jan 20

Ferragamo is niet het enige modemuseum in Florence. Sinds eind vorig jaar kun je in de stad ook de geschiedenis van Gucci bewonderen. Het in oktober geopende museum in het enorme Palazzo della Mercanzia, aan Piazza della Signoria, toont de 90-jarige geschiedenis van het merk in alle mogelijke facetten.

Het museum beslaat maar liefst 1.700 vierkante meter en telt drie verschillende verdiepingen. Op de begane grond vind je het Gucci-café, een boekwinkel en een Icon Store waar je tassen, accessores en sieraden kunt kopen die speciaal voor het museum zijn ontworpen. Deze onderdelen zijn vrij toegankelijk. Voor het museum zelf moet je een kaartje kopen, maar dat is alleen al vanwege de behuizing de moeite waard.

Een tocht door het museum begint, net als de geschiedenis van Gucci, met de befaamde koffers en andere reisaccessoires. Op de eerste verdieping kun je je vergapen aan tassen en avondkleding, veelal gedragen en geshowd door beroemdheden. Op deze etage vind je ook Flora World, met het bekende Gucci Flora design dat in de jaren zestig door Vittorio Accornero is ontworpen en in 2005 helemaal is gerestyled door niemand minder dan Frida Giannini. De tweede verdieping van het museum is gewijd aan het bekende Gucci-monogram GG. Hier vind je eveneens de lifestyle- en sportruimte met onder meer een Gucci-picknickmand, -schaakspel, -kaarten en –sportitems.

Nog modieuzer is het museum dat Valentino recent opende. Niet alleen vanwege de collectie, maar ook en vooral omdat het een virtueel museum is. Een museum op internet dus, dat je gewoon thuis kunt bezoeken wanneer je maar wil. Het Valentino Garavani Virtual Museum, zoals de volledige naam van het online modemuseum luidt, is via deze link helemaal gratis en voor niets te downloaden.

Als je dat eenmaal hebt gedaan, maak je een virtuele wandeling langs circa 300 creaties, die je van alle kanten kunt bekijken en die allemaal van uitleg zijn voorzien. Hoe werd de jurk gemaakt, waar werd de creatie voor het eerst geshowd en wie was de gelukkige drager? Een van de topstukken is de jurk waarin Jackie Kennedy in 1968 met Aristoteles Onassis in het huwelijk trad. Je kunt de stof voor je gevoel bijna aanraken, en stapt in je verbeelding zo in haar schoenen…

Daarnaast omvat het museum ruim vijfduizend schetsen die Valentino gedurende zijn vijftig jarige carrière tekende, bijna honderd modeshows en een uitgebreide verzameling Valentino-foto’s en –campagnes.

Het is maar goed dat de modegoeroe hiervoor geen ruimte hoeft te huren in een van de dure palazzi in Florence, Rome of Milaan. Als het museum echt zou zijn gebouwd, zou het namelijk ruim 10.000 vierkante meter beslaan…

Al is het wel jammer dat je nu niet, zoals in het Gucci-museum, na een wandeling langs de collectie kunt neerstrijken in het museumcafé, om heerlijk te mijmeren over de verrassende creaties en na te genieten de inspirerende energie die zo’n museumbezoek altijd oplevert. Die stop ik nu, een beetje vervreemd na zo’n virtueel museumbezoek, dan maar in een virtueel blogstukje. En als jullie dan allemaal het museum bezoeken, kunnen we toch nog samen napraten! Ci vediamo da Valentino!

Getagd met:
jan 19

Een van de fijnste Italiaanse gewoonten is la passeggiata, een avondwandeling die niet alleen door oude mensen wordt gemaakt maar waar het hele dorp of de hele stad voor warm loopt. Men loopt door de hoofdstraat, waar mogelijk van plein tot plein, in een kalm tempo, onderwijl keuvelend over, hoe kan het ook anders in Italië, eten. Over wat er tijdens de lunch op tafel stond, en over wat er straks, als iedereen is uitgewandeld, op het menu staat.

Voor de kinderen wordt er een ijsje gekocht, oudere mannetjes maken een korte tussenstop voor een kopje koffie aan de bar, er wordt een sigaret opgestoken en er worden afspraakjes gemaakt. Terwijl ze aan de arm van hun moeders of vriendinnen in laag tempo langs de etalages wandelen, bekijken jonge meisjes in de spiegelende ruiten hun haar, hun kleding of de jongen op wie ze een oogje hebben en die met zijn familie of vrienden juist de tegenovergestelde richting op wandelt.

Duidelijk is dat iedereen zich veel moeite getroost heeft om er op zijn paasbest uit te zien. La passeggiata is dan ook niet zomaar een wandeling; het is een ritueel. Een soort openbare keuring – waarvoor zowel mannen als vrouwen dan ook hun mooiste kleding uit de kast trekken. Zeker in een stad als Florence…

Want hoewel Milaan de naam van modestad met verve en van nature draagt, past deze naam zeker ook meer dan goed bij de hoofdstad van Toscane. Niet alleen omdat je ook hier de mooiste etalages ziet, vol designer jurkjes en vintage schoenen, maar ook omdat Florence de thuishaven is van veel bekende ontwerpers.

Eerder schreef ik al over het prachtige Ferragamo-museum dat in het modedistrict van Florence, rondom de Via de’ Tornabuoni, is gevestigd. Dit bijzondere museum, dat gevestigd is in het dertiende-eeuwse Palazzo Spini-Feroni, geeft door middel van meer dan 10.000 schoenen een beeld van de carrière van de bekende Florentijnse ontwerper en van zijn unieke collectie. Een must voor alle vrouwen (en mannen) die de verleiding voor een nieuw paar schoenen maar moeilijk kunnen weerstaan!

Maar Ferragamo is ook elders in de stad aanwezig. Zo heeft hij zijn naam gegeven aan een aantal superdeluxe hotels aan de oevers van de Arno. Eerst een paar foto’s zodat jullie dezelfde indruk krijgen als ik en echt even over mijn schouder mee kunnen kijken:

Een van de Ferragamo-hotels is Hotel Lungarno, dat niet alleen gasten van over de hele wereld herbergt maar tevens elke dag onderdak biedt aan een collectie van circa zeshonderd originele kunstwerken, waaronder een Picasso. Voor kunst hoef je de deur dus niet uit. Voor een mooie blik op de stad evenmin. Het hotel ligt in de wijk Oltrarno, pal aan de oever van de Arno, en biedt een prachtig uitzicht op de Ponte Vecchio en de koepels, kerken en daken aan de overkant.

Ook Hotel Continentale, eveneens een telg in de Ferragamo-familie, aan de overkant is vanuit Hotel Lungarno goed te zien. Dit hotel is wat strakker en moderner dan zijn weerspiegeling aan de andere zijde van de Arno. Het publiek is hier ook wat jonger en hipper, zeker rond aperitivo-tijd, na la passeggiata. De aanwezigheid van een schitterend dakterras met nog schitterender uitzicht op de stad en de omliggende heuvels helpt hier natuurlijk ook bij, zeker ook omdat deze prachtige plek ook toegankelijk is voor niet-hotelgasten die willen genieten van een drankje op niveau.

Het Gallery Hotel Art, het eerste designhotel van de stad, hoort eveneens bij de Ferragamo-familie. Ook hier veel jonge, hippe Florentijnen, met een hoog creativiteitsgehalte en een perfect gevoel voor stijl. Iedereen komt op zijn mooist de bar binnen, ook op een gewone doordeweekse avond. Na een drankje en een hapje schuiven ze aan in het fusion-restaurant dat bij het hotel hoort. Van crisis is hier geen sprake…

Voor wie iets minder luxe wil slapen, maar toch graag zijn hoofd eens op een Ferragamo-kussen te rusten wil leggen, is er aan de overkant het recent geopende Lungarno Suites. Geen hotel in de strikte betekenis van het woord (de gemeente had namelijk verboden om nog meer hotels te bouwen), maar een appartementencomplex. Elk appartement heeft een prachtige keuken, maar er is geen restaurant. Gelukkig kun je als gast altijd aanschuiven bij een van de andere hotelrestaurants.

De kwaliteit van de hotels wordt regelmatig getest door niemand minder dan Leonardo Ferragamo, directe afstammeling van Salvatore, zelf. Niets wordt aan het toeval overgelaten, zeker niet tijdens de grote mode-events in de stad, zoals Pitti Immagine nu in januari. De hotels zijn dan ook heel populair – het is onmogelijk om er tijdens zo’n modegebeuren een kamer te krijgen.

Gelukkig mag ik wel even een kijkje nemen in alle hotels en suites. Ik geniet van elke seconde, van het adembenemende uitzicht boven op Hotel Continentale tot de enorme badkamers (die soms groter zijn dan mijn werkruimte), van de echte Picasso tot de lekkere hapjes tijdens het aperitivo-buffet. Voorlopig is het genoeg om van een verblijf hier te dromen; van alle moois zou ik geloof ik toch niet snel de slaap kunnen vatten… Wie dat toch wil proberen en een nachtje in een van Ferragamo’s fantastische hotels wil slapen, kan een kijkje nemen op de website www.lungarnocollection.com.

Voor de echte liefhebbers van luxe is er overigens nog een ander Ferragamo-pareltje. Verderop langs de Arno, ter hoogte van de Ponte Santa Trinità. In het Palazzo Capponi, waar Hannibal Lecter in het vervolg op de film Silence of the lambs zijn toevlucht zocht, kun je een suite huren die net zoveel moois te bieden heeft als de stad zelf. Aan alles is gedacht: hemelbedden, kroonluchters van Murano-glas, badkamers vol marmer en als klap op de vuurpijl een balzaal met schitterende fresco’s.

Je zou bijna niet meer naar buiten willen om de stad te verkennen, hetgeen toch niet helemaal de bedoeling is van een weekendje Florence. Ik houd het daarom liever bij dromen. Dromen over een nachtje luxe slapen in deze luxueuze hotels, over een butler die je ’s ochtends wekt met een schuimige cappuccino, over dikke badjassen en echte Picasso’s. Om ontnuchterd wakker te worden en jullie door middel van dit stukje heel even mee te laten dromen voor de nieuwe dag begint… Sogni d’oro dus allemaal, voor heel even, en dan snel weer over tot de orde van de dag. Buona giornata!

aug 08

Vandaag wandelen we door het centrum van Milaan, zodat jullie een beetje een indruk krijgen van wat jullie komende dagen staat te wachten. In de loop van deze en volgende week komt een aantal bezienswaardigheden uitgebreid aan bod en krijgen jullie wat Milanese recepten die de smaak van de stad en de omgeving naar het noorden brengen.

We beginnen op het Piazza del Duomo. Het gebied rond de Duomo was in de vierde eeuw het religieuze hart van Milaan. Tot de veertiende eeuw stonden hier de basilieken Santa Tecla en Santa Maria Maggiore en de doopkapellen San Giovanni alle Fonti en Santo Stefano. Al deze gebouwen moesten worden gesloopt om plaats te maken voor de gigantische kathedraal.

In die tijd was heel Milaan maar iets groter dan wat nu het oude stadshart is: het huidige Piazza della Scala (op een steenworp afstand van de Duomo) lag aan de rand van de stad! Je kunt je wel voorstellen hoe groots de Duomo oogde, en hoe indrukwekkend de aanblik van deze kerk was. Ook nu nog maakt de Duomo een onvergetelijke indruk. Het is bijna onmogelijk om alle details van de voorgevel in je op te nemen.

© foto Giovanni Dall’Orto

Een bezoek aan het dak van de Duomo is eigenlijk een must als je in Milaan bent. Het is een unieke ervaring op het dak van de kerk rond te lopen, waar eveneens veel prachtige beelden te zien zijn. Ook heb je vanaf hier een schitterend uitzicht op de stad en – met helder weer – op de besneeuwde bergtoppen.

Vanaf de Duomo zie je ook goed het stratenplan van Milaan. Pas in de negentiende eeuw werden er vanaf het Piazza del Duomo brede straten aangelegd. Ook de enorme winkelgalerij met glazen koepel staat er nog niet zo heel lang. Rond 1860 werden de vervallen gebouwen rondom de Duomo gesloopt om plaats te maken voor de Galleria Vittorio Emanuele II, die na de Italiaanse eenwording hét symbool van Milaan werd.

De chique winkelgalerij moest het Piazza del Duomo verbinden met het Piazza della Scala en maakte deel uit van een groots stadsvernieuwingsproject. De vloer van de centrale achthoekige ruimte onder de 47 meter hoge koepel is versierd met verschillende mozaïeken (waarover overmorgen meer); de mozaïeken op de bogen stellen de continenten Azië, Amerika, Afrika en Europa voor.

Aan het andere uiteinde van de Galleria ligt het Piazza della Scala, dat zijn naam dankt aan het wereldberoemde operagebouw Teatro alla Scala, dat door Giuseppe Piermarine is gebouwd op de plek waar eerst de Santa Maria della Scala stond, een kerk die was gebouwd voor Regina della Scala, de vrouw van een van de Visconti’s.

Het theater werd op 3 augustus 1778 ingewijd met een opera van Antonio Salieri. La Scala werd in 1943 gebombardeerd, maar drie jaar later weer in volle glorie herbouwd. De traditionele gala-avond waarmee het operaseizoen begint, vindt altijd plaats op 7 december, de feestdag van Sant’Ambrogio, de beschermheilige van Milaan. De zaal telt wel 2015 zitplaatsen – het moet geweldig zijn hier op de planken te staan en al die mensen in vervoering te brengen!

Via de Piazza San Fedele en de Via Agnello lopen we naar de Corso Vittorio Emanuele II, een van de belangrijkste winkelstraten van Milaan. Deze enorm indrukwekkende winkelstraat volgt de route van een oude Romeinse straat, de Corsia dei Servi (slavenlaantje). Deze straat was in 1628 het toneel van broodrellen, die Manzoni beschrijft in zijn beroemde werk I promessi sposi. Nu is het er net zo druk als tijdens die rellen, maar dan met winkelende mensen, druk bellende zakenmensen en winkeliers uit de buurt die even snel een espresso komen drinken.

Aan het einde van deze winkelstraat ligt de San Babila, een Romaanse kerk uit de elfde eeuw. De kerk staat in schril contrast met de andere gevels aan het gelijknamige plein, die allemaal in 1927 zijn gerenoveerd onder leiding van Albertini. De gevels van de kantoren, winkels en luxe-appartementen geven een perfect beeld van de functionele manier waarop het fascistische gemeentebestuur uit die tijd zich bezig hield met planologie.

Hier in de buurt vind je het huis van Alessandro Manzoni, de auteur van het net genoemde I promessi sposi. Manzoni woonde hier van 1814 tot 1873, toen hij na een val van de trappen van de San Fedele aan zijn einde kwam. Het perfect bewaard gebleven interieur bevat onder andere het vertrek waar Manzoni in 1862 Garibaldi ontving en zes jaar later Verdi ontmoette. Het meest indrukwekkend vond ik echter de enorme bibliotheek, met een collectie van meer dan 40.000 boekwerken!

De buurt waarin het huis van Manzoni zich bevindt, wordt ook wel Quadrilatero d’Oro (gouden vierhoek) genoemd. De Via Manzoni, de Via Monte Napoleone, de Corso Venezia en de Via della Spiga vormen een vierkant waarbinnen alle belangrijke modeketens een winkel hebben: Valentino, Gucci, Armani, Cartier, Prada, Chanel, Versace… Hier vergaap je je aan de mooie etalages en aan de mensen die bepakt en bezakt met hun nieuwe aanwinsten naar buiten wandelen.

Een van de bekendste bezienswaardigheden van Milaan ligt aan de andere kant van de stad. In het klooster dat bij de Santa Maria delle Grazie hoort, schilderde Leonardo da Vinci zijn Laatste Avondmaal. De positie van de apostelen, hun gezichten en de gebruikte symbolen hebben in de loop der tijd voeding gegeven aan verschillende complottheorieën, waarvan de bekendste natuurlijk wordt uitgewerkt in De Da Vinci Code van Dan Brown. Volgende week staan we wat uitgebreider stil bij Leonardo’s apostelen.

Aan de nabijgelegen Corso Magenta, met zijn chique winkels en historische gebouwen, vind je op nummer 65, net voorbij de kerk, het gebouw waar Da Vinci verbleef toen hij aan het Laatste Avondmaal werkte. Hier is nu een chique boekhandel, Libreria degli Atellani, gevestigd. Op nummer 61 staat het Palazzo delle Stelline, ooit een weeshuis voor meisjes en nu een congrescentrum. Op de hoek met de Via Carducci, die de oorspronkelijke loop van het Navigli-kanaal volgt, is Bar Magenta gevestigd, een van de oudste barretjes van Milaan. Hier schenken ze al koffie sinds het begin van de negentiende eeuw!

Aan het Piazza Sant’Ambrogio staat de gelijknamige kerk, die voor de Milanezen eigenlijk nog belangrijker is dan de Duomo, aangezien de kerk is gewijd aan de patroonheilige van de stad. Deze kerk vereren we volgende week met een uitgebreid bezoek!

Rechts van de Sant’Ambrogio bevindt zich de Università Cattolica del Sacro Cuore, gevestigd in het oude benedictijner klooster. De universiteit werd in 1921 opgericht door pater Agostino Gemelli. De twee kruisgangen, met Ionische en Dorische zuilen, zijn twee van de vier zuilen die Bramante in 1497 had ontworpen. Deze universiteit is een van de meest gerenommeerde onderwijsinstellingen van Italië. Neem zeker even een kijkje in de aula magna met zijn schitterende gewelfde plafonds. Ook al ben je geen student, je mag hier gerust even naar binnen lopen!

Ook de Pinacoteca Ambrosiana is een bezoek meer dan waard. Dit museum werd al in 1618 opgericht, door kardinaal Federico Borromeo, de neef van San Carlo en diens opvolger als aartsbisschop van Milaan. Het museum maakte deel uit van een groot cultureel project, dat ook de Bibliotheca Ambrosiana en de Accademia del Disegno omvatte. Het museum moest vooral een inspiratiebron zijn voor jonge kunstenaars. De collectie omvat onder meer werken van Caravaggio, Botticelli, Rafaël en Titiaan. De Bibliotheca Ambrosiana, die in het museum gevestigd is, heeft een collectie van meer dan 75.000 boeken, waaronder meer dan duizend pagina’s van de Codex Atlanticus van Leonardo da Vinci.

Een ander groot Milanees museum bevindt zich in het Castello Sforzesco, aan het eind van de Via Dante, een van de chiquere straten van de stad. Het Castello werd in 1368 door de Visconti’s gebouwd en later in opdracht van de Sforza’s verfraaid en verbouwd tot een schitterend renaissancepaleis. Onder Francesco Sforza, die vanaf 1450 heer van Milaan was, en zijn zoon Lodovico il Moro bood het Castello plaats aan een van de meest luisterrijke hoven van de renaissance. Leonardo da Vinci en Bramante kwamen er regelmatig en werkten aan menig opdracht voor de Sforza’s.

Tijdens het bewind van de Spanjaarden en de Oostenrijkers raakte het kasteel in verval en kreeg het zijn oorspronkelijke militaire functie weer terug. Het werd uiteindelijk door Luca Beltrami van de sloop gered. Beltrami restaureerde het Castello tussen 1893 en 1904 en verbouwde het tot een belangrijk museumcentra, de Musei Civici, die nog tot op de dag van vandaag in het kasteel gehuisvest zijn.

De middelste toren aan de voorzijde, de Filarete-toren, werd in 1521 verwoest toen het buskruit dat er lag opgeslagen explodeerde. De toren werd in 1905 herbouwd door Beltrami, die hierbij uitging van het originele ontwerp van Filarete. In de kleine toren linksachter, de Torre Castellana, had Lodovico il Moro zijn schatkamer ondergebracht. Die werd ‘bewaakt’ door Argus, die bij de ingang van de Sala del Tesoro staat afgebeeld op een fresco van Bramante.

Achter het Castello ligt het Parco Sempione, een park van ruim 47 hectare groot. Toch beslaat dit park nog maar een deel van de oude hertogelijke tuin van de Visconti’s, die in de vijftiende eeuw werd uitgebreid tot een jachtdomein van zo’n 300 hectare. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd er in het park tarwe verbouwd, maar na de wederopbouw werd het weer een plaats waar de Milanezen even kunnen ontspannen.

Nog iets verder naar het noorden vind je een van de prachtigste plekken van Milaan, het Cimitero Monumentale, dat dankzij de prachtige beelden en graven wel iets weg heeft van een openluchtmuseum. De Famedio (Famae Aedes), het ‘huis voor beroemdheden’, vormt het hart van het kerkhof. Het is een soort pantheon waar beroemde Milanezen en niet-Milanezen zijn begraven. Je ziet bijvoorbeeld de graftomben van de auteur Alessandro Manzoni, van de architect Luca Beltrami en van de dichter en Nobelprijswinnaar Salvatore Quasimodo. Ook staan er busten van Garibaldi, Verdi en Cavour.

Een bezoek aan het Cimitero Monumentale is bijna een bezoek aan een museum voor de kunst van eind negentiende eeuw tot nu. In het Civico Mausoleo Palanti, een enorm mausoleum met een crypte, die in 1943 dienst deed als schuilkelder, bevinden zich de graftomben van de komiek Walter Chiari en van Hermann Einstein, de vader van de beroemde Albert Einstein.

Wandel rustig langs de graven en laat de kunstige monumenten op je inwerken. In de middelste laan staan twee graftomben die zijn ontworpen door Enrico Butti. De eerste, de tombe van de jonge Isabella Casati, wordt ook wel Jonge vrouw betoverd door een droom genoemd. Hier bevindt zich ook een schrijn van Besenzanica, Werk genaamd. Rechts zie je de monumentale tombe van Toscanini, gebouwd voor de zoon van de dirigent. Indrukwekkend zijn ook de tomben van Carlo Erba, Bocconi, Campari en Falck.

Fare aperitivo, oftewel een aperitief drinken, is een Milanese gewoonte en mag dan ook zeker niet ontbreken tijdens een tocht door Milaan. De leukste plek voor een aperitivo is de wijk Navigli, een wijk rondom de restanten van een belangrijk stelsel van waterwegen dat door een groot deel van de stad liep. Over het Naviglio Grande is bijvoorbeeld het Candoglia-marmer vervoerd dat nodig was voor de bouw van de Duomo.

Ook de artistieke wijk Brera is een prima plek voor een aperitief. Mocht je hier wat eerder op de dag zijn, neem dan de tijd voor alle bijzondere plekken in deze studentenwijk: de kerk Santa Maria del Carmine, de Pinacoteca di Brera (een van de beroemdste musea van Italië), de kleine, originele winkeltjes en de gezellige koffiebarretjes.

Genoeg inspiratie voor een bezoek aan Milaan hoop ik, de komende dagen ga ik wat dieper in op een aantal prachtige plekken. Morgen gaan we terug naar het begin van deze wandeling voor een bezoek aan het mooiste beeld van de stad!

mrt 07

Nadat we gisteren een blik hebben geworpen in de Romeinse keuken, vandaag een vooraankondiging van een culinaire wandeling die ik op vrijdag 15 april aanstaande door Rome zal maken met een aantal Nederlandse Romereizigers. Voor wie nog mee wil, er is nog plek! Aanmelden kan via blog@ciaotutti.nl – dit adres kun je ook gebruiken als je eerst meer informatie wilt over de wandeling.

Ben je op 15 april niet in Rome, niet getreurd! Ook zonder mijn uitleg onderweg is deze wandeling een heerlijke kennismaking met Rome – en de route is ook voor iemand die voor het eerst in Rome is goed te lopen. Print deze wandeling dus uit en bewaar hem voor je eigen reisje naar deze heerlijke stad. Andiamo!

We beginnen onze kennismaking met Rome uiteraard met een kopje koffie! Vlakbij het Pantheon strijden twee koffiebarretjes om de vraag wie nu de beste koffie van de stad verkoopt. Na bij beide een cappuccino of espresso te hebben gedronken, mag je zelf oordelen wie nu de beste koffie schenkt.

Bij Tazza d’Oro ruik je de koffie al van ver, zeker in de vroege ochtend. Neem een kopje koffie aan de bar en geniet van de drukke bezigheden van de barista: er gaan in vijf minuten heel wat kopjes doorheen! Aan de andere kant van het Piazza della Rotonda vind je Caffè Sant’Eustachio, mijn persoonlijke favoriet, en wel omdat de koffie hier altijd lekker zoet is. Wil je er geen suiker in, zeg dit dan voordat je je koffie bestelt! Neem een voorraadje koffie voor thuis mee, uiteraard aangevuld met een selectie heerlijke chocolaatjes die hier in alle soorten en maten liggen uitgestald.

Uiteraard brengen we na deze kennismaking met koffie een bezoek aan het Pantheon, een bouwkundig wonder. Een grote ronde zaal met een halfronde koepel lijkt een simpel gegeven, maar wie had kunnen denken dat dit plafond van gegoten cement tweeduizend jaar later nog steeds intact zou zijn?

De buurt rondom het Pantheon telt ontzettend veel mooie kerken: de Santa Maria Sopra Minerva, met een prachtig plafond en een vrij onbekend beeld van Michelangelo, de San Luigi dei Francesi, met drie prachtige werken van Caravaggio, en de Sant’Ignazio, met een schitterend staaltje bedrog, laten ieder een heel eigen karakter zien.

Saskia Balmaekers op Piazza Navona in Rome

Via het Piazza Navona, waar Bernini en Borromini tussen de schilders van nu nog steeds om voorrang strijden, en een van de sprekende beelden die Berlusconi er regelmatig van langs geven, wandelen we naar het Campo de’ Fiori, waar rond lunchtijd een en al bedrijvigheid heerst. De marktlui prijzen hun waren luidkeels aan en de Romeinse huisvrouwen verzamelen de laatste ingrediënten voor il pranzo.

Met verse tomaatjes, een stuk piazza bianca van bij Il Forno, de lekkerste bakker van de stad, wat mozzarella, basilicum en wilde perziken toe stel je een heerlijke lunch samen. Wie liever een terrasje opzoekt om de markt lekker lang te kunnen bekijken, kan bij Obika, de allereerste mozzarellabar ter wereld, terecht voor allerlei broodjes, salades en pasta’s met mozzarella. Uitreraard krijg je ter plekke nog meer leuke en lekkere tips voor een Romeinse lunch.

Na de lunch wandelen we over het Piazza Farnese, met twee enorme badkuipen uit de Thermen van Caracalla, naar het oude getto van Rome. Op het Piazza Mattei bewonderen we de mooiste fontein ter wereld, de Fontana delle Tartarughe, oftewel de Schildpaddenfontein. Ook nu nog vind je in het oude getto veel joodse winkels en restaurantjes.

Op het Tibereiland maken we een tussenstop voor een snelle espresso bij L’Antico Caffè dell’Isola. Dan wacht Trastevere. Volgens de inwoners vind je hier pas het echte Rome, maar dat zeggen vast alle Romeinen van hun eigen wijk. Je kunt er in elk geval culinair gezien je hart ophalen, want elke straathoek heeft wel een bijzondere bakker, koffiebar of trattoria. Zo brengen we een bezoek aan een echte koekjesfabriek, Biscottificio Innocenti, waar je natuurlijk alle versgebakken koekjes kunt proeven (en kopen voor onderweg!).

Uiteraard slaan we ook de Santa Maria in Trastevere niet over, met prachtige apsismozaïeken. Hier eindigt de Heerlijk Rome-wandeling, maar heerlijk Rome vind je nog overal om je heen! Tips voor een aperitivo en voor dineradresjes in de buurt ontbreken natuurlijk niet, zodat je zelf nog heerlijk kunt nagenieten!

Wie weet tot in Rome!

Datum
vrijdag 15 april 2011

Startpunt
de fontein voor het Pantheon, op het Piazza della Rotonda

Start wandeling
10.00 uur

Einde wandeling
ca. 17.00 uur

Kosten
€ 35,00 (incl. twee kopjes koffie, excl. overige drankjes en maaltijden)

Meer informatie en reserveren
Voor meer informatie over de wandeling en voor het reserveren van een of meerdere plekken kun je een e-mail sturen aan blog@ciaotutti.nl

Restyle your image
De culinaire wandeling is ook te boeken als extra onderdeel bij de reis Restyle your image in Rome van Italiabbraccio. Een geweldige gelegenheid om samen met personal shopper Renée van Zandvoort en Rome-kenner Juliette Kouters (die drie jaar in Rome woonde) inspiratie op te doen.

Juliette Kouters en Renee van Zandvoort bij de Trevifontein in Rome

Bezoek modehuizen waar je zelf niet zo snel binnen zou wandelen, ontdek bijzondere modeadressen in achterafstraatjes en laat je inspireren door de laatste trends. Uiteraard krijg je een persoonlijk kleur-, stijl- en vormadvies van image consultant  Renée van Zandvoort en ga je met je eigen personal shopper op pad om de mooiste Italiaanse mode-items uit te zoeken.

Meer informatie over deze reis vind je op www.italiabbraccio.com

Getagd met:
jan 21

In het Florentijnse modedistrict, in en rondom de Via de’ Tornabuoni, bevindt zich het Museo Salvatore Ferragamo. Dit bijzondere museum, dat gevestigd is in het dertiende-eeuwse Palazzo Spini-Feroni, geeft door middel van meer dan 10.000 schoenen een beeld van de carrière van de bekende Florentijnse ontwerper en van zijn unieke collectie. Een must voor alle vrouwen (en mannen) die de verleiding voor een nieuw paar schoenen maar moeilijk kunnen weerstaan!

Salvatore Ferragamo werd in 1898 geboren in Bonito, een klein plaatsje op zo’n honderd kilometer van Napels. Als elfde van in totaal veertien kinderen was hij al op jonge leeftijd op zichzelf aangewezen. Salvatore wist echter wat hij wilde en vertrok op zijn elfde naar de grote stad, waar hij bij een schoenmaker in de leer ging. Twee jaar later keerde hij terug naar Bonito en opende hij zijn eigen winkel, waar hij op verzoek schoenen maakte of herstelde.

De klandizie viel echter tegen en Salvatore zag zich genoodzaakt weer te vertrekken. Ditmaal besloot hij zijn geluk echter in Amerika te zoeken, waar twee van zijn broers eerder al heen waren gereisd. Een van hen werkte in een grote schoenenfabriek in Boston, waar ook voor Salvatore nog wel een plekje was. Hoewel Salvatore gefascineerd was door de grote machines waarmee aan de lopende band schoenen konden worden gemaakt, vond hij het vreselijk te zien hoe dit ten koste ging van de kwaliteit van het schoeisel. Hij hield het dan ook niet lang vol in de fabriek en trok al snel verder naar zijn andere broer, die zich in Santa Barbara (Californië) had gevestigd.

Salvatore begon een eigen schoenenwinkel – precies op het moment dat de filmindustrie aan zijn bloeiperiode begon. Toen hij gevraagd werd om schoenen te ontwerpen voor de filmacteurs en –actrices, aarzelde Salvatore geen moment. Hij ontwierp met groot succes het ene na de andere ‘filmschoenenpaar’ en verdiende al snel de bijnaam ‘schoenmaker van de sterren’. Toen de filmindustrie zich naar Hollywood verplaatste, verhuisde Salvatore mee. In 1923 opende hij de ‘Hollywood Boot Shop’ en groeide zijn naam en faam verder en verder.

Toch bleef Salvatore ontevreden over de gemakzucht van de Amerikanen en de minimale kwaliteitseisen die aan materialen en handwerk werden gesteld. In 1927 keerde hij daarom terug naar Italië, waar hij hoopte schoenen te kunnen maken die geheel zouden voldoen aan zijn hoge eisen. Hij vestigde zich in Florence, opende hier een eigen werkplaats en hoewel hij nog steeds veel opdrachten kreeg van Amerikaanse filmsterren en –regisseurs, kreeg hij ook in eigen land steeds meer voet aan de grond.

Het uitbreken van de crisis in 1929 zorgde voor veel minder opdrachten uit Amerika, maar Salvatore was daar stiekem wel blij om. Zo kon hij zich met een gerust hart wijden aan de opdrachtgevers in eigen land. De zaken gingen hem voor de wind; in 1936 had hij niet alleen twee werkplaatsen die op volle kracht draaiden, maar ook een winkel, in het Palazzo Spini-Feroni in de Via de’ Tornabuoni (waar nu dus ook het museum gevestigd is).

Ook op persoonlijk vlak heeft Salvatore niets te klagen. In 1940 trouwt hij met zijn jeugdliefde, Wanda Miletta, de dochter van zijn vroegere huisarts in Bonito. Ze krijgen zes kinderen, drie jongens (Ferruccio, Leonardo en Massimo) en drie meisjes (Fiamma, Giovanna en Fulvia). Het gezin weet de Tweede Wereldoorlog redelijk te doorstaan. Tijdens de wederopbouw worden de schoenen van Ferragamo wereldwijd een van de symbolen van het nieuwe Italië, dat weer tot leven komt en dat op het gebied van mode, design en creativiteit een rol van betekenis wil spelen.

Salvatore Ferragamo presteert in de jaren vijftig op de toppen van zijn kunnen: alles kan, en alles lukt. Hij maakt de prachtigste creaties voor filmsterren als Audrey Hepburn, Greta Garbo, Anna Magnani, Marilyn Monroe en Sofia Loren. Vlak voor hij in 1960 overlijdt, laat hij zijn familie weten tevreden te zijn. Hij heeft zijn grote jongensdroom weten te realiseren; het is nu aan hen deze droom verder uit te dragen en in te vullen.

Dat hebben zijn zonen en dochters naar eer en geweten gedaan: Salvatore had vast nooit kunnen dromen dat zijn ontwerpen vandaag de dag te bezichtigen zijn in een heus museum en dat elke stad van naam een Ferragamo-winkel heeft, waar je niet aan voorbij kunt lopen zonder te dromen van zo’n prachtpaar schoenen…

jan 19

Het indrukwekkende Palazzo Strozzi, dat ik vorige week bezocht naar aanleiding van de tentoonstelling over Bronzino, grenst deels aan de Via de’ Tornabuoni, een van de meest luxe winkelstraten van Florence. In zijn Firenze – Anekdotische reisgids voor Florence beschrijf Luc Verhuyck de Via de’ Tornabuoni in al haar glorie:

‘In de Via de’ Tornabuoni, die zich uitstrekt van de Ponte Santa Trinita tot de Piazza Antinori, zijn zeer exclusieve modehuizen en juweliers gevestigd en ook voor wie niet van plan is om er aankopen te doen, is het een boeiende straat om etalages en vitrines te bekijken. Tussen de Arno en het Palazzo Strozzi zijn er onder andere winkels van Giorgio Armani, Cartier, Trussardi, Louis Vuitton, Gucci, Prada, Dior, Bulgari, Ferragamo, Versace, Tiffany, Yves Saint Laurent, Max Mara en Hermès.

Sommige zijn gevestigd in fraaie oude paleizen. Zo is vlak bij de Arno op nummer 1 Versace gevestigd op de eerste verdieping van het dertiende-eeuwse Palazzo Gianfigliazzi en daar recht tegenover op nummer 2 Salvatore Ferragamo in het eveneens dertiende-eeuwse Palazzo Spini (daarover overmorgen meer, SB). In de hal van Ferragamo hangt een fraai marmeren reliëf en in de boetiek van Max Mara zijn zestiende-eeuwse fresco’s te zien.

In de Via de’ Tornabuoni moet de destijds beroemde Britse schrijfster Ouida (1839-1908), pseudoniem van Marie Louise de la Ramée, en bekend, vooral in Japan, door haar A Dog of Flanders (1872), ooit bedreigd zijn geweest door een rivale. Een zekere markies Della Stufa zag wel wat in de ongehuwde Ouida, maar was al geruime tijd de minnaar van een getrouwde dame, Janet Ross, zelf de schrijfster van onder andere Old Florence and Modern Tuscany. De eerste zag in de markies een potentiële huwelijkskandidaat, de tweede vreesde het verlies van haar minnaar en beide vrouwen konden elkaars bloed wel drinken.

Mevrouw Ross zou beschoten zijn toen ze voor het raam van haar slaapkamer stond en toen de dames elkaar per koets in de Via de’ Tornabuoni passeerden, zou Janet Ross geprobeerd hebben om Ouida met de koetsierszweep te slaan. Ouida, wier pseudoniem terugging op een verbastering van haar tweede voornaam, schreef over hun rivaliteit de roman Friendship, waarin Janets alter ego haar minnaar door chantage aan zich weet te binden. Op haar beurt legde Janet de roman, nadat ze hem uit zijn band had gerukt, in haar gastentoilet als wc-papier.

Tegenover het Palazzo Strozzi is, op de hoek van de Via della Vigna Nuova, een gedenkplaat te zien die in herinnering brengt dat de Engelse schrijfster George Eliot, pseudoniem voor Anna Maria Evans, daar in 1860 verbleven heeft, in het vroegere hotel Londres et Suisse. Ze schreef een roman over het leven en de tijd van Savonarola, Romola (1863), waarvoor ze heel wat onderzoekswerk diende te doen. In het San Marco-klooster, waar Savonarola prior was geweest, werden vrouwen toen echter nog niet toegelaten, zodat ze het veldwerk daar aan haar man G.H. Lewes moest overlaten.

De componisten Donizetti, Rossini, Verdi en de Russische auteur Dostojevski hebben hier eveneens verbleven, maar worden niet met naam genoemd, de plaquette heeft het enkel over ‘belangrijke musici’. Het ‘Pension Suisse’, zoals het hotel werd genoemd, was bij buitenlanders vooral geliefd omdat het netjes, rustig en relatief goedkoop was.’

Vlak naast het hotel, bij het palazzo met huisnummer 77r, wordt het waterpeil van de Arno op 4 november 1966, toen de Arno ver buiten zijn oevers trad, aangegeven. Net voorbij de Via Strozzi vind je het voormalige Palazzo Corsi Salviati, dat nu ook wel Palazzo Tornabuoni wordt genoemd en waar ik morgen uitgebreid op terugkom vanwege de onbekende geheimen die dit palazzo herbergt.

nov 27

In Rome wandelde ik elke ochtend door de Via Santa Chiara, vlak achter het Pantheon, op weg naar de eerste Italiaanse koffie van de dag. Al op de eerste ochtend werd mijn aandacht getrokken door de bijzondere etalages: hier geen dure zwarte feestjurkjes van Valentino, Gucci en Prada, maar witte soutanes, kleurige kazuifels, geborduurde altaarkleden en Mariabeeldjes in alle soorten en maten.

In deze wijk shoppen priesters, monniken, zusters en andere geestelijken hun dagelijkse en zondagse outfit bij elkaar. Ook Johannes Paulus II was hier regelmatig te gast, om zich een nieuw kazuifel te laten aanmeten. Benedictus XVI komt er echter maar zelden. Hoe dat komt, vertelt Stijn Fens in zijn net verschenen boek Vaticanië – De geheimen van de paus:

‘Geen paus uit de recente geschiedenis is zo bewust bezig met zijn kleding als Benedictus. Hij heeft smaak en denkt heel goed na over wat hij bij welke gelegenheid aantrekt en ook welke mijter hij tijdens een mis opzet. Dat is niet onbelangrijk. Aan het pauselijk hof is er geen verschil tussen privékleding en beroepskleding. Het lichaam van de paus is een corpus publicus, openbaar bezit, waarbij de kleinste verandering of een opvallende kleurschakering betekenis heeft en navolging krijgt.

Wat de catwalks van Parijs of Milaan zijn voor de internationale modewereld, dat zijn het balkon en het hoofdaltaar van de Sint-Pieter voor de kerkelijke mode. Tijdens zijn bezoek aan het Oostenrijkse Mariazell in september 2007 verscheen de paus in een blauw kazuifel, met een bijpassende mijter van dezelfde kleur. Dit was des te opmerkelijker omdat deze kleur sinds het Concilie van Trente (1545-1563) niet meer was toegestaan. En nu mag het dus weer. Blauw is de traditionele kleur voor Maria in de katholieke Kerk en verwijst naar haar eretitel als Koningin van de Hemel.

De kleding van Benedictus valt op. Over zijn schoenen alleen al zijn pagina’s volgeschreven. In 2007 riep het tijdschrift Esquire de pontificale instappers uit tot modeaccessoire van het jaar. ‘De paus draagt Prada,’ kopten de kranten wereldwijd, tot groot genoegen van het Italiaanse modehuis. Geen groter reclame voor een bedrijf dan in één adem met de paus van Rome te worden genoemd. Dat de paus geen Prada-schoenen draagt maakt dan helemaal niet uit.’

Toch was de eerste verschijning van Benedictus qua kledingkeuze niet om over naar huis te schrijven: ‘Benedictus heeft geen dure smaak, maar wil er wel goed verzorgd uitzien. Des te opmerkelijker is het dat zijn outfit bij zijn debuut als paus op het middenbalkon van de Sint-Pieter op die historische avond in april 2005 een ronduit rommelige indruk maakte. Nadat hij in de Sixtijnse Kapel tot paus was gekozen en het Accepto (‘Ik aanvaard’) had uitgesproken, werd hij door een klein deurtje links van Michelangelo’s Laatste Oordeel weggeleid naar de Stanza delle Lacrime, de kamer der tranen, zo genoemd omdat elke net gekozen paus hier geacht wordt in huilen uit te barsten als hij zelf beseft welke enorme last er nu op zijn schouders rust.

In deze bijzondere kamer bevonden zich, naast een rode chaise lonque, de gebruikelijke drie witte pauselijke soutanes in de maten small, medium en large. Ze zijn afkomstig van de pauselijke kleermaker Massimiliano Gammarelli, die al tweehonderd jaar hoogwaardige kleding levert aan het pauselijke hof. Een net gekozen paus moet wel een heel vreemd postuur hebben wil niet één van deze drie soutanes passen. Maar zo niet deze keer: te kort, te lang, te smal – geen ervan zat lekker.

‘Toen hij uit de huilkamer kwam, knielde ik meteen voor hem neer om hem te begroeten. En ik zag onmiddellijk dat hij er niet op gerekend had paus te worden,’ vertelt de toenmalige commandant van de Zwitserse Garde, Elmar Mäder. ‘Vanuit de mouwen stak zijn blauwe gebreide vest naar buiten.’ Niet alleen de mouwen waren te kort, maar onder de soutane staken ook de pijpen van zijn lange witte ondergoed. Sinds lange tijd had een sterveling weer eens zicht op de onderbroek van een paus.’

Meer weten over de kleding en de schoenen van Benedictus? In Vaticanië – De geheimen van de paus neemt Stijn Fens je mee naar Vaticaanstad, de kleinste staat ter wereld en tegelijkertijd het bestuurscentrum van de rooms-katholieke kerk. Er wonen maar vijfhonderd mensen, maar die zijn wel ‘de baas’ over één miljard katholieken. Het Vaticaan is beroemd om zijn prachtige kunstschatten, maar wat gebeurt er werkelijk achter al die grote ramen en hoge muren?

Stijn Fens

Aan de hand van Stijn Fens wandel je door de statige vertrekken van de paus, als een fascinerende ontdekkingsreis door het Vaticaan. Hij geeft antwoord op vragen als: Waarom heeft de Zwitserse Garde een busje pepperspray onder haar kleurrijke sokken? Wat is het lievelingsgerecht van de paus? Heeft het Vaticaan geleerd van het seksueelmisbruikschandaal?

Vaticanië gaat over zwarte en witte rook, kardinalen en bisschoppen, pauselijke mijters en pontificale schoenen – maar vooral over een bijzondere plek in Rome, die elke keer weer blijft trekken, ook nu Stijn Fens een aantal geheimen heeft onthuld!

Getagd met:
jul 31

Fare una bella figura is, zoals je gisteren al kon lezen op Ciao tutti, een term die door Italianen vaak in de mond wordt genomen. Het heeft te maken met zowel je gedrag als allerlei kledingregels die nageleefd moeten worden.

In mijn eerste huis vlak bij de Spaanse Trappen in Rome zat ik vaak met verwondering te kijken naar alle verschillend geklede mensen die onder mijn raam voorbijliepen. Het was allemaal zo anders dan in Nederland, vele mannen strak in het pak en vele dames in een zwart mantelpakje, en dat op een gewone doordeweekse dag.

Vriendinnen uit Nederland kwamen langs om etalages te kijken. Ze pasten de ideeën die ze hier in Italië opdeden weer toe in Nederland, terwijl anderen zich lieten inspireren door de vele verschillende kledingstukken. Ze kochten koffers vol designerstoffen en maakten de dure kleding thuis na.

Tijdens de reizen die ik tot nu toe in Italië heb begeleid, was er weinig tijd om aandacht te besteden aan dit bijzondere fenomeen. Kleding moest het meestal afleggen tegen kerken en kunst. Maar Italië is ook het land van de mode en van het design! Vele grote ontwerpers zijn Italianen: denk aan Versace, Dolce e Gabbana, Armani… En zelfs de paus heeft een paar Prada-schoenen naast zijn bed staan!

Toen SRC-Cultuurvakanties mij vroeg om mijn droomreis op Italiaanse bodem op papier te zetten, wist ik dan ook gelijk wat me te doen stond: een reis organiseren rondom de hoogtepunten van de Italiaanse mode. Het resultaat mag er zijn, al zeg ik het zelf!

Tijdens de reis die ik heb mogen samenstellen maak je kennis met de grote Italiaanse namen in de modewereld, maar ook met de minder bekende ontwerpers. We verkennen de modewijken in Milaan, Florence en Rome. Maar we gaan natuurlijk niet alleen maar etalages kijken! Modeontwerpers hebben in de grote steden warenhuizen, cafés en restaurants ingericht.

Salvatore Ferragamo heeft zijn eigen schoenenmuseum in Florence, waar modellen van bekende filmsterren te bewonderen zijn. In Florence vind je ook Palazzo Pitti, waar we de geschiedenis in duiken met een bezoek aan de kostuumafdeling. In de stoffenfabriek die we zullen bezoeken, zie je hoe de stoffen voor deze kostuums tot stand komen en wat er allemaal bij komt kijken voor je zo’n pak kunt aantrekken.

We eindigen de reis in Rome, waar we niet alleen op onderzoek uitgaan naar de plaatsen waar de paus zijn kleding en schoenen koopt en waar Valentino zijn creaties ontwerpt, maar waar we ook gaan rondstruinen op de grootste vlooienmarkt van Rome, Porta Portese. Durf jij ’s avonds al je aanwinsten te showen aan je medereizigers?

Mocht je al staan te popelen om mee op reis te gaan naar de grootste modesteden in Italië: we vertrekken op 8 november 2010 en 10 januari 2011. Tijd genoeg dus om alvast flink te sparen, zodat je straks je garderobe flink uit kunt breiden. In januari zijn we trouwens precies in Italië ten tijde van i saldi, de grote uitverkoop!

Kijk voor het precieze dagprogramma, de kosten en meer informatie op www.src-cultuurvakanties.nl. Hopelijk tot in Milano!

Diane Kuster

jul 30

Italianen hebben een zwak voor schoonheid. Dat komt niet alleen naar voren in hun sprankelende taalgebruik, de vele aanspreektitels die in Italië nog aan de orde van de dag zijn en de mooie, stijlvolle kleding waarmee de Italianen zelfs hartje zomer door de stad lopen. Nee, het hele leven van de Italiaan is doordrongen van gevoel voor schoonheid, tot in de kleinste details. In het Italiaans spreekt men van dan ook vaak over fare la bella figura. Eenvoudig vertaald betekent dit ‘een goed figuur slaan’, maar het precieze gevoel dat achter fare la bella figura schuilgaat wordt hiermee niet helemaal gedekt.

Omdat het concept niet makkelijk in één zin is uit te leggen, besloot Mieke van Delden een heel boek te wijden aan deze term.

Zij laat zien dat la bella figura in elk segment van de Italiaanse samenleving is doorgedrongen:

Bella figura doet de vader die zijn leven lang spaart om zijn dochter de mooiste dag van haar leven te geven. De mooiste kapel voor de officiële ceremonie, het duurste kasteel voor de receptie. Een goed figuur sla je door te laten zien hoe je gezien wilt worden. Wat is je status, wat vind je belangrijk je vrienden aan te bieden?

Bella figura doen de ouders die hun dochter de communie laten doen. Wat verwacht de gemeenschap waarin je leeft van je? Je doet je best met je gezin goed verzorgd en in mooie kleren naar de kerk te komen. Natuurlijk, de betekenis van de communie is belangrijk, maar vooral de aankleding telt.

Bella figura doet de ober in het restaurant. Hij vertelt je vol trots wat de ingrediënten in de pasta zijn, daarbij wijzend op de Italiaanse keuken en zijn historie.

Bella figura doet de groenteman op de markt. De manier waarop hij zijn producten aanprijst, trots alsof het de pareltjes van de markt zijn.

Bella figura zorgt er ook voor dat je naar de laatste mode gekleed gaat, een zonnebril naar de nieuwste trend draagt en voor de dames: schoenen met hakken van acht centimeter, waarmee je over de straatkeitjes paradeert alsof je als mannequin op de catwalk loopt. Bella figura gaat echter verder dan de buitenkant.

Bella figura doet elke huisvrouw die je vraagt hoe je pomodori inmaakt. Ja, beslist met een takje basilicum erbovenop. Nee, absoluut geen basilicum, gewoon puur. Even opkoken. Nee, niet koken. Vraag de mevrouw in de winkel waar je de pomodori-molen koopt, de moeder van je vriendin, de baas van de camping, de buurman: allemaal hebben ze vol overtuiging de beste manier van inmaken.

Bella figura zit in de genen van een eeuwenoud volk, want in Italië, het land van de wijn, moet ik de eerste Italiaan nog tegenkomen die te diep in het glaasje gekeken heeft.’

Mieke van Delden brengt in Bella figura de Italiaanse levensstijl in woord en beeld tot leven, van Toscane tot Napels, van opera tot damesschoenen en van processies tot padre Pio. Hierbij alvast een voorproefje:

Alles weten over la bella figura ? Op www.bellafigura.nl schrijft Mieke van Delden regelmatig een column over haar Italiaanse leven. Ook lees je hier hoe Bella Figura tot stand is gekomen en kun je Mieke via deze website uitnodigen voor een lezing over haar en onze passie: Italia!

jun 03

Italië is komend weekend binnen handbereik! Van 4 tot en met 6 juni wordt namelijk het grote Smaak van Italië Evenement georganiseerd. In de tuinen van Kasteel De Haar vind je het mooiste, lekkerste, nieuwste en beste uit dit prachtige land. De ideale manier om Italië (beter) te leren kennen!

Organisator Aris Spada: ‘Italië is het land van grote dromen. Vakantiegangers zoeken en vinden er zon, zee en strand, maar ook een enorm aanbod aan cultuur en historie. Wie zich in dit land vooral rustig wil houden, komt ook op het terras of aan tafel volledig aan zijn trekken; van cappuccino tot gelato en van carpaccio tot risotto. Het jaarlijks Italië Evenement bij Kasteel De Haar biedt een optimale mix van al deze Italiaanse hoogtepunten. Wandelend langs de diverse exposanten, activiteiten en podia krijg je de komende dagen een voorproefje van de vele smaken die dit land rijk is.’

Opvallende hoogtepunten zijn de voorstelling van de familiemusical Pinocchio en de eerste editie van het Festival della Canzone Italiana (Festival van het Italiaanse Lied). Bovendien waren er nog nooit zoveel Italiaanse regio’s vertegenwoordigd als dit jaar; van Friuli en Piemonte in het noorden tot Basilicata en Puglia uit het diepe zuiden. Ook Toscane, bij uitstek dé vakantieregio voor Nederlanders, laat van zich zien, horen en proeven.

Bij de kassa ontvang je een compleet activiteitenprogramma, waarop precies staat aangegeven op welk tijdstip er wat te doen is, zodat je niets hoeft te missen. Een greep uit het programma:

Via dell’Arte
Je wandelt richting het kasteel met prachtige klassieke muziek op de achtergrond en langs de route meer dan twintig artiesten die verschillende Italiaanse kunstwerken tonen: schilderijen, beelden en – de Italiaanse kunstwerkjes bij uitstek – espresso’s!

Via Milano
Een van de vele pijlers waar Italië om bekend staat, naast wijnen, koken, auto’s en muziek, is de Italiaanse mode. Via Milano biedt de mooiste Italiaanse mode voor dames en heren, van tassen en schoenen tot shirts en maatwerkpakken.

Piazza della Ristorazione
Welkom op het Piazza della Ristorazione! Hier kun je genieten van heerlijke pasta’s en panini in het take away gedeelte of van een uitgebreide pranzo op het terras aan het water, uiteraard onder het genot van Italiaanse muziek.

Piazza del Caffè
Zittend op het terras, onder het genot van een espresso of cappuccino (of een andere Italiaanse koffievariant) en heerlijke Italiaanse dolci, zie je alle bezoekers langs je heen flaneren. Ook hier geniet je van Italiaanse muziek, live loungemuziek dit keer.

Piazza del Vino
Op het ‘wijnplein’ kun je niet alleen mooie wijnen proeven, je wordt ook vakkundig en enthousiast geïnformeerd door importeurs en producenten. Geniet van de prachtige wijnen met daarbij natuurlijk een mooie antipasto van vleeswaren, olijven en andere heerlijke hapjes!

Kapel
In de kapel zijn diverse lezingen te volgen. Op vrijdag zijn er zakelijke lezingen onder leiding van het vakblad Italië in Bedrijf. Op zaterdag en zondag wordt de dag gevuld met lezingen, Italiaanse films en artiesten.

Piazza dei Viaggi
Hoe heerlijk Italië is heb je vandaag al aan den lijve kunnen ondervinden. Wil je meer zien, doen en proeven, boek dan een reis op het Piazza dei Viaggi. VacanceSelect, Italie.nl en vele anderen bieden je de beste mogelijkheden. Uiteraard kun je er ook volop inspiratie opdoen!

Piazza della Casa
Hier worden je dromen waar gemaakt, als je tenminste droomt van een huis in Italië. Een tweede huis kopen in la bella Italia is immers niet gemakkelijk. Op het Piazza della Casa word je wegwijs gemaakt in het kopen van een tweede huis! Ook kun je je eigen huis (en je tweede huis in Italië natuurlijk) meteen inrichten, met Italiaans design!

Piazza dei Bambini
Gedurende het hele weekend worden op dit pleintje diverse activiteiten voor kinderen georganiseerd, verzorgd door onder andere het Archeon. Hoe marcheerden de Romeinen? Wat aten ze? Hoe zagen ze eruit? Een spannende belevenis voor elk kind!

Kijk voor meer informatie op www.italieevenement.nl

Getagd met:
preload preload preload