitzicht op de Frauenkirche, de Theresienwiese en de Alpen.

Bij alle Cocoon Hotels geniet je desgewenst van een heerlijk ontbijt, met naast veel Duitse specialiteiten ook hier en daar een Italiaanse touch. Liever écht Italiaans ontbijten? Start je dag dan bij een van de adresjes die we aan het begin van deze blog noemden.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Ciao tutti is hét startpunt voor je vakantie naar Italië, bomvol persoonlijke tips. Buon viaggio!