De weg vragen is de makkelijkste zin van je hele reis. Het antwoord is het moeilijkste moment. Je oefent netjes en zegt: Scusi, dov’è la stazione? Je krijgt een glimlach en dan volgt er een halve minuut Italiaans met twee handen erbij. Je knikt vriendelijk, je bedankt, maar je weet alsnog niet welke kant je nu op moet…
Daar zit één ding achter dat bijna nergens wordt uitgelegd. Als jij met scusi begint, antwoordt de ander in de beleefdheidsvorm. In die vorm zien de werkwoorden er heel anders uit dan wat je in de les hebt geoefend.
Je kent vai, gira, prendi, en je hoort vada, giri, prenda. Dezelfde woorden, maar in een andere vorm en dat is genoeg om ze niet te herkennen.

De vraag zelf: hoe korter, hoe beter
Scusi, dov’è la stazione? werkt altijd. Maar de Italiaanse versie is korter. Aan iemand op straat vraag je gewoon: Scusi, per il Duomo? Sorry, voor de Dom? Alleen de bestemming en een vragende toon, meer is het niet. Zo vragen Italianen het aan elkaar.
Heb je een adres op je telefoon, dan is de handigste zin: Scusi, sa dov’è questo? Sorry, weet u waar dit is? Je houdt het scherm erbij en het gesprek is meteen de helft korter.
Eén regel om altijd aan vast te houden: tegen een onbekende zeg je scusi, niet scusa. Scusa is voor vrienden en voor kinderen. Het is een klein verschil dat door Italianen wel degelijk wordt gehoord.

Wat je terugkrijgt: je bent er bijna!
Bijna elke routebeschrijving in Italië is opgebouwd uit hetzelfde kleine rijtje. Ken je die uitdrukkingen, dan versta je negen van de tien antwoorden:
sempre dritto – rechtdoor
a destra / a sinistra – rechts / links
giri, prenda, vada, continui, attraversi – slaat u af, neemt u, gaat u, gaat u door, steekt u over
la prima, la seconda – de eerste, de tweede (straat)
dopo il semaforo – na het stoplicht
all’incrocio – op de kruising
alla rotonda – bij de rotonde
in fondo alla strada – aan het eind van de straat
di fronte a, accanto a, dietro – tegenover, naast, achter
Een compleet antwoord klinkt dan bijvoorbeeld zo: Vada sempre dritto, poi giri a destra dopo il semaforo. È in fondo alla strada, di fronte alla banca. Ga rechtdoor, sla na het stoplicht rechtsaf. Het is aan het eind van de straat, tegenover de bank. Niets moeilijks aan, zodra je weet dat vada en giri andere vormen van vai en gira zijn.

Twee zinnen die elk gesprek redden
De eerste is voorspelbaar: Può ripetere più lentamente, per favore? Kunt u het langzamer herhalen? Wees niet bang dat het onbeleefd is. Italianen herhalen graag, en meestal met meer gebaren.
Maar de tweede is de echte truc en die staat in geen enkel taalgidsje: zeg het antwoord terug. Quindi sempre dritto e poi la seconda a destra? Dus rechtdoor en dan de tweede rechts?
Je krijgt of esatto als antwoord óf een correctie (no, la terza), en in allebei de gevallen weet je het nu zeker. Bovendien geeft het je een half zinnetje Italiaans dat je wél helemaal onder controle hebt.

Ver of dichtbij – kun je erheen lopen?
Voordat je iets anders vraagt: È lontano? Is het ver? Het antwoord komt in twee smaken. Cinque minuti a piedi, vijf minuten lopen, of sono due passi, letterlijk twee stappen, wat betekent dat het om de hoek is.
Hoor je no, è lontano, dan is de volgende vraag Quale autobus devo prendere? Welke bus moet ik nemen?
In de bus is er nog één zin die je echt gaat gebruiken: Mi dice quando devo scendere? Zegt u het als ik eruit moet? Chauffeurs en medepassagiers doen dat zonder morren en het bespaart je het staren naar haltenamen die nergens worden omgeroepen.



Als de ander het ook niet weet
Dat gebeurt vaker dan je denkt, zeker in een toeristische stad. Het eerlijke antwoord is Mi dispiace, non sono di qui. Sorry, ik kom hier niet vandaan. Hoor je dat, dan is er niets aan de hand, dan vraag je het honderd meter verderop nog een keer.
Soms hoor je in plaats daarvan boh, met opgetrokken schouders. Dat is geen onbeleefdheid, dat is het Italiaanse woord voor ‘geen idee’.
Af en toe krijg je een antwoord dat vooral vriendelijk bedoeld is: niets weten voelt in Italië onaardiger dan gokken. Twijfel je, vraag het dan gewoon nog eens aan iemand anders. Twee keer hetzelfde antwoord is meer waard dan één keer een heel zeker antwoord.


Woordenlijstje om te bewaren
Scusi, per il Duomo? – Sorry, hoe kom ik bij de Dom?
Scusi, sa dov’è questo? – Weet u waar dit is?
È lontano? – Is het ver?
Sono due passi. – Het is vlakbij.
Può ripetere più lentamente, per favore? – Kunt u het wat langzamer herhalen?
Quindi sempre dritto e poi la seconda a destra? – Dus rechtdoor en dan de tweede rechts?
Quale autobus devo prendere? – Welke bus moet ik nemen?
Mi dice quando devo scendere? – Zegt u het wanneer ik moet uitstappen?
Grazie, molto gentile. – Dank u, erg vriendelijk.
Wat opvalt aan dit rijtje: jouw kant van het gesprek is kort en die van de ander is lang. Zo werkt de weg vragen nu eenmaal. Leer daarom niet alleen je eigen zin, maar vooral die belangrijke woorden die altijd terugkomen. Dat is het verschil tussen beleefd knikken en werkelijk weten waar je heen moet. Buon viaggio!
Extra fijn: Alessio maakte een pdf met alle zinnen uit dit artikel met wat extra’s, die je via deze link gratis kunt downloaden.
Alessio Are is Italiaan en geeft Italiaanse les, zowel tussen Ede en Amsterdam als online. Hij schrijft over de taal zoals die echt gesproken wordt op thuisitaliaans.com.
Eerder gaf hij op Ciao tutti tips voor het Italiaans dat je in een restaurant nodig hebt – mét tips voor wat de ober zal antwoorden. Die vind je terug via deze link.
Leuke taalles Saskia!