apr 18

Hoewel ik deze woorden zomaar zelf opgetekend zou kunnen hebben, vormen ze een beroemde uitspraak van de Amerikaanse fotograaf Leonard Freed, die na zijn eerste bezoek aan Italië zijn hart aan het land verloor. I love Italy – Io amo l’Italia is tevens de titel van een tentoonstelling die nog tot en met 27 mei te zien is in het Museo di Roma in Trastevere. Gisteren liep ik er toevallig binnen, vandaag een klein inkijkje in het leven van Freed en de tentoonstelling.

Leonard Freed kwam ter wereld in New York, in 1929, in een familie van joodse arbeiders die oorspronkelijk afkomstig waren uit het Russische Minsk. In 1952 trok hij voor het eerst naar Europa, waar hij onder andere langere tijd in Amsterdam verbleef. Hier werd zijn passie voor kunt, en dan met name de schilderkunst en de fotografie, aangewakkerd.

Dat vuur laaide nog eens extra op toen Freed voet op Italiaanse bodem zette. Hij maakte zijn eerste professionele foto’s en ontdekte waar zijn hart lag: bij de fotografie, en in Italië. Eenmaal terug in New York, in 1954, verhuisde hij dan ook naar Little Italy. Zo was Italië toch dichtbij…

Freed genoot volop van het Italiaanse leven om hem heen; de warmte van de mensen en de aandacht voor familie en vrienden konden op zijn warme belangstelling rekenen. Dat is dan ook wat we terugzien in zijn foto’s: een liefde voor Italië, die veel dieper gaat dan een liefde voor wat je aan de oppervlakte ziet. Freed hield van de Italianen – en van die liefde laat hij ons via zijn foto’s meegenieten.

De expositie omvat honderd foto’s, die een soort dagboek vormen van Freeds carrière. Freed heeft de beelden geschoten tijdens meer dan 45 reizen naar Italië, in Milaan, Rome, Napels, Siena, op Sicilië – en altijd met de liefde voor Italië en de Italiaan als basis.

Een klein voorproefje:

apr 13

Vandaag vieren ze in Italië de Dag van de Espresso. Voor de vierde keer wordt de populairste soort koffie in meer dan 2600 koffiebarretjes in Italië in het zonnetje gezet. Wie vandaag in een van die geselecteerde bars (herkenbaar aan een sticker op de deur) een espresso bestelt, krijgt er een klein boekje bij met de geschiedenis van koffie en tips over hoe je de echte Italiaanse espresso herkent.

 

Helaas kon ik jullie zo vroeg nog niet van de wetenswaardigheden uit dit vademecum voorzien, maar in plaats daarvan een stukje uit het boek Il caffè sospeso van Luciano De Crescenzo. In het begin van mijn blogcarrière schreef ik al eens over hem:

‘In Napels bestaat al sinds jaar en dag de traditie van de caffè sospeso (letterlijk: koffie in de wacht). Als je in Napels een caffè bestelt, kun je twee kopjes koffie afrekenen. Het ene kopje drink je zelf op, het andere kopje, de sospeso, kan dan later op de dag door een arme Napolitaan worden genuttigd.

Hoewel de traditie van de caffè sospeso vandaag de dag lang niet meer door iedere Napolitaan in ere wordt gehouden, is het voor toeristen erg leuk om te zien hoe op de bestelling van een gewone koffie en een caffè sospeso wordt gereageerd. Wedden dat een caffè sospeso bij iedereen in de smaak valt?’

Om de proef op de som te nemen een klein stukje wijsheid voor bij de eerste espresso van vandaag. In de woorden die De Crescenzo zelf optekende, en waarin hij zo mooi zegt: ‘espresso is niet alleen maar een donkere vloeistof, maar ook een manier om vriendschap te sluiten’.

Zijn tekst in het Italiaans (ook voor mensen die een paar woorden Italiaans spreken redelijk goed te volgen):

‘A Napoli, una volta, c’era una bella abitudine: quando una persona stava su di giri e prendeva un caffè al bar, invece di uno ne pagava due. Il secondo lo riservava al cliente che veniva subito dopo. Detto con altre parole, era un caffè offerto all’umanità. Poi, di tanto in tanto, c’era qualcuno che si affacciava alla porta del bar e chiedeva se c’era un ‘sospeso’.

Tutto questo era dovuto al fatto che erano più i clienti poveri che quelli ricchi. Oggi purtroppo non solo non esiste più chi paga un ‘sospeso’ ma nemmeno chi è disposto ad accettarlo. Un giorno ho conosciuto un brav’uomo, bisognoso di fare amicizie, che di ‘sospeso’ ne pagava addirittura cinque.

È per questo che chiedere un allineamento dei prezzi del caffè in Italia, a mio avviso, sarebbe un errore. Il caffè non è uguale a ogni latitudine: in primo luogo èdiero come sapre, poi come quantità (un caffè del Nord, misurato in centilitri, è almeno il doppio di un caffè del Sud) e infine, come funzione.

Quando al di sopra della Linea Gotica si è giù di corda ci si aiuta con un grappino, a Napoli, invece, con un caffè, e per raggiungere il livello desiderato, credetemi, ce ne voglione almeno tre, e di quelli buoni. Ma tre caffè al giorno costano quello che costano. Forse ce le dovrebbe passare la mutua.

Il caffè di Napoli è diverso da quello di Milano. È minimo come quantità e massimo come sapore. Provare per credere. E soprattutto non è solo un liquido scuro ma, come accennato, un mezzo per fare amicizia. Supponiamo che un giorno incontriate un amico a Napoli, in Piazza dei Martiri. Il minimo che vi dovete aspettare è che vi dica: ‘Prendiamo un caffè’. Il che dalle mie parti equivale a dire ‘buon giorno’.

Ora, però, paragoniamo il caffè di Napoli al caffè di Milano, se non, addirittura, a quello di Monaco di Baviera. Mentre quello tedesco scende, quello di Napoli sale e va a sistemarsi nelle vicinanze del cervello. Non a caso è poco più di un sorso.

Questi capitoli che seguono sono come piccoli sorso di caffè napoletano: brevi, gustosi, ma capaci di salire nelle vicinanze del cervello e fargli un po’ di sano solletico.’

De hoofdstukken die volgen hebben inderdaad precies hetzelfde effect als een klein slokje koffie uit Napels: ze zijn kort, maar zeer smaakvol en ze stijgen direct op naar je hersenen om die even op een gezonde manier bezig te houden. Een aanrader om elke dag een stukje te lezen bij de eerste espresso!

Il caffè sospeso
saggezza quotidiana in piccoli sorsi
Luciano De Crescenzo
ISBN 9788804577744

mrt 10

Eindelijk is het dan zover, vanaf vandaag is mijn boek te bestellen! Hoewel Ciao Tuttiontdekkingsblog door Italië pas over een paar weken verschijnt, kun je ’m nu al bestellen. Je krijgt het boek dan niet alleen op de dag van release GRATIS thuisgestuurd, ik schrijf er ook een persoonlijke boodschap voor je in. Bovendien krijgt elke 25ste besteller een extra verrassing (die we nog heel even geheim houden, maar blij word je er zeker weten van!). Begin je weekend dus goed en bestel een speciaal voor jou gesigneerd exemplaar via de website van uitgeverij De Boekenmakers.

Nu het boek te bestellen is, grijp ik de gelegenheid maar even aan voor een beetje schaamteloze zelfpromotie ;-) Ik ben zo blij met hoe het boek eruit gaat zien, dat ik dat het liefst van de daken wil schreeuwen. Bij gebrek aan voldoende klimvaardigheid – en vanwege een enorme hoogtevrees – schreeuw ik maar hier online, hopelijk vergeven jullie me dat in deze fase. Zeker als ik jullie alvast een klein voorproefje kan laten zien van het boek in wording:

Gelukkig ben ik ook niet de enige schrijver ben die last heeft van deze zogenaamde boekkriebels. Harry Kramp, die het boek De Pitch schreef dat onlangs is verschenen, omschrijft het precies zoals het is:

‘Er is maar één week echt leuk in het jaar als je een boek hebt geschreven. Dat is de week dat het boek net klaar is, dat het gedrukt en al op tafel voor je ligt te blinken, helemaal vers, en dat het zelfs nog ruikt naar de drukinkt en de Heidelberger pers. Een jaar lang ben je bezig geweest voor dit moment. Eerst een halfjaar achterelkaar doorgeschreven, in je dooie eentje terwijl je gewend was, zoals veel van jullie, om slechts in teamverband te werken. Dan herschrijven, redigeren, corrigeren. Voortdurend twijfelen of het wel goed genoeg is. Je las het en herlas het, maar altijd met een derde oog of het niet beter kon. Beter moest. […]

Dan begint die korte maar verrukkelijke week. Dan ga je in het geval van een boek eigenlijk voor het eerst genieten van een jaar werk. Ongestoord. Het ligt zelfs nog niet in de boekhandel. Ook nog niet bij een recensent. Dan is het alleen van jou. De maker. Dan lees je het zelf pas echt voor de eerste keer. […]

Drie keer heb ik mijn boek gelezen. De eerste keer nog enigszins voorzichtig. En je verwacht dat er een hoofdstuk is vergeten, of verkeerd om is afgedrukt. Gelukkig. Natuurlijk niet. Integendeel, het is allemaal prachtig verzorgd.

En dan… dan ga je echt genieten van jezelf. Ik kan ontzettend goed genieten van mezelf. Je leest het fantastische boek twee keer achterelkaar. Wat is het goed! Ongelofelijk goed. Veel beter dan mijn eerste boek. En dat vond ik al zo ontzettend goed. Maar dit boek slaat alles. Verdomd als het niet waar is. Dat duurt een week. Een verrukkelijke week. Daar doe je het voor.’

Ik tel af naar die week – en hoop dat velen van jullie tegelijk met mij het boek in handen mogen houden en genieten van de verhalen uit Rome, Florence, Venetië, Siena, de Maremma en Napels. Om eerst heerlijk thuis te lezen en weg te dromen, en vervolgens op een van de genoemde plekken, zodat je dubbel geniet van alle bijzondere verhalen en leuke tips. Daar doen we het voor!

Meer over Ciao tutti – een ontdekkingsblog door Italië
Wist je dat het bestellen van een cappuccino na elf uur ’s ochtends in Italië een doodzonde is? Dat Napolitanen elkaar met oud en nieuw rood ondergoed cadeau doen? Dit boek bevat verhalen over Italiaanse tradities en gewoonten, bekende en minder bekende bezienswaardigheden en adressen die net-even-anders-dan-anders zijn. Van de regels die komen kijken bij het bestellen van een cappuccino tot de mooiste fontein van Rome. Een bloemlezing uit Saskia Balmaekers’ succesvolle weblog, aangevuld met nieuwe verhalen en wetenswaardigheden. Buonissimo!

formaat: 165 x 215 mm | omvang: 208 pag. | uitvoering: paperback | prijs: € 19,95 | ISBN 978-90-77740-97-2 | NUR 500 | verschijning: april 2012 | bestellen kan vanaf vandaag via deze link

Getagd met:
feb 28

Als de titel van mijn blog van gisteren waarheid was, als Steve Jobs werkelijk in Napels was geboren, dan was hij vast graag met Marco Louter, fotografiespecialist op het gebied van Italië en alles wat daarmee te maken heeft, op pad gegaan naar deze bijzondere wijngaard. Toen Marco mij het verhaal over Le Masciare vertelde, was ik in elk geval razend enthousiast. Ik vroeg hem zijn verhaal voor jullie op te tekenen zodat ook jullie kunnen meegenieten. Dat deed Marco, en meer nog – hij bezorgde mij een fles van deze heerlijke wijn. Helaas is die inmiddels al tot de laatste druppel leeg gedronken – maar gelukkig hebben we het verhaal en de foto’s nog!

Marco Louter: ‘Vorig jaar kreeg ik een tip van de redactie van het Belgische Dolcevia , een e-magazine voor Italiaanse fijnproevers, om contact te leggen met de enthousiaste mensen van wijngaard Le Masciare. Het werd een bijzonder verhaal.

Erik en Virna, de mede-eigenaren van de wijngaard Le Masciare, ontvangen ons aller hartelijkst bij aankomst op het vliegveld in Rome. Het jonge en ambitieuze stel rijdt ons in drie uur naar hun wijnonderneming en paradijsje, wijngaard Azienda Agricola Le Masciare. Onderweg komen de verhalen over de ins en outs van het zakendoen in Italië, de Italiaanse wijnsector en de wijn al snel op gang.

De wijn- en olijfgaarden bevinden op loopafstand van Paternopoli, een klein plaatsje in de provincie van Avellino in Campanië, ruim een uur ten oosten van Napels. Het is geen groot, massaal bedrijf. Alles bij elkaar hebben ze circa twaalf hectare die 50.000 flessen wijn produceren en 4000 liter kwaliteitsolijfolie per jaar. Erik is ‘de man met een plan’ en gepassioneerd als het gaat om zijn wijn en olie. Een nuchtere Nederlander die woont en werkt in Rome, samen met zijn Italiaanse vrouw Virna. Ze werken afwisselend in Rome en in Paternopoli , waar ze – samen met Virna’s broer en enkele vrienden van de familie – eigenaar zijn van de wijngaard.

Het gebied rond Paternopoli biedt de optimale condities voor de oude olijf- en druifsoorten die al eeuwenlang deel uitmaken van het landschap. De familie werkt daar met respect voor de omgeving aan een kleinschalige productie en gaat voor de hoogste kwaliteit. Erik is ervan overtuigd dat het simpelweg beter is voor iedereen om elke dag een beetje groener te maken. Concreet betekent dit dat ze geen pesticiden en andere chemicaliën gebruiken voor hun biologische producten. Ze zijn gecertificeerd door de CCPB, zodat wij als consument de zekerheid hebben dat we krijgen waar we om vragen: producten die op een verantwoorde manier zijn gemaakt.

Erik en Virna vertellen tijdens een wandeling door de wijngaard iets meer over de oorsprong, de streek en de wijnen. In de Zuid-Italiaanse streek Campanië wordt een hoogwaardige wijn gemaakt van een oude, inheemse druivensoort, de Aglianico, een van de drie nobele druiven van Italië, naast de Nebbiolo uit Piemonte en de Sangiovese uit Toscane. De wijngaarden liggen rondom de plaatsen Avellino en Taurasi in de hooglanden ten oosten van Napels, waar het klimaat en de rotsachtige bodem uitermate geschikt zijn voor het produceren van zeer hoogwaardige wijnen.

Ze maken op Le Masciare vier prachtige, karaktervolle wijnen. De Barbassano (van de Aglianico-druif) is een robijnrode wijn met paarse schakeringen. De wijn wordt meer amberkleurig naarmate hij ouder wordt. In de geur en smaak herken je de fruittonen van zwarte bessen en kersengeuren met op de achtergrond een harmonieuze, subtiele kruidigheid.

De Taurasi wordt voor 100% gemaakt van de Aglianico-druif, en heeft, in tegenstelling tot de Barbassano, minstens twee jaar in eikenhouten vaten gerijpt, waarna de wijn nog enkele jaren in stalen vaten en op de fles rijpt voordat hij gedronken wordt. Daardoor wordt deze donkerrood tot amberkleurige wijn wat ronder en zachter ervaren dan zijn jonge broer, met kenmerkende fruittonen van zwarte bessen en kersengeuren, kruidigheid maar ook een prachtige structuur en balans. De Taurasi is een wijn die het beste samen gaat met gegrild vlees, wild, lam, stoofpotten en gerijpte kazen.

De Fiano di Avellino is een verfijnde witte wijn. Dit komt voornamelijk door de uitstekende balans tussen geur en smaak. De Fiano di Avellino is, net als zijn collega Greco di Tufo, een zeer intense witte wijn, waarbij de fruitige Fiano associaties oproept met hazelnoten. De kleur is helder goudgeel, en de delicate geur doet denken aan tropisch fruit en bloemen. Een klein bittertje van geroosterde hazelnoot en amandel in de afdronk maakt deze wijn zo uitzonderlijk. Sinds 2003 heeft de Fiano di Avellino de DOCG-status. Hiermee is deze wijn een van de weinige witte DOCG-wijnen van Zuid-Italië. De volle smaak met tonen van hazelnoot past uitstekend bij rijke visgerechten, schaal- en schelpdieren, wit vlees en gevogelte, bij salades en diverse kaassoorten.

De vierde wijn, de Greco di Tufo, is bekend om zijn all round kwaliteit. De Greco-druif komt oorspronkelijk uit Griekenland, maar wordt al sinds de Romeinse tijd verbouwd in Campanië. De kalkrijke bodem van deze streek komt ook duidelijk naar voren in de wijn, die een prachtige structuur combineert met prettige minerale tonen en een geparfumeerd bouquet. De fruittonen blijven op de achtergrond met in de lange afdronk een bittertje van amandel. De Greco di Tufo kreeg in 2003 de DOCG-status. Als aperitief, bij visgerechten, schaal- en schelpdieren, risotto met zeevruchten of met funghi porcini (eekhoorntjesbrood), maar ook bij wit vlees, kreeft, zachte, jonge kazen en groenteschotels komt deze wijn uitstekend tot zijn recht.

De passie voor deze wijnen betaalt zich zichtbaar uit. Recent (in november 2011) werd de Fiano di Avellino DOCG bekroond met de ‘Quattro Grappoli’ (vier druiventrossen) van de Bibenda AIS 2012 gids, uitgegeven door de Italiaanse Vereniging van Sommeliers. De ‘Tre Grappoli’ (drie druiventrossen) gingen naar de 2008 Barbassano IGT en de 2010 Greco di Tufo.

Uiteraard werden de wijnen na de rondgang door de wijngaard ook uitgebreid geproefd. Erik en Virna reden ons naar hun favoriete restaurant en de wijn ging natuurlijk mee. Een mooie afsluiting van een bijzonder weekend!’

Ook een kijkje nemen bij Le Masciare en de bekroonde wijn proeven? Voor meer in formatie over de wijn en de wijngaard kun je contact opnemen met Erik via erik [at] lemasciare [punt] com

© tekst en foto’s Marco Louter
Italiëfotografie/specialist | 0031 (0)6-53909406 | marco.almere [at] gmail [punt] com
per 1 maart is ook Marco’s website in de lucht:
www.italiefotografie.nl

feb 27

Deze hypothetische stelling is de titel van een boek dat ik hier in Venetië in de etalage van een boekhandel zag liggen. Uiteraard hoort de titel dan eigenlijk in het Italiaans vermeld te worden: Se Steve Jobs fosse nato a Napoli. Niet alleen een perfecte titel om nu eindelijk die congiuntivo imperfetto in een hypothetische zin goed onder de knie te krijgen, maar ook om mijn nieuwsgierigheid te wekken.

Helaas was de boekhandel dicht, dus ik moest mijn nieuwsgierigheid bedwingen tot de volgende dag. Dat was misschien maar goed ook, want toen ik het boek eenmaal in handen had en was begonnen met lezen, kon ik niet meer stoppen. Want inderdaad, wat als…

Twee jongens die in een garage de computer van de toekomst uitvinden: licht, snel, met een innovatief design, die niet zomaar uitvalt en geen virussen toelaat. Als we in Amerika zouden zijn, zou dit verhaal een happy end kennen, bestaande uit geld, roem en succes. Zo is het gegaan voor Steve Jobs en zijn Apple.

Maar we zijn in Napels, waar geniale ideeën niet genoeg zijn om een leven te veranderen. Dat weten Stefano Lavori en Stefano Vozzini maar al te goed. Deze jongens wonen in de Quartieri Spagnoli (de Spaanse wijk). Om hun revolutionaire computer te verkopen, lopen ze tegen alle mogelijke moeilijkheden aan en zien ze het slechtste van Italië voorbijkomen.

Zo krijg je in Italië alleen een lening als je al geld hebt, gelden de regels alleen voor stommelingen (aangezien slimmeriken allemaal hun eigen regels schrijven), weten alleen vrienden van vrienden beurzen of prijzen te bemachtigen en sluit de bureaucratie de ogen voor kinderen van rijke ouders met genoeg geld, terwijl arme jongelui het zwaar te verduren krijgen.

Toch laten de twee slimmeriken zich niet uit het veld slaan. Ze weten dat ze iets goeds in handen hebben. Als echter de camorra zich ermee gaat bemoeien, gaat hun droom letterlijk in rook op. Zo lijkt het althans…

Wat bijzonder is aan het verhaal, is niet alleen de originele invalshoek, maar ook de ontstaansgeschiedenis. De basis voor het verhaal werd namelijk geschreven als blogpost, nadat de auteur had gehoord dat Jobs was overleden. In slechts een paar uur tijd wist het artikel ruim 500.000 mensen over de hele wereld te bereiken – en te raken.

De conclusie is duidelijk: als Steve Jobs in Napels was geboren, zou er nooit een Apple zijn geweest. Misschien had Jobs dan wel op de markt gestaan om appels te verkopen, zo suggereert de auteur. Dan hadden we in elk geval nu geen mooie MacBooks en iPhones gehad, en waren we niet zo gewend geraakt aan het appeltje.

Om dat duidelijk te maken, heeft de auteur een meer dan treffend logo gevonden voor op het omslag: een klokhuis. Geen blinkende appel, waar een mooie hap uit is genomen die vast naar meer smaakt. Geen verwachtingsvolle vrucht die – ondanks het ontbreken van kleur – lijkt te blozen. Nee, in Napels is de situatie heel wat schrijnender en dat wordt door het iele klokhuis mooi gesymboliseerd. Al zou de auteur alleen al voor het opschrijven van deze ‘wereld op zijn kop’-gedachte veel meer verdienen dan iets wat je zomaar weggooit en dat snel vergaat.

Laten we hopen dat het boek mensen aan het denken zet, zodat de jongeren in Napels en de rest van Italië hoop op een gouden toekomst krijgen en zich in plaats van met een klokhuis kunnen identificeren met een mooie, sterke appelboom, diep geworteld maar met takken die naar de hemel rijken en elk jaar de mooiste bloesems en de lekkerste appels dragen.

dec 22

Speciaal voor deze donkere dagen een recept dat de zon in je keuken tovert! Loes Janssen Miraglia heeft vandaag gekozen voor de pizza margherita, een pizza met tomaten, mozzarella en basilicum.

Loes: ‘Uit Napels en de regio Campanië komen gastronomische producten die wereldwijd hun weg hebben gevonden. Mozzarella (van buffel- en van koemelk) bijvoorbeeld. En pizza natuurlijk. De oerpizza is de pizza Margherita met tomaat, mozzarella en verse basilicum. De pizza dankt zijn naam aan koningin Margaretha van Savoye. Zij was de vrouw van Umberto I. Koningin Margaretha kwam in 1889 in Napels terecht en wilde een lokale specialiteit proeven. En dus bereidde de beste pizzabakker van Napels, Raffaele Esposito, voor haar een pizza in de kleuren van de Italiaanse vlag. Een klassieker! En nog altijd een van mijn persoonlijke favorieten, met dank aan Mario, ja zo heet hij echt (!), onbetwist de beste pizzaiolo van Catania en omstreken.’

Ingrediënten
(voor 2 pizza’s)

Deeg:
300 gr bloem
flinke snuf zout
snufje kristalsuiker
10 gram verse gist
1 eetlepel olijfolie

Condimento (beleg):
600 gr rijpe tomaten*
2 eetlepels olijfolie
1 theelepel gedroogde oregano
zout en zwarte peper
250 gr mozzarella (van koemelk of van buffelmelk)**
verse basilicum

*Gebruik in plaats van verse saus eventueel 400 gram gezeefde tomaten.
**Mozzarella van buffelmelk verliest in een hete oven veel vocht. Zorg er daarom voor dat de mozzarella goed is uitgelekt.

Bereid het deeg. Zeef de bloem en meng deze met het zout en de suiker in een grote kom. Verkruimel de gist en meng deze met 150 ml lauw water. Voeg dit aan de bloem toe. Voeg ook de olie aan de bloem toe en kneed net zolang totdat een glad en soepel deeg is ontstaan. Let op: het deeg moet soepel zijn maar niet plakkerig. Voeg indien nodig nog wat extra bloem of water toe.

Kneed het deeg tot een bal, bedek deze met een schone theedoek op een met bloem bestoven werkvlak en laat het op kamertemperatuur circa 3 uur rijzen.

Bereid il condimento. Breng een middelgrote pan water aan de kook. Maak kruisvormige inkepingen aan de onderkant van de tomaten en blancheer ze in kokend water (totdat de schil aan de onderkant loslaat). Haal de tomaten met een schuimspaan uit het water, verwijder de schil en de zaden en snijd ze in stukjes.

Verhit 2 eetlepels olijfolie in een pannetje en voeg de tomaten en de oregano toe. Laat het geheel circa 15 minuten inkoken. Breng op smaak met zout en peper en laat afkoelen. Laat de mozzarella grondig uitlekken.

Kneed het deeg nog eens door, verdeel het in twee porties en rol één portie (handmatig of, als dat te zwaar blijkt te zijn, met een deegroller) uit op een met olijfolie ingevette bakplaat. Vorm de randen met de vingertoppen. Verdeel de helft van de tomatensaus over de pizza en bak deze circa 10 minuten in een op 250 graden voorverwarmde oven. Het beste (en tevens smakelijkste) resultaat wordt uiteraard verkregen in een houtoven!

Verkruimel de helft van de mozzarella over de pizza heen en schuif de pizza circa 5 minuten in de oven (of totdat de kaas is gesmolten). Garneer de pizza met basilicum, giet er wat olijfolie over (a crudo) en dien onmiddellijk op.

Herhaal bovenstaande handelingen voor de tweede pizza.

recept & foto: Loes Janssen Miraglia (uit Italiaans vegetarisch)

PS: Meer lezen over de pizza? Via deze link vind je grappige weetjes over de perfecte pizza, de grootste pizza of de duurste pizza. Leuk om mee te strooien tijdens een pizza-avond!

dec 20

Voor zover bekend is Artemisia Gentileschi de enige vrouw die een beroemde Annunciatie heeft geschilderd. Artemisia werd geboren in Rome, waar ze van haar vader, Orazio Gentileschi, leerde hoe ze het penseel moest hanteren. Op advies van haar vader ging ze in de leer bij Agostino Tassi, een schilder die voornamelijk landschappen vastlegde.

Tassi leerde Artemisia de kunst van het perspectief, maar maakte misbruik van zijn positie als leraar. Hij misbruikte Artemisia en zou haar vader hebben bestolen. Na een langdurig en ingewikkeld proces werd Tassi weliswaar voor korte tijd achter de tralies gezet, maar voor Artemisia was er al te veel verloren gegaan. Ze keerde Rome de rug toe en trouwde met de Florentijn Pierantonio Stiattesi, met wie ze naar Florence trok.

Hier werd ze in 1616 als eerste vrouw ooit toegelaten tot de Accademia dell’Arte del Disegno, de meest vooraanstaande kunstacademie. Artemisia schilderde in de stijl van Caravaggio en maakte net als hij veel gebruik van chiaroscuro, een schildertechniek waarbij het contrast tussen licht en donker wordt uitvergroot.

In Florence schilderde ze een aantal van haar beroemdste werken, waaronder Judith onthoofdt Holofernes (nog steeds te zien in de Galleria degli Uffizi) en Maria Magdalena (te bewonderen in het Palazzo Pitti). Toch bracht ook Florence haar geen geluk. Haar huwelijk met Pierantonio Stiattesi liep stuk en ze keerde terug naar Rome, vanwaar ze naar Venetië en Napels reisde. Hier schilderde ze naar alle waarschijnlijkheid haar Annunciatie, die bovenaan dit stukje prijkt, met twee krachtige vrouwenfiguren en een prachtig spel van licht en donker.

Deze Annunciatie is in het bezit van het Museo di Capodimonte in Napels. Volgens een aantekening van Suor Plautilla Nelli zouden er nog twee Annunciaties moeten bestaan, die in het bezit zouden zijn van twee rijke Florentijnse dames. Daarover is echter helemaal niets terug te vinden; voor zover bekend is het bovenstaande doek de enige Annunciatie van Artemisia’s hand.

Wie meer werken van Artemisia Gentileschi wil zien, kan nog tot en met 29 januari 2012 terecht in het Palazzo Reale in Milaan, waar de tentoonstelling Artemisia Gentileschi – Storia di una passione gewijd is aan het werk van Artemisia. De tentoonstelling laat vooral werken zien uit vier verschillende fasen van Artemisia’s leven: haar tijd in Rome, met haar vader als leraar, haar tijd in Florence, haar terugkeer in Rome en de laatste jaren van haar leven in Napels, waar ze in 1653 overleed.

Wie geen gelegenheid heeft de tentoonstelling te bezoeken, kan gratis de unieke app Artemisia Gentileschi (voor iPhone en iPad) downloaden. De app is namelijk niet alleen een audioguide voor de tentoonstelling, maar tevens een ontdekkingsreis door het leven en de werken van Artemisia.

Je zit als het ware aan Artemisia’s bureautje en kan haar spulletjes, kaarten en geschriften aanraken. Zo leer je haar kennen, als vrouw en als schilder. Haar verhaal komt in woord en beeld tot leven, haar passie, doorzettingsvermogen en talent spatten van het scherm af. Dankzij de moderne techniek duik je als het ware in haar werk en kun je inzoomen tot je zelfs de kleinste details kunt zien.

Wie nog dieper in het leven van Artemisia wil duiken, moet de boeiende roman lezen die Susan Vreeland over deze opzienbarende kunstenares schreef, maar daarover morgen meer!

nov 04

Wie Italië zegt, denkt aan zomerse vakanties in de heuvels van Toscane. Maar je kunt natuurlijk ook in de winter volop van de Italiaanse sfeer genieten! Tijdens een skivakantie bijvoorbeeld, in de prachtige bergachtige regio’s in het noorden. Geen wintersport-liefhebber? Ga dan eens op een romantische winterse citytrip en geniet van de Italiaanse kerstsfeer.

Van de sneeuw tot aan de kerststal neemt de redactie van De Smaak van Italië je in de nieuwe editie, die vanaf vandaag verkrijgbaar is, mee op ontdekkingstocht door winters Italië, met de beste tips en bestemmingen.

Een klein voorproefje van alle winterse feesten, kerstmarkten, winterse uitjes en warme recepten die in dit nummer de revue passeren:

Carnaval in Venetië – een onovertroffen openluchttoneel
Venetianen zeggen vaak dat ze de stad het liefst zouden ontvluchten tijdens het carnaval. Dat ze zich liever verre houden van de drommen bezoekers die voor het feest naar Venetië komen. Desondanks houden ze allemaal wel van ‘hun’ carnaval. Ze vieren het wel, maar onder elkaar, op minder drukke dagen en op plekken waar toeristen doorgaans niet komen. De Smaak van Italië ging mee naar die plekken, om het carnaval van de Venetianen te ontdekken.

Naast deze prachtige reportage bevat De Smaak van Italië een bijzonder verhaal van Donna Leon, over het Casinò van Venetië.

Feest op tafel
Venetianen weten niet alleen de stad, maar ook de dinertafel om te toveren tot een feestelijk decor. Vier de feestdagen dit jaar op Venetiaanse wijze met heerlijke en prachtige gerechten uit de stad van het water, zoals spaghetti con vongole e calamari en risotto di verdure.

Caffè – Italiaanse koffie uit en thuis
Speciaal voor de koude wintermaanden: allerlei leuks en lekkers rondom Italiaanse koffie. Van recepten tot tips voor de beste koffieadresjes, van accessoires tot de koffie zelf – na het lezen van onze koffiepagina’s kijk je heel anders naar je espresso of cappuccino!

Wintersport in Italië
Wie wil skiën of snowboarden in Italië hoeft niet ver af te dalen in de laars: de beste wintersportgebieden bevinden zich, uiteraard, in de noordelijke regio’s Valle d’Aosta, Piemonte, Lombardije, Veneto en Trentino-Alto Adige (Zuid-Tirol). De pistes zijn enorm uitgestrekt en variëren qua moeilijkheidsgraad van zeer uitdagend tot geschikt voor beginners. De keuze aan bestemmingen is zelfs zo overweldigend dat je misschien door de bomen het bos niet meer ziet. De Smaak maakte een kleine selectie van de mooiste skigebieden!

Kerstmis in Italië
De bijzonderste kerstmarkten vind je in Trento, Bolzano, Turijn, Milaan en Napels. In Napels is het sowieso het hele jaar door een komen en gaan van herders en koningen. In de Via San Gregorio Armeno staan zij 365 dagen per jaar uitgestald, in allerlei soorten en maten. De Smaak van Italie wandelt 24 uur lang door Napels, maar geeft ook tips voor de andere kerstmarktbestemmingen.

Merano – kerst in adellijke sferen
Deze bestemming lichten we extra uit, omdat het er zo bijzonder is in deze tijd van het jaar! De één viert kerst het liefst op z’n Oostenrijks. Met houten kerstkraampjes, glühwein en besneeuwde bergen op de achtergrond. De ander rilt alleen al bij de gedachte daaraan. Liever palmbomen dan dennenbomen, ook in december. Er is maar één plek die beide uitersten verenigt… en dat is Merano.

Rondreizen met Giulia – Sicilië per klassieker
Helemaal in het diepe zuiden van de laars wordt het bijna geen winter. Een van de Smaak-redacteuren reisde daarom af naar Sicilië: ‘Het brullende geluid van een motor klinkt over het piazza van een Siciliaans dorp. Een witte Alfa Romeo uit 1977 komt recht voor het terras tot stilstand. Dat hij dubbel geparkeerd staat, hindert blijkbaar niemand. Met een stralende lach stapt Ben Hofman uit zijn auto. Hij zal ons meenemen op een bijzondere rondreis door Sicilië. In een Italiaanse klassieker.’

De novembereditie van De Smaak van Italië ligt vanaf vandaag in de winkel (of op de deurmat bij de abonnees). In de tijd dat jullie al deze winterse artikelen kunnen lezen en de prachtige foto’s van met name het Carnaval in Venetië bekijken, gaan mijn collega’s en ik alweer volop aan de slag met het eerste nummer van 2012, met onder andere een citytrip Pisa, een reis langs het Lago d’Iseo, het mooiste meer van Lombardije, en – als extraatje – een gids met 101 bijzondere overnachtingsmogelijkheden in la bella Italia. Vervelen is er deze winter dus zeker niet bij…

Ook werken bij De Smaak van Italië ?
DSV Media is per 1 december 2011 op zoek naar een stagiair(e) voor magazine De Smaak van Italië en vakblad Italië in Bedrijf. Ben je tweede- of derdejaars student (hbo of universiteit) en zoek je een stageplek voor minimaal vijf maanden? Heb je een passie voor tijdschriften, reisgidsen, websites en andere vormen van media? Ben je creatief en visueel ingesteld of juist organisatorisch sterk, perfectionistisch en een ster met taal? Heb je Italië door je aderen stromen?

Dan ben jij wellicht onze nieuwe stagiair(e)! Stuur ons een korte motivatie en een uitgebreid CV en wie weet mag  jij dan vanaf 1 december meewerken aan het mooiste magazine over Italië. Je kunt je motivatie en CV per e-mail sturen aan Willemijn van Dijk (w.vandijk@dsvmedia.nl), adjunct-hoofdredacteur van De Smaak van Italië.

okt 07

Speciaal voor de lezers van Ciao tutti vandaag een recept uit de keuken van Loes Janssen Miraglia, schrijfster en fotograaf van onder andere Sicilicious en Italiaans vegetarisch. De komende tijd zal Loes jullie (en mij) elke twee weken verrassen met een bijzonder Italiaans recept.

De eer van het eerste recept in deze reeks is voor carne alla pizzaiola, oftewel rundvlees uit de pan dat op smaak is gebracht met gepelde tomaten, knoflook en oregano. Het is een typisch Italiaans gerecht waar jong en oud van kunnen genieten. Vooral Italiaanse kinderen likken hun vingers erbij af.

Carne alla pizzaiola komt oorspronkelijk uit de omgeving van Napels, de grootste stad van de Mezzogiorno. De Franse schrijver Stendhal beschreef het stokoude, bruisende Napels als onbetwist de mooiste stad van het heelal. En er is heel wat te zien in en om Napels: het kasteel (Castel Nuovo) uit 1280 bijvoorbeeld, de kerk van Francesco di Paolo en het San Carlo-theater uit 1737. Of de beroemde baai van Napels met de actieve vulkaan Vesuvius en de Napoletanen zelf natuurlijk.

Uit Napels en de regio Campanië komen gastronomische producten die zich wereldwijd verspreid hebben. Pizza bijvoorbeeld. En mozzarella van buffelmelk. De oerpizza is de pizza Margherita met tomaat, buffelmozzarella en verse basilicum. De pizza dankt zijn naam aan koningin Margaretha van Savoye. Zij was de vrouw van Umberto I. Koningin Margaretha kwam in 1889 in Napels terecht en wilde een lokale specialiteit proeven. En dus bereidde de beste pizzabakker van Napels, Raffaele Esposito, voor haar een pizza in de kleuren van de Italiaanse vlag.

De Napoletanen beweren ook de uitvinders van het roomijs te zijn. Nu is die uitspraak omstreden want meer Italiaanse regio’s claimen dit. Feit is wel dat er verrukkelijk roomijs uit Napels komt. Verder staat de stad bekend om zijn uitmuntende koffie (die wij in Nederland kennen als espresso). In sommige bars wordt deze koffie in een gloeiendheet, transparant glaasje geserveerd. Hoewel het originele recept voor carne alla pizzaiola (of kortweg ‘pizzaiola’) uit Napels komt, beperkt het gerecht zich al lang niet meer tot huishoudens in de regio Campanië.

Ingrediënten
voor4 personen

4 dungesneden lappen rundvlees (circa 700 gram)
500 gram gepelde tomaten (vers of uit blik, maar let op: als de tomaten vers zijn, moeten ze heel rijp zijn)
2 teentjes knoflook
olijfolie van de eerste persing
gedroogde oregano
zeezout

Bereidingstijd
circa 30 minuten

Verhit de grilpan (zonder olie of boter). Bak de runderlapjes in enkele minuten op hoog vuur aan alle zijden goudbruin. Haal het vlees uit de pan en zet het apart.

Pel de teentjes knoflook en snijd ze in stukjes. Verhit enkele eetlepels olijfolie in een brede koekenpan. Voeg de knoflook toe en de tomaten. Laat de saus enkele minuten op hoog vuur koken zodat de tomaten snel droger worden. Voeg een snufje zout en het vlees toe aan de tomatensaus.

Bestrooi het gerecht royaal met oregano. Voeg ook een scheutje olijfolie toe. Laat het gerecht nog een minuutje op hoog vuur staan. Let op: de kooktijd van dit gerecht mag nooit meer dan 10 minuten bedragen. Bestrooi het gerecht met versgemalen zwarte peper en dien het onmiddellijk op, met lekker versgebakken brood erbij.

Tips ter variatie:
*gebruik in plaats van knoflook 1 grote, fijngesneden ui
*bedek elk runderlapje met saus net voor het opdienen met een plakje kaas die gemakkelijk smelt

Loes Janssen Miraglia

Meer recepten van Loes Janssen Miraglia op tafel toveren? Met de recepten uit Sicilicious en Italiaans vegetarisch kun je je hart ophalen! Bovendien geeft Loes op de website www.desmaakvanitalie.nl elke week een nieuwe recepttip. Houd daarnaast ook Ciao tutti in de gaten, want zoals ik in de eerste alinea al schreef, gaat Loes ons elke twee weken verrassen met een Italiaans recept!

Getagd met:
aug 02

Regelmatig krijg ik de vraag wat mijn lievelingsplek in Italië is. Nu is deze vraag niet zo makkelijk te beantwoorden, want Italië kent zo veel verschillende prachtige plekken dat het moeilijk kiezen is. Wat denk je bijvoorbeeld van Rome in oktober, als de bomen langs de Tiber in de schitterendste tinten kleuren? Of de Amalfikust aan het begin van de zomer, met de zon op de kleurige daken en de geur van citroenen? Ontwaken op het stille Procida, voor de kust van Napels, of Venetië zien opdoemen uit de mist?

Afgelopen weekend was ik echter te gast in een villa die zeker een plek krijgt op het lijstje favoriete plaatsen in Italië. Kijk alleen al maar naar de foto van het bureau waar ik dit stukje tikte:

Deze kamer maakt deel uit van Villa Bismarck, een schitterende villa op Capri. Villa Bismarck werd in 1985 door het Italiaanse ministerie van Cultuur uitgeroepen tot nationaal monument. Het huis werd gebouwd in de tweede helft van de negentiende eeuw, met de Hongaarse schilder Hahn als supervisor. De villa staat boven op de ruïnes van de residentie van de Romeinse keizer Augustus, het beroemde Palazzo a Mare.

Aan het einde van de veertiende eeuw werd het gekocht door de Franse schilder Dubufe, die in deze villa ook lange tijd onderdak bood aan de beroemde componist George Bizet. In 1938 zou Bizet hier zelfs verschillende motieven van Carmen hebben bedacht, geïnspireerd door het geluid van de golven die breken op de kustlijn.

In 1938 werd de villa gekocht door de Amerikaanse Mona Williams, de vrouw van de enorm rijke Harry Schlessinger. Deze excentrieke en grillige dame speelde een belangrijke rol in het sociale leven van het eiland. Mede door Mona verzamelde de crème de la crème van de high society van over de hele wereld zich op het eiland Capri.

Na de dood van haar tweede echtgenoot, in 1953, trouwde Mona met graaf Eddie Von Bismarck, een afstammeling van de beroemde bondskanselier. Ze renoveerden de villa en zorgden ervoor dat zowel het huis als de tuin er weer prachtig bij kwamen te liggen. Mona was dol op tuinieren en besteedde uren aan het verzorgen van de bloemen en planten. Ze hield in het bijzonder van rozen en knipte ze met een gouden schaar, een cadeau van de Griekse reder Onassis, een regelmatige bezoeker bij haar thuis. Mona overleed in Parijs in 1983. Haar erfgenamen verkochten de villa aan de huidige eigenaar.

De tuin, met groene terrassen, is echt de hemel op aarde: citroenbomen, aromatische planten en een prachtig uitzicht op de haven van Capri. In de tuin staat ook een kleine privékapel en bovendien is er een groot terras waar je heerlijk kunt eten, met een moderne en volledig uitgeruste keuken die de gasten de mogelijkheid biedt om in de tuin te koken. Een bijgebouw met een tweepersoonsbed en eigen badkamer maken de tuin compleet.

En dan de villa zelf! De hoofdingang leidt naar een grote woonkamer met banken en een eethoek. Op de begane grond zijn twee suites met privéwoonkamer en badkamer, een tweepersoons slaapkamer, twee éénpersoons slaapkamers en een badkamer met douche, plus een moderne en volledig uitgeruste keuken. Op de eerste verdieping is een heel groot terras (van 300 vierkante meter) met een prachtig uitzicht op de zee en een studio met bureau. Een paar foto’s:

Voor wie na het zien van de foto’s van Villa Bismarck direct naar Capri wil afreizen: Villa Bismarck is te boeken via Rental in Rome. Je kunt daarvoor het beste contact opnemen met Isaac van Aggelen (isaac.vanaggelen@rentalinrome.com).

Deze bijzondere plek inspireerde mij en mijn collega’s bij De Smaak van Italië om op zoek te gaan naar 101 bijzondere accommodaties in Italië, waar je zeker een nachtje wil hebben doorgebracht. Begin volgend jaar, als het nieuwe vakantieseizoen begint, trakteren we onze lezers dan ook op maar liefst 101 bijzondere logeeradressen in Italië; van agriturismi tot design hotels, van safaritenten tot wellness resorts, van bed&breakfasts tot kloosterhotels.

De 101 adressen worden verzameld in een handige bewaargids; een echte must have voor iedereen die de voorkeur geeft aan bijzondere overnachtingen in la bella Italia! De lezers van het magazine De Smaak van Italië ontvangen deze praktische en informatieve gids gratis als speciale bijlage bij het eerste nummer van volgend jaar.

Op dit moment zijn we druk op zoek naar de mooiste, leukste, meest bijzondere adressen in heel Italië. Heb jij een tip voor ons? Laat het mij dan weten via blog@ciaotutti.nl De leukste inzendingen worden beloond met een jaarabonnement op De Smaak van Italië!

preload preload preload