Home » Reizen door Italië » Pistoia » De beste tips voor een dagje Pistoia – een onbekend pareltje in Toscane
Ga op pad met de Ciao tutti City Walks!

De beste tips voor een dagje Pistoia – een onbekend pareltje in Toscane

Florence, Siena, San Gimignano, Lucca, Cortona… Toscane kent prachtige steden en dorpen. Minstens zo mooi, maar nog lang niet zo bekend is Pistoia, een stadje tussen Lucca en Florence. We nemen je er in deze blog mee naartoe en delen de beste tips voor een dagje in dit Toscaanse pareltje.

Het kleine Florence
‘Het kleine Florence’, zo wordt Pistoia ook wel genoemd. Het heeft namelijk alles wat een dagje Florence zo heerlijk maakt, maar dan zonder de drukte: van een levendig piazza met fijne adresjes voor aperitivo en diner tot een kleurrijke markt, van een prachtige koepel à la Brunelleschi’s Duomo tot een campanile die een uniek uitzicht over de stad biedt. Hieronder vind je deze én andere hoogtepunten uit het prachtige Pistoia.

Wil je nóg meer moois in Pistoia ontdekken? Download dan onze City Walk Pistoia, met nog veel meer tips, wetenswaardigheden en informatie.

Piazza del Duomo
Allereerst het Piazza del Duomo, dat wordt omringd door de Duomo, een opvallend mooie campanile (klokkentoren) en een prachtige doopkapel. Als je de tijd hebt, raden we je aan de klokkentoren te beklimmen, want het uitzicht – met onder meer de terracottakleurige koepel à la Brunelleschi’s Duomo – is meer dan de moeite waard!

Let op: je kunt de toren alleen onder begeleiding beklimmen. Loop even naar binnen bij het toeristen-infopunt op de hoek van het plein voor meer informatie. Dan is het tijd voor een bezoek aan de Duomo, met een prachtig portaal:

Met name de kapel van San Jacopo is een aanrader, met een puur zilveren altaar dat is gedecoreerd met verhalen uit de bijbel, grotendeels vervaardigd door de kundige handen van zilversmeden uit Pistoia, onder wie Andrea di Jacopo d’Ognabene.

Er is zelfs een briefje gevonden met de handtekening van Pippo da Firenze, een bewijs dat ook Filippo Brunelleschi, de architect die tevens de koepel van de Duomo in Florence ontwierp, aan het altaar heeft meegewerkt. Hij maakte de twee profeten aan de linkerzijkant van het altaar.

San Jacopo is de patroonheilige van Pistoia. Hij staat ook op het dak van de Duomo. Op 25 juli – de lokale feestdag ter ere van San Jacopo – krijgt hij van de brandweer een warme, rode mantel met daarop witte sint-jakobsschelpen omgeslagen.

Het verhaal gaat dat San Jacopo enorm veel schulden had. Hij beloofde zijn schuldeisers terug te betalen als het eenmaal weer warm zou zijn. Op 25 juli was het eindelijk zover. De temperatuur was boven de dertig graden.

Maar de schuldeisers troffen een in een dikke mantel gehulde San Jacopo aan, die een maccheroni all’anatra aan het verorberen was. Wat ze ook probeerden, ze konden hem niet overtuigen dat de mussen van het dak vielen en dat het absoluut te heet was voor een pasta met eend. San Jacopo leunde tevreden achterover; verguld met zijn inventieve idee.

Op 25 juli vindt ter ere van San Jacopo ook een berespannende paardenrace plaats: de Giostra dell’Orso. De orso (beer) is sinds eeuwen het symbool van de stad en prijkt dan ook trots op het wapenschild van Pistoia. De vier wijken (de Gouden Leeuw, de Griffioen, het Witte Hert en de Draak) mogen elk drie paarden afvaardigen, waardoor er in totaal twaalf paarden over het Piazza del Duomo rennen. Het gaat hier niet om welk paard het snelst is. De ruiters scoren vooral punten door het doelwit in de vorm van een beer (het symbool van Pistoia) te doorboren.

De race begint om half tien ’s avonds, op het Piazza del Duomo, en wordt voorafgegaan door een schitterende historische stoet. Op 22 en 23 juli zijn er proefrondes; dan kun je op het plein een generale repetitie zien.

Pal tegenover de Duomo ligt de doopkapel, de San Giovanni in Corte uit 1226, bestaande uit de typische kenmerkende lagen van groen en wit marmer. Het ontwerp is van de hand van Lanfranco da Como, die het in opdracht van Ondideo en Bonagiunta di Nerone vervaardigde.

Een soortgelijke doopkapel staat in Pisa. Hier werd het battistero echter pas twintig jaar later voltooid, in 1246, door de kleinzoon van Lanfranco, Guido Bigarelli da Como. Daarmee is de doopkapel van Pistoia de oudste bewaarde Toscaanse dertiende-eeuwse doopkapel!

Onder leiding van een gids kun je soms toegang krijgen tot de trappartij aan de buitenkant. Daar sta je oog in oog met drie beelden die op circa acht meter hoogte te zien zijn: links Johannes de doper, in het midden de maagd Maria met het kindje Jezus en rechts Petrus. Het middelste gracieuze beeld is duidelijk gemaakt door een meer ervaren hand dan de andere twee.

Samen staan ze op draagstenen in de halfronde opening, omgeven door een vierkant geheel. Het vierkant en de cirkel symboliseren het samengaan van hemel en aarde op het moment van dopen, als herboren persoon zonder zonden. Het geheel is eigenlijk een monument in een monument zoals een diamant in een juweel, zo mooi is het.

Farmacia de’ Ferri
Aan de naam van Farmacia de’ Ferri (Via Filippo Pacini, aan de zijkant van het Piazza del Duomo) is een mooi verhaal verbonden.  De’ Ferri betekent letterlijk ‘van de ijzers’, hetgeen verwijst naar de ijzeren hekjes die voor de apotheek – en langs een groot deel van de rest van het plein – staan.

Deze hekjes geven de scheiding aan tussen de gebouwen aan het plein die behoren tot de kerk en de gebouwen die in bezit zijn van de gemeente. Een letterlijke scheiding van kerk en staat dus, met onbuigzame ijzeren hekjes – die nu vooral worden gebruikt om fietsen tegenaan te zetten.

De schitterende preekstoel van de Sant’Andrea
In het kerkje Sant’Andrea staat een prachtige preekstoel van de hand van Nicola en Giovanni Pisano, die ook de pulpiti in de Duomo van Siena en die van Pisa maakten. De details maken het tot een kunstwerk van formaat, dat vroeger, toen het meteen bij de ingang van de kerk stond en het eerste was wat kerkbezoekers zagen, een onvergetelijke indruk zal hebben gemaakt.

San Giovanni Fuorcivitas
Deze kerk dankt zijn naam aan het feit dat het gebouw ooit buiten de eerste stadsmuren van het antieke Pistoia stond (fuorcivitas betekent min of meer ‘buiten de gemeenschap’). Dat moet dan een voorganger van de huidige kerk zijn geweest, waarschijnlijk gebouwd door de Longobarden, want de bouw van de San Giovanni Fuorcivitas die we nu nog kunnen bewonderen begon in de twaalfde eeuw en werd pas voltooid in de veertiende eeuw.

Ospedale del Ceppo
Het Ospedale del Ceppo, het in de middeleeuwen gebouwde hospitaal, wordt in de volksmond ook wel het Ospedale Vecchio, het Oude Ziekenhuis, genoemd. De façade is versierd met kleurrijke majolica-kunst van de familie Della Robbia, die ook de ingebakerde kindjes maakten op de gevel van het Ospedale degli Innocenti in Florence.

De Della Robbia’s laten verschillende werken van barmhartigheid zien, de kerntaken van de liefdadigheidsinstantie Ceppo. Leuk om te weten is dat deze naam verwijst naar het woord ceppo; een stukje boomstronk die deels werd uitgehold zodat er plek was voor aalmoezen.

De kunst van Marino Marini
Wie Pistoia bezoekt, kan niet om Marino Marini heen – een beroemde Italiaanse beeldhouwer die in Pistoia werd geboren. Hoewel hij de stad al op jonge leeftijd verliet, om te gaan studeren aan de Accademia delle Belle Arti in Florence, zijn er nog altijd schitterende beeldhouwwerken en schilderijen van zijn hand te bewonderen, in onder meer het Palazzo Comunale en in het Museo Marino Marini.

Paarden zijn een terugkerend thema in het werk van Marini. Hij creëerde veel viervoeters, waarvan de mooiste te zien is in de Chiesa del Tau (een voormalige kerk die nu deel uitmaakt van het museum), gewijd aan Sant’Antonio Abate, die ook wel Sant’Antonio del Tau werd genoemd, vanwege de schitterende azuurblauwe T op zijn mantel.

Het museum biedt ook onderdak aan de Fondazione Marino Marini, met een archief vol oude foto’s van de beeldhouwer, met familiekiekjes van zijn vroege jeugd tot foto’s waarop hij geconcentreerd aan het werk is.

De lekkerste adresjes van Pistoia
Het Piazza della Sala is een fotogeniek en gezellig plein. Iedere woensdag- en zaterdagochtend is er sowieso markt. Van verse groente, fruit en bloemen op het plein zelf tot vintage en antiek in de omliggende straatjes.

Je vindt er ook een aantal delicatessenwinkeltjes, zoals Sala del Gusto. Ze verkopen er allerlei authentieke smaken, van olijfolie en jam tot limoncello en wijn. Ook worden er biologische en Slow Food-producten verkocht.

’s Avonds wordt het piazza samen met het aangrenzende Piazzetta dell’Ortaggio omgetoverd tot een grote ‘zaal’ met veel terrasjes waar je een aperitivo kunt drinken of kunt dineren tussen de Pistoiesi, bijvoorbeeld bij Voronoi.

Voor vleesliefhebber is slagerij Norcineria De Santis een aanrader. Of je nu een paar lekkere plakken ham wil voor een picknick of een bijzondere Toscaanse salami voor thuis, hier krijg je het allemaal.

Tussen Piazza Duomo en Piazza della Sala vind je La BotteGaia. Deze gezellige osteria is ingericht met houten tafels en heeft een rustieke, landelijke sfeer. De eigenaren hebben naam gemaakt in de stad en omgeving, zo bewijzen de volle tafels. De keuken is Toscaans, met ingrediënten en specialiteiten uit de streek en een uitgebreide wijnkaart.

Voor een romige cappuccino of een sterke espresso moet je bij Torrefazione Espresso Giada (Largo Molinuzzo 9) zijn, vlak bij het Piazza San Francesco. Ze hebben er een heuse koffiekaart met tal van soorten koffie. Daarbij moet je dan niet denken aan cappuccino, espresso etc. maar echt aan verschillende soorten koffiebonen en –melanges die je kunt bestellen.

Vervolgens wordt er een lekkere cappuccino, espresso of ristretto van gemaakt. Ook wordt de koffie van de koffiekaart verkocht. De melange die het meest in de smaak valt, kun je dus fijn mee naar huis nemen om extra lang te genieten van de smaak van Pistoia.

Pasticceria Armando (Via Curtatone e Montanara 38) is de beste plek voor een zoete tussenstop. De kleurrijke (fruit)gebakjes, chocoladetaartjes, cannoli en nog veel meer lekkernijen lachen je toe. Armando maakt ook andere lekkernijen, zoals chocoladebroodjes en cornetti, en levert deze onder andere aan barretjes in de buurt. Maar je kunt ze ook zelf afhalen.

Confetti is een andere lekkernij die je zeker moet proeven als je in Pistoia bent. Het zijn kleine gesuikerde amandelen die wel iets weg hebben van onze bruidssuikers, alleen worden ze hier niet alleen uitgedeeld bij een huwelijk maar kun je ze elke dag van het jaar eten.

De beste confetti-maker van Pistoia is Bruno Corsini (La Dolce Tradizione di Pistoia – Piazza San Francesco d’Assisi 42), waar deze verslavend lekkere snoepjes al sinds 1918 worden gemaakt, naar een middeleeuws recept dat goed geheim gehouden wordt. Ook bijzonder is de met chocolade geglazuurde panforte.

Een ander goed adres voor confetti is Le Golosità (Via Roma 28). De eigenaresse laat je graag proeven van hun zelfgemaakte confetti (in alle kleuren van de regenboog en met bijzondere smaakcombinaties als peer en ricotta), eigengemaakte bonbons en de unieke cantucci di Pistoia. Ook vind je hier andere Toscaanse traktaties, zoals de Cialde di Montecatini, cantuccini, vin santo en panforte.

En wat is een Italiaanse stad zonder een uitmuntende ijssalon? Aan de Via Curtatone e Montanara vind je er twee: Gelateria Artigianale BiBot (op nummer 28) en Gelateria Artigianale Cipriani (op nummer 65).

Een steenworp verderop ligt Lo Storno (Via del Lastrone 8), een piepklein maar heerlijk ouderwets adresje. Ze serveren hier voornamelijk traditionele Toscaanse lokale gerechten in een kleurrijke setting. Het geheim van hun succes is de eenvoudige maar verfijnde keuken waar alleen hoogwaardige, gezonde en lokale ingrediënten worden gebruikt.

Net als bij Lo Storno kun je op het gezellige terras van Caciodivino (Via del Lastrone 13) de echte smaak van Toscane proeven. Denk hierbij aan finocchiona (venkelsalami), worst van cinta senese en kaas gemaakt van rauwe Toscaanse geitenmelk.

In de buurt van het Piazza San Francesco kom je de Antica Storica Spezieria del Monastero delle Benedettine tegen (Vicolo San Michele 8). De Benedictijner nonnen verkopen er rozenolie, kruidenthee en gekonfijte sinaasappelschilletjes, gemaakt van de sinaasappels die in de schitterende kloostertuin groeien.

Een laatste aanrader is Vineria No. 4, waarvan de naam al verraadt op welk huisnummer de wijnbar te vinden is (Via del Lastrone 4). Waar vroeger een grote steen stond waarop vis werd verkocht, vind je nu deze kleine wijnbar annex restaurant, met op de kaart een grote selectie lokale en regionale wijnen.

Een gouden combinatie is echter ook een van de bijzondere Toscaanse biertjes met de grote trots van de vineria, hamburgers gemaakt van Chianina-rund.

Slapen in Pistoia en omgeving
Overnachten in Pistoia? Dat kan bijvoorbeeld bij All’Ombra del Tiglio (Via di Pieve a Celle Nuova 61). Deze bed & breakfast combineert Italiaanse gastvrijheid met heerlijke kamers, een fijne tuin met een klein zwembad, plekken om te luieren en te lezen, een ongekend lekker ontbijt en het prachtige Pistoia om de hoek.

Ontwaken op Il Fienile della Farnia (letterlijk: ‘de eikenhouten schuur’) is ook een feestje. Het is bijna niet te geloven dat de boerderij, waar de jonge Silvia woont en sinds kort een drietal vakantieappartementen verhuurt, op een steenworp afstand van de stad ligt (Via Gora e Barbatole 323) – een kwartiertje fietsen en je staat op Piazza della Sala.

Liever een bed & breakfast in Pistoia zelf? Dan tippen we:
*B&B Canto alla Porta Vecchia
*B&B Al Canto del Cavour
*Casa Rowe
*Lo Studio
*Palazzo Puccini
*Pistoia Inn

Straatnamen met een verhaal
Als je langer in Pistoia blijft, heb je tijd voor de wat minder bekende bezienswaardigheden. In het historisch centrum vind je een aantal bijzondere straten, zoals de Vicolo dell’Amorino (steeg van de kleine geliefde) of de Vicolo del Paradiso (steeg van het paradijs).

De meest fascinerende straatnaam is zonder enige twijfel de Via Abbi Pazienza (‘heb geduld-weg’). De naam van deze straat dateert van de tijd waarin de witte en zwarte Welfen, twee politieke partijen met verschillende opvattingen, zeer regelmatig met elkaar op de vuist gingen.

Een aantal zwarte Welfen bevond zich op een dag bij de Canto de’ Rossi (De’ Rossi was een rijke, machtige familie die tot de zwarte Welfen behoorde), vlak bij een van de huizen die wonderbaarlijk genoeg nauwelijks beschadigd waren geraakt tijdens de door de witte Welfen gestichte brand. Als herinnering aan deze vreselijke gebeurtenis krasten ze op elke hoek de volgende tekst in de muur:

L’omo si muta.
Perché?
Per lo meglio.
Abbi pacienza.

Men zwijgt.
Waarom?
Dat is het beste.
Heb geduld.

De tekst is nog maar heel slecht leesbaar, maar op de openbare drinkfontein op een van de hoeken kun je nog altijd zien waar de inscriptie te lezen was.

Volgens de wetenschapper Bruno Bruni dankt de straat zijn naam echter aan een heel ander verhaal. Een van de zwarte Welfen trok een donkere mantel met capuchon aan en spoedde zich in het donker naar de plek waar de witte Welf voorbij moest komen, bij bovengenoemde fontein. Hij wachtte in stilte en toen hij voetstappen hoorde naderen, zag hij ook al snel een donkere schaduw langs de muren lopen. Hij dook op hem af en zijn tegenstander zakte in elkaar, waarbij zijn gezicht zichtbaar werd.

Tot grote schrik van De’ Rossi, want hij bleek niet zijn grootste vijand maar een van zijn beste vrienden te hebben verwond. Trillend keek hij hem recht in de ogen en mompelde ‘Abbi pazienza…’

Pistoia in Dantes Inferno
Pistoia heeft nog een bijzonder verhaal op zak, dat is verbonden met Dantes Inferno. In de zevende Kloof van het Kwaad, bevolkt door dieven en rovers, komt een van Pistoia’s inwoners ter sprake. Wanneer Dante en Vergilius de kloof betreden, klinken diep onder hen onheilspellende geluiden, maar het is zo donker dat de twee reizigers niets kunnen zien voor ze de kloof binnentreden. Wanneer ze weer iets kunnen zien, merken ze dat de zondaars hier worden bewaakt door monsterslangen, die de rovers en dieven bijten of (deels) verorberen:

‘Pal onder ons heeft zo’n serpent er een
beslopen en zich door hem heen gedreven,
tussen het halsbeen en het schouderbeen.’
Inferno, canto 24, 97-99

Dante en Vergilius zien een ziel als een feniks uit zijn eigen as herrijzen. Het is Vanni Fucci uit Pistoia, die zoals hij zelf zegt roofde uit een van de kerken – een misdaad waarvan een ander vals beschuldigd werd. Fucci behoorde tot de Zwarte Welfen en voorspelt Dante dat in Florence de Witten het onderspit zullen delven:

‘Pistoia brengt de Zwarten eerst ten val;
dan kiest Florence nieuwe magistraten.
Daarna zorgt Mars vanuit het Magradal
voor een donker omwolkte bliksemstraal, en
Campo Piceno lijdt het meest van al
door woeste stormen die hij neer laat dalen,
totdat een donderslag de nevel klieft
die alle Witten duur moeten betalen.’
Inferno, canto 24, 143-150

Fucci houdt Dante een tijdje bezig met zijn verhaal en voorspelling. Hij laat hem pas met rust als de centaur Cacus opduikt, maar niet voordat hij richting de god aan wie hij zijn plek in de hel te danken heeft het gebaar van een gebalde vuist waarbij de duim tussen wijs- en middelvinger naar buiten steekt heeft gemaakt – een wijdverbreid Italiaans gebaar dat duidelijk blijk geeft van minachting.

In de Duomo van Pistoia is een schilderij te zien waarop de roof wordt afgebeeld. Vanni Fucci is de man rechts, met de donkerrode mantel en het zwaard.

Een aantrekkelijker aandenken aan Pistoia’s voorkomen in Dantes hel is het restaurant La Degna Tana (Piazza della Sala 1) vernoemd naar een fragment uit Dantes Inferno:

‘Io piovvi di Toscana,
poco tempo è, in questa gola fiera.
Vita bestial mi piacque e non umana,
sì come a mul ch’i’ fui; son Vanni Fucci
bestia, e Pistoia mi fu degna tana.’

Inferno, canto 24, 122-126

‘Uit Toscane ben ik dezer dagen
terneergestort naar deze barbarij.
Ik, Vanni Fucci, heb mij graag gedragen,
bij leven, als een beest, een bastaarddier;
Pistoia was mijn hol.’

Groen Pistoia
De gebroeders Mati openen graag de deuren van hun kwekerij voor nieuwsgierige bezoekers. Op het terrein vind je onder meer de Accademia Italiana del Giardino, waar de broers tuin(aanleg)cursussen en workshops geven voor amateurs, professionals en scholen.

Mati Piante is een van de vele kwekerijen van Pistoia. Werkelijk overal waar je kijkt, zeker als je aan de rand van de stad komt, zie je velden vol met rijen planten staan. Mati Piante wordt gerund door Paolo, Andrea en Francesco Mati (de vijfde generatie) en bestaat al meer dan honderd jaar, sinds 1909.

Hun grote kweekvelden, bij het zuidelijker gelegen Ponte alla Stella-Serravalle, staan vol met allerlei soorten planten. Hier groeien cipressen naast magnolia’s, buxus- naast taxusplanten, olijfbomen naast citroenplanten en nog honderden soorten in lange rijen op een oppervlakte van vijfendertig hectare, in het perfecte klimaat van de heuvels rondom Pistoia.

De geografische ligging van Pistoia is namelijk dé uitgelezen plek voor de snelle groei van buitenplanten: de Apennijnen beschermen ze tegen de koude wind uit het noorden en er zijn hier bronnen met overvloedig water aanwezig. Pistoia ligt midden in een stroomgebied met unieke grond: kleiig maar tegelijkertijd toch ook los, perfect voor de groei van de wortels van de planten.

Mati heeft veel ontwerpers in dienst die het ontwerpen van nieuwe tuinen als kunst beschouwen. Zij leggen over de hele wereld speciale, op maat gemaakte tuinen aan voor variërende afnemers: zowel voor bedrijven en instellingen als voor  particulieren.

De kwekerij verzorgt daarnaast het groen voor boulevards, parken en terrassen. Zo hebben ze ook de aanleg van de tuin verzorgd van het beroemde Abercrombie and Fitch-hoofdkantoor in Parijs, hebben ze enkele schitterende tuinen ontworpen en aangelegd aan de Costa Smeralda op Sardinië en de restauratie verzorgd van de tuinen van de Villa Medici.

Voor een lunch ben je bij Toscana Fair – Ristorante con l’orto (Via Bonellina 46) aan het goede adres. Het restaurant met moestuin is het geesteskind van de gebroeders Mati, die zo hun passie voor koken en alles wat er in Toscane verbouwd wordt willen laten proeven aan iedereen die er komt eten, met eerlijke smaken uit het verleden en authentieke recepten bereid met passie.

2x per week Italiaanse inspiratie

Meld je aan voor de Ciao tutti nieuwsbrief - en ontvang de digitale editie van onze City Walk Klassiek Rome als cadeautje:

Steun Ciao tutti & Italië!

Een reactie

  1. Mooi verhaal en prachtige foto’s!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *