mei 07

Een bezoek aan Rome zonder een thriller van David Hewson in je bagage, is als een bezoek aan Italië zonder extra ruimte voor lekkere dingen in je koffer of rugzak te reserveren. Het kan wel, maar het is beter met!

David Hewson woonde jarenlang in Rome en werd wereldberoemd met zijn Nic Costa-thrillers, die zich allemaal in de Eeuwige Stad afspelen. Het masker van Dante, dat net is verschenen, is het zevende boek in deze verslavende reeks.

Wat Ian Rankin betekent voor Edinburgh, doet Hewson voor Rome. David Hewson spreekt vloeiend Italiaans, woonde jarenlang in de Italiaanse hoofdstad en kan inmiddels worden beschouwd als een echte Rome-expert. Hij weet niet alleen alles van de cultuur en de geschiedenis van de stad, maar ook van de mentaliteit en eigenaardigheden van haar bewoners.

David Hewson

Actie, symboliek en de duistere, ‘andere’ kant van Rome zijn het handelsmerk van duivelskunstenaar Hewson. Door zijn immense kennis van deze stad kan hij als geen ander een prachtig sfeerbeeld oproepen. Die bijzondere sfeertekeningen, de cultuurhistorische achtergronden en de boeiende beschrijvingen van het oude en nieuwe Rome geven de misdaadromans oneindig meer diepgang. Daarnaast werkt Hewson als geen ander zijn hoofdpersonen uit tot mensen van vlees en bloed, die zich in elk boek verder ontwikkelen, hetgeen hem een almaar groeiend lezerspubliek oplevert.

David Hewsons boeken verschijnen in alle Europese landen, onder meer ook in Italië. Hewson: ‘Dat beschouw ik als een groot compliment, omdat dat de moeilijkste markt is. Normaal gesproken zouden ze je niet oppakken omdat je als buitenlander over hun land schrijft.’

In Het masker van Dante draait het, zoals de naam al voorspelt, om het dodenmasker van Dante. Tijdens de première van de controversiële film Inferno zal dit masker worden tentoongesteld. Nic Costa moet dit kostbare relikwie bewaken, maar bij de onthulling blijkt het te zijn vervangen door het hoofd van de ster van de film, die op gruwelijke wijze is vermoord. Dan wordt er ook een aanslag gepleegd op de hoofdrolspeelster.

Costa en zijn team reizen af naar San Francisco voor de Amerikaanse première, in de hoop het masker te vinden. Daar is de actrice opnieuw doelwit van een aanslag. Costa zet alles op alles om de dader te vinden voordat het leven de kunst imiteert… Een fragment:

‘Om vijf over vier bevond Nic Costa zich in de schaduw van een aantal dorre bomen naast een lichtgroen, houten gebouwtje, op een korte wandeling van de volkomen waanzin die zich in en om de naburige Casa del Cinema begon te manifesteren. Bij het zien van dit kleine bouwwerk kwamen er veel herinneringen in hem boven. Sommige ervan waren wakker gemaakt door het krantenknipsel met de kop DEI PICCOLI CINEMA DA GUINNESS, dat op de deur was bevestigd.

Dit was het kleinste bioscoopje ter wereld, dat in 1934, gedurende de grimmige Mussolini-jaren, voor kinderen was opgericht – eens te meer het bewijs dat Italië zelfs in die moeilijke tijd verliefd was op de film, op fantasie en op een leven dat helderder en kleuriger was dan de werkelijkheid. Of misschien, bedacht hij nu, vanuit het perspectief van zijn volwassen jaren, misschien wel dáárom.

Dit eiken gebouwtje had maar drieënzestig zitplaatsen, die, daar was hij zeker van, allemaal even ongemakkelijk waren voor iedereen boven de tien. Niet dat zijn ouders ooit geklaagd hadden. Tot hij elf werd, had zijn vader of moeder hem hier een keer per week mee naartoe genomen en samen hadden ze heel wat films gezien, sommige goed, andere slecht, sommige Italiaans, andere uit het buitenland – Amerika in het bijzonder, aangezien de Disney-films goed aan leken te slaan in Rome. […]

Costa had nog nooit een film van Roberto Tonti gezien tot die middag, waarop er, als beloning voor de geduldige plichtsbetrachting waarmee ze de beveiliging geregeld hadden voor de tentoonstelling die de productie vergezelde, een privévertoning had plaatsgevonden voor politie en carabinieri. Hij wist nog steeds niet helemaal wat hij vond van het werk van een man die, al woonde hij al jaren in Amerika, in zijn geboorteland min of meer als een raadselachtige legende beschouwd werd.

De film was… indrukwekkend, zonder meer, al was hij wel erg lang en lawaaierig. Hij vond het lastig iets menselijks te ontdekken in het ongetwijfeld indrukwekkende spektakel. Van de periode dat ze op school Dantes Goddelijke komedie behandeld hadden, herinnerde hij zich nog dat het een verhandeling was over vele zaken, waaronder het wezen van menselijke en goddelijke liefde, een aspect dat leek te ontbreken in de film die hij zojuist had uitgezeten. […]

Maar hij was hier voor zijn werk. De carabinieri waren belast met de taak om de beroemde acteurs te beschermen die bij de een jaar durende productie in Cinecittà betrokken waren. De rijkspolitie was een wat alledaagsere verantwoordelijkheid ten deel gevallen: zij mochten de historische objecten bewaken die voor een begeleidende tentoonstelling vlak bij de Casa del Cinema bijeengebracht waren: documenten, brieven, schilderijen en een uitgebreide collectie schilderijen met daarop de burgeroorlog tussen de Ghibellijnen en de Guelfen – de aanleiding voor Dantes vlucht uit Florence. Het was het begin van een verbanning voor het leven, tijdens welke hij zijn beroemdste boek schreef.

Er was een foto van het graf van de dichter met daarop het gedicht van zijn vriend Bernardo Canaccio, met de regel: Parvi Florentina mater amoris.

Florence, moeder met zo weinig liefde – een wrange herinnering aan de manier waarop Dante door zijn geboortestad in de steek gelaten was. Er was bovendien een foto van de graftombe die de Florentijnen in 1829 voor hem opgericht hadden uit een vertraagd schuldbesef. De aantekeningen van de organisatoren verzuimden echter de waarheid te openbaren, namelijk dat zijn lichaam in Ravenna bleef. Het rijkversierde graf in de Basilica di Santa Croce, met zijn oproep om de verheven dichter te eren, was leeg. Ook bijna zevenhonderd jaar na zijn dood was de dichter nog altijd een banneling.

Maar het beroemdste Florentijnse kunstobject was echt. Verborgen op een podium achter een donkerblauw gordijn stond op een sokkel een houten kistje, dat vóór de première vanavond onthuld zou worden door de acteur die Dante speelde. Daarin bevond zich, zorgvuldig tegen het rode fluweel gevleid, het dodenmasker van Dante Alighieri, dat in 1321 gemaakt was, kort nadat hij zijn laatste adem uitgeblazen had.

Costa had die ochtend zo lang naar die oude gelaatstrekken staan kijken dat Gianni Peroni naar hem toe was gekomen en hem weer teruggebracht had naar het hier en nu met zijn dwingende vraag om koffie en iets te eten. Maar het beeld bleef in zijn hoofd rondzeuren: het ascetische en enigszins uitgemergelde gelaat van een zesenvijftig jaar oude man, met hoge jukbeenderen, een uitstekende neus en lippen die zo vastberaden opeengeklemd waren dat het masker, nu grijs en gevlekt van ouderdom, leek te willen benadrukken: ik zal niet meer spreken.’

Hoe Dante Nic Hewson desondanks in moeilijkheden brengt, lees je in

Het masker van Dante
David Hewson
vertaald door Janine van der Kooij
ISBN 9789026127212
€ 18,95
uitgeverij De Fontein

Getagd met:
apr 18

De Duitse historicus Ferdinand Gregorovius bezocht Lecce in de negentiende eeuw en gaf de stad de bijnaam ‘Florence van het zuiden’, die de stad beter dan welke aanduiding ook kenmerkt. Maar de hoofdstad van Puglia heeft meer bijnamen! Dankzij het feit dat Lecce eerder een aristocratische, spirituele en intellectuele hoofdstad is, in plaats van een economische en commerciële plek, staat de stad ook wel bekend als het ‘Athene van Puglia’. De vele barokke palazzi en kerken zorgden voor de derde bijnaam, ‘Stad van de Barok’.

De stad is inderdaad één groot barokfestijn. De gebouwen zijn voorzien van sierlijke ornamenten, die stuk voor stuk gehouwen zijn uit de kenmerkende pietra leccese, steen uit Lecce, of pietra dorata, vergulde steen, genoemd, een roomwitte kalksteen die in de buurt wordt afgegraven. Het is een soort marmer, maar dan met een harde structuur, waardoor de steen goed met een beitel te bewerken is. De steen is erg duurzaam en daarmee uitstekend geschikt voor sculpturen. De steen is overal in Lecce gebruikt voor de spiraalvormige zuilen, de luxueuze lijsten, balustrades en geveldriehoeken, de bloemvazen en fruitschalen ter decoratie.

Het monument dat het beste de bijnaam ‘Stad van de Barok’ illustreert, is de Santa Croce. De bouw van de basiliek startte in 1549 en de werkzaamheden werden in 1689 voltooid. Een recente restauratie heeft het monument zijn pracht en praal weer helemaal teruggegeven. De Duomo van Lecce is veel ouder; al in de twaalfde eeuw begon men aan de bouw van deze enorme kerk. De kerk bestaat uit een middenschip en drie zijbeuken, die gescheiden zijn door pilaren en zuilen. Binnen is de kerk versierd met maar liefst twaalf altaren.

Andere monumenten in de beroemde barokstad zijn het indrukwekkende Romeinse amfitheater, het Piazza Sant’Oronzo met het standbeeld van de heilige Oronzo die vanuit de hoogte over de stad waakt, en de Santa Chiara, met een zeer elegante voorgevel. Maar eigenlijk is elk kerkje de moeite waard, met zowel aan de binnen- als aan de buitenkant uitbundige versieringen – waar je maar kunt kijken beelden, ornamenten en zuilen.

Al die barokke schoonheid is eigenlijk niet vast te leggen, je moet de grootse bouwwerken van Lecce met eigen ogen zien om te beseffen hoe mooi elk stukje van de stad is. Wie echter niet in de gelegenheid is naar Puglia af te reizen, kan vanaf half mei naar de bioscoop, voor Mine Vaganti, die ons een eerste blik op de schoonheid van Puglia en Lecce gunt.

Mine Vaganti – Ongeleide projectielen in Lecce
Tomasso Cantone is de jongste telg uit een grote, traditionele familie van pastamakers in Puglia, in het zuiden van Italië. Hij leidt een comfortabel leventje in Rome, heeft de ambitie om schrijver te worden en woont samen met zijn vriend Marco – een leven waar zijn conservatieve familie niet van op de hoogte is. Als zijn vader hem vraagt om terug te keren naar Lecce om mee te werken in het pastabedrijf, besluit Tomasso, die daar helemaal geen zin in heeft, om uit te komen voor zijn homoseksualiteit. Hij hoopt dat hij op die manier aan zijn verplichtingen kan ontkomen. Maar tijdens het familiediner worden zijn plannen gedwarsboomd door zijn broer Antonio. Tomasso belandt onverwacht in een situatie die hij te allen tijde had willen vermijden.

De titel van deze Italiaanse komedie van de Turkse regisseur Ozpetek (onder andere bekend van Hamam en La Finestra di Fronte) betekent letterlijk ongeleide projectielen. Daarvan zijn er inderdaad genoeg in Mine Vaganti, maar zoals het een Italiaans drama betaamt valt er ook genoeg te lachen. Met Mine Vaganti maakte Ozpetek wederom een bitterzoete en vurige komedie over een ontwricht gezin, vol kleurrijke personages.

Met de charmante en immens populaire Riccardo Scamarcio (La meglio gioventù, Mio fratello è figlio unico) in de hoofdrol is deze film een ode aan de liefde, vrijheid en – toch – familie.

Getagd met:
apr 10

Even ten noorden van Sicilië liggen de zeven Eolische eilanden. Zeer verschillend, maar met als gemene deler hun vulkanische oorsprong én de belangrijke rol die kappertjes in de lokale keuken spelen. Loes Janssen Miraglia, die jarenlang op Sicilië woonde en eerder op Ciao tutti over haar boek Sicilicious vertelde, reisde voor Italië Magazine naar de Eolische eilanden en schreef een prachtig artikel over dit stukje paradijs op aarde:

‘De eilandengroep ten noordoosten van Sicilië is altijd al in trek geweest bij reizigers. In vroegere tijden bezochten onder meer de Franse dramaturg en schrijver Alexandre Dumas, bekend van De drie musketiers en zijn landgenoot en collega-schrijver Guy de Maupassant de paradijselijke Eolische eilanden. Tegenwoordig hebben de Italiaanse (mode)ontwerpers Dolce & Gabbana er hun favoriete vakantievilla, waar ook Brad Pitt en Robert De Niro regelmatig te gast zijn. Ook de Belgische Koninklijke familie, Giorgio Armani, Naomi Campbell, Sean Connery, Dustin Hoffman en Sting weten moeiteloos de weg te vinden naar de zeven eilandjes met elk hun heel eigen karakter.

Vanuit Lipari, het grootste eiland met een levendig stadje, werden in het verleden enorme hoeveelheden obsidiaan, zwart vulkanisch glas, geëxporteerd. De notoire piraat Khair ad-Din (circa 1475-1546), beter bekend als zijn alter ego Barbarossa (Roodbaard), heeft regelmatig geprobeerd obsidiaan uit Lipari te roven.

Het eiland Stromboli is in één klap bekend geworden doordat het als decor heeft gediend voor de gelijknamige film uit 1949 van Roberto Rossellini met Ingrid Bergman in de hoofdrol. Rossellini en Bergman zorgden ook op de set voor het nodige vuurwerk; het conservatieve Hollywood sprak er schande van en dat leverde volle bioscoopzalen op. Stromboli is tevens het eiland van de heerszuchtige, gelijknamige vulkaan die voortdurend gloeiende lava uitbraakt. Een fascinerend visueel spektakel.

 Dan is er Vulcano met zijn eveneens actieve maar minder luidruchtige, gele-zwavelvulkaan, therapeutische modderbaden en warmwaterbronnen. Salina, het op één na grootste eiland, kent een rijke vegetatie: de wilde bloemen, wijngaarden en kapperstruiken zijn een lust voor het oog. Op Salina is de prachtige Oscarwinnende film Il postino uit 1994 opgenomen.

Panarea, het kleinste van de zeven eilanden, is duur, exclusief, elegant en populair bij de internationale jetset. Filicudi en Alicudi tenslotte zijn het meest geïsoleerd. Dit zijn de ruigste eilanden, qua natuur, en de minst toeristische, met slechts minimale faciliteiten.

Wat de Eolische Eilanden, ook wel Liparische Eilanden genoemd, met elkaar gemeen hebben is hun vulkanische oorsprong (om hun unieke landschap staan ze op de Unesco Werelderfgoedlijst), een alom aanwezige kristalheldere zee die van turkoois tot saffier en alle schakeringen daar tussenin kleurt, paradijselijke stranden, wind (de eilandengroep dankt zijn naam aan windgod Aeolus), onvoorspelbare natuur, natuurlijke schoonheid en een tongstrelende lokale keuken waarin kappertjes een centrale plek innemen.

De Eolische archipel biedt kappertjes, olijven en wijn (de honingzoete Malvasia) van superieure kwaliteit. Het legergroene kappertje, càpparu of chiàppara in dialect, is geen groente en geen vrucht maar een bloemknopje dat geplukt wordt voordat het opengaat. De Eoliërs zijn verzot op hun kappertjes, die in overvloed in het wild aan lage, robuuste struiken op droge, broze, stenige ondergrond groeien. Vroeger gebruikten de eilanders de tere, witte bloemen van de kapperstruik om hun was te parfumeren en de wortels hebben inmiddels hun medicinale waarde bewezen. Sicilianen eten ook de augurkvormige vruchten van de kapperstruik. Cucunci heten ze en ze zijn lekker in salades of als hapje bij een aperitief.

Kappertjes zijn na de pluk, die van eind mei tot en met begin augustus voor zonsopkomst plaatsvindt, niet meteen gereed voor gebruik. Ze mogen eerst enkele dagen rusten en worden daarna laag voor laag en bestrooid met grof zeezout in panari (hoge, handgevlochten manden) gelegd. Gedurende een week wordt er regelmatig door de kappertjes geroerd. Na zeven dagen wordt het water afgegoten en worden ze opnieuw laag voor laag met zout in de panari gelegd. Deze handeling wordt nog een keer herhaald en daarna worden de kappertjes, afhankelijk van hun kaliber, ingemaakt in azijn of pekel (water met zout) of ingelegd in zout (dus zonder vocht).’

Alleen al de kappertjes die in de keuken van de eilanden volop gebruikt worden, zijn een goede reden om af te reizen naar dit stukje paradijs ten noorden van Sicilië. Voor wie thuis ook graag de smaak van Stromboli, Vulcano en Lipari wil proeven, een recept voor een zomerse pasta met kappertjes en munt.

Ingrediënten
(voor 6 personen)

600 gram rigatoni
1 ui
4 takjes peterselie
extra vergine olijfolie
5 dl tomatensaus
125 gram kappertjes
3 tot 4 teentjes knoflook
een grote bos verse munt
Parmezaanse kaas

Kook de rigatoni in een ruime hoeveelheid water met een beetje zout al dente. Giet af en laat de pasta afkoelen tot lauwwarm. Hak de ui en peterselie fijn en bak ze in een beetje olijfolie tot de ui goudbruin is. Schenk de tomatensaus erbij. Hak de kappertjes, knoflook en munt fijn, meng alles door de tomatensaus en laat alles 5 minuten zachtjes koken. Giet de saus over de lauwwarme rigatoni. Geef er een schaaltje geraspte Parmezaanse kaas bij. Zo proeven de Eolische eilanden!

Getagd met:
apr 07

‘De goudbruine korst en de geur van suiker en kaneel die deze verspreidde, waren slechts voorboden van de heerlijkheden die van binnenuit tevoorschijn kwamen, toen het mes de korst doorstak: eerst kwam er een naar specerijen geurende damp van af, daarna kwamen kuikenlevers, hardgekookte eieren, plakken ham, kip en truffel in een overvloed van gloeiend hete, glinsterende maccheroni, waaraan het braadvocht van het vlees de geraffineerde kleur van gemzenbont gaf.’

Zo omschreef  Giuseppe Tomasi di Lampedusa het ritueel van het aansnijden van de zogenaamde timballo tijdens een banket bij de Siciliaanse prins van Salina in zijn meesterwerk Il Gattopardo (in het Nederlands vertaald als De Tijgerkat - zie ook Ciao tutti van gisteren), dat handelt over de eenwording van Italië en de edelen op Sicilië die zich in de nieuwe machtsverhoudingen moesten schikken.

Onderstaand recept is voor een hartige tagliatelletimbaal, zonder suiker en kaneel, maar minstens zo lekker als de timballo die door Lampedusa beschreven werd. Het recept kost wat tijd, maar dan tover je ook een heel origineel pastagerecht op tafel, dat overigens koud ook erg lekker smaakt en dus de komende maanden ook mee kan in de picknickmand!

Ingrediënten
(voor 6 personen)

400 g tagliatelle
400 g bladerdeeg, ontdooid
50 g spek (pancetta)
30 gram geraspte Parmezaanse kaas
5 artisjokken
300 g doperwtjes
citroensap
1 ui
een bosje peterselie
1 ei
1 dl bechamelsaus
1 kopje groentebouillon
30 g boter
extra vergine olijfolie
peper en zout

Snijd de uiteinden van de artisjokken en haal de buitenste bladeren weg. Snijd de artisjokken in plakjes en marineer ze in een schaaltje met water en citroensap.

Verhit in een koekenpan de helft van de boter en een beetje olijfolie. Bak hierin de gesnipperde ui, de in blokjes gesneden pancetta en de fijngehakte peterselie. Laat de plakjes artisjok goed uitlekken en bak ze vijf minuten mee. Voeg de doperwtjes toe en breng op smaak met peper en zout.

Schenk de groentebouillon erbij en laat 20 minuten op laag vuur pruttelen. Schenk aan het einde de bechamelsaus erbij.

Kook in de tussentijd de tagliatelle volgens de aanwijzingen op de verpakking in voldoende water met zout al dente. Giet af en meng de pasta door de saus. Meng er de geraspte Parmezaanse kaas doorheen.

Rol het bladerdeeg uit en verdeel het deeg in tweeën. Bekleed de bodem en de zijkanten van een ingevette springvorm met de helft van het bladerdeeg. Verdeel de tagliatelle over het bladerdeeg en dek af met de rest van het deeg. Bestrijk de bovenzijde met een beetje eigeel.

Plaats de springvorm 25–30 minuten in een voorverwarmde oven (200 °C). Laat de timbaal voor het serveren even afkoelen.

Il Gattopardo – de film
Gisteren schreef ik over het boek De tijgerkat, maar Giuseppe Tomasi di Lampedusa’s vorstelijke epos, dat zich afspeelt op het breekvlak van twee tijdperken in het Italië van 1860, is ook verfilmd – door niemand minder dan Visconti. Prins Don Fabrizio realiseert zich dat er na de landing van Garibaldi op Sicilië en de eenwording van Italië geen plaats meer zal zijn voor zijn adellijke klasse. Zijn neef (en erfgenaam) sluit zich aan bij Garibaldi’s leger om de monarchie omver te werpen, en verkiest een huwelijk met een burgermeisje boven zijn aristocratische nicht. De prins ziet het einde van de adellijke wereld naderen; de gegoede burgerij zal hun plaats innemen. Ze zullen wat edel is platvloers maken, wat verfijnd is banaal. ‘Wij waren de luipaarden, de leeuwen; zij die na ons komen zijn de jakhalzen en de schapen,’ verzucht hij.

Nieuwsgierig naar deze Italiaanse klassieker? Bestel dan hier de dvd en geniet van een avond Italiaanse geschiedenis.

feb 24

Voor iedereen die geen genoeg kan krijgen van beelden die de mooie, geheimzinnige of romantische kant van Venetië laten zien, vandaag een lijstje films die zich (deels) in deze bijzondere stad afspelen.

Elke twee weken ga ik met een vriend naar de film – en zelfs als we dan naar een Italiaanse film gaan, weet hij er altijd al meer over te vertellen dan ik. Als we voorafgaand aan de film een borrel drinken, klapperen mijn oren bij zoveel filmkennis. Eerdere films van regisseurs en hoofdrolspelers zijn bij hem net zo opgeslagen als bij mij de vervoegingen van Italiaanse werkwoorden – hij kan ze zo opratelen.

Ik moet bekennen dat ik niet zo’n goed filmgeheugen heb (althans, niet wat namen van auteurs en regisseurs betreft), dus ik vroeg hem na onze laatste film om raad, zodat ik jullie vandaag ook een aantal mooie, klassieke films met Venetië als decor voor kan schotelen. Hij tipte nummer 2, 3 en 4. Nummer 1 is mijn persoonlijke favoriet en nummer 5 kan ik eigenlijk niet overslaan, aangezien deze film nu in de Nederlandse bioscopen draait.

Hopelijk doen jullie een beetje inspiratie op voor heel wat uurtjes heerlijk kijkplezier – en ik vrees ook geregeld een beetje heimwee naar La Serenissima…

1 Pane e tulipani
Eerst mijn persoonlijk favoriet! Al honderd keer gezien, niet alleen omdat het verhaal zo hilarisch is maar ook omdat de film je zo’n ontzettend goed gevoel geeft! Dit bitterzoete sprookje over Rosalie, een ietwat gedesillusioneerde huisvrouw, die op weg naar het jaarlijkse vakantieadres alleen achterblijft op de parkeerplaats van een wegrestaurant. Haar man en twee zonen hebben haar niet gemist toen de bus verder reisde…

Daar sta je dan, zou je denken, maar Rosalie raakt niet in paniek. Ze probeert naar huis te liften en verheugt zich al op een weekje alleen thuis. Maar als een automobilist met wie ze meerijdt naar Venetië blijkt te gaan, geeft ze gehoor aan de plotselinge gedachte om zichzelf te trakteren op een vakantie in deze sprookjesachtige stad. Een unieke kans om eindelijk het eigen geluk voorrang te geven, en dat nog wel in Venetië!

Tegen de achtergrond van deze bijzondere stad ontmoet Rosalie een heleboel bijzondere mensen, onder wie een suïcidale ober uit IJsland, een holistische schoonheidsspecialiste en een anarchistische bloemenverkoper. Beneveld door muziek, dans en haar groeiende liefde voor de ober lijkt haar oude leven een boze droom. Haar gezin mist haar echter, en haar man heeft dan ook iemand naar Venetië gestuurd om haar op te sporen. Maar wil Rosalie haar leven in Venetië nog wel achter zich laten?

De wonderlijke personages, de moed en het optimisme van Rosalie en de vele komische scènes maken deze film voor mij tot een oprechte, vrolijke ode aan het leven!

Bestel Pane e tulipani hier bij bol.com

2 Italian for beginners
In een Deens stadje volgen verschillende mensen samen een cursus Italiaans: een kapster, het meisje uit de bakkerswinkel, de bedrijfsleider van een restaurant, de manager van de sporthal, de nieuwe dominee… Allemaal staan ze alleen in het leven. Is het de hoop op een beetje ‘amore’ die hen doet zwoegen op het verschil tussen een pizza en een piazza?

In elk geval delen ze de passie voor Italië en het Italiaans. Wanneer ze tijdens een reis naar Venetië de gelegenheid krijgen het geleerde in de praktijk te brengen, krijgt de Italiaanse zon de kans om mensen bij elkaar te brengen…

Een feelgood movie die mijn wekelijkse conversatieles Italiaans in een heel ander daglicht stelt ;-)

Mijn filmvriend, die zoals gezegd alles over films weet, wist me te vertellen dat Italian for beginners wel wordt aangeduid als ‘Dogma #12′, de twaalfde film in de Dogma-reeks, die in 1998 begon met Festen. Kenmerkend aspect van de Dogma-film is dat alles op locatie is gefilmd (écht Venetië dus!), met een hand-held camera en zonder verdere opsmuk – dit in tegenstelling tot films met hoge Hollywood-budgetten. Italian for beginners doet qua toon echter nergens denken aan Festen (of de andere Dogma-films), met name vanwege de licht komische inslag. Hiermee mag Italian for beginners met recht de eerste echte feelgood Dogma-film genoemd worden.

Bestel Italian for beginners hier bij bol.com

3 Don’t look now
Nadat hun dochtertje Christine is verdronken, vluchten John Baxter (een prachtige rol van Donald Sutherland) en zijn vrouw Laura (gespeeld door Julie Christie) naar Venetië. Zo hopen ze het verdriet om hun dochtertje te kunnen vergeten.

John stort zich op zijn werk, de restauratie van een eeuwenoud kerkgebouw. Laura maakt in de tussentijd kennis met twee vreemde Engelse dames, Wendy en haar helderziende blinde zus Heather. De rust die het stel zocht, blijkt verder weg dan ooit. Zeker als Heather Laura vertelt dat haar dochter contact met haar zoekt. Laura gaat helemaal op in de spirituele wereld van het onbekende, maar John verklaart de dames voor gek. Totdat ook hij zaken waarneemt die er niet zijn, zoals het kleine meisje in een rood regenjasje.

Hoewel deze film al heel wat jaren geleden is verschenen (in 1966 om precies te zijn) en de beelden hier en daar wat verouderd zijn, laat Venetië zich van de allerbeste kant zien.  De mysterieuze sfeerbeelden komen door de griezelige en intrigerende muziek van Pino Donnagio nog beter tot hun recht. Als je tegen een beetje griezelen kunt absoluut een aanrader!

4 Everyone says I love you
In deze musicalachtige film van Woody Allen krijgt een rijke familie uit New York flink wat te verduren. Skylar (een glansrol van Drew Barrymore) staat op het punt te gaan trouwen. Maar als haar moeder Steffi de ex-gedetineerde Charles Ferry uitnodigt voor een diner, staat het huwelijk op losse schroeven. Skylar voelt zich namelijk sterk aangetrokken tot Charles en tot grote hilariteit van haar moeder en stiefvader Bob blaast ze haar voorgenomen huwelijk af.

Het gekkenhuis wordt compleet als Skylars halfzus D.J. zich gaat bemoeien met het liefdesleven van haar vader, Joe (gespeeld door Woody Allen himself), die altijd op de verkeerde vrouwen valt en daardoor nu zelfs overweegt om een einde aan zijn leven te maken. De pogingen van D.J. om haar vader te koppelen aan de veel jongere en bovendien getrouwde Von (prachtig neergezet door Julia Roberts) leiden tot heel wat komische situaties…

5 The Tourist
Johnny Depp speelt in The Tourist de Amerikaanse toerist Frank wiens geflirt met een onbekende leidt tot een web vol intriges, romantiek en gevaar Tijdens een ongeplande reis naar Europa om zijn gebroken hart te laten helen, flirt Frank met Elise (gespeeld door Angelina Jolie), een bijzondere vrouw die met opzet zijn pad kruist.

Tegen de prachtige achtergrond van (onder andere) Venetië ontwikkelt hun stormachtige romance zich in rap tempo, terwijl beide geliefden verleid worden tot een dodelijk kat en muisspel…

Regisseur Florian Henckel von Donnersmarck won met zijn debuut Das Leben der Anderen een Oscar voor Beste Buitenlandse Film in 2007. Die zal hij voor deze film zeker niet in de wacht slepen, maar ach, de beelden van Venetië maken veel, zo niet alles, goed!

feb 09

Precies een week geleden schreef ik al even kort over het huis van Julia, of Giulietta, in de Via Cappello in Verona. Al op de toegangspoort springen vele internationale liefdesverklaringen in het oog; sommige slordig geschreven met een dikke, zwarte stift, andere in een sierlijk handschrift of in kunstige graffitiletters.

Wanneer je eenmaal op de binnenplaats bent aanbeland, kom je nog meer van deze liefdesverklaringen tegen. De muren van Julia’s huis zijn op sommige plekken bijna niet meer te zien: ze worden helemaal bedekt door liefdesverklaringen in het Italiaans, Engels, Chinees, Frans, Japans, Spaans en Nederlands. Veel briefjes (waarvan een groot aantal roze gekleurd of in de vorm van een hartje) zijn met kauwgom op het pleisterwerk geplakt, maar ook provisorische oplossingen (pleisters, post-itjes en postzegels) dienen als liefdesbetuiging.

Terwijl een paar pubers zich verdringen voor de muur en hardop alle Italiaanse liefdesuitingen lezen, op zoek naar iets originelers dan ‘Ti amo per sempre’ voor hun eigen briefje, dwalen mijn ogen naar boven, naar het balkon van Julia – of wat daar nu voor door moet gaan. Een van de lezers van Ciao tutti schreef vorige week dat het een sarcofaag zou zijn geweest, en ik kan die gedachte niet uit mijn hoofd zetten. Want als dat klopt, is het toch wel een heel vreemde samenloop van omstandigheden.

Zeker als je weet dat je hier, op het balkon, ook kunt trouwen. Het balkon en het veertiende-eeuwse huis van Julia zijn nog niet zo lang geleden door de gemeente Verona toegevoegd aan de lijst huwelijkslocaties. Dat zal de gemeente flink wat geld opleveren, gezien de populariteit van het balkonnetje. Wil je nog niet direct de stap nemen om je geliefde hier ten huwelijk te vragen, raak dan in elk geval even de rechterborst van de bronzen Julia aan; dat schijnt geluk te brengen in de liefde…

Letters to Juliet
Niet in Verona, maar toch genieten van de romantiek van de met kauwgom vastgeplakte briefjes en liefdesverklaringen in graffitiletters? Haal dan de film Letters to Juliet (net uit op dvd) in huis!

In deze film brengen de romantische straatjes, de Italiaanse levenslust en het befaamde balkon van Julia oude en nieuwe geliefden bijeen. De vakantie die de Amerikaanse Victor en Sophie in Verona doorbrengen, en die heel romantisch had moeten zijn, begint echter met een grote teleurstelling. Victor heeft namelijk nauwelijks oog voor Sophie: hij ziet alleen de exclusieve Italiaanse delicatessen en valt in katzwijn bij weer een heerlijke fles wijn of olijfolie.

Sophie besluit er dan maar in haar eentje op uit te trekken. Ze slentert door de straatjes van Verona en bezoekt het huis van Julia. Sophie komt tot de ontdekking dat een heel team van vrijwilligers de brieven die vrouwen van over de hele wereld nog altijd aan Julia schrijven, lezen en beantwoorden.

Wanneer Sophie zelf op een brief van meer dan vijftig jaar oud stuit en een brief terugschrijft, leert ze Claire Smith kennen. Samen gaan ze op zoek naar Claires Italiaanse jeugdliefde uit 1951, Lorenzo Bartolini. De Italiaanse mannen die ze vervolgens ontmoeten en die beweren de bewuste Lorenzo Bartolini te zijn, leveren hilarische (hoewel wat clichématige) scènes op.

Ligt de liefde voor Claire, en wellicht voor Sophie, toch nog op de loer in de stad van het beroemde liefdespaar aller tijden? Wees gerust, ik zal niet verklappen hoe de film afloopt. Ga zelf maar lekker kijken en zwijmelen!

Getagd met:
feb 03

Vandaag eten de Italianen hun laatste stukje panettone, dat ze – als het goed is – met Kerstmis expres apart hebben gezet. Het is namelijk al jaar en dag traditie dat op 3 februari, de feestdag van San Biagio, de heilige Blasius, die moet beschermen tegen keelpijn, de laatste restjes panettone worden weggespoeld met een flinke slok wijn. Samen met de zogenaamde Blasius-zegen die de Italiaanse pastoors vandaag uitdelen, en wellicht met het in aantocht zijnde voorjaar, zijn de Italianen dan van al hun verkoudheden en keelklachten af.

Of deze heilige expres zo vlak voor Valentijnsdag vereerd wordt, zodat er tegen die tijd volop gezoend kan worden zonder bang te hoeven zijn voor virussen, durf ik niet te beweren, maar kwaad kan het zeker niet. Met deze feestdag in aantocht is er hier in Nederland een andere remedie tegen winterkwalen en –depressies: de nieuwe Italiaanse film Baciami ancora (‘Kus me nog een keer’).

De cast die eerder figureerde in L’Ultimo Baccio (‘De laatste kus’) wordt na tien jaar weer herenigd. Nu ze allemaal rond de veertig zijn, is de tijd van de onrealistische dromen en wilde nachten voorbij. Carlo en zijn vrienden Paolo, Adriano, Alberto en Marco bevinden zich ieder op verschillende keerpunten in het leven. De passie in hun liefdeslevens is voorbij, de voldoening in hun werk verdwenen en ze worstelen allemaal met dezelfde vraag: is dit het nu?

Ondanks deze twijfels blijft de vriendengroep hecht en steunen ze elkaar waar mogelijk. Tot het noodlot toeslaat… Is hun vriendschap sterker dan hun schuldgevoel en verdriet?

De titelsong, van Jovanotti, is bijna een film op zich. En alvast een mooi gedicht voor Valentijn!

‘Un bellissimo spreco di tempo
un’impresa impossibile
l’invenzione di un sogno
una vita in un giorno
una tenda al di là della duna.

Un pianeta in un sasso,
l’infinito in un passo
un riflesso di un sole
sull’onda di un fiume.
Son tornate le lucciole a Roma
nei parchi del centro
l’estate profuma.

Una mamma, un amante,
una figlia, un impegno,
una volta una nuvola scura.
Un magnete sul frigo,
un quaderno di appunti
una casa, un aereo che vola.

Baciami ancora…
Baciami ancora…

Tutto il resto è un rumore lontano
una stella che esplode
ai confini del cielo.

Baciami ancora…
Baciami ancora…

Voglio stare con te
inseguire con te
tutte le onde del nostro destino.

Una bimba che danza,
un cielo, una stanza
una strada, un lavoro, una scuola
un pensiero che sfugge
una luce che sfiora
una fiamma
che incendia l’aurora.

Un errore perfetto,
un diamante, un difetto
uno strappo che non si ricuce.

Un respiro profondo
per non impazzire
una semplice storia d’amore.

Un pirata, un soldato,
un dio da tradire
e l’occasione
che non hai mai incontrato.

La tua vera natura,
la giustizia del mondo
che punisce chi ha le ali
e non vola.

Baciami ancora…
Baciami ancora…

Tutto il resto è un rumore lontano
una stella che esplode
ai confini del cielo.

Baciami ancora…
Baciami ancora…

Voglio stare con te
invecchiare con te
stare soli io e te sulla luna.

Coincidenze, destino,
un gigante, un bambino
che gioca con l’arco e le frecce
che colpisce e poi scappa
un tesoro, una mappa,
l’amore che detta ogni legge
per provare a vedere
che c’è laggiù in fondo
dove sembra impossibile
stare da soli
a guardarsi negli occhi
a riempire gli specchi
con i nostri riflessi migliori.

Baciami ancora…
Baciami ancora…

Voglio stare con te
inseguire con te
tutte le onde del nostro destino.

Baciami ancora…’

Voor degenen die geen of nauwelijks Italiaans spreken uiteraard ook de vertaling:

‘Een prachtige verspilling van tijd
een onmogelijke onderneming
de uitvinding van een droom
een leven in een dag
een tent achter de duinen.

Een planeet in een steen,
de oneindigheid in een stap
de weerkaatsing van de zon
op de golf van een rivier.
De vuurvliegjes zijn weer terug in Rome,
in de parken van het centrum
geurt de zomer.

Een mamma, een minnares,
een dochter, een verplichting,
af en toe een donkere wolk.
Een magneet op de koelkast,
een schrift met aantekeningen
een huis, een vliegtuig dat vliegt.

Kus me nog een keer…
Kus me nog een keer…

Al het andere is als een geluid ver weg
een ster die explodeert
aan het einde van de hemel.

Kus me nog een keer…
Kus me nog een keer…

Ik wil bij jou zijn
en samen met jou al de golven
van ons lot najagen.

Een klein meisje dat danst,
een hemel, een kamer
een straat, een baan, een school
een gedachte die je ontglipt
licht dat je terloops aanraakt
een vlam die
de ochtendschemering aansteekt.

Een perfecte fout,
een diamant, een gebrek
een scheur die niet meer te naaien is.

Een diepe zucht
om totale waanzin te voorkomen
een eenvoudig liefdesverhaal.

Een piraat, een soldaat,
een god om te verraden
en de gelegenheid
die je nooit hebt gehad.

Jouw ware karakter,
de gerechtigheid in de wereld
die straft wie vleugels heeft
maar niet vliegt.

Kus me nog een keer…
Kus me nog een keer…

Al het andere is als een geluid ver weg
een ster die explodeert
aan het einde van de hemel.

Kus me nog een keer…
Kus me nog een keer …

Ik wil bij jou zijn
samen met jou oud worden
alleen met jou samen zijn op de maan.

Toevalligheden, het lot,
een reus, een jongetje
dat speelt met pijl en boog
dat raak schiet en dan weg rent
een schat, een landkaart,
de liefde die altijd zijn wil oplegt
in een poging te zien
wat diep daaronder zit
daar waar het onmogelijk lijkt
om alleen te zijn
om elkaar in de ogen te kijken
om spiegels te vullen
met onze beste weerspiegelingen.

Kus me nog een keer…
Kus me nog een keer…

Ik wil bij jou zijn
en samen met jou al de golven
van ons lot najagen.

Kus me nog een keer…’

jan 21

In het Florentijnse modedistrict, in en rondom de Via de’ Tornabuoni, bevindt zich het Museo Salvatore Ferragamo. Dit bijzondere museum, dat gevestigd is in het dertiende-eeuwse Palazzo Spini-Feroni, geeft door middel van meer dan 10.000 schoenen een beeld van de carrière van de bekende Florentijnse ontwerper en van zijn unieke collectie. Een must voor alle vrouwen (en mannen) die de verleiding voor een nieuw paar schoenen maar moeilijk kunnen weerstaan!

Salvatore Ferragamo werd in 1898 geboren in Bonito, een klein plaatsje op zo’n honderd kilometer van Napels. Als elfde van in totaal veertien kinderen was hij al op jonge leeftijd op zichzelf aangewezen. Salvatore wist echter wat hij wilde en vertrok op zijn elfde naar de grote stad, waar hij bij een schoenmaker in de leer ging. Twee jaar later keerde hij terug naar Bonito en opende hij zijn eigen winkel, waar hij op verzoek schoenen maakte of herstelde.

De klandizie viel echter tegen en Salvatore zag zich genoodzaakt weer te vertrekken. Ditmaal besloot hij zijn geluk echter in Amerika te zoeken, waar twee van zijn broers eerder al heen waren gereisd. Een van hen werkte in een grote schoenenfabriek in Boston, waar ook voor Salvatore nog wel een plekje was. Hoewel Salvatore gefascineerd was door de grote machines waarmee aan de lopende band schoenen konden worden gemaakt, vond hij het vreselijk te zien hoe dit ten koste ging van de kwaliteit van het schoeisel. Hij hield het dan ook niet lang vol in de fabriek en trok al snel verder naar zijn andere broer, die zich in Santa Barbara (Californië) had gevestigd.

Salvatore begon een eigen schoenenwinkel – precies op het moment dat de filmindustrie aan zijn bloeiperiode begon. Toen hij gevraagd werd om schoenen te ontwerpen voor de filmacteurs en –actrices, aarzelde Salvatore geen moment. Hij ontwierp met groot succes het ene na de andere ‘filmschoenenpaar’ en verdiende al snel de bijnaam ‘schoenmaker van de sterren’. Toen de filmindustrie zich naar Hollywood verplaatste, verhuisde Salvatore mee. In 1923 opende hij de ‘Hollywood Boot Shop’ en groeide zijn naam en faam verder en verder.

Toch bleef Salvatore ontevreden over de gemakzucht van de Amerikanen en de minimale kwaliteitseisen die aan materialen en handwerk werden gesteld. In 1927 keerde hij daarom terug naar Italië, waar hij hoopte schoenen te kunnen maken die geheel zouden voldoen aan zijn hoge eisen. Hij vestigde zich in Florence, opende hier een eigen werkplaats en hoewel hij nog steeds veel opdrachten kreeg van Amerikaanse filmsterren en –regisseurs, kreeg hij ook in eigen land steeds meer voet aan de grond.

Het uitbreken van de crisis in 1929 zorgde voor veel minder opdrachten uit Amerika, maar Salvatore was daar stiekem wel blij om. Zo kon hij zich met een gerust hart wijden aan de opdrachtgevers in eigen land. De zaken gingen hem voor de wind; in 1936 had hij niet alleen twee werkplaatsen die op volle kracht draaiden, maar ook een winkel, in het Palazzo Spini-Feroni in de Via de’ Tornabuoni (waar nu dus ook het museum gevestigd is).

Ook op persoonlijk vlak heeft Salvatore niets te klagen. In 1940 trouwt hij met zijn jeugdliefde, Wanda Miletta, de dochter van zijn vroegere huisarts in Bonito. Ze krijgen zes kinderen, drie jongens (Ferruccio, Leonardo en Massimo) en drie meisjes (Fiamma, Giovanna en Fulvia). Het gezin weet de Tweede Wereldoorlog redelijk te doorstaan. Tijdens de wederopbouw worden de schoenen van Ferragamo wereldwijd een van de symbolen van het nieuwe Italië, dat weer tot leven komt en dat op het gebied van mode, design en creativiteit een rol van betekenis wil spelen.

Salvatore Ferragamo presteert in de jaren vijftig op de toppen van zijn kunnen: alles kan, en alles lukt. Hij maakt de prachtigste creaties voor filmsterren als Audrey Hepburn, Greta Garbo, Anna Magnani, Marilyn Monroe en Sofia Loren. Vlak voor hij in 1960 overlijdt, laat hij zijn familie weten tevreden te zijn. Hij heeft zijn grote jongensdroom weten te realiseren; het is nu aan hen deze droom verder uit te dragen en in te vullen.

Dat hebben zijn zonen en dochters naar eer en geweten gedaan: Salvatore had vast nooit kunnen dromen dat zijn ontwerpen vandaag de dag te bezichtigen zijn in een heus museum en dat elke stad van naam een Ferragamo-winkel heeft, waar je niet aan voorbij kunt lopen zonder te dromen van zo’n prachtpaar schoenen…

jan 02

Op de tweede dag van het nieuwe jaar een film met een melancholische, maar toepasselijke titel: Le cose che restano, oftewel de dingen die blijven. Een aanrader voor een zondag waarop je de hele dag niks hoeft – de twee dvd’s zorgen namelijk voor maar liefst 360 minuten kijkplezier.

Le cose che restano is een meeslepende familiekroniek in de traditie van La Meglio Gioventù. Centraal staat een verscheurde familie die na een pijnlijke gebeurtenis het leven langzaamaan weer probeert op te pakken. Ieder gezinslid doet dit op geheel eigen wijze.

Gezamenlijk staat de familie symbool voor Italië, een land op zoek naar een nieuwe identiteit. Op ingenieuze wijze is het leven van de familieleden verweven met prominente maatschappelijke thema’s van de afgelopen twintig jaar: vluchtelingenbeleid, de oorlog in Afghanistan, de opkomst van de rechtse politiek.

Het resultaat is een ontroerend en dramatisch, maar bovenal hoopgevend epos dat de draad oppakt precies waar La Meglio Gioventù stopte…

Als La Meglio Gioventù niet direct een herinnering aan urenlang meeleven met een Italiaanse familie oproept, ben ik stiekem wel een beetje jaloers: dan heb je nog dubbel zo veel kijkplezier voor de boeg de komende weken. Deze zes uur durende familiekroniek vertelt het verhaal van Nicola en Matteo, twee broers die aanvankelijk dezelfde dromen, boeken en vriendschappen delen.

Wanneer ze Giorgia ontmoeten, een jong meisje dat lijdt aan psychische stoornissen, neemt hun toekomst noodgedwongen een andere wending. Nicola beslist psychiater te worden, Matteo geeft zijn studies op en meldt zich aan bij de politie.

De kleine en grote drama’s uit het leven van Matteo, Nicola en hun familie lopen parallel met gebeurtenissen die de recente Italiaanse geschiedenis tekenden: de overstroming van Florence, het gevecht tegen de Siciliaanse maffia, de grote voetbalmatchen van de Italiaanse nationale ploeg, de studentenprotesten, het terrorisme van de Rode Brigades, de Fiat-crisis…

Veel kijkplezier!

dec 19

Deze weken horen we op de radio naast kerstliedjes allerlei jaaroverzichten, in kranten en tijdschriften verschijnen verschillende favorieten-van-het-afgelopen-jaar-lijstjes en recensenten zetten de tien boeken die je het afgelopen jaar toch echt gelezen zou moeten hebben (of anders binnen nu en 12 dagen) op een rijtje.

Ciao tutti besloot niet achter te blijven en na 327 blogstukjes vandaag een overzicht te geven van de beste romans, thrillers, kookboeken, informatieve boeken, kinderboeken, reisgidsen en dvd’s die op de een of andere manier te maken hebben met Italië. Ideaal voor last minute kerstcadeaus of een extra aardigheidje onder de kerstboom!

De beste Italiaanse romans volgens Ciao tutti:

1 De eenzaamheid van de priemgetallen – Paolo Giordano
2 Ik haal je op, ik neem je mee – Niccolò Ammaniti
3 Wit als melk, rood als bloed – Alessandro d’Avenia
4 Staal – Silvia Avallone
5 Ter wereld gekomen – Margaret Mazzantini

De meest inspirerende boeken over Rome:

1 Laus Romae
2 Kleuren van Rome
3 Fiamminghi in Rome – Vlaamse voetsporen in de Eeuwige Stad
4 The families who made Rome
5 De magie van Rome en het sublieme gemis

De spannendste Italiaanse thrillers volgens Ciao tutti:

1 De Pantheon getuige – David Hewson
2 Het geheime avondmaal – Javier Sierra
3 Imprimatur – Monaldi & Sorti
4 De geboorte van Venus – Sarah Dunant
5 Het Medici-zegel – Theresa Breslin

Reisgidsen, kijk- en kunstboeken waardoor je meteen je koffer wilt pakken:

1 De kunst van het kijken
2 SPQR – Anekdotische reisgids voor Rome
3 100% Rome
4 Pompeii – Het dagelijks leven in een Romeinse stad
5 De filosofie van de heuvel

De kookboeken waaruit ik dit jaar het vaakst een geslaagd Italiaans gerecht op tafel toverde:

1 La Cucina d’Abruzzo
2 Toscanini venticinque
3 Zilveren Lepel – Pasta
4 Jamie’s Italië
5 La cucina verde

De mooiste Italiaansgeoriënteerde kinderboeken, die me erg deden verlangen naar de tijd dat ik als kind stapels boeken verslond:

1 Pinokkio
2 Julia’s reis
3 Vergeten steden
4 De verboden vraag
5 Het oude Rome – een reis door heden en verleden met Cicero de Kat

Urenlang kijkplezier gegarandeerd met deze vijf dvd’s – en dan hebben we De eenzaamheid van de priemgetallen nog te goed!

1 Roman Holiday
2 La meglio gioventù
3 Caos calmo
4 Io sono l’amore
5 Pranzo di Ferragosto

Hiermee kunnen jullie hopelijk even vooruit… Uiteraard blijf ik jullie ook komend jaar op de hoogte houden van alle nieuwe Italiaanse boeken, reisgidsen, kookboeken en films – voor nu alvast veel kijk- en leesplezier gewenst!

Getagd met:
preload preload preload