mei 10

Aanstaande zondag zetten we, zowel in Italië als in Nederland, la mamma in het zonnetje. Het spiksplinternieuwe Ciao tutti-boek is daarvoor natuurlijk een perfect cadeau. Zo kan la mamma mee op ontdekkingstocht door la bella Italia. Wil je een speciaal gesigneerd exemplaar bemachtigen, kom dan aanstaande zaterdag naar het Italië Evenement bij Kasteel de Haar te Haarzuilens. Daar zal ik tussen 13.00 en 14.00 uur in de stand van Il Sogno mijn nieuwe boek signeren.

Voor wie la mamma meer wil geven dan een enkele reis Italië, geef ik hieronder vijf  andere cadeau-ideeën, die allemaal ’iets’ met Italië hebben en waarmee je haar komende zondag vast en zeker blij zult maken!

Altijd lente!
Met de vrolijke vogelhuisjes van Miho Unexpected Things is het altijd lente in huis! Elk huisje is gemaakt van gerecycled hout, naar Italiaans ontwerp. De huisjes zijn onder andere verkrijgbaar via Sjieke Boel.

Je eigen kookboek!
Hoe leuk is het om een eigen kookboek samen te stellen van al je favoriete recepten? Ook leuk: geef la mamma nu het lege schrift, en verzamel allerlei leuke recepten om samen uit te proberen. De succesgerechten krijgen een mooi plekje in dit receptenboek.

Is je moeder geen keukenprinses? De Moleskine Passion Journals zijn er ook voor moeders met katten, moeders met groene vingers, moeders die graag lezen of muziek luisteren, de hele wereld over reizen of niet genoeg krijgen van mode, accessoires en andere stylish things. Verkrijgbaar via moleskine.nl.

Mikado van spaghetti
Nee, dit is geen kunstig gegroepeerde spaghetti maar een tijdschriftenrek, van niemand minder dan Alessi. De verschillende staafjes waar de lectuurhouder uit is opgebouwd lijken in een ogenschijnlijk willekeurig patroon te zijn geplaatst, maar niets is minder waar. Meer verklappen we niet, maar ook als je het geheim niet ontrafelt blijft het een mooie eyecatcher, zeker als ‘ie gevuld is met de laatste nummers van De Smaak van Italië… Onder andere verkrijgbaar via Fonq.nl.

Koffie in Rome
Met de NewWave Caffè-collectie van Villeroy & Boch waant la mamma zich voortaan elke ochtend even in Rome. Genietend van een cappuccino of espresso doemen ook het Pantheon, het Colosseum, het Forum en natuurlijk een Vespa op. Als dat geen goed begin van de dag is…

NewWave Caffè Rome bestaat uit een espresso- en een cappuccinokopje en twee grotere koppen (van 0,25 en 0,35 liter), alle met bijpassende schotel. Ze zijn o.a. te koop via de online shop van Villeroy & Boch.

Zelfgemaakt – maar dan anders
Weet je nog, die zelfgemaakte moederdagcadeautjes die je meenam van de kleuterschool? Fotolijstjes van klei, kettingen van macaroni… Dat kan nu gelukkig een stuk leuker en een stuk professioneler. Op de website van Etsy vind je namelijk allerlei zelfgemaakt cadeaus. Het idee: alle creatievelingen kunnen hier hun (uiteraard mooie) creaties op aanbieden en jij kunt heerlijk rondneuzen. Ik vond bijvoorbeeld deze liefdevolle hanger, maar er is veel en veel meer!

apr 21

Volgens de legende werd Rome op 21 april 753 voor Christus gesticht door de twee-lingbroers Romulus en Remus. Dat betekent dat de Eeuwige Stad vandaag maar liefst 2765 wordt. Om dat te vieren, vinden er verschillende festivals, concerten en andere speciale evenementen plaats in de stad. Bovendien wordt de Romeinse hemel vanavond opgesierd met vuurwerk, dat wordt afgestoken aan de oevers van de Tiber.

Op Ciao tutti vieren we Romes verjaardag met een prachtig gedicht over alles wat je op een dag als vandaag in Rome zou moeten kunnen doen:

‘En, langs het atrium der Vestalinnen
en op de Via Appia Antica gaan
en onder Titus- en Augustusbogen
en voor de David van Bernini staan,

en uit het Pantheon de mussen horen,
en in de buurt de kuil der katten zien,
en door de parken van Maecenas lopen,
en naar de graven der Horatii,

en zitten in de kerk van San Clemente,
en bij de echo’s van een springfontein,
en luisteren naar de blinkende Najaden,
en in een kloostertuin gelukkig zijn,

en door Rome zonder tijd bewegen,
en als een pelgrim in de warme nacht,
en in de kokers van het Colosseum kijken.
En leven in een staat van overmacht.’

Anton van Wilderode
uit: Volledig dichtwerk (1999)

Getagd met:
apr 13

Vandaag vieren ze in Italië de Dag van de Espresso. Voor de vierde keer wordt de populairste soort koffie in meer dan 2600 koffiebarretjes in Italië in het zonnetje gezet. Wie vandaag in een van die geselecteerde bars (herkenbaar aan een sticker op de deur) een espresso bestelt, krijgt er een klein boekje bij met de geschiedenis van koffie en tips over hoe je de echte Italiaanse espresso herkent.

 

Helaas kon ik jullie zo vroeg nog niet van de wetenswaardigheden uit dit vademecum voorzien, maar in plaats daarvan een stukje uit het boek Il caffè sospeso van Luciano De Crescenzo. In het begin van mijn blogcarrière schreef ik al eens over hem:

‘In Napels bestaat al sinds jaar en dag de traditie van de caffè sospeso (letterlijk: koffie in de wacht). Als je in Napels een caffè bestelt, kun je twee kopjes koffie afrekenen. Het ene kopje drink je zelf op, het andere kopje, de sospeso, kan dan later op de dag door een arme Napolitaan worden genuttigd.

Hoewel de traditie van de caffè sospeso vandaag de dag lang niet meer door iedere Napolitaan in ere wordt gehouden, is het voor toeristen erg leuk om te zien hoe op de bestelling van een gewone koffie en een caffè sospeso wordt gereageerd. Wedden dat een caffè sospeso bij iedereen in de smaak valt?’

Om de proef op de som te nemen een klein stukje wijsheid voor bij de eerste espresso van vandaag. In de woorden die De Crescenzo zelf optekende, en waarin hij zo mooi zegt: ‘espresso is niet alleen maar een donkere vloeistof, maar ook een manier om vriendschap te sluiten’.

Zijn tekst in het Italiaans (ook voor mensen die een paar woorden Italiaans spreken redelijk goed te volgen):

‘A Napoli, una volta, c’era una bella abitudine: quando una persona stava su di giri e prendeva un caffè al bar, invece di uno ne pagava due. Il secondo lo riservava al cliente che veniva subito dopo. Detto con altre parole, era un caffè offerto all’umanità. Poi, di tanto in tanto, c’era qualcuno che si affacciava alla porta del bar e chiedeva se c’era un ‘sospeso’.

Tutto questo era dovuto al fatto che erano più i clienti poveri che quelli ricchi. Oggi purtroppo non solo non esiste più chi paga un ‘sospeso’ ma nemmeno chi è disposto ad accettarlo. Un giorno ho conosciuto un brav’uomo, bisognoso di fare amicizie, che di ‘sospeso’ ne pagava addirittura cinque.

È per questo che chiedere un allineamento dei prezzi del caffè in Italia, a mio avviso, sarebbe un errore. Il caffè non è uguale a ogni latitudine: in primo luogo èdiero come sapre, poi come quantità (un caffè del Nord, misurato in centilitri, è almeno il doppio di un caffè del Sud) e infine, come funzione.

Quando al di sopra della Linea Gotica si è giù di corda ci si aiuta con un grappino, a Napoli, invece, con un caffè, e per raggiungere il livello desiderato, credetemi, ce ne voglione almeno tre, e di quelli buoni. Ma tre caffè al giorno costano quello che costano. Forse ce le dovrebbe passare la mutua.

Il caffè di Napoli è diverso da quello di Milano. È minimo come quantità e massimo come sapore. Provare per credere. E soprattutto non è solo un liquido scuro ma, come accennato, un mezzo per fare amicizia. Supponiamo che un giorno incontriate un amico a Napoli, in Piazza dei Martiri. Il minimo che vi dovete aspettare è che vi dica: ‘Prendiamo un caffè’. Il che dalle mie parti equivale a dire ‘buon giorno’.

Ora, però, paragoniamo il caffè di Napoli al caffè di Milano, se non, addirittura, a quello di Monaco di Baviera. Mentre quello tedesco scende, quello di Napoli sale e va a sistemarsi nelle vicinanze del cervello. Non a caso è poco più di un sorso.

Questi capitoli che seguono sono come piccoli sorso di caffè napoletano: brevi, gustosi, ma capaci di salire nelle vicinanze del cervello e fargli un po’ di sano solletico.’

De hoofdstukken die volgen hebben inderdaad precies hetzelfde effect als een klein slokje koffie uit Napels: ze zijn kort, maar zeer smaakvol en ze stijgen direct op naar je hersenen om die even op een gezonde manier bezig te houden. Een aanrader om elke dag een stukje te lezen bij de eerste espresso!

Il caffè sospeso
saggezza quotidiana in piccoli sorsi
Luciano De Crescenzo
ISBN 9788804577744

apr 08

Elke maand publiceert Elisabetta Cascino van ZitiZitoni een van mijn blogs op haar website. Dit keer eens andersom: een blog van Elisabetta op Ciao tutti. Uiteraard over de culinaire tradities die horen bij het paasfeest!

Elisabetta: ‘Waar in Nederland Kerst veel belangrijker is dan Pasen, nemen de twee feesten in Italië een gelijkwaardige plek in. Italianen zijn nu eenmaal gek op tradities en gezien meer dan 90% van de bevolking katholiek is, gaat Pasen niet zomaar aan je voorbij. Ook niet op culinair gebied.

Bij feest hoort zoet en dus vind je rond de Pasen ook in Italië uiteraard de paaseieren van chocolade. Denk niet aan van die kleine eitjes in een zakje, maar aan pompeuze eieren , ingepakt in glimmend kleurrijk foliepapier. In het ei zit vaak nog een kleinigheidje van plastic voor de kinderen. Naast eieren zul je overal de colomba (pasquale) tegenkomen. Deze zoete cake is een beetje vergelijkbaar met de panettone die met de Kerst gegeten wordt. De cake is gemaakt in de vorm van een duif en staat symbool voor vrede.

De paaslunch of het -diner begint men met bijvoorbeeld lasagne, ravioli of een pasta met een lamsragù. Daarna volgt vlees of vis met groente. Lam is een echt traditioneel paasgerecht en wordt gegrild, gebakken of gestoofd. Naast vlees of vis worden voorjaarsgroenten bereid zoals asperges en artisjokken. Een ander traditioneel paasgerecht is de torta pasqualina. Dit hartige taartje komt oorspronkelijk uit Ligurië en dit is met name te zien aan de kruiden die in het gerecht verwerkt worden. De torta pasqualina is ideaal voor de lunch op tweede paasdag, pasquetta, wanneer de meeste Italianen de deur uit gaat om te picknicken.

Met wie eten Italianen deze lekkernijen op? Met wie ze willen. Het gezegde luidt namelijk: Natale con i tuoi, Pasqua con chi vuoi’. Kerst vier je met de familie, Pasen met wie je wilt. Een groot deel viert het de ene dag met familie en de andere dag met vrienden.’

Buona Pasqua, namens ons allebei!

PS In een kleine bakkerswinkel in de wijk Testaccio in Rome was het maken van zo’n colomba nog niet genoeg; de duif werd na het bakken nog eens prachtig versierd met marsepein, bloemen en paaseitjes. Te mooi om niet even met jullie te delen!

Getagd met:
feb 29

Precies een week geleden moest ik afscheid nemen van het Venetiaanse carnaval. De maskers zijn afgezet, de confetti weggespoeld, de kater verdronken. De Venetianen hebben hun stad stilletjes teruggewonnen op de feestvierende massa. Na dagen vol drukte klotst het water rustiger, tevredener bijna, tegen de kades.

Vandaag moet ik afscheid nemen van de stad zelf, en dat valt me een stuk zwaarder dan het afscheid van het carnaval. Van maskers, drukke straten, aangeboden drankjes en meegenieten van de effecten van drinkgelagen krijg je gauw genoeg, terwijl de stad zelf nooit verveelt. Ik pak mijn koffer in en bekijk nog een keer alle geschoten foto’s. Maskers, gondels en bruggetjes passeren de revue, in willekeurige volgorde en vaak in verrassend mooie combinaties.

Gek, dat het weer een jaar zal duren voor deze sfeer weer door de stad waant. Gek ook dat je er tijdens het carnaval soms ontzettend genoeg van kan hebben, van die drukte en het geduw, terwijl het bekijken van die prachtige plaatjes toch een beetje nostalgia oproept. Naar de sfeer, de uitbundigheid, het even loslaten van het dagelijks leven…

Voor iedereen die dit gevoel van heimwee naar het Venetiaanse carnaval herkent, is er gelukkig goed nieuws. Van een vriendin die in de buurt van Bussum woont, kreeg ik namelijk de tip dat in Galerie III in Bussum nog tot en met eind maart een bijzonder fraaie expositie over het Venetiaanse carnaval te bewonderen is.

De expositie laat een ander Venetiaans carnaval zien dan je wellicht verwacht. Galerie III is namelijk de uitdaging aangegaan om diverse, ogenschijnlijk ver uit elkaar liggende kunstdisciplines bij elkaar te brengen en ze zo te exposeren dat de kunstwerken elkaar onmiskenbaar versterken.

De schitterend met de hand vervaardigde Venetiaanse maskers van Olga Dol (over wie ik twee weken geleden al een stukje schreef) vormen de rode draad in deze expositie. De zwierige danseressen van José van ‘t Rood zorgen voor zoveel kleur dat het letterlijk van het doek af spat.

Jettie Hoogenboom daarentegen laat, met haar schilderijen van de Venetiaanse gondels, de serene stilte voelen. De unieke, originele en onverwachtste sieraden van Elize van der Werff vormen een prachtige schakel tussen de maskers, schilderijen en sculpturen. De bronzen beelden en sculpturen van Carla Rump staan voor passie, en zoals zij zelf zegt: ‘Het beeld moet leesbaar zijn als een gedicht’.

Deze vijf bijzonder professionele kunstenaars zorgen ervoor dat Bussum dit jaar even wordt omgetoverd tot een prachtig stukje Venetië. Zo kan ik, voordat ik naar Rome reis, nog heel even de sfeer van het Venetiaanse carnaval opsnuiven. Dat vooruitzicht maakt het afscheid van Venetië een stuk minder moeilijk.

Ik sleep mijn koffer naar beneden, waar de portier hem van me overneemt. ‘Heimwee is al zwaar genoeg,’ mompelt hij, ietwat verlegen. Ik glimlach, en vertel dat ik in Nederland nog gauw een staartje van het Venetiaanse carnaval ga meepikken. Hij is nieuwsgierig, en hoort me uit over de expositie en met name over de kunstenaars. Ik beloof hem een kaartje te sturen vanuit Bussum, en daarmee is hij zo verguld dat hij mijn koffer naar de vaporettohalte sleept.

Daar neemt hij een beetje onhandig afscheid, ietwat beschaamd om zijn gevoelens van heimwee naar een feest dat nog maar net voorbij is en tegelijkertijd toch trots op een eeuwenoude traditie die steeds minder de zijne wordt. Ik druk hem de hand en denk: Venetië is inderdaad mooier als de mensen hun maskers afzetten…

feb 20

Geen beter begin van de maandagochtend dan een goede kop koffie. Met de nadruk op goede. Sinds ik De Smaak van Italië als werkgever heb, mag ik daar niet meer over klagen. Een geweldig espressoapparaat, goede – uiteraard Italiaanse koffie – en een collega die het heerlijk vindt om ons allemaal een perfect gezette espresso voor te schotelen – en die er trouwens ook zijn hand niet voor om draait om melk op te schuimen. Wat wil een mens ’s ochtends vroeg nog meer?

Dat ik mij gelukkig mag prijzen met zo’n werkgever – en collega – mag duidelijk zijn. Maar ook als ik thuis werk – dus zonder collega die als barista aan de slag zou kunnen gaan – gaat er geen dag voorbij zonder een romige cappuccino en wat opkikkerende espresso’s. Weliswaar vaak gezet met de moka (zie mijn stukje van begin deze maand), maar als je dat op de juiste manier doet, smaakt het net zo lekker.

Gelukkig is het zetten van een goede espresso dankzij het boek No Nonsense Espresso voor iedereen een realiseerbare ervaring. Zelfs op maandagochtend ;-) Nu willen jullie vast bewijs voor deze stelling, welnu: een klein voorproefje uit het boek mag ik hier alvast geven. Eerst maar in beeld, zodat je direct ziet wat je voorgeschoteld krijgt:

De no nonsense uitstraling van het boek blijkt echter niet alleen uit de foto’s en opmaak. Ook inhoudelijk is het boek zeer praktisch en daarom meteen bruikbaar – ook al heb je nog nooit een espresso gezet. Geen excuus meer dat het allemaal zo ingewikkeld gaat en dat een kopje Senseo- of filterkoffie zo veel sneller is – met dit boek krijg je de kneepjes van het echte koffiezetten op een presenteerblaadje aangeboden. En wel op zo’n manier dat het zetten van een kopje koffie gewoonweg niet kan mislukken.

In de inleiding schrijft Saskia ter Welle, de auteur precies wat No Nonsense Espresso inhoudt:

‘Dit is een boek voor koffiedrinkers. Maar meer nog: voor mensen die houden van proeven, van experimenteren, van het ontdekken van nieuwe smaakbelevingen. Want vreemd genoeg: zo is dit boek tot stand gekomen. Ik, als fervent theedrinker, ging namelijk helemaal om tijdens een koffieproeverij. Het complete scala aan smaken ontdekken bij het drinken van een mooie espresso bleek een belevenis.

Inmiddels ligt dit jaren achter mij. Er is intussen iets moois gebeurd: ik heb carrière gemaakt! Niet in de traditionele zin, maar op de koffiemanier. Van de eerste aarzelende stappen op koffiegebied ben ik verder gegroeid: mijn smaak heeft zich ontwikkeld en ik heb talloze apparaten leren kennen. Ook heb ik veel soorten koffie geproefd, verschillende soorten melk geprobeerd en met allerlei mensen gepraat over koffie.

Onderdeel van deze tijd vormde ook steevast de gezelligheid rondom het zetten van een warme kop koffie en die vervolgens met anderen te delen. Koffie blijkt een luxe te zijn die mensen zich permitteren ongeacht de economische omstandigheid. Hoe meer mensen espresso drinken, hoe meer mensen ontdekken dat de smaak ervan net zo veel nuances heeft als van een goed glas wijn.
Graag nodig ik je daarom uit om door middel van het lezen van dit boek je smaak te ontwikkelen, nieuwe koffie uit te proberen en je koffie te delen met je vrienden.’

Zelfs voor mij als fervent koffiedrinker valt er met dit boek nog heel wat te leren. Zo heb ik me inmiddels aardig eigen gemaakt hoe je een goede espresso zet, maar melk opschuimen met een kannetje – dat mislukte eerlijk gezegd nog wel eens. En als het wel lukte, wist ik eigenlijk niet wat ik nu anders had gedaan dan anders.

Gelukkig biedt No Nonsense Espresso zicht op een oplossing dankzij een geweldig simpele tip: oefenen met afwasmiddel! Een tipje van de sluier: ‘In de praktijk zul je merken dat het nog behoorlijk wat oefening vergt om echt mooi en gelijkmatig microschuim te maken. Je kunt dit oefenen met een kan gevuld met water met een beetje afwasmiddel. Dit schuimt op dezelfde manier als melk en zo kun je met weinig kosten en zonder verspilling van melk je de kunst van het opschuimen eigen maken.’

Dat wordt dus mijn missie deze week: perfect schuim leren maken. Na de eerste koffie van vandaag dus maar direct naar de supermarkt om afwasmiddel in te slaan en dan vanavond eens zien hoe mooi ik het kan laten schuimen en ‘swirlen’.

Zelf ook als een volleerd barista aan je eigen aanrecht staan? Bestel dan het boek No Nonsense Espresso en geniet in no time van de beste koffie!

No Nonsense Espresso
Saskia ter Welle
ISBN 9789081873406
€ 24,95
Imagos Publishers

feb 16

Venetië is niet alleen de perfecte bestemming voor een paar dagen romantiek; het is tevens de meest bijzondere plek op aarde om carnaval te vieren. Als je houdt van traditie, mystiek en spektakel, dan moet je een keer aanwezig zijn geweest bij het Venetiaanse carnaval. Maar dan wel gemaskerd!

Uiteraard kun je zo’n masker voor je je in het feestgedruis aanschaffen in een van de Venetiaanse souvenirwinkels of bij een echte maskermaker. Nog leuker is het echter om zelf een masker te maken. Op de website van Olga Dol kun je blanco maskers bestellen, die je dan thuis helemaal zelf vorm kunt geven. Voor wie niet goed raad weet, organiseert Olga Dol echter ook workshops maskers maken (zowel voor volwassenen als voor kinderen, ook leuk voor een verjaarspartijtje).

De inspiratie voor de maskers die nu worden gedragen tijdens het Venetiaanse carnaval, komt grotendeels uit de theatervorm commedia dell’arte. Dit is een manier van toneelspelen die zeer waarschijnlijk in Italië is ontwikkeld door rondtrekkende toneelgezelschappen. Elke uitvoering binnen de commedia dell’arte had dezelfde vaste karakters, die dus overal herkenbaar moesten zijn.

Vandaar dat de leden van de toneelgezelschappen vaak een speciale outfit en een uniek masker droegen; dan was in één oogopslag duidelijk welk karakter ze speelden. Zo draagt Arlecchino altijd een ruitjespak, terwijl Pulcinella herkend wordt aan zijn witte pak en zwarte masker. Olga Dol beschrijft alle figuren uit de commedia dell’arte op haar website. Zo kun je een gefundeerde keuze voor een masker maken!

Ik wil jullie hier vandaag voorstellen aan een de pestdokter, een van de meest geziene deelnemers aan het Venetiaanse carnaval. Over deze dokter schrijft Olga Dol: ‘Dit masker is van oorsprong meer een gebruiksmasker. Tijdens de pestepidemie die Europa halverwege de zestiende en begin zeventiende eeuw teisterde, waren artsen uiteraard nog niet zo geïnformeerd over bacillen en hygiëne. Velen dachten dat de pest werd overgebracht door kwade geesten.

De pestdokter maakte zijn visites, gekleed in een zwarte zeildoekmantel ingesmeerd met was, een grote zwarte hoed op zijn hoofd en een masker met een grote neus voor het gezicht. Angstaanjagend genoeg om voor zijn gevoel de kwade geesten te verdrijven.

De grote lichtgekromde neus, die veel weg heeft van een vogelbek, heeft aan beide zijkanten een sleuf waardoor de lucht naar binnen werd gezogen. Lucht die in die neus gefilterd werd doordat de neus helemaal gevuld was met diverse, vaak sterk ruikende kruiden, zoals rozemarijn, tijm en kruidnagelen. Meer tegen de stank dan uit interesse voor hygiëne. De gaten van de ogen waren dichtgemaakt met ronde glazen.

In zijn hand had de dokter een stok waarmee hij de deken van de patiënt optilde, om maar geen fysiek contact met zijn patiënt te hoeven maken en daardoor niet besmet te raken.’

Ideaal dus als je tijdens het gemaskerd bal niet direct fysiek contact wil maken maar iedereen rustig wil kunnen bekijken voor je een Arlecchino, Pulcinella of Pantalone aanspreekt… Meer lezen? Bestel dan het boek Venetië en haar maskers van Olga Dol en Frans Kolk. Voor een klein gemaskerd bal ’s avonds op de bank!

jan 28

Ondanks de romantiek van alle lokale marktjes en heerlijke kleine winkeltjes om me heen waar ik het liefst snuffel en nieuwe ontdekkingen doe, kan het soms zomaar zijn dat ik mezelf terugvind in zo’n overweldigende ipermercato. Een mammoetsupermarkt waar je werkelijk voor alles terecht kunt. Van fietsbanden tot ingemaakte kersen en van flanellen huispakken tot gebloemd briefpapier.

Ik sta wat verdwaasd voor de vele vierkante meters pastasoorten die hier staan uitgestald als ik wat verderop een bekende stem in het Nederlands hoor. Als ik nieuwsgierig om het schap heen loop, zie ik tot mijn grote verrassing inderdaad een bekende staan: Esther Bos. Vorig jaar was ik bij haar en Simona op bezoek in het Toscaanse Il Canto del Maggio (zie Ciao tutti van 26 januari en 27 januari). Esther biedt met haar Beleef Toscane een aantal culinaire voor- en najaarsarrangementen aan met net een tikje méér. Met het gevoel ‘thuis’ te zijn bij de Italianen, met heerlijk koken, eten en vertoeven in een dromerig minidorpje.

Ze begroet me blij verrast en vertelt me dan honderduit over de heerlijkheden van haar afgelopen Beleefherfst: het aanhoudende zonnige weer, óók in november, het proeven van een Vin Santo met de potentie van een luxe cognac, de smaak ontdekken van een risotto met brandnetel, het ultieme recept voor parelhoen met kastanjes, de door het droge zomerseizoen schamel uitgevallen olijfoogst die echter een ongekend rijke olie opleverde en de hartelijke gastvrijheid van Cinzia, de vrouw des huizes van ‘Moraiolo’. Een levendig boerenhuis van drie generaties waar Esthers gasten nu ook een plekje vinden. ‘Daar moet ik je echt nog eens mee naar toe nemen,’ besluit ze, terwijl ze snel nog een pak risottorijst uit het schap grist. ‘Kijk maar even,’ zegt ze, terwijl ze me haar telefoon geeft. ‘Je gelooft je ogen niet als je dit ziet!’

‘Dat pak rijst is overigens voor een nieuw uit te proberen recept,’ legt ze uit. ‘Voor fritelle di riso, rijstbeignets. Al noem ik ze met mijn dochter Jozefbollen, dat klinkt leuker,’ lacht ze. ‘En dat zijn het in feite ook. Tegenwoordig zie je al met Carnaval, maar traditioneel gezien worden ze op 19 maart gegeten, de dag van S. Giuseppe, St. Jozef en tegelijkertijd ook vaderdag in Italië.

Volgens overlevering was Jozef na zijn vlucht naar Egypte genoodzaakt om beignets te verkopen om zijn gezin te onderhouden. De Romeinen gaven hem daarom al de vrolijke bijnaam il frittellaro, de frituurman. Middenin de vastentijd wordt er nu op zijn heiligendag ‘gesmokkeld’ en heeft iedere regio wel zijn eigen gefrituurde gebak. Van de zoete zeppole uit Napels getopt met banketbakkersroom en kersen tot de hartige crespeddi van Sicilië met ricotta en ansjovis. Maar ik hou van de Toscaanse, met rijst en een zweem citroen,’ besluit ze.

‘Er bestaan honderden verschillende recepten van en evenzoveel verschillende meningen over. Mét rozijnen of zonder. Mét gist of zonder. Het originele recept stamt ergens uit de late middeleeuwen, maar ik doe het vandaag met dit recept van Simona.’ Ze krabbelt voor mij (en voor jullie natuurlijk) het recept op een papiertje. Zo kunnen ook wij genieten van een Italiaanse vastentraditie!

Frittelle di S. Giuseppe
(St. Jozefbollen)

250 gram rijst (liefst met een kleine ronde korrel, zoals risottorijst)
600 ml melk
400 ml water
mespuntje zout
3 eidooiers
3 eiwitten
1 borrelglaasje Vin Santo
100 gram suiker
zakje vanillesuiker
wat citroen- en sinaasappelrasp
3 tot 4 eetlepels bloem
olie om te frituren
extra kristalsuiker om te bestrooien

Kook de rijst in het water met de melk, het snufje zout en de citroen- en sinaasappelrasp. Giet de rijst af indien nodig en laat deze afkoelen (dit kun je ook al een dag van tevoren doen).

Voeg dan de eidooiers, Vin Santo en de suiker aan toe. Gebruik zoveel bloem als nodig is om er een stevig mengsel van te maken; het mag niet ‘weglopen’. Laat het mengsel zo’n half uurtje rusten (het originele recept heeft het zelfs over vele uren!).

Klop voor het bakken de eiwitten stijf en spatel ze voorzichtig door de rijst. Verhit het frituurvet en schep dan met een lepel balletjes van het rijstmengsel in het vet. Frituur de balletjes goudbruin en laat ze uitlekken op keukenpapier. Rol ze ten slotte door de suiker.

‘Voor de luxe versie kun je het hart nog vullen met wat banketbakkersroom.’ Esther glundert al als ze eraan denkt. En ze maakte het nog even aanlokkelijker door ter plekke Simona van Il Canto del Maggio te bellen voor een heus Toscaans wijnadvies. Haar favorieten: De Aleatico van het wijnhuis Vitereta, een passitowijn (van ingedroogde druiven) die niet al te zoet is. Of een Montepulciano di Vendemmia Tardiva (van late oogst).

Ondertussen zijn we bij de kassa aangekomen en Esther zet alle veelbelovende ingrediënten voor dit lekkers op de band. Ik krijg spontaan zin om de frittelle – en nog meer carnavalslekkers – zelf bij haar te gaan maken en proeven! Jullie ook? Kijk dan eens op Beleef Toscane onder Maschere & Misteri.

Ik zeg Esther gedag met de belofte haar snel op te zoeken op die prachtige plek en slenter terug naar de afdeling pasta om weer vertwijfeld voor de enorme keuze te staan, maltagliati of fusillli bucati? Ik ben er voorlopig nog niet uit!

jan 18

De paardenrace van Siena is dan misschien de beroemdste, de palio van Buti is de eerste van het jaar! Op de eerste zondag na het feest van Sant’Antonio Abate, waar ik jullie gisteren over vertelde, is de strijd tussen de verschillende contrade, wijken, op zijn hoogtepunt. Dit jaar is dat op 22 januari, dus de voorbereidingen zijn al in volle gang!

Afgelopen zondag was de grote loting en dat ging gepaard met een hoop emoties. Uiteraard met een glimlach van oor tot oor en gejuich van de inwoners van de contrada als de wijk het geluk heeft als eerste uit de bus te komen; boosheid en zelfs tranen bij de bewoners van de wijk die de laatste plek moet innemen.

Zeker in deze laatste dagen wordt het hele dorp in gereedheid gebracht voor dit bijzondere evenement. Al weken wapperen vrolijke vlaggen in de wijken, maar nu hangt er bijna bij elk huishouden een vlag buiten. Het bestuur van de stad wordt voor even overgenomen door de capitani, degenen die aan het hoofd van een contrada staan. Iedereen praat over de race, speculeert over de uitslag en informeert naar het paard. Wordt het goed verzorgd? Zijn zijn hoefijzers netjes in orde?

Hoe dichter de zondag nadert, hoe meer de spanning stijgt. Net als in Siena worden ook hier in Buti de paarden naar de kerk van de contrada begeleid, waar ze worden gezegend en waar met de hele wijk wordt gebeden voor de overwinning. Kaarsjes worden opgestoken, kruisjes geslagen, Weesgegroetjes en schietgebedjes gepreveld. Zelfs als niet-inwoner voel je de spanning met de minuut stijgen deze week. Als ik door de straten van Buti wandel en de zeven verschillende contrade doorkruis, probeer ik me voor te stellen hoe het hier de rest van het jaar zal zijn. Is het stadje dan nog steeds zo strikt onderverdeeld? Komt de wijk dan nog steeds op de eerste plaats?

Ik vraag het aan een van de oude mannetjes die rond de stal van de wijk La Croce hangen. Zichtbaar trots knikt hij. Ja, de contrada is en blijft belangrijk. Ik moet het zo zien: het is je familie. En familie komt het hele jaar door op de eerste plaats, volgens deze bijna 80-jarige Giuseppe.

Hij vraagt of ik meer wil weten over de geschiedenis van de palio hier. Op mijn bevestigende antwoord trekt hij me mee naar zijn huis, twee deuren verderop. Er komt een heel oud fotoalbum op tafel, vol met knipsels en foto’s. Terwijl hij voorzichtig door het album bladert, vertelt hij over de eerste aanwijzingen van een paardenrace op deze plek. Die zou zijn geweest op 13 september 1848, maar er zijn ook aantekeningen gevonden van een eerste Sant’Antonio-feest op 14 januari 1805, waar paarden in optocht door het dorp werden geleid.

Hij wijst op een affiche, waarop te lezen staat:

‘Buti sarà diviso in sei contrade , ognuna delle quali farà capo ad una delle sei Chiese di cui il paese si onora : Chiesa Pievania – Chiesa di San Francesco – Chiesa di San Rocco – Chiesa dell’Ascensione – Chiesa di San Nicolao – Cappella delle Case Popolari’

Hiermee werd op 15 december 1960 het dorp ineens in zes wijken onderverdeeld, met elk een eigen kerk, die vanaf dat moment allesbepalend zouden zijn:

* Pievania, met als wapen een wit kruis op een azuurblauwe ondergrond
* San Francesco, met een zwart/geel wapenschild
* San Nicolao, met een zwart/wit schild
* San Rocco, met een rood/wit wapenschild
* Ascensione, met een groen/zwart schild
* La Croce, met een rood/zwart schild

Die kleuren zie je overal in het dorp terug, en ook in het fotoalbum maken de zwart-witfoto’s langzamerhand plaats voor deze kleuren. Uiteraard overheerst het rood/zwart van La Croce, want alle overwinningen en bijzonderheden worden in het album breed uitgemeten. Ook nu nog, tijdens het voor de zoveelste keer doorbladeren van het beduimelde album, wordt Giuseppe af en toe emotioneel. Met tranen in zijn ogen aait hij de foto van een paard dat succesvol is geweest, en hij zucht diep. Dit gaat inderdaad verder dan deze feestdag, het is pure en oprechte liefde voor en loyaliteit aan een wijk, een familie, een historie.

Ik mag dan ook pas weggaan als ik beloof een kaarsje op te gaan steken voor zijn wijk, en zondag, vanuit Florence, zal bidden voor een goede afloop. Als jullie dat nu ook doen, dan kan Giuseppes palio niet meer stuk!

Getagd met:
dec 30

Sandrina Bokhorst, eigenaar van Persoonlijk Rome, schrijft elke maand een column voor de website van magazine De Smaak van Italië. Haar column van deze maand, over Silvester en de vette draken van Oud&Nieuw, is zo bijzonder, dat ik jullie het verhaal over de laatste dag van het jaar niet wilde onthouden.

Italianen houden van eten: veel en goed eten. Iedere feestdag heeft zo zijn eigen culinaire tradities. Op 31 december, de dag die in Italië ‘San Silvestro’ wordt genoemd, krijg je na middernacht cotechino (varkensworst) of zampone (gevulde varkenspoot) met polenta en linzen voorgeschoteld.  Linzen symboliseren financiële rijkdom en ook de varkenspoot – zeer voedzaam vlees – staat voor overvloed. Zo hopen de Italianen het nieuwe jaar goed te beginnen. En vooral dit jaar, met alle politieke onrust, zullen ze het nodig hebben! Aangezien dit alles volgt op het toch al copieuze cenone (grote diner) di San Silvestro moet je wel een behoorlijke eetlust hebben om alles te verstouwen! Italianen zeggen dan ook dat ze ‘draken zien’ als ze teveel hebben gegeten.

Maar weinigen beseffen dat we met deze schranspartij eigenlijk de overgang vieren van het heidendom naar het christendom. Dit gebeurde tijdens het pausdom van een alles behalve Bourgondische paus, paus Silvester, die de Romeinse keizer Constantijn zou hebben gedoopt als christen en daarmee de wereldgeschiedenis blijvend heeft veranderd. Oudjaarsdag, 31 december, is zijn sterfdag.

Paus Silvester I (314-335) bracht het grootste deel van zijn leven door als kluizenaar en asceet in de bergen vlak bij Rome. Zijn naam betekent niet voor niets ‘bosbewoner’. Maar in de geschiedenis heeft deze bescheiden man een heel ander imago gekregen!

Het Romeinse Rijk stond in de vierde eeuw onder heerschappij van keizer Constantijn. In een poging de verbrokkeling van het rijk tegen te gaan, bepaalde deze briljante staatsman in 313 na Christus dat het christendom voortaan als godsdienst werd getolereerd. Constantijn versterkte zijn eigen autoriteit door deze aan de steeds populairder wordende God van de christenen te koppelen. Later werd beweerd dat keizer Constantijn zelfs de wereldelijke en geestelijke macht over Rome vrijwillig zou hebben overgedragen aan de paus: Silvester. Daarmee werd de paus dus boven de keizer geplaatst. Met de kroning van Karel de Grote in het jaar 800 door de paus tot eerste keizer van het nieuwe West-Romeinse Rijk, werd dat nog eens bevestigd. Maar al gauw liep dat uit op een fikse machtsstrijd tussen het kerkelijke en het keizerlijke blok.

Historisch gezien zal Silvester waarschijnlijk niet meer dan een marionet in de handen van de keizer geweest zijn. Dat is echter niet het beeld dat fresco’s in kerken door heel Italië ons schetsen, want Silvester is een belangrijke heilige geworden. Het meest tot de verbeelding sprekende voorbeeld hiervan vinden we in de Silvesterkapel in de kerk van de Santissimi Quattro Coronati in Rome. Paus Innocentius IV gaf de opdracht voor deze cyclus in 1248 toen hij voor de zoveelste keer in oorlog was met de keizer. De fresco’s zijn een staaltje pure politieke propaganda die de claim op wereldlijke macht van de paus moeten ondersteunen.

In de kapel wordt ons als in een kleurrijk stripverhaal getoond hoe Constantijn zich door Silvester laat dopen om van zijn melaatsheid (lees: heidendom) te genezen. Nederig bukt de keizer vervolgens voor de tronende paus om hem als dank zijn mijter, in die tijd ook de keizerskroon van de wereldlijke macht, te overhandigen. Het tweetal, Silvester te paard en Constantijn te voet, vertrekt vervolgens naar de stad Rome die de keizer op deze wijze aan de paus schenkt. Constantijn heeft het paard aan de leidsels als teken van zijn onderwerping. Silvester wordt letterlijk en figuurlijk (en bepaald niet subtiel!) boven Constantijn geplaatst. Van kluizenaar is hij verworden tot held, de man die de keizer bekeerde en ook nog eens doopte.

Een nieuw tijdperk brak aan. De eerste grote kerken van Rome schoten vervolgens als paddenstoelen uit de grond. Daarmee sleepte Silvester ook nog eens de titel van patroonheilige van de metselaars en steenhouwers in de wacht. Maar Silvester ging verder: hij versloeg met een staaltje onvervalste heroiek het heidendom precies in het hart van de macht van het Romeinse keizerrijk.

Op het Forum Romanum, bij de tempel van Castor en Pollux, woonde diep onder de grond een draak die met zijn onuitstaanbaar, stinkende adem de mensen in de omgeving vergiftigde en de beroemde tweeling van schrik in hun eierdoppen deed terugschieten. De draak werd wel eens gevoed door zijn buurvrouwen, de Vestaalse maagden. Met de bekering van Constantijn tot het christendom echter hield deze liefdadigheid op en doodde de draak met zijn adem dagelijks meer dan 300 onschuldigen.

Niemand durfde de strijd met het monster aan, behalve Silvester. Een heidense priester zwoer dat als Silvester erin zou slagen de draak een jaar lang koest te houden, hij zich zou bekeren tot het christendom. De paus, gewapend met zijn geloof en een zijden draadje, daalt de 365 treden af naar het hol van het stinkende gevaarte en slaagt erin de draak zijn enorme vuurspuwende mond te snoeren. Een jaar later bivakkeerde de draak nog altijd als een tam beest op het forum en dat wonder maakte dat maar liefst 30.000 man zich bekeerden tot het geloof van Silvester.

De draak in het verhaal staat uiteraard symbool voor de heidense godsdiensten en de 365 treden die Silvester afdaalde, komen overeen met het aantal dagen van de Romeinse kalender die Silvester in het christendom zou hebben geïntroduceerd. Dus als je in Nederland of Italië met oud en nieuw opeens draken ziet, dan weet je waar het vandaan komt: dan is Silvester weer aan het spelen met zijn favoriete huisdier.

Je kunt de Silvesterkapel bezoeken, na een donatie aan de nonnen die het klooster bewonen. Wil je meer weten van de kapel en de wereldlijke ambities van de pausen, dan is het leuk om met een persoonlijke gids Rome te ontdekken. De kerk is op de Celio-heuvel, waar ook andere interessante middeleeuwse en antieke monumenten te vinden zijn, die zich buiten de gebaande paden bevinden.

preload preload preload