feb 03

Op 1 februari was het dubbel feest. Ciao tutti bestond die dag precies twee jaar, en terwijl ik digitaal de vlag uithing, ontving ik een aankondiging van de lancering van de blog van mede-Smaakschrijver Willemijn van Dijk: Orpheus kijkt om.

Nu wist ik stiekem al wel dat Willemijn plannen had voor een dagelijks blog. We hadden al eens zitten brainstormen over titels, mogelijke invalshoeken en onderwerpen, maar meer wist ik nog niet. Ik was dan ook blij verrast door de bijzonder originele naam, die gebaseerd is op een van de bijzonderste verhalen uit Ovidius’ Metamorphosen (voor de liefhebber 10:1-63).

Orpheus & Eurydice
In dit verhaal is de hoofdrol weggelegd voor Orpheus, de zoon van de god Apollo. Hij was een groot dichter, die veel prachtige frasen op zijn lier ten gehore bracht. Hiermee wist hij mensen en dieren vaak te betoveren. Volgens Ovidius was zijn muziek zelfs zo schitterend, dat zelfs bomen en rotsen de klank van zijn stem volgden en zich losrukten van hun vaste plek op aarde.

Orpheus trouwde met de mooie bosnimf Eurydice. Voor het paar was echter geen lang en gelukkig leven weggelegd. De pasgetrouwde Eurydice werd namelijk op de huwelijksdag gebeten door een giftige slang, die haar pad kruiste toen ze op de vlucht was voor een ongewenste aanbidder. Eurydice stierf aan de beet en liet haar kersverse echtgenoot diepbedroefd achter.

Orpheus was zo ontdaan door het verlies dat hij naar de onderwereld afdaalde om de heerser van de onderwereld zijn verdriet te tonen, in de hoop dat Eurydice dan terug mocht keren. Met zijn muziek wist hij Pluto zo ver te krijgen dat Eurydice hem terug naar de aarde mocht volgen. Daarbij stelde Pluto echter één voorwaarde: Orpheus mocht niet naar haar kijken tot ze de dodenwereld hadden verlaten.

Helaas, je voelt het natuurlijk al aankomen: op het laatste moment kon Orpheus zich niet bedwingen en keek hij om. Eurydice verdween voor altijd naar het rijk der doden – en Orpheus was ontroostbaar. Waarom had hij zo nodig om moeten kijken, waarom had hij zich laten verleiden door dat moois achter zich?

Orpheus kijkt om
Gelukkig voor ons kan Orpheus nu vrij omkijken naar alle moois dat achter ons ligt – en dat laat Willemijn hem elke dag doen. Op Oprheus kijkt om biedt ze je elke dag een blog over kunst en cultuur in het algemeen en die van de oudheid (en daarop geïnspireerde stromingen) in het bijzonder. Dagelijks kijk- en leesvoer, met tips voor oude en nieuwe boeken, mooie tentoonstellingen of films en bijzondere online ontdekkingen. Net als Orpheus’ liederen bestaan deze blog uit prachtige frasen, die de oudheid tot leven wekken. Willemijns Orpheus neemt heel de Romeinse oudheid mee terug uit de dodenwereld – en dit keer loopt deze missie goed af, waardoor iedereen kan genieten van leuke anekdotes, ontdekkingen en hoe belangrijk die nog in het heden (kunnen) zijn.

Naast de dagelijkse blogs is er bovendien een tentoonstellingsagenda zonder grenzen (met lopende exposities in Nederland en (ver) daarbuiten op het gebied van (kunst)geschiedenis en de klassieken, die je op je wenslijst kunt zetten) en een Klassieker van de Maand, die deze maand is gewijd aan Ovidius’ Metamorphosen.

Word je graag dagelijks even afgeleid door alles op het gebied van geschiedenis, kunst en cultuur? Breng dan elke ochtend niet alleen een bezoekje aan Ciao tutti, maar ook aan Orpheus kijkt om (of schrijf je in voor de nieuwsbrief, dan krijg je vanzelf een e-mail met de blogpost van die dag) – een beter begin van de dag kun je je niet wensen.

Elke dag een cadeautje
Nu ik al twee keer verrast ben met een prachtige Orpheus-mail op de vroege ochtend, begrijp ik pas dat mensen zo’n bericht in hun mailbox als een cadeautje zien. Trouwe lezers schreven me wel eens: Dank dat je me elke dag een cadeautje mailt! Het was echt geen valse bescheidenheid, maar ik dacht dan altijd: nou, cadeautje, ik schrijf gewoon graag. Nu, na een paar fijne cadeautjes van Orpheus, snap ik precies wat deze mensen bedoelden. Het is heerlijk om elke dag opnieuw een cadeau gemaild te krijgen, vol inspiratie, ideeën en interessante weetjes.

Willemijn schrijft in een van haar eerste blogs (Rome-tips uit de 19e eeuw): ‘Als je van geschiedenis (of een ‘retrospectieven gradenboog’ – zoals Couperus het in de door Willemijn geschreven blog noemt, SB) houdt, zoals ik, dan is het bestaan van een stad als Rome een cadeautje, dat je eeuwig kunt uitpakken zonder dat het ooit opraakt.’

Ik hoop dat Orpheus kijkt om voor veel lezers ook zo’n nooit oprakend cadeautje wordt dat je op elk moment van de dag uit kunt pakken. Ik kijk in elk geval al uit naar het volgende stukje morgenochtend. Zo was het niet alleen 1 februari dubbel feest, maar wordt het dat elke dag! Zowel het schrijven van een eigen blog over Italië als het lezen van Orpheus’ bijzondere ervaringen zorgen ervoor dat elke dag voortaan begint met een dubbel cadeautje. Daar gaan Willemijn en ik straks na het werk alvast even een prosecco op drinken, met een extra glas voor Orpheus!

Getagd met:
jan 29

De maand januari zit er weer bijna op, maar voor we de oversteek naar februari maken, hebben jullie nog een column van Diane Kuster tegoed:

‘Het is middernacht. Ik zit in de auto terwijl mijn vrienden Francesco, Antonio en Joyce deze duwen, in de hoop dat’ie eindelijk start. Het lijkt hopeloos; we zijn al een uur bezig en er komt geen geluid uit behalve een paar zuchten.

Wat is er gebeurd? Joyce en ik waren ’s middags al in Rome aangekomen en ik had de auto strak geparkeerd, naast een muur. Ik moest er aan de passagierszijde uitklimmen, met als gevolg dat het alarm dat aan moet geven dat het licht nog aan is, niet is afgegaan. En aangezien het een frisse, maar zonnige dag was, heb ik niet gezien dat de lichten nog aan waren.

Nu ik naar Fiuggi wil rijden met Joyce, blijkt de accu helemaal leeg. Niet alleen mijn vrienden maar ook andere Italianen proberen de auto aan de gang te krijgen. Het is echt hopeloos en uiteindelijk besluiten Joyce en ik in Rome te blijven logeren, bij Francesco, en pas de volgende dag op zoek te gaan naar startkabels, die tegenwoordig werkelijk niemand meer in de auto schijnt te hebben.

We moeten op zoek naar een parkeerplaats. ’s Nachts lijkt het alsof je overal kunt parkeren (omdat de parkeerpolitie niet werkt) en mijn vrienden wijzen op een plek naast de trambaan waar vele auto’s staan. Maar ik vertrouw het niet; mijn auto is in Rome al zo vaak weggesleept dat ik er op aandring de auto te parkeren op een plaats waarvan ik zeker weet dat mijn auto er niet verwijderd wordt.

Met veel tegenzin duwen ze de klein Ford K verder. Eindelijk staat’ie dan. We stappen in de auto van Francesco en gaan naar zijn huis. We komen langs Fosse Ardeatina, waar de oorlogslachtoffers herdacht worden, en rijden verder door nachtelijk Rome.

Na een half uur zijn we bij Francesco thuis, waar ons een nieuwe onaangename verrassing wacht. Het is ijskoud in huis. Verbaasd vraag ik hoe dit nu weer kan. Het blijkt dat de gemeente de verwarming wel heeft geactiveerd, maar om de kosten te drukken laten ze deze zo veel mogelijk uit. Het is ook peperduur.

Onder vele dekens lukt het ons in te slapen en we zijn al vroeg weer wakker. Na de koffie en brioche stappen we opnieuw in de auto, terug naar Porta Maggiore waar mijn auto staat. Eenmaal in de buurt belanden we in de file. We begrijpen er niets van. Het is zaterdagochtend, nu niet bepaald een tijdstip voor druk verkeer. Langzamerhand komen we dichterbij en dan zien we de oorzaak van de drukte. Twee trams zijn in botsing gekomen en één daarvan is omgevallen, boven op de rij auto’s die naast de trambaan geparkeerd stonden.

De jongen van het benzinestation, die ons helpt om de auto met startkabels weer aan de gang te krijgen, weet ons te vertellen dat er geen zwaargewonden zijn en dat het ongeluk is gebeurd omdat de tramchauffeur in slaap is gevallen. Ondertussen krijgt hij binnen enkele minuten de auto weer aan de praat. Ik haal opgelucht adem en ben blij dat ik erop aangedrongen heb de auto daar niet te parkeren. Maar ja, wie zou ook kunnen bedenken dat er een tram op je auto valt…’

Getagd met:
dec 31

Voor deze laatste dag van het jaar een Italiaanse roman met een toepasselijke titel: Morgen een jaar geleden, van Sebastiano Mondadori.

Morgen is het precies een jaar geleden dat Vittorio’s vrouw Teresa bij een auto-ongeluk om het leven is gekomen. Vittorio is samen met zijn tweede, twintig jaar jongere vrouw Carola naar het landgoed van zijn familie gereisd voor een bruiloft die daar de volgende dag zal plaatsvinden. Hij denkt terug aan het afgelopen jaar, waarin zijn leven zo ingrijpend is veranderd.

Vittorio en Teresa leken een gelukkig leven te leiden, maar na Teresa’s dood ontmaskert Vittorio haar dubbelleven en blijkt ook achter zijn eigen façade van succesvolle voedingsdeskundige en vader van twee dochters een andere werkelijkheid schuil te gaan.

In Morgen een jaar geleden dringt Sebastiano Mondadori met een fijnzinnig gevoel voor ironie door tot de kern van wat het betekent een geliefde te verliezen en vervolgens ook jezelf. Het is een betekenisvolle psychologische roman over de pijnlijke vragen die mensen elkaar en zichzelf voortdurend stellen: wat weet jij eigenlijk van mij? Wie ben ik eigenlijk?

Een fragment:

‘Zelfs Rome is lelijk deze ochtend. Er is weinig hemel te zien in deze dageraad van misverstane lokroepen en verscheurde jasmijn. Met mijn koffer stoot ik een leeg bierflesje om. Terwijl ik in de taxi stap, probeer ik te raden waar hij tot stilstand zal komen onder aan de kasseienweg. Het gevoel dat ik rondloop in een stoet van verouderde schimmen, verzuurd door de bittere smaak van twee espresso zonder suiker, plant zich in mijn hoofd als de misselijkheid die me al een week achtervolgt.

‘Wilt u dat we een stukje omrijden zodat we langs het Forum Romanum komen?’ De chauffeur ziet me aan voor een toerist.
‘Ik woon al bijna een jaar in Rome, dank u.’
Het was de enige zinnige optie nadat ik een negentienjarige cliënte zwanger had gemaakt op de avond voordat mijn vrouw begraven werd, en nadat Sofia me minzaam had medegedeeld dat zij de zorg voor de kinderen wel op zich zou nemen: ‘Zelfs nu je rijk bent, heb je nog geen enkel verantwoordelijkheidsgevoel.’
‘We wonen hier sinds acht maanden,’ komt Carola tussenbeide: haar nervositeit opgeslokt door dat absurde stemmetje als van een verwend kind.’

‘Wat denkt u, gaan we morgen winnen?’ Ik zie de enorme trouwring aan zijn hand waarmee hij door zijn zwarte krullen woelt.
Opnieuw Carola, ze knijpt in mijn knie omdat ze een antwoord eist: ‘Ik zou die Fransen niet onderschatten. Als je ziet hoe ze het tot nu toe gedaan hebben.’

Ik laat hem praten over tactiek en over een systeem met één spits, zo meteen komt hij met zijn voorspelling dat Totti een wereldprestatie zal leveren – het zou ook wel tijd worden, trouwens.
‘Hadden we niet beter met de trein kunnen gaan?’ Ze werkt me op de zenuwen als ze kauwgum met aardbeiensmaak kauwt.
‘Ik kan er niet tegen als anderen voor mij beslissen. Ook niet als het gaat om welk vervoermiddel ik moet nemen.’
‘Anderen of je familie?’
‘Ik was op mijn twintigste niet zo bits.’
‘Je denkt alleen maar aan mijn leeftijd als het je uitkomt.’

De chauffeur heeft genoeg aan een korte stilte om zijn lofrede op Totti te vervolgen.
‘De waarheid is dat je geobsedeerd bent door je familie.’

Ik zeg gewoon niks terug, ze is van streek omdat we de kleine drie dagen bij haar ouders laten: als ze bij haar is kan ze er niet tegen en loopt ze voortdurend te foeteren en te klagen, maar zodra ze haar achterlaat wordt ze overmand door schuldgevoelens en dat reageert ze dan af op mijn zwakke plekken.

‘Deze keer moet Totti maar eens laten zien dat hij een echte kampioen is,’ temper ik het enthousiasme van de chauffeur, die zich naar mij heeft omgedraaid.
‘De waarheid is,’ ze wappert ermee als een vlag, hij glinstert tussen haar hagelwitte tanden, ‘dat die twee telefoontjes met Marcello en je moeder je hele humeur verpest hebben.’
Ik blijf haar negeren, ik hoop op een geweldige actie van Totti in de laatste minuut.’

Morgen een jaar geleden
Sebastiano Mondadori
vertaald door Manon Smits
ISBN 978 90 234 6766 3
€ 18,90
uitgeverij De Bezige Bij

Over de auteur
Sebastiano Mondadori (Milaan, 1970) woont in Lucca, waar hij de schrijversschool Barnabooth heeft opgericht. Hij schreef eerder vijf met literaire prijzen bekroonde romans, werkte voor diverse kranten, tijdschriften en uitgeverijen en doceerde aan de universiteit van Lucca.

Getagd met:
dec 30

Sandrina Bokhorst, eigenaar van Persoonlijk Rome, schrijft elke maand een column voor de website van magazine De Smaak van Italië. Haar column van deze maand, over Silvester en de vette draken van Oud&Nieuw, is zo bijzonder, dat ik jullie het verhaal over de laatste dag van het jaar niet wilde onthouden.

Italianen houden van eten: veel en goed eten. Iedere feestdag heeft zo zijn eigen culinaire tradities. Op 31 december, de dag die in Italië ‘San Silvestro’ wordt genoemd, krijg je na middernacht cotechino (varkensworst) of zampone (gevulde varkenspoot) met polenta en linzen voorgeschoteld.  Linzen symboliseren financiële rijkdom en ook de varkenspoot – zeer voedzaam vlees – staat voor overvloed. Zo hopen de Italianen het nieuwe jaar goed te beginnen. En vooral dit jaar, met alle politieke onrust, zullen ze het nodig hebben! Aangezien dit alles volgt op het toch al copieuze cenone (grote diner) di San Silvestro moet je wel een behoorlijke eetlust hebben om alles te verstouwen! Italianen zeggen dan ook dat ze ‘draken zien’ als ze teveel hebben gegeten.

Maar weinigen beseffen dat we met deze schranspartij eigenlijk de overgang vieren van het heidendom naar het christendom. Dit gebeurde tijdens het pausdom van een alles behalve Bourgondische paus, paus Silvester, die de Romeinse keizer Constantijn zou hebben gedoopt als christen en daarmee de wereldgeschiedenis blijvend heeft veranderd. Oudjaarsdag, 31 december, is zijn sterfdag.

Paus Silvester I (314-335) bracht het grootste deel van zijn leven door als kluizenaar en asceet in de bergen vlak bij Rome. Zijn naam betekent niet voor niets ‘bosbewoner’. Maar in de geschiedenis heeft deze bescheiden man een heel ander imago gekregen!

Het Romeinse Rijk stond in de vierde eeuw onder heerschappij van keizer Constantijn. In een poging de verbrokkeling van het rijk tegen te gaan, bepaalde deze briljante staatsman in 313 na Christus dat het christendom voortaan als godsdienst werd getolereerd. Constantijn versterkte zijn eigen autoriteit door deze aan de steeds populairder wordende God van de christenen te koppelen. Later werd beweerd dat keizer Constantijn zelfs de wereldelijke en geestelijke macht over Rome vrijwillig zou hebben overgedragen aan de paus: Silvester. Daarmee werd de paus dus boven de keizer geplaatst. Met de kroning van Karel de Grote in het jaar 800 door de paus tot eerste keizer van het nieuwe West-Romeinse Rijk, werd dat nog eens bevestigd. Maar al gauw liep dat uit op een fikse machtsstrijd tussen het kerkelijke en het keizerlijke blok.

Historisch gezien zal Silvester waarschijnlijk niet meer dan een marionet in de handen van de keizer geweest zijn. Dat is echter niet het beeld dat fresco’s in kerken door heel Italië ons schetsen, want Silvester is een belangrijke heilige geworden. Het meest tot de verbeelding sprekende voorbeeld hiervan vinden we in de Silvesterkapel in de kerk van de Santissimi Quattro Coronati in Rome. Paus Innocentius IV gaf de opdracht voor deze cyclus in 1248 toen hij voor de zoveelste keer in oorlog was met de keizer. De fresco’s zijn een staaltje pure politieke propaganda die de claim op wereldlijke macht van de paus moeten ondersteunen.

In de kapel wordt ons als in een kleurrijk stripverhaal getoond hoe Constantijn zich door Silvester laat dopen om van zijn melaatsheid (lees: heidendom) te genezen. Nederig bukt de keizer vervolgens voor de tronende paus om hem als dank zijn mijter, in die tijd ook de keizerskroon van de wereldlijke macht, te overhandigen. Het tweetal, Silvester te paard en Constantijn te voet, vertrekt vervolgens naar de stad Rome die de keizer op deze wijze aan de paus schenkt. Constantijn heeft het paard aan de leidsels als teken van zijn onderwerping. Silvester wordt letterlijk en figuurlijk (en bepaald niet subtiel!) boven Constantijn geplaatst. Van kluizenaar is hij verworden tot held, de man die de keizer bekeerde en ook nog eens doopte.

Een nieuw tijdperk brak aan. De eerste grote kerken van Rome schoten vervolgens als paddenstoelen uit de grond. Daarmee sleepte Silvester ook nog eens de titel van patroonheilige van de metselaars en steenhouwers in de wacht. Maar Silvester ging verder: hij versloeg met een staaltje onvervalste heroiek het heidendom precies in het hart van de macht van het Romeinse keizerrijk.

Op het Forum Romanum, bij de tempel van Castor en Pollux, woonde diep onder de grond een draak die met zijn onuitstaanbaar, stinkende adem de mensen in de omgeving vergiftigde en de beroemde tweeling van schrik in hun eierdoppen deed terugschieten. De draak werd wel eens gevoed door zijn buurvrouwen, de Vestaalse maagden. Met de bekering van Constantijn tot het christendom echter hield deze liefdadigheid op en doodde de draak met zijn adem dagelijks meer dan 300 onschuldigen.

Niemand durfde de strijd met het monster aan, behalve Silvester. Een heidense priester zwoer dat als Silvester erin zou slagen de draak een jaar lang koest te houden, hij zich zou bekeren tot het christendom. De paus, gewapend met zijn geloof en een zijden draadje, daalt de 365 treden af naar het hol van het stinkende gevaarte en slaagt erin de draak zijn enorme vuurspuwende mond te snoeren. Een jaar later bivakkeerde de draak nog altijd als een tam beest op het forum en dat wonder maakte dat maar liefst 30.000 man zich bekeerden tot het geloof van Silvester.

De draak in het verhaal staat uiteraard symbool voor de heidense godsdiensten en de 365 treden die Silvester afdaalde, komen overeen met het aantal dagen van de Romeinse kalender die Silvester in het christendom zou hebben geïntroduceerd. Dus als je in Nederland of Italië met oud en nieuw opeens draken ziet, dan weet je waar het vandaan komt: dan is Silvester weer aan het spelen met zijn favoriete huisdier.

Je kunt de Silvesterkapel bezoeken, na een donatie aan de nonnen die het klooster bewonen. Wil je meer weten van de kapel en de wereldlijke ambities van de pausen, dan is het leuk om met een persoonlijke gids Rome te ontdekken. De kerk is op de Celio-heuvel, waar ook andere interessante middeleeuwse en antieke monumenten te vinden zijn, die zich buiten de gebaande paden bevinden.

dec 27

Diane Kuster vertelt vandaag over bijzondere onthullingen die ze op een winterse middag, na afloop van de markt bij de Porta Portese, te horen kreeg:

‘Ga je even mee?’ fluistert Elena.
‘Waar wil je dan naar toe?’ vraag ik.
‘Naar Porta Portese,’ antwoordt ze, nog steeds fluisterend.

‘Maar daar ben ik vanmorgen al geweest,’ is mijn verbaasde antwoord.

‘Nu is het anders, de markt is afgelopen en dan liggen er altijd stapels kleren die de marktlui niet meer meenemen. Vaak zitten er nog prachtige stukken tussen. Alleen, Sofia mag het niet horen. Zij schaamt zich anders voor mij,’ zegt ze met zachte stem.

Ik ben wel nieuwsgierig en besluit met haar mee te gaan. We zeggen gedag tegen haar dochter Sofia die hard aan het studeren is voor haar examen Grieks en Latijn. Het is maar een klein eindje lopen vanaf haar huis in Testaccio naar Porta Portese, waar de wekelijkse zondagmarkt in Rome gehouden wordt.
‘Hier is al een goede plek om te zoeken!’ Elena duikt in een stapel kleding die snel weggepakt wordt door twee hippe Japanse dames die op hetzelfde idee gekomen zijn.

Ik kijk verbaasd toe en ineens hoor ik een zwoele, zware stem achter me: ‘Vind jij dit leuk, wil jij het misschien hebben?’ Ik draai me om en kijk in het gezicht van een vrouw. Maar is het wel een vrouw? Ze heeft de stem van een man. Het blijkt een travestiet of transseksueel te zijn, ze spreekt Italiaans met een accent. Ze kijkt me vriendelijk aan en ik antwoord dat ik het toch niet zo mooi vind. Ik vraag waarom zij nu kleding aan het uitzoeken is.

‘Weet je,’ zegt ze met een omfloerste stem, ‘ik houd er zo van me te verkleden. Soms sta ik ’s morgens op en wil ik een prinses zijn, dan een heks, dan een sjieke tante en ga zo maar door. Ik heb geen geld om zoveel kleding te kopen, daarom zoek ik hier elke zondag zodat ik mijn grillen kan bevredigen.’ Ik glimlach om deze eerlijke, onthullende bekentenis. Elena is klaar met zoeken en we lopen weer verder tussen de resten van de markt.

Dan staat er ineens een non, gekleed in een blauw gewaad met een witte kap, voor onze neus. ‘Bent u ook aan het zoeken of er nog wat interessants bij is?’ vraagt Elena haar vriendelijk. ‘Nee, dat niet, ik loop hier elke zondag op dit tijdstip over de markt en verbaas me erover wat mensen allemaal weggooien. Het is een soort meditatie voor me om na te denken over de absurde ‘weggooicultuur’ in Europa. Ik vind het goed even stil te staan bij zoveel overvloed en de betekenisloze spullen. Dan weet ik weer wat echt belangrijk is in het leven.’ Ze vervolgt met rustige passen haar pad.

Elena en ik zijn er stil van, wat een vreemde ontmoetingen op deze winterse zondagmiddag. We lopen beiden in gedachten verzonken (en zonder kleding!) terug naar haar huis.

Getagd met:
dec 23

Bij de pizza margherita van gisteren hoort natuurlijk een lekker Italiaans biertje. Want hoewel Italianen graag een glas wijn drinken, hebben ze bij een pizza toch echt de voorkeur voor una birra. Maar uiteraard niet zomaar een biertje; nee, de Italiaan gaat voor bier met een lintje. Bier met een blauw lintje om precies te zijn; Peroni Nastro Azzurro.

Dit blauwe lintje werd in 1963 door Carlo Peroni, de achterkleinzoon van Francesco Peroni, als handelsmerk van Peroni in de markt gezet. Zijn Nastro Azzurro (‘Blauw Lint’) zou zijn afgeleid van The Blue Riband, een prijs die dertig jaar eerder werd toegekend aan het Italiaanse passagiersschip SS Rex dat het snelst de Atlantische Oceaan wist over te steken. Inmiddels is het blauwe lintje verworden tot een synoniem voor Italiaanse kwaliteit en leefstijl.

Peroni zelf kent al een iets langere geschiedenis dan het blauwe lintje. In 1846 opende de brouwerij de deuren in Vigevano. In 1864 verhuisde Giovanni Peroni de brouwerij naar Rome, dat toen overigens nog niet de rol van Italiaanse hoofdstad had (Rome werd namelijk pas in 1870 hoofdstad van Italië).

Peroni Nastro Azzurro is zoals gezegd in 1963 ontstaan in Rome, precies in de jaren van de ontluikende Italiaanse luxe en stijl, die je terug ziet in de bekende design- en modemerken uit deze periode van la dolce vita. Sindsdien wordt Peroni – volgens origineel recept – in de Italiaanse hoofdstad gebrouwen. Daarbij wordt gebruik gemaakt van ingrediënten van de hoogste kwaliteit: de edelste voorjaarsgerst in combinatie met een unieke mix van Italiaanse mout, maïs en hop. Peroni ’s brouwmeester is Roberto Cavalli (what’s in a name… het is echt een andere Cavalli dan de bekende modeontwerper). Hij is verantwoordelijk voor de productie van Peroni Nastro Azzurro, en het waarborgen van de kwaliteit en authenticiteit bij het brouwen en bottelen.

Peroni is in Italië – en bij Italianen in het buitenland – alom geliefd. Stijliconen als Giorgio Locatelli drinken graag een Peroni, en ook merken als Fiat en – ja, echt – wijnhuis Antinori, dragen het merk op handen. Peroni wordt beschouwd als een tijdloze Italiaanse klassieker en is onmisbaar voor wie la bella figura naleeft; die typische Italiaanse manier van leven waarin gevoel voor stijl en schoonheid de boventoon voert. Een manier die is doordrongen van trots en historie, die wordt doorgevoerd tot in de kleinste details.

Geheel in lijn met de Italiaanse wortels omarmt Peroni sinds kort ook in Nederland deze Italiaanse stijl. ‘Peroni Nastro Azzurro wil grenzen doorbreken en de traditionele biermarkt als het ware uitdagen. In Italië draait alles om authenticiteit, mode, stijl en kwaliteit en met Peroni Nastro Azzurro, een intens helder, verfrissend premium bier willen wij het Italiaanse, wat iedereen in zich heeft, naar boven halen,’ aldus Michal Rabiej, die als brand development manager verantwoordelijk is voor Peroni in Nederland.

In het kader van de lancering opende Peroni op 27 oktober j.l. Emporio Peroni, om de hoek van de exclusieve PC Hooftstraat in Amsterdam. Het was een non-shop, de enige shop waar niet kan worden gewinkeld en enkel ‘window shopping’ is toegestaan. Helaas is Emporio Peroni inmiddels weer gesloten, maar een Peroni proeven kan natuurlijk nog steeds, bij stijlvolle Italiaanse restaurants, in trendy bars en clubs en bij vooraanstaande traiteurs en delicatessenzaken in Amsterdam. Onder aan dit verhaal vind je een lijstje met de precieze Peroni-adressen.

Wil je het bier met het blauwe lintje in de stad proeven waar het wordt gebrouwen, ga dan naar de Antica Birreria Peroni (Via S. Marcello 19, dicht bij de Trevifontein). Bestel een Peroni Nastro Azzurro en geniet van het bier en de bierhistorie die overal om je heen te zien is. Salute!

www.anticabirreriaperoni.com

Peroni drink je in Nederland bij:

Assaggi
Tweede Egelantiersdwarsstr 6
1015 SC Amsterdam
020-4205589

Bar Italia
Rokin 81-83/Nes 96
1012 KJ Amsterdam
020-6202442

Bella Vista
Johannes Verhulststraat 156
1071 NP Amsterdam
020-6713888

Café de Curtis
2e Anjeliersdwarsstraat 6
1015 NT Amsterdam
020-4200767

Restaurant d’Antica
Reguliersdwarsstraat 80-82
1017 BN Amsterdam
020-6233862

Da Portare Via
Leliegracht 34 
1015 DG Amsterdam

Da Portare Via
Frans Halsstraat 63
1072 BM Amsterdam

Da Portare Via
Copernicusstraat 49
1098 JE Amsterdam

De Pizzabakkers  
Haarlemmerdijk 128  
1013 JJ Amsterdam  
020-4274144

De Pizzabakkers
Overtoom 501
1054 LH Amsterdam
020-6186554

De Pizzabakkers  
Plantage Kerklaan 2  
1018 TA Amsterdam  
020-6250740

De Pizzakamer
2e van der Helststraat 16
1072 PD Amsterdam
020-2211457

Di Donna Sofia
Anjeliersstraat 300
1015 NK Amsterdam
020-6234104

Eden Manor Hotel
Linnaeusstraat 89 
1093 EK Amsterdam
020-7008400

Feduzzi Mercato
Scheldestraat 63
1078 GH Amsterdam
020-6765338

Foodware  
Westerstraat 116  
1015 MN Amsterdam  
020-3308835 

Foodware
Looiersgracht 12
1016 VS Amsterdam
020-6208898

Foodware
Corn. Krusemanstraat 11
1075 NB Amsterdam
020-4707310

Hilton Amsterdam
Apollolaan 138 
1077 BG Amsterdam
020-7106000

Il Cavallino
Maasstraat 67
1078 HE Amsterdam
020-6753814

Le 4 Stagioni
Johannes Verhulststraat 32
1071 NE Amsterdam
020-6620071

MOMO Bar & Restaurant
Hobbemastraat 1
1071 XZ Amsterdam
020-6717474

Pazzi
1e Looiersdwarsstraat 4
1016 VM Amsterdam
020-3202800

Pasta Tricolore
P.C. Hooftstraat 52
1071 CA Amsterdam
020-6648314

Toscanini
Lindengracht 75
1015 KD Amsterdam
020-6232813

Vesper Bar
Vinkenstraat 57
1013 JM Amsterdam
020-8464458

dec 20

Voor zover bekend is Artemisia Gentileschi de enige vrouw die een beroemde Annunciatie heeft geschilderd. Artemisia werd geboren in Rome, waar ze van haar vader, Orazio Gentileschi, leerde hoe ze het penseel moest hanteren. Op advies van haar vader ging ze in de leer bij Agostino Tassi, een schilder die voornamelijk landschappen vastlegde.

Tassi leerde Artemisia de kunst van het perspectief, maar maakte misbruik van zijn positie als leraar. Hij misbruikte Artemisia en zou haar vader hebben bestolen. Na een langdurig en ingewikkeld proces werd Tassi weliswaar voor korte tijd achter de tralies gezet, maar voor Artemisia was er al te veel verloren gegaan. Ze keerde Rome de rug toe en trouwde met de Florentijn Pierantonio Stiattesi, met wie ze naar Florence trok.

Hier werd ze in 1616 als eerste vrouw ooit toegelaten tot de Accademia dell’Arte del Disegno, de meest vooraanstaande kunstacademie. Artemisia schilderde in de stijl van Caravaggio en maakte net als hij veel gebruik van chiaroscuro, een schildertechniek waarbij het contrast tussen licht en donker wordt uitvergroot.

In Florence schilderde ze een aantal van haar beroemdste werken, waaronder Judith onthoofdt Holofernes (nog steeds te zien in de Galleria degli Uffizi) en Maria Magdalena (te bewonderen in het Palazzo Pitti). Toch bracht ook Florence haar geen geluk. Haar huwelijk met Pierantonio Stiattesi liep stuk en ze keerde terug naar Rome, vanwaar ze naar Venetië en Napels reisde. Hier schilderde ze naar alle waarschijnlijkheid haar Annunciatie, die bovenaan dit stukje prijkt, met twee krachtige vrouwenfiguren en een prachtig spel van licht en donker.

Deze Annunciatie is in het bezit van het Museo di Capodimonte in Napels. Volgens een aantekening van Suor Plautilla Nelli zouden er nog twee Annunciaties moeten bestaan, die in het bezit zouden zijn van twee rijke Florentijnse dames. Daarover is echter helemaal niets terug te vinden; voor zover bekend is het bovenstaande doek de enige Annunciatie van Artemisia’s hand.

Wie meer werken van Artemisia Gentileschi wil zien, kan nog tot en met 29 januari 2012 terecht in het Palazzo Reale in Milaan, waar de tentoonstelling Artemisia Gentileschi – Storia di una passione gewijd is aan het werk van Artemisia. De tentoonstelling laat vooral werken zien uit vier verschillende fasen van Artemisia’s leven: haar tijd in Rome, met haar vader als leraar, haar tijd in Florence, haar terugkeer in Rome en de laatste jaren van haar leven in Napels, waar ze in 1653 overleed.

Wie geen gelegenheid heeft de tentoonstelling te bezoeken, kan gratis de unieke app Artemisia Gentileschi (voor iPhone en iPad) downloaden. De app is namelijk niet alleen een audioguide voor de tentoonstelling, maar tevens een ontdekkingsreis door het leven en de werken van Artemisia.

Je zit als het ware aan Artemisia’s bureautje en kan haar spulletjes, kaarten en geschriften aanraken. Zo leer je haar kennen, als vrouw en als schilder. Haar verhaal komt in woord en beeld tot leven, haar passie, doorzettingsvermogen en talent spatten van het scherm af. Dankzij de moderne techniek duik je als het ware in haar werk en kun je inzoomen tot je zelfs de kleinste details kunt zien.

Wie nog dieper in het leven van Artemisia wil duiken, moet de boeiende roman lezen die Susan Vreeland over deze opzienbarende kunstenares schreef, maar daarover morgen meer!

dec 12

Op Twitter werd ik door een van mijn collega’s van Not Just Any Book gewezen op het prachtige fotoboek Visita l’Italia van Jolanda van Eek. Niet alleen omdat het boek zo’n prachtige foto’s bevat, die je meteen midden in Italië doen belanden, maar ook en vooral omdat Jolanda een uitgever zoekt, zodat het boek het hart van een grotere schare Italiëfans kan verwarmen.

Na het online doorbladeren van het boek was ik echter allereerst nieuwsgierig naar de mensen achter deze foto’s. Waar komt hun passie voor Italië vandaan? Hoe vaak reizen ze af naar de laars? Ik stuurde Jolanda een tweet met de vraag om iets over hun bezoeken aan Italië te vertellen. Ik kreeg een enthousiast (en een ietsiepietsie jaloersmakend) verhaal terug, dat ik van Jolanda met jullie mag delen.

Jolanda: ‘In 2003, toen ik Ron (mijn man) net kende, nam hij me mee naar Italië. Onze eerste echte vakantie samen: de vuurdoop! Kwam het door de verliefdheid die ik al voelde voor Ron of had dat er niets mee te maken? Enfin, ik werd verliefd op de glooiende heuvels van Toscane, het lekkere eten, de indrukwekkende steden en de mooie dorpjes… Midden in de Chianti-streek verbleven wij in een prachtig gelegen appartement tussen de wijngaarden en olijfbomen. De flessen Chianti stonden al op ons te wachten. Florence, Siena en Lucca volgden daarna…

Te kort, dat was de tijd die we er de eerste keer doorbrachten. Helaas voor ons leefden we toen nog in het tijdperk van de analoge fotografie (Weet je nog? Met die rolletjes). Dus daar kan ik jullie niets van laten zien. Maar we keerden en keren nog regelmatig terug naar Italië. Het leukste vinden wij toch wel om een appartement te huren bij de boer, een agriturismo, afgewisseld met een stedentrip. Een lang weekend Milaan, Turijn, Rome of Siena bijvoorbeeld.

In 2005 maakten we een uitgebreide rondreis via het Lago Maggiore (Lago di Piano) naar de Cinque Terre aan de westkust tot aan Venetië aan de oostkust. In de Cinque Terre verbleven we op een geweldige plek, boven op een berg bij een boer. De fotogenieke dorpjes van de Cinque Terre, maar ook Camoglia en Portovenere, zijn een bezoek meer dan waard.

Lago di Piano
 

Cinque Terre

Ik vertelde al over mijn verliefdheid voor Italië en niet te vergeten voor Ron. Het is misschien dan ook niet zo gek dat ik juist in Venetië, op het Piazza San Marco, Ron ten huwelijk heb gevraagd. Ja, je leest het goed: ik heb Ron ten huwelijk gevraagd. Als moderne vrouw (lees ongeduldig) wilde ik hem op een bijzondere plek vragen. Hij zei ja!!!

Ons trouwvoornemen werd meteen van bovenaf gezegend middels vogelpoep van de in grote getale aanwezige duiven op het plein. Nog bezig de duivenpoep van Rons kleding te poetsen, besloot een tweede duif mij onder te poepen. En dat terwijl ze ons bij eerdere bezoeken aan het plein gewoon met rust hadden gelaten. We hebben direct besloten geen duiven los te laten op onze bruiloft ;-) Wat we ook toen al wisten, is dat we nog eens terug wilden naar Venetië.

In 2007 kriebelde het weer en maakten we weer een rondreis, deze keer via Turijn waar we in de oude Fiat-fabriek hebben geslapen, door naar weer een weekje bij de boer in Toscane. Van daaruit maakten we onder andere uitstapjes naar Umbrië. Op de terugweg nog een paar dagen Lago Maggiore. Heerlijk!

Turijn


Toscane

Nadat we inmiddels al een aantal bruidsreportages hadden verzorgd, werden we gevraagd om een bruidsreportage te fotograferen in Toscane. Met dat verzoek waren Ron – wij fotograferen veelvuldig samen – en ik uiteraard enorm in onze nopjes. We besloten er meteen een vakantie aan vast te knopen. In april 2010 vertrokken we naar Siena, waar het stel trouwde. In het stadhuis van Siena vond de plechtigheid plaats. Over het Piazza del Campo, waar nieuwsgierige toeristen applaudisseerden voor het bruidspaar, door naar de Duomo, waar natuurlijk ook nog wat foto’s geschoten moesten worden.

Na de lunch in Castellina in Chianti hebben we de bruidsreportage vervolgd in het mooie landschap van Toscane. We hadden het geluk een prachtige laan met cipressen te spotten en hebben daar ook nog de nodige foto’s kunnen maken. Nog nagenietend van deze mooie dag, bleven we nog twee dagen in Toscane en zijn toen richting Rome gegaan. Allebei waren we al eens in Rome geweest, maar nog nooit samen. Wat is dat toch een geweldig mooie stad. Met zoveel te zien, dat je gewoon keuzes moet maken.

Rome

Het wordt nu weer de hoogste tijd voor een nieuwe reis naar Italië; Florence, terug naar Venetië en het heerlijke Toscane, misschien een keer helemaal door naar het zuiden, naar Napels. Er valt nog genoeg te zien.

Vanaf 2004 fotograferen we met digitale camera’s en hebben we de foto’s van onze reizen naar Italië verzameld. We wilden onze passies combineren: fotografie en Italië! In het fotoboek Visita l’Italia staan onze mooiste foto’s. Het boek is nu te koop via Blurb.com (Visita l’Italia | Blurb) maar hopelijk vinden we een uitgever die het wil publiceren zodat er meer mensen van onze foto’s kunnen genieten en inspiratie op kunnen doen voor een mooie reis naar Italië.’

Dus, uitgevers die dit lezen en het boek net zo ademloos hebben doorgebladerd als ik, meld je bij Jolanda van Eek. En mocht het tot een echt boek komen, houd ons dan in elk geval op de hoogte, want ik ben ervan overtuigd dat de lezers van Ciao tutti graag zo’n prachtig koffietafelboek kopen of cadeau krijgen!

Siena

Over Ron en Jolanda
Ron de Jong (1967) en Jolanda van Eek (1966) fotograferen al vanaf de jaren ’80. Eerst analoog maar wel al met een spiegelreflex en sinds 2004 digitaal. Zij maken reizen naar de mooiste plekken op aarde, zoals Costa Rica, Maleisië, Amerika en Cuba, maar ze keren steeds terug naar hun geliefde Italië. Jolanda heeft sinds september 2010 haar eigen bedrijf, KEEK Mix, en werkt als fotograaf en grafisch vormgever voor zowel de particuliere als de zakelijke markt. Ron werkt als IT-consultant en is bij bijvoorbeeld bruiloften van KEEK Mix tweede fotograaf.

dec 07

We blijven nog even in de hoek van het afval. Want niet alleen Vik Muniz stelt deze maand zijn kunst gemaakt van afval tentoon, ook de netturbini, oftewel de straatvegers van Rome, openen de deuren voor een bijzonder spektakel. In het depot van de AMA, de Romeinse vuilnisdienst, is namelijk een prachtige presepe, kerststal, te bewonderen. Niet gemaakt van vuilnis, maar wel door de vuilophalers en schoonmakers die je de hele dag door in het Romeinse straatbeeld ziet.

Het idee is van netturbino Giuseppe Ianni, die in 1972 samen met zijn collega’s van de wijk Cavalleggeri een enorme kerststal bouwde. Hij deed dit volgens goed Italiaans gebruik, hetgeen wil zeggen dat je er niet alleen een Jozef en Maria met herders en koningen vindt, maar een heel dorp zoals dat rond de geboorte van Jezus in Palestina moet hebben gestaan. Met kooplieden, bakkers, wasvrouwen, rovers en allerlei andere mensen die druk doende zijn met het leven van alledag.

In de loop van bijna dertig jaar is de kerststal steeds verder uitgebreid. Straatveegcollega’s van over de hele wereld dragen letterlijk hun steentje bij. Zo zijn er anno nu meer dan 350 stenen vanuit alle continenten. Letterlijk een kerststal die gebouwd is op broederschap en wereldvrede dus…

De Romeinse straatvegers zijn terecht trots op hun kerststal. Maar ook andere Romeinen dragen de stal een warm hart toe. Zo was de vorige paus, paus Johannes Paulus II, een fervent bezoeker van de presepe. Hij wist precies wat er al jaren stond en wat net nieuw was. Hij kende elk van de honderd huisjes, die allemaal tot in de kleinste details zijn neergezet. Hij kende elk stukje van de in totaal 54 meter weg, van de drie rivieren met zeven bruggen en vier aquaducten, de 650 treden en trappetjes (waarvan er 400 gemaakt zijn met marmer van de colonnades op het Sint Pietersplein) en de waterput.

Als je voor het eerst gaat kijken dit jaar, neem dan even de tijd om net als paus Johannes Paulus II alle details in je op te nemen. En mocht je een van de straatvegers tegen het lijf lopen, zij vertellen je graag waar al die stukjes steen, hout en ander materiaal vandaan komen!

De kerststal van de straatvegers bevindt zich in het depot van de AMA, de Romeinse vuilnisdienst, aan de Via dei Cavalleggeri 5 (vlak bij het Sint Pietersplein). De kerststal is tot 15 december elke dag open van 9.00 tot 19.00 uur. Op zon- en feestdagen kun je alleen ’s ochtends terecht, van 8.00 tot 11.30 uur. Van 15 december tot en met 30 januari is de kerststal nog iets langer te bewonderen; de deuren zijn dan dagelijks geopend van 8.00 tot 20.00 uur. De toegang is gratis.

dec 06

Het indrukwekkende Palazzo Pamphilj aan het uiteinde van Piazza Navona, dat ooit toebehoorde aan paus Innocentius X, heeft even zijn deuren geopend. Tot en met 16 december kun je er elke woensdag, donderdag, vrijdag en zaterdag terecht voor een expositie met werk van Vik Muniz.

De werken hangen in de Galleria Cortona, de enorme zaal die bekend staat om zijn prachtige plafondschildering, gemaakt door Pietro da Cortona. Van het plafond kun je normaal gesproken slechts een glimp opvangen, als het buiten donker is en het licht in de zaal aan is. Een veelbelovende glimp weliswaar, maar de deur naar meer bleef tot voor kort hermetisch gesloten voor gewone Romeinen en toeristen.

Toen ik dan ook van deze unieke gelegenheid hoorde nadat ik zaterdagochtend in Rome was aangekomen, besloot ik er direct even naartoe te gaan. In eerste instantie vooral voor het schitterende plafond van Pietro da Cortona – die Braziliaanse kunstenaar deed mijn hart niet zo snel kloppen als het idee Da Cortona’s schildering in volle glorie te zien.

Dat plafond was inderdaad prachtig. Ik zal nog wel eens in de geschiedenis ervan duiken, maar voor wie alvast een indruk wil krijgen zonder de mogelijkheid voor 16 december de Braziliaanse ambassade in Rome binnen te wandelen: via deze link maak je een virtuele tocht door Galleria Cortona.

Waar ik echter toch ook erg van onder de indruk was, waren de werken van de Braziliaanse kunstenaar Vik Muniz (1961). In de Galleria Cortona zijn zeven werken te zien van deze ‘afvallige kunstenaar’. Het zijn stuk voor stuk meesterwerken van Italiaanse schilders. De zieke Bacchus en Narcissus van Caravaggio, De schepping van Adam van Michelangelo, Atlas (met de wereld op zijn rug) van Barbieri, om er een paar te noemen.

Het zijn deze Italiaanse werken die al vroeg indruk maakten op Muniz. Hij reproduceerde ze, maar niet zoals de Italiaanse meesters op doek. Nee, hij maakte de schilderijen na met behulp van afval. Van oud papier of van een combinatie van halve etalagepoppen, oude schroeven, kapotte kratjes en wat er allemaal maar aan afval te vinden is, maakt Muniz een meesterlijke, originele kopie van een meesterwerk.

Dat klinkt eenvoudiger dan het lijkt, want voor sommige doeken is een enorme oppervlakte nodig. Muniz tekent hiervoor eerst de compositie op de vloer van zijn studio, waarna hij de vlakken opvult met afval of met stroken oud papier. Hij maakt, zoals hij zelf stelt, kunst van iets wat mensen niet meer willen hebben, niet meer willen zien. Zo transformeert hij nutteloze dingen tot onmisbare zaken. Elk stuk afval heeft zijn plek in het geheel, en die hele afvalberg samen vormt een waardevol kunststuk.

Van zijn papieren werken (Pictures of Magazines) zijn er twee te zien in Rome: De zieke Bacchus van Caravaggio en De slagerij van Hannibal Carracci. Veelzeggende plaatjes en foto’s uit tijdschriften, veelal van bekende filmsterren of artiesten, verliezen hun uniciteit en worden een – samen vormen ze een groter geheel, een grotere kunstvorm.

Vergelijk de originele werken maar eens met de papieren versie van Muniz:

Van de serie Pictures of Junk, waarin de schilderijen dus zijn nagemaakt met behulp van een hoop afval, zien we in de Brazilaanse ambassade Atlas van Giovanni Francesco Barbieri (Il Guercino), Atalanta en Hippomenes van Guido Reni, Prometheus van Titiaan en De schepping van Adam van Michelangelo. Ook hier een vergelijking tussen een aantal originelen en de werken van Muniz:

Wie nog in de gelegenheid is de Galleria Cortona voor 16 december te bezoeken, zou dat zeker moeten doen. De Braziliaanse ambassade is tot die datum open op woensdag, donderdag en vrijdag geopend van 16 tot 19 uur, en op zaterdag van 11 tot 18 uur. De toegang is gratis – de ervaring onbetaalbaar!

preload preload preload