Ga op pad met onze City Walks!

Giambologna, een ‘fiammingo’ in Florence

Als je denkt aan Florence en haar bekende beeldhouwers, duiken vaak namen als Michelangelo en Donatello op. De Florentijnse erfenis van de van oorsprong Vlaamse beeldhouwer Giambologna is echter minstens zo groot. Tijd om te ontdekken hoe deze fiammingo de beeldhouwkunst in Florence een nieuw gezicht gaf.

Giambologna-Florence

Van Antwerpen naar Rome
Giambologna werd in 1529 geboren als Jean de Boulogne, in Douai of Dowaai (tegenwoordig in Frans Vlaanderen). Zijn carrière als beeldhouwer begon in Antwerpen. Als veertienjarige leerling van Jacques Dubrœcq werkte hij onder meer mee aan het decoratieprogramma van de Sint-Waltrudiskerk in Bergen. Na zijn vormingsjaren vertrok de jonge kunstenaar naar Rome om klassieke sculpturen te bewonderen en om te leren van tijdgenoten zoals Michelangelo, de kunstenaar die bij leven al een mythische status had verkregen. Giambologna ontmoette Michelangelo zelfs, hetgeen voor de jonge kunstenaar de verwezenlijking van een jongensdroom moet zijn geweest.

Draaiende lichamen en geaccentueerde spieren
Qua stijl kan je Giambologna indelen bij het maniërisme – de fase tussen de renaissance en de barok. Qua poses en technieken baseren de maniëristische kunstenaars zich op renaissancegrootheden als Michelangelo en Rafaël, maar daarnaast geven ze letterlijk en figuurlijk een nieuwe draai aan de weergave van lichamen, ruimte en perspectief – die soms zelfs irrealistisch wordt.

Giambologna was geobsedeerd door menselijke vormen. Dat zie je terug in zijn draaiende lichamen, de overduidelijk aanwezige spieren en de verwrongen gezichten. Deze manier van het vastleggen van het menselijk lichaam spreidt haar vleugels in Europa en zal vele kunstenaars na Giambologna beïnvloeden.

Giambologna-Neptunus-fontein-Bologna

Giambologna werd al snel gezien als een van de belangrijkste en invloedrijkste beeldhouwers van deze kunststroming. De eerste kroon op zijn werk is de Neptunusfontein in Bologna (1536-1537). De fontein was eigenlijk bedoeld geweest voor het Piazza della Signoria in Florence, maar Giambologna verloor de strijd om die fontein van Ammanati. Gelukkig was er revanche: voor de fontein in Bologna mocht hij Neptunus zelf ontwerpen.

De Neptunus-fontein is een volwaardig lid van het elitekorps van groot opgezette publieke fonteinen in de zestiende eeuw. De enorme fonteinen verschenen in deze periode steeds vaker in het hart van de stad: in Florence, in Messina, in Genua maar ook in Rome en in Napels. Vanwege het succes dat de jonge Vlaming in Bologna had, werd hij al snel ‘Giovanni di Bologna’ genoemd, hetgeen samensmolt tot de naam waarmee we hem nog altijd kennen: Giambologna

De beroemdste beeldhouwer van Europa
Na de Neptunusfontein te hebben voltooid, reisde Giambologna naar Florence, waar hij werkte aan het hof van de familie De’ Medici. Hij blies in opdracht van deze gegoede familie tal van sculpturen de levensadem in.

Rond 1600 werd Giambologna beschouwd als de beroemdste beeldhouwer die op dat moment in Europa werkte. In oktober 1580 had de ambassadeur van Urbino, Simone Fortuna, een prettig onderhoud met Giambologna. Fortuna beschreef hem als ‘een geweldig persoon om te ontmoeten. Alles wat hij doet, doet hij met het oog op roem. Zijn ambitie is extreem.’

De ambitie om Michelangelo te overtreffen, lijkt voor Giambologna meer dan een doel op zich. Volgens tijdgenoten was hij al op gelijke hoogte met de beeldhouwtitaan en hoe langer hij zou leven, hoe makkelijker het voor hem zou moeten zijn om Michelangelo in naam en daad te overtreffen. Niet alleen Fortuna had deze mening, ook Giambologna’s opdrachtgever, Francesco de’ Medici, was overtuigd van het talent van de Vlaamse kunstenaar.

In de zestiende eeuw was het voor een kunstenaar de gewoonste zaak van de wereld om een beroemde voorganger te evenaren – en als het even kon het liefst te overtreffen. Maar we doen Giambologna eigenlijk geen recht als we hem vergelijken met Michelangelo. Ten eerste waren het twee zeer verschillende kunstenaars. Giambologna had bijvoorbeeld geen achtergrond in de schilderkunst en hij tekende zeer sporadisch.

Ten tweede was marmer niet Giambologna’s beste vriend. Hij vervaardigde weliswaar ook beelden van steen, maar was boven alles een briljant bronsgieter. De beeldhouwer maakte net zo gemakkelijk beelden van kleine als van grote afmeting en excelleerde in het verbeelden van de vrouwelijke vorm, iets wat we van Michelangelo niet bepaald kunnen zeggen.

Giambologna had een grote studio waar veel ambachtslieden werkten. Hij was zeer geliefd onder zijn personeel om zijn sociale karakter. Hij werkte vaak samen met andere kunstenaars, wat zelden tot spanningen leidde – een karakter dat compleet tegenovergesteld is aan dat van Michelangelo.

Giambologna-Florence-Sabijnse-maagdenroof-Loggia-Lanzi (1)

Giambologna’s beelden in Florence
De creaties van Giambologna kun je zowel in de buitenlucht als in musea bewonderen. Een van zijn bekendste werken is de kolossale Sabijnse Maagdenroof. Dit immense marmeren beeld (dat maar liefst vier meter hoog is) staat in de Loggia dei Lanzi, het erepodium van de Florentijnse en antieke beeldhouwkunst aan het Piazza della Signoria.

Giambologna-Florence-Sabijnse-maagdenroof-Loggia-Lanzi (3) Giambologna-Florence-Sabijnse-maagdenroof-Loggia-Lanzi (4)

Giambologna beitelde de worstelende oude man, de jonge adonis en de vrouw die zich tevergeefs probeert te bevrijden uit slechts één stuk marmer. Giambologna gaf de uitdrukkingen zo gedetailleerd weer dat je er als het ware tussen wil springen om een einde aan de worsteling te maken. Hij had al voor ogen dat het beeld echt van alle kanten bekeken moest kunnen worden – iets wat je zeker doet, zo fascinerend zijn de gelaatsuitdrukkingen van zijn drie figuren.

Een ander beroemd marmeren beeld van Giambologna’s hand, de Hercules en de Centaur, is eveneens te zien in de Loggia dei Lanzi.

Hercules-Centaur-Giambologna-Florence

Ook het ruiterstandbeeld met Cosimo I dat iets verderop op het Piazza della Signoria staat, is een creatie van Giambologna, die zich voor dit beeld liet inspireren door een zelfde standbeeld van Marcus Aurelius, dat boven op het Capitool in Rome staat. Een verwijzing die Cosimo letterlijk hoger in het zadel tilde.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog moesten Cosimo en zijn paard het veld ruimen. Toen de oorlog eenmaal voorbij was, kreeg het standbeeld zijn oude plek terug. Maar wat bleek? Paard en ruiter waren tijdens het onderduiken van elkaar gescheiden en nog niet herenigd. Het paard droeg geen Cosimo op zijn rug, maar een Amerikaanse soldaat – die door de Florentijnen vrolijk werd verwelkomd. Niemand die de bronzen Cosimo miste…

ruiterstandbeeld-Cosimo-Piazza-della-Signoria-Florence-Giambologna (2)ruiterstandbeeld-Cosimo-Piazza-della-Signoria-Florence-Giambologna (1)

Giambologna maakte ook het ruiterstandbeeld van Ferdinando I de’ Medici op het Piazza della Santissima Annunziata. Het was het laatste werk dat hij voltooide, voor hij op 13 augustus 1608 in Florence overleed. Ferdinando werd overigens niet volledig door hem voltooid; Giambologna’s leerling Pietro Tacca vervolmaakte het beeld. Van Tacca’s hand zijn ook de twee bronzen fonteinen met vissen en vreemde zeewezens die op het plein staan.

Piazza-Santissima-Annunziata-Florence (1) Piazza-Santissima-Annunziata-Florence (2)

Op de achterzijde van het voetstuk waar Ferdinando op staat, zie je een hele zwerm bijen rondom één andere bij, de koningin, zwermen. Deze ene bij staat natuurlijk symbool voor de De’ Medici-heerser zelf, terwijl de andere bijen zijn onderdanen, het werkvolk, symboliseren. Omdat de bijen in zo’n perfecte cirkels rondom de koningin zijn geplaatst, is het moeilijk om de bijen precies te tellen. Voor je het weet ben je de tel kwijt omdat je de bijen dubbel meetelt.

Het is dan ook een veelgehoord gezegde onder Florentijnse ouders om kinderen die te veel zeuren, de opdracht te geven eerst de bijen te tellen voor ze krijgen wat ze willen. Dat lukt bijna geen enkel kind – een goede remedie dus! Voor de nieuwsgierigen onder ons die niet een hele middag willen staan tellen: wij telden na een keer of tien tellen drie keer achter elkaar 91 bijen…

Aan de andere kant van de Arno staan ook diverse sculpturen van Giambologna’s hand. Meteen na het oversteken van de Ponte Vecchio, aan het begin van de Borgo San Jacopo, wacht La Fontana del Bacco op je.

Bacchus-Giambologna-Florence

In de Giardino di Boboli, achter het Palazzo Pitti, vind je de Oceanusfontein, die Giambologna in 1576 maakte voor Francesco de’ Medici. De riviergoden die zich aan de basis van de fontein bevinden, ademen bijna de energie van Michelangelo’s beelden uit. De originele Oceanus staat in het Bargello, maar de indruk van de fontein als geheel is hier ter plekke zeker niet minder.

Giambologna-Oceanus-Giardino-Boboli-Florence

Verderop in de tuin, in de door Buontalenti ontworpen Grotta Grande, staat de prachtige Badende Venus van Giambologna. Francesco de’ Medici vond haar zo mooi, dat hij deze Venus lange tijd in zijn privévertrekken bewaarde voor ze in de grot werd geplaatst.

Giambologna-Venus-Giardino-Boboli-Florence

Een aantal van Giambologna’s werken is te bewonderen het Museo Nazionale del Bargello, met als hoogtepunt de beroemde Mercurius, zijn meest gevierde bronzen beeld.

Van Mercurius bestaan meerdere versies. Giambologna’s eerste ontwerp, een zwaar vleugelloos figuur, wordt bewaard in Bologna. Toen Giambologna in Florence aankwam, begon hij aan een tweede ontwerp. Een vliegende Mercurius ditmaal, die nu of verdwenen is of identiek is aan de Mercurius die in Wenen te zien is. Dit bronzen beeld werd door Cosimo de’ Medici aangeboden als geschenk aan keizer Maximiliaan II, toen zij onderhandelden over het huwelijk tussen Francesco de’ Medici en Maximiliaans zus Giovanna.

De laatste versie, de vliegende variant, die nu te zien is in het Bargello, werd in 1580 voltooid. Het beeld was oorspronkelijk bedoeld voor in de fontein van de Villa Medici in Rome. Mercurius balanceerde hier op een bronzen zuil van lucht, als symbool voor de mond van Zephyr, waaruit overvloedig water stroomde. Het leek net alsof Mercurius over het water zweefde. Ook dit beeld ademt een en al maniërisme. Je kunt Mercurius, met zijn lange, elegante lichaamshouding, vanuit alle hoeken bekijken.

Mercurius-Giambologna-Bargello-Florence

Bewonder in het Bargello ook de prachtige collectie bronzen vogels die Giambologna stuk voor stuk perfect afwerkte.

vogels-Bargello-Giambologna

Giambologna maakte nog meer dieren: de bronzen schildpadjes die de obelisken op het Piazza Santa Maria Novella dragen, zijn ook van zijn hand. Ze zijn een verwijzing naar Cosimo’s motto festina lente, haast je langzaam.

Piazza-Santa-Maria-Novella-Florence (1) Piazza-Santa-Maria-Novella-Florence (2)

Op de hoek van de Via Vecchietti vind je een kleine bronzen duivel van de hand van Giambologna. Bernardo Vecchietti vroeg de kunstenaar in 1578 om twee saters te maken voor de hoeken van zijn palazzo. De Florentijnen doopten de saters snel om in duivels – zij keken samen neer op de Canto dei Diavoli.

Er gaat een prachtig verhaal schuil achter de naamgeving (dat we in deze blog in detail vertelden). Helaas is er maar één duivel bewaard gebleven. Het origineel kun je bekijken in het Museo Bardini; het beeldje dat nu op de hoek van de Via Strozzi en de Via dei Vecchietti hangt, is een kopie.

duivel-Giambologna-Florence

Voor de Orsanmichele maakte Giambologna een bronzen beeld van Lucas, dat nog steeds op de oorspronkelijke locatie, aan de Via dei Calzaiuoli, te zien is.

Wandel zeker ook even de Borgo Pinti in. Hier staat geen beeld van Giambologna, maar op nummer 26 vind je wel zijn voormalige woonhuis annex atelier. Het enige wat daar nu nog aan herinnert, is zijn stemma (familiewapen) met een leeuw, de beroemde bollen van De’ Medici en de pauselijke onderscheiding van de Cavaliere di Cristo.

Giambologna in Nederland en België
Hoe beroemd Giambologna in zijn nieuwe vaderland ook was (en is), zo weinig herinnert er nog maar aan de fiammingo in zijn eigen geboorteland.

In Nederland is er wel nog werk van de kunstenaar te zien. In het Boijmans van Beuningen in Rotterdam vind je de Slapende nimf en sater. De inspiratie voor dit erotisch tafereeltje was een Romeins marmeren beeld, dat vanaf 1512 in de tuin van het Vaticaan stond. Giambologna maakte vaker kleinere bronzen replica’s van zijn grote standbeelden, die zeer gewild waren bij Europese verzamelaars in de renaissance.

Giambologna-Slapende-nimf-sater-Museum-Boijmans-van-Beuningen-Rotterdamfoto: Boijmans van Beuningen, Rotterdam

Het Rijksmuseum in Amsterdam heeft een kleine bronzen kopie van de Sabijnse Maagdenroof (57 centimeter) in de collectie, dat Giambologna tussen 1600 en 1625 in zijn atelier in Florence maakte.

Giambologna-Sabijnse-Maagdenroof-Rijksmuseum-Amsterdamfoto: Rijksmuseum, Amsterdam

Op een rotsachtige bodem buigt een Romein over een Sabijnse dame. Zij wendt haar gelaat met geopende mond van hem af, waarbij zij de armen strekt, de vingers spreidt en de benen krampachtig tegen elkaar houdt.

Naast de Sabijnse Maagdenroof heeft het Rijksmuseum enkele bronzen gietingen van zijn Werken van Hercules in bezit.

Hercules-Centaur-Giambologna-Rijksmuseum-Amsterdamfoto: Rijksmuseum, Amsterdam

Ook heeft het museum een bronzen buste van 8,5 centimeter die de kunstenaar van zichzelf maakte – een selfie avant la lettre.

Giambologna-zelfportret-Rijksmuseum-Amsterdamfoto: Rijksmuseum, Amsterdam

Naast de kleine buste is er ook een zelfportretje van beschilderd gips tegen leisteen in de collectie van het Rijksmuseum. Beide zelfportretten staan naast elkaar in een vitrine in de Kunstkamer op de tweede verdieping. De afbeeldingen lijken zo sterk op elkaar, dat het hoogstwaarschijnlijk is dat ze allebei met dezelfde mal zijn gemaakt.

Giambologna heeft zichzelf geportretteerd met baard en snor. Hij draagt een wambuis met ronde knopen en een geplooide kraag. Hier overheen draagt hij een mantel met een plat liggende kraag. Op zijn borst zien we de pauselijke onderscheiding van de Cavaliere di Cristo, een Grieks kruis, dat we ook eerder tegenkwamen op zijn stemma bij zijn vroegere woonhuis/atelier in Florence.

Giambologna-zelfportret-Rijksmuseum-Amsterdam-2

Waarschijnlijk maakte in ieder geval het bronzen beeldje deel uit van een kabinet van zeldzaamheden: de aanschouwer kon het gemakkelijk in de hand houden en het van alle kanten bekijken. Dat vasthouden kan nu niet meer, maar goed bekijken kan gelukkig wel – net als bij de meeste van zijn beelden in Florence. Vooral dan komt het talent van de Vlaamse meester volledig tot zijn recht en kan hij zich meer dan meten met Michelangelo en Donatello…

Ontdek onze droomplekken in Italië!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *