Ga op pad met onze City Walks!

Vrouwen van de keizers

Dwalend door de vertrekken van de Villa Poppeia, lijkt de geschiedenis ineens heel dichtbij. Je voelt bijna de adem van Poppeia langs je haren strijken, je hoort bijna het geruis van haar gewaden.

Maar stellen we ons het leven van deze Romeinse vrouwen niet te romantisch, te idyllisch voor? Waren zij er niet grotendeels alleen ter meerdere eer en glorie van hun man? Het zal in elk geval uitgesloten zijn geweest dat ze, zoals ik gewend ben, alleen op pad gingen om de wereld te ontdekken. Wanneer ik aan de suppoost vraag wat Poppea hier zoal deed en hoe vaak ze haar minnaar zag, haalt hij zijn schouders op. Hij bromt dat hij zich nooit heeft verdiept, hij is hier alleen maar om de fresco’s te bewaken. Het leven van de vrouwen van de keizers staat mijlenver van hem af.

Maar mijn nieuwsgierigheid is gewekt en eenmaal terug in mijn appartement duik ik in mijn boekenkast. Als ik het me goed herinner wijdt Michael Sommer in De Romeinse keizers – Het leven aan het hof en op veldtocht een paar pagina’s aan de vrouwen van de keizers:

Ook hij worstelde met de vraag over hoe het leven van de Romeinse keizers er nu precies uitzag. De mannen die vijfhonderd jaar lang Rome regeerden, behoren dan wel tot de beroemdste en beruchtste heersers uit de geschiedenis, maar wat weten we nu eigenlijk over hun dagelijks leven, over de intriges achter de schermen en over hoe ze het rijk bestuurden? Hoe was hun relatie met hun vrouwen, minnaressen, functionarissen en het leger? En hoe kwamen ze nu eigenlijk aan de macht?

In De Romeinse keizers schrijft historicus Michael Sommer levendig en met kennis van zaken over de personen die het Romeinse keizerschap vorm gaven. In zeven thematische hoofdstukken passeren de stichting van het rijk, de verschillende wegen naar de macht, keizerlijke bouwprojecten en keizerlijke veldtochten de revue.

Hij laat duidelijk zien hoe de rol van keizer door de eeuwen heen veranderde: van het oorspronkelijke concept van ‘eerste onder gelijken’ tot de soldatenkeizers van de derde eeuw, de afstandelijke personages uit de tijd van Constantijn en ten slotte de passieve ‘schaduwkeizers’ ten tijde van het verval en de ondergang van Rome.

Maar mijn vraag ging specifiek over de vrouwen van de keizers. Daarover schrijft Sommer: ‘De vrouwen van de keizers werden net als andere vrouwen in de Romeinse wereld niet geacht om macht uit te oefenen. Hun domein was het huis, de domus. Pogingen om de traditie te doorbreken, stuitten op felle kritiek: slechts enkele first lady’s kregen de goedkeuring van Romeinse historici. Voor de vrouwen van de keizers was de lijn tussen decorum en een gebrek daaraan bijzonder dun: ze stonden permanent in de schijnwerper, beschikten over veel geld en hadden veel beschermelingen. Veel vrouwen hadden grote invloed op hun echtgenoten en zonen en oefenden zo macht uit, zij het indirect. Enkele uitzonderlijke vrouwen zoals de soldaat-koningin Zenobia regeerden zelf. In de Romeinse maatschappij was de rolverdeling verder altijd scherp gedefinieerd. Veel keizerinnen mochten dan erg machtig zijn, geëmancipeerde vrouwen waren ze niet.

Tacitus, Suetonius en andere Romeinse historici bekritiseerden Claudius wegens diens slaafse gehoorzaamheid aan de vrouwen om hem heen. Claudius had in totaal vier vrouwen. Toen hij in 41 na Christus keizer werd, was hij getrouwd met zijn derde vrouw, Valeria Messalina, een achternicht van Augustus. Over Messalina hebben Romeinse historici een eensluidend oordeel: ze was een meedogenloze sloerie, een jaloerse, sluwe nymfomane.

Er wordt beweerd dat ze verantwoordelijk was voor de executie van de gerespecteerde senator Appius Junius Silanus, een vertrouweling van Claudius. Silanus zou herhaaldelijk haar avances hebben afgewezen. Gebruikmakend van de goedgelovigheid van Claudius en van zijn neurotische angst voor samenzweringen spande ze vaak samen met Narcissus, Claudius’ vrijgemaakte slaaf en belangrijkste secretaris, tegen vrienden van de keizer.

De druppel die de emmer deed overlopen was Messalina’s plan om met een andere senator te trouwen, de aangewezen consul Gaius Silius, toen Claudius een offerdienst leidde in de haven van Ostia. Nu ging ze te ver en onder leiding van Narcissus kwamen de vrijgemaakte slaven in actie voordat het te laat was. Ze gaven Messalina en Gaius Silius bij de keizer aan en lieten de Pretoriaanse Garde het oproer neerslaan.

Na de dood van Messalina trouwde Claudius met zijn nicht Agrippina, dochter van Germanicus, zus van Caligula en moeder van Nero. ‘Een vrouw die tot de dag van vandaag haar gelijke niet kent: dochter van een keizer en zuster, vrouw en moeder van een schrijver,’ luidde de beschrijving van Tacitus.

Agrippina had een zoon, Nero, van haar eerste man, Gnaeus Domitius Ahenobarbus. Na haar huwelijk met Claudius had ze maar één doel voor ogen: haar zoon in het keizerlijk purper. Door dit doel na te streven handelde ze als een heuse Romeinse aristocrate: eer en glorie voor de domus was een legitiem streven voor de dochter van een senator. Maar het feit dat de domus van Agrippina het Julisch-Claudische huis was, vormde een dilemma voor Tacitus. Omdat ze lid was van de heersende dynastie, hadden haar daden per definitie een politieke dimensie, maar de politiek was niet het domein van een vrouw.

Om deze paradox te verklaren schildert Tacitus Agrippina in zijn Annales af als een manwijf, een bloeddorstige tiran in een vrouwelijke gedaante. Het huwelijk van Agrippina met Claudius verandert Rome:

Vanaf dit ogenblik stond het staatsbestel op zijn kop en alles gehoorzaamde aan een vrouw, die niet, zoals Messalina dat deed, uit losbandigheid de draak stak met het openbaar belang; het werd een strak gehouden, ja schier mannelijke tirannie. Voor de buitenwereld gestrengheid en over het algemeen hooghartigheid, in eigen kring was er niets dat niet door de beugel kon, of het moest dienstig zijn voor haar heerszucht.
Tacitus op. cit. Boek XII, 7

In een brief aan Domitia Lucilla, de moeder van Marcus Aurelius, beschrijft de filosoof Fronto haar als een voorbeeld van de ideale keizersvrouw: ‘U bezit alle deugden en inzichten die een vrouw passen: liefde voor uw man en uw kinderen, voorzichtigheid, oprechtheid, waarheidslievendheid, vriendelijkheid, volgzaamheid, toegankelijkheid en bescheidenheid.’

Een voorbeeldige first lady was Livia, de derde vrouw van Augustus. Zij steunde haar man, zag toe op de opvoeding en opleiding van hun kinderen en kleinkinderen en bleef in het openbaar op de achtergrond. Anders dan Agrippina had Livia geen intriges of moord nodig om haar domus machtig te maken. Maar iedereen was zich bewust van de ‘invloed die ze op haar echtgenoot had,’ schrijft Cassius Dio.

Wanneer iemand haar vroeg wat haar geheim was, antwoordde ze ‘dat ze ingetogen en kuis was, dat ze met plezier aan zijn wensen tegemoetkwam, dat ze zich niet met zijn verhoudingen bemoeide en vooral, dat ze niet liet merken op de hoogte te zijn van zijn minnaressen.’

Ondanks het feit dat het leven van de vrouwen van Romeinse keizers me blijft intrigeren, besef ik maar al te goed dat ik nooit in de schoenen van Livia had kunnen staan. Wat een opoffering, wat zal zij vaak haar woorden ingeslikt moeten hebben. Dan bekijk je zo’n prachtig huis (zie de foto’s van gisteren) toch ineens met heel andere ogen…

Meer lezen over het leven van de Romeinse keizers? Bestel het boek van Michael Sommer via deze link bij bol.com

Ontdek onze droomplekken in Italië!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *