Home » Reizen door Italië » Puglia » Valle d’Itria – witte dorpjes, trulli en olijfbomen in het hart van Puglia
Ga op pad met de Ciao tutti City Walks!

Valle d’Itria – witte dorpjes, trulli en olijfbomen in het hart van Puglia

In het hart van Puglia bevindt zich de beroemdste vallei van de regio: de Valle d’Itria. Deze roem heeft de Valle d’Itria te danken aan de talloze, betoverende trulli die je er kunt vinden: witte huisjes met een kegelvormig dak. In totaal zijn er zo’n vijfduizend trulli te vinden in dit deel van Puglia, waarvan de oudste ongeveer driehonderd jaar oud zijn.

De grootste concentratie trulli vind je in de ‘hoofdstad’ Alberobello, waar het oude centrum bestaat uit kronkelige straatjes die geflankeerd worden door een kleine duizend traditionele trulli. Sinds 1996 zijn alle trulli in Alberobello die de tand des tijds hebben doorstaan, toegevoegd aan de Werelderfgoedlijst van Unesco.

Prachtig om te zien, maar eerlijk gezegd is het veel leuker om de trulli ‘in het wild’ te spotten, op het platteland rondom Alberobello. Het landschap is hier een lappendeken van trulli, felrode klaprozen en uitbundig bloeiende veldbloemen, stenen muurtjes a secco (van op elkaar gestapelde stenen, zonder cement) en olijfbomen.

Ook rondom Locorotondo, Cisternino en Ostuni zie je de puntdaken van de trulli overal bovenuit piepen, prachtig afstekend tegen het groen. Toer je mee door de vallei van de trulli?

Castellana Grotte – de toegangspoort tot de Valle d’Itria
Castellana Grotte is het meest noordelijke plaatsje van de Valle d’Itria. Het wordt daarom ook wel La Porta della Valle d’Itria genoemd, ‘de toegangspoort tot de Valle d’Itria’. Het stadje staat vooral bekend om het enorme grottencomplex, dat meer dan drie kilometer lang en op het diepste punt meer dan honderd meter diep is. In deze blog vertellen we je er alles over.

© foto: Grotte di Castellana

Logeren kan even buiten Castellana Grotte, bij B&B Masseria Cesarina. Deze oude masseria is omgetoverd tot een heerlijke bed & breakfast met een door palmbomen en jasmijn omringd zwembad, een authentieke pizzaoven, een groot terras, kleinere zitjes en heel veel groen: bloemen, kruiden, planten, palmbomen, olijfbomen…

Stenen muurtjes als Werelderfgoed
De muurtjes van op elkaar gestapelde stenen die je in de Valle d’Itria overal ziet, hebben een plekje veroverd op de lijst van het immaterieel cultureel erfgoed, die wordt samengesteld door Unesco.

De stenen muurtjes zijn een verwijzing naar een zeer oude traditie, waarbij het land werd begrensd door deze gestapelde stenen. Er is geen cement voor nodig, wat ons misschien gek in de oren klinkt. Maar dat de muurtjes op veel plekken nog altijd overeind staan, bewijst dat deze stapeltechniek minstens zo stevig is als een strak gemetselde muur van bakstenen.

Veel mooier ook, want de stenen muurtjes geven het Pugliese landschap een unieke uitstraling. Het was bovendien ook beter voor het land, want voor het bouwen van de muurtjes werden stenen uit de bodem van akkers, wijngaarden en olijfboomgaarden gebruikt, die zo veel vruchtbaarder werden.

Putignano & de Grotta del Trullo
Iets ten zuidwesten van Castellana Grotte ligt Putignano, met zijn elegante Piazza Plebiscito, met het Palazzo del Balì (ooit in bezit van de Johannieter Orde), de Sedile (nu gemeentehuis, ooit universiteit) en de Chiesa di San Pietro Apostolo.

Onze favoriete kerk is de elegante Santa Maria La Greca, met een feestelijke barokke façade. In de kerk bewaart men een deel van de schedel van Santo Stefano, de patroonheilige van Putignano.

De grootste verrassing vind je echter ondergronds, in de Grotta del Trullo, langs de weg richting Turi. De grot werd in 1931 ontdekt en sindsdien kunnen bezoekers er een kijkje nemen. Hoewel de grot niet zo groot is als het grottencomplex in Castellana Grotte krijg je, met name dankzij de gepassioneerde gids, een prachtig beeld van de grotformaties in dit deel van Puglia.

Bovendien hebben de stalactieten en stalagmieten hier een prachtige, ietwat rode kleur, aangezien de bodem hier vol ijzer en aluminium zit. Nog zo’n ondergrondse schatkist is de Grotta di San Michele Arcangelo in Monte Laureto, zo’n drie kilometer buiten Putignano.

Strada Statale dei Trulli
Als je over de Strada Statale 172 (SS172) rijdt, begrijp je meteen waarom deze weg ook wel de Strada Statale dei Trulli wordt genoemd. Langs de kant van de weg zie je overal trulli opduiken. Met name op het stuk dat van Putignano via Alberobello en Locorotondo naar Martina Franca voert, zie je de typische puntdaken overal boven uitsteken.

Alberobello – meer dan duizend trulli op één plek
In Alberobello bewonder je meer dan duizend trulli op één plek. In deze blog delen we al onze tips voor dit betoverende plaatsje, met heel veel foto’s die alvast een tipje van de sluier van de schoonheid van dit trullo-dorp oplichten.

Martina Franca – barokke palazzi & elegante balkonnetjes
Hoewel je op weg naar Martina Franca veel trulli-daken ziet, zul je deze huisjes in het stadje zelf niet vinden. Het centrum ademt overal barok en rococo, met overdadig versierde palazzi.

In de straatjes van Martina Franca kom je het een na het andere pittoreske straatbeeld tegen, met kleurrijke deuren, uitbundige bloempotten, wapperende was, Maria-altaartjes, gietijzeren lantaarns, elegante balkons en sierlijk stucwerk.

De mooiste stukjes stad zie je als je vanaf het Piazza Roma de Via Vittorio Emanuele neemt. In het lokale dialect wordt deze straat u’ring genoemd, een verwijzing naar de middeleeuwse omwalling die ooit op deze plek stond. Nu brengt de weg je naar het Piazza Plebiscito, met de Basilica di San Martino, gewijd aan de beschermheilige van Martina Franca, Sint Maarten, die is vereeuwigd op de façade.

Wandel over het Piazza Maria Immacolata (met prachtige portici) en door Via Garibaldi, met twee culinaire adresjes: Macelleria Centro Storico en Caffè Tripoli. Bij de macelleria, slagerij, koop je de lokale vleeswarenspecialiteit Capocollo di Martina Franca. Bij Caffè Tripoli bestel je een caffè met de lokale zoete lekkernij, bocconotti.

Vanaf Piazza Maria Immacolata kun je ook de Via Cavour nemen, met nog meer elegante palazzi, gietijzeren balkonnetjes en Caseificio Gentile (op nummer 13), met de lekkerste kazen uit Puglia. Andere aanraders voor een culinaire stop zijn Scacciapensieri (Via Paolo Chiara 5), Macelleria Romanelli (Via Valle d’Itria 8-12), Osteria del Coco Pazzo (Via Arco Mastrovito 18), Osteria Le Radici (Via Salvator Rosa 12), Ai Portici Odegitria (Piazza Maria Immacolata 6), La Tana (Via Pietro Mascagni 2), wijnbar Terra (Via Giuseppe Mazzini 36) en wijnbar Convivium (Via Pietro Barnaba 7).

Locorotondo – het balkon van de Valle d’Itria
Je ziet Locorotondo al van ver opduiken, hoog op een heuvel in de Valle d’Itria. Het dorp wordt daarom ook wel ‘het balkon van de Valle d’Itria’ genoemd. Vanaf deze hooggelegen plek heb je prachtig uitzicht over de omgeving.

Locorotondo prijkt op de lijst van de borghi più belli d’Italia, de mooiste dorpjes van Italië. Het is met name zo mooi dankzij de smalle, rechthoekige huizen die het plaatsje een heel eigen sfeer geven, de zogenaamde cummerse. In deze blog delen we al onze tips voor Locorotondo.

Cisternino – charmant dorpje vol smakelijke slagers
Ook Cisternino behoort tot de borghi più belli d’Italia. Het kleine, charmante centrum met smalle, schaduwrijke straatjes, steile trappetjes, balkonnetjes vol kleurrijke bloemen is meer dan fotogeniek.

Een bezoek aan het dorpje is vooral leuk aan het begin van de avond, als de inwoners hun passeggiata, avondwandeling, maken, waarbij het Piazza Vittorio Emanuele, met de Torre dell’Orologio, een vast onderdeel is. De kinderen eten een ijsje, de oudjes maken een praatje of spelen een spelletje kaart, in de plaatselijke bar worden glazen lokale wijn met kleine hapjes geserveerd en de tafeltjes van de restaurants worden ingenomen door Italiaanse families en toeristen.

Een leuke plek voor een aperitivo is Bar Fod (Piazza Vittorio Emanuele, in de schaduw van de Torre dell’Orologio). Bij 110 Cavalli doe je je tegoed aan allerlei lekkers met mozzarella. Maar Cisternino is op culinair gebied vooral bekend om zijn bombette, vleesrolletjes gevuld met bijvoorbeeld gehakt, ham en/of kaas, omwikkeld met pancetta of gepaneerd.

Je krijgt deze lekkernij op tal van plekken in het dorpje, maar het leukste is om de bombette te bestellen bij een van de slagerijen. Eten bij de slager is uniek voor Cisternino. Je kiest uit de vitrine van de slagerij het vlees dat je wil en dat wordt dan ter plekke meteen voor je bereid, op houtvuur of de grill.

Behalve de bombette zijn de salsicce (worsten) en het lamsvlees aanraders. Mijn favoriet is Macelleria Zio Pietro (Via Duca d’Aosta 3), maar als het hier te druk is, wandel je gerust een slagerij verder. Met een portie bombette en een karaf wijn neem je plaats op een van de – soms krakkemikkige – stoeltjes buiten. Geen chique setting, maar het smaakt na een avondwandeling door Cisternino beter dan welke sterrenmaaltijd ook.

Ga je toch liever aan tafel? Dan kun je terecht bij Rosticceria L’Antico Borgo (Via Tarantini 9), La Locanda di Zia Rosa (Via Tarantini 6) of Arrosteria Il Vicoletto (Via Giulio II 2), met op de kaart naast de klassieke bombette ook gnumeredd (een lokale specialiteit met ingewanden), paarden-, geiten- en ezelvlees.

Drie kilometer buiten Cisternino ligt het romaanse kerkje dat is gewijd aan Madonna d’Ibernia. De bijnaam van deze Madonna is ‘Madonna van de eieren’ omdat ze ervoor zorgt dat er genoeg te oogsten valt. In het voorjaar wordt er druk gebeden voor een vruchtbare zomer, waarbij de dorpelingen chïrrùchele (een typische zoetigheid van Cisternino) naar de maagd brengen om haar gunstig te stemmen.

Trulli spotten op het platteland rondom Locorotondo en Cisternino
Op het platteland rondom Locorotondo en Cisternino kun je heel veel trulli spotten. Ze duiken op in een landschap dat wordt gekenmerkt door stenen muurtjes a secco, olijfboomgaarden en wijngaarden. Door hun opvallende puntdak kún je ze niet missen als je door dit stukje Puglia toert.

Zéker niet als je de contrade, gehuchtjes, rondom Locororondo bezoekt. Locorotondo kent meer dan honderd van deze kleine woonkernen. In deze blog lees je waar je precies moet zijn om de mooiste trulli te spotten.

Wandelen tussen de vijgenbomen
Een oase van groen tussen de trulli, dat zijn I Giardini di Pomona, in Contrada Figazzano (langs de SP134, de weg tussen Locorotondo en Cisternino). In deze botanische tuinen van vijfentwintig hectare wortelen maar liefst achthonderd verschillende fruitbomen. Meer dan de helft bestaat uit vijgenbomen, waardoor dit de grootste collectie vijgenbomen in het Middellandse Zeegebied is. In deze blog nemen we je mee naar deze paradijselijke tuin.

foto: I Giardini di Pomona

Ostuni – witte parel hoog boven de Valle d’Itria
Wanneer de zon fel straalt op de huizen van la città bianca, ‘het witte stadje’, zie je direct waar Ostuni zijn bijnaam aan dankt. De inwoners zijn verplicht om hun huis elk jaar opnieuw wit te kalken – wat het stadje al van veraf een sprookjesachtig aanzien geeft. Laat je betoveren door de wirwar aan steegjes waar je op je gemak kunt ronddwalen.

Houd je camera in de aanslag, want het ene na het andere pittoreske plaatje dient zich voor je aan. Vooral in het oude centrum zul je foto’s blijven schieten, van al die witte huizen, trappetjes en details als bloemen, bijzondere deuren (met onder meer de meest gefotografeerde deur van heel Puglia), wapperende was en de kleurrijk betegelde koepel van de kathedraal.

In deze blog vind je al onze tips voor Ostuni, met ook een van onze favoriete restaurants van heel Puglia, Trattoria Fave e Fogghje.

Ceglie Messapica – culinair mekka
Ten zuidwesten van Ostuni ligt het meest zuidelijke plaatsje van de Valle d’Itria, Ceglie Messapica. De huizen zijn hier net zo wit en fotogeniek als in Ostuni, maar het is hier veel minder druk en daardoor doet het allemaal wat authentieker aan. Je wandelt hier nog ongestoord rond en drinkt een caffè tussen de locals.

Ceglie doet bovendien wat oosterser aan dan Ostuni. De skyline wordt gedomineerd door het kasteel en de koepel van de kathedraal, maar eigenlijk kom je hier niet voor die grootse monumenten. Het is veel interessanter je tussen het leven van alledag te mengen, dat zich hier afspeelt op een van de vele pleinen en de smalle straatjes die tussen deze ‘openbare huiskamers’ slingeren. Strijk neer op een van de terrasjes en geniet van de oude Fiats en Apes die hier rondrijden, de keuvelende oude mannetjes en de spelende kinderen.

Nog belangrijker dan het kasteel en de kathedraal zijn de restaurants. Ceglie Messapica staat namelijk bekend als città della gastronomia, ‘stad van de gastronomie’. Niet alleen ligt hier de bekende Med Cooking School, waar Italiaanse koks uit het hele land cursussen komen volgen, je vindt er ook veel, heel veel uitstekende restaurants. Bekend zijn de (bijna) sterrenzaken, zoals Cibus (Via Chianche di Scarano 7), Botrus (Via Muri 26) en Al Fornello da Ricci (Via delle Grotte 11), maar Ceglie heeft ook veel kleine restaurants, soms niet meer dan een alkoof of kelder.

Hier staat elke dag iets anders op het menu, afhankelijk van de keuze op de markt en het humeur van degene die achter de pannen staat. Aanraders zijn onder meer Osteria Pugliese (Via Orto Nannavecchia 42), Trattoria Piaceri e Tradizioni (Via XI Febbraio 1-20), Osteria L’Antico Arco (Via Celso 4), Osteria Da Giuseppe (Via Malta 12) en Arrosteria Borgo Antico (Via Giovanni Mele 11).

Heel eenvoudig maar erg leuk is Vino Fritti e Cucina (Via Osanna 53), een kleine maar kleurrijke wijnbar, waar de eigenaar de hele tafel vol zet met antipasti. We raakten de tel kwijt, maar er staan in tien minuten minstens evenveel bordjes op tafel. Er is geen menu, maar je krijgt bij alles een korte uitleg.

Als we iets heel lekker vinden, mogen we ook een tweede bordje bestellen, maar gezien de hoeveelheid besluiten we dat zelfs bij de overheerlijke, goed gepeperde mosselen toch maar niet te doen. Na een caffè met een glaasje kersenlikeur van het huis voor mij (mijn tafelgenoot, die nog moet rijden, mag alleen even nippen, aldus de eigenaar) krijgen we de rekening. Voor een tafel die nog net niet bezweek onder de hoeveelheid antipasti, met een glas wijn, een fles water en koffie, betalen we slechts € 25,- (en nee, dat was niet per persoon).

Zorg dat je nog een plekje over houdt voor de speciale Biscotti di Ceglie, koekjes met het Slow Food-keurmerk. Ze worden gemaakt van geroosterde amandelen, kersenjam en glazuur van suiker en cacao. De lekkerste biscotti bakken Gaspare en Maria Cristina van Caffè Centrale (Corso Garibaldi 22). Bij de koekjes serveren ze een glaasje Gioia Mia (‘mijn vreugde’), hun huisgemaakte likeur die nog altijd wordt gestookt volgens het recept van nonno Tonino.

Kookles in een trullo
Frans van Munster en zijn vrouw Anna wonen op het platteland van Puglia. Je kunt bij hen terecht voor een kookles, in een authentieke trullo die ze geheel hebben ingericht als keuken. Eerst ga je gezamenlijk aan de slag en duik je de keuken in, daarna schuif je met Anna en Frans aan om te genieten van al het lekkers dat je hebt bereid, inclusief wijn, nagerecht, koffie en likeur. Meer details lees je in deze blog.

Slapen in een trullo
Het is heerlijk om trulli te spotten en deze karakteristieke huisjes op de foto te zetten, maar het is nóg leuker om tijdens je reis door Puglia een paar nachtjes in een trullo te slapen. In deze blog tippen we onze favoriete adresjes.

2x per week Italiaanse inspiratie

Meld je aan voor de Ciao tutti nieuwsbrief - en ontvang de digitale editie van onze City Walk Klassiek Rome als cadeautje:

Steun Ciao tutti & Italië!

Een reactie

  1. Engelien Muller

    Is al heel lang mijn wens naar Puglia te gaan.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *