jul 05

Gisteren kwam ik aan in Siena, waar ik een paar dagen doorbreng voor ik verder trek naar de Maremma. Ik viel gelijk met mijn neus in de boter: ik mocht een dagje meelopen met Diane, die voor SRC Cultuurvakanties met een groep reizigers door Siena wandelde en onder andere een bezoek bracht aan de grote San Domenico, op een steenworp afstand van de taalschool waar ik af en toe mijn Italiaans bijspijker. Diane, die jullie nog wel kennen van haar eerdere bijdragen aan Ciao tutti, neemt mij – en daarmee jullie – mee terug in de tijd, naar de meest bijzondere vrouw die in Siena heeft geleefd: de heilige Catharina van Siena.

Diane houdt de zware deur van de San Domenico voor ons open. De grote Dominicaner preekschuur is versierd met de vlaggen van de verschillende contrade, de wijken die twee keer per jaar tijdens de palio om de eer strijden. Ze vertelt welke vlag bij welke contrada hoort – en welke contrades elkaars bloed wel kunnen drinken, ondanks het feit dat ze hier zo broederlijk naast elkaar hangen.

Diane wandelt door de kerk en vertelt honderduit over de geschiedenis van alles wat er te zien is. Ze laat ons halt houden bij een kapel aan de rechterkant van de kerk. Enigszins verborgen tussen de mooie fresco’s is daar het hoofd van Catharina te zien. Het ziet er afschrikwekkend uit – als kind zou je er nachtmerries van krijgen.

In Rome had Diane me ook al eens verteld over deze vrouw uit Siena, in de Santa Maria sopra Minerva, vlak bij het Pantheon. Daar ligt haar lichaam onder het hoofdaltaar, verborgen in een mooi omhulsel waar je in elk geval die enge beenderen niet ziet. Catharine schijnt volgens Diane namelijk erg mager te zijn geweest. Ze werd al misselijk als ze meer dan een hostie at, zo wil de overlevering althans.

Diane vertelt dat haar lichaam in Rome niet alleen het hoofd mist, maar ook de rechtervoet. Die blijkt in Venetië te zijn, in de SS Giovanni e Paolo. Die verspreiding van de lichaamsdelen… Ik word er misselijk van, die arme Catharina zou hier toch ook niet blij mee geweest zijn.

Ze blijkt een bijzondere vrouw geweest te zijn, zo vertelt Diane. ‘Catharine werd geboren als vijfentwintigste (!) kind van een gezin in Siena. Al op zesjarige leeftijd kreeg ze visioenen en sloot ze zich op in de werkplaats van haar vader. Ze wilde niet trouwen, maar haar vader vond dat ze gewoon moest doen wat er van haar verwacht werd. Met zoveel kinderen – en dus veel dochters om te huwen – had hij wel wat anders aan zijn hoofd.

Gelukkig kreeg Catharina de pokken, waardoor ze veel minder aantrekkelijk werd en haar ouders uiteindelijk toegaven aan haar wens toe te treden tot de derde orde der Dominicanen. Ze bleef thuis wonen en zette zich in voor de minderbedeelden. Ze bezocht vele zieken, zelfs met gevaar voor eigen leven.

Catharina kon niet lezen en schrijven, maar dat weerhield haar er niet van vele brieven te dicteren die naar de paus in Avignon werden gestuurd. Ze liet de paus schrijven dat het maar eens afgelopen moest zijn met zijn luxe leventje aan het hof. Ze riep hem op zich snel opnieuw aan zijn taak in Rome te wijden.

Wonderbaarlijk genoeg schijnen de brieven van Catharina invloed te hebben gehad op de paus. Hij keerde inderdaad terug naar Rome en liet Catharina zelfs naar Rome roepen om zijn raadsvrouwe te worden. Dit duurde echter maar kort, want na nog geen jaar sterft Catharina, op – hoe kan het ook anders – 33-jarige leeftijd.’

Mijn hoofd duizelt van dit verhaal over de heilige Catharina en het idee dat zij hier lang geleden ook heeft rondgewandeld. Diane neemt ons na de lunch mee naar het kerkje waar Catharine al op jonge leeftijd heen ging om te bidden. Maar eerst even iets eten. Diane giechelt als ik vraag waar we heen gaan.

Na aankomst bij het restaurant weet ik waarom: de naam van het etablissement is Grotta di Santa Catarina. Er zullen hier toch geen resten van Catharina geserveerd worden? Mijn maag maakt echter duidelijk dat het echt tijd is om te eten, en ik probeer Catharina even uit mijn hoofd te zetten. Met de heerlijke Toscaanse gerechten die geserveerd worden lukt dat aardig – ook in Siena weten ze wat genieten is!

jul 31

Fare una bella figura is, zoals je gisteren al kon lezen op Ciao tutti, een term die door Italianen vaak in de mond wordt genomen. Het heeft te maken met zowel je gedrag als allerlei kledingregels die nageleefd moeten worden.

In mijn eerste huis vlak bij de Spaanse Trappen in Rome zat ik vaak met verwondering te kijken naar alle verschillend geklede mensen die onder mijn raam voorbijliepen. Het was allemaal zo anders dan in Nederland, vele mannen strak in het pak en vele dames in een zwart mantelpakje, en dat op een gewone doordeweekse dag.

Vriendinnen uit Nederland kwamen langs om etalages te kijken. Ze pasten de ideeën die ze hier in Italië opdeden weer toe in Nederland, terwijl anderen zich lieten inspireren door de vele verschillende kledingstukken. Ze kochten koffers vol designerstoffen en maakten de dure kleding thuis na.

Tijdens de reizen die ik tot nu toe in Italië heb begeleid, was er weinig tijd om aandacht te besteden aan dit bijzondere fenomeen. Kleding moest het meestal afleggen tegen kerken en kunst. Maar Italië is ook het land van de mode en van het design! Vele grote ontwerpers zijn Italianen: denk aan Versace, Dolce e Gabbana, Armani… En zelfs de paus heeft een paar Prada-schoenen naast zijn bed staan!

Toen SRC-Cultuurvakanties mij vroeg om mijn droomreis op Italiaanse bodem op papier te zetten, wist ik dan ook gelijk wat me te doen stond: een reis organiseren rondom de hoogtepunten van de Italiaanse mode. Het resultaat mag er zijn, al zeg ik het zelf!

Tijdens de reis die ik heb mogen samenstellen maak je kennis met de grote Italiaanse namen in de modewereld, maar ook met de minder bekende ontwerpers. We verkennen de modewijken in Milaan, Florence en Rome. Maar we gaan natuurlijk niet alleen maar etalages kijken! Modeontwerpers hebben in de grote steden warenhuizen, cafés en restaurants ingericht.

Salvatore Ferragamo heeft zijn eigen schoenenmuseum in Florence, waar modellen van bekende filmsterren te bewonderen zijn. In Florence vind je ook Palazzo Pitti, waar we de geschiedenis in duiken met een bezoek aan de kostuumafdeling. In de stoffenfabriek die we zullen bezoeken, zie je hoe de stoffen voor deze kostuums tot stand komen en wat er allemaal bij komt kijken voor je zo’n pak kunt aantrekken.

We eindigen de reis in Rome, waar we niet alleen op onderzoek uitgaan naar de plaatsen waar de paus zijn kleding en schoenen koopt en waar Valentino zijn creaties ontwerpt, maar waar we ook gaan rondstruinen op de grootste vlooienmarkt van Rome, Porta Portese. Durf jij ’s avonds al je aanwinsten te showen aan je medereizigers?

Mocht je al staan te popelen om mee op reis te gaan naar de grootste modesteden in Italië: we vertrekken op 8 november 2010 en 10 januari 2011. Tijd genoeg dus om alvast flink te sparen, zodat je straks je garderobe flink uit kunt breiden. In januari zijn we trouwens precies in Italië ten tijde van i saldi, de grote uitverkoop!

Kijk voor het precieze dagprogramma, de kosten en meer informatie op www.src-cultuurvakanties.nl. Hopelijk tot in Milano!

Diane Kuster

preload preload preload