Ga op pad met onze City Walks!

Schoonheid en schande – intriges rondom de Borgia’s

Welke historische familie is oogverblindender, gevaarlijker en beruchter dan de Borgia’s? We hebben genoten van de televisieserie waarin schoonheid en creativiteit gepaard gaan met machtswellust, wreedheid en corruptie. Maar nog beter dan de serie is Sarah Dunants nieuwe boek over de Borgia’s, Schoonheid en schande, dat op 24 september a.s. verschijnt.

Schoonheid en schande

Wanneer kardinaal Rodrigo Borgia door middel van omkoping benoemd wordt tot paus Alexander VI, gebruikt deze charismatische en doortrapte politicus zijn familie om aan de macht te blijven. Zijn oudste zoon, Cesare, een man met een duizelingwekkend ijzig brein en een nog koudere ziel, is zijn grootste wapen. Zijn dochter Lucrezia, wier naam voor altijd verbonden zal zijn aan vergiftiging, incest en intriges, is zijn belangrijkste troef.

Schoonheid en schande, de magistrale nieuwe roman van de schrijfster van De geboorte van Venus, ontdoet zich van de mythen rondom de Borgia’s. Het is een indrukwekkende roman die deze verbazingwekkende familie op meeslepende wijze tot leven brengt. Wij mochten het boek alvast lezen en het is echt een aanrader voor iedereen die van Italië en geschiedenis houdt. We delen vanmiddag alvast een fragment, gesitueerd in Rome, op 11 augustus 1492:

‘De dageraad trekt als een paarsblauwe kneuzing langs de nachthemel omhoog, als vanuit het paleis een raam wordt opengegooid en er een gezicht verschijnt, de trekken vervormd door het flakkerende licht van de toortsen onder het venster. Op de piazza is het garnizoen soldaten dat de rust moet bewaren, in slaap gevallen. Maar de soldaten ontwaken al snel als de stem luid schalt:
‘We hebben een paus!’

Binnen is de lucht zurig van het zweet van oude lijven. Rome is in augustus een stad van drukkende hitte en dood. Vijf dagen lang hebben drieëntwintig mannen opgesloten gezeten in een grote kapel die meer aanvoelt als een kazerne. Stuk voor stuk zijn het mannen met status en rijkdom, gewend om van zilveren borden te eten, met tien bedienden die hen op hun wenken bedienen. Maar hier zijn geen klerken om hun brieven te schrijven en geen koks om banketten te bereiden. Hier, met slechts één knecht om hen te kleden, eten de mannen sobere maaltijden geserveerd door een houten luikje dat dichtklikt als het laatste bord uitgereikt is. Het daglicht glipt naar binnen door kleine raampjes hoog in de muur en ’s avonds flakkeren talloze kaarsen onder het tongewelf, dat beschilderd is met lucht en sterren, schijnbaar zo wijds als het firmament. Ze bivakkeren continu in elkaars gezelschap, dat ze alleen mogen verlaten voor de officiële taak van het stemmen of om hun behoefte te doen, en zelfs op de latrines gaat het werk door; onderhandelingen en overredingen overstemmen het urinegedruppel van mannen op leeftijd. Als ze eindelijk te moe zijn om verder te praten, of om Gods hulp willen vragen, mogen ze zich terugtrekken in de cellen: een reeks provisorische hokjes opgesteld langs de muren van de kapel, met daarin een stoel, een tafel en een veldbed om op te slapen: een soberheid die zonder twijfel moet herinneren aan de beproevingen van heiligen in spe.

Maar heiligen zijn tegenwoordig schaars, vooral binnen het roomse college van kardinalen.

Op de ochtend van 6 augustus werden de deuren vergrendeld. Tien dagen eerder was paus Innocentius VIII na jaren van chronische kwalen eindelijk bezweken aan de uitputtende pogingen om in leven te blijven. In hun vertrekken binnen het Vaticaan hadden zijn zoon en dochter geduldig afgewacht tot ze aan zijn bed geroepen zouden worden, maar zijn laatste ogenblikken waren voorbehouden gebleven aan kibbelende kardinalen en artsen. Zijn lichaam was nog warm toen de verhalen zich als putlucht door de straten begonnen te verspreiden. De wolvenmeute van ambassadeurs en diplomaten ademde de geruchten diep in en ze stuurden hun eigen versie in de zadeltassen van snelle paarden het land door: verhalen over hoe het lichaam van Zijne Heiligheid er verschrompeld bij lag, ondanks een lege flacon bloed, getapt uit de aderen van Romeinse straatjongens, op voorschrift van een joodse arts die had gezworen dat dit de paus het leven zou redden; hoe diezelfde leeggebloede jongens reeds als visvoer op de bodem van de Tiber lagen, terwijl de arts nog bezig was de stad te ontvluchten. Boven het pauselijk beddengoed was de gunsteling van de paus, de opvliegende kardinaal Della Rovere, intussen zo druk aan het bekvechten met vice-kanselier kardinaal Rodrigo Borgia, dat geen van beiden merkte dat Zijne Heiligheid niet meer ademde. Wellicht was Innocentius gestorven om aan het lawaai te ontkomen: ze hadden immers al jaren ruzie.

Natuurlijk moet iedereen in zo’n web van roddels zelf uitmaken wat hij gelooft, en verschillende vorsten nemen hun nieuwtjes, net als hun vlees, meer of minder sappig tot zich. Hoewel maar weinigen zullen twijfelen aan de scherpe klauwen van de kardinalen, zullen anderen zich verwonderen over het bloed, aangezien de hele stad weet dat Zijne Heiligheid al wekenlang alleen leefde van de melk van een min die vlakbij in een zijkamer geïnstalleerd was en per kopje betaald werd. Dat is nog eens een mooie manier om naar de hemel te gaan: dronken van de smaak van moedermelk.

Wat betreft het daaropvolgende conclaaf, welnu, de enige veilige voorspelling is dat de uitslag onmogelijk te voorspellen valt. Dat en het feit dat de keuze van de volgende vertegenwoordiger van God op aarde even sterk bepaald zal worden door omkoperij en protectie als door vrome kwalificaties voor de positie.’

Lees verder in

Schoonheid en schande

Schoonheid en schande
Sarah Dunant
vertaald door Petra C. van der Eerden
ISBN 9789022960202
€ 22,95
Orlando Uitgevers

Bestel Schoonheid en schande via deze link bij bol.com

Ontdek onze droomplekken in Italië!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *