Download gratis de Ciao tutti app!

Ammiraglio – een debuut over liefde, vrouwelijkheid en veerkracht

Na een episode van borstkanker en reconstructieve chirurgie vindt Sara, een professionele zangeres, haar vrouwelijkheid terug. Ze maakt haar dromen verder waar in de wereld van muziek en theater, en bovendien komt er een nieuwe man op haar pad. De liefde die Sara met Giulio beleeft, is voor haar een overwinning op het leven.

Het wordt ook een oefening in tolerantie en zelfredzaamheid, in loslaten en de essentie blijven zien, want Giulio blijkt een gezin te hebben in het buitenland.

Giulio en Sara hebben een passionele, erotisch geladen relatie, ze doen samen dingen waarbij het strakke militaire en het woelige artistieke soms moeilijk samenvloeien. Zal deze onmogelijke, maar intense en betekenisvolle liefde tussen hen blijven duren?

Ammiraglio – uit de dagboeken van een minnares is de debuutroman van de Vlaamse Sylvia Broeckaert, gebaseerd op haar persoonlijke ervaringen.

Lees alvast een fragment
Puoi prendere il mio braccio.’ Je mag m’n arm vastpakken, zegt hij, de man die naast me zit in het vliegtuig dat me van Pisa naar Charleroi zal brengen.

Ik was als een van de eersten aan boord gegaan en omdat de plaatsen niet genummerd waren, keek ik wat rond en vroeg me af waar ik zou gaan zitten. Bij het vertrek twee weken geleden was ik naast een dame van middelbare leeftijd terechtgekomen, in de menopauze zoals ik zelf, dacht ik toen, ook al ben ik met mijn drieënveertig lentes ongetwijfeld een tiental jaar jonger dan zij.

Ik was toen bij het opstijgen van het vliegtuig onwel geworden, alles werd zwart voor mij ogen. Het duurde niet lang, maar ik was toch van slag. De dame naast me had me getroost.

Misschien was het een plotse bloeddrukdaling geweest, veroorzaakt door de spanning van het alleen reizen – iets wat ik al een hele tijd niet meer had gedaan. Misschien was het het daverende geweld van die optrekkende motoren van het vliegtuig dat ik als het ware tot in het diepste van mijn vezels voelde zinderen.

Bij de terugreis was ik er in elk geval niet gerust op. Toch wilde ik deze keer niet naast een oudere, zorgzame dame zitten.

Mijn oog viel op een van de weinige passagiers die al een plaatsje hadden ingenomen. Hij zat bij een raampje en was verdiept in een boek. Licht gebruinde huid, donker, kortgeknipt haar dat een lichte neiging tot krullen deed vermoeden.

Hij was van het mediterrane type waar ik sinds mijn prille jeugd een voorkeur voor heb. Ik heb altijd gedacht dat de liefde voor mijn vader daar iets mee te maken had. Ook hij had ravenzwarte haren die licht krulden en werd donkerbruin bij het minste beetje zon.

Zelf ben ik koperblond met een lichte sproeterige huid. In Italië denkt men meestal dat ik een Engelse ben of een Duitse, iets wat ik altijd snel rechtzet. Nee hoor, ik ben Belgische, Vlaams om precies te zijn. Bij dat laatste kijken mensen alsof ze het in Keulen horen donderen.

De man naast wie ik wilde gaan zitten, keek heel even op en knikte vriendelijk toen ik vroeg of ik me mocht installeren. Hij las een Engelstalig boek, was sportief maar stijlvol gekleed in een beige linnen zomerbroek, een lichtblauw poloshirt en lichte lederen sportieve schoenen.

Wat een verademing na het zien van de horden Engelse, Duitse en Nederlandse toeristen op de luchthaven van Pisa. Waarom vinden mensen het nodig om tijdens hun vakantie er zo sjofel mogelijk uit te zien? Met schreeuwlelijke korte broeken en onaantrekkelijke T-shirts – om nog te zwijgen over de teenslippers die hun voeten ontsieren.

Ik was gaan zitten en kon mijn blik amper afhouden van de bovenbenen van de man. Afgetrainde spieren deden de stof van zijn linnen broek licht spannen. Ik vond hem meteen onnoemelijk sexy. Was hij een atleet? Of een verwoed sporter? Waarom was hij alleen? Hij was overduidelijk een Italiaan, maar las in het Engels, dus iemand met een zekere intellectuele achtergrond.

Ik bedacht dat ik toch maar beter iets tegen hem kon zeggen over mijn vreemde ervaring tijdens de heenreis – wie weet gebeurde het nu weer, en dan zou hij misschien denken dat ik een aanstelster ben. Dus ik haalde mijn beste Italiaans boven en legde hem uit wat er kon gebeuren tijdens het opstijgen van het vliegtuig. Toen zei hij met een monkelend glimlachje dat ik dan zijn arm mocht vastpakken.

Het vliegtuig zet zich in gang. De denderende motoren overweldigen me opnieuw. Ik duw mijn handen stevig tegen de rugleuning van de zetel voor me om steun te zoeken. Even later is het ergste voorbij. Ik ben helemaal bij bewustzijn gebleven en haal opgelucht adem. We zijn opgestegen en bevinden ons nu op kruishoogte boven de wolken.

Het is heel rustig tijdens deze korte vlucht; op het gejengel van enkele jonge kinderen na. De man naast me blijft verdiept in zijn literatuur.’

Lees verder in

Ammiraglio – uit de dagboeken van een minnares | Sylvia Broeckaert | ISBN 9789463440082 | € 20,- | uitgeverij Vrijdag | bestel Ammiraglio bij je lokale boekhandel of via deze link bij bol.com (ook verkrijgbaar als e-book)

Schrijf je (gratis) in voor de Ciao tutti nieuwsbrief

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *