Naar hoofdinhoud Naar navigatie
24 mei 2026

Rode zomer – prachtige roman over twee zomers die door een onverwachte vondst samenkomen

In Rode zomer, de prachtige nieuwe roman van Frouke Arns, wordt een elfjarig meisje door haar vader-die-haar-vader-niet-is in hun zomerhuis in de heuvels van Toscane overgelaten aan de zorg van een oppas, die een ongekende warmte in haar leven brengt.

Op een warme zomerdag vol emoties vinden ze een antiek medaillon, waarmee onverwacht een einde komt aan hun lome dagen zonder zorgen. De vondst zet een reeks gebeurtenissen in gang waarvan het meisje de gevolgen pas overziet wanneer ze als volwassen vrouw terugblikt op dat vormende seizoen.

Bijna een eeuw eerder maakt een door oorlogstrauma’s geplaagde jonge fotograaf zich op voor een belangrijke opdracht. Hij voelt de druk om zijn zwangere echtgenote een beter leven te schenken en wil zijn beste werk afleveren. De ontmoeting met zijn modellen, een moeder, haar dochter en een windhond, mondt echter uit in een drama.

Lees een fragment uit Rode zomer

Het raam kijkt uit op de terrassen achter het huis. Op de mooi onderhouden tuin met bloeiende jasmijn, oleander, hibiscus en bougainville, en het stenen pad naar het lager­gelegen zwembad dat zich lijkt te verheugen op de eerste plons die het spiegelende oppervlak zal breken.

Het zwembad is omringd door citroen-, olijf- en palmbomen, cactussen en vijgen. In de verte het glooiende landschap met zijn pijnbomen, cipressen en wijngaarden, de kleine dorpjes verscholen in de vouwen van de groene heuvels.

Ik ken de namen van de planten en bomen. Wat de kinderen uit mijn klas alleen van de plaatjes kennen, groeit bij ons uitbundig in de tuin van ons zomerhuis. Maria had vorig jaar allerlei bloesems en bladeren van planten, struiken en bomen voor mij op een groot vel papier geplakt en hun namen erbij geschreven. Het was de zomer dat moeder voortdurend moest rusten. De meeste tijd had ze in haar verduisterde slaapkamer doorgebracht. Ik kwam daar niet graag, de kamer rook naar nachtadem en ziekenhuis, vermengd met de scherpe geur van lelies.

De poster van Maria hangt aan de binnenkant van mijn kamerdeur, de bloesems zijn dor, hebben hun kleur verloren. Een beetje zoals mijn herinneringen aan vorige zomer.
Gaan we zwemmen, vraag ik nog een keer.

Hij is klaar met bellen, maar draait zich niet om, zegt morgen komt er iemand om voor je te zorgen nu je moe­der elders is. Ze blijft de hele zomer hier, omdat ik binnenkort weg moet voor mijn werk. Ga maar alvast zwemmen, ik moet rusten van de lange reis.

Ik zie haar nu weer, dat elfjarige meisje met haar rode badpak en oplichtende witte lijf, hoog op haar benen, de trappen naar het zwembad afdalen. Ze legt haar badlaken zorgvuldig op een van de ligstoelen, doet haar slippers uit, bindt haar haren in een hoge staart, knielt neer aan de rand van het zwembad.

Een kleine Narcissus weerspiegeld in het water. Haar hand reikt naar het rimpelloze oppervlak, breekt de betovering in steeds groter wordende kringen, echo’s van een zomer waarvan ik nu pas de reikwijdte zie.

Terugkijkend op die maanden waarin mijn oppas bij me was, staan me bepaalde details zo helder voor de geest dat het lijkt alsof we in een nauwkeurig gerepeteerd toneelstuk speelden. Ik ken een oudere actrice die het meeste van haar leven is vergeten, maar die nog moeiteloos teksten kan declameren die ze ooit uit haar hoofd leerde.

Het is als met lang vergeten liedjes waarbij de tekst als vanzelf uit je mond rolt wanneer je ze toevallig een keer op de radio hoort. Zonder er moeite voor te hoeven doen komen ergens diep uit de krochten van die natte spons ineens die verloren gewaande woorden.

Van die zomer herinner ik me dingen die niet van belang lijken. Geluiden. Het sissen van de stoom uit het strijkijzer wanneer ze de was streek, het droge pok-pok van mijn slippers op de stenen vloer in huis, de cicaden overal – een aanhoudend hypnotiserend golven –, het rustgevende geluid van de tuinsproeier die ’s avonds op het gras met een waaierende beweging tot ver voorbij de hortensia’s kwam, het knusse ruisen van de druppels die op de struiken neerdaalden.

Ik hoor nog het timbre van haar stem, ze had een opvallend lage, warme stem voor een jonge vrouw, wat alles wat ze zei van opgeruwd fluweel maakte.

Als je terugdenkt aan bepaalde momenten in je leven, haalt je brein dan de originele gebeurtenis op? Of zijn daar nieuwere, veranderde versies voor in de plaats gekomen die elke keer als je de herinnering ophaalt de oudere overschrijven?

Versies die opnieuw ingekleurd zijn, met hier en daar wat weglatingen, toevoegingen en kleine verfraaiingen, waardoor het herinneren je steeds verder wegvoert van dat ene moment in het verleden. Misschien moeten we onze her­inneringen met rust laten, zodat ze in hun oorspronkelijke staat bewaard blijven.’

Lees verder in

Rode zomer | Frouke Arns | ISBN 9789026372490 | € 22,99 | uitgeverij Ambo Anthos | bestel Rode zomer bij je lokale boekhandel of bij bol.com (ook verkrijgbaar als e-book)

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Ciao tutti is hét startpunt voor je vakantie naar Italië, bomvol persoonlijke tips. Buon viaggio!