sep 07

Ter ere van het verschijnen van Het grote pastakookboek, waar jullie gisteren al een voorproefje van kregen, organiseert uitgeverij Becht samen met Only Pasta Santpoort en De Smaak van Italië een pastaworkshop. Onder leiding van kok Carin Verdikt ga je aan de slag met een aantal recepten uit Het grote pastakookboek.

Alle deelnemers aan de workshop worden ontvangen met een glas prosecco en een selectie antipasti. Daarna is het echt tijd om je schort voor te binden! Er komen twee verschillende pastagerechten uit Het grote pastakookboek op tafel: een lasagne en een gevulde pasta. Je leert echter meer dan alleen pasta maken: bij de lasagne wordt zelfgebakken brood en grissini geserveerd en ook een frisse salade mag niet ontbreken. Uiteraard wordt er na afloop van de workshop ook gezamenlijk gegeten. Tijdens de maaltijd geniet je van een bijpassende wijn en Italiaans tafelwater. Bij het afsluitende kopje espresso ontvang je Het grote pastakookboek zodat je thuis aan de slag kunt met de meer dan 600 pastarecepten die daarin zijn verzameld.

Data:
18 en 25 september, 2, 23 en 30 oktober

Tijd:
van 13.00 tot circa 16.00 uur

Locatie:
Kookstudio OnlyPasta Santpoort, Hoofdstraat 206, 2071 EN Santpoort Noord

Prijs:
€ 49,95 (inclusief Het grote pastakookboek)

Reserveren:
Per workshop is er plek voor max. 12 personen. Wees er dus snel bij!
Reserveren kan alleen bij Only Pasta Santpoort, via onlypastasantpoort@onlypasta.nl of 023-5492506.

Naast deze pastaworkshop organiseert Only Pasta Santpoort nog veel meer kookmiddagen en –avonden. Zo kun je aanstaande vrijdagavond aanschuiven voor een kookles waarbij de keuken van Piëmonte centraal staat en is er zaterdagmiddag een kookclinic met als onderwerp tapenade en pesto. 23 september wordt de kookstudio van Only Pasta omgetoverd tot een Toscaanse cucina. Om je alvast een beetje lekker te maken; je kookt (en eet!) deze avond achtereenvolgens ribollita (bonensoep), insalata di pecorino e pera (salade met pecorino en peer), ossobuco (kalfsschenkel) met gremolata en zuccotto (roomtaartje met chocolade, Vin Santo en amandelen). Meer informatie vind je op www.onlypastasantpoort.nl; reserveren kan via onlypastasantpoort@onlypasta.nl of 023-5492506.

Ook voor wie al zonder blikken of blozen een Italiaanse maaltijd op tafel zet, valt er bij Only Pasta genoeg te zien, te doen en te proeven. In de winkel naast de kookstudio vind je een ruim assortiment verse producten waarmee je in een handomdraai een gezonde Italiaanse maaltijd met veel smaak op tafel zet. Denk bijvoorbeeld aan verse zelfgemaakte pasta’s en bijbehorende sauzen, verschillende soorten olijven, tapenades en pesto’s en verschillende soorten hapjes voor de antipasti.

Daarnaast importeert Only Pasta allerlei originele Italiaanse producten zoals kazen, hammen, vleeswaren en salami’s, buffelmozzarella, burrata, ricotta, olijfolie, koekjes, chocolade en andere dolci en verse kruiden die bij het bereiden van een pastamaaltijd onontbeerlijk zijn. Natuurlijk vind je er ook wijnen, brood en truffelproducten. Op naar Santpoort dus, voor een keuken vol Italiaans lekkers en een hoofd vol Italiaanse recepten!

  • Share/Bookmark
sep 06

Gisteren werd op Manuscripta, de feestelijke aftrap van het boekenseizoen, Het grote pastakookboek gepresenteerd, met maar liefst 448 pagina’s vol pasta.

Pasta wordt veelal gezien als het ultieme symbool van de Italiaanse keuken. Elke Italiaanse regio kent zijn eigen pastasauzen, en elke soort saus vraagt bovendien om een specifieke pastavorm: bucatini, linguine, fettuccini, penne, occhi di lupo, farfalle…

In Het grote pastakookboek vind je meer dan 600 pastarecepten – traditionele Italiaanse pastagerechten en recepten voor moderne pasta’s die snel op tafel staan. Dus niet alleen klassiekers als spaghetti carbonara en bucatini all’amatriciana, maar ook verrassende variaties als bucatini al pesto di mandorle e fiori di zucca (bucatini met amandelpesto en courgettebloemen) en spaghetti alla vodka (spaghetti met room, spek en wodka).

Aangezien de meer dan 600 pastarecepten door Diane Kuster en mijzelf zijn vertaald (en geproefd!) mogen we vandaag op Ciao tutti al een voorproefje geven van twee pasta’s uit Het grote pastakookboek:

Bucatini capricciosi
(verrassende bucatini)

Ingrediënten voor 6 personen:
500 g bucatini
50 g spek (pancetta)
50 g mortadella
50 g ham
100 g braadworst
200 g doperwtjes
1 eetlepel tomatenpuree
½ ui
1 teentje knoflook
een bosje peterselie
1 kopje bouillon
15 g boter
2 eetlepels extra vergine olijfolie
peper en zout

Hak de pancetta, de knoflook, de ui en de peterselie fijn en meng alles goed door elkaar. Smelt de boter en de olie in een koekenpan en bak de pancetta met de knoflook, ui en peterselie op laag vuur zachtjes bruin. Voeg vervolgens de doperwtjes en de in kleine stukjes gesneden braadworst toe en bak 5 minuten op hoog vuur mee. Voeg dan de bouillon en de tomatenpuree toe, roer alles goed door elkaar en laat de saus een kwartier koken. Voeg vervolgens de in stukjes gesneden ham en mortadella toe. Breng op smaak met peper en zout en laat alles nog eens 10 minuten goed doorwarmen. Kook de bucatini in de tussentijd volgens de aanwijzingen op de verpakking in voldoende water met zout al dente. Giet de pasta af en roer de saus er voorzichtig door.

Pasta bandiera
(pasta in de kleuren van de Italiaanse vlag)

Ingrediënten voor 6 personen:
400 g mezze penne
200 g mozzarella
6 ontvelde tomaten
een handje rucola
extra vergine olijfolie
versgemalen zwarte peper
zout

Kook de mezze penne volgens de aanwijzingen op de verpakking in voldoende water met zout al dente. Giet de pasta af, schenk er een beetje olijfolie overheen en laat afkoelen. Snijd de tomaten en de mozzarella in blokjes. Scheur de rucola in reepjes. Roer de tomaten, de rucola, de mozzarella, nog een beetje extra olijfolie en peper en zout naar smaak door de pasta en serveer direct.

Buon appetito!

Win Het grote pastakookboek!

Het viel nog niet mee om twee recepten uit de meer dan 600 verschillende soorten pasta’s te kiezen; ze zijn allemaal even lekker! Daarom mogen we onder de lezers van Ciao tutti 3 exemplaren van Het grote pastakookboek verloten. Het enige wat je moet doen om kans te maken op een van deze pastabijbels is een e-mail sturen naar winnen@ciaotutti.nl, o.v.v. Het grote pastakookboek. Wie weet kun jij dan een jaar lang elke dag twee soorten pasta’s op tafel zetten!

  • Share/Bookmark
sep 02

Venetië is het sprookjesachtige koninkrijk van zout en parels, prosecco en zeemeerminnen, bigoli en polenta. Tessa Kiros zwerft door de stad, snuift de sfeer op en laat haar verbeelding voeden door de rijke geschiedenis van de stad en haar duistere steegjes. Volg haar in recepten, sfeerfoto’s, dagboekfragmenten en overpeinzingen door haar geliefde Venetië en geniet van de smaken die in deze stad rondwaren…

‘Eigenlijk kan ik je niet veel over Venetië vertellen… je zult zelf moeten komen en de stad met eigen ogen zien. Tijdens de treinreis hierheen kon ik aan de blikken van mijn medereizigers merken hoezeer ze naar Venetië verlangden. Of je ernaar terugkeert of er voor de eerste keer komt, het verlangen naar Venetië, naar het leven dat zich dag en nacht tussen de kanalen afspeelt, is niet te beschrijven.

De argeloze automobilist kan nauwelijks vermoeden wanneer hij Venetië nadert, dat voorbij dat lelijke knooppunt van snelwegen een dergelijke schitterende parel kan liggen. De stad is als een mysterieuze mooie vrouw die iedereen wil zien en zo dicht mogelijk wil benaderen; een machtige dame wier uiterlijk zich aanpast aan de loop van de seizoenen en die met haar unieke schoonheid diep respect afdwingt. Als een zeemeermin die uit de diepste wateren opduikt, drijft ze op de stroming van de getijden. Voor mij is ze van een afstand bezien het mooist.

Hier zijn de gerechten die ik in Venetië gegeten heb. Ze kwamen van de nabije kust of uit het binnenland, dieper de Veneto in. Ze waren verrassend lekker: dingen die je nooit aantreft op menukaarten van de toeristische eettentjes. Gegrilde lekkernijen, verleidelijke jakobsschelpen met een eenvoudige dressing van olijfolie, citroen en peterselie. Verse tong, allerlei schaal- en schelpdieren, om nog maar te zwijgen van de prachtige cicchetti, de glazen prosecco en andere heerlijke wijnen, de gehaktballetjes of gegrilde sardientjes en een keur aan risotto’s die bij elke doge in de smaak zouden vallen.

Ik zag er prachtige, inktzwarte spaghetti en pasta met een saus van ansjovis en gesmoorde uien. Uit de streek buiten Venetië kwam de faraona, verschillende soorten vlees gemaakt met kweeperenmosterd, lever met ui en de prachtige rode radicchio. En ook zie je hier ingrediënten in hun meest rauwe vorm: levende paling, krabben en slakken, vissen die vers uit het water gehaald worden, in zout water gedompeld worden en vrijwel onmiddellijk – en soms zelfs rauw – op je bord terechtkomen.

Ik heb begrepen dat je alles wat uit de zee komt, het beste kunt koken in acqua di mare, dan zit er altijd precies genoeg zout in het water. Soms heb ik het idee dat ik deel van het water ben. Zelfs als ik in bed lig onder de dekens, kan ik het water ruiken. Nu regent het en na een korte wandeling zit ik binnen om te drogen en ik kijk naar mijn natte schoenen. Ik hoor het water in het kanaal kabbelen, dat een duet vormt met de regen. Het lijkt wel of alles en iedereen hier drijft.

Venetië overweldigt je als een lied dat je diep in je hart raakt of een traan die uit een oog van een verdrietig kind biggelt. Hier beleef je die spaarzame momenten dat je beseft hoe geweldig mooi de wereld is. Je moet echt komen en Venetië met eigen ogen zien.’

Tessa Kiros

Na deze inleiding begrijp je het al: Ciao bella is letterlijk en figuurlijk een kookboek met een gouden randje. Daarom morgen een lekker recept voor iedereen die de smaak van Venetië wil proeven.. Kun je niet wachten? Bestel het boek voor thuis via bol.com (klik hier)!

  • Share/Bookmark
Getagd met:
aug 29

Na al die Italiaanse etentjes deze week werd het wel weer eens tijd om zelf een schort voor te binden. Hoewel het heerlijk is om elke avond bij een Amsterdamse Italiaan aan te schuiven, kan ik ook erg genieten van een avondje in eigen keuken. Zeker nu ik net terug ben uit Rome en daar weer veel inspiratie heb opgedaan voor nieuwe gerechten en combinaties.

Toen ik vorige week mijn koffer vol Romeinse ingrediënten naar boven zeulde, vond ik op de trap een mooi pakje. Het bleek het nieuwe kookboek van Maria Coumans, Cucina Maria geheten.

Nog voordat ik mijn koffer had uitgepakt bladerde ik watertandend door de twintig verschillende menu’s en besloot ik de volgende dag eerst mijn pastamachine af te stoffen en al vroeg boodschappen te gaan doen.

Zo gezegd, zo gedaan. Bij mijn ontbijt bladerde ik door de verschillende menu’s om een boodschappenlijstje samen te stellen. Dat was echter gemakkelijker gezegd dan gedaan – elk menu maakte de heimwee naar Rome een beetje minder en dus was het moeilijk kiezen. Uiteindelijk viel mijn keuze op de citroenravioli, aangezien die me een week eerder op een zonnig Romeins terras erg goed was bevallen. Op naar de (super)markt dus, voor de volgende ingrediënten:

voor de pasta:
100 g pastabloem (farina di semola di grano duro)
100 g gewone bloem
2 eieren van 60 gram
zout
scheutje olijfolie

voor de vulling:
100 g ricotta
sap van 1 citroen
citroenrasp van 1 citroen
25 g geraspte Parmezaanse kaas
100 g roomboter
verse salie
peper en zout

Dit gerecht is als tussengerecht geschikt voor 6 personen. Wil je er een hoofdgerecht van maken, dan is het voldoende voor 4 personen.

Meng de ingrediënten voor de pasta tot je kruimeldeeg hebt. Kneed het kruimeldeeg met de hand tot een bal. Is het deeg nog te droog, voeg dan wat water toe; is het deeg nog te nat, voeg dan wat extra bloem toe. Verdeel het deeg in drieën. Kneed elke deegbal in de breedte van de pastamachine.

Haal elke deegbal door de pastamachine. Begin met stand 1 en ga door tot en met stand 6. Leg de pastavellen voorzichtig op een met bloem bestoven plank.

Meng de ricotta met de helft van het citroensap en de geraspte schil. Voeg de geraspte Parmezaanse kaas toe. Schep op de onderste helft van de pastavellen kleine hoopjes van de vulling, op een afstand van 2 vingers van elkaar. Smeer een klein beetje water aan de randen en tussen de hoopjes.

Klap de bovenste helft van de pastavellen op de onderste. Snijd de ravioli (recht met een mes of mooi gekarteld met een raviolisnijder), druk de lucht eruit en duw dan de randjes dicht. Leg de ravioli naast elkaar op een met bloem bestoven dienblad.

Smelt de roomboter, maar laat hem niet bruin worden. Voeg de salie toe. Bak de blaadjes licht op en voeg dan naar smaak een deel van het resterende citroensap toe.

Breng een ruime hoeveelheid water met een beetje zout aan de kook en kook de ravioli in 4 tot 5 minuten gaar. Haal ze voorzichtig uit het water en laat ze goed uitlekken. Bak ze kort mee in de koekenpan, samen met de citroensaus.

Verdeel de ravioli over de voorverwarmde borden en verdeel over elk bord wat botersaus met salieblaadjes.

De pastaliefhebber kan zijn hart ophalen met Cucina Maria II. De ravioli met ricotta en citroen is bijvoorbeeld afkomstig uit een heel pastamenu, met bij elke gang pasta, van het voorgerecht tot en met het toetje. Daarnaast geeft Maria recepten voor heerlijke vlees- en visgerechten, toetjes, groenteschotels, risotto, fritatta en soepen. Waar ze die inspiratie vandaan haalt?

Maria: ‘De Italiaanse keuken blijft mijn inspiratiebron. De verse ingrediënten en de puurheid van de gerechten zorgen voor de perfecte smaak. Je kunt het bijna niet fout doen. Ook dit keer zitten er weer veel recepten in die ik bij elkaar heb gesprokkeld tijdens de vele bezoeken aan Italië.

Ons huis in de heuvels van Sabina blijft een mooie uitvalsbasis voor onze zoektochten. Buurvrouw Laura blijft een onuitputtelijke bron. Achter in het boek zie je een foto van ons samen in haar orto, de enorme moestuin. Ook onze architect en vriend Alberto en zijn vrouw Patricia hebben weer hun bijdragen geleverd. Deze keer door ons mee te nemen naar met zorg geselecteerde restaurantjes waar ze ons dan bij de kok introduceerden. Die blijkt gelukkig nooit te beroerd om zijn geheimen prijs te geven!’

‘Ook dit keer’ en de II in de titel van het kookboek verwijzen naar Maria’s eerste kookboek, Cucina Maria geheten. Het boek werd een onverwacht succes – er werden maar liefst 8000 exemplaren van verkocht. Ik vroeg Maria wat volgens haar de reden is van dit enorme succes.

‘De menusamenstelling,’ antwoordde ze stellig. ‘Een juiste mix van gerechten die van tevoren te bereiden zijn. Per menu sta je nog maar maximaal een half uur in de keuken wanneer je gasten arriveren. Bovendien staat elk viergangenmenu overzichtelijk op één pagina en – misschien wel het allerbelangrijkste – de recepten kunnen gewoonweg niet mislukken. Daarvoor zijn ze te vaak getest.’

Maria geeft namelijk regelmatig kookworkshops, waar de recepten steeds opnieuw worden uitgebreid en verbeterd. En dat merk je aan alles: aan de recepten zelf, de combinatie, het gebruik van pure ingrediënten en niet in het minst aan de afwasbare pagina’s – dat zou elk kookboek moeten hebben. In combinatie met de mooie, stijlvolle zwart-wit foto’s maakt dit van Cucina Maria II een onmisbaar ingrediënt voor de keukentafel van alle Italiaanse foodies en andere lekkerbekken. Op naar deel III zou ik zeggen!

Wil je Cucina Maria I of II bestellen, surf dan naar www.cucinamaria.nl/bestel.html

  • Share/Bookmark
Getagd met:
aug 23

En daar sta ik dan, een beetje gedesoriënteerd in mijn eigen keuken na een weekje in een Romeinse cucina te hebben doorgebracht. Puilde mijn Romeinse koelkast elke dag opnieuw uit van lekkere dingen die ik onderweg was tegengekomen en die ik toch echt wilde uitproberen, in Amsterdam bevatte mijn koelkast slechts een geringe drankvoorraad en een pakje boter. Nog voor de heimwee naar de Romeinse markten tijdens een bezoek aan een Amsterdamse supermarkt kon toeslaan, rinkelde mijn telefoon. Een vriendinnetje uit Amsterdam-West, of ik lasagne kwam eten. Daar hoefde ik natuurlijk geen seconde over na te denken. ‘Wel niet zelfgemaakt, hoor!,’ riep ze nog, maar ik had al bijna opgehangen en zocht naar mijn fietssleuteltjes.

Eenmaal bij haar thuis was het nog verbazend netjes in de keuken: geen pannen vol tomaten- of bechamelsaus, geen snijplank met restjes ui of wortel… O ja, dacht ik, ze riep inderdaad iets over niet zelfgemaakt. Maar een blik in de oven maakte me al niet veel wijzer: de oven was uit, koud, donker. Vragend keek ik om me heen. We zouden toch lasagne eten?

Lachend werd me gesommeerd opnieuw mijn jas aan te trekken. We gingen lasagne halen. ‘Halen? Net als een pizza of Chinees, bedoel je?,’ vroeg ik nog een beetje weifelend. ‘Wacht nou maar af, je zult versteld staan!,’ aldus de vriend van mijn vriendinnetje, die blijkbaar ook in het complot zat want heel ontspannen achter zijn laptop. Op naar de lasagne dus.

Correctie: op naar Lazagne, met een z inderdaad – een afhaalrestaurant waar je alleen lasagne en cannelloni kunt afhalen. Ik stond bij binnenkomst inderdaad versteld, wat een geweldig idee! Voor een lekkere lasagne moet je toch al gauw wat uurtjes in de keuken doorbrengen, en dankzij Lazagne kan iedereen zomaar op een doordeweekse avond, na een dag hard werken, of direct na thuiskomst van een vakantie, zoals ik, genieten van een huisgemaakte lasagne volgens Italiaans recept.

Want de gebruikte receptuur is aan de ene kant heel traditioneel en klassiek, zeker bij de bereiding van de echte lasagne bolognese. Aan de andere kant laat de kok van Lazagne zich ook inspireren door moderne en creatieve bereidingswijzen, of door het seizoen. Zo koos ik voor de lasagne d’estate, een zomerse lasagne met tomaatjes, courgette en ricotta. Natuurlijk namen we ook alle verschillende soorten lasagne mee naar huis, zodat we van alles wat konden proeven. Het was maar goed dat er geen kookwarmte meer in huis hing, want al gauw voerden we een verhitte discussie over welke lasagne nu de lekkerste was.

Dankzij een herhaaldelijke terugkeer naar Lazagne voor nog een klein stukje werden we het uiteindelijk eens: de zomerse lasagne was net een ietsiepietsie lekkerder dan de lasagne met groene asperges. De klassieke lasagne bolognese hadden we al buiten beschouwing gelaten; er kan immers niks op tegen deze echte klassieker en bovendien was het eigenlijk net even te warm voor dit stevige gerecht. We proosten dus nogmaals op de zomerse varianten, maar we beloofden elkaar zo gauw de eerste winterse dag in aantocht was de lasagne bolognese opnieuw te gaan proeven. Maar of we inderdaad tot dan kunnen wachten…

Het concept van Lazagne komt voort uit de restaurantcultuur in het Bologna van de jaren vijftig, zestig en zeventig van de vorige eeuw, de gouden tijd voor de Bolognese keuken. Met name de ervaring van chefkok Clara Guermandi, die ooit begon in de keuken van het beroemde restaurant Cesarina op het Piazza San Stefano in Bologna, kwam goed van pas bij het opzetten van dit nieuwe concept.

Guermandi richtte met een aantal familieleden in 1970 het restaurant Buca San Petronio op, aan het Piazzetta della Vita in Bologna. Tot een aantal jaar geleden kon je daar de heerlijkste lasagne en cannelloni afhalen. De formule was eigenlijk heel simpel: de lasagne en de cannelloni werden dertig tot veertig minuten voor openingstijd in de oven geplaatst, zodat ze klaar zouden zijn als de eerste gasten arriveerden. Aangezien de gerechten bij de optimale temperatuur wel twee uur lang in de oven konden blijven staan zonder aan kwaliteit in te boeten, kon het bijna niet misgaan. En dat ging het ook niet. Vaak stonden er lange rijen voor de deur en kreeg de lasagne niet eens de kans een uur in de oven te staan (dan is ‘ie namelijk het lekkerst).

Nu Lazagne ook in Amsterdam is neergestreken hebben wij Amsterdammers er weer een reden bij om een avond niet te koken. Hoewel, het bezoek aan Lazagne heeft mijn culinaire kriebels in volle hevigheid doen losbarsten. Gelukkig is er ook voor iedereen die niet in Amsterdam woont en/of zelf aan de slag wil met lasagne een heerlijk kookboek vol met lasagnerecepten, van mijn favoriete kookboekenschrijfster Laura Zavan.

In Lasagne vind je allereerst een hoofdstuk met de basisrecepten voor zelfgemaakte lasagnevellen, bechamelsaus, tomatensaus en de befaamde ragù bolognese. Daarna volgt een heel scala aan recepten voor lasagne met vlees, met vis, met kaas en/of met groente. Ook gegratineerde pasta’s uit de oven ontbreken niet, voor als je een keer weinig tijd hebt (en niet in de buurt van Lazagne woont) maar toch een soort lasagne op tafel wil zetten. Zin? Bestel dit lekkere boekje hier via bol.com!

Maar eerst de lasagnevellen. Voor 6 personen heb je het volgende nodig:

220 g bloem
100 g farina de semola di grano duro (fijn tarwegriesmeel van harde tarwe)
3 grote eieren
1 theelepel olijfolie
1 mespuntje zout

HET DEEG

Maak een bergje van de bloem en het zout op het werkblad. Maak een kuiltje en breek daar de eieren in. Meng met een vork door elkaar. Werk de bloem er met kleine hoeveelheden tegelijk met je vingertoppen doorheen.

Schraap de bloem telkens naar het midden met behulp van een spatel. Voeg de olijfolie toe en bewerk het deeg met je vlakke hand. Voeg zo nodig nog wat bloem toe.

Maak een bal van het deeg als het glad en glanzend is en laat bij kamertemperatuur en gewikkeld in plasticfolie 30 minuten tot 2 uur rusten.

HET UITROLLEN VAN HET DEEG

Dit kun je met de hand of met de pastamachine doen. Als je een pastamachine gebruikt, neem je 60 g deeg en druk je het met je vlakke hand tot een platte schijf. Bestuif licht met bloem en doe het in de machine: de rollen moeten zo ver mogelijk van elkaar. Vouw het deeg in drieën voordat je het door de machine haalt. Herhaal dit totdat je een vrij regelmatige, rechthoekige deeglap krijgt.

Vouw het deeg dan dubbel en haal een paar keer door de machine, waarbij je de rollen steeds wat dichter bij elkaar zet, totdat het een vel van 1 mm dik is. Hang de vellen telkens als er een klaar is, los van elkaar – zodat ze niet aan elkaar vastplakken – over een bezemsteel of andere stok, of leg ze plat neer op een theedoek. Snijd de vellen op maat voordat ze helemaal droog zijn. Je kunt ze aan de lucht laten drogen en ze vervolgens ingepakt 1 tot 2 dagen koel bewaren.

Als je het liever met de hand doet, bestuif dan het werkblad met bloem en rol het deeg telkens vanuit het midden met een deegrol uit. Je moet vrij snel werken, anders droogt het deeg uit.

Kook de lasagnevellen 1 tot 3 minuten (afhankelijk van dikte). Om te voorkomen dat ze aan elkaar plakken, doe je ze in een grote pan kokend water met een beetje zout, zodat ze de ruimte hebben. Kook niet meer dan drie of vier vellen tegelijk en roer voorzichtig. Leg ze met een pollepel of een schuimspaan in een schaal koud water om het kookproces te stoppen. Giet snel af en spreid ze uit op een schone theedoek. Leg de vellen niet op elkaar.

CANNELLONI

Voor vandaag leken zomerse cannelloni met courgette, ricotta en rucola me wel een goed idee. Net even anders dan lasagne, maar minstens zo lekker!

verse lasagnevellen (voor 6 personen)
2 middelgrote courgettes
200 g rucola
500 g ricotta
½ à 1 dl melk
120 g Parmezaanse kaas
1 teentje knoflook
3 eetlepels olijfolie
peper en zout

Snijd de lasagnevellen in vierkantjes van 11 bij 11 cm.

Snijd de courgettes in plakjes van ongeveer 1 cm dik en smoor ze in 1 eetlepel olijfolie met het in tweeën gesneden teentje knoflook. Leg de plakjes courgette één laag dik in de pan. Laat ze onder af en toe roeren goudbruin worden. Ze moeten nog wel al dente blijven. Doe er wat zout bij.

Snijd de rucola grof, houd een stuk of twaalf blaadjes achter en laat de rest in 2 minuten slinken in een pan met de resterende olijfolie. Doe er wat zout bij.

Roer de ricotta en de melk door elkaar tot een homogeen mengsel. Voeg de helft van de geraspte Parmezaanse kaas toe, doe er zo nodig wat zout bij en flink wat peper. Houd een hoeveelheid van ongeveer een theekopje apart.

Doe de courgette bij de geslonken rucola en de ricotta. Houd een handje courgetteplakjes achter. Roer alles goed door elkaar. Leg op elk pastavierkantje, 2 cm binnen de randen, een hoeveelheid van 2 eetlepels vulling. Rol de velletjes voorzichtig op.

Bedruppel een ingevette ovenschaal met een dun laagje van de achtergehouden ricotta (leng aan met wat melk als het mengsel te compact is), leg de cannelloni erop, strooi de resterende ricotta eroverheen en verdeel de rauwe rucolablaadjes en de achtergehouden courgette erover. Bestrooi met de rest van de Parmezaanse kaas. Laat de cannelloni in de oven op 180 °C gratineren, tot de bovenkant goudbruin is.

Buon appetito!

  • Share/Bookmark
Getagd met:
jul 30

Italianen hebben een zwak voor schoonheid. Dat komt niet alleen naar voren in hun sprankelende taalgebruik, de vele aanspreektitels die in Italië nog aan de orde van de dag zijn en de mooie, stijlvolle kleding waarmee de Italianen zelfs hartje zomer door de stad lopen. Nee, het hele leven van de Italiaan is doordrongen van gevoel voor schoonheid, tot in de kleinste details. In het Italiaans spreekt men van dan ook vaak over fare la bella figura. Eenvoudig vertaald betekent dit ‘een goed figuur slaan’, maar het precieze gevoel dat achter fare la bella figura schuilgaat wordt hiermee niet helemaal gedekt.

Omdat het concept niet makkelijk in één zin is uit te leggen, besloot Mieke van Delden een heel boek te wijden aan deze term.

Zij laat zien dat la bella figura in elk segment van de Italiaanse samenleving is doorgedrongen:

Bella figura doet de vader die zijn leven lang spaart om zijn dochter de mooiste dag van haar leven te geven. De mooiste kapel voor de officiële ceremonie, het duurste kasteel voor de receptie. Een goed figuur sla je door te laten zien hoe je gezien wilt worden. Wat is je status, wat vind je belangrijk je vrienden aan te bieden?

Bella figura doen de ouders die hun dochter de communie laten doen. Wat verwacht de gemeenschap waarin je leeft van je? Je doet je best met je gezin goed verzorgd en in mooie kleren naar de kerk te komen. Natuurlijk, de betekenis van de communie is belangrijk, maar vooral de aankleding telt.

Bella figura doet de ober in het restaurant. Hij vertelt je vol trots wat de ingrediënten in de pasta zijn, daarbij wijzend op de Italiaanse keuken en zijn historie.

Bella figura doet de groenteman op de markt. De manier waarop hij zijn producten aanprijst, trots alsof het de pareltjes van de markt zijn.

Bella figura zorgt er ook voor dat je naar de laatste mode gekleed gaat, een zonnebril naar de nieuwste trend draagt en voor de dames: schoenen met hakken van acht centimeter, waarmee je over de straatkeitjes paradeert alsof je als mannequin op de catwalk loopt. Bella figura gaat echter verder dan de buitenkant.

Bella figura doet elke huisvrouw die je vraagt hoe je pomodori inmaakt. Ja, beslist met een takje basilicum erbovenop. Nee, absoluut geen basilicum, gewoon puur. Even opkoken. Nee, niet koken. Vraag de mevrouw in de winkel waar je de pomodori-molen koopt, de moeder van je vriendin, de baas van de camping, de buurman: allemaal hebben ze vol overtuiging de beste manier van inmaken.

Bella figura zit in de genen van een eeuwenoud volk, want in Italië, het land van de wijn, moet ik de eerste Italiaan nog tegenkomen die te diep in het glaasje gekeken heeft.’

Mieke van Delden brengt in Bella figura de Italiaanse levensstijl in woord en beeld tot leven, van Toscane tot Napels, van opera tot damesschoenen en van processies tot padre Pio. Hierbij alvast een voorproefje:

Alles weten over la bella figura ? Op www.bellafigura.nl schrijft Mieke van Delden regelmatig een column over haar Italiaanse leven. Ook lees je hier hoe Bella Figura tot stand is gekomen en kun je Mieke via deze website uitnodigen voor een lezing over haar en onze passie: Italia!

  • Share/Bookmark
jul 19

Helaas is dit onze laatste dag in Toscane, vanavond wordt er weer gewoon Amsterdamse lucht ingeademd. Gelukkig kan ik met Elke dag in Toscane de komende dagen nog even de heimwee de kop indrukken.

In haar nieuwste boek vertelt Frances Mayes, beroemd van haar eerdere Toscane-romans Een huis in Toscane (dat is verfilmd als Under the Tuscan Sun) en Bella Toscana, het lyrische verhaal over haar twintig jaar durende liefdesaffaire met Toscane, de mensen, de cultuur en de levensstijl. Daarnaast vertelt ze over het verrukkelijke leven in Bramasole, haar huis in de buurt van Cortona, geeft ze je haar favoriete recepten en laat ze je meegenieten van de bekoringen en uitdagingen die het alledaagse leven in Italië met zich meebrengt. Het verhaal begint in de zomer waarin de laatste zaken van de historische restauratie van Bramasole worden voltooid. Wat volgt is een jaar lang Italiaans genieten, van de kunst van Luca Signorelli, van de lekkerste Toscaanse wijnen, de meest verrukkelijke gerechten en een kijkje in het dagelijks leven op het centrale plein van Cortona.

Na zo te hebben genoten van de Sienese keuken wil ik jullie het volgende stukje uit Elke dag in Toscane niet onthouden:

‘Van alle Toscaanse pastasoorten is pici de stoerste. Niemand lijkt te weten waar de naam vandaan komt, al schrijft het Italiaanse woordenboek De Mauro dat het woord sinds 1891 wordt gebruikt. Ik denk dat pici in deze Toscaanse heuvels al eeuwen wordt gegeten en evenzeer met de regio verbonden is als knoestige olijvenwortels en druiventrossen die aan de dakspanten worden gedroogd voor de vin santo. Vooral in de Toscaanse provincies Siena en Arezzo staat pici bijna overal op het menu.

In het Italiaans moet je het woord eigenlijk uitspreken als ‘pietsjie’, maar in ons plaatselijke dialect wordt de klank ‘tsj’ uitgesproken als ‘sj’. In de omgeving van Cortona zeggen de mensen ‘piesjie’, en een cappuccino wordt hier een ‘cappusjino’. Pici, net als spaghetti een meervoudsvorm, kent officieel geen enkelvoudsvorm picio, al geven de mensen hier wel eens picio aan een klein kind of rapen ze er een op als er een sliert is gevallen.

Pici komt in de meeste kookboeken niet voor en staat ook niet vaak op Amerikaanse menukaarten, maar het is de pasta die de Toscanen het dierbaarst is. Alleen het eenvoudige plattelandsgerecht tortelloni in brodo komt in de buurt. […]

Ik laat mijn bergje pasta even onder een theedoek rusten en ga met mijn glas thee naar buiten om naar het werk te kijken. ‘Ik maak pici,’ roep ik naar Ed. Hij steekt zijn duimen op. ‘Voedsel voor de ziel.’ […]

Ik maak mijn slierten pici graag drie keer zo dik als spaghetti en minstens dertig centimeter lang, zodat de pasta een stevige beet heeft. Ik heb slierten gezien die bijna zo dik als potloden waren, geserveerd met een saus met gans. De meeste gedroogde pici, verkrijgbaar bij elke gastronomia, ziet er vergeleken met de Toscaanse maar mager uit. De gedroogde variant is prima te gebruiken, maar de verse is het lekkerst. Een flinke kom pici drukt je aan de omvangrijke boezem van de signora die de pastasoort uitvond toen de voorraadkast bijna leeg was. Pici komt uit de cucina povera, de armeluiskeuken, de bron van talloze uitvindingen in het Italiaanse receptenrepertoire.’

Frances Mayes vervolgt deze lofrede op de Toscaanse pici met een verhaal over de manier waarop ze ontdekte hoeveel pici voor de inwoners van Toscane betekent, welke soorten saus met de pici kunnen worden geserveerd en over hoe ze van Silvia leerde hoe ze zelf pici moest maken. Je zou zo bij haar willen aanschuiven, maar het boek is een goed alternatief!

  • Share/Bookmark
jul 05

Vlak voor de Toscaanse kust ligt het onbekende eiland Giglio, dat in het nieuwe nummer van De Smaak van Italië een ereplaatsje heeft gekregen. Terecht, want de felle kleuren en intense geuren van Giglio vragen om een ontdekkingstocht. Wandelen is de beste manier om het eiland te proeven, te ruiken en te bewonderen. Je komt langs de mooiste inhammen en baaien die in de zomer als diamanten glinsteren in de zon.

© Matteo Carassale

Over het eiland loopt een netwerk van wandelpaden. De meeste paden beginnen in Castello en lopen richting de haven en de mooie stranden van Cannelle, Caldane of Campese. Smaakredacteur Eleonora Turbiani maakte dit voorjaar twee wandelingen van ongeveer vijftien kilometer. Omgeven door de geur van de maquis, de glinstering van het water en de weelderige natuur, zijn dit echte aanraders.

Maar er liggen meer eilandjuweeltjes langs de Italiaanse kust. Voor De Smaak van Italië reden genoeg om van het bekende Sardinië over te steken naar het onbekende San Pietro.

© Matteo Carassale

In de hoofdstad, Carloforte, vind je een snufje Genua, een vleugje Arabië en een zweempje Sardinië. Neem de cascà, de plaatselijke variant van de Noord-Afrikaanse couscous op basis van groenten. De pastaspecialiteiten in dit gebied hebben echter een Ligurisch tintje; je eet er de heerlijkste trofie, cassulli of zampe di gatto (kattenpootjes), met een unieke pesto.

Uit Ligurië komt bovendien de focaccia die de plaatselijke bakkers iedere ochtend vroeg bakken. De geur hangt dan urenlang in de straten en steegjes. Tenslotte vind je in Carloforte nog Sardijnse zoetigheden zoals padule, tilicas of mostaccioli: koekjes met honing, amandelen en rozijnen. Of de heerlijke culurgiones, die qua vorm erg op ravioli lijken, gevuld met munt van het eiland.

Kijk voor meer informatie en voor de leukste en lekkerste adresjes op beide eilanden in het zomernummer van De Smaak van Italië, dat vanaf vandaag in de winkel ligt. Met van mijn hand een artikel over Ferrara, waar ze overigens – net als in Siena – elk jaar een Palio houden!

  • Share/Bookmark
Getagd met:
jun 20

Dagelijks een beetje van het Italiaanse leven genieten? Dat kan op www.papaspasta.nl. De familie Bachini geeft je een kijkje in hun keuken en laat je graag meegenieten van haar passie voor lekker eten en het goede leven. Je vindt, naast heerlijke recepten en Italiaanse verhalen, ook ambachtelijke delicatessen op de website van Papa’s Pasta:

De familie Bachini is de enige culinaire soapfamilie ter wereld. Via www.papaspasta.nl kun je het familieleven - vol liefde, intriges, passies en culinaire escapades – volgen. Je leest er onder andere over Sabrina die gestalkt wordt, over Emilio die een café probeert te runnen en over Umberto die heerlijk van zijn vrijgezellenleven en oude auto’s geniet. En papa? Papa Giovanni kijkt toe, luistert, kookt en geeft raad.

De Bachini’s zouden geen Italianen zijn als ze je bij elke anekdote niet konden vertellen wat ze ten tijde van het gebeuren aten. En dat doen ze dan ook. Inclusief recepten waarmee je die heerlijke Italiaanse gerechten zelf thuis klaar kunt maken.

Via deze website vol prachtige verhalen en recepten kun je ook heerlijke delicatessen bestellen. Zo vind je er een mooie balsamico en de lekkerste truffelproducten die in Nederland verkrijgbaar zijn.

Speciaal voor de lezers van Ciao tutti heeft de familie Bachini een leuke aanbieding: een potje truffelboter en een potje met plakjes truffel, samen van € 17,90 voor € 12,95 (ex. verzendkosten). Om van de aanbieding gebruik te maken, moet je bij de bestelling wel even aangeven dat het om een bestelling via Ciao tutti gaat.

Wil je eerst weten hoe de producten smaken en wat je ermee kunt? Boek dan hun GRATIS delicatessen & wijnproeverij bij je thuis. Ook voor catering van je feest, diner, lunch of barbecue kunt je bij Papa’s Pasta terecht. Benieuwd geworden? Neem dan snel een kijkje op www.papaspasta.nl en ontdek het mooie Italiaanse leven van de Bachini’s. Daarna duik je natuurlijk de keuken in om voor papa een lekkere pasta te maken: het is tenslotte Vaderdag vandaag! Christian Weij, eigenaar van Papa’s Pasta, zorgt ervoor dat je in een handomdraai een heerlijke spaghetti met witlof en parmaham op tafel tovert!

Spaghetti met witlof en parmaham

Klaar in: 25 minuten
Niveau: makkelijk

Ingrediënten
(voorgerecht voor 4 personen):
250 g spaghetti
10 plakken parmaham
1 kleine ui
2,5 dl slagroom
1 rode peper
3 stronken witlof
olijfolie
Parmezaanse kaas
zout
versgemalen peper

Snijd 1 cm van de onderkant van de stronkjes witlof af. Scheid het harde van de stronkjes van de zachte sla-achtige delen. Snijd het harde van de witlof in kleine blokjes en was deze in koud water. Snijd de zachte delen in hele dunne reepjes en was ook deze in koud water. Hak de ui fijn en snijd de rode peper in kleine stukjes. Snijd 8 van de plakken ham doormidden. Snijd de andere 2 plakken heel fijn.

Verwarm 3 eetlepels olijfolie in een sauspannetje en fruit hierin de ui heel zachtjes 3 minuten. Voeg de harde blokjes witlof en de fijn gesneden parmaham toe en fruit nog 2 minuten. Voeg de slagroom toe en laat dit in ongeveer 10 minuten inkoken tot een dikke roomsaus. Voeg tegen het einde de rode peper toe. Breng op smaak met zout en peper. Kook ondertussen de spaghetti al dente.

Giet de spaghetti af en doe terug in de pan. Giet de saus bij de spaghetti en roer alles goed door. Breng op smaak met zout en peper. Leg op elk bord vier stukjes parmaham en schep de spaghetti erop. Strooi de fijngesneden witlof en Parmezaanse kaas eroverheen en serveer direct.

Buon appetito!

  • Share/Bookmark
Getagd met:
jun 10

Met de vorige week bij Volpetti aangeschafte pecorino romano bereidde ik gisteravond een echt Romeins pastagerecht: tonnarelli cacio e pepe. Tonnarelli is de benaming voor platte, bijna vierkante, verse spaghetti die vooral in Rome gegeten wordt, een beetje zoals de spaghetti alla chitarra uit de Abbruzzen. Met een beetje olijfolie, geraspte pecorino romano (schapenkaas) en zwarte peper tover je een van de lekkerste pastagerechten op tafel.

Aangezien de pastavorm tonnarelli hier in Nederland niet of nauwelijks te verkrijgen is, duik je voor een écht Romeins gerecht wat eerder de keuken in om ook de pasta zelf te maken. Hiervoor heb je nodig (voor 4 tot 6 personen):

470 gram bloem, plus wat extra voor het bestuiven
4 grote eieren
zout
1 theelepel extra vergine olijfolie

Vorm op een droog werkvlak een bergje van de bloem en maak een kuiltje in het midden. Breek de eieren boven dit kuiltje, schenk de olijfolie eroverheen en strooi er een halve theelepel zout over. Meng (het liefst met je handen) alles in een draaiende beweging door elkaar tot er een grof deeg ontstaat. Bestuif het werkvlak met een beetje extra bloem en kneed het deeg in ongeveer 10 minuten tot een gladde en elastische bal. Leg de bal in een kom, dek af met plastic folie en laat het deeg minstens 30 minuten (en maximaal 2 uur) rusten.

Verdeel het deeg in vier even grote stukken. Druk 1 stuk voorzichtig plat. Dek de overige stukken weer af. Stel de pastamachine in op de breedste stand en draai het deeg erdoor. Als het deeg nog wat plakkerig is, strooi je er nog een beetje extra bloem over. Draai het deeg nog twee keer door de machine. Stel de pastamachine dan wat smaller af. Vouw het deeg in drieën (net als bij een brief) en haal het nogmaals door de pastamachine. Herhaal dit nog één of twee keer. Stel de pastamachine steeds weer wat smaller af, vouw het deeg wederom in drieën en haal het nog twee of drie keer door de machine. Stop bij de op drie na smalste stand. Leg het vel pasta dan voorzichtig op een met bloem bestoven plank. Doe hetzelfde met de drie overige stukken pastadeeg.

Snijd de pastavellen dan in stukken van ongeveer 30 cm lang. Zet het stuk voor de smalste pastalinten op de machine. Draai elk vel pasta door de machine totdat je smalle, vierkante linten hebt. Leg de linten op een met bloem bestoven plank. Strooi ook een beetje bloem over de pastalinten, zodat ze niet aan elkaar gaan plakken. Wanneer je de pasta niet direct gebruikt, kun je de linten het beste even afdekken met keukenpapier of een schone theedoek. De zelfgemaakte tonnarelli hoeven nog maar 1 tot 2 minuten in een grote pan water met een snufje zout gekookt te worden.

Wanneer je geen tijd of zin hebt om zelf pasta te maken, kun je het beste 500 g gedroogde spaghetti gebruiken. Kook deze pasta volgens de aanwijzingen op de verpakking.

De tonnarelli cacio e pepe is na het maken van de pasta een koud kunstje. Bak voor je de pasta gaat koken in een droge koekenpan 2 theelepels peperkorrels op laag vuur tot ze geurig zijn (dit duurt ongeveer 5 minuten). Neem de pan van het vuur, doe de peperkorrels in een vijzel en stamp ze fijn. Zorg ervoor dat de peper een beetje grover is dan de peper uit de molen.

Kook de tonnarelli (of de gedroogde spaghetti) gaar. Doe 1 eetlepel extra vergine olijfolie in een grote koekenpan (maar zet deze pan nog niet op het vuur). Schenk er een beetje van het kookvocht van de pasta bij, roer er een handvol versgeraspte pecorino romano bij en klop alles snel met een vork of garde door elkaar. Giet de pasta af, maar bewaar het kookvocht.

Meng de gare pasta door het kaasmengsel. Zet de koekenpan dan op laag vuur. Voeg geleidelijk 175 gram versgeraspte pecorino romano, de gestampte peperkorrels en zoveel als nodig is van het kookvocht van de pasta toe, zodat je een romige saus krijgt. Schep alles ongeveer 3 minuten om, zodat de saus goed door de pasta wordt opgenomen. Zorg dat iedereen deze laatste 3 minuten al aan tafel zit, want zoals je weet: la pasta non aspetta, de pasta wacht niet!

Buon appetito!

  • Share/Bookmark
Getagd met:
preload preload preload