Ga op pad met onze City Walks!

Het beste restaurant van Italië – de lekkerste reis aller tijden

Vorig jaar maakte Dylan van Eijkeren een culinaire reis door het land van pasta, buffelmozzarella en wijn. Hij bewerkte zijn ervaringen tot een nieuw reisboek, Het beste restaurant van Italië, dat zowel een ode is aan de Italiaanse keuken als een zoektocht naar de lekkerste adresjes door heel het land.

Hoewel eten centraal staat en er dagelijks een nieuwe culinaire uitspatting op de agenda staat, gaat het Van Eijkeren vooral ook om de ontdekking van het echte Italië. Hij vraagt locals om tips en komt zo terecht in de beste restaurants – uiteenlopend van een sterrenrestaurant op een magnifieke plek tot een eenvoudige trattoria in een achterafsteegje. Aan de hand van de lokale keuken onderzoekt Van Eijkeren de culturele en maatschappelijke verschillen tussen de Italiaanse regio’s. Het resultaat: een grappig, smakelijk en lichtverteerbaar reisverhaal.

Uiteraard komt Dylan van Eijkeren ook in Rome. Lees maar mee!

‘Op de plattegrond leek het een makkie, maar in de nazomerse ochtendwarmte blijkt het een uitputtingsslag om via de Engelenburcht en het Vaticaan naar de oude volkswijk Trastevere te wandelen. Daar bekijk ik de Via dei Salumi, waar geen worst te bekennen is. Wel zitten er meubelmakers, sieradenvrouwtjes en houtdraaiers, in piepkleine, primitief-toeristisch uitziende werkplaatsjes.

In de Via della Lungaretta, inderdaad een tamelijk lange straat voor trasteveriaanse begrippen, tref ik Osteria Ditta Trichetti naast A Restocampo, die als gezamenlijk motto voeren: ‘We are against war and tourist menu’. Dat klinkt goed, maar beide eettentjes zijn nog gesloten.

Ik moet vroeg lunchen want vanavond ga ik Romeins eten tot ik erbij neer zal vallen. Om de hoek, aan de piazza Santa Maria in Trastevere, tref ik Ristorante Sabatini in Trastevere: een toeristenval. Of?

Mijn theorie is dat Italianen zo hechten aan eten dat ze het zelfs voor toeristen goed willen serveren. Waar de wereld enigszins draaiende wordt gehouden door mensen die op koopjes uit zijn en mensen die koopjes verkopen, zodat iedereen de hele dag minder gelukkig kijkt dan nodig is, waar mensen op vliegvelden, campings, aan kusten en stranden, op bergen en bij watervallen, in pretparken en pannenkoekenhuizen troep te eten krijgen tegen afbraakprijzen, breek ik hier een lans voor de Italiaan.

Door die uitzinnige trots op die ouderwetse keuken is het voor de Italiaan genetisch vrijwel onmogelijk (op straffe van een brouille met moeder, in elk geval) beroerd eten te serveren. Natuurlijk barst het van de uitzonderingen en begint iedereen die ooit een dag in Italië is geweest nu te roepen waar je slecht kunt eten, maar de norm in Italië, het gemiddelde niveau, de culinaire standaard, die is simpelweg hoger dan elders ter wereld en ik zeg dat dat komt door die ijdele arrogantie.

Neem de branzino ofwel spigola (in het noorden noemt men zeebaars ‘branzino’, in het zuiden ‘spigola’, in Rome mag het allebei) die ik in Sabatini eet. Verser kun je ‘m je niet voorstellen, lekkerder moeilijk, en een simpeler bereiding is volstrekt onmogelijk. De tranen schieten er van in mijn ogen. Zo goed! De witte wijn, Santa Teresa Superiore uit Frascati – vlak bij Rome – van Fontana Candida, houdt zich er ijzersterk bij.

Leer me mezelf kennen. Als ik eenmaal de smaak te pakken heb, ben ik onstuitbaar. Dus bestel ik na de zeebaars (niet alleen wilde ik vroeg lunchen, ook zou ik weinig lunchen) een portie gefrituurde fiori di zucchini (courgettebloemen gevuld met buffelmozzarella en ansjovis), gegrilde aubergine (met afstand de beste die ik ooit at) en broccolipuntjes (idem, al is het ook de eerste keer), en bruschetta met tomaat en ansjovis.

Wat zeg ik: meer wil ik hier eten. Dat doe ik. Een spaghetti alla pescatora, een licht veredelde spaghetti alle vongole, die niet alleen naar de binnenkant van de schelpen smaakt; ik krijg het idee dat ik de binnenkant van een schelp bén.’

Dylan van Eijkeren vervolgt zijn culinaire weg in Rome en gaat ’s middags naar Testaccio, uiteraard niet zonder een bezoek aan delicatessenwinkel Volpetti (zie mijn eerdere artikel op Ciao tutti) en Birreria Palombi. ’s Avonds eet hij hier rigatoni alla pajata, zoals Van Eijkeren het zelf omschrijft: ‘geribbelde buisjespasta met twaalfvingerige darm’. Hoe dat smaakt, lees je in Het beste restaurant van Italië – de lekkerste reis aller tijden, net als Van Eijkerens andere culinaire avonturen in onder andere Bologna, Grosseto, Lucca, Parma en Milaan.

Buon viaggio!

Het beste restaurant van Italië – de lekkerste reis aller tijden | Dylan van Eijkeren | ISBN 9789044516128 | € 17,90 | uitgeverij De Geus

Ontdek onze droomplekken in Italië!

3 reacties

  1. Mamma mia ik zou zo het vliegtuig naar Trastevere kunnen nemen…Voor dat boek ga ik, zeker weten!
    Dank voor de lekkere info
    Elise

  2. Wie en waar in Grosseto! Dat wil ik weten, kom er al zo lang!
    Kan ik er van de zomer eens een kijkje gaan nemen of beter een hapje! 🙂
    Ciao, Saskia

  3. Even een kleine ontnuchtering na al deze extase. Vooropgesteld, het eten bij Sabatini is inderdaad uitstekend. De prijzen zijn echter exorbitant en de bediening heel erg langzaam. Op de rekening heb ik een keer een half uur moeten wachten en protesteren hielp niet. Na drie bezoekjes (twee en drie omdat het eten, vooral de vis, inderdaad héél goed is) houd ik het voor gezien.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *