Ga op pad met onze City Walks!

San Carlino

Rome telt onnoemelijk veel kerken, van de enorme Sint-Pieter, de Santa Maria Maggiore en de Sint Jan in Lateranen tot kleine kerkjes waar een willekeurige voorbijganger wellicht niet vaak oog voor heeft maar die door de Romeinen zelf druk bezocht worden.

Een van de mooiste kleine kerkjes is de San Carlo alle Quattro Fontane, die door de Romeinen ook wel liefkozend San Carlino wordt genoemd. Dit verkleinwoord is voor dit kerkje meer dan terecht gekozen; het meesterwerkje van de hand van Francesco Borromini is namelijk precies zo groot als één pijler in de Sint-Pieter.

Francesco Borromini

Technisch zit het ontwerp nogal complex in elkaar, met een grondvlak dat een sublieme combinatie is van driehoeken en ellipsen. Bij de bouw van de kerk moest Borromini namelijk rekening houden met een van de vier bestaande fonteinen op het kruispunt van de Via delle Quattro Fontane (Weg van de Vier Fonteinen) en de Via del Quirinale.

Voor het schip koos Borromini daarom in eerste aanleg voor een simpele ovaal, in de lengterichting van de kerk. Deze vorm werd tijdens het bouwen echter regelmatig aangepast – Borromini kreeg er soms hevige hoofdpijn van. Uiteindelijk besloot hij dat het grondvlak moest bestaan uit drie gelijkbenige driehoeken en vier in elkaar geschoven ellipsen. De middelpunten van de ellipsen vormen op hun beurt twee gelijkzijdige driehoeken – een geometrisch wonder.

Het mooiste vind ik persoonlijk echter de koepel, die eveneens is ontworpen door Francesco Borromini.

Ook hier heeft Borromini een wonder bewerkstelligd. Net als Andrea Pozzo in de Sant’Ignazio speelt hij met het oog van de bezoekers. De koepel lijkt namelijk veel hoger dan hij in werkelijkheid is. Borromini bereikte dat effect door het patroon naar binnen toe te verkleinen en het daglicht via onzichtbare ramen in de achthoekige lantaarn naar binnen te laten komen. Het licht legt vervolgens de nadruk op de enige gekleurde elementen van de koepel, de tekst en de afbeelding van de witte duif in een gouden driehoek, als symbool van zuiverheid, verlossing en vrede.

Toch kon dit meesterwerkje vlak na zijn voltooiing niet iedereen bekoren. Sterker nog; Borromini werd door veel van zijn collega-architecten en –kunstenaars verguisd. Zijn ideeën voldeden in hun ogen niet aan de eisen die de klassieke bouwkunst stelde. Pas in het midden van de 19e eeuw viel de San Carlino weer in genade bij critici – en bij Romegangers.

Vooral Bernini kon erg fel van leer trekken tegen de in zijn ogen afvallige Borromini. Over de strijd tussen deze twee architecten volgt later deze week een uitgebreider stuk, maar wie de San Carlino bezoekt, doet er goed aan ook de even verderop gelegen Sant’Andrea al Quirinale te bezoeken, die door Bernini is ontworpen.

Het verschil is meer dan duidelijk: Borromini maakt in de San Carlino geen gebruik van zeer complexe structuren, maar van eenvoudige witgeschilderde oppervlakken, zonder al te veel bladgoud, schilderijen of andere versiersels. Bernini ging niet alleen uit van een ‘standaard-plattegrond’, met een dwars geplaatste ellips, maar hij versierde de kerk ook rijkelijk met schilderingen en beelden. Volgens Bernini schuilt hierin juist de eenheid van een kerk – hij moest duidelijk niets hebben van het werk van Borromini.

Bernini was dan ook van mening dat zijn kerk, de enige die hij overigens in Rome ontwierp, een heus meesterwerk was. Naar verluidt ging hij de laatste twee jaar van zijn leven vaak naar ‘zijn’ kerk, om te genieten van het resultaat van zijn harde werk, van het verguldsel, van het licht dat het marmer beroerde en bijna tot leven wekte. Als we de verhalen van zijn tijdgenoten moeten geloven, was hij dan niet alleen trots en blij met ‘zijn’ kerk, maar kende hij ook geregeld leedvermaak om het feit dat Borromini dit bij lange na niet had weten te evenaren. Hij had vast niet kunnen bedenken dat we dit eeuwen later heel anders zouden zien…

Ontdek onze droomplekken in Italië!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *