Ga op pad met onze City Walks!

Napolitaanse levenskunst

Nine Boor heeft een tussenjaar genomen om Italiaans te studeren in Napels. Ze laat ons geregeld meegenieten van haar avonturen in la bella Napoli, met dit keer een mooi staaltje Napolitaanse levenskunst.

Nine: ‘Na twee maanden Napoli had ik verwacht dat ik de vriendelijkheid van de Napoletani wel gewend zou zijn. Niks is minder waar en telkens als iemand me helpt of onverwacht iets aardigs naroept, ben ik weer verbaasd. Er is in Napoli veel moois te zien, maar hier leer ik ook dat schoonheid in het hart zit.

Zo ook toen ik op zoek was naar een winkel waar ze batterijen verkochten. Ik had op school beloofd dat ik een taart zou bakken aan het einde van de eerste maand. Toen ik tevergeefs alle kastjes doorgezocht had naar een batterij voor de weegschaal, besloot ik op pad te gaan. Het was avond dus alles was donker en ik wist het Italiaanse woord voor batterij niet, dus het leek bij voorbaat al een kansloze zoektocht.

Bij de eerste winkel had de verkoper geen batterijen. Hij verwees me door naar een andere winkel aan het einde van de straat. Hij vroeg me of hij mee moest lopen, maar ik bedankte vriendelijk.

Toen ik bij de winkel die hij me had aangeraden aankwam, bleek het een motoronderdelenwinkel te zijn. Toch waagde ik het erop en vertelde de verkoper dat ik niet zo goed Italiaans sprak. Hij ook niet zei hij, grappend. Ik probeerde de verkoper duidelijk te maken wat ik bedoelde en na vijf minuten met mijn handen gepraat te hebben (probeer nooit een batterij uit te beelden met je handen, lukt niet), diverse woordenboeken gebruikt te hebben (grazie Google Translate!), snapte hij wat ik bedoelde. Hij maakt me duidelijk dat hij dat niet had, maar ook waar ik het absoluut wel zou kunnen kopen. ‘Moet ik met je meelopen, cara?’ riep hij me nog na, maar ik lachte vriendelijk en vervolgde mijn pad.

Ik liep volgens zijn aanwijzingen naar het winkeltje en warempel: ze hadden her batterijen, voor één euro! Ik had alleen een briefje van tien en vijftig cent. Hij pakte de vijftig cent en vroeg me morgen de andere vijftig cent te komen brengen. Ik beloofde dat zeker te zullen doen en liep terug naar huis, met onderweg een korte tussenstop bij de motorman om hem te laten zien dat het gelukt was. ‘Ik ben trots op je, goed gedaan!’ zei hij blij.

De volgende dag heeft de vriendelijke verkoper mijn handen gekust omdat ik de eerste was in zijn carrière die daadwerkelijk het resterende geld kwam brengen. ‘Zijn alle Nederlanders zo trouw, bella?’ vroeg hij nog.

Na twee maanden Napels heb ik zo mijn favoriete plekken in de stad. Zo geniet ik bijvoorbeeld van eindeloos zitten aan de Lungomare. Afgelopen week scheen de zon en oefende ik samen met een vriendinnetje aan de Lungomare wat we die dag geleerd hadden (dat Italiaans gaat overigens nog niet van harte, om te oefenen heb ik nu bijvoorbeeld maar een Donald Duck in het Italiaans gekocht…). Een man maakte een foto van ons terwijl zaten te praten. Ik wilde hem vragen of ik de foto mocht zien, maar durfde niet.

Balend zat ik daar te chiacchiare (babbelen) met mijn vriendinnetje, maar gelukkig zag ik de man met de camera van de week weer in de stad. Ik sprak hem aan; wie niet waagt, die niet wint. Trots als Napolitanen zijn, voelde hij zich vereerd dat ik als olandese hier was om zijn taal te leren. Hij stuurde me ’s avonds de foto en nodigde me uit voor de voetwedstrijd Napoli-Madrid. Maar ik lag al in mijn bedje, want een nieuwe taal leren put je uit. Ik heb hem beloofd dat ik er volgende voetbalwedstrijd bij ben. ‘Dat zal de beste dag van je leven worden,’ drukte hij mij op het hart.

Zelfs als je geld staat te pinnen, zijn ze lief, die Napolitanen. Ik vergat mijn bonnetje en de mevrouw na mij riep me na: ‘Carina, dai dai!’ ‘Ah grazie signora, grazie!’ ‘Tu sei alta e tu sei bellissima. Buona serata, carina, buona serata.’

Vorige week kreeg ik een mailtje van een oud-leraar, die schreef: ‘De grootste vulkaan van Europa ontwaakt. Een bedreiging voor heel Europa.’ Toen ik daar vorige op danste, merkte ik er niks van. Maar misschien is dat de reden dat de Napolitanen zo aardig zijn, dat elke dag de laatste kan zijn?’

Ontdek onze droomplekken in Italië!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *