jan 10

Via De Smaak van Italië maakte ik kennis met Ridder Drost, die na de havo naar Italië trok om olijven te gaan plukken. Ridder:Ik heb een tijdje olijven geplukt bij een kleine boer, gewoon, zonder opsmuk. Daarnaast gaf ik olijfolieproeverijen aan toeristen. Zij bleken zo enthousiast over de olijfolie uit de boomgaard, dat mij vaak werd gevraagd om flesjes naar Nederland toe te sturen. Zo kwam ik op het idee om zelf iets met olie te gaan doen.

Enige tijd na mijn start merkte ik dat klanten moeite hadden om de Italiaanse teksten op het etiket te begrijpen. Als de olijfolie werd geproefd erkenden ze de kwaliteit, maar het was moeilijk om ervoor te zorgen dat ze het gingen proeven. Ik ontdekte dat er nog geen olijfoliemerk in Nederland was dat stond voor puur, eerlijk en kwaliteit. Ik bedacht de merknaam Liquido d’Oro (‘Vloeibaar Goud’) en ontwikkelde een vormgeving die totaal afweek van de traditionele olijven of olijfboompjes op het etiket.

Met Liquido d’Oro wil ik een merk bouwen dat staat voor eerlijkheid, kwaliteit, passie en gezondheid. Het huidige olijfolieaanbod in Nederland is veelal gebaseerd op geraffineerde olijfolie, wat inhoudt dat de olijfolie niet veel meer is dan een plantaardige olie, waar alle smaakvolle, gezonde en werkzame stoffen uit zijn gefilterd. In echte olijfolie proef ik toewijding. Als ik zie hoe Italiaanse boeren met hun olijfbomen omgaan… Ze praten er nog net niet mee. Het is haast bijzaak of ze het product verkopen. De hoofdzaak is dat ze een mooie extra vergine olijfolie willen maken, die overloopt van pure gezondheid. Deze boeren zullen nooit concessies doen aan de kwaliteit.

Die kwaliteit komt voort uit passie. Liquido d’Oro eert de Italiaanse cultuur van zuivere smaken en brengt de beste olijfolie vol van pure gezondheid naar de Nederlandse fijnproever en genieters. Liquido d’Oro beschouwt olijfolie als een rijke gastronomische erfenis. Italiaanse boeren hebben deze eeuwenoude wijsheid aan ons doorgeven. Als geen ander weten ze de pure smaak te vatten, te temmen en met een grote perfectie te balanceren.

We zijn er trots op dat we zo’n bijzondere serie olijfolie kunnen delen. Liquido d’Oro hanteert een streng teelt-, oogst- en persbeleid. De kwaliteit begint bij onze olijfbomen die twee maal meer ruimte krijgen dan normaal, zo’n 36 vierkante meter. De frantoio bevindt zich te midden van de olijfgaard waardoor er binnen zes uur na de handgeplukte oogst, uitsluitend door middel van processen, met weinig druk en bij minder dan 25 graden Celsius, geperst kan worden. Na het persen wordt de olijfolie, zonder filtering, op afroep in onze speciale zwarte Liquido d’Oro flessen gebotteld.

Smaak en antioxidanten worden zo optimaal bewaard. Wij schudden en snoeien uitsluitend met de hand en gaan uiterst zorgvuldig met de 200 olijven om die voor een fles kwaliteitsolie nodig zijn. Alle olijfolie van Liquido d’Oro komt uit Italië. Er vindt geen inmenging plaats met olijven van buiten Italië. De olijfolie is intens fris, met een gespierd element in de smaak, waardoor je de neiging krijgt om met je lippen te smakken. Het verschil tussen de soorten is heel subtiel. In de ene olijfolie is de hete zomerwind te proeven, in de andere de eerste regen van het najaar. Wat ze gemeen hebben, is de smaak van de rijke olijfoliegeschiedenis van dit land – groen en vol leven.’

Dat wilde ik uiteraard wel proeven! Ik zorgde voor lekker brood en wat grof zeezout, Ridder bracht zijn nummer 1 mee: Il Primo Sinolea Biologica. Ridder: ‘Deze licht groengelige, iets troebele extra vergine olijfolie uit het Monte Amiata-gebied in Toscane heeft door het unieke lekproces een bijna boterachtig karakter met een zeer verfijnd aroma van jong groen en walnoot.

Het ras van de olijf is de Seggianese, van origine uit de regio Monte Amiata en alleen te vinden in de provincie Grosseto en Siena. De lavabodem van de Monte Amiata is rijk aan mineralen en geeft de olijfolie de juiste zuren. De soort is uitermate bestand tegen kou; de bomen zijn de overlevenden van de koude winter van 1985. De olijfolie wordt vervaardigd volgens de ‘Sinolea’-techniek die gebaseerd is op het onttrekken van de olie zonder stress, druk en water. Door gebruik te maken van deze techniek ontstaat een extra vergine olijfolie die minimaal afwijkt van de pure smaak van olijven.’

Voordat ik de fles openmaak, bestudeer ik het etiket. Extra leuk zijn de ingrediënten die worden genoemd: vakmanschap, een snufje geluk, harmonie, magie, poëzie, toewijzing, cultuur en bovenal passie. Dan is het moment daar: de dop wordt eraf gedraaid en de eerste olijfolie wordt in een mooi schaaltje geschonken. Verwachtingsvol doop ik een stukje brood in de olie.

En inderdaad, Ridder heeft niets teveel gezegd: dit is vloeibaar goud! Met deze fles op tafel, vergezeld van brood en zout, heb je een voorgerecht waarbij ingewikkelde antipasti in het niet vallen. Maar er is uiteraard meer keus! Voor elk hoofdelement van een gerecht heeft Liquido d’Oro een suggestie voor de best passende olijfolie. Of het nu vlees, vis of gevogelte is. De kleurcodering van de flessen (op de hals en op het smaakicoontje op het etiket) correspondeert met de in de horeca HACCP verplichte snijplanken. Makkelijk, duidelijk en herkenbaar – je pakt tijdens het koken bijna blind de goeie fles.

Aan de kleurcodering op de fles kun je zien met welk gerecht de olijfolie zich het beste laat combineren:

  Goud voor brood en zeezout
  Brons voor tafelolie
  Groen voor groentes, salade en dressings
  Blauw voor vis en zeevruchten
  Geel voor wild en gevogelte
  Rood voor bakken en grillen

Wil je de gouden vloeistof zelf proeven? Kijk dan op http://www.liquidodoro.nl/bestellen/ voor de losse flessen, een proefpakket of een proefsetje. Wil je tegelijkertijd meer van Italië proeven, neem dan een abonnement op De Smaak van Italië. Bij een jaarabonnement krijg je nu een luxe olijfoliepakket, bestaande uit Il Terzo Terra Di Foggia, Il Sesto Fruttato en Il Basilico: drie verrukkelijke flessen voor fijnproevers.

dec 13

Nog een mooi decembercadeau, met twee ingrediënten die onlosmakelijk verbonden zijn met de Italiaanse keuken. Olijfolie is een gezond en puur product, waar je mee kunt bakken en braden. Maar je kunt er ook heerlijke sauzen en dressings mee maken, en zelfs lekkere toetjes! Volop inspiratie dus voor een kookboek met 24 makkelijk te maken gerechten die olijfolie en olijven tot een ware delicatesse maken. Van groene pesto tot een basisvinaigrette en van citroensalade met sardines tot zeebaars met olijven.

Het boekje en de recepten zijn van de hand van Manfred Meeuwig, eigenaar van olijfoliewinkel Meeuwig & Zn in Amsterdam en foodstylist. Voor hij de recepten presenteert, vertelt hij eerst over de achtergrond van olijven en olijfolie. Een klein fragment:

‘Je zou het niet zeggen van zo’n zomers product maar olijven worden in de winter geplukt, van oktober tot januari om precies te zijn. Alle olijven zijn eerst groen en worden naarmate ze rijper zijn paars tot zwart. Alle olijven (dus ook de rijpe) smaken rechtstreeks van de boom geplukt erg bitter. Daarom ondergaan tafelolijven verschillende behandelingen, onder andere in pekelbaden, om ze eetbaar te maken.

Tijdens het plukken worden de olijven opgevangen in netten die op de grond zijn uitgelegd. Voor de kwaliteit van de olie is het van het grootste belang dat de olijven binnen 24 uur geperst worden. In de perserij worden de olijven gewassen en met wat koud water vermalen tot een dikke massa. Deze massa wordt op ronde matten verdeeld, opgestapeld en uitgeperst.

Het vocht dat hierbij vrij komt is helemaal niet lekker. Het bevat naast de olie met daarin opgeloste prettige smaakstoffen ook in water opgeloste bittere smaakstoffen. Maar dan vindt het wonder plaats: door middel van een simpele centrifuge wordt het onaangename vocht gescheiden van de lekkere olie. In zeer moderne perserijen wordt met het zogenaamde continue proces gewerkt. Hierbij is het malen en het persen een aaneensluitend proces. Sommige oliën worden vervolgens door dikke lagen papier gefilterd om ze helderder te maken, andere blijven  mooi troebel.’

Meeuwig legt vervolgens het verschil in kwaliteit en smaken tussen olijfoliën uit. Wanneer gebruik je welke olijfolie? Welke aanduidingen op het etiket zijn van belang?

Dan volgen de recepten, waarvan we er alvast eentje mogen proeven: salade van sinaasappel met muntijs.

Ingrediënten
(voor 4 personen)

3 sinaasappels, geschild en overdwars in dunne plakjes gesneden
2 eetlepels extra vergine olijfolie
50 gram pistachenootjes, fijngehakt
1 bosje munt, fijngehakt
vanille-ijs

Verdeel de sinaasappel over 4 borden en schenk er de olie overheen. Meng de pistachenootjes met de munt. Maak bolletjes van het ijs en rol deze door het munt-pistachemengsel. Leg per bord een bolletje op de sinaasappelschijfjes en serveer direct.

Nog meer lekkere recepten met olijfolie vind je in

Olijf & Olie boekbox – 24 wereldse gerechten met olijvenschaaltje
Manfred Meeuwig
ISBN 9789057674662
€ 14,95
uitgeverij mo’media

Getagd met:
jul 31

Naast de perfecte pasta en tomatensaus die ik begin deze week met jullie deelde, kan een goede Italiaanse maaltijd ook niet zonder de perfecte olijfolie. Voor het vakblad Italië in Bedrijf organiseerden we dit jaar voor de zevende keer een Olijfolie Smaaktest. Fred Nijhuis doet in editie 4 van Italië in Bedrijf verslag van deze zevende smaakexercitie:

‘Meer inzendingen en een hogere gemiddelde kwaliteit maakten de zevende editie van de Olijfolie Smaaktest tot een groot succes. Onder de tientallen inzendingen waren veel prachtige producten, die niet alleen onomstotelijk aantonen dat Italiaanse olijfolie tot de allerbeste ter wereld behoort, maar ook dat de kwaliteit steeds meer wordt erkend, gewaardeerd, geïmporteerd én gebruikt in Nederland.

Olijfolie op de kaart
In tal van restaurants is olijfolie steeds nadrukkelijker aanwezig. Topchefs kiezen vaker voor meerdere soorten olijfolie, omdat elke olijfolie nu eenmaal uniek is en een andere rol speelt in gerechten of de bereiding ervan. Olijfolie uit de categorie ’Licht & Fris’ is van groot belang in elegante gerechten, terwijl fruitige olijfolie zich uitstekend leent voor frisse gerechten. Een krachtige olijfolie sluit mooi aan bij rijke gerechten, maaltijdsalades met intense smaken, vlees en gegrilde vis. Vaak fungeert olijfolie als een brug tussen verschillende ingrediënten in een gerecht en zorgt het voor harmonie of juist wat extra spanning.

Op tafel zien we regelmatig olijfolie naast of in plaats van boter, maar ook andere toepassingen nemen in populariteit toe. Olijfolie wordt (terecht) gezien als kwaliteitsproduct en niet voor niets wordt in de beste restaurants van Nederland aangegeven dat gerechten bereid zijn met dit natuurproduct. Ook de particuliere liefhebbers hebben olijfolie ontdekt en wie van mooie, afwisselende smaken houdt, heeft meerdere soorten in huis.

Hoog niveau
Hoe gevarieerd de smaken van olijfolie kunnen zijn, werd bevestigd tijdens de zevende Olijfolie Smaaktest. Het fraaie  aanbod met veel verschillende soorten olijfolie in de drie internationaal erkende smaakcategorieën (Licht en Fris, Fruitig en Krachtig) zorgde voor veel waardering van en hoge beoordelingen door de jury.

De juryleden waren vooral onder de indruk van het hoge gemiddelde niveau. Waar tijdens eerdere edities ook diverse keren een matige tot slechte olijfolie werd geproefd, was het aantal minder goed beoordeelde inzendingen dit jaar kleiner dan ooit. Elke olijfolie bleek van de laatste oogst (en dus fris) en echte productiefouten werden niet gesignaleerd.

Uiteraard werden er wel kwaliteitsverschillen vastgesteld, maar de meeste deelnemers wisten een positieve score te behalen. Hoewel het algemene niveau hoog was, wisten sommige flessen zich toch duidelijk te onderscheiden. Zij werden dan ook unaniem uitgeroepen tot winnaar in hun categorie.

De jury
De jury bestond dit jaar uit zeven leden, waarvan het merendeel inmiddels vele jaren deel uitmaakt van dit professionele en deskundige team. Sjanie de Geus en John van Zijl waren weliswaar nieuw in de jury, maar zijn al jaren bekend in de top van de Nederlandse gastronomie. In Restaurant de Burgemeester te Linschoten proefden zij, onder leiding van juryvoorzitter Fred Nijhuis en samen met gastheer Bernard Tesink, patron-cuisinier Harrie Hendriks van De Opera te ’s Hertogenbosch, culinair en vineus consultant José van Eijk en wijnschrijfster Magda van der Rijst elke ingezonden olijfolie.

De werkwijze
Iedere olijfolie werd meerdere keren blind geproefd. Uiteindelijk werden na enkele voorrondes per categorie de tien beste geselecteerd en nogmaals geproefd, om de uiteindelijke rangschikking te bepalen. Extra prijzen werden toegekend aan de beste biologische olijfolie en de olijfolie met de beste prijs-kwaliteitverhouding.

Verscheidenheid en kwaliteit
De jury kon niet anders dan concluderen dat het niveau dit jaar hoger lag dan in voorgaande jaren. Bovendien toonden de inzendingen overduidelijk hun verscheidenheid en kwaliteit: fijne, elegante olijfolie uit Ligurië en de Veneto, fruitige flessen uit Puglia, krachtige olie uit Toscane en zachte, ronde olijfolie van Sicilië.

De zevende Olijfolie Smaaktest bevestigt de reputatie van Italiaanse olijfolie én het talent van de importeurs, die oog hebben voor deze kwaliteitsproducten.’

De winnaars van de Oliva d’Oro 2011

Categorie Licht & Fris
Zamparelli, Monovarietale Reciopella, Raccolta Tardiva, Campanië
0,5 liter, € 20 per liter
Verkrijgbaar bij Elaion, Weesp | www.elaion.nl

Categorie Fruitig
Angelica, Feudo di Calaforno, gecertificeerd biologisch, Sicilië
0,5 liter, € 29 per liter
Verkrijgbaar bij Oliovinico, Zwanenburg | www.oliovinico.nl

Categorie Krachtig
Pruneti, consigliato per sapori intensi, Toscane
0,25 liter, € 24 per liter
Verkrijgbaar bij Al-Goe Olijfolie en wijnhandel, Terneuzen | www.al-goe.nl

Categorie Biologisch
Ottidoro, Chiedda, gecertificeerd biologisch, Sardinië
0,5 liter, € 23,27 per liter
Verkrijgbaar bij Gran Sardegna, Enschede | www.gransardegna.nl

Categorie Beste prijs-kwaliteitverhouding
Aulia, Stasi, Puglia
0,5 liter, € 15,50 per liter
Verkrijgbaar bij Monega Wine, Amsterdam | www.monega.nl

Kijk voor een compleet overzicht van alle deelnemers op www.italieinbedrijf.nl. Op deze website vind je bovendien het laatste nieuws over Italiaanse zaken. Wil je op de hoogte blijven van alle zakelijk nieuws dat verband houdt met la bella Italia, dan kun je natuurlijk ook altijd een abonnement nemen. Bij een jaarabonnement krijg je nu een mooi leren notitieboek van Ciak t.w.v. € 19,95 cadeau.

jul 30

Het zijn onze laatste dagen hier in de Maremma. Na bijna drie weken genoten te hebben van onder andere zonnebloemen, zwavelbaden, vrolijke tarotbeelden en de geschiedenis van de Etrusken, trekken we over een paar dagen naar het noorden van Italië.

Gelukkig kunnen we de komende dagen nog één keer genieten van alle heerlijks wat de Maremma te bieden heeft, met het boek In de Maremma. Hoe zou het zijn om in Toscane een oude boerderij te kopen en daar te gaan wonen? De befaamde Amerikaanse auteur David Leavitt en Mark Mitchell ondernamen deze stap. In 1997 kochten zij in de Maremma, in het door toeristen nog onontdekte zuiden van Toscane, een oude, verwaarloosde boerderij. Zij beschrijven het moeizame opknappen van hun nieuwe woning, de hilarische misverstanden met de plaatselijke bevolking en de door taal- en cultuurverschillen veroorzaakte shock die zij daar ondergingen.

Een fragment:

‘Van de vele boerenrituelen die het Maremmaanse jaar bepalen – hooi snijden in mei, tarwe dorsen in juli, de vendemmia in de herfst – is er geen zo belangrijk als het persen van de olijven in november. Olie is immers het essentiële fundament van het leven in de Maremma; in tegenstelling tot hun familie in het noorden gebruiken de mensen hier bijna nooit boter – ze kennen die zelfs nauwelijks, hetgeen ongetwijfeld bijdraagt aan hun lange levensduur. Rosaria vertelde dat hartkwalen hier bijna niet voorkomen.

Het olie maken heeft natuurlijk ook iets van een praalvertoning. Als de jonge olie arriveert begroeten de mensen van Semproniano hem dan ook met een soort uitbundigheid dat de Fransen voor de Beaujolais Nouveau bewaren. Om de pittige smaak van de nieuwe olie te behouden, wordt deze nooit gebruikt om mee te koken, maar alleen over de eenvoudige salade gesprenkeld. Of je druppelt er bij wijze van finishing touch wat van in een kom kikkererwtensoep.

De meest klassieke manier om de nieuwe olie te nuttigen is door er eenvoudigweg wat van op een stukje gegrild ongezouten brood te gieten dat met knoflook is ingesmeerd: dit is de beroemde bruschetta, die men zo vaak probeert te maken maar wat zo zelden goed lukt, zelfs in Toscane. Bruschetta moet namelijk een verfijnd gerecht zijn. […]

Semproniano had heel lang maar één toeristische attractie, de olivone, een gigantische olijfboom van meer dan tweeduizend jaar oud. Voordat Podere Fiume af was, zijn we twee keer naar de olivone geweest, en beide keren hebben we een tijdje onder zijn omvangrijke en moederlijke takken gezeten. Dan hadden we het erover dat we de olivone, als we hier eenmaal woonden, aan al onze vrienden zouden laten zien.

Maar op een dag in mei 1998 heeft een brandstichter hem tot de grond toe afgebrand. Het dorp ging in de rouw. Vooral de kinderen, die de gewoonte hadden om op de laatste schooldag allemaal naar de olivone te lopen om daar te picknicken, treurden om het verscheiden van de boom. Ettore, Sauro’s zoontje van negen, vroeg of hij een van onze computers mocht lenen om een opstel te schrijven met de titel ‘De Olivone, voor altijd verbrand’. […]

In Italië is politiek op lokaal niveau vaak belangrijker dan op nationaal niveau. Bijna onmiddellijk nadat de olivone was afgebrand, begonnen zich duistere geruchten te verspreiden dat een van de twee politieke partijen die indertijd met elkaar om de macht in de stad wedijverden, de daad op zijn geweten had. […]

Het afbranden van een tweeduizend jaar oude olijfboom was niet alleen een daad van vandalisme, maar ook van moord. In een stad waar olie van levensbelang is, werd deze geweldige moederboom niet alleen als bron van bestaan beschouwd, maar ook als een kracht van het goede. Toen Pina ons olie aanbood die van de vruchten van de olivone was gemaakt, namen we die met een bijna mystieke verwondering aan, niet omdat de olie anders smaakte dan welke andere olie van hier uit de buurt ook, maar omdat hij van de olivone kwam, die nog voor Christus geboren was.

Tegenwoordig proberen we ons te troosten met de wetenschap dat al onze eigen bomen de potentie hebben om tot een olivone uit te groeien. Momenteel hebben we er achtendertig, en dat is net genoeg voor een jaar lang olie voor twee hongerige mensen en een hond. Omdat we nu inwoners van Toscane zijn, plukken we de vruchten met de hand, op het moment dat het groen net zwarte vlekken begint te krijgen.

Daarom is Toscaanse olijfolie terecht zo beroemd; Umbriërs en Apuliërs wachten tot de vruchten van de boom vallen, en dan vergaren ze ze pas, waardoor je een veel zuurrijkere olie krijgt. Vervolgens pakken we de olijven in plastic kratten en brengen we ze naar een van de twee frantoii in Semproniano, degene die gevestigd is in een pakhuis achter de landbouwcoöperatie (consorzio agrario).

In de ruimte waar je na binnenkomst doorheen moet, staan tonnen met olijven te wachten om gewogen en geperst te worden, hele bergen, hetzij in kratten, hetzij in jutezakken waar al een beetje vocht doorheen sijpelt. Meestal staat er buiten een vrachtwagen geparkeerd, met daarin de gigantische oogst van een van de grotere aziende, duizend kilo, waarnaast onze vijf kratjes nogal mager ogen.

Toch laten we ze door de frantoiano wegen, en hij zegt op hoeveel olie we recht hebben, waarbij hij als basis voor zijn berekeningen een mysterieuze formule gebruikt die niet alleen van de hoeveelheid olijven uitgaat, maar ook van hun oliegehalte in vergelijking met andere jaren – gemiddeld ongeveer twintig procent van het gewicht van de vruchten.

We knikken dat we met zijn condities akkoord gaan. Vervolgens neemt hij onze olijven en gooit ze bij de andere op de hoop, want over het algemeen worden alleen heel grote oogsten afzonderlijk geperst; bij kleine oogsten worden de olijven van verschillende families door elkaar gegooid, hetgeen betekent dat je nooit echt kunt zeggen: ‘Dit is mijn olie’, hoewel iedereen dat natuurlijk wel doet.

Nadat we onze olijven hebben afgeleverd, lopen we achter de frantoiano aan naar de volgende ruimte, waar de pers zelf staat. Deze bestaat uit een enorme kuip en een maalsteen, die niet, zoals in de vorige eeuw, door een ezel wordt voortbewogen, maar door een geavanceerd systeem van raderen. Alleen al vanwege de afmetingen is hij duizelingwekkend. De steen is minstens twee keer zo groot als de Bocca della Verità in Rome. En de kuip: als je erin viel, zou je binnen een paar seconden geplet zijn. […]

Onderin zit een turfachtige klont die draait en kolkt, terwijl van de zijkant een roestvrijstalen pijp naar een kraan loopt waar voortdurend een straal olie uitkomt. De olie is zo donkergroen dat je er geen licht doorheen ziet tenzij je een fles olie tegen het zonlicht houdt. Hij geeft een onweerstaanbare, ietwat mulsachtige geur af.

Dit is de koudgeperste extra vergine olie waar Toscane zo beroemd om is. Later wordt de pulp nog een keer geperst, wat een lichtere olie geeft; nog later wordt aan de kruimelige neerslag – die inmiddels de textuur en de kleur van potgrond heeft – door toevoeging van bepaalde chemicaliën nog een derde olie ontfutseld, die bijna kleurloos is en voornamelijk voor frituren wordt gebruikt.’

Lees meer over de olie van David en Mark, en over acquacotta, de hypermarkt, sagre, schapen, slangen en brood in

In de Maremma
David Leavitt & Mark Mitchell
ISBN 9789041704931
€ 7,90
uitgeverij Maarten Muntinga

apr 17

Net als Basilicata is ook Puglia, of Apulië, een vrij onbekende regio. Puglia ligt ten oosten van Basilicata, helemaal in de hak van de laars. Een van de symbolen van deze regio is de trullo, een klein wit kabouterhuisje met een puntdak. Als je deze huisjes ziet, weet je dat je in het echte Puglia bent, of het ‘Trulli Puglia’ zoals de inwoners me in hun vaak gebrekkige Engels toelachen als ze een van de lokale producten willen aanprijzen.

De trulli zijn overigens niet overal in Puglia even goed vertegenwoordigd. Je vindt ze vooral in het binnenland, tussen Brindisi en Bari. In de zogenaamde Vallei van de Trulli  staan de eeuwenoude huisjes te midden van boomgaarden, cactussen en rode aarde. De originele huisjes bestaan uit kalkleien, die zonder cement op elkaar gestapeld zijn. De kegelvormige daken van de trulli, en de witte symbolen die erop geschilderd zijn (cirkels, halve maantjes, hartjes of kruizen), zijn al van veraf te zien.

Het grappige is dat elke trullo uit slechts één kamer bestaat. Wil je een grotere woning, dan bouw je verschillende trulli naast elkaar. In Alberobello is dat goed te zien. In dit stadje vind je maar liefst meer dan duizend trulli, waarvan een aantal in gebruik is genomen als hotel. De trulli staan overigens, net als de grotwoningen in Matera, op de Werelderfgoedlijst van Unesco.

Elk dorpje in Puglia heeft echter zijn eigen unieke product. Zoals Alberobello bekend staat om de trulli, zo heeft Altamura zichzelf op de kaart gezet met brood. In dit plaatsje wordt het enige brood gebakken dat van de Europese Unie een IGP-aanduiding heeft gekregen, Indicazione Geografica Protetta, hetgeen wil zeggen dat het speciale brood, Pane di Altamura genaamd, alleen hier mag worden gebakken.

De bakker van Forno Antico Santa Chiara glimlacht als ik hem naar zijn geheim vraag. Wat maakt het brood van Altamura zo bijzonder? Terwijl hij geduldig het deeg kneedt, uitrolt en opnieuw stevig onder handen neemt, haalt hij zijn schouders op. ‘Geduld,’ mompelt hij verlegen. ‘En de juiste omstandigheden. Vroeger moesten de herders brood kunnen meenemen dat ook na een paar dagen nog lekker was. Bovendien was er toen slechts één grote houtoven in het dorp, die slechts een keer in de drie weken warm werd gestookt. In de oven van zo’n 25 vierkante meter moest het hele dorp dan al het brood voor de komende weken bakken.’ Een uit noodzaak geboren recept dus, dat gelukkig zo goed in de smaak viel dat we er nu nog steeds van kunnen genieten…

Maar in Puglia wordt niet alleen het deeg goed gekneed; ook de kaas ondergaat een zelfde behandeling. Hier eet je de heerlijkste burrata, een luchtig geknede mozzarella voordat het echt mozzarella is, waardoor de kaas veel meer weg heeft van volle room. Ook scamorza is hier erg populair, zowel uit het vuistje als gebakken met wat tomaat en olijven. Bij het maken van scamorza is geduld wederom een vereiste; van de uitgerekte kaas maakt men een soort zakje dat gevuld wordt met strengen mozzarella. De uiteinden van de kaas worden dan bijeengebonden en te drogen gehangen, waardoor de kaas zijn karakteristieke vorm aanneemt.

En hoewel je overal in Italië de heerlijkste olijfolie kunt vinden, is die uit Puglia echt onovertroffen. Het hart van de olijfbomenregio bevindt zich in Bisceglie, een middeleeuws stadje ten noorden van Bari. Net als het brood mag de olijfolie die hier geproduceerd wordt een IGP-keurmerk (Indicazione Geografica Protetta) dragen. Als ik een van de oude vrouwtjes die buiten op een bankje voor een barretje zit, vraag naar de achtergrond van de olijfolieproductie, glimlacht ze breed. Ze knipoogt en vertelt dat dat de verdienste is van de vroegere priesters. Als ik haar om opheldering vraagt, fluistert ze dat alle vrouwen die ontrouw waren geweest en dat hadden opgebiecht van de priesters niet alleen wat Weesgegroetjes moesten bidden, maar ook een olijfboom moesten planten. En daar plukken ze nu nog – letterlijk – de vruchten van.

Wie van het echte, ongerepte Puglia wil genieten, huurt dit voorjaar of aan het begin van de zomer een kleine trullo – het liefst natuurlijk eentje met een paar olijfbomen in de achtertuin. Helaas heb ik geen tijd om lang in Puglia te blijven. Morgen nog een dagje in de hoofdstad van Puglia, Lecce, en dan steek ik weer even over naar Sicilië, om te proeven van de zongerijpte sinaasappels…

Getagd met:
jan 07

Welkom op La Vialla! Vanaf vandaag breng ik een kleine week door op dit landbouwbedrijf in Toscane, dat wordt gerund door de warme en enthousiaste Italiaanse familie Lo Franco, drie generaties vol culinair talent. Aangezien ik ongeveer elke week een doos vol heerlijkheden van La Vialla bestel, besloot ik ook maar eens een kijkje te gaan nemen op het landgoed waar al deze heerlijkheden worden verbouwd, gebakken of geperst. Uiteraard niet zonder ook jullie een kijkje in de keuken te gunnen!

Maar eerst een beetje geschiedenis. Piero en Giuliana, de oudste generatie op La Vialla, vertellen: ‘In februari 1978 kochten we een klein, verlaten landhuis, Ca’ dell’Oro (Huis van Goud) genaamd. Een duidelijk plan hadden we eigenlijk niet, maar we waren op slag verliefd op het huis en op de bijzondere naam. En verliefde mensen doen gekke dingen, zo ook wij. We wilden de olijfbomen die rond het huis stonden en de kleine wijngaard opknappen, we wilden een moestuin aanleggen, dat soort dingen.

Al gauw lieten we ons echter betoveren door een verderop gelegen landhuis, dat helemaal vervallen was: La Vialla. En zo kunnen we wel even doorgaan. Steeds was er een vervallen landhuis, een verwaarloosde olijfgaard, een kudde schapen zonder herder… Wij breidden ons domein steeds verder uit, maar dat betekende ook dat er hard gewerkt moest worden aan de restauratie van de huizen en het land. De paadjes die de landhuizen met elkaar verbonden moesten worden schoongemaakt, bouwvallige muurtjes gerepareerd, omheiningen gemaakt, olijf- en wijngaarden hersteld, pijnboom- en eikenbossen schoongemaakt, de afwatering hersteld…

Elke hoek en elke aardkluit van het land werden gewekt uit de slaap waarin ze weggezakt waren. Zo werden de velden die als door een wonder tot eind jaren tachtig ‘maagdelijk’ waren gebleven onmiddellijk biologisch bebouwd.’ Hier gaat Piero wat langzamer praten; hij gloeit van trots. ‘La Vialla is een van de eerste boerderijen in Italië die het predicaat AIAB (Associazione Italiana Agricoltura Biologica – Italiaanse Vereniging voor Biologische Landbouw) verkregen heeft.’

De verliefdheid van Piero en Giuliana veranderde langzamerhand in een passie. Hun zonen, Gianni, Antonio en Bandino, worden al van jongsaf aan aangestoken door deze verliefdheid. Gianni wijdt zich vooral aan de administratieve kant van La Vialla, hij wordt door zijn broers dan ook wel gekscherend il capo (de baas) genoemd. Antonio houdt zich als sommelier vooral bezig met de wijngaarden en de vele soorten wijn die La Vialla maakt.

Bandino houdt zich, als officiële proever van het ONAOO (Organizzazione Nazionale Assaggiatori di Olio d’Oliva – Nationale Organisatie van Proevers van Olijfolie) bezig met de bereiding van de olijfolie en de sauzen. Naast deze specialisaties volgen zij uiteraard al het wel en wee van de fattoria op de voet – als één man vertellen ze over het landgoed, hun passies, hun trots…

Inmiddels laten ook de kleinkinderen van Piero en Giuliana zich niet onbetuigd. Ze helpen bij de olijvenpluk, bij het oogsten van de tomaten en natuurlijk bij het proeven van nieuwe producten of bereidingswijzen! Piero en Giuliana geven nog altijd graag advies aan hun (klein)kinderen en helpen ook nog wel eens een handje mee, vooral tijdens het drukke oogstseizoen. Maar gelukkig hebben ze nu ook af en toe tijd om bezoek te ontvangen, zelf een lekkere pasta te maken of koekjes te bakken, of een tochtje te maken op hun oude Vespa.

Terwijl Giuliana binnen een bord vol antipasti samenstelt, laat Piero me trots het logo van La Vialla zien, een kleine ploeg:

Hij glundert helemaal als hij vertelt hoe zijn vriend Armando Cherici, geschiedkundige en archeoloog, La Vialla beschreef: ‘Toen de ploeg aan het eind van de jaren zeventig slechts een herinnering voor onze streek leek te zijn, is een bijzondere ploeg langzaam aan weer aan het werk gegaan: het is die van Fattoria La Vialla. In het lexicon van de boeren is de vialla een kleine ploeg voor de moestuin en bergachtige terreinen: aan dit werktuig ontleent een landhuis net boven Castiglion Fibocchi, op 14 kilometer van Arezzo, zijn naam en vandaag de dag is dit huis het centrum van Fattoria La Vialla, die sinds meer dan dertig jaar de kleine ploeg als symbool heeft…’

Giuliana onderbreekt zijn verhaal met een werkelijk onovertroffen selectie antipasti. ‘De beste reclame voor onze producten is proeven,’ glimlacht ze. Daar kan ik haar geen ongelijk in geven, daarom de komende dagen meer over de kookkunsten van Giuliana. Wil je al eerder proeven van alle lekkernijen van La Vialla, surf dan naar www.la-vialla.com en vraag de catalogus vol wijnen, pasta’s, sauzen en koekjes aan. Wees wel gewaarschuwd: je wordt heel hebberig van al dat lekkers!

Getagd met:
sep 17

Als je, zoals ik, zo verslingerd bent aan olijfolie, dan loont het wellicht de moeite om je eigen olijfboom te kopen. Nu is het Nederlandse klimaat niet echt geschikt voor een veld vol olijfbomen (en een Amsterdamse zolder helaas ook niet), dus die boom moest ergens anders komen te staan. Maar waar?

Na een paar dagen peinzen hoorde ik toevallig over Guido Trabalza Marinucci. Guido woont in Umbrië, om precies te zijn in het dorpje Bevagna, aan de Romeinse Via Flaminia, in de buurt van Assisi. Elke dag gaat Guido naar zijn werk, in een stad verderop. Eigenlijk is Guido echter boer; elke vrije minuut is hij bezig met zijn olijfbomen, wijngaard en de agriturismo die hij samen met zijn vrouw Patrizia runt.

De olijfbomen zijn moraiolo-, frantoio- en leccinobomen. De geurige olijven worden elk jaar verwerkt tot een extra vergine olijfolie met een zuurgraad van ca. 0,2% (ter vergelijking: de Europese Commissie staat de term extra vergine voor olijfolie alleen toe als de zuurgraad lager dan 0,8% is).

Guido is er maar druk mee. De olijven worden met de schudmachine geoogst waar het kan, maar met de hand of met harkjes geplukt als het niet anders kan. Dat komt de smaak alleen maar ten goede.

De olijven moeten zo snel mogelijk, dezelfde dag nog, onbeschadigd en droog van de boom naar de olijvenpers. Voor het persen wordt de modernste methode gebruikt, de centrifuge. Uiteraard zonder verhitting.

Als je bedenkt dat Guido wel vijfduizend olijfbomen heeft om voor te zorgen, dan begrijp je dat dit allemaal heel veel werk is. Maar Guido doet het graag. Sterker nog: hij leeft voor zijn olijfbomen. Ze leveren echter zoveel olijfolie op dat Guido die niet allemaal in zijn eentje kan opeten. Zelfs als hij flessen vol weggeeft aan vrienden en familie, blijft er nog meer dan genoeg olijfolie over.

Daarom heeft Guido iets leuks bedacht: je kunt een van zijn olijfbomen adopteren. Je krijgt dan dus je eigen boom – met een eigen naam! – die bij Guido in de olijfboomgaard staat en door hem elke dag weer goed verzorgd wordt. Natuurlijk kun je de boom altijd gaan bekijken als je in de buurt bent, dat vindt Guido alleen maar leuk. En het is tenslotte jouw boom!

In ruil krijg je uiteraard een adoptiecertificaat met een mooie illustratie van je boom, 2 liter olijfolie van de oogst van afgelopen jaar, een jaar lang 25% korting op alle olijfproducten van Guido en een jaar lang 10% korting op een verblijf in Guido’s agriturismo. Bovendien draag je, als je een van Guido’s bomen adopteert, bij aan het behoud van het mooie Umbrische landschap. En over de illustraties gesproken, die zijn zoals je hier vandaag al kunt zien, geweldig! Ontwerpster Karianne Hoenderkamp tekende voor de illustraties op de website die natuurlijk ook op de blikken en flessen olijfolie en op de cadeauverpakkingen terugkomen. Alleen daarom al wil je zo’n fles op je aanrecht hebben staan, toch?

Daar kan geen Amsterdamse olijfboom tegenop, dacht ik bij mezelf, en dus adopteerde ik een boom in Guido’s olijfboomgaard. Sindsdien geniet ik niet alleen van heel bijzondere olijfolie, maar ook van het idee dat honderden kilometers verderop mijn eigen olijfboom in de zon staat en dat de olijven elke dag een beetje rijper worden, tot de pluk over enkele weken begint. Dat is een stuk zonniger wakker worden – en bovendien een goed excuus om binnenkort weer eens naar Italië af te reizen…

Wil je ook een van Guido’s olijfbomen adopteren, of eerst eens proeven hoe lekker de olijfolie is, ga dan naar www.oliodumbria.com – en doe Guido de groeten!

sep 16

Toen ik bij Only Pasta in Santpoort was om de pastaworkshops door te spreken (zie Ciao tutti van 6 september), kon ik het natuurlijk niet laten om ook even in de winkel rond te neuzen. Daar vond ik een voor mij onbekende olijfolie, die ik natuurlijk meteen mee naar huis nam om te keuren.

De Colline di San Mauro, zoals de olijfolie zo mooi heet, stelde zeker niet teleur. Sterker nog, het is misschien wel de lekkerste olijfolie die ik afgelopen maanden proefde (en geloof me, dat waren er heel wat!). De olijfolie is genoemd naar de Sabijnse heuvels (colline) in de buurt van Rome. Hier ligt het San Mauro domein, waar de beste olijven van heel Italië groeien als je deze olijfolie mag geloven.

De olijfolie is gemaakt van een mix van carboncella-, frantoio-, leccino- en pendolino-olijven. Carboncella is een echt Italiaanse olijfsoort, die alleen in de Sabijnse heuvels groeit. Deze olijfsoort is wat later rijp en laat zich moeilijker plukken. De carboncella-olijven zorgen voor een krachtige olijfolie, die in combinatie met de leccino- en frantoio-olijven een mooie en licht bittere, groene smaak oplevert met tonen van pijnboompit en artisjok.

Deze olijfolie blijft goed overeind bij kruidige en zoete gerechten, zoals panforte en olijfolie-ijs, maar ook bij vleessoorten met een sterkere smaak.

De olijfolie van San Mauro wordt gemaakt op basis van de oude Romeinse tradities. De olijven worden tussen half oktober en half november geplukt en binnen 24 uur na de oogst koud geperst. De olijfolie wordt ongefilterd opgeslagen in tanks en na minimaal een maand gebotteld in kleine donkere flessen.

Om de kwaliteit te duiden, werd olijfolie in de Romeinse tijd ingedeeld in verschillende categorieën. ‘Oleum Ex Albis Ulivas’ was de classificatie voor de allerbeste olijfolie. Deze werd gemaakt van in november geplukte olijven; vroegrijpe olijven dus die een olie opleveren met een zeer lage zuurgraad, een laag gehalte peroxides en een hoog gehalte polifenolen. En dat proef je! Als de Romeinse kwalificatie nog gangbaar was, dan zou de olijfolie van San Maura zeker een ‘Oleum Ex Albis Ulivas’ opgeplakt krijgen!

Goed, een lekkere olijfolie is één ding, het is veel belangrijker wat je ermee kunt doen. De afgelopen weken heb ik dan ook flink geëxperimenteerd. Ik schonk de olijfolie bij salades, over pastagerechten, bakte er plakjes courgette en aubergine in (en nee, dat is niet zonde – je proeft echt het verschil!) en doopte er stukjes versgebakken brood in. Toen las ik het papiertje dat ik bij de fles kreeg nog eens goed, en ja, daar stond het echt (de oplettende lezer van vandaag heeft het al lang gezien): ‘Deze olijfolie blijft goed overeind bij kruidige en zoete gerechten, zoals panforte en olijfolie-ijs.’

Olijfolie-ijs, dacht ik, dat is wel omslachtig. Om nu een hele fles goede olijfolie te gebruiken voor een experiment… Gelukkig vond ik bij toeval een recept voor roomijs met olijfolie in Jamie’s Italië. Hoewel vrienden en collega’s het maar een vreemde combinatie vonden, was ik ervan overtuigd dat het een lekker toetje zou zijn en ging ik aan de slag.

Het resultaat viel niet tegen, sterker nog: het was heerlijk. Hierbij het recept voor wie het ook wil proberen, succes gegarandeerd!

gelato con olio e sale
roomijs met olijfolie en zeezout

Jamie: ‘Ik kreeg dit gerecht jaren geleden voorgeschoteld en was geschokt, maar het bleek verschrikkelijk lekker! Je kunt het alleen met succes klaarmaken met goed vanille-ijs en de beste olijfolie die er te krijgen is. Doe een paar bolletjes vanille-ijs in schaaltjes, giet er wat heel goed extra vergine olijfolie over, liefst eentje met een mooi grassige, bloemige smaak, en strooi er een klein snufje zeezout over. Ik kan niet uitleggen waar het op lijkt… je moet het gewoon zelf proberen!’

Bestel Jamie’s boek hier via bol.com!

aug 31

Augustus was een maand vol ijs, dat is jullie vast niet ontgaan. In september dacht ik daarom maar een gezonder culinair product op Ciao tutti centraal te zetten, en wel olijfolie. Vandaag een goddelijke combinatie van beide producten: olijfolie-ijs.

Ingrediënten:
300 cc goed vanille-ijs
2 eetlepels sterk geurende extra vergine olijfolie
150 gram suiker
200 gram zwarte olijven, zonder pit
1 eetlepel maïzena
1 ei
50 amandelen
gedroogde rozemarijn
zout

Laat het ijs een beetje zacht worden. Meng de olijfolie erdoor en laat het in de vriezer weer hard worden.

Verwarm 100 gram suiker met een glas water. Laat zachtjes op laag vuur smelten. Voeg de helft van de olijven toe en laat 10 tot 15 minuten zachtjes pruttelen.

Giet af en rol de nog natte olijven door de suiker. Hak de olijven grof.

Meng de maïzena met het ei, de rest van de suiker, de fijngehakte amandelen en de gedroogde rozemarijn. Maak er kleine hoopjes van en leg deze op een ingevette bakplaat. Bestrooi met de gehakte olijven.

Bak de koekjes in een matig hete oven in 5 minuten lichtbruin. Laat de koekjes in een holle vorm afkoelen, zodat ze een mooie vorm krijgen.

Serveer een bolletje olijfolie-ijs met of in een olijvenkoekje. Bestrooi het geheel met de gekonfijte olijven.

Dit recept is afkomstig uit Olijfolie, geschreven door kok en olijfolie-importeur Manfred Meeuwig.

In zijn winkel in Amsterdam vind je een keur aan olijfolie; uit Italië natuurlijk, maar ook uit Spanje, Portugal, Griekenland, Turkije en Frankrijk. Meeuwig verkoopt zijn olijfolie vanuit roestvrijstalen tanks. Daardoor kan hij de echt bijzondere olijfolie kopen, geproduceerd door kleine boeren die geen eigen flessen en distributielijn hebben. Natuurlijk kun je elke olijfolie eerst proeven en je kunt zelf kiezen hoeveel olijfolie je mee naar huis wil nemen. Zo kun je naast je eigen vertrouwde olijfolie ook steeds een nieuwe soort proberen!

Aangezien Manfred Meeuwig na al die jaren olijfolie importeren een enorme kennis heeft opgedaan, werd het tijd om deze kennis te delen met zijn klanten en andere olijfolieliefhebbers. Vandaar het boek Olijfolie, waarin hij niet alleen de lekkerste recepten met olijfolie prijsgeeft, maar ook vertelt over hoe olijfolie nu precies gemaakt wordt, waar olijfolie vandaan komt en hoe je olijfolie nu het beste kunt proeven. Na het lezen van dit boek heb je niet alleen een enorme trek, maar weet je ook nog eens heel veel meer over het groene goud dat ook buiten Italië zo geliefd is. Dus, zoals Meeuwig zou zeggen, check your oil!

Getagd met:
preload preload preload