Ga op pad met onze City Walks!

Julia’s verdwijning

Na de culinaire onderbreking van gisteren kunnen we vandaag weer volop genieten van het enorme culturele aanbod in Rome. Ik schreef eerder al over de grote Van Gogh tentoonstelling in Il Vittoriano, maar omdat mijn reisgenoot deze expositie ook graag wilde zien, kocht ik nogmaals een ticket en slenterden we langs de kleurrijke werken van Van Gogh, met als grote gemene deler de moderne stad en het tijdloze platteland.

Aangezien het vreselijk druk was en ik de schilderijen lang niet zo goed kon bekijken als ik zou willen, besloot ik door te lopen naar een koffiebarretje en daar te wachten totdat mijn medereiziger alle doeken tot in detail had bewonderd. Gelukkig bleef ik dankzij een nieuw jeugdboek dat ik vlak voor vertrek op Schiphol had gekocht nog wel in de stemming.

In Julia’s verdwijning maakt Julia namelijk een tijdreis langs een aantal grote schilders. Tijdens een voorstelling van de illusionist Hoffman, waar Julia’s opa haar mee naar toeneemt, gaat er iets mis. Normaal gesproken laat de illusionist twee tijgers verdwijnen en weer terugkeren, maar nu keert slechts één van de tijgers terug. Tot haar ontzetting ziet Julia dat haar opa plotseling is verdwenen.

Julia ontvangt een sms’je dat haar opa gevangen wordt gehouden. Wil ze hem ooit nog terugzien, dan moet ze een tijdreis maken. Ze krijgt de opdracht om voor zo weinig mogelijk geld een aantal schilderijen van Vincent van Gogh te bemachtigen en mee te nemen naar onze tijd. Zo belandt Julia in het Arles van 1888. Ze zoekt vier schilderijen uit, maar verstopt de kunstwerken. Dat is het begin van een avontuurlijke reis, waarbij ze onder anderen Robinson Crusoe, Frida Kahlo, Caravaggio en Albert Einstein ontmoet. Wanneer Hoffman erachter komt dat Julia de schilderijen heeft verstopt, zet hij de achtervolging in. Kan Julia met de schilderijen ontkomen? En zal ze haar opa ooit nog terugzien?

De eerste glansrol is weggelegd voor Vincent van Gogh:

‘Van Gogh leek nerveus te zijn. Hij krabde zich in zijn baard en liep maar te ijsberen door de kamer. Ook keek hij voortdurend door het raam naar buiten. Julia ging op haar knieën zitten om de stapels doeken te bekijken. Het was alsof ze een wereld van licht binnenstapte. De schilderijen gloeiden en schitterden. Gele, rode, groene en blauwe tinten straalden haar tegemoet. Het waren zonnige landschappen en straten, figuren en gezichten, alles geschilderd met krachtige, losse penseelstreken. De meest gebruikte kleur was geel, Van Gogh leek er dol op te zijn.

‘Nou,’ vroeg Van Gogh, ‘welke wil je hebben?’
‘Het is moeilijk om te kiezen,’ zei Julia voorzichtig. ‘Ik vind het mooi dat u zo veel geel gebruikt in uw schilderijen.’
‘Geel, ja!’ zei Van Gogh, en ineens klonk zijn stem vrolijker. ‘In Parijs was alles zo donker en grauw, maar toen ik hier in het zuiden kwam, ontdekte ik het licht en de zon. Plotseling werd het veel leuker om dingen te schilderen.’

Hoe het verder afloopt met Julia en Van Gogh blijft ook voor mij nog even een verrassing, want mijn reisgenoot haalde me terug naar de Romeinse koffiebar om plannen te maken voor de rest van de dag. Ik ben in elk geval erg benieuwd naar welke schilderijen van Van Gogh Julia uiteindelijk zal kiezen, en natuurlijk ook naar haar ontmoeting met Caravaggio, niet de schilder met de beste manieren.

Wie Julia’s verdwijning wil lezen, raad ik overigens aan om eerst de eerdere belevenissen van Julia en een aantal beroemde schilders te lezen in Julia’s reis, dat vorig jaar verscheen en onlangs door boekhandel selexyz werd uitgeroepen tot Jeugdboek van het Jaar 2010.

In Julia’s reis maak je voor het eerst kennis met Julia, een meisje van twaalf dat met haar ouders in Stockholm woont. Ze is gek op kunst en kan waanzinnig goed tekenen. Op een dag zit Julia in het park te schetsen, als een vogel haar pen weggrist. Van schrik laat ze haar kladblok liggen. Wanneer ze de volgende dag terugkomt, heeft iemand er een boodschap in geschreven: 18 september, 15.00 uur.

De onbekende boodschapper blijkt een jongen te zijn die haar op het hart drukt ‘goed voor haar handen te zorgen, omdat ze heel bijzonder zijn’. Julia weet niet goed wat ze hiervan moet denken. De volgende dag bezoekt ze met haar opa het Nationaal Museum in Stockholm. Wanneer Julia per ongeluk Het keukenmeisje van Rembrandt aanraakt, verdwijnt ze in een zwart gat. Ze wordt wakker in de wereld van Rembrandt, het jaar is 1658. Het enige wat Julia bij zich heeft, zijn haar schetsboek en haar tekenpotlood.

Dit is het begin van een avontuurlijke en wonderlijke reis door de wereld van de kunst. Julia ontmoet beroemde kunstenaars als Velázquez, Leonardo da Vinci, Edgard Degas, William Turner en Salvador Dalí. Van elke kunstenaar leert Julia nieuwe kneepjes van het vak. Maar hoe komt ze weer terug in 21e eeuw? Het geheim ligt in Julia’s handen…

Ontdek onze droomplekken in Italië!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *