Inspiratie voor een Italiaanse kerst

Wijn als een Romein – een reis naar de oorsprong van de wijn

Fik Meijer, classicus/oudhistoricus en auteur van onder meer Keizers sterven niet in bed, Via Appia – met Horatius langs de koningin der wegen en De vele gezichten van Sicilië, ging samen met Ilja Gort, wijnboer, televisiemaker en wijnschrijver, op zoek naar de oorsprong van de wijn.

Het resultaat is het boek Wijn als een Romein, bomvol bijzondere wijnverhalen en tips voor liefhebbers van wijn. Met dit boek wordt de historie van wijn op een leuke, laagdrempelige manier verteld.

Je ontdekt zo onder meer hoe de Grieken en Romeinen erin slaagden om wijn te maken, hoeveel wijn een Romein gemiddeld per dag dronk en hoe het eraan toeging tijdens de orgiën voor Bacchus, de god van de wijn.

Een voorproefje uit Wijn als een Romein

‘Plinius de Oudere (23-79) is de meest informatieve wijnschrijver. Toen hij zijn Natuurlijke historie op papier zette, was hij commandant van de Romeinse vloot in Misenum, niet ver van Napels.

Hij bekleedde die functie tot zijn dood in 79, toen hij na de uitbarsting van de Vesuvius niet wegvluchtte voor de almaar groeiende lavastromen, maar op zijn post bleef tot de dood erop volgde.

Hij heeft gewoekerd met zijn tijd om een omvangrijk werk van maar liefst zevenendertig boeken bij elkaar te schrijven. Over wijn is hij bijzonder informatief. Boek 14 is geheel gewijd aan de diverse wijnen die in Italië geproduceerd werden.

Hij vermeldt wat er bekend is over wijn en licht zijn zienswijze toe met treffende anekdotes. In boek 23, dat handelt over de kennis van de geneeskunde, gaat hij uitgebreid in op de heilzame werking van wijn en geeft hij wijnrecepten.

Plinius de Oudere: ampelograaf en oenograaf
Toen Ampelos, de geliefde van Dionysus, verongelukte, was de wijngod ontroostbaar. Om de mooie jongeling altijd in herinnering te houden, veranderde hij het ontzielde lichaam in een wijnstok.

Ampelos werd het Griekse woord voor ‘wijnstok’. Dat het woord nog altijd voortleeft, is nagenoeg onbekend. Iedereen weet dat een vinoloog een wijndeskundige is, maar minder bekend is dat een wijnschrijver als oenograaf wordt aangeduid (afgeleid van de Griekse woorden oinos (‘wijn’) en graphein (‘schrijven’), en het is nauwelijks bekend dat er ook ampelografen zijn.

Een ampelograaf schrijft uitgebreid over wijnstokken en over druiven. Alles wat daarmee verband houdt, heeft zijn belangstelling, of het nu gaat om de soorten druiven, om de vorm van het blad, de pitjes of wat dan ook.

De ampelograaf neemt het allemaal op in zijn beschouwingen. Hij is daarom meer dan een ‘gewone’ oenograaf, die het vooral over wijnen heeft. De ampelograaf heeft speciale aandacht voor de bodem en de diverse druivenrassen. Het mooiste is natuurlijk wanneer een wijnschrijver zowel ampelograaf als oenograaf is.

Plinius de Oudere voldoet aan alle criteria voor die dubbele aanduiding. Hij begint zijn betoog over wijn met de retorische vraag: ‘Waar kunnen we beter starten dan bij de wijnstok?’

Vervolgens schrijft hij uitgebreid over de (wilde) wingerd, de geschiedenis van de aanplant van wijnstokken in Italië en over de grondsoorten en druivenrassen, om uiteindelijk uit te komen bij de verschillende wijnen. Een ideale benadering van de wijnbouw in Italië.

De bewondering voor hem wordt nog groter als we ons realiseren dat de wijnbouw slechts een klein onderdeel is van zijn grote Natuurlijke historie, die enkele duizenden bladzijden beslaat. Er is haast geen onderwerp te bedenken of Plinius heeft erover geschreven.

Vaak is hem het verwijt gemaakt dat hij in feite optekende wat anderen vóór hem al hadden bedacht. Dat moge zo zijn, maar zonder hem zou de kennis over vele onderwerpen verloren zijn gegaan.

En dan te bedenken dat hij al die wijsheden opschreef in zijn vrije tijd, want de meeste tijd ging op aan zijn functie van opperbevelhebber van de vloot. Voorwaar een bijzondere schrijver!

[…]

Anderen laten zich nauwelijks uit over de productie en verspreiding van wijn, maar geven vooral quotes, waarin hun liefde voor wijn overduidelijk naar buiten treedt. We moeten dan vooral denken aan dichters die in welluidende woorden de lof van wijn zingen.

Allereerst aan Horatius (65-8 voor Christus), een vertrouweling van keizer Augustus. Voor hem was wijn een bron van inspiratie. Wijn maakte het leven vrolijker; zonder wijn was alles saai en grauw.

Een van zijn leuzen was: ‘Pluk de dag’. Het was zijn antwoord op de zekerheid dat het leven kort is en de dood definitief. Iedere gelegenheid om goede wijn te drinken, moest worden benut.

Even lovend is Ovidius (43 voor Christus-17 na Christus), de dichter die om zijn vrijzinnige ideeën en wellicht om zijn losbandige levenswijze door keizer Augustus werd verbannen naar Tomi aan de Zwarte Zee. Hij schrijft bijvoorbeeld in een van zijn liefdesgedichten: ‘De zorgen verdwijnen en lossen op in echte wijn.’

Ook Vergilius (70-19 voor Christus), die vooral bekendheid geniet vanwege zijn beroemde heldendicht Aeneïs, het verhaal van de zwerftochten van Aeneas na de inname van Troje door de Grieken, laat zich in het tweede boek van zijn Eclogae, een bundeling herdersgedichten, positief uit over wijn, getuige een uitspraak als ‘vrolijkheid tussen de wijnbekers’.

Catullus (ca. 84-ca. 50 voor Christus) componeerde een drinklied waarin hij oproept om onbeperkt Falernische wijn te schenken, zuiver, zonder toevoeging van water, want Dionysus gedoogt geen verdunning van de wijn.’

Lees meer in

Wijn als een Romein – een reis naar de oorsprong van de wijn | Fik Meijer & Ilja Gort | ISBN 9789044652086 | € 23,99 | uitgeverij Prometheus | bestel Wijn als een Romein bij je lokale boekhandel of via deze link bij bol.com (ook beschikbaar als e-book)

Schrijf je (gratis) in voor de Ciao tutti nieuwsbrief

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.