Ga op pad met onze City Walks!

De duizend monden van onze dorst

De zomer van 1946 bruist van energie en nieuwe levensvreugde, de lucht is vervuld van hoop en liefde. Marzia ontmoet Emma op het feest ter ere van Emma’s achttiende verjaardag. De twee jonge vrouwen, die in alles elkaars tegenpolen zijn, voelen zich direct en onvoorwaardelijk tot elkaar aangetrokken, maar hun families weigeren hun liefde te accepteren.

Voor Marzia wordt een huwelijk gearrangeerd met een oudere man met wie ze naar Argentinië vertrekt. Emma bouwt in Italië een glansrijke carrière op als kunstcritica. Marzia schrijft brieven aan Emma, maar deze blijven onbeantwoord. Zodra haar leven het toelaat, keert Marzia terug naar Italië en gaat op zoek naar haar grote liefde.

Een fragment:

‘Marzia had Emma nog nooit gezien. Ze had wel eens praatjes over haar opgevangen thuis, tijdens het middageten, en wat er over dat meisje werd gezegd, had bij haar slechts een vage nieuwsgierigheid gewekt, meer niet.
Ze liepen langs een grote bomkrater aan de rand van de tuin, het leek nu net een vijver; in het stilstaande water kwaakten de kikkers en de padden dat het een lieve lust was.

Ze waren met z’n tweeën gekomen, in de auto die de chauffeur had geparkeerd op het gras naast de weinige andere automobielen. Naarmate ze dichter bij de verlichte tuin kwamen, zag Marzia steeds meer gearmde mensen die elkaar begroetten, aarzelend maar ook verlangend naar plezier. Iedereen lachte en voelde de behoefte om eindelijk weer eens feest te vieren, om bij elkaar te komen en lol te hebben na zoveel jaren van ellende en angst, van afzondering, van sterfgevallen en verwoestingen waardoor het land totaal in puin lag.

Toen Marzia en haar moeder de tuin in kwamen, stonden er al heel wat gasten. Er waren overal kaarsen, op het gazon, op de binnenplaats en op de balkons, zodat de voorgevel werd beschenen, gehavend door mitrailleursalvo’s die als een sierstrook over het gele pleisterwerk liepen en ook de houten luiken bewerkt hadden.

Zou dit het geluk zijn waar ik zo van gedroomd heb? dacht Marzia. Ze voelde zich verbonden met de stilte en de natuur. Ze kon luisteren naar de huiveringen die door de uiteinden van bomen gingen, de lichte trilling door de heggen in open veld, het ruisen van de sneeuw die lichtjes in het bos neerdwarrelt. Ze was in staat de schoonheid te vangen van een kortstondig, vluchtig moment, wanneer de dag ontwaakt. Ze had de gave om de natuur te voelen in de eerste zonnestraal, wanneer dromen verstommen in de dageraad en zich laten meevoeren door het gezang van de merels. De avond weerklonk in haar als het lied van de nachtegaal verborgen tussen het gebladerte. Dat geheim van haar ziel had ze op kostschool ontdekt, toen ze uren naar de tuin had zitten staren voor het raam, een gevangene van haar dagen, wachtend tot er iemand zou komen om haar daar voorgoed weg te halen.

Haar moeder keek haar bezorgd aan. ‘Is er iets?’
Marzia schudde haar hoofd. Maar in werkelijkheid glimlachte ze naar de avond, naar de schaduwen, naar alle bijbehorende geluiden, naar het gekwaak van de kikkers en de padden, en naar het getjilp van de krekels, verstopt in het gras.’

Lees welke gevolgen het verjaardagsfeest van Emma voor Marzia heeft in het ontroerende De duizend monden van onze dorst, waarover La Gazzetta di Parma schreef: ‘De intense tederheid en gekwelde oprechtheid van de opbloeiende liefde geven deze roman een bitterzoete smaak.’ Ideaal voor een zwoele zomeravond!

De duizend monden van onze dorst
Guido Conti
vertaald door Manon Smits
ISBN 9789023463405
€ 18,90
uitgeverij Cargo

2x per week Italiaanse inspiratie

Meld je aan voor de Ciao tutti nieuwsbrief - en ontvang de digitale editie van onze City Walk Klassiek Rome als cadeautje:

Ontdek onze droomplekken in Italië!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *