Ga op pad met onze City Walks!

10x doen & proeven in Treviso

Treviso noemt zichzelf ‘de stad van water en kunst’. Dat is best opvallend want op zo’n veertig kilometer afstand bevindt zich de toeristische grootmacht Venetië, een stad die wereldwijd bekend staat om haar kanalen en kunstschatten.

Treviso heeft duidelijk geen last van een Calimero-complex en dat is terecht want ook al is Treviso klein en Venetië groot, het stadje is een bezoek meer dan de moeite waard. Het heeft dan geen honderden kanalen vol gondels, het heeft wel de rivier de Botteniga waarvan de drie aftakkingen, de cagnani, door de binnenstad kronkelen voor ze de Sile instromen.

Een San Marco-plein of Rialtobrug zul je er ook niet tegenkomen, maar een indrukwekkende stadsmuur en een mooie fietsroute, om maar eens wat te noemen, heeft Venetië dan weer niet. Treviso heeft veel meer te bieden dan een vliegveld met goedkope vluchten. We delen tien tips voor een bezoek aan deze ‘stad van water en kunst’.

Loop langs het Canale Buranelli
Het Buranelli-kanaal is misschien wel het meest fotogenieke stukje Treviso. Hier begrijp je ook meteen waarom Treviso soms ook wel ‘klein Venetië’ wordt genoemd. Het is vernoemd naar de vissers van Burano, aangezien precies in dit stuk van de stad de vissersboten uit Venetië aanmeerden, met de verse vangst. Hier dichtbij is nog altijd de vismarkt, waarover we verderop meer vertellen.

Houd je fotocamera maar in de aanslag als je hier rondwandelt, bijvoorbeeld voor de beeldengroep bij het bruggetje over het Canale Buranelli (bij de Vicolo Trevisi). Drie sierlijke vrouwenfiguren laten zich op een steigertje voor een prachtig oud huis gewillig fotograferen.

Ontdek de mooiste beelden en fonteinen
Aan de Via Luigi Bailo staat de Fontana dei Tre Visi (of beter gezegd een moderne kopie van een oud beeld dat zoek is geraakt). Het is een man met drie gezichten. De legende wil dat de naam Treviso zijn oorsprong vindt in deze drie gezichten. Dat de naam eigenlijk uit de Romeinse tijd stamt, toen de stad Tarvisium heette, maakt dit verhaal niet minder mooi.

Niet ver daarvandaan, op een klein pleintje aan het begin van de Via Calmaggiore, staat een replica van de bekendste fontein van Treviso: La Fontana delle Tette, ‘de fontein van de borsten’. Een passende naam voor het marmeren beeld van een vrouw die met beide handen in haar volle borsten knijpt, waaruit twee stralen water spuiten.

Het origineel vind je bij het Palazzo dei Trecento aan het Piazza dei Signori. De fontein werd in 1559 gemaakt, na een lange periode van droogte. De opdracht kwam van de toenmalige leider van de republiek Venetië, Alvise da Ponte. Tot aan het eind van de Venetiaanse Republiek kwam er iedere herfst ter ere van de nieuwe podestà (de hoogste magistraat) drie dagen lang rode wijn uit de ene en witte wijn uit de andere borst. De inwoners van Treviso mochten daar gratis van drinken.

Een van de leuke dingen van Treviso is dat je op allerlei plekken beelden kunt tegenkomen. Aan de Via Roma kom je bijvoorbeeld La Grande Sfera tegen, die werd gemaakt in 1975 door de in Treviso geboren Toni Benetton, telg van de beroemde modefamilie. Ga er bij voorkeur ’s avonds langs als het beeld in verschillende kleuren wordt belicht.

Het indrukwekkende monument op het Piazza della Vittoria, voor de slachtoffers van de Eerste Wereldoorlog, is van een heel andere orde, maar ook zeer de moeite waard. Kijk af en toe eens links of rechts een binnenplaatsje in en zie dat er allerlei beelden en beeldjes te bewonderen zijn in deze stad van kunst.

Slenter door de oude binnenstad
Treviso kent een lange geschiedenis. In de straten van de oude binnenstad is veel van die historie nog terug te zien. Slenter bijvoorbeeld over het pittoreske Piazza dei Signori, met de belangrijkste gebouwen van Treviso: het negentiende-eeuwse Palazzo della Prefettura, de Torre Civica (die je al van ver buiten Treviso ziet opdoemen) en het Palazzo dei Trecento. Zeker ’s avonds geeft dit plein een sfeervolle aanblik!

Het uit baksteen opgetrokken Palazzo dei Trecento dateert uit de dertiende eeuw. Het wordt ook wel eens Palazzo della Ragione genoemd, omdat het onderdak bood aan de rechterlijke macht. De Salone della Ragione schijnt heel mooi te zijn, maar is helaas voor publiek niet toegankelijk. Hier zetelt namelijk de gemeenteraad.

Casa dei Carraresi (Via Palestro 33) dateert ook uit de middeleeuwen. Het was eerst gewoon een woonhuis, maar later werd het een herberg. Tegenwoordig wordt het gebruikt voor tentoonstellingen en culturele bijeenkomsten. Ook wordt er hard gewerkt om het na al die tijd weer als herberg te kunnen openen.

Casa dei Ricchi (Via Barberia 25) is een elegant zestiende-eeuws palazzo dat tegenwoordig gebruikt wordt voor tentoonstellingen en evenementen.

Ook mooi is de Loggia dei Cavalieri, waar de notabelen van de stad lang geleden bij elkaar kwamen. Later werd het gebruikt als een opslagplaats, afgesloten met grote deuren. Recent werd de loggia in oude glorie hersteld.

Neem een kijkje in Treviso’s kerken
In Italiaanse steden hoef je nooit lang naar een kerk te zoeken en dat geldt ook voor Treviso. Het zijn er teveel om allemaal te beschrijven, maar bij een paar willen we toch even stilstaan.

Te beginnen met de Duomo, een indrukwekkende kathedraal, opgedragen aan Petrus. Men begon al in de elfde en twaalfde eeuw met de bouw, maar de kerk werd uiteindelijk pas écht voltooid in de negentiende eeuw. Er zijn dan ook romaanse, renaissance- en neorenaissance-invloeden terug te vinden. Bewonder binnen zeker een aantal prachtige kunstwerken van onder anderen Titiaan en Pordenone.

Vlak naast de kathedraal staat de twaalfde-eeuwse doopkapel, die werd gebouwd op Romeinse fundamenten. Tot aan de negentiende eeuw was dit de enige plek in de stad waar kinderen gedoopt konden worden.

De Santa Lucia staat in verbinding met de San Vito. De San Vito stond er als eerste, maar ziet er door vele renovaties nieuwer uit dan Santa Lucia, dat ooit een gevangeniscomplex was. Het is aan de vorm en indeling van de kerk duidelijk te zien dat het gebouw ooit een andere functie heeft gehad. Op het gewelfde plafond zijn prachtige schilderingen te zien. Bewonder ook de fresco’s, met onder meer de Madonna de Pavejo van Tomaso da Modena (1350).

Nog een aanrader als je van fresco’s houdt, is de San Nicolò:

Voor de San Francesco staat een beeld van de heilige Franciscus, al pratend met de vogels. Twee gedenktekens die in de kerk te vinden zijn, beide van kinderen van twee van de meest illustere Italiaanse dichters, spreken tot de verbeelding: dat van Pietro, de zoon van Dante Alighieri (1364), en dat van Francesca, de dochter van Francesco Petrarca (1384).

Al mercato!
Het Isola della Pescheria (‘het eiland van de visserij’) ligt midden in het Cagnan Grande. Het werd aangelegd in de tijd van de Oostenrijkse overheersing in 1856, door de architect Francesco Bomben. Je kunt er elke ochtend (behalve op maandag) terecht voor verse vis.

Vlak bij dit ‘viseiland’ vind je de dagelijkse groente- en fruitmarkt, op het Piazzetta San Parisio. Het is maar een kleine markt, maar er heerst een heel eigen sfeer, zo tussen de muren van het pleintje.

Treviso staat bekend om de radicchio (roodlof), dat wordt verbouwd op het platteland rondom de stad. Het is op zijn lekkerst van de late herfst tot het einde van de winter. In december wordt er in Treviso een speciaal festival gehouden voor deze lekkernij, Radicchio in Piazza.

Op het Piazza Giustiniani, niet ver van het station, kun je op donderdag tot en met zaterdag van half negen ’s ochtends tot drie uur ‘s middags de zogenaamde zero chilometro-markt Campagna Amica bezoeken, met allemaal producten uit de directe omgeving van Treviso, die door de boeren en kleine telers naar de markt worden gebracht.

Alles is puur natuur en dat het met liefde is gemaakt, straalt van de makers/verkopers af. Fruit, brood, groente, bloemen, zelfgemaakte jam en verse vis en vlees en zelfs verse pasta, door de vrouw en schoonzus van een van de boeren bereid en op verzoek ter plekke opgewarmd. Deze markt is overigens ook een aanrader voor als het weer wat tegenvalt, want het is geheel overdekt.

Volg de stadsmuur van Treviso
De muur om het oude centrum van Treviso is meer dan vijf kilometer lang. In 1509 werden de oude middeleeuwse muren voor de eerste keer verstevigd, waardoor Treviso van een stadje tot een goed beschermd fort werd, een essentieel deel van de verdediging van de Republiek Venetië.

Er staat nog een goed gedeelte van overeind, waarvan met name de drie toegangspoorten de moeite van een bezoekje waard zijn. Aan de westkant kwam men de stad binnen door de Porta Santi Quaranta, die in 1517 werd gebouwd onder leiding van podestà Andrea Vendramin. Zijn grafsteen is bevestigd boven de rechterdeur. De leeuw van San Marco boven de poort is vrij recent, die dateert van 1909. De poort is vernoemd naar de nabijgelegen kerk Sant’Agnese, die is gewijd aan de veertig martelaren van Sebaste.

Volg de muur noordwaarts langs de gracht en buig mee naar het oosten, langs de brede groenstrook, tot je aan de tweede toegangspoort komt, de Porta San Tomaso (1518). Boven op de poort staat een standbeeld van Paulus, maar de naam van de poort verwijst wederom naar een kerk die vroeger in de buurt van de poort lag en die was gewijd aan Thomas Becket, aartsbisschop van Canterbury.

Aan de stadszijde is bovenaan het gebouw een geruststellende spreuk geschreven voor de aankomende en vertrekkende reiziger: Dominus custodiat introitum et exitum tuum (‘De Heer behoedt de komende en vertrekkende reiziger’). De leeuw van San Marco, in het midden van het buitenfront, is oud, maar niet het origineel.

De laatste van de drie poorten, de Porta Altinia, is de oudste (1515). De sobere architectuur reflecteert de schaarse middelen van die tijd. De naam komt van de nabijgelegen stad Altino, die in 452 met de grond gelijk gemaakt werd door Atilla de Hun. Een andere uitleg van de naam verwijst naar de legende waarbij Atilla zelf bij de poort gestopt zou zijn en Treviso gespaard zou hebben.

Vlak bij deze poort ligt de Ponte Dante. De brug dankt deze naam aan het feit dat Dante precies deze plek noemt in zijn Divina Commedia: ‘là doce Sile e Cagnan s’accompagna’ (‘daar waar de Sile en Cagnan samenvloeien’). In het midden van de brug staat een marmeren pilaar waarop Dantes hoofd in profiel is afgebeeld.

De brug wordt overigens ook wel Ponte dell’Impossibile (‘Brug van het Onmogelijke’) genoemd, omdat men tijdens de bouw op enorm veel problemen stuitte.

Treviso op de tong
Natuurlijk delen we ook graag onze culinaire tips in Treviso. Voor een lokaal biertje van Birrificio Trevigiano ga je naar het Piazza San Vito. Neem plaats op het terras van Basilico Tredici en bestel een Ponte Dante Amber Ale. Heerlijk!

Er zijn heel veel restaurantjes in Treviso waar je uitstekend kunt eten. Een heerlijke en betaalbare pizza is te krijgen op de toplocatie op het Piazza dei Signori, bij Pizzeria da Pino. Maar, hoe lekker ook, een pizza kun je overal eten. Voor typische streekgerechten met lokale producten gingen we op aanraden van enkele locals op zoek naar twee restaurants: Trattoria All’Oca Bianca en Toni del Spin.

Bij Trattoria All’Oca Bianca (Piazzetta Torre 7) krijgen we vooraf een bruschetta di pane alle noci fatto in casa con radicchio trevigiano e lardo nostrano, bruschetta van walnotenbrood met radicchio en spek, een uitstekend begin. Als primo staan er bigoli di pasta fresca al ragù d’oca op het menu, een soort spaghetti met een saus van gans. We zitten per slot van rekening bij ‘de witte gans’. We hebben nog een klein gaatje over en bestellen de uova alla Bismark con asparagi bianchi, want de streek rondom Treviso staat bekend om de goede kwaliteit witte asperges.

Het tweede restaurant waar we volgens de Trevigiani moesten gaan proeven, heet Toni del Spin (Via Inferiore 7). Het heeft niet zo’n uitgebreide keuken als het voorgaande restaurant, maar het is er wel heel gezellig en ontspannen. De kaart lees je op een groot bord dat regelmatig wordt aangepast.

Op het menu staat onder meer sopa coada di piccione, een lekkere bouillon met duif. We probeerden op aanraden van de ober ook een bordje trippa in umido alla veneta (pens). Zo hebben we de echte keuken van de regio Veneto in ieder geval geproefd!

Voor het nagerecht werd ons met klem Le Beccherie (Piazza Ancilotto 9) aangeraden, voor de enige echte tiramisù. Want hoewel de eer door meerdere plaatsen wordt opgeëist, weten ze het hier meer dan honderd procent zeker: de tiramisù is uitgevonden in Treviso, en wel in de keuken van restaurant Le Beccherie.

De eigenaar van toen is inmiddels vertrokken, maar het restaurant bestaat nog altijd en ook daar is er geen twijfel over de oorsprong van het wereldberoemde dessert. Een levensgroot bord met het hele verhaal, van de ontstaansgeschiedenis tot nu, staat bij de ingang. Als de smaak en de presentatie een aanwijzing zijn voor de authenticiteit, is er weinig reden voor twijfel…

Winkelen in de Via Calmaggiore
Shoppen kan onder meer in de Via Calmaggiore, die al in de Romeinse tijd de hoofdstraat van de stad vormde. De Via Calmaggiore loopt van het Piazza Duomo naar het Piazza dei Signori, met aan de zijkanten mooie portici (booggangen). Je vindt er vooral veel modewinkels.

Wist je dat de bekende merken Benetton, Sisley en Geox alle drie uit Treviso komen? Je vindt een grote flagship store van Benetton aan het Piazza Indipendenza, net achter het Palazzo dei Trecento.

Truste, Treviso!
We tippen een aantal fijne accommodaties voor een weekendje Treviso. Allereerst een kleinschalig, kunstzinnig logeeradres: 19 Borgo Cavour, een B&B met tuin in een zeventiende-eeuws palazzo dicht bij het Piazza dei Signori. Je kunt er als gast ook fietsen huren.

Albergo Il Focolare is een gezellig kleinschalig hotel. De kamers hebben airconditioning en er is een kleine bibliotheek met leeszaal. Na het ontbijtbuffet wandel je zo het centrum van Treviso in.

Maison Matilda is een chique boetiekhotel dicht bij Piazza Duomo, met luxe kamers (met airconditioning). Ook fijn: Locanda Ponte Dante (met kamers met een mooie mix van antiek en modern design), Ca’ Gemma (met eigen tuin) en Locanda San Tomaso (met authentieke kamers en appartementen).

Nog twee extra tips buiten de stad
Als je houdt van een flink stuk fietsen, dan is de route van München naar Venetië een aanrader. Het schijnt zelfs een van de mooiste fietsroutes van Europa te zijn. De route loopt vlak langs Treviso, dus we slaan de eerste vijfhonderd kilometer voor het gemak even over en stappen op de pedalen voor het laatste deel, van Treviso naar Venetië.

Je fietst over het fietspad langs de vlakke oevers van de Sile, in het Parco Regionale Sile. Puur genieten! Neem een picknick mee en bekijk het Cimitero dei Burci (‘het scheepskerkhof’), waar je de restanten ziet van een aantal schepen die ooit tussen Treviso en Venetië heen en weer pendelden.

Bij de VVV van Treviso weten ze waar je fietsen kunt huren en is een route beschrijving te krijgen zodat je niet verdwaalt.

Natuurlijk kun je ook met de trein naar Venetië. In een dik half uur sta je al aan het Canal Grande, voor het station van Venetië. Treinen rijden van de vroege ochtend tot de late avond (zie de website van Trenitalia voor de dienstregeling). Ideaal als je toch wat van Venetië wil zien, maar ook wil genieten van de rust en een groene omgeving.

2x per week Italiaanse inspiratie

Meld je aan voor de Ciao tutti nieuwsbrief - en ontvang de digitale editie van onze City Walk Klassiek Rome als cadeautje:

Ontdek onze droomplekken in Italië!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *