Ga op pad met onze City Walks!

De feniks, Verdi en Vivaldi

‘We voeren in de schemering met onze motorboot van de Piazzetta naar de in het water eindigende trappen van La Fenice. Personeel in livrei hielp ons uit de boot. De stijve witheid van mijn kleren in de duister wordende avondschemering van Venetië en het buitenlicht en de maan en het gemurmel van het water en de zoete, opgewarmde vochtigheid van de bries en daarna het licht in het theater terwijl Carlo mijn hand vasthield, hij had me opgeëist… dat is nu liefde…

En mijn verzet toen hij stevig mijn hand vastgreep en ik mijn greep naar de hand van mijn moeder verlegde en de groene smaak in mijn mond van het ijs en de grote, oprijzende omcirkelende krommingen van het groen met gouden auditorium en het gezoem en gemompel in bastonen, de breed trillende lucht in het auditorium van mensen die praatten en zich rondbewogen, en Carlo, die mijn hand weer opeiste…het is nog steeds liefde, en het is weer liefde…

En toen de muziek ten slotte begon – mijn uitroep, o… het oplaaien van de muziek, van de dansende klanken, de hoge klanken, wentelden en krulden zich, de lage klanken ruisten, als de wind, die welhaast zichtbare muziek… Sneeuwvlokken voor het oor… een landschap dat instabiel door mijn geest snelde, een bewust veroorzaakte hallucinatie van het oor en van de ziel, maar toch werkelijk, zoals Venetië zelf, buiten het auditorium.’

Zo beschreef Harold Brodkey in Profane vriendschap hoe een kind samen met zijn broer en ouders rond 1930 geniet van een voorstelling in La Fenice, het operatheater in Venetië. Dit operatheater is een van de beroemdste theaters in Europa, mede vanwege zijn roerige geschiedenis.

De naam van het theater, Italiaanse voor de feniks, de vogel die telkens weer uit zijn eigen as herrijst, lijkt geen geluk te brengen: het gebouw brandde tot twee keer toe volledig af. In december 1836 sloeg het noodlot voor het eerst toe. Het theater ging in vlammen op; er bleef niks meer over van het prachtige gebouw, dat op 16 mei 1792 was ingewijd met I Giochi di Agrigento, een opera van Giovanni Paisiello.

Gelukkig deed het theater zijn naam eer aan en herrees er spoedig een nieuw La Fenice, naar een ontwerp van de broers Tommaso en Giambattista Meduna. Op 26 december 1837 stonden de eerste operazangers weer op het toneel. In 1844 werd er voor het eerst een stuk van Giuseppe Verdi uitgevoerd, Ernani. In de jaren erna gingen ook Rigoletto, La Traviata en Attila in première in La Fenice.

Gedurende de Eerste Wereldoorlog waren de deuren van La Fenice gesloten, maar daarna bood het operatheater onderdak aan veel beroemde zangers, zangeressen, koren en dirigenten. In 1930 werd er door de Biënnale van Venetië het eerste internationale festival van hedendaagse muziek georganiseerd, die grote namen trokken, onder wie Stravinsky.

Op 29 januari 1996 werd het theater opnieuw vernield door brand. Men dacht onmiddellijk aan opzet, ook omdat de brand net plaatsvond toen de gracht naast het theater vanwege werkzaamheden was drooggelegd en er dus geen bluswater binnen handbereik was. In maart 2001 veroordeelde de Venetiaanse rechtbank hiervoor twee elektriciens. Na de nodige vertraging slaagde men er in 650 dagen in om de ambiance van het oude theater opnieuw tot leven te brengen.

Venetië heeft ook veel componisten voortgebracht en/of geïnspireerd. Verdi werd vandaag al even genoemd, maar de meest bekende is toch wel Antonio Vivaldi. Hij werd in Venetië geboren, als zoon van een hartstochtelijk violist bij de Cappella di San Marco (die zijn geld verdiende als kapper). Ook Vivaldi werd aangemeld voor deze muzikale groep, maar tegelijkertijd volgde hij een opleiding tot priester.

Vivaldi stond al snel bekend als il prete rosso (‘de rode priester’), waarschijnlijk omdat hij rood haar had. Hij moest zijn priestercarrière echter al vroeg afbreken vanwege zijn hevige astma. Of dat de echte reden was, zullen we nooit weten. Er werd namelijk ook wel gefluisterd dat hij geen missen meer mocht opdragen omdat hij, als hij inspiratie kreeg voor een nieuw muziekstuk, dat gewoon tijdens de mis op ging schrijven of uit ging proberen.

In plaats van priester werd Vivaldi vioolleraar in het meisjesweeshuis van de Pietà – een belangrijke carrièreswitch. Binnen de kortste keren steeg het aanzien van het weeshuis, ook buiten de grenzen van Venetië en zelfs Italië. Omdat meisjes in die tijd eigenlijk helemaal geen muziek mochten spelen, liet hij hen concerten geven van achter een doek.

Het was voor deze meisjes dat Vivaldi de meeste van zijn concerten, cantates en gewijde muziek schreef, waaronder De Vier Jaargetijden. Daarover morgen meer, en overmorgen een artikel over het boek De Vier Jaargetijden, waarin de meisjes van de Pietà een belangrijke rol spelen.

Ontdek onze droomplekken in Italië!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *