mei 15

Vandaag duiken we drie jaar terug in de tijd, naar het moment waarop het eerste idee voor Ciao tutti ontstond. Afgelopen donderdag vertelde ik de aanwezigen op mijn boekpresentatie hier al kort over, vandaag de extended version voor alle lezers!

Na 836 Ciao tutti-blogs kon ik vorige week donderdag een deel van mijn lezers eindelijk live begroeten met de woorden Ciao tutti! Eind januari 2010 schreef ik deze welkomstwoorden voor het eerst hier op mijn blog, boven de introductie op de dagelijkse schrijfsels waarmee ik vanaf 1 februari 2010 een stukje Italië naar Nederland en België brengen. In die introductie vertelde ik hoe en waar mijn liefde voor Italië is ontstaan; in Rome tijdens de welbekende Romereis die elke gymnasiast in de bovenbouw maakt (zie hier het uitgebreide verhaal). Ik vertel daar echter niet hoe het idee voor een blog was gaan leven. Na 836 stukjes leek het me wel leuk om ook dat verhaal eens uit de doeken te doen.

Eigenlijk begon Ciao tutti met een kookboek over koffie. In de zomer van 2009 kwam ik na een zomercursus Italiaans in Siena terug in Nederland. Met mooie herinneringen, maar vooral met heimwee. Naar de stad, de zon, de taal, het eten, de koffie… Gelukkig moest ik voor de Gottmer Uitgevers Groep, waar ik toen werkte, een boekje met de titel Caffè Italia onder de aandacht van Nederlandse journalisten brengen.

Ik stuurde een e-mail naar het magazine De Smaak van Italië, om te vragen of er interesse was voor een artikel. De toenmalige adjunct-hoofdredacteur zag daar wel wat in, maar het ontbrak hen aan tijd om ermee aan de slag te gaan, zo mailde ze terug. Ik trok de stoute schoenen aan en stelde voor om dan zelf een artikel te schrijven over het boek, met als extraatje een lijstje van de 25 bijzonderste koffieadressen in Rome.

Daar hadden ze wel oren naar, en zo gezegd zo gedaan. Het artikel verscheen in november 2009, en leverde een heleboel leuke reacties op. Mijn broer Hans (links op onderstaande foto), zelf een fervent koffiedrinker, vond dat ik toch echt meer moest gaan schrijven. Hij was het die het idee van een blog opperde. Daarmee zou ik meer kunnen schrijven en makkelijker een groter publiek bereiken.

Ik liet het idee een paar weken bezinken. Ik een blog? Ik had – dat kunnen jullie je nu waarschijnlijk niet eens meer voorstellen – thuis geen internet, en koffie dronk ik alleen in Italië. Toch bleef het idee in mijn hoofd rondzingen. Stiekem maakte ik een lijstje met namen, dat ik voor de boekpresentatie nog even opzocht. Ciao tutti stond bovenaan, en dat werd het uiteindelijk ook. Ik kon het idee van mijn broer namelijk niet loslaten en besloot het gewoon te proberen. Alhoewel hij voorstelde om één keer per week te bloggen, had ik al snel zo veel ideeën, invalshoeken en wetenswaardigheden verzameld, dat ik besloot elke dag te gaan schrijven.

Ik vertelde het idee van een dagelijks blog aan wat vrienden, die me zonder uitzondering voor gek verklaarden. Ik had al zo weinig tijd, elke dag zou een enorme opgave zijn, en bovendien: kon ik dat qua onderwerpen wel volhouden, elke dag een stukje over Italië? We zijn nu 840 stukjes verder dus die laatste zorg is daarmee wel weggenomen denk ik. Zeker als je bedenkt hoeveel ideeën er in mijn hoofd nog om uitwerking vragen…

Maar goed, er was een titel en er was een intentie tot dagelijks bloggen. Maar daarmee was ik er nog niet. Er moest draadloos internet komen thuis, een logo, een blogomgeving… Langzamerhand groeide Ciao tutti van een vaag idee tot een concrete website. Met dank aan Marc Volman voor het allereerste Ciao tutti-logo en de header, en aan broer Hans die me de eerste kneepjes van Wordpress bijbracht.

het eerste Ciao tutti-logo, made by Marc Volman van Dutchcomics

Ik schreef de eerste stukjes, over koffie – nog altijd een dankbaar onderwerp. Zo mag ik al wel verklappen dat je in het boek leest over wachtende koffie in Napels en dooie koeien die in de middag een bar bevolkten.

Vanaf het eerste begin leverde Ciao tutti meer op dan alleen bezoekers. De kring vaste lezers groeide en groeide, en velen van hen reageerden regelmatig op de stukjes die ik schreef. Ik ging anders op reis naar Italië en kwam met inspiratie voor tientallen stukjes terug. Ik leerde dankzij Ciao tutti collegabloggers kennen en een heleboel inspirerende mensen die ‘iets’ met Italië hebben.

Het leverde zelfs veel nieuwe amici op, die tijdens de boekpresentatie ook bijna allemaal aanwezig waren om mee te vieren. Allereerst Ton en Jeannette, die me na het lezen van een honderdtal stukjes uitnodigden om te komen eten. Want naast de liefde voor Italië delen we vooral de liefde voor lekker eten. Geen verrassing dus dat de Italiaanse hapjes die de gasten tijdens de presentatie voorgeschoteld kregen uit hun keuken kwamen!

Daarnaast Juliette en Renee van het Su Misura team, die ik in Rome ontmoette en die me voor de presentatie helemaal in het nieuw staken (en waarover ik morgen uitgebreid zal vertellen), en Jeanine, imagokapper en eveneens deel van Su Misura, die mijn hoofd voorzag van vrolijke krullen.

En dan de fans die ik nog nooit in het echt ontmoette, maar met wie ik zeer regelmatig via mail, Twitter of Facebook over het heerlijke Italië ‘praat’. Iedereen opnoemen die op een of andere manier heeft bijgedragen aan Ciao tutti kan hier helaas niet. Dat zou een onuitputtelijke lijst worden, maar zowel in Nederland, België en Italië zijn er heel wat vriendschappen gesmeed in de afgelopen tweeënhalf jaar. Grazie mille tutti!

Ook al bestaande vriendschappen kregen een Italiaans tintje, want ja, al dat moois in Italië moest natuurlijk ook in het echt worden gedeeld. Met Hellen reisde ik naar Rome, waar ze meteen maar besloot daar te gaan studeren (waardoor ik weer een goede reden had om terug te keren), met Anne naar Venetië, met Emma eveneens naar Rome, met Diane naar Napels en de Amalfitaanse kust, met Ton en Jeannette naar Siena en de Maremma, met Willemijn nog maar eens naar Rome om inspiratie op te doen voor zowel De Smaak van Italië als onze blogs (Willemijn blogt sinds 1 februari ook dagelijks, op Orpheus kijkt om) en een reisje naar Toscane met Leonore en Stephanie staat nog op de planning…

En dan is er nu dus ook een boek. Voordat ik het eerste officiële exemplaar aan Rosita Steenbeek mocht overhandigen, richtte ik donderdag mijn laatste woorden tot iedereen die hard heeft gewerkt aan de totstandkoming van dit blogboek. Allereerst David van Iersel van De Boekenmakers natuurlijk, die met het idee kwam om de mooiste blogstukjes te bewerken tot een boek. Dan Miriam Welsing, die haar huisje in Florence openstelde zodat ik in alle rust de laatste definitieve versie kon schrijven (waar ik uiteraard ook weer een stukje over schreef), en redacteuren Annemarie en Annelie, die de juiste puntjes op de i zetten.

Daarna was het de taak aan de heren van Studio Denk, Bart, Niek en Roy, om van het geheel van tekst en foto’s iets moois te maken. Dat hebben ze met alle nodige Italiaanse flair gedaan. Alle complimenten voor hoe mooi het boek is geworden zijn dan ook voor hen, dank heren!

Nu het boek er is, brengen Jody en Christel van De Boekenmakers het onder de aandacht van zoveel mogelijk mensen, zowel journalisten als Italiëfans en lezers. Ook jullie bedankt! En ten slotte, Monique, Folco, Bart, Charlotte en Karin van De Nieuwe Boekhandel; bedankt dat we bij jullie mochten komen toosten op het resultaat!

P.S. Gisteren het fotoverslag van de boekpresentatie gemist? Klik dan hier voor een impressie!

mei 10

Aanstaande zondag zetten we, zowel in Italië als in Nederland, la mamma in het zonnetje. Het spiksplinternieuwe Ciao tutti-boek is daarvoor natuurlijk een perfect cadeau. Zo kan la mamma mee op ontdekkingstocht door la bella Italia. Wil je een speciaal gesigneerd exemplaar bemachtigen, kom dan aanstaande zaterdag naar het Italië Evenement bij Kasteel de Haar te Haarzuilens. Daar zal ik tussen 13.00 en 14.00 uur in de stand van Il Sogno mijn nieuwe boek signeren.

Voor wie la mamma meer wil geven dan een enkele reis Italië, geef ik hieronder vijf  andere cadeau-ideeën, die allemaal ’iets’ met Italië hebben en waarmee je haar komende zondag vast en zeker blij zult maken!

Altijd lente!
Met de vrolijke vogelhuisjes van Miho Unexpected Things is het altijd lente in huis! Elk huisje is gemaakt van gerecycled hout, naar Italiaans ontwerp. De huisjes zijn onder andere verkrijgbaar via Sjieke Boel.

Je eigen kookboek!
Hoe leuk is het om een eigen kookboek samen te stellen van al je favoriete recepten? Ook leuk: geef la mamma nu het lege schrift, en verzamel allerlei leuke recepten om samen uit te proberen. De succesgerechten krijgen een mooi plekje in dit receptenboek.

Is je moeder geen keukenprinses? De Moleskine Passion Journals zijn er ook voor moeders met katten, moeders met groene vingers, moeders die graag lezen of muziek luisteren, de hele wereld over reizen of niet genoeg krijgen van mode, accessoires en andere stylish things. Verkrijgbaar via moleskine.nl.

Mikado van spaghetti
Nee, dit is geen kunstig gegroepeerde spaghetti maar een tijdschriftenrek, van niemand minder dan Alessi. De verschillende staafjes waar de lectuurhouder uit is opgebouwd lijken in een ogenschijnlijk willekeurig patroon te zijn geplaatst, maar niets is minder waar. Meer verklappen we niet, maar ook als je het geheim niet ontrafelt blijft het een mooie eyecatcher, zeker als ‘ie gevuld is met de laatste nummers van De Smaak van Italië… Onder andere verkrijgbaar via Fonq.nl.

Koffie in Rome
Met de NewWave Caffè-collectie van Villeroy & Boch waant la mamma zich voortaan elke ochtend even in Rome. Genietend van een cappuccino of espresso doemen ook het Pantheon, het Colosseum, het Forum en natuurlijk een Vespa op. Als dat geen goed begin van de dag is…

NewWave Caffè Rome bestaat uit een espresso- en een cappuccinokopje en twee grotere koppen (van 0,25 en 0,35 liter), alle met bijpassende schotel. Ze zijn o.a. te koop via de online shop van Villeroy & Boch.

Zelfgemaakt – maar dan anders
Weet je nog, die zelfgemaakte moederdagcadeautjes die je meenam van de kleuterschool? Fotolijstjes van klei, kettingen van macaroni… Dat kan nu gelukkig een stuk leuker en een stuk professioneler. Op de website van Etsy vind je namelijk allerlei zelfgemaakt cadeaus. Het idee: alle creatievelingen kunnen hier hun (uiteraard mooie) creaties op aanbieden en jij kunt heerlijk rondneuzen. Ik vond bijvoorbeeld deze liefdevolle hanger, maar er is veel en veel meer!

mei 04

Vandaag mag ik jullie dan (eindelijk) een voorproefje geven uit de nieuwe reisgids De smaak van Florence, waaraan ik afgelopen maanden heb ‘gewerkt’. Want laten we eerlijk zijn, al dat proeven mag je eigenlijk geen werk noemen, net zomin als schrijven over een van de mooiste plekken op aarde. Eerst maar eens een impressie van een aantal pagina’s uit de gids:

Aangezien jullie die kleine lettertjes waarschijnlijk niet kunnen ontcijferen, mijn persoonlijke top 5 in deze wijk, rondom de Duomo, het Piazza della Signoria en het Palazzo Vecchio:

*Rivoire, hoek Piazza della Signoria / Via Vacchereccia
Een van de oudste koffiezaken van de stad, met niet alleen goede koffie, overheerlijke chocolademelk en aanlokkelijke taartjes en chocolaatjes, maar ook nog eens een prachtig uitzicht op het Piazza della Signoria.

*Carapina, Via Lambertesca 18r
Verstopt in een straatje achter Piazza della Signoria wordt misschien wel het lekkerste ijs van Florence gemaakt. Het vanille-ijs wordt bereid volgens authentiek recept van Artusi, maar ook smaken als quattro formaggi en ricotta met peer zijn het proberen waard.

*I Due Fratellini, Via dei Cimatori 38r
De twee broertjes zijn echt een begrip! In hun kleine winkel, niet meer dan een gat in de muur, beleggen ze de lekkerste broodjes. Doe net als de Florentijnen en eet staand, op de stoep.

*Gustavino, Via della Condotta 37r
Modern restaurant annex wijnbar waarin Toscane op handen gedragen wordt. Authentieke gerechten met een eigenwijze, eigentijdse touch.

*Coquinarius, Via delle Oche 15r
Bij deze enoteca kun je terecht voor een enorme keuze aan wijnen en simpele, originele gerechten. Je geniet tot in de late uurtjes van de ongedwongen sfeer.

De smaak van Florence
Wie al mijn favoriete culinaire adressen in Florence wil leren kennen, kan met De smaak van Florence op pad. Voor slechts 15 euro ontdek je de gezelligste wijnbarretjes rondom de Santa Croce, de kleurrijke ijssalons in de buurt van de Duomo, de lekkerste lokale trattoria’s rondom de Mercato Centrale in de wijk San Lorenzo en eindeloos veel andere gouden adresjes van Florence en Fiesole.

Bovendien geven enkele inwoners van de stad prijs waar zij het liefst naartoe gaan voor hun dagelijkse cappuccino, een lekkere pasta of een goed glas wijn. Vermijd met dit boek in de hand de gebaande toeristische paden en valkuilen, en geniet van de echte smaak van Florence!

De smaak van Florence
Saskia Balmaekers
ISBN 9789025751418
€ 15,00
uitgeverij Dominicus | Uitgeeftak
bestel De smaak van Florence via deze link bij bol.com

De smaak van Florence ook als app
De smaak van Florence is er ook als app, met alle gouden adressen die in de gids zijn opgenomen. Dankzij het unieke offline navigatiesysteem weet je precies hoe je moet lopen naar al die adressen en hoeveel meter je verwijderd bent van een kop koffie, een ijsje of dat heerlijke bord pasta.

Als je de app gedownload hebt, heb je alle adressen en bijbehorende informatie altijd bij de hand. Je betaalt dus géén extra kosten voor gebruik van internet in het buitenland, tenzij je buiten de app naar de website van het restaurant surft of Google Maps wilt bekijken. De smaak van Florence-app is nu al te downloaden in de Appstore en zeer binnenkort ook als Android-app verkrijgbaar.

Ci vediamo a Firenze !

apr 13

Vandaag vieren ze in Italië de Dag van de Espresso. Voor de vierde keer wordt de populairste soort koffie in meer dan 2600 koffiebarretjes in Italië in het zonnetje gezet. Wie vandaag in een van die geselecteerde bars (herkenbaar aan een sticker op de deur) een espresso bestelt, krijgt er een klein boekje bij met de geschiedenis van koffie en tips over hoe je de echte Italiaanse espresso herkent.

 

Helaas kon ik jullie zo vroeg nog niet van de wetenswaardigheden uit dit vademecum voorzien, maar in plaats daarvan een stukje uit het boek Il caffè sospeso van Luciano De Crescenzo. In het begin van mijn blogcarrière schreef ik al eens over hem:

‘In Napels bestaat al sinds jaar en dag de traditie van de caffè sospeso (letterlijk: koffie in de wacht). Als je in Napels een caffè bestelt, kun je twee kopjes koffie afrekenen. Het ene kopje drink je zelf op, het andere kopje, de sospeso, kan dan later op de dag door een arme Napolitaan worden genuttigd.

Hoewel de traditie van de caffè sospeso vandaag de dag lang niet meer door iedere Napolitaan in ere wordt gehouden, is het voor toeristen erg leuk om te zien hoe op de bestelling van een gewone koffie en een caffè sospeso wordt gereageerd. Wedden dat een caffè sospeso bij iedereen in de smaak valt?’

Om de proef op de som te nemen een klein stukje wijsheid voor bij de eerste espresso van vandaag. In de woorden die De Crescenzo zelf optekende, en waarin hij zo mooi zegt: ‘espresso is niet alleen maar een donkere vloeistof, maar ook een manier om vriendschap te sluiten’.

Zijn tekst in het Italiaans (ook voor mensen die een paar woorden Italiaans spreken redelijk goed te volgen):

‘A Napoli, una volta, c’era una bella abitudine: quando una persona stava su di giri e prendeva un caffè al bar, invece di uno ne pagava due. Il secondo lo riservava al cliente che veniva subito dopo. Detto con altre parole, era un caffè offerto all’umanità. Poi, di tanto in tanto, c’era qualcuno che si affacciava alla porta del bar e chiedeva se c’era un ‘sospeso’.

Tutto questo era dovuto al fatto che erano più i clienti poveri che quelli ricchi. Oggi purtroppo non solo non esiste più chi paga un ‘sospeso’ ma nemmeno chi è disposto ad accettarlo. Un giorno ho conosciuto un brav’uomo, bisognoso di fare amicizie, che di ‘sospeso’ ne pagava addirittura cinque.

È per questo che chiedere un allineamento dei prezzi del caffè in Italia, a mio avviso, sarebbe un errore. Il caffè non è uguale a ogni latitudine: in primo luogo èdiero come sapre, poi come quantità (un caffè del Nord, misurato in centilitri, è almeno il doppio di un caffè del Sud) e infine, come funzione.

Quando al di sopra della Linea Gotica si è giù di corda ci si aiuta con un grappino, a Napoli, invece, con un caffè, e per raggiungere il livello desiderato, credetemi, ce ne voglione almeno tre, e di quelli buoni. Ma tre caffè al giorno costano quello che costano. Forse ce le dovrebbe passare la mutua.

Il caffè di Napoli è diverso da quello di Milano. È minimo come quantità e massimo come sapore. Provare per credere. E soprattutto non è solo un liquido scuro ma, come accennato, un mezzo per fare amicizia. Supponiamo che un giorno incontriate un amico a Napoli, in Piazza dei Martiri. Il minimo che vi dovete aspettare è che vi dica: ‘Prendiamo un caffè’. Il che dalle mie parti equivale a dire ‘buon giorno’.

Ora, però, paragoniamo il caffè di Napoli al caffè di Milano, se non, addirittura, a quello di Monaco di Baviera. Mentre quello tedesco scende, quello di Napoli sale e va a sistemarsi nelle vicinanze del cervello. Non a caso è poco più di un sorso.

Questi capitoli che seguono sono come piccoli sorso di caffè napoletano: brevi, gustosi, ma capaci di salire nelle vicinanze del cervello e fargli un po’ di sano solletico.’

De hoofdstukken die volgen hebben inderdaad precies hetzelfde effect als een klein slokje koffie uit Napels: ze zijn kort, maar zeer smaakvol en ze stijgen direct op naar je hersenen om die even op een gezonde manier bezig te houden. Een aanrader om elke dag een stukje te lezen bij de eerste espresso!

Il caffè sospeso
saggezza quotidiana in piccoli sorsi
Luciano De Crescenzo
ISBN 9788804577744

apr 01

Hoewel ik jullie vorig jaar op 1 april nog goed in de maling wist te nemen, spreek ik vandaag de zuivere waarheid. Ik weet het, het lijkt een sterk verhaal, maar Pietro Marmo, zilversmid van beroep, heeft echt de allerkleinste moka ter wereld weten te maken, waarmee je het meest straffe kopje espresso kunt zetten.

Tijdens de Sigep, de Salone Internazionale di gelateria, pasticceria e panificazione artigianali (oftewel de internationale beurs voor ijssalons, bakkers en banketbakkers) die begin dit jaar in Rimini werd gehouden, werd dit ieniemienie koffiepotje gepresenteerd. Deze mini moka is 19 millimeter hoog en bestaat net als elke andere moka uit vijf onderdelen. Hoe klein deze moka ook is, hij functioneert gewoon – je kunt er dus echt koffie mee zetten!

Daar heb je niet veel meer voor nodig dan 10 druppels water (die je overigens met behulp van een spuitje in de moka moet zien te krijgen) en een paar korreltjes versgemalen koffie. En een aansteker natuurlijk, want deze mini moka past natuurlijk niet op het fornuis. Houd de moka 25 seconden in de vlam en de koffie is klaar. Pietro Marmo heeft natuurlijk ook aan een bijpassend mini-koffiekopje gedacht, waar de koffie in kan worden geschonken.

Pas wel op: de koffie is namelijk erg sterk. Dat de Italianen van een straf bakkie houden, wisten we natuurlijk al wel, maar je kunt ook overdrijven… Ik ga gewoon maar een lekkere, grote kop cappuccino maken. Wie echter liever wil priegelen met de mini moka, vooralsnog is hij alleen te koop via de beurzen die Pietro Marmo bezoekt.

Via zijn website kun je echter wel verschillende juwelen en bedeltjes met koffiepotjes bestellen. Die zijn – in tegenstelling tot de mini moka – echter alleen bedoeld voor de sier. Maar een straffe indruk maak je er vast ook mee!

feb 25

Begin deze week schreef ik uitgebreid over de kunst van het koffiezetten, niet wetende dat er ook nog een andere vorm van koffiekunst bestond. Bij toeval stuitte ik namelijk de dag erna op dit geweldige kunstwerk, gemaakt van, jawel, kopjes koffie:

Deze ‘Mocha Lisa’ werd gemaakt tijdens het Rocks Aroma Festival in Sydney, al een aantal zomers geleden. Voor het namaken van de Mona Lisa waren maar liefst 3604 kopjes koffie nodig, onderverdeeld in espresso, caffè latte en cappuccino, plus 564 kopjes met alleen maar melk, om de benodigde kleuren te creëren.

Da Vinci blijft de gemoederen nog altijd bezighouden. Ik schreef eerder dit jaar al over de zoektocht naar een verloren gewaande Da Vinci in het Palazzo Vecchio in Florence (hierbij nog een linkje naar dat artikel), maar er is meer. Zo wijdt National Geographic in het februarinummer een heel artikel aan een onbekend meesterwerk dat wellicht kan worden toegeschreven aan Da Vinci:

‘Het lijkt een te sterk verhaal: iemand gaat een galerie binnen en koopt voor een zacht prijsje een onbekend meesterwerk van Da Vinci. Toen Silverman dit portret aankocht, was het 75 jaar geleden dat er voor het laatst een werk officieel aan de meester was toegeschreven. Er bestond ook geen bewijs dat de maker van de Mona Lisa ooit op vellum had gewerkt. Er waren zelfs geen kopieën of schetsen op perkament overgeleverd. Als dit een echte Da Vinci was, waar was deze tekening dan al die vijfhonderd jaar geweest?

Silverman mailde de afbeelding van Bianca naar Martin Kemp, emeritus hoogleraar kunstgeschiedenis aan de Oxford University. Da Vinci-kenner Kemp ontvangt regelmatig dit soort plaatjes. De afzenders weten het altijd zeker: ze hebben een nieuwe Da Vinci in handen. ‘Ik ben altijd geneigd om automatisch nee te roepen,’ vertelde Kemp me. Maar de afbeelding van deze ‘griezelig levensechte’ jonge vrouw deed hem ditmaal besluiten te gaan kijken. Hij vloog naar Zürich, waar Silverman de tekening (van 33 bij 24 centimeter) in een kluis bewaarde. Kemp: ‘Toen ik het portret onder ogen kreeg, ging er een rilling door me heen. Ik besefte dat dit iets heel bijzonders was.’

Die sensatie bracht Kemp ertoe een onderzoek te starten. Dankzij hoogwaardige multispectrale scans die Pascal Cotte van Lumiere Technology in Parijs vervaardigde, kon Kemp door de verschillende lagen van de tekening heen kijken. En hoe beter hij het portret bekeek, hoe meer hij er de hand van de meester in herkende.’

uit: National Geographic, februari 2012
© tekst: Tom O’Neill | foto’s: Gzegorz Mazurowski

Het hele artikel, met prachtige foto’s, lees je zoals ik al schreef  in de National Geographic van februari 2012, die je via deze link nog kunt bestellen.

In Milaan starten ze bovendien met de restauratie van een van Da Vinci’s aantekenboeken, de Codice Trivulziano. Willemijn van Dijk schreef begin deze week over dit bijzondere project:Het restauratieproject wil niet alleen het wetenschappelijk onderzoek vergemakkelijken, maar heeft ook voor ogen het document toegankelijker te maken voor het grote publiek. Met dit doel wordt er naast de originele versie van de Codice ook een digitale versie gemaakt. De serie schetsen die Leonardo bij wijze van architectonische studie maakte van de koepel van de Dom van Milaan, bijvoorbeeld, is straks gewoon met een druk op de knop op te roepen van het internet, stel ik me zo voor.’

Dat lijkt me een prachtig vooruitzicht… Dan kunnen we Da Vinci veel makkelijker tot leven wekken dan met het zetten van ruim 3500 kopjes koffie…

feb 20

Geen beter begin van de maandagochtend dan een goede kop koffie. Met de nadruk op goede. Sinds ik De Smaak van Italië als werkgever heb, mag ik daar niet meer over klagen. Een geweldig espressoapparaat, goede – uiteraard Italiaanse koffie – en een collega die het heerlijk vindt om ons allemaal een perfect gezette espresso voor te schotelen – en die er trouwens ook zijn hand niet voor om draait om melk op te schuimen. Wat wil een mens ’s ochtends vroeg nog meer?

Dat ik mij gelukkig mag prijzen met zo’n werkgever – en collega – mag duidelijk zijn. Maar ook als ik thuis werk – dus zonder collega die als barista aan de slag zou kunnen gaan – gaat er geen dag voorbij zonder een romige cappuccino en wat opkikkerende espresso’s. Weliswaar vaak gezet met de moka (zie mijn stukje van begin deze maand), maar als je dat op de juiste manier doet, smaakt het net zo lekker.

Gelukkig is het zetten van een goede espresso dankzij het boek No Nonsense Espresso voor iedereen een realiseerbare ervaring. Zelfs op maandagochtend ;-) Nu willen jullie vast bewijs voor deze stelling, welnu: een klein voorproefje uit het boek mag ik hier alvast geven. Eerst maar in beeld, zodat je direct ziet wat je voorgeschoteld krijgt:

De no nonsense uitstraling van het boek blijkt echter niet alleen uit de foto’s en opmaak. Ook inhoudelijk is het boek zeer praktisch en daarom meteen bruikbaar – ook al heb je nog nooit een espresso gezet. Geen excuus meer dat het allemaal zo ingewikkeld gaat en dat een kopje Senseo- of filterkoffie zo veel sneller is – met dit boek krijg je de kneepjes van het echte koffiezetten op een presenteerblaadje aangeboden. En wel op zo’n manier dat het zetten van een kopje koffie gewoonweg niet kan mislukken.

In de inleiding schrijft Saskia ter Welle, de auteur precies wat No Nonsense Espresso inhoudt:

‘Dit is een boek voor koffiedrinkers. Maar meer nog: voor mensen die houden van proeven, van experimenteren, van het ontdekken van nieuwe smaakbelevingen. Want vreemd genoeg: zo is dit boek tot stand gekomen. Ik, als fervent theedrinker, ging namelijk helemaal om tijdens een koffieproeverij. Het complete scala aan smaken ontdekken bij het drinken van een mooie espresso bleek een belevenis.

Inmiddels ligt dit jaren achter mij. Er is intussen iets moois gebeurd: ik heb carrière gemaakt! Niet in de traditionele zin, maar op de koffiemanier. Van de eerste aarzelende stappen op koffiegebied ben ik verder gegroeid: mijn smaak heeft zich ontwikkeld en ik heb talloze apparaten leren kennen. Ook heb ik veel soorten koffie geproefd, verschillende soorten melk geprobeerd en met allerlei mensen gepraat over koffie.

Onderdeel van deze tijd vormde ook steevast de gezelligheid rondom het zetten van een warme kop koffie en die vervolgens met anderen te delen. Koffie blijkt een luxe te zijn die mensen zich permitteren ongeacht de economische omstandigheid. Hoe meer mensen espresso drinken, hoe meer mensen ontdekken dat de smaak ervan net zo veel nuances heeft als van een goed glas wijn.
Graag nodig ik je daarom uit om door middel van het lezen van dit boek je smaak te ontwikkelen, nieuwe koffie uit te proberen en je koffie te delen met je vrienden.’

Zelfs voor mij als fervent koffiedrinker valt er met dit boek nog heel wat te leren. Zo heb ik me inmiddels aardig eigen gemaakt hoe je een goede espresso zet, maar melk opschuimen met een kannetje – dat mislukte eerlijk gezegd nog wel eens. En als het wel lukte, wist ik eigenlijk niet wat ik nu anders had gedaan dan anders.

Gelukkig biedt No Nonsense Espresso zicht op een oplossing dankzij een geweldig simpele tip: oefenen met afwasmiddel! Een tipje van de sluier: ‘In de praktijk zul je merken dat het nog behoorlijk wat oefening vergt om echt mooi en gelijkmatig microschuim te maken. Je kunt dit oefenen met een kan gevuld met water met een beetje afwasmiddel. Dit schuimt op dezelfde manier als melk en zo kun je met weinig kosten en zonder verspilling van melk je de kunst van het opschuimen eigen maken.’

Dat wordt dus mijn missie deze week: perfect schuim leren maken. Na de eerste koffie van vandaag dus maar direct naar de supermarkt om afwasmiddel in te slaan en dan vanavond eens zien hoe mooi ik het kan laten schuimen en ‘swirlen’.

Zelf ook als een volleerd barista aan je eigen aanrecht staan? Bestel dan het boek No Nonsense Espresso en geniet in no time van de beste koffie!

No Nonsense Espresso
Saskia ter Welle
ISBN 9789081873406
€ 24,95
Imagos Publishers

feb 04

L’omino con i baffi, zo luidt de bijnaam van het mannetje dat op elk koffiepotje van Bialetti te vinden is. De tekening van dit mannetje met snor vloeide begin jaren vijftig uit het potlood van Paul Campani, die het mannetje vorm gaf aan de hand van een doodle van Alfonso Bialetti, de grondlegger van het bedrijf, zelf. Tot op de dag van vandaag staat dit mannetje symbool voor Bialetti – en voor de Italiaanse manier van koffiedrinken.

Want hoewel Italianen vaak een kopje koffie in de bar drinken, lusten ze thuis toch ook wel graag een caffè. Wie denkt dat de meeste Italianen thuis koffie zetten met een ultramodern blinkend en sissend espressoapparaat, heeft het mis. Nee, thuis zetten de Italianen koffie met een moka, een koffiepotje dat je simpelweg vult met water en koffie en vervolgens gewoon op het vuur zet.

Het resultaat? De koffie die met een moka wordt gezet, is vergelijkbaar met espresso; het water wordt namelijk ook nu onder druk door de koffie geperst. De druk is echter lager dan in een espressomachine (circa 1,5 bar in plaats van 9 bar), waardoor het cremalaagje op de koffie ontbreekt.

Voor de Italianen is koffiezetten met de moka dus dagelijkse kost. Al bijna tachtig jaar lang bevolken de koffiepotjes Italiaanse aanrechten, keukenkastjes en eettafels. Het ritueel van koffiezetten met een moka is te danken aan Alfonso Bialetti, die in 1933 het allereerste koffiepotje in deze vorm produceerde en de naam Moka Express gaf.

Het idee voor deze koffiemachine ontstond bij toeval. Luigi De Ponti zag hoe een wasmachine warm water onder druk door het wasmiddel heen omhoog perste en bedacht dat dit ook met koffie moest kunnen. Alfonso Bialetti werkte dit idee tot in detail uit, met als resultaat zoals gezegd de allereerste moka. Het koffiepotje was niet alleen revolutionair qua ontwerp en gebruiksgemak, het was ook voor het eerst dat met een aluminium apparaat koffie kon worden gezet.

Bovendien zorgde de Moka Express voor een essentiële verandering in de Italiaanse koffiecultuur. Koffie werd voordat de moka op de markt kwam vooral buitenshuis gedronken. Hoewel de Italianen nog steeds graag een bar binnenwandelen voor een kopje koffie, wordt er sinds de introductie van de moka veel meer koffie thuis genuttigd. Bijna tachtig jaar nadat de eerste moka werd gepresenteerd, is namelijk in 90% (!) van alle Italiaanse huishoudens zo’n koffiepotje te vinden. En hoewel er veel verschillende varianten op de markt zijn, is het mannetje met de snor alomtegenwoordig!

In Florence ontdekte ik, onder de galerij van Piazza della Repubblica, een winkel die geheel gewijd is aan het mannetje met de snor. Koffiepotjes in alle kleuren en maten, koffiekopjes, bewaarblikken voor gemalen koffie en koffiepads, lepeltjes, magneten… Je kunt het zo gek niet bedenken of het mannetje laat er zijn gezicht op zien. Zeker leuk om even een kijkje te nemen als je door de stad wandelt!

Voor iedereen die al in het gelukkige bezit is van een mannetje met de snor of een ander merk moka hierbij een handleiding aan de hand waarvan je de perfecte koffie uit een moka tovert.

*vul het onderste gedeelte van de moka met kraanwater, tot een klein stukje onder het veiligheidsventiel;

*plaats het filter in het onderste gedeelte en schep hier speciaal voor de moka gemalen koffie in (dit staat specifiek op de koffieverpakking), zonder aan te drukken;

*schroef de bovenzijde van de moka vast op de onderzijde met filter en zet de moka op laag vuur;

*zodra het water goed warm is, stroomt de koffie in het bovenste gedeelte van de moka;

*haal de moka pas van het vuur als de koffie begint te pruttelen – en klaar is je koffie!

Of zonder woorden, volgens de strip van het mannetje met de snor:

Voor een goede nazorg is het wel belangrijk te weten dat je een moka nooit in de vaatwasser mag afwassen. Spoel hem goed schoon met warm water en eventueel een klein beetje afwismiddel en droog alle onderdelen goed na. Dan smaakt ook het volgende kopje koffie hemels!

Meer lezen over de moka en andere Italiaanse koffiegewoonten? Kijk dan op het weblog van Martijn Bak van Agriturismo Partingoli, die ik tijdens mijn bezoek in oktober een beetje heb aangestoken met het blogvirus.

feb 02

Ja lieve lezers, het zit erop, de deadline voor mijn boek is gehaald! Gisteren stuurde ik alle 40.000 woorden naar de uitgever, vergezeld van een uitgebreide selectie foto’s. Vandaag gaat een hele dikke envelop vol kaartjes, tickets, bonnetjes en andere in de loop der tijd verzamelde memorabilia op de post. Aan de heren van Studio Denk nu de taak om dit alles ook qua vorm tot een waar meesterwerk te vormen!

Maar laten we niet op de zaken vooruitlopen; het duurt nog een maand of twee voordat we het eindresultaat kunnen vasthouden en de 40.000 woorden in gedrukte vorm tot ons kunnen nemen. Uiteraard zal ik jullie zo gauw als mogelijk een online voorproefje laten zien, maar ik wil jullie eerst mee terug in de tijd nemen, naar 20 januari j.l. om precies te zijn.

Toen stapte ik namelijk in het vliegtuig naar Florence, de stad waar ik ooit een zomer lang Italiaans studeerde en die aanvoelt als een tweede thuis. De stad waar ik hoopte eindelijk een keuze te kunnen maken uit alle stukjes die ik de afgelopen twee jaar schreef, en die stukjes op een goede manier aan elkaar te verbinden.

Al wekenlang spookten mogelijke invalshoeken door mijn hoofd. Vooral ’s nachts, maar ’s ochtends onder de douche was ik de eerste om ze weer te verwerpen. Nu moest het er echter van gaan komen; de periode waarin ik mocht schrijven, schaven en schrappen was immers nog maar tien dagen lang.

Toen de griep zich als ongewenste reisgenoot aandiende, baalde ik dan ook stevig. Ik twijfelde zelfs even of ik wel kon vliegen, maar de roep van Florence was sterker dan koorts, hoestbuien en keelpijn samen. En gelukkig maar, want eenmaal op Florentijnse bodem kregen de verhalen als vanzelf vorm.

Dat kwam deels door de stad zelf – hoe fijn is het toch elke keer weer om over de Florentijnse kasseien te struinen, de stenen van de stad te ruiken, de voetstappen van een Lorenzo il Magnifico nog te horen weerkaatsen… Deels kwam het ook door de zon, die zich elke dag van zijn beste kant liet zien en de stad in de avondschemering, als ik mijn hoofd even buiten de deur stak na een dag lang tikken, in een lieflijk licht zette.

Maar het kwam ook en vooral door mijn schrijfplek in deze geweldige stad, Casa Miracoli (‘Huis der Wonderen’). Een klein huisje, vlak bij de Santa Croce, waar een mooi houten bureau op me wachtte. Hier schoof ik elke ochtend, na een grote kop cappuccino en brioche, mijn stoel aan en typte ik stug door.

Het bureau waar mijn laptop en ik wonderen hebben verricht

Het werk ging als vanzelf, maar als ik het even niet wist was daar Tommaso, de barman van buurbar Baldovino, om me even op te beuren met een kop cioccaffè (cappuccino met chocolade), een sterke espresso en bovenal zijn vrolijke verschijning. Als zelfs dat niet hielp – of als ik even geen behoefte had aan nog meer koffie – was er de stad zelf. Een wandeling door de smalle straten naar het Piazza della Signoria, de Duomo of de Ponte Vecchio ordende mijn gedachten.

Onderweg sneuvelden heel wat van mijn lievelingsstukjes. Stap voor stap liet ik ze los – voor in het blogboek welteverstaan, want op deze site blijven ze uiteraard gewoon te lezen. Maar meer nog dan gesneuveld werd er geïnspireerd, gecreëerd en in het geheugen opgeslagen, zodat ik jullie ook komende weken van mooie stukjes kan laten genieten. Die zullen helaas niet in het blogboek worden opgenomen, maar wie weet keer ik ooit terug naar Florence voor een opvolger, een tweede blogboek.

Het is echter nog te vroeg om daarover na te denken – eerst droom ik van hoe de vormgevers aan de slag gaan met toegangskaartjes, bonnetjes, tickets, foto’s en die 40.000 woorden. Ze moeten het hier zonder koffie en vrolijkheid van Tommaso stellen, dus mochten ze door de bomen het bos niet meer zien, dan neem ik ze een weekje mee naar de wonderlijke wereld die Florence heet!

Getagd met:
nov 04

Wie Italië zegt, denkt aan zomerse vakanties in de heuvels van Toscane. Maar je kunt natuurlijk ook in de winter volop van de Italiaanse sfeer genieten! Tijdens een skivakantie bijvoorbeeld, in de prachtige bergachtige regio’s in het noorden. Geen wintersport-liefhebber? Ga dan eens op een romantische winterse citytrip en geniet van de Italiaanse kerstsfeer.

Van de sneeuw tot aan de kerststal neemt de redactie van De Smaak van Italië je in de nieuwe editie, die vanaf vandaag verkrijgbaar is, mee op ontdekkingstocht door winters Italië, met de beste tips en bestemmingen.

Een klein voorproefje van alle winterse feesten, kerstmarkten, winterse uitjes en warme recepten die in dit nummer de revue passeren:

Carnaval in Venetië – een onovertroffen openluchttoneel
Venetianen zeggen vaak dat ze de stad het liefst zouden ontvluchten tijdens het carnaval. Dat ze zich liever verre houden van de drommen bezoekers die voor het feest naar Venetië komen. Desondanks houden ze allemaal wel van ‘hun’ carnaval. Ze vieren het wel, maar onder elkaar, op minder drukke dagen en op plekken waar toeristen doorgaans niet komen. De Smaak van Italië ging mee naar die plekken, om het carnaval van de Venetianen te ontdekken.

Naast deze prachtige reportage bevat De Smaak van Italië een bijzonder verhaal van Donna Leon, over het Casinò van Venetië.

Feest op tafel
Venetianen weten niet alleen de stad, maar ook de dinertafel om te toveren tot een feestelijk decor. Vier de feestdagen dit jaar op Venetiaanse wijze met heerlijke en prachtige gerechten uit de stad van het water, zoals spaghetti con vongole e calamari en risotto di verdure.

Caffè – Italiaanse koffie uit en thuis
Speciaal voor de koude wintermaanden: allerlei leuks en lekkers rondom Italiaanse koffie. Van recepten tot tips voor de beste koffieadresjes, van accessoires tot de koffie zelf – na het lezen van onze koffiepagina’s kijk je heel anders naar je espresso of cappuccino!

Wintersport in Italië
Wie wil skiën of snowboarden in Italië hoeft niet ver af te dalen in de laars: de beste wintersportgebieden bevinden zich, uiteraard, in de noordelijke regio’s Valle d’Aosta, Piemonte, Lombardije, Veneto en Trentino-Alto Adige (Zuid-Tirol). De pistes zijn enorm uitgestrekt en variëren qua moeilijkheidsgraad van zeer uitdagend tot geschikt voor beginners. De keuze aan bestemmingen is zelfs zo overweldigend dat je misschien door de bomen het bos niet meer ziet. De Smaak maakte een kleine selectie van de mooiste skigebieden!

Kerstmis in Italië
De bijzonderste kerstmarkten vind je in Trento, Bolzano, Turijn, Milaan en Napels. In Napels is het sowieso het hele jaar door een komen en gaan van herders en koningen. In de Via San Gregorio Armeno staan zij 365 dagen per jaar uitgestald, in allerlei soorten en maten. De Smaak van Italie wandelt 24 uur lang door Napels, maar geeft ook tips voor de andere kerstmarktbestemmingen.

Merano – kerst in adellijke sferen
Deze bestemming lichten we extra uit, omdat het er zo bijzonder is in deze tijd van het jaar! De één viert kerst het liefst op z’n Oostenrijks. Met houten kerstkraampjes, glühwein en besneeuwde bergen op de achtergrond. De ander rilt alleen al bij de gedachte daaraan. Liever palmbomen dan dennenbomen, ook in december. Er is maar één plek die beide uitersten verenigt… en dat is Merano.

Rondreizen met Giulia – Sicilië per klassieker
Helemaal in het diepe zuiden van de laars wordt het bijna geen winter. Een van de Smaak-redacteuren reisde daarom af naar Sicilië: ‘Het brullende geluid van een motor klinkt over het piazza van een Siciliaans dorp. Een witte Alfa Romeo uit 1977 komt recht voor het terras tot stilstand. Dat hij dubbel geparkeerd staat, hindert blijkbaar niemand. Met een stralende lach stapt Ben Hofman uit zijn auto. Hij zal ons meenemen op een bijzondere rondreis door Sicilië. In een Italiaanse klassieker.’

De novembereditie van De Smaak van Italië ligt vanaf vandaag in de winkel (of op de deurmat bij de abonnees). In de tijd dat jullie al deze winterse artikelen kunnen lezen en de prachtige foto’s van met name het Carnaval in Venetië bekijken, gaan mijn collega’s en ik alweer volop aan de slag met het eerste nummer van 2012, met onder andere een citytrip Pisa, een reis langs het Lago d’Iseo, het mooiste meer van Lombardije, en – als extraatje – een gids met 101 bijzondere overnachtingsmogelijkheden in la bella Italia. Vervelen is er deze winter dus zeker niet bij…

Ook werken bij De Smaak van Italië ?
DSV Media is per 1 december 2011 op zoek naar een stagiair(e) voor magazine De Smaak van Italië en vakblad Italië in Bedrijf. Ben je tweede- of derdejaars student (hbo of universiteit) en zoek je een stageplek voor minimaal vijf maanden? Heb je een passie voor tijdschriften, reisgidsen, websites en andere vormen van media? Ben je creatief en visueel ingesteld of juist organisatorisch sterk, perfectionistisch en een ster met taal? Heb je Italië door je aderen stromen?

Dan ben jij wellicht onze nieuwe stagiair(e)! Stuur ons een korte motivatie en een uitgebreid CV en wie weet mag  jij dan vanaf 1 december meewerken aan het mooiste magazine over Italië. Je kunt je motivatie en CV per e-mail sturen aan Willemijn van Dijk (w.vandijk@dsvmedia.nl), adjunct-hoofdredacteur van De Smaak van Italië.

preload preload preload