Il Tramonto – kleinschalige camping en appartementen in San Severino (Le Marche)
In het zuiden van de regio Le Marche ligt Offida, een dorp dat je meteen omarmt met charme, historie en een ongeëvenaarde gastvrijheid.
Hoewel Vanessa hier al bijna twintig jaar woont en samen met haar Nederlandse man Peter Agriturismo Villa Bussola runt, raakt ze nog steeds gefascineerd door alles wat ze in deze streek ontdekt: de details die elk dorp een eigen karakter geven en vooral de verhalen die deze plaatsen kleur geven.
Tijdens gesprekken met inwoners en wandelingen door de smalle middeleeuwse straatjes voelde ze hoe geschiedenis, tradities en het moderne leven in Offida moeiteloos in elkaar overvloeien. In deze blog deelt ze haar ontdekkingen over een van de geliefdste ambachten van het dorp: Il merletto a tombolo, het traditionele kantklossen van Offida.

Vanessa: ‘In Offida wordt de kunst van het kantklossen al meer dan vijf eeuwen met liefde en precisie van moeder op dochter doorgegeven. Wat ooit begon als eenvoudige versiering, groeide uit tot een verfijnd spel van draden en patronen, dat prachtige unieke en kostbare kunstwerken voortbrengt.
Al bij binnenkomst in Offida word je begroet door het ontroerende Monumento alle Merlettaie: drie gedetailleerde bronzen beelden van grootmoeder, moeder en dochter die samen aan het kantklossen zijn.

De lokale beeldhouder Aldo Sergiacomi maakte deze beelden in 1983 als eerbetoon aan de kunst die le merlettaie, de kantklosdames, over vele generaties verbindt. Kijk goed naar het beeld van het meisje; in de zak van haar jurk zit een piepkleine pop verstopt!

Il tombolo, il merletto, il pizzo en i fuselli zijn woorden die je in Offida veel tegenkomt. Om meer over de traditie van het kantklossen te weten te komen, ontmoet ik Marisa en Vania.
Marisa, geboren en getogen in Offida, is de buurvrouw van mijn vriendin die ook hier is komen wonen. Ze is al jarenlang lid van de Associazione Il Merletto di Offida, een hechte, actieve groep van zeer gepassioneerde kantklossers. Haar verhaal is het trotse verhaal van het hele dorp.
Marisa heet me welkom: ‘Benvenuta nella nostra associazione!’ zegt ze als ik de winkel van de vereniging van de merlettaie binnenstap, aan het begin van de hoofdstraat Corso Serpente Aureo.

De ruimte hangt vol met kant, van tafelkleden en gordijnen tot bloesjes, trouwringkussentjes, kantlinten, waaiers, kerstdecoraties, haarspelden, armbanden en oorbellen. Marisa laat me ook de stukken zien waarmee er prijzen gewonnen zijn en ik raak gefascineerd door het precisiewerk en de fantasie.
‘We doen mee aan wedstrijden, organiseren cursussen, nationale en internationale bijeenkomsten en uitwisselingen. We geven workshops, ook bij vrijgezellenfeesten. Onze leden lopen van twintigers tot negentigers; vooral vrouwen, maar ook enkele mannen!
Vroeger leerden meisjes het kantklossen uit noodzaak, vooral voor hun toekomstige bruidsschat. Nu proberen wij de traditie levend te houden, maar dat is niet altijd eenvoudig. De moderne wereld is snel, handwerk vraagt geduld.’

Als de ramen openstaan als je door de middeleeuwse straatjes van Offida loopt, kun je het zachte, ritmische tikken van klosjes horen: dat is het geluid van de fuselli die langs elkaar bewegen op het tombolo (het cilindervormig kussen met het patroon).
Marisa legt uit hoe het werkt. ‘Eerst kies je een ontwerp: een zelfgemaakte of gekochte tekening die op stevig papier gezet wordt. Dit patroon moet dan vastgespeld worden op de tombolo.
De draadjes van de fuselli worden vervolgens aan een aantal spelden boven aan het begin van het patroon bevestigd. Die fuselli worden dan over elkaar bewogen zodat de draden elkaar kruisen. Zo ontstaat een soort knoop of vlecht.

Bij ieder kruispunt op de tekening plaats je weer een speldje om de vorm te bewaren. Dan ga je door… Met precisie en veel geduld groeit het kantwerk.’
Ik ben gefascineerd. Marisa lacht als ik vraag hoeveel tijd een werk van tien bij tien centimeter kost. ‘Onmogelijk om precies te zeggen, het hangt af van de complexiteit, de ervaring en het geduld van de merlettaia.’

Aangezien ik nieuwsgierig ben naar hoe haar passie voor het kantklossen ooit begonnen is, legt Marisa me uit: ‘Ik kom uit een famiglia di contadini, een boerenfamilie. Het kantklossen hebben we allemaal geleerd van onze moeders, tantes, oma’s en buurvrouwen.
Vroeger was het iets voor de adellijke dames, niet voor de boerinnen. We hadden geluk: een van de vrouwen uit het dorp trouwde met onze buurman, een boer. En zo vond het kantklossen zijn weg ook naar de campagna.
Tussen het werken op het land en in huis door, zaten we ‘s zomers in de schaduw van de grote bomen te kantklossen. We gebruikten simpele, zelfgemaakte hulpmiddelen: een groot oud blik van gezouten sardines kreeg houten stokken als poten en daar legden we een slaapkussen op dat we hadden omgetoverd tot kantkloskussen, volgepropt met wijnrankbladen. De klosjes maakten we van oude wijnranken. Zo leerden we de techniek en maakten we onze eerste kantwerkjes.
Het was nog geen passie. We waren kinderen, zonder speelgoed of televisie, dus we deden gewoon mee. Pas later, als pubers, werd het interessanter. We maakten kleine werkjes om te verkopen in het dorp. Met dat geld konden we iets leuks kopen, zoals plakplaatjes, een haarspeld of een tijdschrift.’

Pina, een van de merlettaie met wie Marisa bevriend is, komt bij ons zitten en voegt toe: ‘Vroeger brachten we ontzettend veel tijd samen door. ’s Avonds kwamen de buren bij elkaar, wij kinderen speelden buiten tot onze ouders ons naar binnen riepen.
In die tijd had je per gehucht één lagere school waar alle kinderen uit de buurt in een klein klaslokaal bij elkaar zaten en gezamenlijk les kregen, ongeacht je leeftijd. Dat zorgde voor zeer sterke buurtbanden en hechte vriendschappen.
Pas als je elf jaar oud was, ging je naar de scuola media in het dorpscentrum van Offida. Het leven was totaal anders dan nu.’

Marisa vervolgt: ‘In de jaren vijftig en zestig leefden we van wat het land ons gaf en wat we konden verkopen of ruilen. Mijn ouders werkten op de velden, tijdens de graanoogst. Dat was een hele happening.
Als deelpachter kon je namelijk niet zomaar beslissen wanneer je begon met oogsten. Volgens de traditie moest je eerst een samengebonden bosje graan aanbieden aan de grondbezitter. Als hij het bosje aannam (en dus de rijpheid van het graan goedkeurde), had je toestemming om te starten.
Die traditie is inmiddels verloren gegaan, maar ik draag het nog altijd met me mee. Marisa laat me een prachtig gekantkloste rand zien. ‘Kijk, deze menukaart heb ik zelf ontworpen en gemaakt voor mijn verjaardagsdiner met al mijn vrienden en familie. Het patroon symboliseert dat bosje graan. Zo blijven herinneringen leven,’ zegt ze trots.
De gepassioneerde Marisa raadt me aan om ook het museum van het kantklossen te bezoeken. Maar voordat ik dat doe, ga ik eerst langs bij een vriendin die me nóg meer over Offida en het kantklossen kan vertellen.
Vania’s huis ademt pure liefde voor het kantklossen. Gordijnen, tafelkleden, traditionele carnavalskleding, kunstwerkjes aan de muur en zelfs kerstballen, in alle kleuren en vormen, allemaal met de hand gekantklost. Een feest om te zien.

Hoewel Vania tegenwoordig minder tijd heeft voor haar hobby, straalt haar passie er nog steeds vanaf. Wanneer ik haar vertel dat ik meer over het merletto wil weten, glimlacht ze trots, maar ik merk ook een vleugje bezorgdheid.
‘Offida is mijn thuis,’ vertelt ze. ‘Mijn familie, vrienden, mijn hele wereld ligt hier. Ik ben zó trots op alles wat we hier koesteren: onze tradities, onze feesten, ons vakmanschap. En gelukkig lukt het ons behoorlijk goed om veel daarvan levend te houden. Maar het kantklossen is er eentje waarvan het vlammetje wat zachter brandt dan vroeger.’
Ik vraag haar hoe dat komt, en Vania vertelt over hoe het vroeger was. ‘Het kantklossen was onze ontspanning,’ zegt ze. ‘Toen ik jong was, zaten we ’s middags samen in de schaduw buiten te werken aan onze stukjes kant.
We kletsten, lachten, hielpen elkaar, en ja, er werd ook wel eens geroddeld. Zo leerde ik het: door te proberen, fouten te maken en door hulp te vragen aan vriendinnen die het beter wisten.’
foto: Offida.info
Tegenwoordig is het tempo van het leven anders, legt ze uit. Kinderen en jongeren hebben duizend dingen om te doen: school, sport, hobby’s, verplichtingen… En wij volwassenen rennen vrolijk met ze mee.
‘Het is niet slecht,’ benadrukt ze, ‘het is gewoon hoe de wereld nu is.’ Aan het eind van de dag blijft er simpelweg weinig energie over om achter de tombolo te kruipen.
Toch blijft haar liefde voor de traditie sterk, en dat maakt haar hoopvol. ‘Het zijn nu vooral gepensioneerde dames die tijd hebben voor dit prachtige ambacht,’ zegt ze. ‘Offida organiseert evenementen, tentoonstellingen… De liefde blijft, we moeten alleen net dat beetje extra doen om het vlammetje weer te laten opflakkeren.’

In het Palazzo Castellotti-Pagnanelli (aan de Via Roma) zijn sinds 1998 vier musea gehuisvest: het museum voor kantklossen, het archeologisch museum, het museum voor volkstradities en de gemeentelijke kunstgalerie. Ik loop door de imposante deuren van het palazzo en word verwelkomd door de vriendelijke receptioniste die me de route uitlegt.
Een bezoek aan de zalen van het Museo del Merletto die de kunst en geschiedenis van het kantklossen vertellen, voelt als een betoverende reis door Offida’s geliefdste ambacht.
De verhalen van Marisa hadden me al over een voor mij ver verleden laten fantaseren, maar hier raak ik nog gefascineerder. De museumroute leidt je langs werkstukken waar stap voor stap uitleg wordt gegeven (in het Italiaans en Engels) over hoe kant gerealiseerd werd en wordt, van eenvoudige tot zeer bewerkte en ingewikkelde handwerken.
Twee museumzalen zijn volledig ingericht als oude woon- en slaapkamer waar prachtige tafelkleden, bedlinnen, gordijnen, lampenkappen en zijden kledingstukken te bewonderen zijn. Het voelt alsof je een oude schatkist opent!

De oorsprong van de kantklostechniek blijft onzeker. Veel wetenschappers zijn het er echter over eens dat Spaanse Benedictijnen van het klooster Santa Maria delle Monache in Isernia (regio Molise) rond 1400 het kantklossen in Italië introduceerden.
Van daaruit verspreidde de kunst zich verder door het land, waarbij elke stad haar eigen stijl, techniek en verfijning ontwikkelde.
In Offida gaat de traditie terug tot de vijftiende eeuw. Het waren eerst de mensen uit het dorp die de techniek omarmden, waarna het zich in de zeventiende eeuw verspreidde naar religieuze gemeenschappen en aristocratische families.

De geschiedenis van het kantklossen in Offida is prachtig te volgen door de eeuwen heen, dankzij fresco’s, schilderijen, modelboeken en talloze historische documenten.


Het oudste schriftelijke bewijs van Offida’s kantproductie dateert uit 1511: een schenking van kant door de gemeente aan de kerk van de Croce Santa, om een gelofte in te lossen na het einde van de pest van 1507.
Grote lokale kunstenaars zoals il Maestro di Offida en Simone De Magistris lieten zich inspireren door de delicate kantmotieven van het dorp. Een contract uit 1612 waarin vijfentwintig merletti di Offida worden genoemd, toont aan dat het kant inmiddels zo bekend was dat het al onder eigen naam werd verhandeld.

De komst van de Benedictijner nonnen in 1655 gaf het ambacht een krachtige impuls. Zij brachten het kantklossen van een lokale praktijk naar een grootschalige activiteit die het gebied zowel werk als faam opleverde.
In de gemeentelijke archieven wordt bovendien een bijzonder achttiende-eeuws geklost hemd bewaard, ooit gedragen door de heilige San Gaspare del Bufalo.
Ook in de negentiende eeuw zijn er sporen van handel, onder meer leveringen aan graaf Brancadoro uit Fermo. Aan het einde van die eeuw beleefde Offida’s kantproductie haar gouden tijd: het kant werd artistiek én economisch steeds waardevoller.
In het begin van de twintigste eeuw verscheen het ook op regionale en nationale tentoonstellingen, maar de echte zichtbaarheid groeide pas met de eerste Fiera del Merletto in 1937, gevolgd door talloze beurzen en tentoonstellingen die de reputatie van Offida’s kloskant verder versterkten.


Hoewel Offida al in 1817 een kantwerkschool kende, opgericht door Maria Carlini, en er in 1910 zelfs een eerste officiële school werd geopend, kreeg de opleiding nooit echt voet aan de grond.
De echte kennisoverdracht bleef namelijk altijd binnen de families, zorgvuldig bewaakt door de vrouwen zelf. Zo bleef de traditie stevig verankerd in de huiskamers, doorgegeven di madre in figlia (van moeder op dochter).
Na de Tweede Wereldoorlog, met het groeiende toerisme aan de Adriatische kust, kreeg de kantindustrie een nieuwe impuls. Vanaf het einde van de jaren zestig worden er bovendien elke zomer tentoonstellingen georganiseerd, waardoor het kant een steeds zichtbaarder en geliefder onderdeel werd van Offida’s culturele identiteit.
In 1979 sloegen de merlettaie de handen ineen en richtten ze de coöperatie CO.AR.ME op, die hun handgemaakte kunstwerken verkocht. Deze beweging van samenwerking, vakmanschap en trots leidde uiteindelijk tot de opening van het permanente Museo del Merletto in 1998, gevolgd door de oprichting van de Associazione delle Merlettaie di Offida in 2014. Een geschiedenis om trots op te zijn!
Het kant van Offida met de fijne weefsels, speelse lintmotieven en het delicate netwerk van vlechtjes laat een kunstvorm zien die al vroeg een bijzondere plek heeft veroverd binnen de Europese decoratieve kunsten.
In het museum is duidelijk te zien dat de patronen door de eeuwen heen werden beïnvloed door mode, smaak en economische omstandigheden, maar toch blijft er altijd dat herkenbare karakter: uniek, verfijnd en doordrenkt met vakmanschap.
De museumcollectie laat de veelzijdigheid van het kant zien: waaiers, handschoenen, sjaals, schoeisel, sieraden en talloze andere objecten. Niet alleen de ingewikkelde patronen, maar ook het gebruik van pure zijde, zilver en goud maken een aantal pronkstukken kwalitatief hoog en bijzonder waardevol.


Na mijn bezoek aan het museum dwaal ik door het centrum van Offida en loop nog even langs enkele historische kantkloswinkels, waar je heerlijk kunt snuffelen in vitrines en laatjes vol kant, knopen, waaiers, sieraden en kleedjes.

Lopend naar de auto denk ik terug aan het warme huis van Vania, de stralende ogen van Marisa en het zachte ritme van de fuselli. Hun verhalen, hun geduld en hun trots laten voelen dat het kantklossen hier veel meer is dan een ambacht: het is een levende herinnering die generaties met elkaar verbindt.
Ondanks de snelheid van de moderne wereld blijven oude tradities in Offida stevig voortleven. De kantklosdames voelen zich diep verbonden met deze plek en dankzij de kracht waarmee zij hun kennis én verhalen liefdevol doorgeven, blijft het ambacht voorlopig bestaan.
Offida laat je ervaren hoe rijk een gemeenschap wordt wanneer ze haar erfgoed koestert. En misschien is dat wel het mooiste van alles: dat je als bezoeker ongemerkt een beetje mee verweven raakt in de fijne draden van dit bijzondere dorp.’
Is je interesse in het kantklossen aangewakkerd? Bekijk dan ook de pagina’s Pizzi a tombolo en Gabriella Tassotti.