Scheggino – schilderachtig dorpje in Umbrië waar de tijd lijkt stil te staan
Sinds begin dit jaar woont Leo Tjoelker in Spoleto, waar hij ook als gids werkt. Tijdens het Festival dei Due Mondi biedt hij in samenwerking met de Galleria d’Arte Moderna Giovanni Carandente een Engelstalige tour aan: Route 62-26, waarvan hij in deze blog een voorproefje geeft.

Daarnaast is hij leraar bij de Nederlandse school in Rome en verzorgt hij rondleidingen (in het Nederlands en Engels) door de historische binnenstad van Spoleto en in de kathedraal. Ook neemt hij je graag mee voor een hike in de heuvels rondom de stad.
Leo neemt je in dit artikel alvast virtueel mee naar Spoleto, met alle aandacht voor de moderne kunstwerken die sinds de jaren zestig in de stad te bekijken zijn.
Leo: ‘Tijdens het eerste lustrum van het Festival dei Due Mondi vond een eenmalige kunstmanifestatie plaats in het toen nog vrij slaperige en charmante Spoleto.
Gian Carlo Menotti, founding father van het festival dat in 1958 het licht zag, sprak in 1961 met kunsthistoricus Giovanni Carandente tijdens een ontmoeting in de Verenigde Staten. Hij vroeg hem of hij een idee had voor een cultureel spektakel voor het komende festival.
Een retorische vraag, daar Carandente bekendstond als een overactieve ideeënfabriek en een meesterlijke organisator met een breed internationaal netwerk in de kunstwereld.
Hij antwoordde Menotti met de heldere boodschap contemporaine kunst te willen plaatsen in de buitenlucht: moderne sculpturen op pleinen, in straten en aan de gevels van de huizen in het centro storico van Spoleto.
En zo geschiedde. Binnen een jaar tijd wist Carandente maar liefst drieënvijftig kunstenaars aan zich te binden die samen meer dan honderd sculpturen maakten voor de tentoonstelling Sculture nella Città.
Carandente gebruikte de binnenstad als podium waarbij het publiek van het jaarlijkse Festival dei Due Mondi, veelal Italianen en Amerikanen, werd getrakteerd op deze primeur.
Stranger III, Lynn Chadwick (1959)
Spoleto 1962, Nino Franchina (1962)
Terwijl de inwoners van Spoleto spraken over i mostri, de monsters, waren de cultuurminnende bezoekers erg onder de indruk en de internationale pers schreef lovend over de uniciteit, de bravoure en het spektakel van curator Carandente.
Veel van de kunstenaars behoorden tot de avant-garde van de kunstwereld en vertoefden in de jaren twintig en dertig voor korte of langere tijd in Parijs, het mekka van de moderne kunst.
Een tiental kunstenaars kreeg de mogelijkheid in 1961-1962 om zijn of haar (de Amerikaanse Beverly Pepper was vreemd genoeg de enige vrouw in het gezelschap) kunstwerk te mogen fabriceren in de ijzer- en staalfabriek Italsider, een belangrijke sponsor van de manifestatie.
De beginnende en innoverende kunstenaars van toen en grote namen van nu waren onder meer Alexander Calder, Pietro Consagra, Nino Franchina, Marino Marini, Henry Moore, Arnoldo Pomodoro en Ossip Zadkine.
De enige Nederlander was Wessel Couzijn. Deze Amsterdammer won in 1936 de Prix de Rome. In 1960 stond het Nederlandse paviljoen van de Biennale van Venetië uitgebreid stil bij zijn oeuvre.
Ook het vermelden waard is de deelname van de uit Spoleto afkomstige kunstenaar Leoncillo Leonardi, die niet alleen in eigen stad, maar ook elders in Italië een bekende en zeer gewaardeerde beeldhouwer is.
Het museum wijdt niet voor niets twee zalen aan zijn keramieken, waaronder het werk Le affinità patetiche (vrij vertaald ‘De pathetische verfijningen’). Zonder twijfel betreft het hier een tweetal volstrekt abstracte beelden, dat in 1962 stond te schitteren op het plein voor de Duomo, zoals je kunt zien op de foto van de hand van Ugo Mulas.

Slechts zes van de ruim honderd kunstwerken zijn blijven staan. Aangezien het bij aanvang een eenmalige, tijdelijke expositie zou zijn, bleven de beelden eigendom van de kunstenaars en gingen ze na afloop terug naar hun ateliers of werden ze verkocht aan musea.
Tevens zou het voor de gemeente Spoleto financieel onmogelijk zijn geweest om deze kunstschat in zijn geheel of gedeeltelijk aan te kopen. De zes kunstenaars van wie de beelden zijn blijven staan, schonken ze allemaal aan de stad Spoleto. Wellicht speelden de hoge vervoerskosten ook een rol mee in deze beslissing…
Teodelapio, Alexander Calder (1962)
Colloquio spoletino, Pietro Consagra (1962)
The gift of Icarus, Beverly Pepper (1962)
La Colonna del Viaggiatore, Arnaldo Pomodoro (1962)
Tijdens latere edities van het Festival dei Due Mondi zijn er nog vier kunstwerken toegevoegd. Richard Buckminster Fuller, Amerikaanse kunstenaar, uitvinder, architect, filosoof en voormalige student aan Harvard University, heeft in 1968 een futuristische en transparante zogeheten geodetische koepel ontworpen met als titel Spoletosfera. Thans is deze geïntegreerd in een parkeergarage.

Ook noemenswaardig is de mural van de Amerikaanse kunstenaar Sol LeWitt in een kamer van het Palazzo Collicola; een bonte verzameling van felgekleurde banden over de muren en het plafond.

LeWitt kwam voor het eerst in de zeventiger jaren naar Spoleto. Het beviel hem er zo goed dat hij een torentje kocht in het bosrijke gebied van de Monteluco dat hij verbouwde tot woning, met een prachtig uitzicht over de binnenstad van Spoleto.
Op hoge leeftijd heeft hij dit muurdesign geschonken aan de stad, ter ere van de opening van dit culturele palazzo in 2000.
Het Palazzo Collicola, dat in de achttiende eeuw het thuis was van de adellijke familie Collicola, herbergt de rijke kunstverzameling van Giovanni Carandente, die voor zijn dood zijn gehele kunstverzameling, boeken en correspondentie schonk aan Spoleto.
Als dank voor wat hij heeft betekent voor de stad en ter herinnering aan een groot kunstliefhebber én kunstkenner draagt het moderne kunstmuseum en de bibliotheek voor altijd zijn naam.
Naast deze kunstenaars hebben ook Spoleto Circles van Richard Serra (1972) en Octetra van Isamu Noguchi (1968) een plek gekregen in de openbare ruimte.


Bij de opening van het Festival dei Due Mondi 2026 is de Galleria d’Arte Moderna Giovanni Carandente, op de tweede verdieping van het Palazzo Collicola, feestelijk heropend. Er is meer ruimte vrijgemaakt voor de persoonlijke kunstvoorwerpen van Carandente en zijn correspondentie met enkele bevriende kunstenaars.
De Amerikaanse kunstenaars Alexander (Sandy) Calder en Sol LeWitt hebben elk een eigen zaal toebedeeld gekregen.
Een grote buiging wordt gemaakt voor de te vroeg overleden, talentvolle, Italiaanse avant-garde fotograaf Ugo Mulas. Zijn zwart-witfoto’s sieren rijkelijk de muren van de zaal met miniaturen en lokaliseren de beeldhouwwerken in de stad, waarbij de interactie ervan met de bezoekers en de Spoletini ontroert.



Aan het einde van mijn Route 62-26 zijn we terug in de tegenwoordige tijd en stoppen we bij het appartement dat Carandente rond 1960 kocht, waar hij tot aan zijn overlijden in 2009 veel was.

Een koperen bordje met zijn achternaam prijkt nog steeds op de deur en het sympathieke ijzeren hekje, gemaakt door bevriend kunstenaar Nino Franchina (wiens werk we op onze wandeling al tegenkwamen) hangt nog stevig aan de eeuwenoude ommuring van de tuin.’
Wil je deze Route 62-26 in het echt wandelen of een rondleiding in Spoleto en/of de kathedraal boeken? Neem dan contact op met Leo via 0031-611486195 of via zijn Instagrampagina.