jan 18

De paardenrace van Siena is dan misschien de beroemdste, de palio van Buti is de eerste van het jaar! Op de eerste zondag na het feest van Sant’Antonio Abate, waar ik jullie gisteren over vertelde, is de strijd tussen de verschillende contrade, wijken, op zijn hoogtepunt. Dit jaar is dat op 22 januari, dus de voorbereidingen zijn al in volle gang!

Afgelopen zondag was de grote loting en dat ging gepaard met een hoop emoties. Uiteraard met een glimlach van oor tot oor en gejuich van de inwoners van de contrada als de wijk het geluk heeft als eerste uit de bus te komen; boosheid en zelfs tranen bij de bewoners van de wijk die de laatste plek moet innemen.

Zeker in deze laatste dagen wordt het hele dorp in gereedheid gebracht voor dit bijzondere evenement. Al weken wapperen vrolijke vlaggen in de wijken, maar nu hangt er bijna bij elk huishouden een vlag buiten. Het bestuur van de stad wordt voor even overgenomen door de capitani, degenen die aan het hoofd van een contrada staan. Iedereen praat over de race, speculeert over de uitslag en informeert naar het paard. Wordt het goed verzorgd? Zijn zijn hoefijzers netjes in orde?

Hoe dichter de zondag nadert, hoe meer de spanning stijgt. Net als in Siena worden ook hier in Buti de paarden naar de kerk van de contrada begeleid, waar ze worden gezegend en waar met de hele wijk wordt gebeden voor de overwinning. Kaarsjes worden opgestoken, kruisjes geslagen, Weesgegroetjes en schietgebedjes gepreveld. Zelfs als niet-inwoner voel je de spanning met de minuut stijgen deze week. Als ik door de straten van Buti wandel en de zeven verschillende contrade doorkruis, probeer ik me voor te stellen hoe het hier de rest van het jaar zal zijn. Is het stadje dan nog steeds zo strikt onderverdeeld? Komt de wijk dan nog steeds op de eerste plaats?

Ik vraag het aan een van de oude mannetjes die rond de stal van de wijk La Croce hangen. Zichtbaar trots knikt hij. Ja, de contrada is en blijft belangrijk. Ik moet het zo zien: het is je familie. En familie komt het hele jaar door op de eerste plaats, volgens deze bijna 80-jarige Giuseppe.

Hij vraagt of ik meer wil weten over de geschiedenis van de palio hier. Op mijn bevestigende antwoord trekt hij me mee naar zijn huis, twee deuren verderop. Er komt een heel oud fotoalbum op tafel, vol met knipsels en foto’s. Terwijl hij voorzichtig door het album bladert, vertelt hij over de eerste aanwijzingen van een paardenrace op deze plek. Die zou zijn geweest op 13 september 1848, maar er zijn ook aantekeningen gevonden van een eerste Sant’Antonio-feest op 14 januari 1805, waar paarden in optocht door het dorp werden geleid.

Hij wijst op een affiche, waarop te lezen staat:

‘Buti sarà diviso in sei contrade , ognuna delle quali farà capo ad una delle sei Chiese di cui il paese si onora : Chiesa Pievania – Chiesa di San Francesco – Chiesa di San Rocco – Chiesa dell’Ascensione – Chiesa di San Nicolao – Cappella delle Case Popolari’

Hiermee werd op 15 december 1960 het dorp ineens in zes wijken onderverdeeld, met elk een eigen kerk, die vanaf dat moment allesbepalend zouden zijn:

* Pievania, met als wapen een wit kruis op een azuurblauwe ondergrond
* San Francesco, met een zwart/geel wapenschild
* San Nicolao, met een zwart/wit schild
* San Rocco, met een rood/wit wapenschild
* Ascensione, met een groen/zwart schild
* La Croce, met een rood/zwart schild

Die kleuren zie je overal in het dorp terug, en ook in het fotoalbum maken de zwart-witfoto’s langzamerhand plaats voor deze kleuren. Uiteraard overheerst het rood/zwart van La Croce, want alle overwinningen en bijzonderheden worden in het album breed uitgemeten. Ook nu nog, tijdens het voor de zoveelste keer doorbladeren van het beduimelde album, wordt Giuseppe af en toe emotioneel. Met tranen in zijn ogen aait hij de foto van een paard dat succesvol is geweest, en hij zucht diep. Dit gaat inderdaad verder dan deze feestdag, het is pure en oprechte liefde voor en loyaliteit aan een wijk, een familie, een historie.

Ik mag dan ook pas weggaan als ik beloof een kaarsje op te gaan steken voor zijn wijk, en zondag, vanuit Florence, zal bidden voor een goede afloop. Als jullie dat nu ook doen, dan kan Giuseppes palio niet meer stuk!

Getagd met:
jul 02

Siena maakt zich op voor de Palio. Al wekenlang gonst het in de kleine Toscaanse stad van de bedrijvigheid in de contrade. Vanavond weten we welke contrada de Palio di Provenzano op zijn naam mag schrijven. Deze contrada mag zich de trotse eigenaar noemen van de palio of cencio (‘vaandel’), die dit jaar is ontworpen door Ali Hassoun, een Libanese kunstenaar die al jarenlang in Italië woont. De afbeelding op de palio verwijst naar de Slag bij Montaperti, waarbij de Sienezen de Florentijnen wisten te verslaan en die precies 750 jaar geleden plaatsvond.

Zoals ik gisteren al schreef, telt Siena zeventien wijken. Slechts tien daarvan mogen deelnemen aan de Palio. Deze tien contrade heeft Hassoun aan de onderzijde van de palio afgebeeld. Wie goed kijkt, ziet dat vanavond de contrade Aquila, Bruco, Drago, Giraffa, Istrice, Leocorno, Nicchio, Onda, Selva en Torre op het Piazza del Campo aantreden. Een unieke Palio, want in al die eeuwen dat de paardenrace wordt gereden heeft deze combinatie zich nog niet eerder voorgedaan.

De Sienese Palio is al sinds de dertiende eeuw een jaarlijks terugkerende gebeurtenis. Naar verluidt organiseerde de Contrada dell’Aquila op 15 augustus 1581 de eerste Palio, waaraan nog alle stadswijken mochten deelnemen. De race werd in eerste instantie door de hele stad gereden; pas in 1597 werd het parcours beperkt tot rondjes om het Piazza del Campo.

In 1719 werd de Palio gewonnen door Pantera, met een paard dat toebehoorde aan een waard, een zekere Paci. Direct nadat zijn paard als eerste over de finish was gerend, holde Paci het uitzinnig van vreugde tegemoet, gevolgd door een hele horde net zo uitzinnige contradaioli. De andere paarden liepen echter nog in volle vaart over het plein, en je raadt de afschuwelijke afloop misschien al: Paci werd door een paard tegen de grond gesmeten en overleed ter plekke. De overwinning werd een zwarte pagina in de geschiedenis van Siena, en Pantera stelde al snel na het gebeurde voor om voortaan slechts tien contrade deel te laten nemen aan de Palio, om het aantal paarden dat tegelijk over de Piazza del Campo galoppeert te beperken.

Zo geschiedde, en sindsdien biedt de Palio per keer plaats aan tien deelnemers. Zeven contrade zijn verzekerd van deelname, omdat zij werden uitgesloten van de vorige editie. De drie overige worden door middel van loting geplaatst. Hierbij geldt wel dat de plaatsing per Palio bekeken wordt: wanneer een contrada vandaag niet mag deelnemen aan de Palio, dan krijgt hij vanzelfsprekend een startplaats voor de volgende Palio di Provenzano, in juli 2011 dus. De Palio d’Assunta, die in augustus wordt gereden, heeft zijn eigen startcyclus. Het kan dus best zo zijn dat een contrada zowel in juli als in augustus niet mag deelnemen – of juist twee keer mag aantreden.

Ook nog wel leuk om te melden is dat de Palio in eerste instantie weliswaar een paardenrace was, maar dat het evenement in de zestiende eeuw eigenlijk niet meer was dan een stierengevecht. Toen het stierenvechten in 1590 bij wet verboden werd, werd wel het race-element in ere hersteld, maar het duurde nog tot 1650 voordat de Palio weer een echte paardenrace was, zoals oorspronkelijk ook de bedoeling was. Tot die tijd reed men op ezels en ossen, hetgeen natuurlijk lang niet zo spectaculair was.

Een van de meest fascinerende elementen van de Palio is namelijk de enorme snelheid waarmee de paarden over het Piazza del Campo racen. De race bestaat uit slechts drie ronden over het Piazza del Campo, waardoor de strijd vaak in enkele minuten wordt beslecht. Het record staat momenteel op 1 minuut en 13 seconden.

De voorbereidingen duren veel en veel langer. Zo’n honderd dagen voorafgaand aan de Palio kiezen de contradaioli hun leider (capitano). Vervolgens moeten de bewoners van de contrada diep in de buidel tasten, aangezien de contrada de ruiter, door de Sienezen fantino genoemd, zal moeten betalen. De fantino komt overigens niet uit de wijk zelf. Het is iemand van buitenaf en wordt door de wijk beschouwd als een professional die verder niets van doen heeft met de eventuele feestvreugde. Uiteraard schuift hij aan bij de vele etentjes, maar daar blijft het dan ook bij. Een beginnende fantino verdient zo’n € 60.000 per Palio, terwijl een ervaren fantino (die reeds enkele overwinningen op zijn naam heeft staan) wel € 200.000 of meer kan verdienen. Een mooie bijverdienste voor deze veelal boerenjongens, die overigens opvallend vaak afkomstig zijn van Sardinië. De paarden worden in tegenstelling tot de ruiters niet ingehuurd. Ze worden door middel van een loting toegewezen aan de verschillende contrade. Geluk is dus een grote factor als het om winnen gaat!

Op het moment van loten is de spanning dan ook om te snijden. Heel Siena is naar het Piazza del Campo getrokken om te horen welk paard aan welke wijk wordt toegewezen. Het is natuurlijk niet alleen zaak om zelf een goed paard in de stal te krijgen; het is ook belangrijk dat de andere contrade de wat mindere dieren mee naar huis mogen nemen. Maar dat is niet de enige geluksfactor die bij de Palio komt kijken. Ook de startvolgorde wordt bepaald door een loting. Wanneer deze volgorde bekend is, beginnen de onderhandelingen tussen de fantini. Dit kan ruim drie kwartier tot een uur duren, waardoor de menigte op het Piazza del Campo steeds ongeduldiger wordt. De onderhandelingen worden nog een aantal keer onderbroken door enkele valse starts, maar uiteindelijk vertrekken de paarden dan echt voor de officiële race.

Wanneer de start eenmaal geldig is, is eigenlijk alles toegestaan. Elkaar de bocht afsnijden, elkaar slaan met zweepjes… het hoort er allemaal bij. Door de enorme snelheid en de scherpe bochten vallen er bijna altijd zowel paarden als fantini. Nog nooit is een fantino overleden, wat helaas niet gezegd kan worden van paarden. Overigens hoeft de fantino niet op de rug van het paard te zitten als het over de finish snelt; de winst gaat naar het eerste paard dat over de finishlijn stapt, met of zonder ruiter.

Zodra het eerste paard zijn rondjes gelopen heeft, snelt de hele contrada richting het paard om het te knuffelen. De palio wordt geconfisqueerd en al zingend zetten de contradaioli koers naar de kerk, in dit geval naar de Madonna di Provenzano. Vervolgens trekt de hele massa naar de eigen contrada, waar het feest pas echt losbarst. Meer dan een maand lang wordt er elke avond uitgebreid gegeten, gezongen en in optocht door de stad getrokken. Ik ben benieuwd wie straks de palio van Hassoun mee naar huis mag nemen…

Getagd met:
preload preload preload