Download gratis de Ciao tutti app!

Wees niet bang – de onthulling van een familiegeheim tegen de achtergrond van de Italiaanse bergen

Het recent verschenen boek Wees niet bang van Aisha Dutrieux is een hartverscheurend verhaal, met als decor onder meer het Lago di Caldonazzo en de Dolomieten, die symbool staan voor de kracht van vrouwen die moeten leren leven met een groot geheim.

Zoektocht naar het verleden

Op de dag van Laura’s vierde verjaardag pleegt haar moeder, Maria, zelfmoord. Jaren later, als Laura volwassen is en in verwachting van haar eerste kind, wil ze weten waarom haar moeder dit deed. Maar al snel wordt duidelijk dat niemand hierover wil praten.

Laura’s oma, Chiara, is na de dood van haar dochter vertrokken naar het Italiaanse bergdorp Calceranica. Na jarenlang geen contact te hebben gehad met haar oma besluit Laura haar op te gaan zoeken. De antwoorden die Laura van haar oma krijgt, zetten haar leven op zijn kop.

Een fragment uit Wees niet bang

‘Met mijn ogen dicht kon ik mijn dagelijkse ochtendwandelingetje naar het meer van Caldonazzo nog afleggen. Al zou ik dan het hoogtepunt van mijn dag missen: lopend over de Via al Lago aanschouwen hoe de opkomende zon zijn spiegelbeeld vindt in het water. Het deed mij telkens beseffen dat ik thuis was, ook al vond ik hier niet mijn oorsprong.

Als kind kwam ik hier iedere zomer met mijn ouders. Mijn moeder was Italiaanse en had deze plek omarmd als haar geboortegrond, al kwam ze eigenlijk uit een zuidelijker gelegen en armer gebied. Op camping Penisola Verde – groen schiereiland – in een dorpje genaamd Calceranica speelden al mijn jeugdige vakantieherinneringen zich af.

Het bestond nog steeds, en was niet eens zo heel erg veranderd. De bomen die getuige waren van mijn eerste stapjes, het muurtje langs de beek dat de plaats van handeling was van mijn eerste zoen, ze waren er nog. De douches, nu veel talrijker aanwezig, werkten echter niet meer op muntjes en waren bovendien voorzien van draaiknoppen: de campinggast van nu bepaalde autonoom de hoeveelheid warm en koud.

De voorheen aanwezige hangtoiletten hadden plaatsgemaakt voor comfortabele wc’s met brillen. De kwetsbare jarenvijftigtegeltjes met roze bloemetjesversiering in het toiletgebouw waren vervangen door een eenvoudig met de hogedrukspuit schoon te spuiten variant, gespikkeld grijsbeige als camouflerende ondergrond voor onvermijdelijke smet.

Tijdens de verbouwing, twintig jaar geleden alweer, was ik regelmatig langs de afvalhoop gelopen en had ik genoeg van de oude tegeltjes verzameld om een mozaïek van te maken op het blad van mijn koffietafel.

De slagboom die bepaalde dat alleen de auto’s van campinggasten welkom waren, werd nu elektronisch bediend door de kleindochter van de vrouw die destijds de camping runde. De sfeer, de geur, de manier waarop het daglicht tussen de boombladeren danste, de geest van deze plek was onveranderbaar.

Mijn terugkeer was een opwelling. In Nederland had ik alleen mijn kleinkinderen nog, maar het contact met hen vervloog met de dag. Hun vader nam het mij kwalijk dat ik de kant van hun moeder had gekozen, toen zij nog leefde. Maar het was de natuur die bepaalde dat ik mijn kind in bescherming nam.

Uiteindelijk faalde ik ook hierin; ik had haar niet voldoende kunnen beschermen. Misschien was dat wel de reden waarom ik hier zo graag verbleef. In Calceranica werd Maria verwekt.

Luca was een jongeman van eenentwintig, ik was nog maar vijftien, hij was op bezoek bij familie en ik zag hem voor het eerst bij het meer. Hij had lange zwarte haren en zijn zongebruinde huid was strakgespannen rond zijn spieren.

Zijn pilotenzonnebril had spiegelende glazen. Vanaf het moment dat hij die afdeed en zijn groen met bruine spikkeltjesogen in de mijne keken, was ik van hem. We ontmoetten elkaar in het geheim, onder de spoorbrug, waar we een dekentje op de vochtige aarde langs de beek legden.

Hij sprak Italiaans tegen mij, ik sprak Engels en we begrepen genoeg van elkaars woorden om te weten dat iets bijzonders tussen ons aan het ontstaan was. Platte ronde steentjes liet hij over het water ketsen, soms zong hij zachtjes, terwijl zijn handen mijn lichaam verkenden. Hij was mijn eerste in vele opzichten. Maar op een dag vertrok hij en niet veel later moest ook ik weer terug naar huis. De huilbuien die volgden, weet ik aan het gemis van deze grote liefde.

De huisarts vermoedde al snel iets anders: een schande. Ik mocht de baby houden, maar mijn moeder verbood mij naar Italië terug te gaan.

[…]

Het was natuurlijk niet altijd zonnig in Calceranica. De winters waren ijzig koud, lente en herfst onvoorstelbaar onstuimig. Maar deze plek kon zelfs het geweld van donder en bliksem adembenemend mooi laten zijn. Het begon met gerommel, een zware basstem die je waarschuwde dat je jezelf in veiligheid moest brengen. Een heldere flits, feilloos weerspiegeld in het water, werd begeleid door een knal die die gitzwarte hemel uiteen deed vallen. De bergen echoden luidkeels een meerstemmig naricht.

Als meisje, alleen in mijn tentje op de camping, was ik er steevast van overtuigd dat ik de volgende dag niet meer mee zou maken. Maar nu wist ik mezelf veilig achter het raam van mijn kleine appartement aan Piazza Sugarina. Het werd niet goed verwarmd, maar zittend onder een wollen deken genoot ik van het schouwspel buiten.

Op de oude leunstoel, die ooit van mijn vader was, waren zijn benen, zijn schouders en vaag zijn achterhoofd nog altijd zichtbaar, dierbare slijtplekken in het leer. Ik zat hier vaak, met een espresso of thee met honing van de lokale imker. Dan las ik de krant of een boek. Het leven was hier heerlijk simpel.’

Lees verder in

Wees niet bang | Aisha Dutrieux | ISBN 9789000377244 | € 21,99 | uitgeverij Het Spectrum | bestel Wees niet bang bij je lokale boekhandel of via deze link bij bol.com (ook beschikbaar als e-book)

Schrijf je (gratis) in voor de Ciao tutti nieuwsbrief

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.