mei 11

Onze laatste woorden zijn belangrijk. Ze vormen een aandenken voor latere generaties, maar zijn ook onze laatste kans om aan te geven hoe we onszelf en het leven zien en wat er werkelijk toe doet. Beroemd is de uitspraak die Julius Caesar vlak voor hij zijn laatste adem uitblies deed: ‘Et tu, Brute?’ (‘Ook gij, Brutus?’)

In Onsterfelijke laatste woorden zijn droevige, optimistische, ontroerende, treffende en wijze laatste uitspraken gebundeld. Het zijn woorden van al dan niet bekende personen, woorden die in sommige gevallen inmiddels zijn verworden tot vaste uitdrukkingen en regelmatig geciteerd worden. Ze zijn chronologisch geordend, van ver voor Christus (wat dacht je van de laatste woorden van Socrates of Alexander de Grote) tot nu (van Ronald Reagan tot Michael Jackson). Elke uitspraak is voorzien van een korte biografie van de persoon en van de omstandigheden waaronder de woorden werden gesproken.

Vandaag voor jullie de laatste woorden van Nero:

‘Nero was geadopteerd door zijn oudoom Claudius en aangewezen als diens erfgenaam. Op 13 oktober 54 werd hij tot keizer van Rome uitgeroepen. In de herinnering leeft hij voort als de keizer die tijdens de grote brand van 64 ‘fiedelde terwijl Rome brandde’.

Volgens de overlevering vergiftigde hij in 55 Britannicus, zijn vijftienjarige stiefbroer die de rechtmatige erfgenaam van het Romeinse Rijk was, en gaf hij in 59 opdracht om zijn eigen moeder te vermoorden. Hij liet zijn ex-vrouw Octavia terechtstellen nadat ze met zijn toestemming uit ballingschap was teruggekeerd. Hij schonk haar hoofd aan zijn nieuwe echtgenoot Poppeia, die hij later zou hebben doodgeschopt toen ze zwanger was. In 62-63 liet hij een aantal rivalen terechtstellen. Toen zijn legioenen in opstand kwamen, weigerde de senaat Nero nog te steunen en moest hij onderduiken.’

Suetonius beschrijft Nero’s laatste woorden: ‘Hij weende en herhaalde steeds: ‘Een groot kunstenaar gaat met mij verloren!’ Hij las dat de senaat hem tot een gevaar voor de gemeenschap had uitgeroepen en dat men hem op de klassieke wijze wilde straffen. Hij informeerde wat deze straf inhield. Toen hij hoorde dat de misdadiger geheel ontbloot werd vastgezet met een gaffel op de keel en daarna met roeden werd doodgeslagen, greep hij in doodsangst twee dolken die hij bij zich droeg en probeerde de punten ervan op zichzelf uit.

Hij borg ze echter weer op onder het voorwendsel dat zijn laatste uur nog niet had geslagen. Hij verweet zichzelf meteen daarop weer zijn lafheid. ‘In leven blijven is schandalig en schaamtevol. Dit past Nero niet, past hem niet. Je moet op zulke momenten resoluut zijn. Kom, verman jezelf.’

Inmiddels naderden de ruiters die opdracht hadden gekregen hem levend af te voeren. Toen hij hen hoorde, bracht hij met bevende stem uit: ‘Luister, nu treft mijn gehoor het getrappel van snelvoetige paarden!’ Hij stak een dolk door zijn hals en blies bijna zijn laatste adem uit toen een toegesnelde centurion een mantel tegen de wond drukte. Nero deed alsof de soldaat hem kwam helpen en bracht haperend uit: ‘Te laat! Maar dit is pas trouw!’ Met die woorden gaf hij de geest. De verschrikte blik in zijn ogen, die verstard in hun oogkassen lagen, deed echter iedereen die hen zag sidderen van afgrijzen.’

In Onsterfelijke laatste woorden – De meest bijzondere uitspraken uit de geschiedenis en de verhalen erachter lees je onder andere de laatste woorden van Cleopatra, keizer Vespasianus, Marcus Aurelius, Karel de Grote, Petrarca, Lorenzo il Magnifico, Leonardo da Vinci, Cesare Borgia, Machiavelli, Rudolph Valentino, Luciano Pavarotti en vele, vele anderen.

Onsterfelijke laatste woorden
Terry Breverton
vertaald door Ruud van der Helm
ISBN 9879021549910
€ 15,00
Kosmos Uitgevers

aug 19

Op de plek waar nu het Colosseum staat, bevond zich vroeger een kunstmatig meer dat hoorde bij Nero’s Domus Aurea (Gouden Huis). Toen Vespasianus in het jaar 70 na Christus de opdracht gaf te beginnen met de bouw van een enorm amfitheater, werd het meer binnen de kortste keren volgestort met beton. Al gauw verrees er een enorme arena op de plek waar eerst nog vissen zwommen.

Toen keizer Vespasianus nog aan de macht was, vonden er in het amfitheater voornamelijk gevechten tussen mensen en dieren, tussen mensen onderling of tussen dieren onderling plaats. Alleen al tijdens het honderd dagen durende openingsfeest werden duizenden wilde dieren in het Colosseum de dood ingejaagd.

Vespasianus’ oudste zoon, Titus, hield van nog meer spektakel. Volgens veel Romeinse bronnen vonden er gedurende zijn regeringsperiode zelfs watergevechten (naumachiae) plaats  in het Colosseum! Het hele amfitheater zou onder water gezet zijn om zeeslagen uit de geschiedenis na te kunnen spelen.

De Romeinse dichter Martialis zou geschreven hebben dat de arena in een mum van tijd kon veranderen ‘van droog land naar woeste zee’. De historicus Suetonius heeft zelfs opgetekend dat keizer Domitianus ‘genoeg schepen had laten aanrukken om twee complete armada’s te vormen’.

We weten echter niet precies of het allemaal wel waar is; er zijn helaas niet echt duidelijke bewijzen aangetroffen over de precieze locatie van dit gebeuren. Was het wel het Colosseum waar beide schrijvers de watergevechten hadden gezien?

Zeker is in elk geval dat het – als het inderdaad mogelijk is geweest het Colosseum onder water te zetten – al snel afgelopen was met de nagespeelde zeeslagen. Toen Titus overleed en zijn jongere broer Domitianus de heerschappij over de stad op zich nam, besloot hij het Colosseum uit te breiden met het zogenaamde hypergeum, het netwerk van kamers, kamertjes, tunnels en gangen onder het Colosseum. Vandaag de dag kun je dit gangenstelsel nog steeds zien, onder de ‘vloer’ van de arena. Toen dit gangenstelsel er eenmaal was, kon er geen water meer in het Colosseum worden gepompt en viel het doek voor de zeeslagen en andere watergevechten.

Toen ik vanochtend langs het Colosseum liep, hoorde ik tot mijn grote verbazing echter vrolijk watergespetter. Ik probeerde naar binnen te gluren, maar de dikke muren gaven niks van hun binnenste prijs. In het dichtstbijzijnde koffiebarretje informeerde ik naar de herkomst van het gespat, en wat bleek?

Rome heeft ’s zomers een uniek openluchtzwembad! Op enkele stappen van het Colosseum kun je een duik nemen in een heerlijk zwembad in de buitenlucht, met natuurlijk uitzicht op het Colosseum (zie de foto voor als dit te mooi om waar te zijn lijkt)!

Ik was mijn hele culturele programma voor de dag direct vergeten en ben snel naar mijn logeerhuis gefietst. Popelend van ongeduld wachtte ik tot mijn gastvrouw terug was van Italiaanse les, waarna we heerlijk hebben genoten van het zwemmen in de buitenlucht en van het geweldige uitzicht. Een heel bijzondere ervaring!

Wil je ook een duik nemen met uitzicht op het Colosseum? Het zwembad maakt deel uit van het complex All’Ombra del Colosseo (‘In de schaduw van het Colosseum’). Elke dag kun je er vanaf 9 uur ’s ochtends genieten van het zwembad, de jacuzzi en de ligbedden op de zonneweide. Uiteraard zijn er douches en kleedhokjes en de Romeinen hebben ook de inwendige mens niet vergeten.

  

’s Avonds wordt het hele complex omgetoverd tot een groot festivalterrein; dan drink je een aperitief aan de rand van het zwembad. De hele zomer zijn er allerlei optredens en tot in de late uurtjes draaien de beste dj’s van de stad. De volgende ochtend lonkt het frisse water weer, zodat je kater geen kans krijgt. Of zullen we dan toch maar dat culturele programma afwerken? Ach, eerst nog even wat baantjes zwemmen – al is het maar voor het onbetaalbare uitzicht!

Morgen meer cultureel nieuws uit de Eeuwige Stad, voor ik morgenavond weer terug naar Amsterdam vlieg om daar een dagelijkse portie Italiaans te zoeken…

preload preload preload