mei 04

Vandaag mag ik jullie dan (eindelijk) een voorproefje geven uit de nieuwe reisgids De smaak van Florence, waaraan ik afgelopen maanden heb ‘gewerkt’. Want laten we eerlijk zijn, al dat proeven mag je eigenlijk geen werk noemen, net zomin als schrijven over een van de mooiste plekken op aarde. Eerst maar eens een impressie van een aantal pagina’s uit de gids:

Aangezien jullie die kleine lettertjes waarschijnlijk niet kunnen ontcijferen, mijn persoonlijke top 5 in deze wijk, rondom de Duomo, het Piazza della Signoria en het Palazzo Vecchio:

*Rivoire, hoek Piazza della Signoria / Via Vacchereccia
Een van de oudste koffiezaken van de stad, met niet alleen goede koffie, overheerlijke chocolademelk en aanlokkelijke taartjes en chocolaatjes, maar ook nog eens een prachtig uitzicht op het Piazza della Signoria.

*Carapina, Via Lambertesca 18r
Verstopt in een straatje achter Piazza della Signoria wordt misschien wel het lekkerste ijs van Florence gemaakt. Het vanille-ijs wordt bereid volgens authentiek recept van Artusi, maar ook smaken als quattro formaggi en ricotta met peer zijn het proberen waard.

*I Due Fratellini, Via dei Cimatori 38r
De twee broertjes zijn echt een begrip! In hun kleine winkel, niet meer dan een gat in de muur, beleggen ze de lekkerste broodjes. Doe net als de Florentijnen en eet staand, op de stoep.

*Gustavino, Via della Condotta 37r
Modern restaurant annex wijnbar waarin Toscane op handen gedragen wordt. Authentieke gerechten met een eigenwijze, eigentijdse touch.

*Coquinarius, Via delle Oche 15r
Bij deze enoteca kun je terecht voor een enorme keuze aan wijnen en simpele, originele gerechten. Je geniet tot in de late uurtjes van de ongedwongen sfeer.

De smaak van Florence
Wie al mijn favoriete culinaire adressen in Florence wil leren kennen, kan met De smaak van Florence op pad. Voor slechts 15 euro ontdek je de gezelligste wijnbarretjes rondom de Santa Croce, de kleurrijke ijssalons in de buurt van de Duomo, de lekkerste lokale trattoria’s rondom de Mercato Centrale in de wijk San Lorenzo en eindeloos veel andere gouden adresjes van Florence en Fiesole.

Bovendien geven enkele inwoners van de stad prijs waar zij het liefst naartoe gaan voor hun dagelijkse cappuccino, een lekkere pasta of een goed glas wijn. Vermijd met dit boek in de hand de gebaande toeristische paden en valkuilen, en geniet van de echte smaak van Florence!

De smaak van Florence
Saskia Balmaekers
ISBN 9789025751418
€ 15,00
uitgeverij Dominicus | Uitgeeftak
bestel De smaak van Florence via deze link bij bol.com

De smaak van Florence ook als app
De smaak van Florence is er ook als app, met alle gouden adressen die in de gids zijn opgenomen. Dankzij het unieke offline navigatiesysteem weet je precies hoe je moet lopen naar al die adressen en hoeveel meter je verwijderd bent van een kop koffie, een ijsje of dat heerlijke bord pasta.

Als je de app gedownload hebt, heb je alle adressen en bijbehorende informatie altijd bij de hand. Je betaalt dus géén extra kosten voor gebruik van internet in het buitenland, tenzij je buiten de app naar de website van het restaurant surft of Google Maps wilt bekijken. De smaak van Florence-app is nu al te downloaden in de Appstore en zeer binnenkort ook als Android-app verkrijgbaar.

Ci vediamo a Firenze !

apr 26

Stel je voor: je krijgt de vraag of je een chocoladekookboek uit het Italiaans wil vertalen. Honderden recepten die één ding gemeen hebben: er zit lekker veel chocolade in! Uiteraard zeg je daar geen nee tegen! Dus gingen Diane, Willemijn en ik vorige zomer aan de slag met chocoladetaarten, chocoladekoekjes, chocoladepannenkoeken, chocoladebonbons, chocolademelk en chocoladesaus.

Uiteraard werden er tijdens het vertalen en het uitproberen van de recepten kilo’s chocolade verslonden. Maar allemaal voor het goede doel, want nu is het boek overal verkrijgbaar en kan iedereen meegenieten van al dat lekkers!

Vandaag op Ciao tutti een klein voorproefje, met het recept voor torta caprese. Torta caprese is een taart die echt bij Napels en de Amalfitaanse kust hoort. Het originele recept, waarop vele variaties bestaan, komt van het eiland Capri en is bij vergissing ontstaan: men was simpelweg vergeten bloem aan het deeg van een amandel-chocoladetaart toe te voegen.

Ingrediënten
(voor 6 personen)
130 g pure chocolade
130 g boter, plus extra om in te vetten
100 g kristalsuiker
4 eieren
30 g aardappelmeel
1 theelepel gist
1 eetlepel cacaopoeder
130 g amandelen, fijngehakt
zout
bloem, om te bestuiven
poedersuiker, om te garneren

Bereidingstijd:
1 uur en 10 minuten

Wachttijd:
ca. 30 minuten

Verwarm de oven voor op 170 °C. Smelt de chocolade au bain-marie. Meng de boter met de suiker. Scheid de eieren en voeg de eidooiers aan het mengsel toe. Meng alles met een mixer tot een luchtige massa. Meng het aardappelmeel, de gist en het cacaopoeder erdoor. Roer alles goed door en meng de amandelen en de chocolade erdoor.

Klop de eiwitten stijf met een snufje zout en spatel ze voorzichtig door het chocolademengsel. Schep het beslag in een met boter ingevette en met bloem bestoven taartvorm. Strijk de bovenzijde mooi glad en zet de taart ongeveer 45 minuten in de oven.

Draai de oven uit en zet de ovendeur op een kiertje. Laat de taart enkele minuten rusten. Haal de taart dan uit de vorm, laat hem iets afkoelen en bestrooi hem voor het serveren met poedersuiker.

Honderden andere chocoladerecepten (voor bijvoorbeeld chocoladesoufflé, soesjes, cheesecake, baci di dama, brownies en ijs) vind je in

Het grote chocoladekookboek
Alba Allotta
vertaald door Saskia Balmaekers, Willemijn van Dijk & Diane Kuster
ISBN 9789023013501
€ 19,95
Uitgeverij Becht

Aan de slag!
Van uitgeverij Becht mag ik drie lezers van Ciao tutti verrassen met een exemplaar avn dit heerlijke kookboek. Kans maken? Stuur voor 15 mei 2012 een e-mail naar winnen [at] ciaotutti [punt] nl met je naam en adresgegevens, en wie weet sta jij dan straks in de keuken met meer dan 500 chocoladerecepten! Direct aan de slag? Bestel dit kookboek om je vingers bij af te likken dan via deze link bij bol.com!

apr 19

Een bezoek aan Rome is voor kinderen een onvergetelijke ervaring. De stad barst van de plekken waar de geschiedenis voor hun ogen tot leven komt, en waar prachtige, tot de verbeelding sprekende verhalen bij zijn te vertellen. Als ouder moet je dan natuurlijk wel zelf goed op de hoogte zijn om je kinderen al die verhalen te kunnen vertellen.

Althans, tot voor kort, want sinds dit voorjaar is er een geweldig leuke Lonely Planet-reisgids voor kinderen te koop, die alles wat ze over Rome willen weten op een speelse, laagdrempelige manier uitlegt. Zo zijn de rollen omgekeerd en kunnen de kinderen hun ouders mee op pad nemen door de Eeuwige Stad. Want let wel: de gids zelf heeft als ondertitel ‘Veboden voor ouders’ – die mogen dus niet even spieken ;-)

In het voorwoord worden de jonge reizigers al direct meegenomen naar het ‘echte’ Rome:

‘Dit is geen reisgids. En hij is zeker niet voor ouders. Dit is het echte insideverhaal over een van ’s werelds beroemdste steden: Rome. In dit boek zul je fascinerende verhalen lezen over oude gladiatoren en moderne voetballers, hectisch verkeer, lekker eten en een gruwelijk verleden.

Kom meer te weten over vechten met wilde dieren, spookachtige stenen, dragracing in Romeinse stijl en geluksfonteinen. Ontdek de pittige scooters, fashionista’s, echt oude bruggen en ijs in alle mogelijke smaken. Dit boek toont je een Rome waarvan je ouders wellicht geen flauw benul hebben.’

Het boek omvat niet alleen verhalen, leuke weetjes en spannende anekdotes over Rome maar brengt de stad aan de hand van foto’s, illustraties en stripverhaaltjes ook beeldend tot leven. Zo worden een aantal grote monumenten uitgelicht aan de hand van hun opdrachtgevers. De auteur schrijft:

‘Denk aan mij! Wie heel belangrijk is, wil dat er voor hem een reusachtig monument wordt opgericht, zodat iedereen zich altijd zal herinneren wie hij was en wat hij gedaan heeft. Rome bulkt van dergelijk eerbetoon, oud en bouwvallig of modern en imposant.’

Een van de voorbeelden die in de reisgids worden genoemd, is de enorme voet die op de binnenplaats van de Capitolijnse Musea te bewonderen is. ‘Deze voet is een stuk van een reusachtig standbeeld van de Romeinse keizer Constantijn, die vijftig jaar lang regeerde en van het christendom de belangrijkste godsdienst in het Romeinse rijk maakte. Het hoofd, de armen en benen werden uitgehouwen uit marmer.’

Erbij een lijstje met een handvol wetenswaardigheden:

*het standbeeld moet zo’n 12 meter hoog zijn geweest
*enkel het hoofd, de handen, een arm, delen van de benen en voeten bleven bewaard
*het hoofd is 2,5 meter hoog en elke voet is ruim twee meter lang
*het standbeeld zat op een troon op het Forum Romanum
*de resten werden gevonden tussen het puin van het Forum in 1486

Wedden dat kinderen enorm trots zijn dat ze dit kunnen vertellen als ze naast die enorme voet staan? En zo zijn er nog veel meer weetjes en anekdotes te vinden in deze aantrekkelijke gids, dus zowel ouders als kinderen zullen niet snel uitgekeken en uitgelezen raken.

Ga je binnenkort met kinderen naar Rome, koop voor hen als voorbereiding dan dit geweldige boek en laat ze je meenemen naar al dat spannends en moois in Rome.

Lonely Planet Rome – Alles wat je altijd al wilde weten
ISBN 9789020992069
€ 14,99
uitgeverij Lannoo

Bestel deze reisgids via deze link bij bol.com

feb 05

Het weer van de laatste dagen is voor de meeste mensen nu niet de beste omstandigheid voor een grote coupe ijs. Mij mag je echter altijd wakker maken voor een gelato, hartje zomer en hartje winter, ’s ochtends vroeg of laat op de middag, na het eten of nog net voor het slapengaan…

Een van de eerste dingen die ik in Italië dan ook vaak onderneem, is een wandeling naar een gelateria, om een ijsje te bestellen en te genieten van de aanblik van al die bergen ijs. Ik kan me ontzettend verheugen op een bolletje meringue-ijs bij San Crispino in Rome, op een chocolade-ijsje bij Vestri in Florence, op het pijnboompittenijs van Sergio in San Gimignano of op een van de heerlijke sorbetsmaken in Venetië.

Maar ook in eigen land kan ik de verleiding niet weerstaan. Dolgelukkig was ik dan ook toen we vorig jaar bij De Smaak van Italië een heuse ijstest organiseerden, waarvoor ik wekenlang ijs mocht eten, veel ijs! Voor wie het verslag van die test gemist heeft; hierbij de link naar mijn verhaal over onze smaakreis naar het zuiden des lands.

We kwamen tijdens het proeven uiteraard ook terecht bij Roberto Gelato in Utrecht. Eerder was ik daar al eens geweest voor een stukje voor Ciao tutti over deze bijzondere ijsbereider, die zelf maar liefst zes bolletjes ijs per dag eet (dat stukje vind je hier). Een bezoek aan deze ijssalon is ’s zomers echt een must. Ik word elke keer weer vrolijk van al die heerlijke smaken ijs, maar vooral van Roberto en zijn vrouw Carlina, die met zoveel passie en plezier achter de ijsmachine staan.

Ik sprong dan toen ook een gat in de lucht toen ik vorige week van uitgeverij Miller Media de vraag kreeg of ik het nieuwe ijsboek van Carlina wilde redigeren. Ze konden mij geen groter plezier doen dan me een paar dagen lang in ijs te laten duiken, en dan ook nog op dit niveau… Een meer dan smakelijk vooruitzicht.

Het boek verschijnt in april, maar voor jullie vandaag alvast een voorproefje:

IJs eten is altijd feest, maar ijs maken, serveren en trakteren ook. IJs heeft iets magisch en wie is er niet gek op? Carlina De Lorenzo van de bekende Utrechtse ijssalon Roberto Gelato laat zien hoe je heel makkelijk zelf ijs kunt maken. Met oude Italiaanse familierecepten en nieuwe bereidingen van roomijs, sorbetijs, ijslolly’s en ijstaarten. Van traditionele, tot oer-Hollandse en heel eigentijdse en gekke smaken. Voor elke gelegenheid is er ijs. Als het lekker warm is, als het feest is, of gewoon omdat het ontzettend lekker is (altijd dus, voor mij althans!).

Carlina De Lorenzo komt uit een echte ijsfamilie, die zich vanuit de Italiaanse Alpen over Europa verspreidde tot in Rusland. Carlina’s grootvader begon in 1928 de eerste ijssalon in Nederland en haar vader had een bekende ijszaak aan de Oude Gracht in Utrecht. Carlina is gecertificeerd ijsspecialist en samen met haar man Roberto runt ze ijssalon Roberto Gelato in Utrecht. Voor kinderen schreef ze eerder het boek Lekker! IJs.

Zodra het boek straks gaat verschijnen, zal ik uiteraard hier op Ciao tutti een recept prijsgeven. Wie na het lezen van dit verhaal vandaag al aan het ijs wil, verwijs ik naar een eerder recept voor Nutella-ijs dat ik op Ciao tutti plaatste. Het is vandaag, 5 februari, namelijk Wereld Nutella Dag – een extra feestelijke reden voor een ijsje dus!

dec 13

Nog een mooi decembercadeau, met twee ingrediënten die onlosmakelijk verbonden zijn met de Italiaanse keuken. Olijfolie is een gezond en puur product, waar je mee kunt bakken en braden. Maar je kunt er ook heerlijke sauzen en dressings mee maken, en zelfs lekkere toetjes! Volop inspiratie dus voor een kookboek met 24 makkelijk te maken gerechten die olijfolie en olijven tot een ware delicatesse maken. Van groene pesto tot een basisvinaigrette en van citroensalade met sardines tot zeebaars met olijven.

Het boekje en de recepten zijn van de hand van Manfred Meeuwig, eigenaar van olijfoliewinkel Meeuwig & Zn in Amsterdam en foodstylist. Voor hij de recepten presenteert, vertelt hij eerst over de achtergrond van olijven en olijfolie. Een klein fragment:

‘Je zou het niet zeggen van zo’n zomers product maar olijven worden in de winter geplukt, van oktober tot januari om precies te zijn. Alle olijven zijn eerst groen en worden naarmate ze rijper zijn paars tot zwart. Alle olijven (dus ook de rijpe) smaken rechtstreeks van de boom geplukt erg bitter. Daarom ondergaan tafelolijven verschillende behandelingen, onder andere in pekelbaden, om ze eetbaar te maken.

Tijdens het plukken worden de olijven opgevangen in netten die op de grond zijn uitgelegd. Voor de kwaliteit van de olie is het van het grootste belang dat de olijven binnen 24 uur geperst worden. In de perserij worden de olijven gewassen en met wat koud water vermalen tot een dikke massa. Deze massa wordt op ronde matten verdeeld, opgestapeld en uitgeperst.

Het vocht dat hierbij vrij komt is helemaal niet lekker. Het bevat naast de olie met daarin opgeloste prettige smaakstoffen ook in water opgeloste bittere smaakstoffen. Maar dan vindt het wonder plaats: door middel van een simpele centrifuge wordt het onaangename vocht gescheiden van de lekkere olie. In zeer moderne perserijen wordt met het zogenaamde continue proces gewerkt. Hierbij is het malen en het persen een aaneensluitend proces. Sommige oliën worden vervolgens door dikke lagen papier gefilterd om ze helderder te maken, andere blijven  mooi troebel.’

Meeuwig legt vervolgens het verschil in kwaliteit en smaken tussen olijfoliën uit. Wanneer gebruik je welke olijfolie? Welke aanduidingen op het etiket zijn van belang?

Dan volgen de recepten, waarvan we er alvast eentje mogen proeven: salade van sinaasappel met muntijs.

Ingrediënten
(voor 4 personen)

3 sinaasappels, geschild en overdwars in dunne plakjes gesneden
2 eetlepels extra vergine olijfolie
50 gram pistachenootjes, fijngehakt
1 bosje munt, fijngehakt
vanille-ijs

Verdeel de sinaasappel over 4 borden en schenk er de olie overheen. Meng de pistachenootjes met de munt. Maak bolletjes van het ijs en rol deze door het munt-pistachemengsel. Leg per bord een bolletje op de sinaasappelschijfjes en serveer direct.

Nog meer lekkere recepten met olijfolie vind je in

Olijf & Olie boekbox – 24 wereldse gerechten met olijvenschaaltje
Manfred Meeuwig
ISBN 9789057674662
€ 14,95
uitgeverij mo’media

Getagd met:
sep 03

Zoals beloofd vandaag een voorproefje van de nieuwe reisgids De smaak van Rome. In deze gids staan de belangrijkste bezienswaardigheden van Rome op overzichtelijke wijze beschreven, met tips voor de beste culinaire tussenstops in de nabije omgeving. Zo voorkom je dat je in de toeristenfuik naast het Colosseum stapt of veel te veel voor een bord te gare pasta betaalt.

Mijn collega’s en ik zijn in Rome op zoek gegaan naar de gezelligste wijnbarretjes bij het Campo de’ Fiori, de lekkerste ijssalons in de kleine straatjes rondom het Pantheon, de beste restaurantjes rondom het Piazza Navona en alle andere gouden adresjes. Enkele inwoners van de stad hebben bovendien prijsgegeven waar zij het liefste naartoe gaan voor hun dagelijkse cappuccino, een lekkere pasta of een goed glas wijn en uiteraard delen we ook die tips graag met jullie!

Met deze gids vermijd je de gebaande toeristische paden en valkuilen en geniet je op elk moment van de dag van de echte smaak van Rome. Dat het geen sinecure was om deze gids samen te stellen, vertelt Willemijn van Dijk naar aanleiding van haar laatste reis naar Rome, waar ze de laatste adresjes verzamelde:

‘Ik werk aan een boek over Rome.’ ‘Oh, echt waar? Mag ik je telefoonnummer?’ Hmmm. Ik wil mijn werk goed doen, echt waar, maar de Italiaanse obers maken het me niet overal even gemakkelijk. En dit is pas een van de eerste adressen! Ik heb er nog minstens honderd te gaan…

‘Ik ben journaliste, uit Nederland, en we maken een gidsje met de beste adresjes in Rome,’ probeer ik vol goede moed. Het lijkt te werken. Althans, de jongeman doet water bij de wijn, op zijn manier: ‘Kan ik je dan op Facebook zoeken? Wacht, ik geef jou het mijne. Dan laat je me weten als het boek uitkomt.’ Ik maak een paar foto’s van de binnentuin van het prachtige Hotel Russie aan de chique Via del Babuino en maak dat ik wegkom. ‘Grazie! Ci vediamo su Facebook.’ Of niet.

Nu hoor je mij niet klagen. Zeg nou zelf: de dag dat je baas tegen je zegt dat je cappuccino, ijs, wijn en andere Italiaanse specialiteiten moet gaan proeven in Rome, is de dag dat je jezelf afvraagt of die zegen die de paus ooit over je uitsprak op het Sint Pietersplein soms echt heeft gewerkt. Maar iedere idylle heeft haar realistische keerzijde.

De harde realiteit van mijn Rome-opdracht bleek tweeledig. Probleem één: hoeveel kan ik precies eten, drinken en proeven op een dag? Probleem twee: hoe knoop ik gesprekken aan met Romeinen zonder dat ze dat direct interpreteren als een regelrechte verklaring van de uiterste vorm van bereidwilligheid? Het antwoord op de eerste vraag werd met de dag, letterlijk en figuurlijk, rekbaarder. Het tweede antwoord bleek lastiger, want spontane gesprekken met Romeinen zouden me helpen het boekje nog leuker, beter, echter te maken.’

Willemijn in Rome

Gelukkig voor ons zette Willemijn door (een verslag daarvan lees je in haar volledige column op www.desmaakvanitalie.nl), hetgeen resulteerde in een 168 pagina’s tellende gids die vanaf vandaag te koop is.

Volgende week donderdag reiken we een bijzonder exemplaar uit aan Rosita Steenbeek, Rome-kenner bij uitstek. Ook zij gaf haar persoonlijke tips om een verblijf in Rome nog leuker – en vooral lekkerder – te maken. Zal ik er alvast een verklappen? Nou vooruit, omdat het zo’n feestelijk gebeuren is, het verschijnen van een boek waar je met z’n allen met hart en ziel aan gewerkt hebt, drie tips van Romeinse vrouwen die weten wat lekker eten is:

‘Fantastisch Siciliaans ijs vind je net even buiten het centrum, bij Gelarmony. Echt de moeite waard om even voor om te lopen!’
Rosita Steenbeek, auteur van o.a. Thuis in Rome

‘Een bezoek aan Rome is niet compleet zonder een stuk pizza te hebben gegeten! De beste maken ze volgens mij bij La Fucina. De beste prosciutto, verse mozzarella… Als je hier een pizza eet kom je als een echte kenner naar buiten.’
Cristina Bowerman, chef-kok Glass Hostaria in Trastevere

‘Mijn favoriete winkel in de stad is Spazio Sette. Van keukenschort tot leren bank; hier hebben ze echt van alles. Eigenaar Edoardo, een getalenteerd architect, is de ziel van de winkel.’
Giuseppina Torregrossa, auteur van o.a. De proefster

Meer van deze tips lees, zie en proef je in

De smaak van Rome
ISBN 9789025749866
€ 15,00
uitgegeven door De Smaak van Italië i.s.m. Dominicus

Alsof dat allemaal nog niet genoeg is, hebben we alle adresjes ook verzameld in een supersonische iPhone-applicatie. Dankzij de unieke offline navigatie (met gouden kompas) weet je precies hoe je moet lopen om al die lekkere adresjes niet te missen. Als je de app eenmalig gedownload hebt, heb je alle adressen en de bijbehorende informatie altijd en overal bij de hand. Je betaalt dus geen extra kosten voor gebruik van internet in het buitenland.

De app bevat net als de gids ruim 150 unieke adressen voor koffie, ijs, aperitief, lunch, diner en culinair shoppen. Per adres krijg je niet alleen een uitgebreide beschrijving plus een duidelijke foto (zodat je het eenmaal in Rome makkelijk herkent) maar ook gegevens als telefoonnummer en webadres, zodat je (al voor je naar Rome afreist of in je hotel) een tafeltje kunt (laten) reserveren.

De app kost € 3,99 en is te downloaden in de AppStore. Heel wat goedkoper dan een persoonlijke gids, alhoewel mijn collega’s en ik uiteraard ook altijd meer dan bereid zijn om als persoonlijke gids op te treden. We moeten immers regelmatig voor nieuwe updates en adresjes zorgen, en bovendien zijn we Rome nog lang niet moe… Het gezegde Roma, non basta una vita onderschrijven we dan ook direct.

Daarom wandelen we ook op Ciao tutti komende weken door Rome. Maar eerst genieten we nog een paar dagen van Italië in eigen land, met nieuwe Italiaanse boeken en evenementen, maar na de eerder genoemde pranzo op 8 september gaan we echt weer op weg naar het zuiden. Reizen jullie mee?

Getagd met:
jul 03

Na de Italiaanse ijs-test van gisteren vandaag een heerlijk recept om thuis zelf echt Italiaans ijs te maken. En niet zomaar Italiaans ijs, nee, Campari-bloedsinaasappelijs. Een ideaal ijsje voor de zomer!

In Italië is bloedsinaasappelsorbet naast citroensorbet een veelvoorkomende smaak. Goede bloedsinaasappels zijn helaas slechts verkrijgbaar van januari tot april. IJsmeester Kees Raat, van wie het recept van vandaag afkomstig is, mixt het sap van de bloedsinaasappel graag met Campari, een bitter Italiaans aperitief gemaakt volgens een geheim recept dat in 1862 werd ontwikkeld door Gaspare Campari. De volle smaak van dit ijs zorgt voor een verrassende prikkeling van de smaakpupillen.

Ingrediënten:

25 gram citroensap
250 gram bloedsinaasappelsap
10 gram rodewijnazijn
40 gram Campari
400 gram suikerwater

Voor dit recept heb je een ijsmachine nodig.

Schenk de Campari in een kleine pan en laat deze op een laag vuur inkoken tot de alcohol verdampt is. De alcohol is er helemaal uit als er geen alcoholdamp meer in de pan is. Je kunt dit testen door de drank aan te steken met aansteker. Een veiliger methode is het geheel te wegen: als de vloeibare massa precies 30 gram weegt, is de alcohol verdampt.

Doe de Campari en alle overige ingrediënten in een hoge maatbeker en meng het geheel goed door met de staafmixer. Doe het ijsmengsel in de ijsmachine. Als je het ijs van tevoren klaarmaakt, bewaar het dan in de koelkast en roer het mengsel nog even door voordat het de ijsmachine ingaat.

Over IJstijd
De ijssalon van Kees Raat, in de Amsterdamse Warmoesstraat, is dé plek waar je echt ijs kunt eten, ijs zoals vroeger, vers bereid en met pure smaken. In zijn nieuwe boek IJstijd leert Kees Raat je hoe je zelf ijs kunt maken en wat de geheimen zijn om de pure smaak te krijgen – zonder kunstmatige grondstoffen. Oftewel: ijs zoals ijs vroeger smaakte en nog altijd zou horen te smaken.

Het boek begint met een beknopte geschiedenis van de ijssalon. Vervolgens neemt Kees het over om de verbanden te leggen met het heden en het een en ander uit te leggen over ijs maken. Wat zijn bijvoorbeeld de technieken om ijs te maken? Welke ingrediënten gebruik je? Hoe moet je eigenlijk proeven? En wat is de echte smaaksensatie?

Naast het beantwoorden van deze vragen licht Kees ook nog een aantal geheimen, technieken en fijne kneepjes toe. Hoe moet bijvoorbeeld de structuur van het ijs zijn? Hoe kan het dat Kees maar 6 procent suiker gebruikt, terwijl het meeste Nederlandse ijs 22 procent suiker bevat? En wat maakt ijs nu echt goed ijs?

Tot slot komen zelfs gastronomische invallen, zoals het gebruik van een bepaalde etherische olie, aan bod en natuurlijk ‘the secret to succes’ van Kees zelf.

IJstijd
Kees Raat
ISBN 9789048809882
€ 22,50
uitgeverij Carrera

Over Kees Raat
Kees Raat is chocolatier en ijsmaker. In zijn winkel in de Amsterdamse Warmoesstraat verkoopt hij elke dag vers Italiaans ijs. Met een vintage ijsmachine uit Bologna draait hij het lekkerste ijs. Naast traditionele bollen serveert Kees ook bijzondere smaken als zuppa inglese met rode likeur en dulce de leche met gezouten boter. Als je zelf ijs maken te veel werk vindt, dan kun je in elk geval bij Kees je hart ophalen!

Getagd met:
jul 02

Tot voor kort riep ik herhaaldelijk: ‘Voor ijs mag je me altijd wakker maken!’ Ik kon er geen genoeg van krijgen, en zodra de eerste zonnestralen zich lieten zien, genoot ik van het eerste ijsje buiten. In Italië ken ik zo ongeveer elke ijssalon – en elke smaak. Toen bij De Smaak van Italië het idee voor een Italiaanse ijs-test ontstond, was ik dan ook meteen enthousiast. Alle Italiaanse ijssalons van Nederland testen? Count me in! Ik droomde al van bollen pistache-, chocolade- en aardbeienijs…

Vol goede moed maakten mijn collega’s en ik een lijst van alle gelateria’s binnen onze landsgrenzen. We prikten een aantal dagen in onze agenda’s en telden de nachtjes tot het dan eindelijk zover was. Tijdens etentjes en borrels met vrienden was onze ijstest natuurlijk hét onderwerp van gesprek en ik kreeg regelmatig de vraag of er niet een extra proefpersoon nodig was. Lachend wees ik dat van de hand, en ook mijn collega’s waren veel te blij met al dat ijs in het vooruitzicht.

Met het vooruitzicht van ijs, ijs en nog meer ijs togen we op de eerste dag naar het zuiden van het land. Helaas werkte het weer niet mee: het was ijskoud voor mei, het waaide hard en de donkere lucht beloofde niet veel goeds… De eerste stop was in Den Bosch, waar de verleiding eerst een Bossche Bol met een kopje thee te nemen groot was. Maar ja, er stonden meerdere Bossche adressen op onze ijslijst – met heel andere bollen die geproefd moesten worden. Hier en daar viel dat nogal tegen, maar bij Frezzo werden we verrast door de royale porties en de heerlijk verse smaken. Ondanks ons goede voornemen alleen te proeven (en dus niet steeds het hele ijsje op te eten), ging het ijs tot het laatste uit het bakje geschraapte restje schoon op.

Op naar de volgende ijsadressen op het lijstje, maar niet voordat we een hartige pasta met ansjovis hadden gegeten bij wijze van late lunch. Na al dat ijs kregen we een enorme trek in iets hartigs, iets wat we tijdens de rest van de ijstestdagen vaak met frietjes of soep oplosten. Gelukkig vonden we de eerste dag een gelegenheid die geheel op Italiaanse wijze ’s middags een warme lunch serveert, zodat we weer een beetje in de stemming kwamen voor de gelati.

Want, eerlijk is eerlijk, het was nog niet zo gemakkelijk om zoveel ijs op een dag te eten. Al na een bolletje of zes hielden we ons aan ons voornemen: alleen proeven, een paar kleine hapjes, en als we het niet eens konden worden, vooruit, nog een hapje, maar zeker geen hele bolletjes meer – laat staan een heel bakje.

Dat hielden we prima vol, daar in het zuiden, tot we in Nederweert belandden. Onderweg hadden we veel geproefd, maar eigenlijk niet echt een ijssalon gevonden die boven de rest uitstak. In Nederweert vonden we zo’n adresje gelukkig wel. Op een paar minuten van de snelweg lag daar ijssalon Florence, een ruime salon met niet alleen een groot terras voor degenen die graag een ijscoupe eten, maar ook een paar bankjes voor het verorberen van je hoorntje of bakje.

Maar voordat er gegeten ging worden, moesten we eerst kiezen. Dat viel nog niet mee, ondanks het feit dat we sowieso overal het vanille- en aardbeienijs proefden. De keuze aan smaken was groot, en dan hadden veel smaken ook nog eens een prijs in de wacht gesleept. Uiteindelijk bestelden we van alles en nog wat, en genoten we buiten in het zonnetje, dat inmiddels was doorgebroken, van puur, vers ijs dat in Italië niet zou misstaan. Het enige nadeel: het ijs was zo lekker, dat we ons voornemen weer naast ons neerlegden en elk bolletje verrukt naar binnen lepelden.

Om niet direct rechtsomkeert te maken en ook nog de rest van de Limburgse Italiaanse ijssalons te kunnen testen, brachten we onze smaakpapillen tot rust met een sterke espresso – waardoor we tot aan Maastricht prima konden proeven. Dit keer wel zoals bedoeld, met een paar hapjes per smaak per ijssalon. Nu moet ik wel zo eerlijk zijn om te zeggen dat de kwaliteit van Florence in Nederweert bij lange na niet werd gehaald, dus het was vrij makkelijk om niet te smokkelen.

Tot we in Maastricht kwamen. Het was inmiddels bijna etenstijd en mijn collega-ijstester en ik konden eerlijk gezegd geen ijs meer zien. Toch moest er in Maastricht nog goed geproefd worden. Voor de zekerheid schakelde ik wat hulptroepen in. Gelukkig was mijn voormalig oppaskindje (die inmiddels zelf al bijna afgestudeerd is en Maastricht op haar duimpje kent) direct enthousiast; ijs proeven wilde ze wel.

Ze nam ons mee naar alles adressen van ons lijstje en stelde zich meer dan behulpzaam op. Waar wij met veel pijn en moeite twee smaken wisten te kiezen, was zij bereid om meer te proeven. Natuurlijk konden wij het niet laten om van elke smaak toch iets te proeven, maar echt bekoren kon het ons niet. Bij een van de laatste ijssalons van de dag, Luna Rossa, werden we echter alleen al enthousiast door het interieur, door de enorme bergen ijs in de vitrine, met Italiaanse benamingen en de meest waanzinnige combinaties.

We keken elkaar aan en dachten allemaal: ‘Ach, het is de laatste van vandaag’. We leefden ons uit en kozen allemaal verschillende smaken, die in een flinke portie in een bakje werden geschept. Op een muurtje genoten we van elke hap – even vergetend dat we de komende dagen nog veel ijs zouden moeten proeven. Het ijs in mijn geboortestad smaakte onovertroffen, en we besloten unaniem dat deze in elk geval vermeld moest gaan worden.

We liepen nog een keer langs de vitrine om alle smaken in ons op te nemen en eindigden toen op de Markt, met een grote zak friet om al dat zoet te compenseren. Op de terugweg naar Amsterdam, evalueerden we alle geproefde smaken en stelden we een lijst met onze favorieten uit de zuidoostelijke provincies op, die ik – met trots en nog steeds een beetje buikpijn – ook aan jullie mag presenteren:

Luna Rossa
Hoogbrugstraat 45 & Graanmarkt 4, Maastricht

Luna Rossa is zo’n ijssalon die zelfs in Italië in positieve zin zou opvallen. Alles klopt hier; het ijs is huisgemaakt, de smaken worden bij de Italiaanse naam genoemd en je ijsbakje wordt royaal gevuld met een spatel. We proefden Amadeus (kersenijs) en tartufo bianco (ijs van witte chocoladetruffel), die beide naar meer smaakten. Met een charmante vestiging aan het Onze Lieve Vrouweplein én een in het gezellige Wijck heeft Luna Rossa bovendien twee toplocaties te pakken.

Frezzo
Visstraat 52, ’s-Hertogenbosch

In de kleine salon van Frezzo in ’s-Hertogenbosch is het alsof je midden in Milaan staat, dankzij de grote foto’s aan de muur. Nergens in Nederland proefden we zulk lekker vanille-ijs, maar ook de smaak ciambella (citroencake) was heerlijk. De bollen zijn royaal en de prijzen redelijk. Goed nieuws dus dat Frezzo ook in Breda een vestiging heeft!

Florence
Brugstraat 23, Nederweert

Florence in Nederweert is typisch zo’n ijssalon waar je nog graag even voor omrijdt. De ijsvitrine is overvol met verschillende smaken, terwijl de muur vol hangt met talloze prijzen voor het huisgemaakte ijs. Het personeel heeft kennis van zaken en smaken en de prijzen zijn meer dan schappelijk.

Na onze ijsdag in het zuiden volgden uitstapjes naar alle uithoeken van het land. Van Joure tot Roosendaal, van Haarlem tot Groningen; we proefden en beoordeelden alle Italiaanse ijssalons in Nederland. In het zomernummer van De Smaak van Italië, dat vanaf gisteren overal te koop is, vind je alle winnende ijssalons. Als je bij een van deze ijssalons een ijsje haalt, weet je zeker dat je de échte smaak van Italië proeft! Ze zijn allemaal herkenbaar aan dit ijsvignet:

We hebben de winnaars ingedeeld per regio, zodat je gemakkelijk kunt opzoeken waar het lekkerste ijs bij jou in de buurt te vinden is. Maar de genoemde salons zijn stuk voor stuk het omrijden waard, dus als ijsliefhebber moet je ze eigenlijk allemaal wel een keer met een bezoekje vereren. Het is alleen wel aan te raden het wat meer te spreiden dan wij deden, want na onze ijstest heb ik nog geen ijsje gegeten…

jul 01

Vandaag is het dan eindelijk zover: het extra dikke zomernummer van De Smaak van Italië, waaraan mijn collega’s en ik de afgelopen weken hebben gewerkt, ligt in de winkel! Eindelijk mogen we verklappen waar we al die tijd mee bezig waren, eindelijk mogen we laten zien wat voor moois er allemaal te zien en te lezen valt in deze zonnige editie!

De eerste redactievergadering over dit zomernummer begon twee maanden geleden eigenlijk direct al met een dilemma. Zoals Marcel Molenbeek, de uitgever, al in zijn voorwoord vermeldt, was het voor ons een hele uitdaging om voor alle onderwerpen die we jullie wilden voorschotelen binnen de beschikbare pagina’s een goede plek te vinden: ‘Voor al dat moois leek De Smaak van Italië al snel een maatje te klein. Dat onze redactie creatief is, is me inmiddels duidelijk – alleen pakte dat voor mij, als uitgever, dit keer verkeerd uit. Anders dan de naam van mijn functie doet vermoeden, probeer ik juist de kosten in bedwang te houden, hetgeen me, niet tot ieders plezier en genoegen, in de loop der jaren steeds beter afgaat.

Maar het redactionele aanbod van al dat moois leidde tot de uitzondering die de regel bevestigt: met 24 pagina’s extra is dit een zomernummer in XL-formaat! En zeg nu zelf: deze Smaak met een maatje meer is toch een echt zomernummer geworden waar niet alleen de zon maar ook het zoute water van afspat!’

Wat heeft de nieuwe Smaak zoal voor jullie in petto?

De mooiste stranden van Italië
Zon, zee… en strand! Voor velen is het vakantiegevoel pas compleet als ze de zandkorrels tussen hun tenen voelen en de eerste zeelucht opsnuiven. Italië is – met bijna 8000 kilometer kustlijn – het ideale land voor strandliefhebbers en zonaanbidders. Die lange kuststrook maakt het alleen wel moeilijk kiezen… Om je op weg te helpen zocht de Smaakredactie de absolute pareltjes voor je uit. Andiamo al mare!

Chiavari – schitterend pronkstuk aan de Ligurische kust
De Italiaanse rivièra is een walhalla voor aanbidders van zon, zee en strand. Er zijn badplaatsen te over aan deze smalle, groene kuststrook, allemaal even verfijnd. Maar een pot nat, dat zijn ze allerminst! Neem nu Chiavari. Wie van antiek en bijzonder huisraad houdt, staat hier een hoop verrassingen te wachten.

Chiavari heeft een eersterangs positie aan de Golf van Tigullio aan de Ligurische kust. Het ligt maar een paar kilometer van de befaamde badplaats Portofino aan de ene en de Cinque Terre aan de andere kant. Met in het achterland een zacht glooiend heuvellandschap, kijkt Chiavari uit op een helderblauwe zee waar vissersboten en plezierjachten af en aan varen. De boulevard ligt er uitnodigend bij met zijn felgekleurde huizen.

Het hart van Chiavari wordt gevormd door Piazza Mazzini. ’s Morgens, als de groente- en fruitmarkt wordt gehouden, is het hier een drukte van belang. Vanaf dit plein strekt zich een aangenaam voetgangersgebied uit met chique boetiekjes, barretjes en restaurants. Vis is in deze kustplaats natuurlijk niet van de menukaart weg te denken. Het is heerlijk om Chiavari te voet te verkennen en te wandelen langs de lanen die omzoomd zijn met palmbomen, oleanders en sinaasappelbomen. De Smaak neemt je mee naar de mooiste plekken in dit havenstadje!

Bergamo – Tussen berg en dal
Bergen en valleien, middeleeuwse plaatsjes en trendy winkelgebieden: in Lombardije vind je het allemaal. Toch is er maar één plek in deze regio waar dit alles echt bij elkaar komt. Die plek is Bergamo. Hier gaan alle kwaliteiten van de regio moeiteloos in elkaar op.

Bergamo is het hart van Lombardije, een stad vol contrasten. Met uitzicht op de bergen in het noorden en valleien in het zuiden heeft Bergamo een fantastische ligging. Deze stad, op slechts veertig kilometer ten oosten van Milaan, bestaat eigenlijk uit twee steden. De Città Bassa ligt in een dal en vormt het moderne Bergamo met zijn brede lanen en trendy winkels. De oude kern, de Città Alta, met middeleeuwse steegjes en karakteristieke torentjes ligt bovenop een heuvel en is omringd door een dikke vestingmuur.

Italiaanse zomerlunch – Recepten voor een Siciliaanse zomer
Evenals haar landschap heeft de keuken van Sicilië ook een eigen karakter en een bijzondere variëteit. Tijdens een Siciliaanse reis ontdekte Manuela Darling-Gansser, geboren in Lugano, de culinaire rijkdom van het eiland. Geïnspireerd door familietradities kookt zij al heel haar leven met passie. Het liefst voor de hele familie, en het liefst buiten: ‘Voor het huis is een breed terras dat uitkijkt over de tuin met uitzicht over de haven erachter. Op het terras, in de schaduw van een met blauweregen begroeide pergola, staat een lange eettafel. Wanneer het maar mogelijk is, eten we daar. We hebben vooral een traditie van zondagse familielunches.’

Voor de lezers van De Smaak van Italië onthulde Manuela een aantal van haar favoriete recepten. Alle recepten staan in het pas verschenen kookboek Lente in Sicilië, dat je nu cadeau krijgt als je een abonnement neemt. Op Ciao tutti schreef ik al eerder over dit prachtige kookboek, en gaf ik het recept voor gevulde koekjes van Lipari.

Thuis in Umbrië – Vijf Nederlandse vriendinnen in Perugia
Carla, Aafke, Caroline, Dorrie en Willemijn. Vijf Nederlandse vrouwen in Perugia. Ze hebben allemaal een eigen zaak en werken hard aan hun ‘Italian way of live’. Regelmatig spreken ze samen af. Dan wordt er gelachen, gedronken en gepraat. Vooral over de Italianen, want wie anders dan je Nederlandse vriendinnen begrijpen de rariteiten van de Italiaan? De Smaak van Italië ging een dag met hen op stap en leerde hen een voor een kennen.

De vriendinnen spreken af bij hun favoriete restaurant L’Officina. Het restaurant ligt in de wijk Borgo XX Giugno (‘Borgo Bello’ genoemd door locals). Een populaire wijk bij de bewoners van Perugia, omdat je hier met de auto kunt komen. Italianen lopen liever niet. De dames worden enthousiast verwelkomd door de kok, waarna we plaatsnemen aan een lange tafel. De wijn wordt ontkurkt, de grissini gegeten en de gesprekken komen op gang. ‘Het is nooit ons idee geweest om een vriendinnenclub bestaande uit Nederlandse vrouwen op te richten,’ vertelt Willemijn. ‘We kwamen elkaar toevallig een voor een tegen.’

Nog meer Italië
In deze zomerse editie vind je natuurlijk nog veel meer Italiaanse inspiratie dan ik hier vandaag noem. Wat dacht je bijvoorbeeld van het Italië van Anna Drijver, 24 uur in Venetië, het verhaal achter Oliviero Toscani, de fotograaf van de Benetton-campagnes, de 55 Italiaan-ste boeken voor op vakantie, een extra lang leesverhaal uit het boek Italië voorgoed, de column van Martin Simek over hindernissen, een interview met Giuseppina Torregrossa over haar nieuwe culinaire roman (waarover binnenkort meer) en, als uitsmijter, de uitslag van de grote Italiaanse ijs-test die we op touw hebben gezet.

Van Joure tot Maastricht, van Roosendaal tot Groningen; met de hele redactie hebben we het aanbod van de Italiaanse ijssalons in Nederland geproefd en beoordeeld. Trots presenteren we in de zomerse Smaak de winnende ijssalons, waar je volgens ons de échte smaak van Italië proeft! Over hoe die ijstest in zijn werk ging, vertel ik jullie morgen meer!

Getagd met:
sep 16

Toen ik bij Only Pasta in Santpoort was om de pastaworkshops door te spreken (zie Ciao tutti van 6 september), kon ik het natuurlijk niet laten om ook even in de winkel rond te neuzen. Daar vond ik een voor mij onbekende olijfolie, die ik natuurlijk meteen mee naar huis nam om te keuren.

De Colline di San Mauro, zoals de olijfolie zo mooi heet, stelde zeker niet teleur. Sterker nog, het is misschien wel de lekkerste olijfolie die ik afgelopen maanden proefde (en geloof me, dat waren er heel wat!). De olijfolie is genoemd naar de Sabijnse heuvels (colline) in de buurt van Rome. Hier ligt het San Mauro domein, waar de beste olijven van heel Italië groeien als je deze olijfolie mag geloven.

De olijfolie is gemaakt van een mix van carboncella-, frantoio-, leccino- en pendolino-olijven. Carboncella is een echt Italiaanse olijfsoort, die alleen in de Sabijnse heuvels groeit. Deze olijfsoort is wat later rijp en laat zich moeilijker plukken. De carboncella-olijven zorgen voor een krachtige olijfolie, die in combinatie met de leccino- en frantoio-olijven een mooie en licht bittere, groene smaak oplevert met tonen van pijnboompit en artisjok.

Deze olijfolie blijft goed overeind bij kruidige en zoete gerechten, zoals panforte en olijfolie-ijs, maar ook bij vleessoorten met een sterkere smaak.

De olijfolie van San Mauro wordt gemaakt op basis van de oude Romeinse tradities. De olijven worden tussen half oktober en half november geplukt en binnen 24 uur na de oogst koud geperst. De olijfolie wordt ongefilterd opgeslagen in tanks en na minimaal een maand gebotteld in kleine donkere flessen.

Om de kwaliteit te duiden, werd olijfolie in de Romeinse tijd ingedeeld in verschillende categorieën. ‘Oleum Ex Albis Ulivas’ was de classificatie voor de allerbeste olijfolie. Deze werd gemaakt van in november geplukte olijven; vroegrijpe olijven dus die een olie opleveren met een zeer lage zuurgraad, een laag gehalte peroxides en een hoog gehalte polifenolen. En dat proef je! Als de Romeinse kwalificatie nog gangbaar was, dan zou de olijfolie van San Maura zeker een ‘Oleum Ex Albis Ulivas’ opgeplakt krijgen!

Goed, een lekkere olijfolie is één ding, het is veel belangrijker wat je ermee kunt doen. De afgelopen weken heb ik dan ook flink geëxperimenteerd. Ik schonk de olijfolie bij salades, over pastagerechten, bakte er plakjes courgette en aubergine in (en nee, dat is niet zonde – je proeft echt het verschil!) en doopte er stukjes versgebakken brood in. Toen las ik het papiertje dat ik bij de fles kreeg nog eens goed, en ja, daar stond het echt (de oplettende lezer van vandaag heeft het al lang gezien): ‘Deze olijfolie blijft goed overeind bij kruidige en zoete gerechten, zoals panforte en olijfolie-ijs.’

Olijfolie-ijs, dacht ik, dat is wel omslachtig. Om nu een hele fles goede olijfolie te gebruiken voor een experiment… Gelukkig vond ik bij toeval een recept voor roomijs met olijfolie in Jamie’s Italië. Hoewel vrienden en collega’s het maar een vreemde combinatie vonden, was ik ervan overtuigd dat het een lekker toetje zou zijn en ging ik aan de slag.

Het resultaat viel niet tegen, sterker nog: het was heerlijk. Hierbij het recept voor wie het ook wil proberen, succes gegarandeerd!

gelato con olio e sale
roomijs met olijfolie en zeezout

Jamie: ‘Ik kreeg dit gerecht jaren geleden voorgeschoteld en was geschokt, maar het bleek verschrikkelijk lekker! Je kunt het alleen met succes klaarmaken met goed vanille-ijs en de beste olijfolie die er te krijgen is. Doe een paar bolletjes vanille-ijs in schaaltjes, giet er wat heel goed extra vergine olijfolie over, liefst eentje met een mooi grassige, bloemige smaak, en strooi er een klein snufje zeezout over. Ik kan niet uitleggen waar het op lijkt… je moet het gewoon zelf proberen!’

Bestel Jamie’s boek hier via bol.com!

preload preload preload