Ga op pad met onze City Walks!

Feest & folklore – de Ladinische cultuur in Val di Fassa

De ruige natuur en typische Alpenhuisjes in Val di Fassa doen in eerste instantie meer denken aan Oostenrijk of Zwitserland dan aan Italië. Je vindt hier een heel andere cultuur dan je elders in Italië gewend bent. Zéker als je in de lokale feesten en tradities duikt, die hun oorsprong vinden in de Ladinische cultuur.

Marloes bezoekt Val di Fassa tijdens het driedaags folklore festival Gran Festa da d’Istà en dompelt zich volledig onder in de lokale cultuur. Samen met gids Marta gaat ze op pad om te ontdekken wat dit stukje Italië zo uniek en anders maakt.

Gran Festa da d’Istà – een kleurrijke parade
Marloes: ‘In Canazei heerst een koortsachtige stemming. Het hele dorp maakt zich op voor de parade, met deelnemers uit elk dorpje in de vallei. In totaal doen honderden mensen mee aan de parade, in verschillende groepen met eigen kleding en muziek.

De leider van de groep is de Laché, hij wordt begeleid door Marascons, gemaskerde mannen die in groepen van vier ronddansen waarbij de bellen op hun kleding rinkelen op het ritme van de dans.

De Bufon, met een opvallend masker met een lange neus, is de nar en tegelijkertijd ‘de held’ van de carnavaleske optocht. Hij rent luid roepend richting de toeschouwers, terwijl de Marascons rinkelend in het rond dansen.

Dat de cultuur leeft onder alle generaties is duidelijk te zien tijdens de parade, het hoogtepunt van het drie daagse Ladin Festival. Dit festival vindt sinds 1974 jaarlijks plaats in september en is echt een aanrader als je meer van deze bijzondere Noord-Italiaanse subcultuur te weten wil komen.

Ladin Museum di Fassa
Om meer over de Ladinische cultuur te weten te komen, bezoeken we het Museo Ladino di Fassa, in Vigo di Fassa. Daar blijkt al snel dat het een enorm rijke cultuur is met een eigen taal, gebruiken, kleding en mythes die wel tweeduizend jaar teruggaan. Er wordt zelfs gezegd dat de regio waar Ladinisch (Ladin) werd gesproken ooit reikte van Zwitserland tot het Gardameer en de Adriatische zee. Nu wordt de taal nog maar in drie streken gesproken, waarvan Val di Fassa er een is.

Omdat deze regio’s vele eeuwen geïsoleerd zijn gebleven is hun taal en cultuur behouden gebleven. Het Ladinisch wordt nog volop gesproken in het dagelijks leven, het wordt op school onderwezen en beschouwd als de officiële taal van de streek.

Ondanks dat het Ladinisch zijn oorsprong kent in het Latijn, is er maar weinig te herleiden. Het is namelijk niet ontstaan vanuit het klassieke Latijn, maar vanuit de spreektaal. Gemengd met de vele dialecten uit de streek resulteerde dit in een taal waar ook een Italiaan geen touw aan vast kan knopen.

In het museum herkennen we een aantal maskers uit de parade, zoals dat van de Bufon, met zijn lange neus. De maskers en vrolijk gekleurde kostuums doen me denken aan ons carnaval.

Marta vertelt dat de maskers ook voor deze gelegenheid van zolder worden gehaald, want ook carnaval wordt hier – net als bij mij in Den Bosch – uitgebreid gevierd.

Betalen met een pakje boter
Opvallend in het museum zijn de boterstempels en kistjes, pegna’s genaamd. In deze kleine houten kistjes met versiersels werd boter gegoten, zodat deze kon uitharden.

Boter was een waardevol product in Val di Fassa en een belangrijk onderdeel van de Ladinische keuken. Vanwege de geïsoleerde ligging van de vallei waren de inwoners aangewezen op het voedsel dat ze zelf konden produceren.

Boter was verreweg het meest voedzame lokale product, met dank aan de sappige weiden waar de koeien volop konden grazen. Daarnaast was boter ook een belangrijk handelsmiddel. De stempels werden dan ook gebruikt om de waarde van de boter te bepalen.

Heer, bescherm de boter!
Was de boter mislukt? Dan moest de pegna behekst zijn geweest, zo dachten ze vroeger in de Ladinische dorpen. Om dit te voorkomen, werden er religieuze afbeeldingen in de mal gekerfd, zodat de boter goed werd beschermd en romig en vol van smaak uit de mal zou komen.

Een oude bekende
Wanneer we door het museum lopen, zie ik opeens een oude bekende: Sinterklaas. De goedheiligman heeft hier ongeveer dezelfde rol als bij ons. Ook hier komt hij op 5 december langs om te kijken of de kinderen zich goed hebben gedragen. Als dat zo is, deelt hij cadeautjes uit.

Alleen krijgt hij hier geen hulp van Pieten, maar van engeltjes, die de brave kinderen belonen, en van de Krampus, die de ongehoorzame kleintjes een lesje leert. Ze zien er zo angstaanjagend uit, dat menig volwassene nog kippenvel krijgt. Geef mij maar de vrolijke, langneuzige Bufon!’

2x per week Italiaanse inspiratie

Meld je aan voor de Ciao tutti nieuwsbrief - en ontvang de digitale editie van onze City Walk Klassiek Rome als cadeautje:

Ontdek onze droomplekken in Italië!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *