mei 11

De afgelopen dagen werd ik in Florence wakker met een schitterend uitzicht. Ik logeerde bij Casa del Garbo, en als ik mijn bed uitstapte en uit het raam keek om te zien of de zon scheen, werd ik steeds weer verrast door de aanblik van het Piazza della Signoria. Ik zag de toren van het Palazzo Vecchio tegen een strakblauwe lucht, omhuld door mistflarden en bijna aan het oog onttrokken door een hoosbui.

Ik zag Neptunus zonder toeristen om zich heen (de David staat net verscholen om de hoek), de nog lege terrassen van Rivoire, de ingang van het Palazzo Vecchio die nog gesloten was. Met recht a room with a view, of una camera con vista, zoals ze het in het Italiaans uitdrukken.

Toen ik dat tegen een van de medewerkers van Casa del Garbo zei, vroeg hij of ik de huidige tentoonstelling in het Palazzo Strozzi al had bekeken. Hij vertelde dat er veel werken van Amerikaanse impressionisten (van eind negentiende, begin twintigste eeuw) die tijdens hun carrière een tijdje in Italië verbleven te zien zijn. De nadruk ligt natuurlijk op doeken die in Florence zijn gemaakt of waarop de stad zelfs een hoofdrol speelt.

De expositie is opgebouwd rondom werken van de Ten American Painters, onder wie William Merrit Chase en Frederick Childe Hassam. Daarnaast zijn er werken te zien van onder anderen William Morris Hunt, John La Farge, Tomas Eakins, John Singer Sargent, Mary Cassatt en James Abbott McNeill Whistler.

Er zijn veel prachtige portretten van vrouwen te zien, waarin de vrouw symbool staat voor de moderne Amerikaanse natie. Hun jonge gezichten en meestal witte kleding verbeelden hun puurheid en de hoop op een gouden toekomst, ook voor vrouwen. De Amerikanen waren immers ook toen al een stuk geëmancipeerder dan de Italianen…

Voor wie niet in de gelegenheid is de tentoonstelling te bezoeken, openen we hier alvast een raam op een kleine selectie van de werken die in het Palazzo Strozzi te zien zijn. Eerst een aantal werken die zijn gegroepeerd onder de naam Camera con vista:

La camera d’albergo – John Singer Sargent (ca. 1904-1906)

Lasciando Montepulciano – Joseph Pennell (1882)

Il dolce far nulla sulle rive dell’Arno – Lorenzo Gelati (1869)

Mercato Vecchio a Firenze – Telemaco Signorini (1881-1883)

Il villino Batelli a Piagentina – Silvestro Lega (1863)

Verderop word je verrast door nog meer prachtige schilderingen die de liefde voor de stad tot uiting brengen:

I ponti: Firenze – Frank Duveneck (ca. 1880)

Studio da”La Notte” di Michelangelo – John Singer Sargent (1870)

Un giardino italiano – William Merritt Chase (ca. 1909)

Fioraia fiorentina – Frank Duveneck (1886)

We sluiten af met hetzelfde als waarmee we vandaag begonnen; een laatste dromerige blik uit het raam. Dit keer niet van mij, maar van een onbekende dame, op het doek vereeuwigd door Frederick Childe Hassam (1913):

De tentoonstelling is nog te zien tot en met 15 juli. Palazzo Strozzi is dagelijks open van 9 tot 20.00 uur, en op donderdag zelfs tot 23 uur. De kassa’s sluiten een uur eerder. Op de website van Palazzo Strozzi vind je alle informatie over toegangsprijzen en dergelijke.

mei 09

‘Het Toscane van Sarah-Kate Lynch’s boeken is vol liefde beschreven en bevolkt met levendige personages. Een perfecte mix van reizen en romantiek,’ aldus Publischers Weekly, waarmee ze niets teveel zeggen over deze heerlijke nieuwe roman.

Lily en haar man Daniel lijken gelukkig: ze houden van elkaar, ze hebben een goede baan en een mooi huis. Maar dan vindt Lily een foto van Daniels andere gezin – vrouw, dochter en zoon – dat hij er blijkbaar op na houdt in Italië. Impulsief als nooit tevoren boekt Lily een reis naar Italië, om zelf te zien hoe het zit.

In het Toscaanse dorpje Montevedova is een klein bakkerijtje, eigendom van de negentigjarige zussen Violetta en Luciana. Violetta is de leider van Het Geheime Genootschap van Sokkenstoppende Weduwen, een verzameling van twaalf oude vrouwtjes die échte liefde gekend hebben, en die het tot hun missie hebben gemaakt om mensen met een gebroken hart een nieuwe liefde te bezorgen.

Als Lily het dorp Montevedova in komt rijden, zien de Sokkenstoppende Weduwen hun kans schoon om het hart van dorpslieveling Alessandro te lijmen – en terwijl Lily op zoek is naar het gezin van de foto, wordt een uitgebreid plan in werking gezet…

Een fragment:

Violetta strompelde naar de kelder om de andere weduwen gezelschap te houden. Ze leken niet echt blij.
‘Jullie hebben ongelijk!’ schreeuwde de ene groep tegen de andere.
‘Nee, júllie hebben ongelijk!’ schreeuwde de andere groep terug.
‘Jullie hebben allemáál ongelijk!’ riep een splintergroepering.

Violetta dacht dat de ruzie over Lily en Alessandro ging. Ze beet op haar lip en schuifelde naar haar zus die net een glas vin santo achteroversloeg.
‘Wat is er aan de hand?’ vroeg Violetta fluisterend.
‘Fiorella had een torta della nonna meegenomen,’ legde Luciana uit en ze wees naar de tafel waar nog maar een paar kruimeltjes op een gekreukt papieren bord lagen.

‘Wát heeft ze gedaan?’
‘Ze had een torta della nonna meegenomen en die smaakte verrukkelijk, maar daardoor is er een soort discussie ontstaan,’ zei Luciana.
‘Voor het deeg moet je hele eieren gebruiken,’ riep iemand kwaad.
‘Nee, alleen de dooiers!’
‘Alleen geraspte sinaasappelschil.’
‘Nee, vanille!’
‘Nee, een eetlepel olijfolie!’
‘Of een torta della nonna goed is, is niet afhankelijk van het deeg, maar van de vulling!’
‘Ricotta,’ riepen een paar weduwen.
No ricotta,’ riep iemand anders.

Violetta liep naar het centrum van deze verhitte strijd en legde de vrouwen met één blik het zwijgen op. Ze keek naar Fiorella die rustig op een stoel zat terwijl de kruimels in haar decolleté vielen.
‘We eten géén torta della nonna tijdens vergaderingen van Het Geheime Genootschap van Sokkenstoppende Weduwen,’ zei Violetta op kille toon. ‘Dan eten we cantucci.’
‘O, is dat zo?’ snauwde Fiorella. ‘Wie zegt dat?’
‘Dat zeg ik,’ antwoordde Violetta.

Weduwe Mazzetti zwaaide met het reglement, ook al baalde ze er ontzettend van dat zij niet ook een paar plakken van die heerlijk uitziende torta had gehad.
‘Dat zeggen de regels,’ bevestigde Violetta.
Fiorella was niet gewend aan vrouwelijk gezelschap, of aan welk gezelschap dan ook, en begon de indruk te krijgen dat ze er niet heel goed in was. ‘Het is maar dolci. Ik dacht dat een paar van ons wel een opkikkertje konden gebruiken.’

‘Ach, laat het toch! Zijn we echt van plan die bekakte Amerikaanse ijsprinses te helpen?’ vroeg weduwe Ercolani. Ze had last van indigestie, zodat ze helemaal geen torta had gehad, hoewel ze misschien inderdaad wel een opkikkertje had kunnen gebruiken. ‘Volgens mij vragen we om problemen als we er een buitenlandse bij betrekken,’ voegde ze eraan toe. ‘En wie zegt me dat ze Alessandro hier niet weghaalt nadat wij ons aandeel hebben geleverd?’

Weduwe Benedicti had hier helemaal niet aan gedacht en wendde zich in paniek tot Violetta om geruststelling.
Officieel was het genootschap een democratie, zodat besluiten bij meerderheid genomen moesten worden, maar in werkelijkheid was Violetta de leidster en zou dat altijd blijven ook. Ze was zoiets als de dalai lama, maar dan in het zwart gekleed.

De waarheid was dat Violetta altijd het gevoel had gehad dat zij een zesde zintuig bezat als het om de liefde ging, en in dit opzicht kreeg ze steun van Luciana, die vijfeneenhalf zintuig bezat.
Meestal wist ze precies wat er wel of niet gedaan moest worden, maar vandaag rinkelden er geen belletjes, flitsten er geen tekenen en was haar geest zo troebel als minestrone. Was Alessandro echt hun calzino rotto? En was Lily echt de vrouw die zijn gebroken hart moest genezen?’

Of Het Geheime Genootschap van Sokkenstoppende Weduwen erin slaagt Lily te koppelen aan Alessandro lees je in

Dolci d’Amore
Sarah-Kate Lynch
vertaald door Jolanda te Lindert
ISBN 9789032512729
€ 16,95
uitgeverij De Kern

Bestel dit heerlijk boek via deze link bij bol.com!

mei 07

Dat Jamie Oliver een groot fan is van de Italiaanse keuken (want: puur, gezond en makkelijk) wisten we al. Dat je sinds afgelopen vrijdag aan tafel kunt met nieuwe Italiaanse recepten van Jamie, wist je misschien nog niet. Daarom voor deze doodgewone maandag een bijzonder Italiaans recept uit de nieuwe editie van Jamie magazine. Dan kunnen we vanavond allemaal met Jamie aan tafel!

Maar eerst richt niemand minder dan Jamie Oliver zelf het woord tot jullie: ‘Ciao! We richten de blik op mijn spirituele thuisland dit nummer: het wonderschone Italië. Ik zeg al jaren dat het voelt alsof ik daar écht op mijn plek ben en zo is het nog steeds. Het eten, de cultuur, de hele manier van leven: ik heb ze in mijn hart gesloten.

Dit nummer staat bol van Italiaanse smaken, geuren en kleuren. Ik ben op zoek gegaan naar nieuwe manieren om lasagne te maken, onze Georgie Socratous heeft de meest uiteenlopende gerechten gemaakt met bekende én minder bekende Italiaanse kazen en mijn culinaire maatje Pete Begg ging aan de slag met artisjokken. In Italië draaien ze er hun hand niet voor om, bij ons hebben ze nog altijd het imago dat ze ‘lastig’ zijn. Maar als je onze stap-voor-stap én Petes recepten hebt bekeken, zal dat verleden tijd zijn.

Ieder jaar maken we met de Fifteen-studenten een reis naar Toscane, om hen daar alles te leren over olijfolie. Lees het verhaal en ik weet zeker dat je opnieuw gegrepen wordt door dit vloeibare goud. Verder nemen we je mee naar een van Italiës best bewaarde geheimen: de regio Le Marche. Om daarna te flaneren door de straten van Verona, waar geweldig eten en onvervalste romantiek hand in hand gaan. Zei ik zojuist dat dit nummer bol staat van lekkers? Volgens mij klapt het bijna uit elkaar.’

Net als de tomaatjes in onderstaand recept voor rigatoni met salsa van geroosterde tomaten en ricotta. Samen met de ricotta toveren ze vanavond zomaar de zon op je bord. De tomatensaus in dit recept wordt voor de volle, zomerse smaak namelijk twee keer bereid – eerst in de oven en dan op het fornuis. Het resultaat is een heerlijk zoete, rijke saus die aan de rigatoni blijft hangen. Rasp er aan het eind wat ricotta salata over en je weet niet wat je proeft. Buon appetito!

Ingrediënten
(voor 4 personen)

1,5 kg rijpe trostomaten
4 tenen knoflook, ongepeld
3 laurierblaadjes
5 takjes tijm
een scheutje rodewijnazijn
400 g gedroogde rigatoni
80 g ricotta salata (harde, licht zoute ricotta)
blaadjes van 1 bosje basilicum (optioneel)

Verwarm de oven voor op 200 ºC. Spreid de tomaten uit op een grote bakplaat en bestrooi ze met zout en peper. Verdeel de knoflooktenen, laurierblaadjes en takjes tijm erover. Schuif in de oven en rooster ze 25 minuten, tot ze uit hun vel barsten.

Laat de tomaten een minuut of twee afkoelen, trek ze van de trossen en doe ze in een koekenpan met de rodewijnazijn en een snuf zout en peper. Prak met een lepel en laat 15 minuten zacht koken, tot je een dikke, bijna romige saus hebt.

Kook de rigatoni in ruim water met wat zout. Giet af, bewaar een kopje van het kooknat. Voeg de pasta met wat kooknat voor de smeuïgheid toe aan de saus. Giet er een scheut olijfolie bij en serveer met geraspte ricotta. Strooi er eventueel basilicumblaadjes over.

Elke avond omtoveren tot een zomers Italiaans diner? Laat je inspireren door de meer dan 75 recepten in Jamie magazine. Het grote Italiënummer is tot en met 25 juni te koop in de supermarkt, boekhandel en tijdschriftenkiosk. Jamie magazine kost € 5,95.

Geen nummer van Jamie magazine missen? Een proefabonnement op Jamie magazine is nu extra smakelijk: 4 nummers voor maar 20 euro! Daarmee haal je het beste van Jamie Oliver een half jaar lang in huis. Met Jamie magazine ontdek je hoe lekker gezond eten is, en hoe simpel het is om het zelf op tafel te zetten. Als abonnee heb je elke nieuwe Jamie voordat hij in de winkel ligt en ben je nog voordeliger uit ook. Daarnaast zijn er voor abonnees regelmatig exclusieve aanbiedingen van Jamie Oliver producten. Trek in dit aanbod? Bedien jezelf snel op www.jamiemagazine.nl.

mei 06

Wij zijn niet de enigen die in Toscane zijn gaan rondstruinen op zoek naar het lekkerste van deze Italiaanse regio. Het team van De Zilveren Lepel deed dit ook en bracht onlangs een nieuw kookboek in de reeks uit: De Zilveren Lepel Toscane.

Toscane is de geboortegrond van de Italiaanse keuken zoals wij die kennen. De streek is over de hele wereld beroemd om zijn eenvoudige en heerlijke eten. De Zilveren Lepel Toscane bevat zowel authentieke regionale recepten als lokale tradities, klassieke wijnen en speciaalzaakjes.

Het boek bestrijkt het gebied van de bergen van Massa-Carrara in het noorden tot de bosrijke omgeving van Grosseto in het zuiden. Van ravioli uit Siena, konijn uit Aretina tot boerencake met walnoot uit Livorno of Pistoiaanse kastanjetaart – een culinaire reis door de populairste regio van Italië, waarvan het water je in de mond loopt.

In Florence kiest De Zilveren Lepel onder andere voor zuccotto. Volgens de legende is zuccotto de eerste semifreddo uit de geschiedenis en werd het oorspronkelijk gemaakt in de helm van een soldaat. In het Toscaanse dialect betekent zucca ‘hoofd’. Het oorspronkelijke recept is met ricotta, gekonfijte vruchtjes, amandelen en pure chocolade.

Voorbereiding: 30 minuten + 6 uur voor het invriezen

Ingrediënten
(voor 6 personen)

1 pan di Spagna of madeira-cakegebak van 250-300 gram
1,2 dl amaretto
5 dl slagroom
80 gram fijne tafelsuiker
50 gram ongezoet cacaopoeder
4 amarettikoekjes

Bekleed een diepvriesbestendige, halfbolle vorm met plastic keukenfolie. Snijd de cake horizontaal in twee ronde plakken van gelijke dikte. Snijd een van de plakken in 8 punten en bekleed daar de geprepareerde vorm mee. Verdun de likeur met een beetje water en besprenkel er de plakjes cake mee.

Klop de slagroom in een kom, voeg beetje bij beetje de suiker toe en blijf kloppen tot er stijve punten op blijven staan. Schep een derde deel van de geklopte room in een andere kom en spatel er de helft van het cacaopoeder door. Verkruimel de amarettikoekjes, spatel ze door de rest van de room en schep het mengsel in de vorm. Verdeel de amarettiroom gelijkmatig, maak een kuiltje in het midden, schep er de cacaoroom in en strijk alles glad. Leg de andere ronde plak cake erbovenop, dek de kom af en zet hem minstens 6 uur in de vriezer.

Stort de zuccotto op een serveerschaal, trek het plasticfolie eraf, stuif er met een zeefje het resterende cacaopoeder over en zet hem direct op tafel.

Meer recepten uit Florence en de rest van Toscane vind je in

De Zilveren Lepel Toscane
ISBN 9789077330258
€ 35,00
uitgeverij Van Dishoeck

mei 05

We blijven deze week nog even uitpakken met nieuwe Italiaanse inspiratie. Na De smaak van Florence ligt vanaf vandaag namelijk ook het nieuwe magazine van De Smaak van Italië in de winkel, met Toscane in de hoofdrol. Onderstaand moodboard geeft een goed beeld van wat we allemaal voor moois en lekkers in dit magazine hebben gestopt.

Ik ging samen met fotograaf Piero Cremonese op pad voor de reportage Flaneren door Florence, met een wandeling door de wijken Santa Croce en San Niccolò. Beide wijken laten naast een groot aantal bezienswaardigheden en kunstwerken ook een stukje van het Florence van nu zien, met moderne kunst, nieuwe winkels en hippe wijnbarretjes.

Vanuit Florence reisde ik met fotografe Chantal Ariëns door naar Poppi, een bijzonder schattig plaatsje in de Casentinovallei. We brachten een bezoek aan Borgo La Casa, de prachtige tot villa verbouwde boerderij van Jan en Ria Buné.

Collega Willemijn van Dijk reisde in de tussentijd eveneens door Toscane, op zoek naar de tien mooiste agriturismi. Logeren op het land, tussen de groene olijfbomen en uitgestrekte wijngaarden, midden in het prachtige heuvellandschap van Toscane… Het is een droomvakantie voor velen, maar waar vind je de mooiste en meest charmante landelijke verblijven? De leukste logeeradressen voor een heerlijke zomervakantie zette Willemijn voor je op een rij!

Toscane is cipressen, glooiende heuvels en renaissancekunst. Maar Toscane is óók het eiland Elba, omringd door de azuurblauwe Tyrrheense Zee. Onze Italiaanse collega’s nemen je mee in het spoor van de groten der geschiedenis. Het eiland werd ‘ontdekt’ door de Etrusken, bezet door Romeinen en Saraceense piraten, ingenomen door de familie De’ Medici en beroemd dankzij een Franse banneling: Napoleon. Een paradijs voor liefhebbers van strand, cultuur en natuur, maar ook voor diepzeeduikers, snorkelaars en zeilers. Elba is geen doorsnee toeristenbestemming; hier komen zij die voorbij de cipressen kijken, om de andere kant van Toscane te leren kennen.

Inwoners van Toscane staan bekend als mangiafagioli, oftewel boneneters. Nu hebben ze inderdaad een voorliefde voor bonen – die ze in uiteenlopende gerechten op heerlijke wijze weten te verwerken – maar daarnaast zijn het ook geweldige taartenmakers. Op het prachtige Toscaanse platteland worden in boerenkeukens de lekkerste crostate en torte bereid. Met een landelijk gedekte buitentafel, de warme voorjaarszon en de heerlijke taartrecepten uit De Zilveren Lepel Toscane die we met onze lezers mogen delen, waan je je, ook in eigen land, zo in Toscane!

Daarnaast hebben we nog een grote mail&winactie, waarbij je kans maakt op luxe prijzen die allemaal uit Toscane komen. Wat denk je van koffie uit Florence, chique vulpennen van Visconti, een wijnpakket van Castello Banfi, de echte geuren van Florence van de collectie Profumo di Firenze en zelfs een vakantie in een Toscaanse villa… Kortom, met dit nieuwe magazine haal je met een beetje geluk twee keer het goede van Toscane in huis. Geniet ervan!

vanaf vandaag te koop!

 

apr 23

Hoofdpersoon in Een kamer in Rome is de dromerige student Daniël die op de dag dat het uitgaat met zijn vriendin een novelle in handen krijgt van de mysterieuze schrijver Alle Waterink. Over de schrijver is niets bekend behalve dan dat hij in Toscane in Italië woont. Wie is die man? En waarom raakt Daniël zo bevangen door deze novelle?

Daniël vertrekt naar Italië om meer te weten te komen over Alle Waterink. Hij belandt in een duizelingwekkende wereld van taal en literatuur, vol mystificaties en culturele verwijzingen, die de lezer naar adem doen happen. Een kamer in Rome is een boek dat meesleept en, zoals ware literatuur kan bewerkstelligen, je de alledaagse werkelijkheid volledig doet vergeten. Een fragment:

‘Ik stond op om af te rekenen. Ik wilde nog afscheid nemen van Andrea. Ik was al langs zijn zaak gekomen en had gezien dat hij ’s zaterdags om negen uur openging en liep naar het pleintje met de lindebomen.

Andrea was in gesprek met een jonge moeder en haar zoontje van hoogstens drie jaar. Hij liet hun een prentenboek zien waarvan de voorstellingen uitgeklapt konden worden. Het zoontje keek met open mond naar de driedimensionale kamers, zalen, trappen en koetsen alsof hij zo het boek zou willen binnengaan.

Ik liep langs de schappen en bleef staan voor de uitstalling van de Biblioteca Adelphi: Márai, Sebald, Somerset Maugham, Gogol, Naipaul, Kundera, Cioran, Nabokov. Klinkende namen. Maakte het uit onder welke naam een verhaal de wereld in werd gestuurd? Borges suggereert in een van zijn verhalen om wereldberoemde teksten aan een ander toe te schrijven dan de oorspronkelijke auteur. De Navolging van Christus aan Céline, bijvoorbeeld. Zo’n werk zou weer heel anders gelezen worden en een nieuwe dimensie krijgen.

Nadat Andrea de moeder en het zoontje had uitgelaten, stapte hij op mij af. Ik zei hem dat hij voor mij van grote waarde was geweest, dat ik zonder hem geen verhaal gehad zou hebben.
‘Daar ben ik voor, om mensen aan verhalen te helpen.’

Misschien zou ik na een tijdje niet meer weten hoe Andrea eruitzag maar zijn glimlach zou ik niet vergeten. Glimlachen verdwijnen als laatste.
‘Ik kom hier terug,’ zei ik, ‘ik hoop als boek. Hier wil ik wel liggen.’
‘De gemiddelde tijd dat een boek in de winkel blijft is één maand.’
Hij sprak zacht maar met de autoriteit van een arts die op de gevaren van roken wijst.
‘Weet je hoeveel boeken er in Italië per jaar uitkomen? In Italië alleen? Zestigduizend. Meer dan honderdzestig boeken per dag.’ De glimlach verdween niet van zijn gezicht.

Zoals eskimo’s, naar men zegt, talloze woorden tot hun beschikking hebben om alle soorten en nuanceringen van sneeuw recht te doen, zo zouden er talloze woorden moeten zijn om de gezichtsuitdrukking van Andrea in al zijn verfijning te beschrijven. Ik moest het doen met het woord ‘glimlach’ waardoor de indruk gewekt kon worden dat hij over alles een uniforme sluier spreidde.

Van de kleine toonbank nam hij van een stapeltje een kaartje met de naam en het adres van de boekwinkel. Hij draaide het kaartje om en vroeg of ik mijn naam wilde opschrijven. Ik moest hem helpen om de naam goed uit te spreken.

Hij herhaalde de naam terwijl hij op het kaartje keek: Daniele. Als er ooit een boek van mij in Italië uitkwam, zei hij, zou hij één exemplaar in de etalage laten liggen, net zo lang tot ik terugkwam. Ik deed mijn rugzak om, gaf hem een hand en zei dat ik beslist terug zou komen.’

Lees het prachtige verhaal van Daniël in

Een kamer in Rome
Sipko Melissen
ISBN 9789028241886
€ 18,50
uitgeverij Van Oorschot

Getagd met:
mrt 30

Wie het boek van David Hewson leest, kan niet anders dan nieuwsgierig worden naar de Etrusken. Gelukkig organiseert Activa Bolsena, de reisorganisatie waarover ik eergisteren al schreef, eind april, begin juni en in het najaar een wandelvakantie door het ongerepte Italiaanse land van de Etrusken, op de grens van Toscane, Lazio en Umbrië.

Mariët Bloemendal vertelt : ‘De Etrusken behoren tot een van de meest fascinerende culturen uit de geschiedenis. Etrusken in het pre-Romeinse Italië hadden zeer lang een eigen cultuur. Zij waren een hoog ontwikkeld en zeer kunstzinnig volk. De Etuskische invloed op Rome was groot. Dit is terug te zien in godsdienst en architectuur. Helaas ging deze cultuur verloren en namen de Romeinen de macht over de Etruskische steden over.

De Etrusken geloofden in een leven na de dood, dit is terug te vinden in de prachtig gedecoreerde grafkamers in Tarquinia en verschillende musea. Ze woonden in de huidige regio’s Toscane, Lazio en Umbrië, grofweg tussen de rivieren de Tiber en de Arno.

Vooral rondom het meer van Bolsena, halverwege Siena en Rome, valt heel wat te ontdekken. Op weinig plaatsen zijn zoveel overblijfselen van de Etruskische cultuur te vinden als in dit landschap van tufsteen. Tijdens de wandelweek zullen we door dit gebied rondzwerven. We gaan al wandelend op zoek naar kunstschatten uit de Etruskische tijd en eerder.

Rustige en bovenal prachtige wandelingen leiden langs en door holle wegen, die op spectaculaire wijze in de tufstenen heuvels zijn uitgehakt. We lopen langs necropoli en praalgraven zoals de Tomba Ildebranda bij Sovana (zie een eerder blogstukje voor meer informatie) en diverse andere graven. Al deze culturele schatten liggen in het ongerepte heuvellandschap, met olijf- en wijngaarden, walnoten- en vijgenbomen.

Prachtig gelegen tufstenen stadjes zoals Pitigliano, Sorano en Sovana zijn veelal vertrek- of eindpunt van de wandelingen, die georganiseerd worden in kleine groepen van 6 tot 8 personen. Op deze manier kan er makkelijk ingespeeld worden op persoonlijke wensen.

Het personenbusje van Activa Bolsena vervoert de wandelaars samen met Mariët Bloemendal dagelijks naar het beginpunt van de betreffende wandeling. Elke dagtocht eindigt in een sfeervol, authentiek dorpje. Pas daar wordt besloten hoe laat het busje de wandelaars weer oppikt, zodat we alle tijd hebben voor de wandeling en niet hoeven te haasten.’

Het precieze programma luidt als volgt:

Dag 1: Vanaf 16.00 uur aankomst in het klooster van Bolsena. Activa Bolsena ontvangt je met een mooie lekkere wijn en heerlijke antipasti. ‘s Avonds is er een welkomstdiner.

Dag 2: Vandaag kun je lekker bijkomen van de reis. Voor wie de benen al wil strekken, is er de mogelijkheid om deel te nemen aan een wandeling langs het meer.

Dag 3: St. Quirico – Sorano (4 uur) – een spannende eerste wandeldag. We wandelen vanaf het dorpje St. Quirico door een prachtig gebied naar het imposant op een plateau liggende dorpje Sorano. We volgen de hoge en lange riffen van het oude Etruskische stadje Vitozza, met haar woningen en grotten langs de plateauzijden. Boven op het plateau van het oude Vitozza liggen de restanten van een 15e-eeuwse kerk en twee kastelen. Even verderop doen we een columbarium aan uit de Etruskische/Romeinse tijd. We dalen af via oeroude stenen vie cave (holle wegen) en bezoeken de bron en de waterval van het riviertje de Lente. Deze steken we uiteindelijk over, om vandaar verder te gaan over een akker naar de Via Cava di San Rocco, een holle weg uit de tijd van de Etrusken. Het uitzicht op het adembenemend mooi gelegen Sorano is fantastisch. We lunchen vlak bij het riviertje de Lente. Na de lunch is er gelegenheid om Sorano te bezoeken.

Dag 4: Sorano – Sovana (5 uur). Het eerste deel van de wandeling gaat via de indrukwekkende in tufsteen uitgehakte San Sebastiano (holle weg). Vervolgens wandelen we door de schitterende natuur met geweldige uitzichten op de Monte Amiata. We eindigen onze wandeldag in het vriendelijke, rustige stadje Sovana, ooit een belangrijke Etruskische stad. In de vroegchristelijke tijd was het een bisschopsstad. We bezoeken de Santi Pietro en Paulo aan de rand van het dorp (8e eeuw) en de Santa Maria en genieten op de Piazza del Pietro van de andere historische bezienswaardigheden.

Dag 5: Sovana – Pitigliano (5 uur). Vandaag beginnen we in het archeologisch park Città del Tuffo. In dit park bevinden zich vele tombes en grafkelders. Tomba Ildebranda is een van de beroemdste grafkelders (3e eeuw voor Chr.). De stijl doet denken aan die van een Griekse tempel. Na een korte omweg via de Etruskische necropool Folonia stuiten we op een mooi uitzicht op Sovana en de bergen daar achter. De wandeling gaat over oude Etruskische wegen. Langs de route zien we oude grafkamers die daar al duizenden jaren liggen. Het eindpunt is Pitigliano. De oude, van oorsprong Etruskische stad, die trots op een rots troont, is een juweel met zijn smalle straatjes, fonteinen en poorten.

Dag 6: Pitigliano – Latera (5 uur). We verlaten vandaag het zuiden van Toscane en gaan op weg naar het noorden van de regio Lazio. We volgen glooiende heuvels en diepe valleien vol met mediterrane struiken, langs goudgeel gekleurde akkers met zo af en toe een eenzaam gelegen boerderij, als getuige uit een andere tijd. Door een stil en oud Etruskisch verlaten land lopen we verder naar het Lago di Mezzano, een klein en bijna volmaakt rond meertje. Hier nemen we een lunchpauze, met uiteraard de mogelijkheid lekker te zwemmen. Op de bodem zijn artefacten gevonden uit de bronstijd. Over oude paden vervolgen we onze weg naar het hoog gelegen dorpje Latera.

Dag 7: Latera – Gradoli (4 uur). Al snel na het verlaten van Latera komen we via een glooiend landschap bij het meer van Bolsena. Het uitzicht over het meer en de twee eilandjes is adembenemend mooi. Vanaf de heuvels kijk je eveneens prachtig neer op het landschap met haar dorpjes en stadjes die aan het meer liggen. Het Lago di Bolsena is het grootste vulkanische en tevens schoonste meer van Italië. Het middeleeuwse stadje Gradoli, dat aan de noordkant van het meer ligt, is het eindpunt van onze wandelweek. Gelukkig kunnen we nog één avond napraten, voor iedereen morgen weer huiswaarts keert of verder reist.

Ook in de voetsporen van de Etrusken treden?
Op de website van Activa Bolsena vind je alle data waarop de reis wordt georganiseerd. Wie wel graag in de geschiedenis van de Etrusken duikt, maar niet de hele week wil wandelen, kan ook kiezen voor de Etrusken cultuurreis. Wie zich alvast wil inlezen, kan een kijkje nemen op het weblog van Activa Bolsena. Buon viaggio, en veel voorpret!

mrt 09

De warme Italiaanse lentezon, de sfeervolle terrasjes en de langzame opleving van het Romeinse straatleven; het voorjaar is de perfecte periode om Rome te bezoeken. Dat vond Willemijn van Dijk, mijn collega bij De Smaak van Italië en medeblogger, ook. Voor de nieuwe editie van het magazine, die vanaf vandaag in de winkel ligt, stelde zij dan ook een speciaal programma samen, voor vier dagen onvervalste romantiek in de Eeuwige Stad. De route voert langs bekende en minder bekende Romeinse schatten, van de Ponte Milvio tot aan de Via Appia, en is ook geschikt voor wie enkel verliefd is op Rome…

Hoewel ik natuurlijk graag met haar mee was gegaan, kwam het qua andere reportages beter uit wanneer ik in Rome zou zijn als het voorjaar echt volop van start was gegaan. Iets waar ik, gezien het feit dat het voorjaar in Rome heerlijker is dan waar ook, absoluut geen moeite mee had. Vandaar dat ik jullie deze maand vanuit de Eeuwige Stad kan berichten, om het voorjaarsgevoel elke dag opnieuw over te brengen…

Maar goed, jullie willen natuurlijk weten naar welke plek ik dan eerder voor De Smaak van Italië mocht afreizen. Het is een heel bijzondere plek, zoals de titel van mijn blog vandaag al aanduidt, net even ten zuiden van Florence. Samen met fotografe Chantal Ariëns reed ik vanaf het vliegveld van Florence door de zo bekende glooiende Toscaanse heuvels in de richting van Scandicci, op naar onze bestemming: Agriturismo Partingoli. Een klein voorproefje van mijn verhaal:

‘Een blond jongetje, met rode konen van het voetballen, rent tussen de wijngaarden door. Na een lange dag op school zit hij nog vol energie. Hij helpt met wat klusjes op het landgoed, geeft hond Bella een knuffel en roept af en toe wat in het Italiaans tegen Laura, de eigenaresse van het landgoed. Wie dit tafereel bekijkt, zou niet zeggen dat dit jongetje, samen met zijn zusje en ouders, nog geen jaar geleden naar Italie is geëmigreerd. Samen met De Smaak van Italië blikt de familie Bak vanaf het terras bij hun huis terug op een bijzonder jaar.

Het landgoed waarop Agriturismo Partingoli zich bevindt, ligt nog net in de schaduw van Florence. Door de heuvels ten zuiden van de stad, waar wijnranken en olijfbomen de boventoon voeren, rijden we langs een lieflijk kerkje en een groot wit landhuis. Volgens de aanwijzingen die we voor vertrek van Martijn Bak kregen, moet het nu niet ver meer zijn. En inderdaad, na een paar honderd meter is daar een zwart/geel bord met ‘Azienda Agricola Partingoli’.

Nog een laatste stukje en dan mogen we plaatsnemen op het terras, in de nog heerlijk warme stralen van de najaarszon. Na een uitgebreide kennismaking met Martijn en Angelique Bak, die samen Agriturismo Partingoli runnen, komen ook de kinderen even poolshoogte nemen. Blonde Jeroen hadden we bij aankomst al door de velden zien rennen. Voor een jongen van zeven is het landgoed een waar paradijs: volop ruimte om te spelen en nieuwe dingen om te ontdekken. Anna van drie oogt heel wat Italiaanser. Niet alleen door haar donkere haren, maar ook door haar gebaren kan ze doorgaan voor een Italiaanse bambina. Zeker als ze ons verlegen toefluistert: ‘Io sono Anna Bak.’

De kinderen gaan dan ook allebei naar een Italiaanse school in het nabijgelegen dorp, zo vertelt Angelique. Anna naar de scuola materna, een soort kleuterschool, waar ze haar mannetje staat tussen de Italiaanse kleuters Ook Jeroen is inmiddels al helemaal ingeburgerd op school. Hij switcht moeiteloos naar het Italiaans als hij zijn vriendjes ziet, geniet van een lekkere warme pasta tijdens de gezamenlijke lunch en wordt veelvuldig uitgenodigd voor partijtjes. Zelfs tanden wisselen doet hij op z’n Italiaans – tot nu toe verloor hij zijn tanden steeds bij het eten van een pizza. Anna en Jeroen voelen zich hier dan ook helemaal thuis. Dat demonstreren ze graag door ons een rondleiding te geven over het terrein.’

Hoe dat terrein er precies uitziet, en hoe de familie Bak zich het landgoed inmiddels helemaal eigen heeft gemaakt, lees je in de nieuwe Smaak. Uiteraard hebben mijn collega’s en ik nog veel meer Italiaanse inspiratie verzameld. Wat dacht je van een rondreis op Capri, het ultieme droomeiland? Wil je het helemaal superdeluxe doen, daar op Capri, dan boek je minimaal één nachtje in het JK Capri Hotel. We mochten er even een kijkje nemen, en het is echt adembenemend mooi!

Ook mooi – en minstens zo romantisch – is een bezoek aan een van de meest fascinerende kunststeden van Italië, met een rijke geschiedenis die teruggaat tot voor de Romeinse tijd: Verona,stad van de liefde, veelzijdig en nog relatief onontdekt. Dit alles maakt Verona tot misschien wel de leukste bestemming voor een weekend weg in het voorjaar.

Maar ook voor wie (nog) niet naar Italië afreist, valt er volop te genieten. Zo zijn er heerlijke Italiaanse recepten van de dames van het River Cafe in Londen, met onder andere vitello tonnato en torta della nonna. Ook brachten we een bezoekje aan Maastricht, waar we op zoek gingen naar de bijzonderste Italiaanse adresjes. Ook zochten we weer de mooiste boeken, accessoires en andere hebbedingen in Italiaanse stijl bij elkaar. Het is, kortom, weer een bijzonder mooi en smakelijk magazine geworden, waar jullie hopelijk allemaal van gaan genieten.

Wij zijn inmiddels alweer druk aan de slag met de volgende editie, die helemaal in het teken van Toscane zal staan. Het is natuurlijk wel eens verwarrend, hier in Rome bezig zijn met de afronding van De smaak van Florence, mijn eigen boek (met naast Rome ook Florence, Siena, de Maremma, Napels en Venetië) en de artikelen voor de Smaak die in mei verschijnt en helemaal in het teken van Toscane zal staan. Ik moet maar gauw terug naar Partingoli, om na alle drukte rondom het schrijfwerk te genieten van niets meer dan een stapel boeken, het zwembad, een goed glas wijn en natuurlijk het prachtige uitzicht vanaf deze posto particolare. Tot gauw dus, familie Bak!

vanaf vandaag verkrijgbaar!

feb 26

We gebruiken het dagelijks zonder erbij na te denken, het @-teken op onze computer, oftewel het apenstaartje. Dat in Italië trouwens geen apenstaartje heet, maar chiocciola – slakkenhuisje. Sinds we e-mail hebben geïntegreerd in ons dagelijks bestaan, word je tientallen, zo niet honderden keren per dag geconfronteerd met dit teken, zeker op een werkdag. En sinds de introductie van twitter zien we het apenstaartje nog vaker voorbijkomen.

Nu vragen jullie je waarschijnlijk af waarom ik het over apenstaartjes heb op een blog over Italië. Welnu, het @-teken zou al in het zestiende-eeuwse Venetië gebruikt zijn. In documenten van Venetiaanse kooplieden duikt het apenstaartje regelmatig op. Het werd in die tijd natuurlijk nog niet gebruikt met de betekenis zoals wij die nu kennen; @ stond voor amfora (een oude Griekse kruik), waarmee hoeveelheden werden afgemeten.

Het oudste document waarin een @ is aangetroffen, dateert uit 1536. Het bevindt zich niet in Venetië zelf, maar in het Instituut voor de Economische Geschiedenis in Prato (Toscane). Het is ene brief van de Florentijnse koopman Francesco Lapi, die in een document het aantal amforen dat vanuit Rome naar Spanje verscheept moest worden aanduidde met het @-teken.

Toch is niet iedereen het eens over deze Italiaanse basis voor het moderne apenstaartje. Sommige wetenschappers menen dat er al in de vijftiende eeuw gebruik werd gemaakt van het apenstaartje, eveneens als afkorting, maar dan van het woord arroba, een kwart. Het feit dat Spanjaarden en Portugezen het apenstaartje nog steeds arroba noemen zou dat ondersteunen.

Andere onderzoekers hebben echter bewijs gevonden voor het gebruik van het apenstaartje in het twaalfde-eeuwse Toscane. Het zou een samensmelting zijn van de afkorting ac, al cambio – in ruil voor. Echt harde bewijzen, zoals het zestiende-eeuwse Venetiaanse document, zijn echter niet voor handen.

Wel zeker is dat het apenstaartje als aanduiding van ‘tegen de kosten van’ op de eerste typemachines verscheen – en zo ook op het toetsenbord van de computer. De moderne betekenis kreeg het @-teken van Ray Tomlinson, die een verbinding zocht tussen de naam van een computergebruiker en de mailserver waarvan deze persoon gebruik maakte.

Zelf lichtte hij de keuze voor het apenstaartje als volgt toe: ‘I chose to append an at sign and the host name to the user’s (login) name. I am frequently asked why I chose the at sign, but the at sign just makes sense. The purpose of the @-sign (in English) was to indicate a unit price (for example, 10 items @ $1.95). I used the at sign to indicate that the user was ‘at’ some other host rather than being local.’

Een leuke Italiaanse wetenswaardigheid – waar we maar niet bij elke te versturen e-mail bij stil moeten staan. Alhoewel, bij elk verzonden en ontvangen bericht even aan Italië denken is natuurlijk nooit verkeerd…

Getagd met:
jan 28

Ondanks de romantiek van alle lokale marktjes en heerlijke kleine winkeltjes om me heen waar ik het liefst snuffel en nieuwe ontdekkingen doe, kan het soms zomaar zijn dat ik mezelf terugvind in zo’n overweldigende ipermercato. Een mammoetsupermarkt waar je werkelijk voor alles terecht kunt. Van fietsbanden tot ingemaakte kersen en van flanellen huispakken tot gebloemd briefpapier.

Ik sta wat verdwaasd voor de vele vierkante meters pastasoorten die hier staan uitgestald als ik wat verderop een bekende stem in het Nederlands hoor. Als ik nieuwsgierig om het schap heen loop, zie ik tot mijn grote verrassing inderdaad een bekende staan: Esther Bos. Vorig jaar was ik bij haar en Simona op bezoek in het Toscaanse Il Canto del Maggio (zie Ciao tutti van 26 januari en 27 januari). Esther biedt met haar Beleef Toscane een aantal culinaire voor- en najaarsarrangementen aan met net een tikje méér. Met het gevoel ‘thuis’ te zijn bij de Italianen, met heerlijk koken, eten en vertoeven in een dromerig minidorpje.

Ze begroet me blij verrast en vertelt me dan honderduit over de heerlijkheden van haar afgelopen Beleefherfst: het aanhoudende zonnige weer, óók in november, het proeven van een Vin Santo met de potentie van een luxe cognac, de smaak ontdekken van een risotto met brandnetel, het ultieme recept voor parelhoen met kastanjes, de door het droge zomerseizoen schamel uitgevallen olijfoogst die echter een ongekend rijke olie opleverde en de hartelijke gastvrijheid van Cinzia, de vrouw des huizes van ‘Moraiolo’. Een levendig boerenhuis van drie generaties waar Esthers gasten nu ook een plekje vinden. ‘Daar moet ik je echt nog eens mee naar toe nemen,’ besluit ze, terwijl ze snel nog een pak risottorijst uit het schap grist. ‘Kijk maar even,’ zegt ze, terwijl ze me haar telefoon geeft. ‘Je gelooft je ogen niet als je dit ziet!’

‘Dat pak rijst is overigens voor een nieuw uit te proberen recept,’ legt ze uit. ‘Voor fritelle di riso, rijstbeignets. Al noem ik ze met mijn dochter Jozefbollen, dat klinkt leuker,’ lacht ze. ‘En dat zijn het in feite ook. Tegenwoordig zie je al met Carnaval, maar traditioneel gezien worden ze op 19 maart gegeten, de dag van S. Giuseppe, St. Jozef en tegelijkertijd ook vaderdag in Italië.

Volgens overlevering was Jozef na zijn vlucht naar Egypte genoodzaakt om beignets te verkopen om zijn gezin te onderhouden. De Romeinen gaven hem daarom al de vrolijke bijnaam il frittellaro, de frituurman. Middenin de vastentijd wordt er nu op zijn heiligendag ‘gesmokkeld’ en heeft iedere regio wel zijn eigen gefrituurde gebak. Van de zoete zeppole uit Napels getopt met banketbakkersroom en kersen tot de hartige crespeddi van Sicilië met ricotta en ansjovis. Maar ik hou van de Toscaanse, met rijst en een zweem citroen,’ besluit ze.

‘Er bestaan honderden verschillende recepten van en evenzoveel verschillende meningen over. Mét rozijnen of zonder. Mét gist of zonder. Het originele recept stamt ergens uit de late middeleeuwen, maar ik doe het vandaag met dit recept van Simona.’ Ze krabbelt voor mij (en voor jullie natuurlijk) het recept op een papiertje. Zo kunnen ook wij genieten van een Italiaanse vastentraditie!

Frittelle di S. Giuseppe
(St. Jozefbollen)

250 gram rijst (liefst met een kleine ronde korrel, zoals risottorijst)
600 ml melk
400 ml water
mespuntje zout
3 eidooiers
3 eiwitten
1 borrelglaasje Vin Santo
100 gram suiker
zakje vanillesuiker
wat citroen- en sinaasappelrasp
3 tot 4 eetlepels bloem
olie om te frituren
extra kristalsuiker om te bestrooien

Kook de rijst in het water met de melk, het snufje zout en de citroen- en sinaasappelrasp. Giet de rijst af indien nodig en laat deze afkoelen (dit kun je ook al een dag van tevoren doen).

Voeg dan de eidooiers, Vin Santo en de suiker aan toe. Gebruik zoveel bloem als nodig is om er een stevig mengsel van te maken; het mag niet ‘weglopen’. Laat het mengsel zo’n half uurtje rusten (het originele recept heeft het zelfs over vele uren!).

Klop voor het bakken de eiwitten stijf en spatel ze voorzichtig door de rijst. Verhit het frituurvet en schep dan met een lepel balletjes van het rijstmengsel in het vet. Frituur de balletjes goudbruin en laat ze uitlekken op keukenpapier. Rol ze ten slotte door de suiker.

‘Voor de luxe versie kun je het hart nog vullen met wat banketbakkersroom.’ Esther glundert al als ze eraan denkt. En ze maakte het nog even aanlokkelijker door ter plekke Simona van Il Canto del Maggio te bellen voor een heus Toscaans wijnadvies. Haar favorieten: De Aleatico van het wijnhuis Vitereta, een passitowijn (van ingedroogde druiven) die niet al te zoet is. Of een Montepulciano di Vendemmia Tardiva (van late oogst).

Ondertussen zijn we bij de kassa aangekomen en Esther zet alle veelbelovende ingrediënten voor dit lekkers op de band. Ik krijg spontaan zin om de frittelle – en nog meer carnavalslekkers – zelf bij haar te gaan maken en proeven! Jullie ook? Kijk dan eens op Beleef Toscane onder Maschere & Misteri.

Ik zeg Esther gedag met de belofte haar snel op te zoeken op die prachtige plek en slenter terug naar de afdeling pasta om weer vertwijfeld voor de enorme keuze te staan, maltagliati of fusillli bucati? Ik ben er voorlopig nog niet uit!

preload preload preload