Cavagrande del Cassibile – spectaculaire kloof in schitterend natuurgebied op Sicilië
In de nacht van 14 op 15 januari 1968 rommelt het in het westen van Sicilië. De aarde begint te trillen alsof een monster in het binnenste van de wereldbol ontwaakt. Een vreselijke nachtmerrie voor iedereen die niet kan ontsnappen.
In Gibellina en omstreken zijn zo’n tweehonderdvijftig doden te betreuren, bedolven onder het puin. Het dorp is geheel verwoest; er staat bijna geen steen meer op de andere.
Men besluit al snel dat Gibellina niet op dezelfde plek kan worden opgebouwd. Te gevaarlijk, te veel herinneringen, te veel verdriet. Een stuk verderop, in het lager gelegen dal, wil men een nieuw Gibellina laten verrijzen.
Vooral burgemeester Ludovico Corrao heeft grootse plannen voor een moderne stad. Helaas voelen veel inwoners van Gibellina zich er niet thuis. Ze trekken alsnog weg, vaak ver weg, de Middellandse Zee of zelfs de oceaan over.

Corrao – die van 1968 tot maar liefst 2001 burgemeester van Gibellina is – stort zich dan maar op een ander project: een monument ter herdenking aan de aardbeving, op de verwoeste resten van de plek waar ooit huizen, een kerk, een school hebben gestaan.
Dat monument komt er, naar een ontwerp van kunstenaar Alberto Burri. Hij transformeert de verwoesting tot Il Grande Cretto, ‘de grote scheur’.

Burri legde het oude stratenpatroon vast door boven op het puin een laag beton te storten en glad te strijken. Zo is het ooit zo levendige Gibellina gevangen in de tijd. Indrukwekkend om te zien, erdoorheen te wandelen en te beseffen hoe nietig de mens is tegenover de kracht van de natuur.
Zeker van bovenaf gezien is het vroegere stratenpatroon van Gibellina herkenbaar in de grote blokken beton, waar als enige bewoners schichtige salamanders tussendoor schieten. Een surrealistisch stukje Sicilië!

In Burri’s kunstwerk is een historische herinnering vastgelegd, waardoor het ook een confronterende en kwetsbare plek is, omarmd door de natuur. Een van de locals vertelt ons dat het werk lange tijd in beslag heeft genomen, van 1985 tot 1989.
Door gebrek aan financiële middelen bleef het in eerste instantie onvoltooid. Tot in 2015, toen het tachtigduizend vierkante meter grote kunstwerk ter gelegenheid van de honderdste geboortedag van Burri werd voltooid.


Ook voor het nieuwe Gibellina neemt burgemeester Corrao zijn toevlucht tot kunst. Hij vraagt een aantal bekende en minder bekende kunstenaars om het nieuwe dorp te verfraaien met een kunstwerk.
Onder anderen Mimmo Paladino, Renato Guttuso en Arnaldo Pomodoro geven gehoor aan die vraag en komen naar Sicilië om Gibellina te verfraaien met een kunstwerk.
Het resultaat is een enigszins eclectisch geheel van circa vijftig kunstwerken, die in 2026 extra in de schijnwerpers staan omdat Gibellina dit jaar is gekozen tot capitale dell’arte contemporanea, hoofdstad van de hedendaagse kunst.
Hoewel het nieuwe Gibellina, zeker buiten het seizoen, eerder voelt als een openluchtmuseum dan als een levendig dorp, bewonder je er wél fascinerende kunstwerken, waarvan we er een aantal voor je uitlichten.

Als je van Burri’s Grande Cretto naar Nuova Gibellina rijdt, ruim tien kilometer verderop, word je verwelkomd door de Stella di Belice (1980) van de hand van Pietro Consagra.
Van zijn hand is ook La città di Tebe (1988) op het Piazza 15 Gennaio 1968 en het theater (1984), waar helaas nooit voorstellingen zijn gehouden maar dat dit jaar zijn deuren zou moeten openen, nu Gibellina hoofdstad van de hedendaagse kunst is.


Aan het Piazza 15 Gennaio 1968 staat ook de Chiesa Madre, de parochiekerk. Ludovico Quaroni en Luisa Anversa tekenden voor het unieke ontwerp, met een enorme witte bol als blikvanger.

Daarnaast is op het plein nog een aantal andere kunstwerken te zien, zoals Torre Civica van Alessandro Mendini (1987), Sequenze van Fausto Melotti (1988) en Torre Mediterranea van Cosimo Barna (2005).


Aan de Via Belice springt Gibellina Selfie – lo sguardo di tre generazioni van Joan Fontcuberta (2019) in het oog. Het kunstwerk is een samenvoeging van vele selfies die samen drie ogen vormen, waarbij elk oog symbool staat voor een generatie.

Een ander kunstwerk dat je niet mag overslaan, is Sistema delle Piazze van Franco Purini en Laura Thermes (1990), een reeks van opeenvolgende pleinen die er allemaal hetzelfde uit zien. Verwacht geen levendig Italiaans piazza zoals in veel andere steden en dorpen, maar ondanks de vervreemdende aanblik is dit pleinenkwartet de moeite van het bekijken waard.

Naast veel kunstwerken in de openlucht kun je in Nuova Gibellina kunst kijken in het Museo Arte Contemporanea (Viale Segesta 1), het museum voor hedendaagse kunst. Hier bewonder je meer werken van de kunstenaars die een bijdrage hebben geleverd aan het aanzicht van Gibellina, met ook een aantal ontwerpen, schetsen en maquettes.
Mooi is ook de collectie citaten waarin de kunstenaars woorden geven aan hun wil om gehoor te geven aan de oproep van de burgemeester.
foto’s: Museo Arte Contemporanea
De energie van burgemeester Corrao was ongekend. Op zijn initiatief opende namelijk ook het Museo delle Trame Mediterranee, in de Baglio di Stefano, een voormalige boerderij.
Ook hier vind je moderne kunst, maar het museum onthult aan de hand van verschillende archeologische vondsten en voorwerpen als sieraden en kostuums ook de geschiedenis van de verschillende beschavingen in het Middellandse Zeegebied en hun onderlinge relaties, met Sicilië als brug tussen Afrika en Europa.
Fondazione Orestiadi, de stichting die het museum beheert, heeft ook een vestiging in het Bach-Hamba-paleis, een van de mooiste gebouwen van de medina van Tunis.
foto’s: Museo delle Trame Mediterranee
Bij het museum bewonder je de Montagna di Sale, de zoutberg, van Mimmo Paladino (1990). De berg is niet gemaakt van zout maar van glasvezel, cement en steen, waaruit dertig houten paarden opduiken.
Paladino maakte het werk oorspronkelijk als decor voor La sposa di Messina, een tragedie van Friedrich Schiller, die in Gibellina werd opgevoerd ter gelegenheid van de Orestiadi (het jaarlijkse festival in Gibellina).


Gibellina mag zich in 2026 Capitale Italiana dell’Arte Contemporanea noemen. Het is daarmee de eerste Italiaanse hoofdstad van hedendaagse kunst. Andere kanshebbers waren Carrara (Toscane), Gallarate (Lombardije), Pescara (Abruzzo) en Todi (Umbrië), maar die grepen helaas naast de titel.
Op de website Gibellina2026 vind je alle speciale exposities, culturele evenementen en andere activiteiten die dit jaar in de hoofdstad van de hedendaagse kunst worden georganiseerd.

Gibellina wordt in 2027 opgevolgd door Alba (Piemonte), dat Foligno (Umbrië), Pietrasanta (Toscane) en Termoli (Molise) achter zich liet.
Wil je naast hedendaagse kunst ook genieten van een goed glas wijn? Breng dan een bezoek aan Tenute Orestiadi, waar sinds 2008 wijnen van hoog niveau worden gemaakt.
Proef zeker de Cru’s die de naam van Ludovico Corrao dragen, als eerbetoon aan de man die Gibellina met hedendaagse kunst op de kaart zette. De Cru Rosso di Ludovico is een volle, perfect uitgebalanceerde wijn, met Nero d’Avola en Cabernet Sauvignon, terwijl de Bianco di Ludovico een blend is van Catarratto en Chardonnay, met een bouquet van wit fruit en jasmijn.

foto’s: Tenute Orestiadi