Ga op pad met onze City Walks!

Retabel – Siciliaanse passies

Op 3 april nam ik jullie mee op sleeptouw door Palermo. Een van de lezers noemde toen in haar reactie al de naam van de heilige Rosalia, de patroonheilige van de stad. Het toeval wilde dat ik een paar dagen later een boek in handen kreeg dat begint met een lofzang op Rosalia:

‘Rosalia. Rosa en lia. Rosa die benevelde, rosa die verbijsterde, rosa die roofde, mijn zinnen zijn ontzind. Rosa die geen roos is, rosa die doornappel is, jasmijn, elfrank en bitterzoet; rosa die pomelia is, magnolia, petunia en gardenia. Dan zonsondergang, en bij avondstond, als de opalen bol aan het zwerk verschijnt, de lucht niet langer zengt, daalt genadig koelte neer en overschrijdt een bries van zee het glinting, strijkt langs palmen en pilaren van het klooster in clausuur, vangt, omvangt, verstuift lichte odeuren, sublieme aromen, droesige balsemgeuren. Rosa, ze stak, wee!, met haar giftige doorn recht in mijn hart.

Lia die mij liasseerde als ceder en citroen de lippen, liane van smarten, eeuwige keten, bedwelmende libatie, betoverende likeur, dodelijke drank, liefde die mijn lichaam delgde, lelie van de limbus die ik godinne waande, lint dat mij omslingerde en verstikte, slangetong, vergif deed je me slikken, fiere liebaard, lipide van mijn ziel, zwarte liquor, pek waarin ik, wee mij verdoemde!, reddeloos ten onder ging. Kroon van vreugd en kwelling, slang die in haar staart bijt, slinger zonder begin en eind, rozenkrans van vervoering, verdorven referein, donkere afgrond, put van lusteloosheid, blinde doling, ledige nacht zonder licht, Rosalia, mijn bloed, mijn kwelgeest, waar ben je?’

Aldus de eerste regels van Retabel – Siciliaanse passies van Vincenzo Consolo. Een lofzang op de liefde, zowel de hoofse als de aardse. Een jonge monnik, Isidoro, vlucht uit het klooster vanwege zijn hartstochtelijke liefde voor de schone Rosalia. Hij komt in dienst bij een Milanese edelman, Fabrizio Clerici, die een rondreis over Sicilië maakt om zijn liefdesverdriet te vergeten.

Tijdens hun tocht door het adembenemende landschap met talrijke resten uit de Oudheid, maar waar het ook wemelt van de struikrovers, vertellen de reisgenoten elkaar – en de lezer – hun levensverhalen. In de zijpanelen (retabel betekent namelijk altaarstuk) lees je de hartverscheurende lamentaties van Isidoro en Rosalia, in het middenpaneel dat van Fabrizio Clerici.

Retabel is het eerste boek van uitgeverij Novecento, die waardevolle boeken uit wil geven die in de vergetelheid zijn geraakt, niet meer in de handel zijn of zelfs nooit in het Nederlands zijn verschenen. Novecento richt zich vooral op boeken die in het begin van de twintigste eeuw geschreven of gepubliceerd zijn. Bij het literaire werk dat Novecento zal gaan uitgeven ligt de nadruk op romans waarin vorm en taal minstens zo belangrijk zijn als het verhaal zelf.

Met Vincenzo Consolo’s Retabel heeft Novecento in elk geval een schitterende aftrap gegeven van dit streven. Consolo, die in 1933 op Sicilië is geboren, wordt gezien als een van de grootste Siciliaanse schrijvers van de twintigste eeuw. In 1992 won hij de Premio Strega, de meest prestigieuze Italiaanse literatuurprijs. Zijn romans zijn al in veel landen vertaald, maar dit is de allereerste Nederlandse vertaling van een werk van Consolo.

Consolo is een taalvirtuoos, hetgeen het voor vertaalster Pietha de Voogd niet altijd even makkelijk maakte om de tekst naar het Nederlands om te zetten. De Voogd vertaalde eerder De naam van de Roos (Umberto Eco) en De eenzaamheid van de priemgetallen (Paolo Giordano), maar Retabel beschouwt ze als het mooiste en moeilijkste werk dat ze ooit vertaald heeft.

Aangezien ik zelf ook wel wat Italiaanse vertalingen gemaakt heb, kan ik me daar wel een voorstelling bij maken. Zo schrijft Pietha de Voogd in de verantwoording achter in het boek dat ze een aantal dagen met Consolo heeft doorgebracht om verschillende stijlkwesties met hem te bespreken. ‘Zijn literaire prioriteiten zijn duidelijk: ritme, klank, rijm, stilistische kunstjes, veel dubbele betekenissen (vaak verwijzend naar de Italiaanse politiek of cultuur) en contrasten, uitvergrote beelden als het ware, die een zuinige Nederlander misschien overdrijvingen zou noemen.’

Pietha de Voogd heeft geprobeerd om het Nederlands in dezelfde geest op te tekenen. ‘De zinslengte van het Italiaans is strikt gehandhaafd, omdat die naar mijn mening een hoofdbestanddeel is van de ‘adem’, het ritme van het verhaal. Ik ben me ervan bewust dat deze roman van Nederlanders misschien meer inspanning vergt dan van Italianen, gewend als zij zijn aan rijk taalgebruik. Ritme en klank, de muziek, spelen een hoofdrol. Daarom heb ik de betekenis van een woord er soms ondergeschikt aan gemaakt.

Vooral de eerste bladzijde (waar ook bovenstaand fragment uit afkomstig is) illustreert dit. De genoemde planten zijn gekozen om de klank en het ritme van hun naam, ofschoon ze wel allemaal, net als in het origineel, lid zijn van de – giftige – familie der nachtschaden. Het spel met de naam Rosalia vergde soortgelijke ingrepen: het ritme is dat van de rozenkrans (Isidoro is immers een gewezen monnik), de woorden beginnend met lia staan in alfabetische volgorde, het Italiaans telt immers ook veel alliteratie en beginrijm.’

Dit alles maakt Retabel tot een ode aan de rijkdom van de Italiaanse taal, aan het prachtige ritme van de woorden die Consolo zo zorgvuldig optekende en die je er als het ware nog doorheen gefluisterd hoort. Iedereen die de Italiaanse taal een warm hart toedraagt zal hiervan genieten, van elke zin opnieuw. Laten we hopen dat Retabel een succes wordt, zodat uitgeverij Novecento snel weer zo’n pareltje kan laten vertalen!

Retabel – Siciliaanse passies
Vincenzo Consolo
vertaald door Pietha de Voogd
ISBN 9789491126017
€ 17,50
uitgeverij Novecento | www.novecento-press.nl

Ontdek onze droomplekken in Italië!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *