Vanaf 29 oktober geniet je in de bioscoop van de film Andiamo a bere l’ultima, een melancholische, geestige en liefdevolle ode aan vriendschap, mislukkingen en de kunst om nog één keer van de route af te wijken.
We delen alvast een voorproefje van de film en nemen je mee naar een aantal locaties die als decor van Andiamo a bere l’ultima dienen.

Beschonken roadtrip in de regio Veneto
Het ziet er niet best uit voor vijftigers Carlobianchi en Doriano (Sergio Romano e Pierpaolo Capovilla). Ze zijn bijna blut en het lukt ze niet meer om zoals eerder een lucratieve zwendel op te zetten.
Gelukkig komt hun oude kameraad Genio bijna terug, die voor zijn vlucht naar Argentinië de buit van een gezamenlijke deal heeft verborgen.
In de tussentijd rijden de mannen rond en schuiven ze overal en nergens aan voor een drankje. Als ze Giulio (Filippo Scotti) ontmoeten, een verlegen en ietwat verloren student architectuur, begint een chaotische, beschonken trip over het platteland van de regio Veneto, met ongevraagd advies over het leven en de liefde voor Giulio.
Bekijk alvast de trailer:
Wijk van de route af om vooruit te komen
Met zijn tragikomische roadmovie vangt regisseur Francesco Sossai op warmbloedige wijze een veranderende wereld: van een oudere generatie die mee moet zien te draaien tot het almaar transformerende landschap uit zijn jeugd.
Het resultaat is een beschonken zwerftocht die laat zien dat je soms pas echt vooruitkomt wanneer je even van de route afwijkt.
Le città della pianura, zoals de Italiaanse titel van de film luidt, won acht David di Donatello Awards, waaronder die voor beste film, beste regisseur en beste mannelijke hoofdrol.

Overigens heeft de film nog een derde, Engelstalige titel: The Last One for the Road. Zeer toepasselijk ook en net als Andiamo a bere l’ultima veel aantrekkelijker en passender bij het verhaal dan de originele titel Le città della pianura, die wat documentaire-achtig aandoet.
De acteurs van Andiamo a bere l’ultima
Francesco Sossai: ‘Casting is voor mij een beetje als verliefd worden. Ik moet eerst iets in de acteurs zien voordat ik ze kan kiezen. Bij Filippo Scotti vond ik het meteen geweldig dat we onze generatiegerelateerde angsten konden delen en ons daarvoor konden openstellen, evenals zijn diepe gevoeligheid – echt humanistisch, net als Giulio.

Sergio Romano zag ik op een feestje, en toen ik met hem sprak, wist ik dat hij perfect was voor de rol, maar ik kon onmogelijk weten tot welk niveau van meesterschap, toewijding en veranderingsvermogen hij in staat was. Hij ging zelfs zo ver dat hij een tijdje in Feltre ging wonen, de stad waar ik geboren en getogen ben. Hij trok er van bar naar bar om de bewegingen en de manier van spreken over te nemen van de mannen die hun leven doorbrengen tussen de fabriek en de bar.
Toen hij terugkwam, was hij volledig veranderd. Als ik de film bekijk, zie ik geen Sergio. Ik zie alleen Carlobianchi.
Pierpaolo Capovilla is de frontman van de rockband Il Teatro degli Orrori, waar ik al sinds mijn tienerjaren een grote fan van ben. Zijn optredens op het podium hebben altijd diepe indruk op me gemaakt.
Ik stelde me Doriano altijd voor als iemand met een duistere, poëtische kant – kwetsbaar, maar gevaarlijk. Diezelfde eigenschappen waren terug te vinden in de rauwe energie van de shows van Il Teatro degli Orrori.
Pierpaolo ging het acteren met ongelooflijke bescheidenheid tegemoet, aangezien het de eerste keer was dat hij een rol op zich nam. Ik zag hem voor mijn ogen een acteur worden.’

Ontdek de filmlocaties van Andiamo a bere l’ultima
De film speelt zich bijna volledig af in de straten, de provinciecafés en de vlakke landschappen van de regio Veneto. Francesco Sossai gebruikt geen fictieve decors; de talrijke filmlocaties liggen verspreid tussen Belluno, Treviso, Padova en Venetië.
Te zien zijn plaatsen als Cadoneghe, Cesiomaggiore, Feltre, Noale en Sedico, maar ook bekendere plaatsen als Chioggia, Treviso (inclusief het vliegveld, dat is vernoemd naar Antonio Canova) en Venetië, met name de wijk Santa Croce en Campo dei Tolentini.

Herkenbaar is ook Villa Roberti in Brugine, waar de mannen zich voordoen als architecten. In deze scène speelt de setting een cruciale rol: het contrast tussen de verfijning van het gebouw en de onzekerheid van het trio benadrukt een van de centrale thema’s van de film: de kloof tussen wat mogelijk zou kunnen zijn in het leven en het leven dat uiteindelijk daadwerkelijk geleefd wordt.
Memoriale Brion – het graf van Carlo Scarpa
De laatste scène speelt zich af bij het Memoriale Brion, aan de rand van het dorp San Vito d’Altivole. Hier bezoeken Giulio, Carlobianchi en Doriano de laatste rustplaats van Carlo Scarpa, de architect van het monument.
Je ziet de mannen tussen schuine muren, wateroppervlaktes, ronde openingen en de voor Scarpa kenmerkende geometrische vormen lopen. Het is een plek die een moment van rust en bezinning biedt na de snelle switch tussen de vele locaties die tot dan toe in beeld zijn gekomen.

