aug 31

Augustus was een maand vol ijs, dat is jullie vast niet ontgaan. In september dacht ik daarom maar een gezonder culinair product op Ciao tutti centraal te zetten, en wel olijfolie. Vandaag een goddelijke combinatie van beide producten: olijfolie-ijs.

Ingrediënten:
300 cc goed vanille-ijs
2 eetlepels sterk geurende extra vergine olijfolie
150 gram suiker
200 gram zwarte olijven, zonder pit
1 eetlepel maïzena
1 ei
50 amandelen
gedroogde rozemarijn
zout

Laat het ijs een beetje zacht worden. Meng de olijfolie erdoor en laat het in de vriezer weer hard worden.

Verwarm 100 gram suiker met een glas water. Laat zachtjes op laag vuur smelten. Voeg de helft van de olijven toe en laat 10 tot 15 minuten zachtjes pruttelen.

Giet af en rol de nog natte olijven door de suiker. Hak de olijven grof.

Meng de maïzena met het ei, de rest van de suiker, de fijngehakte amandelen en de gedroogde rozemarijn. Maak er kleine hoopjes van en leg deze op een ingevette bakplaat. Bestrooi met de gehakte olijven.

Bak de koekjes in een matig hete oven in 5 minuten lichtbruin. Laat de koekjes in een holle vorm afkoelen, zodat ze een mooie vorm krijgen.

Serveer een bolletje olijfolie-ijs met of in een olijvenkoekje. Bestrooi het geheel met de gekonfijte olijven.

Dit recept is afkomstig uit Olijfolie, geschreven door kok en olijfolie-importeur Manfred Meeuwig.

In zijn winkel in Amsterdam vind je een keur aan olijfolie; uit Italië natuurlijk, maar ook uit Spanje, Portugal, Griekenland, Turkije en Frankrijk. Meeuwig verkoopt zijn olijfolie vanuit roestvrijstalen tanks. Daardoor kan hij de echt bijzondere olijfolie kopen, geproduceerd door kleine boeren die geen eigen flessen en distributielijn hebben. Natuurlijk kun je elke olijfolie eerst proeven en je kunt zelf kiezen hoeveel olijfolie je mee naar huis wil nemen. Zo kun je naast je eigen vertrouwde olijfolie ook steeds een nieuwe soort proberen!

Aangezien Manfred Meeuwig na al die jaren olijfolie importeren een enorme kennis heeft opgedaan, werd het tijd om deze kennis te delen met zijn klanten en andere olijfolieliefhebbers. Vandaar het boek Olijfolie, waarin hij niet alleen de lekkerste recepten met olijfolie prijsgeeft, maar ook vertelt over hoe olijfolie nu precies gemaakt wordt, waar olijfolie vandaan komt en hoe je olijfolie nu het beste kunt proeven. Na het lezen van dit boek heb je niet alleen een enorme trek, maar weet je ook nog eens heel veel meer over het groene goud dat ook buiten Italië zo geliefd is. Dus, zoals Meeuwig zou zeggen, check your oil!

Getagd met:
aug 12

Op mijn zoektocht naar het lekkerste Italiaanse ijs in Amsterdam miste ik een smaak die ik tijdens mijn laatste bezoek aan Italië tot de lekkerste ijssmaak heb verkozen: granaatappelijs. Er gaat niks boven dit smaakvolle, helderrode ijs, dat overigens misschien nog wel lekkerder smaakt met een bolletje vanille-ijs erbij voor het contrast. Bewerkelijk is het wel, dus misschien niet zo gek dat geen enkele Amsterdamse ijssalon zich er dagelijks aan waagt.

Ingrediënten:
5 granaatappels
1 citroen
200 g suiker

Haal de pitjes uit de granaatappels. Doe dit wel voorzichtig, want een rijpe granaatappel kan erg spatten en het rode sap maakt vlekken die moeilijk te verwijderen zijn. Doe de pitjes in een pan en pers de citroen erboven uit. Schenk er een half glas water bij en roer de suiker erdoor. Laat het geheel een kwartier zachtjes koken. Wrijf het mengsel door een zeef en laat het goed afkoelen. Draai vervolgens in de ijsmachine van dit granaatappelsap in ongeveer 30 minuten een heerlijke granaatappelsorbet, oftewel gelato melagrano.

Siciliaans testament – Rosita Steenbeek

In Siciliaans testament van Rosita Steenbeek vond ik een fragment waarin het granaatappelijs als toetje wordt opgediend. Het granaatappelijs wordt hier vast niet voor niets opgediend; de vrucht staat symbool voor de melancholie die door het hele boek heen te voelen is.

Siciliaans testament gaat over een Nederlandse vrouw die naar Sicilië terug is gekeerd om haar voormalige geliefde te bezoeken, die stervende is. Waar ze vroeger midden in la dolce vita belandde en de liefde geen grenzen kende, komt ze nu terecht in een duister drama, met een oude verbitterde man, zijn schizofrene zoon en een tirannieke butler. De fysieke en mentale ontluistering van de oude psychiater en man van de wereld staan in schril contrast met de schoonheid van het eiland en de uitbundige feestelijkheden rond de beschermheilige van de stad, Sant’Agata.

Siciliaans testament is een hartstochtelijke ode aan Sicilië en ademt een zoete melancholie om wat was en nooit meer zal zijn. Lees maar een stukje mee:

’s Avonds eten ze op het door kaarsen verlichte terras van Sant’Elena, onder de hoge bomen waarin krekels boven de romantische muziek van de pianobar uit proberen te komen, naast hen het maanverlichte strand en de glanzende zee.

Ze was hier gelukkig geweest. En ongelukkig. Ze hield van hem en hij van haar. Ze leefde in het hier en nu, met hart en ziel en zinnen. Alles wat haar grond vormde, waarmee ze was grootgebracht, het Griekse theater, oude kerken, beeldende kunst en geschiedenis, vond ze hier. In andere opzichten was het jetsetbestaan van strand en nachtclubs, motorboten, luchtig vertier, in strijd geweest met alles wat ze kende en had nagestreefd. Maar de ondergrond was dramatisch, dat had ze altijd gevoeld, zoals hun relatie dramatisch was, want onmogelijk. Omdat ze zo aan hem verslingerd was kon hij haar kwetsen zonder het te willen. Dan had ze het gevoel dat ze een vastgelegde rol moest spelen in het leven dat hij al veertig jaar leidde. Nu raakt hij haar niet meer op die manier en dat is tegelijkertijd droef en bevrijdend. Ze voelt geen drang te vechten om zijn aandacht. Ze vindt het wel erg dat hij somber is en ze betreurt het dat ze daar weinig aan kan doen.

Er staat geen risotto alla zarina meer op de kaart, risotto met kaviaar, die ze hier vroeger altijd namen, wel risotto al nero di seppia, risotto in zwarte inktvisseninkt.
Achter de oleanders ziet ze het huisje met balkon dat ooit speciaal voor Roberto als appartement was ingericht. In de drukste periode van de zomer zaten ze vaak hier omdat Roberto geen zin had om heen en weer te rijden tussen de villa en de zee en ook omdat het hier levendig was en vol zat met artiesten die optraden tijdens het festival. Ze ziet zichzelf daar voor de spiegel staan om zich op te tutten voor een feestdiner en hoe het zweet van haar gezicht bleef druipen. Ook toen woei de scirocco en hield het eiland dagen in zijn gloeiende greep met temperaturen die zelfs ’s nachts niet onder de veertig graden daalden.

‘Beetje bitter,’ zegt Roberto melancholiek, ‘dat de dingen niet meer zijn zoals ze waren.’
Dat zei hij twintig jaar geleden ook en daar had ze vaak om gehuild.
‘Ook mooi,’ zegt hij nadat ze een tijdje zwijgend hebben gegeten. ‘Ieder mens heeft seksuele gevoelens, de laagste mensensoort, de dieren. Ze volgen hun driften en instincten, maar dit wat wij hebben is bijzonderder.’
Ze kijkt naar hem. Hij niet naar haar.
‘Diepe affectie, van hart en ziel.’
Dan ziet ze even een weemoedige glimlach.

Toe nemen ze granaatappelijs, zoet en bloedrood.
‘Ik heb veel fout gedaan, me door instincten laten beheersen. Wat is ervan over? Niks.’ Als hij de kracht zou hebben zou hij zich meteen weer in datzelfde leven storten, daar maakt ze zich geen illusies over.

Na het eten gaan ze zitten aan een tafeltje bij de rand van de dansvloer, een gedeelte van het grote terras dat door een bloemenhaag wordt gescheiden van het restaurant. De pianist speelt ‘Mala femmina’, zoals vroeger als ze hier verschenen. ‘Slechte vrouw, zoet ben je als suiker, je gezicht dat van een engel, en dat alles om mij te misleiden.’ Nadat Roberto dit lied een paar keer als verzoeknummer had laten zingen, zetten de zangers in alle pianobars het in zodra zij binnenstapten.

‘Champagne?’
Even later wordt er met een ingetogen knal een fles ontkurkt.
Ze toasten.
‘Op ons,’ zegt ze, ‘op wat is geweest, en op dat we hier weer zijn.’

© Rosita Steenbeek

aug 11

Voor wie elke dag wel een Italiaanse gelato lust een lijstje met het lekkerste Italiaans ijs in Amsterdam. Uiteraard ook een top 10 met de lekkerste adresjes buiten onze hoofdstad!

Italiaans ijs in Amsterdam

1 Pisa
Scheldeplein to nr. 10, Amsterdam

 

Al jarenlang woedt er een hevige strijd tussen Pisa en Venetië (nummer 2 in deze lijst) om wie nu het lekkerste ijs maakt. Voor mij persoonlijk is Pisa net even meer favoriet, vooral vanwege het onovertroffen pistache-ijs. Op hete zomerdagen is het grapefruitijs een aanrader: heerlijk verkoelend.

Pisa zit al sinds 1935 in Amsterdam. Enrico Morelli opende in 1935 samen met zijn twee compagnons IJssalon Roma aan de Beukenweg. Zijn zoon, Marco, is in 1956 naar Nederland gekomen en in het bedrijf van zijn vader gaan werken. Hij is daardoor een zeer professionele ‘Maestro Gelatiere’, oftewel een Meester IJsbereider geworden. Per seizoen worden er meer dan 60 verschillende smaken ijs gemaakt. Bijna te veel om allemaal uit te proberen!

2 Venetië
Scheldestraat 68, Amsterdam

Van Pisa naar Venetië is het in Amsterdam slechts een paar stappen. Deze geringe afstand is een goed excuus om beide ijssalons op een en dezelfde avond aan een smaaktest te onderwerpen! Zoals ik hierboven al schreef strijden beide ijssalons al jaren om de eerste plek in Amsterdam. De meningen van mijn mede-ijseters zijn verdeeld; vooral het donkere chocolade-ijs valt erg in de smaak. Oordeel zelf!

3 Monte Pelmo
2e Anjeliersdwarsstraat 17, Amsterdam

De Italiaanse ijssmaken van Monte Pelmo vinden gretig aftrek in het kloppend hart van de Amsterdamse Jordaan. Na een bolletje mascarponeroomijs of een bolletje aardbeienijs met hete pepers (zeer favoriet in Italië!) wil je niets liever dan de andere 68 smaken uitproberen. Betreden op eigen risico! Bij Monte Pelmo maken ze trouwens ook de lekkerste sgroppino van heel Amsterdam, maar daarover later deze maand meer!

4 Tofani
Kloveniersburgwal 16, Amsterdam

Hoewel je het bij binnenkomst misschien niet zou zeggen, maken ze hier het lekkerste chocolade-ijs van Amsterdam. Bestel dus een hoorntje met minimaal twee bolletjes chocolade en wandel naar de dichtbijgelegen Nieuwmarkt om daar van al dat heerlijks te genieten!

5 Metropolitan Deli
Warmoesstraat 135a, Amsterdam

Kees Raat opende vorig jaar zomer in de Warmoesstraat een culinaire hemel op aarde. Hoewel hij zelf geen Italiaan is, weet hij als geen ander hoe je het lekkerste Italiaans ijs moet bereiden. Aangezien zijn zaak op de route van het station naar mijn huis ligt, kan ik het bijna niet laten om regelmatig even langs te fietsen. Of langs te fietsen, eerlijk is eerlijk: meestal stap ik even af voor een citroen-limoenijsje met basilicum. Of, als het daar te koud voor is, een sterke espresso met een stukje van zijn zelfgemaakte chocolade. Een klein vakantiemomentje na een werkdag vol hectiek!

6 IJscuypje
o.a. Eerste van der Helststraat 27, Amsterdam

Ook bij het IJscuypje werken geen Italianen, maar hun stracciatella-ijs is werkelijk onovertroffen! Het is een hele uitdaging om de enorme bakken ijs voorbij te lopen zonder overstag te gaan. Zeker nu ze op meerdere plekken in de stad een vestiging hebben geopend is er geen ontsnappen meer aan!

7 Carlo di Luca
Gerard Doustraat 224, Amsterdam

Mijn bijna-buurman mag in dit lijstje natuurlijk niet ontbreken! Niet alleen maakt hij elke dag zelf het heerlijkste Italiaanse ijs, hij liet mij ook kennismaken met het Italiaanse fenomeen van een broodje ijs. Zie voor het uitgebreide verslag van deze bijzondere ervaring Ciao tutti van 17 mei.

8 Fior di Gelato
Nieuwe Spiegelstraat 56, Amsterdam

Zo af en toe duikt er een nieuwe Italiaanse ijssalon op in Amsterdam. Mijn laatste ontdekking is Fior di Gelato, op een steenworp afstand van het Rijksmuseum. Er werken echte Italianen, dus bestellen in het Italiaans (hetgeen de vakantiebeleving van een ijsje eten ten goede komt) is geen enkel probleem. Ik heb nog te weinig smaken getest om te kunnen beslissen welke nu de lekkerste is, maar dat probleem hoop ik voor het einde van de zomer te hebben verholpen!

9 L’Arcobaleno
Van Limburg Stirumstraat 15, Amsterdam

Sinds een paar maanden kun je ook in de buurt van het populaire Westerpark een echt Italiaans ijsje halen, en wel bij L’Arcobaleno (Italiaans voor De Regenboog). Bernard Oosterveen, de eigenaar, groeide op met het ijs van Venetië (nummer 2 op deze lijst). Het kon dan ook niet uitblijven: een eigen gelateria, met een keur aan smaken. Zelfs aan ijsliefhebbers met een allergie is gedacht. Zelf ben ik helemaal weg van het cappuccino-ijs, dat in tegenstelling tot de koffie zelf gelukkig ook ’s middags en ’s avonds mag worden genuttigd!

10 Jordino
Haarlemmerdijk 25a, Amsterdam

Jordino noemt zichzelf geen gelateria maar een desserteria, en daar kun je ze geen ongelijk in geven. Naast heel veel smaken versbereid room- en sorbetijs kun je bij Jordino terecht voor chocolade, bonbons, kleine makaronnetjes en barronettes, Nederlandse cakes met een Italiaans tintje. Lekker met een bolletje ijs!

Italiaans ijs in de rest van Nederland

1 Roberto’s Gelato – Utrecht
De onbetwiste nummer 1! Zie voor het uitgebreide artikel over Roberto’s Gelato Ciao tutti van gisteren, 10 augustus.

2 Garrone – Haarlem

Het grote voordeel van wonen in Amsterdam en werken in Haarlem is een wekelijks bezoekje aan de ijssalon van de familie Garrone. Al zestig jaar lang wordt het straatbeeld in de Haarlemse Grote Houtstraat bepaald door een lange rij wachtende mensen. Jong en oud staat geduldig in de rij voor een van de versbereide ijssmaken van de familie Garrone, smachtend naar een van de heerlijke smaken. Het ijs smaakt hier bijna nog lekkerder dan in Italië, zeker na een lange dag werken!

3 Luciano’s – Wassenaar
Luc Blok, alias Luciano is al een aantal keren uitgeroepen tot beste ijsmaker van heel Nederland, en dat proef je! Het personeel is vriendelijk en gastvrij en de zaak ziet er altijd schoon uit. Luc Blok weet als geen ander hoe je ijsliefhebbers moet verwennen. Zijn vanille-ijs blijft het meest populair, maar als je een iets avontuurlijker ijsje wilt kun je ook smaken proeven als buffelmelk en mojito.

4 Casa del Gelato – Assen

Het meest noordelijke stukje Italië van vandaag! Net als in Turijn eet je hier goddelijk gianduia-ijs, maar ook smaken als amaretto, bloedsinaasappel en kokos zetten je hersenen direct in Italiaanse stand. Van de eigenaar begreep ik dat ze ook al eens ijs gemaakt hebben op basis van prosecco en op basis van witbier. Daar ga ik graag nog eens voor terug!

5 Oberije – Brunssum

Van het hoge noorden naar het diepe zuiden, naar het terras voor ijssalon Oberije waar het een komen en gaan is van ijsjeslikkende mensen. Tijdens een lange zomermiddag proefden we hier zo ongeveer alle ijssmaken. Maar welke nu de lekkerste was? We durfden niet meer opnieuw te beginnen, dus die beoordeling laat ik graag aan de lezers van Ciao tutti over!

6 Luna Rossa – Maastricht
Meesterkok Huub Biro (van het succesvolle Italiaanse restaurant Ca’del Biro) heeft de Maastrichtenaren binnen zeer korte tijd aan het Italiaanse ijs gekregen. Of beter gezegd, aan het Napolitaanse ijs, want Biro haalt zijn inspiratie met name uit Napels. Bij Luna Rossa betaal je overigens niet per bolletje, maar per smaak: un gusto heb je al voor € 1,25.

Maar ja, 1 smaak… Als je de vitrine van Luna Rossa hebt gezien wil je alle smaken wel uitproberen. Niet gek dus dat buurtbewoners soms wel twee keer op een dag binnenwippen om een ijsje te halen. Zoals Biro het zelf ook zegt: ‘Als ik in Italië ben, eet ik zeker ook twee ijsjes. Per dag, uiteraard!’

7 Vivaldi – Hoorn
‘De beroemde componist Antonio Vivaldi leefde van 1675 tot 1741. Als deze Italiaan in de toekomst had kunnen kijken, zou hij intens tevreden zijn geweest met de wetenschap dat enkele centennia na zijn bloeiperiode een ijssalon naar hem vernoemd zou worden,’ aldus de website van de Hoornse ijssalon Vivaldi. En daarmee zeggen ze niets teveel: zo virtuoos als Vivaldi was op muziekgebied, zo weten ze hier in Hoorn de lekkerste smaakcomposities samen te stellen op ijsgebied…

Bij naamgenoot Vivaldi’s in Noordwijk proefde ik ooit overheerlijk limoncello-ijs. Helaas is één keer ijs eten te weinig om deze ijssalon in dit rijtje te plaatsen, maar we gaan uiteraard nog terug om alle andere smaken uit te proberen!

8 San Marco – Amersfoort
Gian Maria da Fies is jaren geleden helemaal uit Mareno di Piave, een dorpje in Noord-Italië, gekomen om in Nederland écht Italiaans ijs te verkopen, dat elke dag net zo vers wordt bereid als de mensen in Italië gewend zijn. De natuurlijke ingrediënten komen rechtstreeks van overwegend biologische boerderijen, zowel uit Nederland (voor het fruit bijvoorbeeld) als uit Italië (pistachenoten). Wat mij betreft mag Gian Maria nooit meer terug naar Italië, tenminste niet voordat hij zijn ijsreceptuur heeft overgedragen!

9 Talamini – Dordrecht
Riccardo Talamini kon de roep van het ijs niet weerstaan. Na een carrière als politieagent gooide hij het roer om en trad hij in de voetsporen van zijn Italiaanse vader. In de jaren dertig trok deze vanuit een dorpje in Noord-Italië naar Nederland om de inwoners van Dordrecht kennis te laten maken met echt Italiaans ijs. In de tuin van Talamini besloten we om dit keer niet een gewoon ijsje te nemen, maar een heuse coupe, met versbereid vruchtenijs en veel vers fruit. Met elke hap waan je je even op een terras aan de Italiaanse kust…

Ook in het oosten van het land vind je een aantal ijssalons met de naam Talamini, maar deze ijsbereiders zijn geen familie van Riccardo. Talamini in Deventer is naar men zegt de grootste gelateria ter wereld. Het is een 120 meter lange pijpenla van achter elkaar liggende panden, die door de Italiaanse bouwmeester Eduardo Gellner in een ultiem lusthof is herschapen en van de Brink tot de Grote Overstraat loopt, onderweg enkele bekoorlijke tuinen passerend. Er kunnen wel 500 mensen van een ijsje zitten te genieten.

De nummer 10 in deze ijs top-10 ligt vast bij jou om de hoek! Laat ons weten waar jij het lekkerste Italiaanse ijs eet via blog@ciaotutti.nl, dan komt jouw favoriete ijssalon misschien wel op de Gelatissimo-lijst!

aug 10

Ja, je leest het goed! Zes bolletjes ijs is dagelijkse kost voor Roberto Coletti, eigenaar van Roberto Gelato in Utrecht. En ondanks het feit dat hij de keuze heeft uit een hele vitrine vol met de lekkerste smaken, kiest Roberto toch altijd weer voor chocolade en variegato amarena (yoghurtijs met amarena-kersen). Die vindt hij nu eenmaal het lekkerst.

‘IJs verveelt nooit,’ zo vertelt Roberto terwijl we op de ijshoornstoeltjes voor zijn ijssalon een ijsje eten. Hij dus een bolletje chocolade en een bolletje variegato amarena, ik een bolletje yoghurt en een bolletje bloedsinaasappel. ‘IJs is voor mij dan ook niets nieuws, ik ben er echt mee opgegroeid. Mijn overgrootvader, Giuseppe da Forno, had rond 1900 al een ijssalon in Krakau, in Polen. Mijn hele familie heeft wel iets met ijs. En niet alleen mijn familie: ook veel van mijn Italiaanse buren, vrienden en dorpsgenoten hebben van ijs hun werk kunnen maken.’

Roberto’s familie komt namelijk uit Pozzale di Cadore, een klein dorpje midden in de Italiaanse Alpen. Uit deze streek komen de meeste ijsbereiders die in Duitsland, Nederland en Oostenrijk een eigen ijssalon zijn begonnen. Roberto: ‘Met zoveel ijsbereiders in het dorp is het dan ook niet verwonderlijk dat er in de lente niet veel meer te beleven valt. Het hele dorp loopt leeg. In de winter, als de ijssalons dicht zijn, komen de ijsbereiders allemaal weer naar huis en is het er lekker druk. Dan word er over het ijsseizoen gesproken, worden er nieuwe smaken besproken of uitgedacht en worden er wedstrijden gehouden en cursussen gegeven, zodat we allemaal weer helemaal in vorm aan het nieuwe seizoen kunnen beginnen. En natuurlijk eten we ook dan veel ijs, al is het dan wat minder dan in de lente en de zomer hier in Nederland.’

Gelukkig deelt de vrouw van Roberto, Carlina, zijn passie voor ijs. Samen runnen ze Roberto’s Gelato, en samen bedenken ze keer op keer nieuwe smaken en nieuwe smaakcombinaties. Hoewel Carlina is geboren in Nederland, komt ook zij uit een echte Italiaanse ijsfamilie. ‘Mijn grootvader, Guido de Lorenzo, heeft ruim tachtig jaar geleden het woord ijssalon bedacht. Toen hij in 1928 naar Nederland kwam, kon je alleen bij een ijskar ijs kopen. Veel keuze was er niet: men kende alleen maar roomijs. Toen hij in Utrecht een echte ijssalon opende, moesten zijn buurtgenoten dan ook wel even wennen. Een salon waar je meerdere smaken ijs kon kopen, dat was toch iets heel anders dan zo’n ijskar. En al die smaken, wat moest men nu kiezen?’

Carlina’s grootvader besloot dan ook om een flink aantal ijskarretjes door heel Utrecht te verspreiden, zodat mensen aan zijn ijs zouden wennen. Carlina: ‘Hij noemde deze karretjes ‘zijn krukken’. Het ijs van mijn opa viel gelukkig al snel in de smaak. Bij de verkiezing voor de Utrechter van de eeuw, driekwart eeuw later, zat mijn grootvader bij de top 3. Zou elke Utrechter inmiddels verslingerd zijn geraakt aan het ijs van mijn opa?’

Carlina’s eerste bijbaantje was natuurlijk in de ijssalon van haar ouders, op de Oude Gracht. ‘Ik heb er met mijn zusje heel wat uren en zonnige dagen doorgebracht en heb er zelfs mijn eerste vriendje leren kennen. De ijssalon van mijn vader was heel innovatief; hij maakte in de jaren zeventig bijvoorbeeld al drop- en kaneelijs. Naast de ijssalon is mijn vader ook altijd actief geweest. Zo is hij een van de oprichters van de vereniging van Italiaanse ijsbereiders in Nederland, de ITAL. Ook was hij hoofdexaminator voor de vakopleiding tot meester ijsbereider.’

Carlina trad in de voetsporen van haar vader en grootvader. Samen met Roberto maakt ze nu elke dag het lekkerste ijs voor Roberto Gelato. ’s Ochtends vroeg, voordat de eerste mensen hun ijsje komen halen, maken ze samen alle smaken die ze die dag gaan verkopen. Natuurlijk wordt er elke dag wel vanille-, chocolade-, citroen- en aardbeienijs gemaakt (en variegato amarena natuurlijk, niet in het minst voor Roberto zelf), maar Roberto zou Roberto niet zijn als hij er niet voor zorgt dat er steeds ook bijzondere smaken in de vitrine liggen. Wat denk je bijvoorbeeld van wittevrouwen (kwark met honing en krokante sesam), capriccio (roomijs met karamel en gesuikerde pinda’s), frollini (met heerlijke Italiaanse chocoladekoekjes) of Sicilia (ijs van geroosterde amandelen en vijgen)?

Daarnaast maakt Roberto elke week een nieuwe smaak, die hij nog nooit eerder gemaakt heeft en die vaak ook alleen maar die week te proeven is. Roberto noemt deze smaak mai prima, nooit eerder, omdat hij hem dus nog nooit eerder gemaakt heeft. Carlina: ‘Roberto verzint een nieuwe ijssmaak meestal niet in de ijssalon. Hij krijgt de beste ideeën als we ergens anders zijn. Of ’s nachts, maar daar ben ik niet zo blij mee, want meestal maakt hij me dan wakker om zijn idee te delen.’

Gelukkig vallen Roberto’s ideeën meestal goed in de smaak. Al klinken sommige ijssoorten misschien eerst heel raar, Roberto weet er toch iets heel lekkers van te maken. Nooit gedacht bijvoorbeeld dat je van ansjovis ijs kan maken, maar het kan niet alleen: het smaakt ook nog eens heerlijk. Je proeft de zilte smaak van de ansjovis, maar tegelijk ook het romige van het ijs. Heel bijzonder! Roberto maakte zo ook al eens haringijs, bierijs, tomatenijs, kaasijs, sigarenijs en sesamijs. Geloof je niet dat deze ijssmaken lekker zijn? Ga dan zelf maar eens proeven bij Roberto en Carlina! Natuurlijk mag je ook een ‘gewone’ smaak kiezen, al zijn deze ijssmaken hier wel veel lekkerder. Dat komt onder andere door de ingrediënten die gebruikt worden, verklapt Roberto.

‘De mango’s voor ons mangoijs komen uit India, de citroenen worden natuurlijk op Sicilië geplukt en de pistachenoten komen uit het Siciliaanse Bronte. De vanille voor het vanille-ijs komt van Madagaskar, de hazelnoten uit Piëmonte en de chocolade van bij onze zuiderburen. Lekkerder krijg je het echt niet!’

Daar kan ik Roberto na een middag ijs proeven alleen maar gelijk in geven. Ik weet in elk geval dat ik hem vandaag meer dan verslagen heb; ik kan de bolletjes ijs die ik gegeten heb niet eens meer tellen! Het liefst zou ik, net als Roberto, elke dag een bolletje of zes eten, zeker van dit bijzonder lekkere mango, wittevrouwen- of bloedsinaasappelijs. Ik zou er bijna voor naar Utrecht verhuizen…

Wil je deze bijzondere ijservaring niet missen, Roberto en Carlina maken nog tot oktober elke dag opnieuw het lekkerste ijs. Je vindt hen aan de Poortstraat 93, in Utrecht, of op www.lekkerijs.nl. Voor iedereen die na een bezoek aan Roberto en Carlina ook thuis het lekkerste ijs wil maken, schreef Carlina het boekje Lekker! IJs.

Naast allemaal leuke weetjes over de geschiedenis van ijs geeft Carlina natuurlijk ook wat recepten prijs! Voor de lezers van Ciao tutti het recept voor wittevrouwenijs, genoemd naar de Utrechtse wijk waar Roberto en Carlina hun ijssalon hebben.

Wat heb je nodig?

voor ongeveer 12 bollen ijs

weegschaal
kunststof bewaarbak
grote kom
plastic lepel
blender of staafmixer

450 gram volle kwark*
120 gram volle melk*
50 gram slagroom*
80 gram vloeibare honing* (ik vind acaciahoning het lekkerst!)
100 gram sesamzaad

*Carlina heeft alle ingrediënten in grammen gezet, aangezien een weegschaal meestal veel nauwkeuriger is dan een maatbeker!

Meng eerst de kwark met de melk, slagroom en honing.

Als je een ijsmachine hebt, kun je deze mix nu in de machine doen. Als je geen ijsmachine hebt, zet je het mengsel in een plastic bak minstens 2 uur in de diepvries. Het ijs is klaar als het helemaal hard bevroren is. Voel even met een vork.

Als het ijs klaar is, schep je het in de blender om de ijskristallen te breken. Schep het ijs zo snel mogelijk uit de bak, mix het in de blender of met een staafmixer en schep het daarna terug in de bak. Zet de bak weer in de diepvries. Laat het ijs 5 minuten in de diepvries staan.

Strooi net voor je het ijs serveert het sesamzaad over het ijs. Als je geen sesamzaad kunt vinden, kun je ook een sesam-snackreep in stukken breken en die gebruiken.

aug 09

Wanneer ik over de Albert Cuyp loop en de geur van verse aardbeien me naar elke fruitkraam trekt, weet ik dat de zomer niet lang meer op zich laat wachten. Als dan de Italiaanse ijsverkopers terugkeren uit hun dorp in de bergen, waarnaar ze elk jaar in oktober terugreizen, weet ik het zeker: het is zomer!

Inmiddels is het alweer heel wat weken geleden dat ik de eerste aardbeien proefde en dat de rolluiken van de ijscoman om de hoek elke ochtend knarsend omhoog worden getakeld. In de tussentijd zijn er al heel wat bakjes aardbeien verorberd en ijssmaken geproefd. Daarom deze week op Ciao tutti een ijsspecial: elke dag een artikel over ijs.

We beginnen vandaag in het Italiaans (met onderaan dit artikel een verklarend woordenlijstje)! In het zomernummer van Italië Magazine neemt Daniela Ditvoorst-Falsetta een kijkje in de Italiaanse gelaterie.

‘Gli italiani mangiano tantissimo gelato, circa 15 chili all’anno. Per acquistarlo si va nella gelateria più buona in città. Sì, ma quale? Le gelaterie artigianali in Italia sono 32419! Per non parlare del numero dei gusti. Sono ormai oltre 600 gusti di gelato censiti in Italia. Ma nonostante la diversità dell’offerta, secondo un sondaggio, i preferiti restano i gusti classici: cioccolato (27%), nocciola (20%), limone (13%)< fragola (12%), crema (10%), stracciatella (9%) e pistacchio (8%). Io personalmente li preferisco tutti e voi, quale preferite?

L’arte gelatiera influenza acnhe le cucine degli chef più raffinati. Grazie alla collaborazione tra cuochi e gelaterie, il gelato non è più solamente un dessert ma un ingrediente fresco che accompagna carne e pesce. Sostanzialmente può essere abbinato a qualsiasi portata, dall’antipasto al secondo piatto. Per esempio, che ne direste di una tartare di scampi freschi con gelato di gambero o acciughe marinate?

Sono all’avanguardia anche il gusto al parmigiano, all’aceto balsamico, al carciofo, ai peperoni, alle olive e alla cipolla rossa. Quest’ultimo l’ho assaggiato personalmente a Tropea, in Calabria. Volete sapere che sapore aveva? Ma di cipolla rossa naturalmente!

Comunque, che sia dolce o salato, il gelato artigianale è sempre buono. E per quest’estate, qualunque sia il vostro gusto preferito: buon gelato a tutti!’

censiti geteld
sondaggio enquête
nocciola hazelnoot
fragola aardbei
gelatieri ijsmakers
abbinato a gecombineerd met
gambero garnaal
acciughe ansjovisjes
sono all’avanguardia ze lopen voorop
carciofo artisjok

 

Nu moet ik eerlijk zeggen dat het water mij nog niet in de mond loopt bij de gedachte aan ijs van rode uien. Ik houd het liever bij onze zomerkoninkjes. Ook deze zijn in het zomerse nummer van Italië Magazine aanwezig:

‘In Nemi, een lieflijk dorpje in de buurt van Rome, worden de eerste aardbeien van het jaar gevierd met een heus aardbeienfeest op de eerste zondag van juni. De fragolare, boerinnen gespecialiseerd in de aardbeienteelt, lopen dan in processie door de straten in hun klederdracht: rode rok, zwart vest, witte blouse, gevouwen hoofddoek. De fragolare waren vroeger ook in Rome aanwezig voor het feest aldaar op 13 juni, een feest waar aardbeien, die gratis onder de aanwezigen werden uitgedeeld, de hoofdrol speelden. In Rome stopte dit feest in 1870, maar in Nemi ging het vrolijk door.

In Sicilië, tussen de dorpen Sciacca e Ribera, heeft men zich gespecialiseerd in een soort bosaardbeitje dat ook door Slow Food wordt beschermd, de fragolina di Ribera. Door het verdwijnen van de seizoenen en het continue aanbod van aardbeien het hele jaar door is deze soort een soort bijproduct van kleine agrarische bedrijven geworden. Hij wordt traditioneel gebruikt om jams, geleien, diksap en natuurlijk ijsjes van te maken. Houd ze in de gaten als je naar Sicilië gaat, want als je ze eenmaal hebt geproefd, wil je niks anders meer,’ aldus Barbara Summa.

Ze geeft ook het recept voor fragole al limone (aardbeien in citroensap), een klassieker in Italië!

Ingrediënten:
aardbeien, gewassen en in stukjes gesneden
suiker naar smaak
citroensap naar smaak

Was de aardbeien, verwijder het kroontje en snijd de grotere aardbeien in kleinere stukjes. Breng de aardbeien op smaak met suiker en citroensap. Laat ze marineren. Als je ze een tijdje laat staan vormt zich vanzelf een zoete siroop, die eigenlijk het lekkerst is. Serveer de aardbeien in citroensap met vanille-ijs.

Heerlijk om van te genieten tijdens het lezen van de andere artikelen in Italië Magazine, onder andere over Pantelleria, het magische eiland tussen Sicilië en Afrika, over de kunst van Botticelli, over de historie van de Ape (het vrachtwagentje op drie wielen dat in Italië op elke hoek van de straat opduikt) en over fietsen langs de Tiber in Umbrië. Genieten!

Getagd met:
jun 03

Italië is komend weekend binnen handbereik! Van 4 tot en met 6 juni wordt namelijk het grote Smaak van Italië Evenement georganiseerd. In de tuinen van Kasteel De Haar vind je het mooiste, lekkerste, nieuwste en beste uit dit prachtige land. De ideale manier om Italië (beter) te leren kennen!

Organisator Aris Spada: ‘Italië is het land van grote dromen. Vakantiegangers zoeken en vinden er zon, zee en strand, maar ook een enorm aanbod aan cultuur en historie. Wie zich in dit land vooral rustig wil houden, komt ook op het terras of aan tafel volledig aan zijn trekken; van cappuccino tot gelato en van carpaccio tot risotto. Het jaarlijks Italië Evenement bij Kasteel De Haar biedt een optimale mix van al deze Italiaanse hoogtepunten. Wandelend langs de diverse exposanten, activiteiten en podia krijg je de komende dagen een voorproefje van de vele smaken die dit land rijk is.’

Opvallende hoogtepunten zijn de voorstelling van de familiemusical Pinocchio en de eerste editie van het Festival della Canzone Italiana (Festival van het Italiaanse Lied). Bovendien waren er nog nooit zoveel Italiaanse regio’s vertegenwoordigd als dit jaar; van Friuli en Piemonte in het noorden tot Basilicata en Puglia uit het diepe zuiden. Ook Toscane, bij uitstek dé vakantieregio voor Nederlanders, laat van zich zien, horen en proeven.

Bij de kassa ontvang je een compleet activiteitenprogramma, waarop precies staat aangegeven op welk tijdstip er wat te doen is, zodat je niets hoeft te missen. Een greep uit het programma:

Via dell’Arte
Je wandelt richting het kasteel met prachtige klassieke muziek op de achtergrond en langs de route meer dan twintig artiesten die verschillende Italiaanse kunstwerken tonen: schilderijen, beelden en – de Italiaanse kunstwerkjes bij uitstek – espresso’s!

Via Milano
Een van de vele pijlers waar Italië om bekend staat, naast wijnen, koken, auto’s en muziek, is de Italiaanse mode. Via Milano biedt de mooiste Italiaanse mode voor dames en heren, van tassen en schoenen tot shirts en maatwerkpakken.

Piazza della Ristorazione
Welkom op het Piazza della Ristorazione! Hier kun je genieten van heerlijke pasta’s en panini in het take away gedeelte of van een uitgebreide pranzo op het terras aan het water, uiteraard onder het genot van Italiaanse muziek.

Piazza del Caffè
Zittend op het terras, onder het genot van een espresso of cappuccino (of een andere Italiaanse koffievariant) en heerlijke Italiaanse dolci, zie je alle bezoekers langs je heen flaneren. Ook hier geniet je van Italiaanse muziek, live loungemuziek dit keer.

Piazza del Vino
Op het ‘wijnplein’ kun je niet alleen mooie wijnen proeven, je wordt ook vakkundig en enthousiast geïnformeerd door importeurs en producenten. Geniet van de prachtige wijnen met daarbij natuurlijk een mooie antipasto van vleeswaren, olijven en andere heerlijke hapjes!

Kapel
In de kapel zijn diverse lezingen te volgen. Op vrijdag zijn er zakelijke lezingen onder leiding van het vakblad Italië in Bedrijf. Op zaterdag en zondag wordt de dag gevuld met lezingen, Italiaanse films en artiesten.

Piazza dei Viaggi
Hoe heerlijk Italië is heb je vandaag al aan den lijve kunnen ondervinden. Wil je meer zien, doen en proeven, boek dan een reis op het Piazza dei Viaggi. VacanceSelect, Italie.nl en vele anderen bieden je de beste mogelijkheden. Uiteraard kun je er ook volop inspiratie opdoen!

Piazza della Casa
Hier worden je dromen waar gemaakt, als je tenminste droomt van een huis in Italië. Een tweede huis kopen in la bella Italia is immers niet gemakkelijk. Op het Piazza della Casa word je wegwijs gemaakt in het kopen van een tweede huis! Ook kun je je eigen huis (en je tweede huis in Italië natuurlijk) meteen inrichten, met Italiaans design!

Piazza dei Bambini
Gedurende het hele weekend worden op dit pleintje diverse activiteiten voor kinderen georganiseerd, verzorgd door onder andere het Archeon. Hoe marcheerden de Romeinen? Wat aten ze? Hoe zagen ze eruit? Een spannende belevenis voor elk kind!

Kijk voor meer informatie op www.italieevenement.nl

Getagd met:
mei 30

Van de aardige eigenaar van Perchè no! in Florence kreeg ik speciaal voor alle lezers van Ciao tutti het recept voor gelato di nocciola, oftewel hazelnootijs.

Gelato di nocciola

Ingrediënten
(voor 6-8 porties)

4 eieren
0,5 liter volle melk
2 dl slagroom
50 g zeer fijne kristalsuiker
75 g bruine basterdsuiker
3 eetlepels Frangelico (hazelnootlikeur)
150 g hazelnoten, gepeld en geroosterd
50 g pure chocolade

Klop 2 eieren, 2 eierdooiers, de kristalsuiker en de helft van de basterdsuiker los. Verwarm de melk totdat er luchtbellen naar boven komen. Schenk de melk dan bij het eiersuikermengsel.

Doe het mengsel dan in een pannetje en warm het ongeveer 10 minuten op middelmatig vuur. Roer regelmatig door. Laat het mengsel niet warmer worden dan 70 tot 75 °C, want dan gaat het schiften. Draai na 10 minuten het vuur uit, schenk het mengsel in een kom en meng er de hazelnootlikeur doorheen. Laat afkoelen.

Hak 120 gram van de hazelnoten fijn. Meng er de rest van de basterdsuiker door. Laat even rusten en roer er dan heel snel ongeveer een derde van het afgekoelde mengsel doorheen. Gebruik een keukenmachine voor het fijnste resultaat. Meng er ten slotte ook de rest van het mengsel door en laat ongeveer een uur opstijven in de koelkast.

Giet het mengsel na een uur door een zeef. Klop de slagroom bijna stijf en spatel dit door het gezeefde mengsel. Doe alles in een ijsmachine en laat deze volgens de gebruiksaanwijzing draaien tot het mengsel helemaal is bevroren. Schep het in een ijsdoos, dek af en zet het ijs minimaal 6 uur in de vriezer.

Haal het ijs ongeveer 10 minuten voor het opdienen uit de vriezer en zet het in de koelkast. Smelt de chocolade en laat hem afkoelen tot hij nog net vloeibaar is. Schenk de chocolade over het ijs en garneer met het restant van de hazelnoten.

Met dit recept waan je je even in Florence – ideaal voor een Italiaans tintje aan een Nederlandse zomeravond of zomaar tussendoor. Denk aan het motto van Perchè no! – waarom niet? Geniet!

Getagd met:
mei 22

Afgelopen zondag zette ik voor degenen die in de vakantie naar Italië afreizen allerlei soorten Italiaans ijs op een rijtje. Een oplettende lezer heeft misschien al opgemerkt dat een in Italië alom verkrijgbare ijssoort ontbrak. In elke zichzelf respecterende gelateria staat namelijk Nutella-ijs op de kaart, meestal vervaardigd van roomijs gemengd met Nutella. Paola Balducchi, de samenstelster van Het grote Nutella-kookboek, vond dat dit Nutella-ijs wel wat te wensen overliet en bedacht een eigen variant, die minstens zo lekker is als het Nutella-ijs uit een gelateria. Oordeel zelf!

Nutella-ijs

Ingrediënten
(voor 4 personen)

½ liter melk
2 eetlepels Nutella
100 g suiker
2 eidooiers
50 ml slagroom

Klop de slagroom en verwarm de melk. Klop de eierdooiers met de suiker en voeg de Nutella, warme melk en geklopte slagroom toe. Roer goed door en doe het mengsel in een ijsmachine. Volg de gebruiksaanwijzing van het apparaat. Zet het ijs 12 uur in de vriezer. Serveer het ijs in coupes of schaaltjes.

Voor wie wel van Nutella houdt, maar niet van ijs: in Het grote Nutella-kookboek vind je ruim 300 verrassende en originele recepten met Nutella. Deze Italiaanse hazelnootpasta is een begrip op onze ontbijttafel, maar de rode Nutellabijbel maakt duidelijk dat er nog zoveel meer mogelijk is met dit bekende broodbeleg dan het op een witte boterham te smeren. Van Nutella-cakejes tot Nutella-koekjes en van profiteroles met Nutella tot Nutella-ijs, het komt allemaal aan bod. Om je vingers bij af te likken!

De eerste boterham met Nutella
Het ontstaan van Nutella was een combinatie van gelukkig toeval en de genialiteit van één man, Pietro Ferrero. Deze banketbakker uit Alba, een stadje op het Piemontese platteland, kreeg in 1946 het lumineuze idee om de cacaobonenschaarste als gevolg van de oorlog op te vangen door de bonen te vervangen door hazelnoten – daar werden in Noord-Italië namelijk grote hoeveelheden van gekweekt. Ferrero noemde zijn nieuwe recept met noten, melk, suiker en een snuifje cacao ‘Giandujot’. Het was meteen een schot in de roos: de plaatselijke bevolking was gek op zijn Giandujot, en geleidelijk aan werd zijn uitvinding in heel Piemonte geroemd om zijn heerlijke smaak.

Giandujot werd vooral door kinderen zeer gewaardeerd, zij aten het in een dikke laag op hun brood. Toch had het product ook een nadeel: het was moeilijk smeerbaar. Daarom werd er geprobeerd om het smeuïger te maken. In 1949 werd het gewenste resultaat verkregen: een pasta van cacao en hazelnoten die ‘Supercrema di Giandujot’ werd genoemd. Deze nieuwe versie van het product was zo’n succes dat op een dag de heer Giovanni Ferrero, die verantwoordelijk was voor de verkoop, met zijn transportwagentje omsingeld werd door de menigte die de Supercrema wilde aanschaffen.

Al snel kende iedereen in Italië de Supercrema di Giandujot. Wat eerst een luxeproduct was, werd al snel een onmisbaar onderdeel van de voeding. In 1964 werd de naam Supercrema di Giandujot veranderd. Er moest een sterke merknaam komen, die begrijpelijk was voor iedereen, ook buiten de Italiaanse grenzen. Michele Ferrero, zoon van de oprichter van het bedrijf, begreep de potentie van het internationaal verspreiden van het product en richtte zich vooral op de Angelsaksische en Duitssprekende landen, waar al veel chocola gegeten werd. Hij stelde zich ten doel een naam te bedenken die de identiteit van het product weergaf, die gemakkelijk te begrijpen was en die ook nog eens goed kon worden uitgesproken in diverse talen. Michele nam de voornaamste grondstof, de hazelnoot, vertaalde dat woord naar het Engels (nut) en voegde daar de uitgang -ella aan toe. Sindsdien groeide de populariteit ook buiten Italië en is Nutella ook in Nederland vaak niet meer weg te denken van de ontbijttafel, zeker bij gezinnen met kinderen. Al eet ik zelf liever Nutella-ijs dan een boterham met Nutella…

Getagd met:
mei 17

Hoewel je mij mag wakker maken voor een lekker Italiaans ijsje, was ik vorige week heel verbaasd toen ik mijn bijna-buurman Carlo (die van de lekkere cappuccino – zie mijn blogstukje van 15 februari) op een vroege doordeweekse ochtend een broodje ijs zag eten. Ik wreef de slaap uit mijn ogen, kneep mezelf in mijn arm en keek nog eens goed. Een broodje ijs?

Carlo zag mijn ongelovige blik en grijnsde. ‘Lekker hoor, een broodje ijs! Zeker als ontbijt!’ Nu ben ik van nature niet erg goedgelovig aangelegd, dus ik keek Carlo twijfelend aan. Een broodje ijs? Alleen al de gedachte aan de combinatie van klef brood en heerlijk romig ijs deed me eerlijk gezegd gruwelen. Maar om een leuk weetje te achterhalen voor Ciao tutti moet je wel eens grenzen overschrijden, dus ik besloot me dapper aan een broodje ijs te wagen.

Carlo schrokte de laatste happen van zijn broodje naar binnen en dook achter de toonbank. ‘Een broodje ijs maak je altijd met een brioche, een zoet broodje,’ zo vertelt hij. ‘En nooit met sorbetijs!’ – zo laat hij er streng op volgen. Ik knik braaf, nog een beetje beduusd van deze riskante onderneming op de vroege ochtend. Carlo heeft in de tussentijd een broodje ijs gefabriceerd en dirigeert me naar buiten. In het ochtendzonnetje neem ik een voorzichtige hap van mijn broodje ijs.

Carlo kijkt me met opgetrokken wenkbrauwen aan, maar ik kan met mijn mond vol weinig verstaanbaars uitbrengen. Daarom op deze plek, Carlo, mijn grote dank voor dat mooie begin van de dag! Hoe wantrouwend ik er in het begin ook tegenover stond, je had helemaal gelijk! Er is geen beter ontbijtje denkbaar dan een broodje ijs! Het zachte briochedeeg combineert eigenlijk nog wel beter met het romige ijs dan een knapperig hoorntje. Laat die zomer dus maar komen!

Ook een broodje ijs eten bij Carlo? Je vindt zijn ijssalon annex koffiebar aan de Gerard Doustraat 224 te Amsterdam.

Getagd met:
mei 16

Je kunt in Florence geen gelateria voorbij wandelen zonder een paar minuten te staan watertanden bij al die bergen ijs, in vrolijke kleuren en voorzien van vers fruit om aan te duiden welke vruchten als basis hebben gediend. Maar ook de talloze soorten chocolade- en notenijs lachen je toe, waardoor je vaak nog voordat de dag goed en wel begonnen is zwicht voor een coppa (bakje) of cono (hoorntje). Gelukkig mag je de voor buitenlanders minder bekende soorten ijs vaak eerst even proeven, vraag hier dus gerust om. Met al die lekkere, exclusieve smaken zou het immers zonde zijn om niet van de gebaande paden af te wijken…

Met onderstaand lijstje bij de hand kun je in elk geval de meest gangbare smaken in elke ijssalon herleiden. Nu alleen nog kiezen welke smaken en combinaties het aller-, allerlekkerst zijn!

ALBICOCCA ABRIKOOS
AMARENA MOREL
AMARETTO AMARETTO
ANANAS ANANAS
ANGURIA WATERMELOEN
ARANCIA SINAASAPPEL
BACIO CHOCOLADE MET NOOTJES, LETT: ‘KUS’
  (NAAR HET CHOCOLAATJE UIT PERUGIA)
BANANA BANAAN
CAFFE’ KOFFIE
CANNELLA KANEEL
CARAMELLO CARAMEL
CASSATA CASSATA
  (SICILIAANSE VRUCHTENCAKE)
CASTAGNA KASTANJE
CILIEGIA KERS
CIOCCOLATO CHOCOLADE
CIOCCOLATA BIANCA WITTE CHOCOLADE
COCCO KOKOS
FIOR DI LATTE ROOM
FRAGOLA AARDBEI
FRUTTI DI BOSCO BOSVRUCHTEN
GIANDUIA GIANDUJA
  (CHOCOLADE MET HAZELNOTEN)
KIWI KIWI
LAMPONE FRAMBOOS
LIMONE CITROEN
LIQUIRIZIA DROP
MACEDONIA GEMENGD FRUIT
MALAGA MALAGA
  (ROOM, RUM EN ROZIJNEN)
MANDARINO MANDARIJN
MANDORLA AMANDEL
MANGO MANGO
MARACUJA MARACUJA
MARZAPANE MARSEPEIN
MELA APPEL
MELONE MELOEN
MENTA MINT
MIELE HONING
MIRTILLO BOSBES
MOCCA MOKKA
NOCCIOLA HAZELNOOT
NOCE NOTEN
PANNA SLAGROOM
PAPAYA PAPAJA
PERA PEER
PESCA PERZIK
PINOLI PIJNBOOMPITTEN
PISTACCHIO PISTACHE
POMPELMO GRAPEFRUIT
RISO RIJST
STRACCIATELLA STRACCIATELLA
  (VANILLEIJS MET STUKJES CHOCOLADE)
TARTUFO TRUFFEL
TIRAMISU TIRAMISU
TORRONE NOGA
VANIGLIA VANILLE
YOGURT YOGHURT
ZABAIONE / ZABAGLIONE ZABAIONE / ZABAGLIONE
  (EIERCREME MET MARSALA)
ZUPPA INGLESE ZUPPA INGLESE
  (CREME MET IN RUM GEDRENKTE BISCUIT)

Getagd met:
preload preload preload