Naar hoofdinhoud Naar navigatie
8 mei 2026

Ontdek het Venetië van De Byzantijn

‘Traag reden we de brug op die La Serenissima met het vasteland verbindt. Eerst was daar de weidsheid van de lagune en, daar middenin, de Byzantijnse waterlelie.’

Zo ziet Ruben, de verteller in De Byzantijn, de nieuwe roman van Mark Stokmans, op een dag Venetië verschijnen. Hij is onderweg naar de flamboyante Venetiaan Alessandro Apolinare Ortolani, geboren in 1918, wiens levensverhaal hij gaat opschrijven.

Een verhaal dat zich afspeelt tegen de achtergrond van meerdere decennia Venetiaanse geschiedenis en dat daardoor ook een inkijk geeft in een heel ander Venetië dan je misschien kent. In deze blog neemt Mark je mee naar een aantal plekken die voor Ortolani zo belangrijk waren, door het Venetië van de Byzantijn.

Castello & Cannaregio

Mark: ‘In deze twee wijken in het noorden van Venetië speelt de jeugd van Ortolani zich af, toen er nog tussen de honderdvijftig en tweehonderdduizend mensen in Venetië woonden. Tegenwoordig zijn dat er minder dan negenenveertigduizend.

Castello en Cannaregio waren twee van de armere sestieri waar de fabrieksarbeiders, de arsenolotti (bootwerkers van de Arsenale) en ontelbare kleine ondernemers woonden en werkten.

‘In mijn neus hangt nog steeds de warme adem van het versgebakken brood van Carlon, de zalige luchten uit de keuken van de Trattoria Casa Mia en de muffe geur van de winkel waar ik krijtjes kocht om campanon te spelen.

Ik hoor nog steeds het geluid van de winkelbel van fotograaf Aguiari en de confettiwinkel, de luiken van de Campaniel ijzerhandel die opengaan, het gepraat van de blinde broers die strostoelen weven, boten die de hoek om komen, stemmen, gepraat, geschreeuw, gezang… Het zijn elementen die ik mijn leven lang met me mee zal dragen.’

Tegenwoordig liggen de straten en stegen verder van het centrum er vaak verlaten bij – zelfs in het hoogseizoen zijn het oases van rust – maar in de jaren dertig en veertig bruiste het van het leven en zwommen de kinderen nog in de kanalen.

Palazzo Brandolin

Dit zalmkleurige palazzo ligt naast de Gallerie dell’Accademia, op de hoek van de gelijknamige brug en het Canal Grande. Hier woont het eerste meisje waar Sandro verliefd op wordt en hij brengt vele uren door bij haar en haar familie, de Cesana’s.

Het is een paleis dat op mijn radar kwam door het verhaal van de echte familie Cesana, zoals verteld door hun kleindochter, de Venetiaanse Sara. Haar grootouders waren voor de Tweede Wereldoorlog bewoners van het palazzo, maar verloren het door de rassenwetten van Mussolini en de daaropvolgende oorlog.

Met Sara’s instemming werd het verhaal van haar grootouders ook een deel van het verhaal van Ortolani. En dat is niet het enige spoor van de echte Cesana’s: na een van mijn gesprekken met Sara ging ik nog eens langs bij het palazzo en keek op haar aanwijzing naar het glas in lood boven de voordeur, waar de initialen BC (Bino Cesana) nog zichtbaar zijn.

Een gondelier die vlakbij op klanten wachtte, vroeg mij waar ik toch een foto van maakte en ik, de toerist, kon een Venetiaanse gondelier dit verhaal, een van de vele die in zijn stad wonen, vertellen.

De rozentuin van Palazzo Malipiero

Een ander paleis aan het Canal Grande is het Palazzo Malipiero, waar de historische Casanova een van zijn vele liefdesavonturen beleefde. Dit paleis is het decor van een aantal kantelmomenten in het leven van Ortolani.

Het bijzondere eraan is vooral de rozentuin die direct aan het Canal Grande ligt en dus vanaf het water te betreden zou kunnen zijn, als je tenminste de jeugdige overmoed van Sandro, varend in zijn bootje bezit.

‘Voorzichtig naderde ik de kade, greep de balustrade van Istrisch steen waar rozen tegenaan groeiden en bond de sandolo eraan vast. Ik hees me aan de balusters omhoog, over de leuning, waarbij de rozenstruiken mij de doorgang trachtten te beletten. Met benen en armen vol krassen sloop ik even later over het krakende grind richting de plek waar Casanova zo gruwelijk aan zijn einde moest zijn gekomen.’

Later komt hij terug voor de feesten die er gegeven worden en de bedwelming die ze brengen. Tegenwoordig worden in het Palazzo Malipiero exposities in het kader van de Biennale georganiseerd en kun je dus af en toe een bezoekje brengen aan deze bijzondere plek.

Fondamente Nove

De Fondamente Nove, de brede en lange kade waar aan de noordkant van Venetië de wijken Castello en Cannaregio de lagune raken, is een plek waar Ortolani graag komt – en ik ook.

Weg van de soms claustrofobisch aandoende stegen is het hier de weidsheid van de lagune die zich voor je opent, kijkend naar San Michele, het begrafeniseiland dat vlakbij ligt, daarachter de eilanden Murano, Burano en Torcello, de noordelijke moerassen.

Hier voelt Ortolani de adem van de lagune, vindt hij ruimte en rust. Het is een plek die de grens tussen de stad en de lagune voor hem markeert, tussen zijn jeugd en zijn latere leven.

Tijdens het schrijven van De Byzantijn kwam ik hier ook graag, om in stilte over het water te staren en me te verbeelden welke levens zich daar ook afspeelden.

De lagune van Venetië

‘Het is toch ook alles waanzin hier, de hallucinatie van zenuwzieke zieners, de psychotische hebzucht van overmoedige gekken en het geraaskal van doorgedraaide profeten geweest waar dit alles uit geboren is? Een stad zo volgepakt met hersenspinsels, illusies, steen geworden ijdelheid en luchtkastelen dat ze niet meer aan zichzelf ontsnappen kan. Godzijdank is er de lagune,’ zegt Ortolani op enig moment.

Zijn hele leven zal de lagune een plek zijn waar de kalmte en serene schoonheid tegenwicht bieden aan de chaos en onrust in zijn leven. Voor mij geldt hetzelfde. Het vlakke water, de kalme uitzichten, de briccole waar je met de vaporetto langs vaart, vaak de mist en anders, op zonnige dagen, het water als een spiegel.

Ik adem dieper, voel me ontspannen, kijk zonder dat ik per se iets hoef te zien, niks trekt aan mij, niks vraagt om mijn aandacht. Het is er gewoon, voor mij, of niet, onverschillig en toch liefdevol. In de komende jaren hoop ik nog veel meer van de lagune en haar flora en fauna te ontdekken.

Burano

De lagune staat voor Ortolani niet op zichzelf; het zijn ook de noordelijke eilanden die voor hem heel belangrijk zijn. Zo woont een deel van zijn familie op Murano en moet hij zich als jonge jongen onverwacht en onvrijwillig – als gevolg van een onfortuinlijk uit de hand gelopen heldendaad – aansluiten bij vissers van Burano.

Als Ortolani wordt gevraagd of het verhaal klopt dat de huizen op Burano zoveel verschillende felle kleuren hebben zodat vissers in de mist hun eiland en hun huis kunnen terugvinden als ze dronken zijn, antwoordt hij:

‘Een even absurde als beledigende fabel die ze nog steeds aan toeristen vertellen. Alsof vissers achterlijk zijn! Alsof we de plek waar we geboren en getogen zijn niet blind kunnen vinden.’

In de researchfase van mijn boek, ging ik vanuit Burano de lagune op met Andrea Rossi, een vijfde generatie visser van Burano, die me alles vertelde over verschillende, vaak eeuwenoude vistechnieken en het fascinerende leven en werk van zijn vader en opa. Wat hij mij vertelde, staat grotendeels te lezen in De Byzantijn.

Torcello

Na Burano vaar ik altijd naar Torcello, naar wat ik ervaar als misschien wel de meest serene plek van Venetië en de lagune. Het is waar Venetië ooit begon, de basiliek van de Santa Maria Assunta is een van haar eerste en heiligste plekken.

Ik ga er altijd heen om te kijken naar het Byzantijnse mozaïek van de Hodegetria op een vlak van goud en te genieten van het wonderschone bleekblauwe licht. Ik ga ook altijd binnen bij het veel onopvallender naastgelegen martyrium Santa Fosca, waar Ortolani ook graag heen gaat:

‘Santa Fosca is eenvoud. Het zet hier niet aan tot bewondering of aanbidding, maar slechts tot verstilling… Er spreekt voor mij een soort wanhoop uit, een armoede, maar dan van het nobele soort.’

Vlak bij de Santa Fosca ligt ook Locanda Cipriani, waar Ortolani Hemingway nog ontmoet. Hoeveel bijzondere plekken wil je bij elkaar hebben?

Heb je goede schoenen aan, dwaal dan ook eens een stukje over het eiland, stap in de modder en bewonder de mossen langs de waterrand. Daar is alles stilte en schoonheid.

De kanalen van Venetië

Er zijn nog zoveel andere plekken waar Ortolani langs komt in zijn leven, teveel om hier op te noemen, maar één ‘plek’ verbindt ze allemaal: de kanalen van Venetië, het water.

‘Venetië is een hart, de kanalen haar aderen, het water haar bloed. Als je vaart, kun je het voelen onder je voeten.’ En met varen bedoelt Ortolani ongemotoriseerd varen. ‘Als we roeien, verbinden we ons met haar hartslag, haar ademhaling, leven en dood, rijzen en vallen, opstaan en gaan slapen, dag en nacht, eten en poepen, inspiratie en expiratie, extase en depressie, liefde en haat.’

Je verwacht het misschien niet, maar ook als bezoeker kan je (leren) roeien. Zo heb ik bij Venice on board de beginselen van de voga alla veneta mogen ervaren, die ademhaling van Venetië onder mijn eigen voeten gevoeld, mijn riem in het aquamarijne water.

Als je Venetië echt wil leren kennen, stap dan in een roeiboot en vaar er zelf doorheen! Makkelijk is het niet, onvergetelijk is het wel.’

Benieuwd naar De Byzantijn? In deze blog lees je een voorproefje van dit literaire epos over liefde en moed, schoonheid en geweld in Venetië.

Op de website van Mark Stokmans vind je alle lezingen, interviews en signeersessies die komende maanden op de planning staan in verschillende Nederlandse boekhandels.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Ciao tutti is hét startpunt voor je vakantie naar Italië, bomvol persoonlijke tips. Buon viaggio!