jan 28

Ondanks de romantiek van alle lokale marktjes en heerlijke kleine winkeltjes om me heen waar ik het liefst snuffel en nieuwe ontdekkingen doe, kan het soms zomaar zijn dat ik mezelf terugvind in zo’n overweldigende ipermercato. Een mammoetsupermarkt waar je werkelijk voor alles terecht kunt. Van fietsbanden tot ingemaakte kersen en van flanellen huispakken tot gebloemd briefpapier.

Ik sta wat verdwaasd voor de vele vierkante meters pastasoorten die hier staan uitgestald als ik wat verderop een bekende stem in het Nederlands hoor. Als ik nieuwsgierig om het schap heen loop, zie ik tot mijn grote verrassing inderdaad een bekende staan: Esther Bos. Vorig jaar was ik bij haar en Simona op bezoek in het Toscaanse Il Canto del Maggio (zie Ciao tutti van 26 januari en 27 januari). Esther biedt met haar Beleef Toscane een aantal culinaire voor- en najaarsarrangementen aan met net een tikje méér. Met het gevoel ‘thuis’ te zijn bij de Italianen, met heerlijk koken, eten en vertoeven in een dromerig minidorpje.

Ze begroet me blij verrast en vertelt me dan honderduit over de heerlijkheden van haar afgelopen Beleefherfst: het aanhoudende zonnige weer, óók in november, het proeven van een Vin Santo met de potentie van een luxe cognac, de smaak ontdekken van een risotto met brandnetel, het ultieme recept voor parelhoen met kastanjes, de door het droge zomerseizoen schamel uitgevallen olijfoogst die echter een ongekend rijke olie opleverde en de hartelijke gastvrijheid van Cinzia, de vrouw des huizes van ‘Moraiolo’. Een levendig boerenhuis van drie generaties waar Esthers gasten nu ook een plekje vinden. ‘Daar moet ik je echt nog eens mee naar toe nemen,’ besluit ze, terwijl ze snel nog een pak risottorijst uit het schap grist. ‘Kijk maar even,’ zegt ze, terwijl ze me haar telefoon geeft. ‘Je gelooft je ogen niet als je dit ziet!’

‘Dat pak rijst is overigens voor een nieuw uit te proberen recept,’ legt ze uit. ‘Voor fritelle di riso, rijstbeignets. Al noem ik ze met mijn dochter Jozefbollen, dat klinkt leuker,’ lacht ze. ‘En dat zijn het in feite ook. Tegenwoordig zie je al met Carnaval, maar traditioneel gezien worden ze op 19 maart gegeten, de dag van S. Giuseppe, St. Jozef en tegelijkertijd ook vaderdag in Italië.

Volgens overlevering was Jozef na zijn vlucht naar Egypte genoodzaakt om beignets te verkopen om zijn gezin te onderhouden. De Romeinen gaven hem daarom al de vrolijke bijnaam il frittellaro, de frituurman. Middenin de vastentijd wordt er nu op zijn heiligendag ‘gesmokkeld’ en heeft iedere regio wel zijn eigen gefrituurde gebak. Van de zoete zeppole uit Napels getopt met banketbakkersroom en kersen tot de hartige crespeddi van Sicilië met ricotta en ansjovis. Maar ik hou van de Toscaanse, met rijst en een zweem citroen,’ besluit ze.

‘Er bestaan honderden verschillende recepten van en evenzoveel verschillende meningen over. Mét rozijnen of zonder. Mét gist of zonder. Het originele recept stamt ergens uit de late middeleeuwen, maar ik doe het vandaag met dit recept van Simona.’ Ze krabbelt voor mij (en voor jullie natuurlijk) het recept op een papiertje. Zo kunnen ook wij genieten van een Italiaanse vastentraditie!

Frittelle di S. Giuseppe
(St. Jozefbollen)

250 gram rijst (liefst met een kleine ronde korrel, zoals risottorijst)
600 ml melk
400 ml water
mespuntje zout
3 eidooiers
3 eiwitten
1 borrelglaasje Vin Santo
100 gram suiker
zakje vanillesuiker
wat citroen- en sinaasappelrasp
3 tot 4 eetlepels bloem
olie om te frituren
extra kristalsuiker om te bestrooien

Kook de rijst in het water met de melk, het snufje zout en de citroen- en sinaasappelrasp. Giet de rijst af indien nodig en laat deze afkoelen (dit kun je ook al een dag van tevoren doen).

Voeg dan de eidooiers, Vin Santo en de suiker aan toe. Gebruik zoveel bloem als nodig is om er een stevig mengsel van te maken; het mag niet ‘weglopen’. Laat het mengsel zo’n half uurtje rusten (het originele recept heeft het zelfs over vele uren!).

Klop voor het bakken de eiwitten stijf en spatel ze voorzichtig door de rijst. Verhit het frituurvet en schep dan met een lepel balletjes van het rijstmengsel in het vet. Frituur de balletjes goudbruin en laat ze uitlekken op keukenpapier. Rol ze ten slotte door de suiker.

‘Voor de luxe versie kun je het hart nog vullen met wat banketbakkersroom.’ Esther glundert al als ze eraan denkt. En ze maakte het nog even aanlokkelijker door ter plekke Simona van Il Canto del Maggio te bellen voor een heus Toscaans wijnadvies. Haar favorieten: De Aleatico van het wijnhuis Vitereta, een passitowijn (van ingedroogde druiven) die niet al te zoet is. Of een Montepulciano di Vendemmia Tardiva (van late oogst).

Ondertussen zijn we bij de kassa aangekomen en Esther zet alle veelbelovende ingrediënten voor dit lekkers op de band. Ik krijg spontaan zin om de frittelle – en nog meer carnavalslekkers – zelf bij haar te gaan maken en proeven! Jullie ook? Kijk dan eens op Beleef Toscane onder Maschere & Misteri.

Ik zeg Esther gedag met de belofte haar snel op te zoeken op die prachtige plek en slenter terug naar de afdeling pasta om weer vertwijfeld voor de enorme keuze te staan, maltagliati of fusillli bucati? Ik ben er voorlopig nog niet uit!

jan 19

Een van de fijnste Italiaanse gewoonten is la passeggiata, een avondwandeling die niet alleen door oude mensen wordt gemaakt maar waar het hele dorp of de hele stad voor warm loopt. Men loopt door de hoofdstraat, waar mogelijk van plein tot plein, in een kalm tempo, onderwijl keuvelend over, hoe kan het ook anders in Italië, eten. Over wat er tijdens de lunch op tafel stond, en over wat er straks, als iedereen is uitgewandeld, op het menu staat.

Voor de kinderen wordt er een ijsje gekocht, oudere mannetjes maken een korte tussenstop voor een kopje koffie aan de bar, er wordt een sigaret opgestoken en er worden afspraakjes gemaakt. Terwijl ze aan de arm van hun moeders of vriendinnen in laag tempo langs de etalages wandelen, bekijken jonge meisjes in de spiegelende ruiten hun haar, hun kleding of de jongen op wie ze een oogje hebben en die met zijn familie of vrienden juist de tegenovergestelde richting op wandelt.

Duidelijk is dat iedereen zich veel moeite getroost heeft om er op zijn paasbest uit te zien. La passeggiata is dan ook niet zomaar een wandeling; het is een ritueel. Een soort openbare keuring – waarvoor zowel mannen als vrouwen dan ook hun mooiste kleding uit de kast trekken. Zeker in een stad als Florence…

Want hoewel Milaan de naam van modestad met verve en van nature draagt, past deze naam zeker ook meer dan goed bij de hoofdstad van Toscane. Niet alleen omdat je ook hier de mooiste etalages ziet, vol designer jurkjes en vintage schoenen, maar ook omdat Florence de thuishaven is van veel bekende ontwerpers.

Eerder schreef ik al over het prachtige Ferragamo-museum dat in het modedistrict van Florence, rondom de Via de’ Tornabuoni, is gevestigd. Dit bijzondere museum, dat gevestigd is in het dertiende-eeuwse Palazzo Spini-Feroni, geeft door middel van meer dan 10.000 schoenen een beeld van de carrière van de bekende Florentijnse ontwerper en van zijn unieke collectie. Een must voor alle vrouwen (en mannen) die de verleiding voor een nieuw paar schoenen maar moeilijk kunnen weerstaan!

Maar Ferragamo is ook elders in de stad aanwezig. Zo heeft hij zijn naam gegeven aan een aantal superdeluxe hotels aan de oevers van de Arno. Eerst een paar foto’s zodat jullie dezelfde indruk krijgen als ik en echt even over mijn schouder mee kunnen kijken:

Een van de Ferragamo-hotels is Hotel Lungarno, dat niet alleen gasten van over de hele wereld herbergt maar tevens elke dag onderdak biedt aan een collectie van circa zeshonderd originele kunstwerken, waaronder een Picasso. Voor kunst hoef je de deur dus niet uit. Voor een mooie blik op de stad evenmin. Het hotel ligt in de wijk Oltrarno, pal aan de oever van de Arno, en biedt een prachtig uitzicht op de Ponte Vecchio en de koepels, kerken en daken aan de overkant.

Ook Hotel Continentale, eveneens een telg in de Ferragamo-familie, aan de overkant is vanuit Hotel Lungarno goed te zien. Dit hotel is wat strakker en moderner dan zijn weerspiegeling aan de andere zijde van de Arno. Het publiek is hier ook wat jonger en hipper, zeker rond aperitivo-tijd, na la passeggiata. De aanwezigheid van een schitterend dakterras met nog schitterender uitzicht op de stad en de omliggende heuvels helpt hier natuurlijk ook bij, zeker ook omdat deze prachtige plek ook toegankelijk is voor niet-hotelgasten die willen genieten van een drankje op niveau.

Het Gallery Hotel Art, het eerste designhotel van de stad, hoort eveneens bij de Ferragamo-familie. Ook hier veel jonge, hippe Florentijnen, met een hoog creativiteitsgehalte en een perfect gevoel voor stijl. Iedereen komt op zijn mooist de bar binnen, ook op een gewone doordeweekse avond. Na een drankje en een hapje schuiven ze aan in het fusion-restaurant dat bij het hotel hoort. Van crisis is hier geen sprake…

Voor wie iets minder luxe wil slapen, maar toch graag zijn hoofd eens op een Ferragamo-kussen te rusten wil leggen, is er aan de overkant het recent geopende Lungarno Suites. Geen hotel in de strikte betekenis van het woord (de gemeente had namelijk verboden om nog meer hotels te bouwen), maar een appartementencomplex. Elk appartement heeft een prachtige keuken, maar er is geen restaurant. Gelukkig kun je als gast altijd aanschuiven bij een van de andere hotelrestaurants.

De kwaliteit van de hotels wordt regelmatig getest door niemand minder dan Leonardo Ferragamo, directe afstammeling van Salvatore, zelf. Niets wordt aan het toeval overgelaten, zeker niet tijdens de grote mode-events in de stad, zoals Pitti Immagine nu in januari. De hotels zijn dan ook heel populair – het is onmogelijk om er tijdens zo’n modegebeuren een kamer te krijgen.

Gelukkig mag ik wel even een kijkje nemen in alle hotels en suites. Ik geniet van elke seconde, van het adembenemende uitzicht boven op Hotel Continentale tot de enorme badkamers (die soms groter zijn dan mijn werkruimte), van de echte Picasso tot de lekkere hapjes tijdens het aperitivo-buffet. Voorlopig is het genoeg om van een verblijf hier te dromen; van alle moois zou ik geloof ik toch niet snel de slaap kunnen vatten… Wie dat toch wil proberen en een nachtje in een van Ferragamo’s fantastische hotels wil slapen, kan een kijkje nemen op de website www.lungarnocollection.com.

Voor de echte liefhebbers van luxe is er overigens nog een ander Ferragamo-pareltje. Verderop langs de Arno, ter hoogte van de Ponte Santa Trinità. In het Palazzo Capponi, waar Hannibal Lecter in het vervolg op de film Silence of the lambs zijn toevlucht zocht, kun je een suite huren die net zoveel moois te bieden heeft als de stad zelf. Aan alles is gedacht: hemelbedden, kroonluchters van Murano-glas, badkamers vol marmer en als klap op de vuurpijl een balzaal met schitterende fresco’s.

Je zou bijna niet meer naar buiten willen om de stad te verkennen, hetgeen toch niet helemaal de bedoeling is van een weekendje Florence. Ik houd het daarom liever bij dromen. Dromen over een nachtje luxe slapen in deze luxueuze hotels, over een butler die je ’s ochtends wekt met een schuimige cappuccino, over dikke badjassen en echte Picasso’s. Om ontnuchterd wakker te worden en jullie door middel van dit stukje heel even mee te laten dromen voor de nieuwe dag begint… Sogni d’oro dus allemaal, voor heel even, en dan snel weer over tot de orde van de dag. Buona giornata!

jan 11

Tijdens de Vakantiebeurs, die vandaag in de Jaarbeurs Utrecht van start gaat, is niets heerlijker dan langs de Italiaanse stands struinen om ideeën op te doen voor blogstukjes – en voor een volgende vakantie. Italië heeft – ook voor een doorgewinterde liefhebber als ondergetekende – nog steeds heel veel moois te bieden, zowel binnen als buiten de gebaande paden.

Het is heerlijk om nieuwe plekjes te ontdekken, te horen over nieuwe wijnroutes, pas geopende charmehotels, geplande tentoonstellingen en onontdekte pareltjes. Wat dat betreft biedt de Vakantiebeurs dus volop inspiratie, vooral ook omdat er veel Italianen aanwezig zijn, die vol vuur vertellen over hun eigen streek, de culturele hoogtepunten, de culinaire specialiteiten… Geen betere promotie voor het land dan een enthousiaste inwoner…

Alhoewel, toevallig kreeg ik afgelopen weekend een wel heel mooi promotiemiddel voor Italië in handen: het prachtige posterboek Travel Italia. Het boek biedt een overzicht van de mooiste promotieposters die ooit zijn gemaakt voor regio’s of steden in Italië.

Van circa 1920 tot 1960 was dit een beproefde manier om het land toeristisch op de kaart te zetten. Honderden kunstenaars wendden hun creatieve talent aan om de Italiaanse bestemmingen zo mooi en bijzonder mogelijk op te tekenen – van de Venetiaanse lagune tot het eiland Capri, van de schapen op Sardinië tot de Duomo van Florence.

Maar weinig mensen weten nog van het bestaan van deze posters. Met de introductie van internet wordt promotie voor een vakantie naar Italië immers op een heel andere manier gemaakt. Gelukkig heeft Lorenzo Ottaviani, geboren in Rome maar inmiddels woonachtig in New York, de posters weer terug in het collectieve geheugen gebracht, met dit prachtboek.

Hieronder een aantal posters om jullie alvast te laten genieten van de Italiaanse vakantiesfeer:

Een mooie promotieposter thuis aan de muur hangen, om na te genieten van je vakantie of alvast uit te kijken naar de volgende bestemming? Dat kan! Bij Galleria L’Image in Alassio kun je kiezen uit een groot assortiment Italiaanse reisposters. Winkelen kan hier gelukkig ook online via deze link.

Nog meer posters uit het boek Travel Italia kun je bekijken op de speciale Travel Italia-website. Hier kun je het posterboek ook bestellen, al dan niet gesigneerd door samensteller Ottaviani. Bestellen kan overigens ook gewoon via bol.com – dan heb je het binnen vier werkdagen in huis en kun je dus van het weekend al wegdromen bij alle Italiaanse bestemmingen… Buon viaggio!

jan 09

We beginnen deze nieuwe week met de nieuwe editie van De Smaak van Italië. De afgelopen weken hebben we met de hele redactie heel hard gewerkt om er een nog mooier blad van te maken. Uiteraard ben ik heel benieuwd wat jullie er van vinden, maar eerst een tipje van de sluier over al het moois in dit nieuwe nummer!

Zoals hoofdredacteur Marcel Molenbeek het zo mooi formuleert in zijn column: ‘Het is inmiddels traditie om lezers in deze tijd van het jaar te helpen bij het vinden van de mooiste Italiaanse vakantiebestemming. Daarom in dit nummer veel, héél veel inspirerende en praktische suggesties. Als extraatje geven we een handige vakantiegids cadeau met maar liefst 101 logeeradressen, van noord tot zuid en van romantisch tot klassiek, voor een onvergetelijke vakantie. Geniet van de Smaak en de passie van de Italianen. Laat dat het voornemen zijn voor dit nieuwe jaar!’

De eerste reisreportage brengt je bij het Lago d’Iseo: ‘Het is het kleine broertje van het Garda- en Comomeer, dat maar moeilijk uit de schaduw van die grote broers weet te stappen. Juist daarom is het Lago d’Iseo het geheim van fijnproevers gebleven: een sprookjesachtig decor van betoverende natuur en cultuur, waar je geniet van verse vis uit het meer, vergezeld van verrukkelijke DOP-olijfolie en befaamde DOC-wijnen. Wie zegt dat je enkel tussen de drommen toeristen kunt genieten van de Italiaanse meren heeft het mis. Lago d’Iseo zal je verrassen en misschien nog wel meer dan dat. Voor ons was het regelrechte liefde op het eerste gezicht.’

Daarna reizen we via het prachtige relais Don Ferrante in Puglia naar negen verschillende droombestemmingen in la bella Italia. Want, zoals collega Willemijn van Dijk zo mooi schrijft: ‘Wat is er nu leuker dan je midden in de winter alvast oriënteren op de zomervakantie? Italië is als vakantieland ontzettend veelzijdig, zodat er letterlijk voor ieder wat wils is. Het land geeft alleen zoveel inspiratie, dat je misschien door de bomen het bos niet meer ziet. De Smaakredactie droomt graag met je mee en geeft de beste tips voor een Italiaanse vakantie voor elk reisgezelschap. Tips die zowel de absolute beginner als de wat meer gevorderde Italiëganger op de goede weg helpen!’

Het artikel waar wij het meest bij hebben zitten wegdromen is dat over de alberghi diffusi: ‘Waar anderen verval zien, ziet Daniele Kihlgren mogelijkheden. Zijn hotels blazen nieuw leven in Italiaanse dorpjes die in de vergetelheid dreigden te raken. De Zweeds/Italiaanse Kihlgren is geen conventioneel hotelier en ook geen filantroop uit een rijkeluisfamilie. Hij koopt vergane rurale dorpjes in het zuiden van Italië op, simpelweg omdat hij het vanaf de eerste (en oudste) steen weer wil opbouwen. Daarmee bezorgt hij die dorpjes een ware renaissance.

Kihlgren’s hotels zijn ‘verspreid’, of ‘versplinterd’, diffuso in het Italiaans. Dat wil zeggen dat gasten op verschillende plekken in het dorpje logeren, terwijl het hotel wel door één team en vanuit één plek wordt gerund. De Italiaanse benaming voor zo’n hotel is albergo diffuso. De schoonheid in het werk van Kihlgren zit hem daarin, dat hij altijd en onvermoeibaar op zoek blijft naar authenticiteit. In de manier waarop hij zoekt naar mogelijkheden om natuurlijke schoonheid en lokaal cultureel erfgoed in ere te houden, is hij eerder antropoloog en filosoof dan hotelier.’

Na een ronde met lekker snelle pastagerechten van Gino D’Acampo reizen we naar de Italiaanse adressen in Leiden en de grootste chocoladekunstenaar van Toscane: de Nederlander Paul de Bondt. ‘De creaties van Paul en Cecilia zijn beroemd in de wereld van chocolademakers. De Bondt Cioccolato Originale behoort tot de top 15 beste chocolatiers ter wereld volgens de prestigieuze gids The Chocolate Companion en Paul doceert aan de Universiteit van Gastronomische Wetenschap in Piemonte. Ze wonnen in Perugia een van de belangrijkste chocoladeprijzen ter wereld: de Eurochocolate. Ondanks al die prijzen is De Bondt in eigen land onbekend. ‘Misschien is het tijd om iets op te zetten, want onze chocolade is niet verkrijgbaar in Nederland. We hebben een winkel in Pisa, maar het liefst openen we er nog een paar… Wie weet!’

Voor de afsluiting van deze reis in vogelvlucht blijven we in Toscane, waar Joep Otten en Jan Pieter Rondeltap hun ‘persoonlijk hotel’ Podere Cerale runnen. ‘Podere Cerale is een oude boerenhoeve, gemoderniseerd zonder zijn authenticiteit te verliezen. Gasten slapen in een van de zes stijlvolle, eigenzinnig ingerichte kamers. Kraakwitte lakens, strak vormgegeven banken en stoelen, eikenhouten dressoirs en kasten… De kleurrijke schilderijen springen extra in het oog. Jan Pieter maakt en verkoopt ze. En hij komt het gekochte kunstwerk na het seizoen persoonlijk bij je thuis langsbrengen.’

Ideaal dus om naast de Smaak nog een stukje Italië in huis te halen. Wat natuurlijk nog leuker is: zelf even naar Italië om vakantie te vieren! Met een beetje geluk kan dit, want we mogen maar liefst 101 nachtjes in Italië weggeven!

Zoals Marcel Molenbeek al aangaf, hebben we als extraatje bij deze eerste editie van 2012 de gids 101 nachten in Italië gemaakt, met een selectie van de meest bijzondere accommodaties. 101 droombestemmingen, van sfeervolle bed&breakfasts tot luxe villa’s, van lodgetenten tot agriturismi, van charmehotels tot trouwlocaties. Allemaal anders, maar allemaal bieden ze het heerlijke vooruitzicht van een weekje Italiaans genieten. Er zit er vast wel een bij waar je direct bij wegdroomt…

Als klap op de vuurpijl mogen we van elke accommodatie een gratis nacht voor 2 personen verloten.* Kans maken? Kom dan langs bij onze stand tijdens de Vakantiebeurs in de Jaarbeurs Utrecht (07.F080) of ga voor 1 maart 2012 naar www.desmaakvanitalie.nl/mail-win en vul het contactformulier in. Noteer ‘101 nachten’ als onderwerp. Wie weet kun jij dan straks heerlijk dromen in een van de 101 accommodaties…

dec 12

Op Twitter werd ik door een van mijn collega’s van Not Just Any Book gewezen op het prachtige fotoboek Visita l’Italia van Jolanda van Eek. Niet alleen omdat het boek zo’n prachtige foto’s bevat, die je meteen midden in Italië doen belanden, maar ook en vooral omdat Jolanda een uitgever zoekt, zodat het boek het hart van een grotere schare Italiëfans kan verwarmen.

Na het online doorbladeren van het boek was ik echter allereerst nieuwsgierig naar de mensen achter deze foto’s. Waar komt hun passie voor Italië vandaan? Hoe vaak reizen ze af naar de laars? Ik stuurde Jolanda een tweet met de vraag om iets over hun bezoeken aan Italië te vertellen. Ik kreeg een enthousiast (en een ietsiepietsie jaloersmakend) verhaal terug, dat ik van Jolanda met jullie mag delen.

Jolanda: ‘In 2003, toen ik Ron (mijn man) net kende, nam hij me mee naar Italië. Onze eerste echte vakantie samen: de vuurdoop! Kwam het door de verliefdheid die ik al voelde voor Ron of had dat er niets mee te maken? Enfin, ik werd verliefd op de glooiende heuvels van Toscane, het lekkere eten, de indrukwekkende steden en de mooie dorpjes… Midden in de Chianti-streek verbleven wij in een prachtig gelegen appartement tussen de wijngaarden en olijfbomen. De flessen Chianti stonden al op ons te wachten. Florence, Siena en Lucca volgden daarna…

Te kort, dat was de tijd die we er de eerste keer doorbrachten. Helaas voor ons leefden we toen nog in het tijdperk van de analoge fotografie (Weet je nog? Met die rolletjes). Dus daar kan ik jullie niets van laten zien. Maar we keerden en keren nog regelmatig terug naar Italië. Het leukste vinden wij toch wel om een appartement te huren bij de boer, een agriturismo, afgewisseld met een stedentrip. Een lang weekend Milaan, Turijn, Rome of Siena bijvoorbeeld.

In 2005 maakten we een uitgebreide rondreis via het Lago Maggiore (Lago di Piano) naar de Cinque Terre aan de westkust tot aan Venetië aan de oostkust. In de Cinque Terre verbleven we op een geweldige plek, boven op een berg bij een boer. De fotogenieke dorpjes van de Cinque Terre, maar ook Camoglia en Portovenere, zijn een bezoek meer dan waard.

Lago di Piano
 

Cinque Terre

Ik vertelde al over mijn verliefdheid voor Italië en niet te vergeten voor Ron. Het is misschien dan ook niet zo gek dat ik juist in Venetië, op het Piazza San Marco, Ron ten huwelijk heb gevraagd. Ja, je leest het goed: ik heb Ron ten huwelijk gevraagd. Als moderne vrouw (lees ongeduldig) wilde ik hem op een bijzondere plek vragen. Hij zei ja!!!

Ons trouwvoornemen werd meteen van bovenaf gezegend middels vogelpoep van de in grote getale aanwezige duiven op het plein. Nog bezig de duivenpoep van Rons kleding te poetsen, besloot een tweede duif mij onder te poepen. En dat terwijl ze ons bij eerdere bezoeken aan het plein gewoon met rust hadden gelaten. We hebben direct besloten geen duiven los te laten op onze bruiloft ;-) Wat we ook toen al wisten, is dat we nog eens terug wilden naar Venetië.

In 2007 kriebelde het weer en maakten we weer een rondreis, deze keer via Turijn waar we in de oude Fiat-fabriek hebben geslapen, door naar weer een weekje bij de boer in Toscane. Van daaruit maakten we onder andere uitstapjes naar Umbrië. Op de terugweg nog een paar dagen Lago Maggiore. Heerlijk!

Turijn


Toscane

Nadat we inmiddels al een aantal bruidsreportages hadden verzorgd, werden we gevraagd om een bruidsreportage te fotograferen in Toscane. Met dat verzoek waren Ron – wij fotograferen veelvuldig samen – en ik uiteraard enorm in onze nopjes. We besloten er meteen een vakantie aan vast te knopen. In april 2010 vertrokken we naar Siena, waar het stel trouwde. In het stadhuis van Siena vond de plechtigheid plaats. Over het Piazza del Campo, waar nieuwsgierige toeristen applaudisseerden voor het bruidspaar, door naar de Duomo, waar natuurlijk ook nog wat foto’s geschoten moesten worden.

Na de lunch in Castellina in Chianti hebben we de bruidsreportage vervolgd in het mooie landschap van Toscane. We hadden het geluk een prachtige laan met cipressen te spotten en hebben daar ook nog de nodige foto’s kunnen maken. Nog nagenietend van deze mooie dag, bleven we nog twee dagen in Toscane en zijn toen richting Rome gegaan. Allebei waren we al eens in Rome geweest, maar nog nooit samen. Wat is dat toch een geweldig mooie stad. Met zoveel te zien, dat je gewoon keuzes moet maken.

Rome

Het wordt nu weer de hoogste tijd voor een nieuwe reis naar Italië; Florence, terug naar Venetië en het heerlijke Toscane, misschien een keer helemaal door naar het zuiden, naar Napels. Er valt nog genoeg te zien.

Vanaf 2004 fotograferen we met digitale camera’s en hebben we de foto’s van onze reizen naar Italië verzameld. We wilden onze passies combineren: fotografie en Italië! In het fotoboek Visita l’Italia staan onze mooiste foto’s. Het boek is nu te koop via Blurb.com (Visita l’Italia | Blurb) maar hopelijk vinden we een uitgever die het wil publiceren zodat er meer mensen van onze foto’s kunnen genieten en inspiratie op kunnen doen voor een mooie reis naar Italië.’

Dus, uitgevers die dit lezen en het boek net zo ademloos hebben doorgebladerd als ik, meld je bij Jolanda van Eek. En mocht het tot een echt boek komen, houd ons dan in elk geval op de hoogte, want ik ben ervan overtuigd dat de lezers van Ciao tutti graag zo’n prachtig koffietafelboek kopen of cadeau krijgen!

Siena

Over Ron en Jolanda
Ron de Jong (1967) en Jolanda van Eek (1966) fotograferen al vanaf de jaren ’80. Eerst analoog maar wel al met een spiegelreflex en sinds 2004 digitaal. Zij maken reizen naar de mooiste plekken op aarde, zoals Costa Rica, Maleisië, Amerika en Cuba, maar ze keren steeds terug naar hun geliefde Italië. Jolanda heeft sinds september 2010 haar eigen bedrijf, KEEK Mix, en werkt als fotograaf en grafisch vormgever voor zowel de particuliere als de zakelijke markt. Ron werkt als IT-consultant en is bij bijvoorbeeld bruiloften van KEEK Mix tweede fotograaf.

nov 29

Voor een reportage voor De Smaak van Italië was ik eind oktober op landgoed Partingoli, net ten zuiden van Florence. Een goede timing, zo bleek, want ik viel met mijn neus in de druiven. Martijn en Angelique Bak, die agriturismo Partingoli sinds maart van dit jaar runnen, hadden net de laatste druiven geplukt. Het was hun eerste vendemmia, en ik was natuurlijk meer dan nieuwsgierig naar de romantische verhalen over de dagen tussen de druivenranken en het beruchte eindfeest.

‘Romantisch?’ Martijn helpt me uit mijn droom. ‘Veertien dagen werken in de wijngaard, dan een week wachten en dan persen. Romantisch? Het is maar hoe je het bekijkt…. De maandag dat we zouden beginnen was er regen voorspeld en heeft Rodolfo (de wijnboer) besloten de oogst twee dagen uit te stellen. Werken in de regen heeft sowieso geen nut, want met elke stap word je een centimeter hoger door alle modder die zich vastkleeft aan de onderkant van je schoenen.

Woensdag was het dan eindelijk zo ver. Zonder verwachting, maar zeer nieuwsgierig meldde ik mij om zeven uur in de ochtend. ‘Wat kom jij doen?’ vroeg Rodolfo.
‘Wat kom ik doen? Iets met druiven plukken toch?’
‘Dat begint pas om acht uur.’

Akkoord… ik was lekker vroeg wakker en kon nog op mijn gemak een kop koffie gaan drinken. Om acht uur meldde ik mij weer bij Rodolfo. ‘Wat kom jij doen?’ vroeg hij weer.
‘Ik eh… iets met druiven?’
‘We beginnen bij de kerk vandaag,’ zei Rodolfo.
Toen ik weer in het Italiaanse plaatje zat en mij had ingeprent om ALTIJD controlevragen te stellen, nam ik mijn hoed en knapzak en vertrok voor een wandeling van een 20 minuten naar de kerk.

Gelukkig dat op tijd komen hier onbeleefd is. Zo kwam ik dus tegelijk met de rest van de werkers bij de kerk aan. Een zeer gemêleerd gezelschap. Behalve Dimitri en Marco, de vaste medewerkers van Partingoli, waren twee Italiaanse studenten, twee Albanese dames, vier Roemenen en drie Sicilianen aanwezig. Nu houd ik mijn Roemeens en Albanees niet heel erg bij, dus probeerde ik tijdens het werk een gesprekje aan te knopen met een Siciliaanse meneer. Hij verstond mij uitstekend, maar ik hem…wat een taal! Alsof je een algemeen beschaafd Nederlands sprekende Amsterdammer tegenover een algemeen beschaafd Limburgs sprekende Maastrichtenaar zet!’

Au, dat doet toch stiekem nog een beetje pijn als je je Maastrichtse roots na bijna vijftien jaar nog steeds niet kunt verbloemen achter een harde g… Gelukkig helpt dat zangerige accent wel bij het vlot spreken van het Italiaans, dus ik besluit Martijn niet te interrumperen. Die is zelf nog zo enthousiast over het hele druivenplukgebeuren, dat hij mijn gefronste wenkbrauwen niet opmerkt, maar breed gebarend verder vertelt:

‘En tja, dan begin je met plukken. Of nou, plukken. Het is eigenlijk meer knippen. Knippen, knippen en nog eens knippen. Van 8 tot 12 uur en dan weer van 2 tot 6 uur. Als je ’s avonds thuis komt plakken je vingers aan elkaar van het sap, heb je last van je vingers, armen en schouders en ben je blij dat je zit. Romantisch? Eigenlijk toch wel. Het idee dat je mee mag werken aan die ene fles die straks bij iemand op tafel staat is toch geweldig!

En bovendien, die mensen uit Sicilië zorgden de hele dag voor een lach op je gezicht. Die kunnen hun mond niet houden. Ik zou ze niet meer kunnen navertellen, maar ik heb veel Italiaanse moppen en grappen gehoord en mijn Siciliaans is er wat op vooruit gegaan. En vergeet niet de gezamenlijke maaltijd toen de oogst binnen was. Wat een passie hebben deze mensen voor het werken en leven op het platteland!’

Het was nu nog een beetje vroeg om de wijn al te proeven, dus komend jaar ga ik nog een keer terug om te beoordelen of Martijn zijn werk goed gedaan heeft, maar bovenal om nogmaals te genieten van al het heerlijks dat Partingoli te bieden heeft. Als het artikel voor De Smaak van Italië klaar is, neem ik jullie zeker nog even mee naar deze prachtige plek. Wie niet zo lang wil wachten en het vakantiegevoel alvast wil opzoeken, neemt alvast een kijkje op www.partingoli.com. Ik tel alvast af naar de eerste slok nieuwe wijn aan het zwembad…

Getagd met:
nov 23

Het gebeurt maar zelden dat ik tijdens mijn reizen door Italië besluit om ergens op de bonnefooi te gaan slapen. Eergisteren echter zag ik op een naambordje vlak bij het Piazza di Santa Croce de naam ‘Le Stanze di Santa Croce’ staan, de kamers van de Santa Croce. In een opwelling – ik kon nog wel een paar nachtjes in het gehuurde appartement blijven – belde ik aan. Eigenlijk alleen even om een kijkje te nemen in de zo veelbelovend klinkende kamers, maar uiteindelijk ook om er mijn spullen naartoe te verhuizen en er een paar nachten te slapen…

De eigenaresse, Mariangela, zorgde namelijk voor een wel heel hartelijke ontvangst. Op mijn voorzichtige vraag of ik even zou mogen rondkijken, trok ze de zware deur helemaal open. Het was voor haar geen enkel probleem om alle moois van haar bed&breakfast te laten zien; voor mij was het geen enkele moeite om oprecht verrukt te zijn. Wat een heerlijk verblijf!

In de kleine keuken zette Mariangela een moka op het vuur. Terwijl ze wachtte tot het water kookte, vertelde ze over haar droom: een eigen B&B in hartje Florence, maar dan anders dan anderen het al doen. Het moest helemaal in haar eigen stijl, kleur en sfeer. Inmiddels is die droom een paar jaar oud, maar de sfeer is nog net zo tastbaar als in het begin.

Terwijl we koffie dronken in de kleine ontbijtzaal (die in de zomer wordt omgetoverd tot een prachtig terras, met als grote buur de Santa Croce), vertelde Mariangela hoe bijzonder elke kamer is. Geen standaardmeubels, maar prachtige, handgemaakte kastjes, tafels en bedden. Warme kleuren, zowel in de kamers als in de badkamer. Kleine leren boekjes aan de sleutelhanger. En dan de namen: elk van de vier kamers is genoemd naar een oude Florentijnse klok, die eens in de vele klokkentorens die de stad rijk is luidden.

Mariangela is duidelijk trots op haar werk. En terecht, zo bleek toen ze me de kamers liet zien. Ik viel onmiddellijk voor – hoe kan het ook anders – de roze kamer, met een heerlijk hemelbed en een prachtige bloemenlamp. Gelukkig was de kamer de komende nachten nog vrij, dus ik ben mijn spullen gaan halen en heb van een van de Santa Croce-kamers mijn thuis voor de komende dagen gemaakt.

De eerste nacht sliep ik als een roosje, om gewekt te worden door de klokken van de Santa Croce. De geur van koffie kwam me al tegemoet, en toen ik de ontbijtruimte binnenwandelde kon ik mijn ogen bijna niet geloven. Droomde ik nog? Er stond al een dampend moka-potje op me te wachten, met door Mariangela gebakken chocoladetaart, een keur aan vers fruit, romige yoghurt, en sinaasappelsap. Ondanks het feit dat ik de rest van de dag nog meer dan genoeg zou eten, deed ik me tegoed aan al dat lekkers.

Uiteraard probeerde ik Mariangela het recept van de chocoladetaart te ontfutselen, maar helaas… die moeten jullie zelf maar gaan proeven. Of leren maken, want Mariangela is dol op koken en geeft geregeld kookworkshops in de keuken van de bed&breakfast (ook voor culi’s die niet in Le Stanze di Santa Croce slapen overigens). Tijdens zo’n workshop neemt ze je eerst mee naar de markt van Sant’Ambrogio, om de heerlijkste ingrediënten te kopen, waarmee je dan later aan de slag gaat. Daarna wordt er natuurlijk volop geproefd van al dat lekkers! Helaas moet ik nog een aantal adressen testen voor De smaak van Florence, maar als ik al die testkilo’s kwijt ben, kom ik graag nog eens terug om met Mariangela de keuken in te duiken.

De komende dagen houd ik het echter bij het uitgebreide ontbijt en het heerlijke gevoel te slapen in de meest authentieke wijk van Florence. Uiteraard deel ik deze fantastische plek graag met jullie, mits jullie beloven er niet en masse heen te reizen ;-)
Op www.lestanzedisantacroce.com vind je alle gedetailleerde informatie over Mariangela, haar B&B en de workshops die ze geeft. Wie weet tot ziens in Le Stanze di Santa Croce!

nov 08

Nadat ik gisteren de bloemenwinkel van Sonja had verlaten, wandelde ik naar de Basilica della Santissima Annunziata, een van de bijzonderste kerken van Florence. Hier vind je geen grote praalgraven zoals in de Santa Croce of een schitterend Laatste Avondmaal zoals in de San Marco. Wie echter de tijd neemt, zal ontdekken dat de kerk veel prachtige fresco’s herbergt, veelal van Florentijnse kunstenaars.

Het mooiste is misschien wel de kloostergang van Michelozzo, die ook wel Chiostro dei Morti, de Kloostergang van de Doden, wordt genoemd. Het licht valt schitterend op een aantal van de 25 lunetten waarmee de bogen zijn beschilderd. In deze kloostertuin tref ik een Nederlands stel, dat innig verliefd langs de lunetten wandelt.

Ze vragen in gebrekkig Italiaans of ik een foto van hen wil maken. Als ik in het Nederlands antwoord, zijn ze enorm verbaasd. ‘Onze weddingplanner vertelde dat hier nauwelijks Nederlanders komen,’ vertelt Michel. Ik antwoord dat ik dat net ook heb gehoord, en nog wel van een Nederlandse bloemiste die eveneens regelmatig als weddingplanner werkt.

Michel en Simone, zoals zijn vriendin blijkt te heten, hebben echter een Italiaanse weddingplanner, Laura geheten. Ze zijn helemaal vol van alle plannen voor hun huwelijk hier in Florence, en we besluiten even koffie te gaan drinken zodat ze hun verhaal kunnen vertellen. Als we aan de cappuccino zitten, vertelt Simone enthousiast over hun plannen in Florence te gaan trouwen.

‘Michel en ik zijn allebei echte Italiëliefhebbers; we houden van het land, de cultuur, de mensen en natuurlijk van de Italiaanse keuken. Toen we voor het eerst samen op vakantie gingen, kozen we Florence als bestemming, vandaar dat we hier nu ook willen trouwen. Het is ook zo’n prachtige stad, we waren meteen verliefd. Dat gevoel willen we nu met onze familie en vrienden delen!’

Michel nuanceert: ‘Dat romantische gevoel gaat er bij het regelen van een bruiloft alleen snel een beetje vanaf. Er komt zo ontzettend veel bij kijken! We wilden in eerste instantie alles zelf regelen, dat moest kunnen dachten we. We gingen in Nederland speciaal op Italiaanse les, zodat we ook alle formele zaken zelf in gang konden zetten.’ Dat bleek nog niet mee te vallen. ‘We konden al snel een lekkere maaltijd bestellen, of de informatiebordjes ontcijferen, maar een huwelijk regelen, nee, dat was een beetje te hoog gegrepen.’

Vandaar dat ze de hulp van een weddingplanner inriepen. ‘Een lot uit de loterij,’ zo noemen de twee ‘hun’ Laura. Simone: ‘Laura weet als geboren en getogen Toscaanse echt alles van Florence en van het gebied eromheen. De mooiste locaties, maar ook de gebruiken en gewoonten als het op het regelen van een locatie en alle formaliteiten aankomt. Bovendien is ze net zo jong als ik, wat toch wel fijn is – ze lijkt precies te weten wat ik wel en niet wil. Bovendien geeft ze buiten de geijkte dingen tussendoor ook heerlijk advies over de mooiste winkels voor kleding, tassen en accessoires, en weet ze de leukste restaurantjes. Zo is het organiseren van onze bruiloft verandert van een kleine nachtmerrie in een ware droom.’

Michel glimlacht en vertelt nog vaak terug te denken aan die hectische eerste maanden, toen ze nog graag alles zelf wilden doen. ‘We hebben het idee om te trouwen in Florence zelfs bijna maar laten varen, omdat het zo’n ingewikkeld gedoe werd. Op een avond besloten we eens op internet te zoeken naar een jonge weddingplanner, die geen standaardpakketten aanbiedt maar graag met ons meedenkt. Gelukkig had die cursus Italiaans inmiddels ook zijn vruchten afgeworpen, want toen we de website van Laura zagen, waren we meteen verkocht!’

Een afspraak was snel gemaakt, en zo togen de twee naar Florence om samen met Laura een aantal locaties te bekijken. Simone: ‘Het klikte direct, Laura is jong en sprankelend en niets is haar teveel. Ze heeft ontzettend veel ideeën en denkt tot in de kleinste details mee. Bovendien kent ze heel veel mensen, van fotografen tot bloemisten, van cateraars tot juweliers. Ik moet er niet aan denken dat we dat allemaal zelf hadden moeten uitzoeken.’

De twee proberen ondertussen wel zoveel mogelijk mee te kijken – en zoveel mogelijk Italiaans te spreken. Want hoewel Laura perfect Engels spreekt, vinden Michel en Simone het leuk om zoveel mogelijk in het Italiaans te communiceren. ‘Soms, als we het echt niet snappen, stappen we over op het Engels, maar we proberen onze bruiloft echt zo Italiaans mogelijk te organiseren, ook in de voorbereidingen,’ zo vertelt Michel.

Nu zijn ze nog even in de stad om de laatste details met Laura door te spreken. ‘We trouwen net voor de kerst, zodat we niet alleen de bruiloft hier kunnen vieren met vrienden en familie, maar ook de kerstvakantie hier door kunnen brengen. We verheugen ons er enorm op, het wordt zo bijzonder!’ vertelt Simone met ogen die schitteren van opwinding. ‘Eigenlijk moet je even mee gaan kijken naar het museum waar we ons huwelijk gaan inzegenen!’

Dat hoeft ze geen twee keer te zeggen. We rekenen onze cappuccino’s af en wandelen naar een unieke plek in de stad. Door Laura’s aanstekelijke enthousiasme over hoe het er straks uit zal zien, met prachtige versieringen, mooi gedekte tafels, een meer dan heerlijk Florentijns menu, wijnen uit de Chianti en een echte Italiaanse bruidstaart, droom ik even met hen mee. Michel is wat nuchterder en neemt ons lachend weer mee naar buiten. ‘Ik ben blij dat we nu weer kunnen genieten van alle voorbereidingen,’ zucht hij. ‘Dankzij Laura is alle stress van ons afgevallen. Het was ons niet gelukt dit alles voor elkaar te krijgen, en nu hoeven we er alleen maar van te genieten…’

Ik wens hen alle geluk van de wereld, en vraag nog snel een kaartje aan Laura. Je weet maar nooit wanneer ik een weddingplanner in Florence nodig heb…

Tuscan DMC
Wil je ook trouwen in Florence – of in Siena, de Chianti of een ander stukje Toscane – zonder stress maar met een enthousiaste weddingplanner? Neem dan een kijkje op de website van Laura, www.tuscan-dmc.com Hier vind je ook de verschillende locaties waar Laura tot nu toe bruiloften of feesten heeft georganiseerd, van sprookjesachtig tot chic en van heel klein en intiem tot enorm groot. De meeste locaties zijn trouwens ook te huur voor feesten, congressen en presentaties, maar daarover kan Laura meer informatie geven.

nov 05

Voor mijn vertrek naar Florence had ik nooit kunnen denken hier een fotograaf te ontmoeten die eerder dit jaar in Amsterdam was om daar de prachtigste interieurs te fotograferen. Gelukkig is de werkelijkheid vaak mooier dan mijn fantasie ooit kan vermoeden, want ik had deze gepassioneerde fotograaf niet graag gemist.

Over de ontmoeting met Massimo Listri kan ik helaas nog niet teveel loslaten (ik mag alleen verklappen dat ik hem sprak voor de reisgids De smaak van Florence, die in april 2012 verschijnt en voor de samenstelling waarvan ik nu door Florence mag wandelen), maar ik wil jullie wel graag alvast kennis laten maken met zijn foto’s van Amsterdamse interieurs, die te zien zijn in het boek Wonen in stijl Amsterdam.

Deze foto’s gunnen je een blik op de stijlvolle en kunstzinnig gedecoreerde huizen die Amsterdam rijk is. Massimo Listri ging samen met auteur Melanie van Ogtrop op pad en selecteerde samen met haar een veertigtal interieurs van enthousiaste bewoners, kunstenaars, verzamelaars en enkele antiekhandels.

‘Amsterdam is een stad in voortdurende beweging, met een sterk cultureel klimaat en een rijke geschiedenis. De historische stad, het labyrint van grachten en de karakteristieke grachtenpanden zijn wereldberoemd. In augustus 2010 werd de Amsterdamse grachtengordel zelfs toegevoegd aan de Werelderfgoedlijst van Unesco!

Achter de gevels van de altijd bruisende, alom geroemde stad Amsterdam gaan vele verrassingen schuil. De rijke historie van de stad en de creativiteit en acute handelsgeest van de multiculturele bewoners, zijn terug te vinden in de verscheidenheid aan interieurs. Zo zijn er huizen die nog ongewijzigd hun verleden etaleren, alsook innovatieve en hedendaagse interieurs die voldoen aan de eisen en behoeften van vandaag, uitgerust met de allerlaatste technische snufjes.

Een klein voorproefje van Massimo Listri’s foto’s:

Hoewel ik blij ben Italiaanse grond onder mijn voeten te voelen, krijg ik bij het zien van Massimo’s foto’s en het horen van zijn enthousiaste verhalen over Amsterdam toch een klein beetje heimwee.

Vreemd eigenlijk, als ik in Amsterdam ben heb ik heimwee naar een echte cappuccino, het heerlijk luide Italiaans, liefst verhaald met veel gebaren, de zon op de prachtig gekleurde gevels, het feit dat er op elke straathoek een enorme hoeveelheid geschiedenis voor het oprapen ligt…

Ben ik in Italië, dan voel ik me over het algemeen thuis en heb ik geen last van dergelijke nostalgische mancanze. Toch steekt ook hier af toe heimwee naar een boterham met hagelslag, de Amsterdamse grachten op zondagochtend of zomaar een eindje fietsen de kop op.

Gelukkig kan ik met Massimo’s boek zo’n momentje van heimwee pareren, want je waant je echt even in Amsterdam. En het leuke is: je kunt nu binnenkijken bij al die huizen waar je normaal gesproken nieuwsgierig naar binnen probeert te kijken, omdat je vermoedt dat er heel wat moois achter schuil gaat. Nu mag je ongegeneerd gluren, details bestuderen, kijken wat er aan de muur hangt en welke boeken er in de kast staan. Bovendien doe je zo heel veel ideeën op voor je eigen interieur – in Amsterdam, in Florence of waar dan ook.

Wonen in stijl in Amsterdam
Melanie van Ogtrop (tekst) & Massimo Listri (fotografie)
ISBN 9789088810251
€ 49,90
uitgever VdH Books

Over de fotograaf en auteur
Massimo Listri is een internationaal geprezen fotograaf die in Florence woont. Recent werd zijn werk daar tentoongesteld in het Palazzo Pitti. Als fotograaf is hij gespecialiseerd in architectuur- en interieuropnames. Hij realiseerde verschillende coffee-table books en werkt samen met grote Italiaanse en buitenlandse tijdschriften, waaronder Architectural Digest, Connaissance des Arts, Beaux Arts magazine, L’Oeil en FMR Magazine.

Melanie van Ogtrop werd in Frankrijk opgevoed en kwam op haar zestiende naar Nederland. Ze is kunsthistorica en werkte bij Sotheby’s Amsterdam en Milaan. Vervolgens ging ze in de leer bij Pinin Brambilla Barcilon, bij wie ze schilderijen restaureerde, en later werkte ze ook in restauratieatelier Van Litsenburg. Daarna was ze werkzaam bij Christie’s en in 2009 opende ze in Amsterdam de non-profit kunstgalerie Circle Gallery.

nov 04

Wie Italië zegt, denkt aan zomerse vakanties in de heuvels van Toscane. Maar je kunt natuurlijk ook in de winter volop van de Italiaanse sfeer genieten! Tijdens een skivakantie bijvoorbeeld, in de prachtige bergachtige regio’s in het noorden. Geen wintersport-liefhebber? Ga dan eens op een romantische winterse citytrip en geniet van de Italiaanse kerstsfeer.

Van de sneeuw tot aan de kerststal neemt de redactie van De Smaak van Italië je in de nieuwe editie, die vanaf vandaag verkrijgbaar is, mee op ontdekkingstocht door winters Italië, met de beste tips en bestemmingen.

Een klein voorproefje van alle winterse feesten, kerstmarkten, winterse uitjes en warme recepten die in dit nummer de revue passeren:

Carnaval in Venetië – een onovertroffen openluchttoneel
Venetianen zeggen vaak dat ze de stad het liefst zouden ontvluchten tijdens het carnaval. Dat ze zich liever verre houden van de drommen bezoekers die voor het feest naar Venetië komen. Desondanks houden ze allemaal wel van ‘hun’ carnaval. Ze vieren het wel, maar onder elkaar, op minder drukke dagen en op plekken waar toeristen doorgaans niet komen. De Smaak van Italië ging mee naar die plekken, om het carnaval van de Venetianen te ontdekken.

Naast deze prachtige reportage bevat De Smaak van Italië een bijzonder verhaal van Donna Leon, over het Casinò van Venetië.

Feest op tafel
Venetianen weten niet alleen de stad, maar ook de dinertafel om te toveren tot een feestelijk decor. Vier de feestdagen dit jaar op Venetiaanse wijze met heerlijke en prachtige gerechten uit de stad van het water, zoals spaghetti con vongole e calamari en risotto di verdure.

Caffè – Italiaanse koffie uit en thuis
Speciaal voor de koude wintermaanden: allerlei leuks en lekkers rondom Italiaanse koffie. Van recepten tot tips voor de beste koffieadresjes, van accessoires tot de koffie zelf – na het lezen van onze koffiepagina’s kijk je heel anders naar je espresso of cappuccino!

Wintersport in Italië
Wie wil skiën of snowboarden in Italië hoeft niet ver af te dalen in de laars: de beste wintersportgebieden bevinden zich, uiteraard, in de noordelijke regio’s Valle d’Aosta, Piemonte, Lombardije, Veneto en Trentino-Alto Adige (Zuid-Tirol). De pistes zijn enorm uitgestrekt en variëren qua moeilijkheidsgraad van zeer uitdagend tot geschikt voor beginners. De keuze aan bestemmingen is zelfs zo overweldigend dat je misschien door de bomen het bos niet meer ziet. De Smaak maakte een kleine selectie van de mooiste skigebieden!

Kerstmis in Italië
De bijzonderste kerstmarkten vind je in Trento, Bolzano, Turijn, Milaan en Napels. In Napels is het sowieso het hele jaar door een komen en gaan van herders en koningen. In de Via San Gregorio Armeno staan zij 365 dagen per jaar uitgestald, in allerlei soorten en maten. De Smaak van Italie wandelt 24 uur lang door Napels, maar geeft ook tips voor de andere kerstmarktbestemmingen.

Merano – kerst in adellijke sferen
Deze bestemming lichten we extra uit, omdat het er zo bijzonder is in deze tijd van het jaar! De één viert kerst het liefst op z’n Oostenrijks. Met houten kerstkraampjes, glühwein en besneeuwde bergen op de achtergrond. De ander rilt alleen al bij de gedachte daaraan. Liever palmbomen dan dennenbomen, ook in december. Er is maar één plek die beide uitersten verenigt… en dat is Merano.

Rondreizen met Giulia – Sicilië per klassieker
Helemaal in het diepe zuiden van de laars wordt het bijna geen winter. Een van de Smaak-redacteuren reisde daarom af naar Sicilië: ‘Het brullende geluid van een motor klinkt over het piazza van een Siciliaans dorp. Een witte Alfa Romeo uit 1977 komt recht voor het terras tot stilstand. Dat hij dubbel geparkeerd staat, hindert blijkbaar niemand. Met een stralende lach stapt Ben Hofman uit zijn auto. Hij zal ons meenemen op een bijzondere rondreis door Sicilië. In een Italiaanse klassieker.’

De novembereditie van De Smaak van Italië ligt vanaf vandaag in de winkel (of op de deurmat bij de abonnees). In de tijd dat jullie al deze winterse artikelen kunnen lezen en de prachtige foto’s van met name het Carnaval in Venetië bekijken, gaan mijn collega’s en ik alweer volop aan de slag met het eerste nummer van 2012, met onder andere een citytrip Pisa, een reis langs het Lago d’Iseo, het mooiste meer van Lombardije, en – als extraatje – een gids met 101 bijzondere overnachtingsmogelijkheden in la bella Italia. Vervelen is er deze winter dus zeker niet bij…

Ook werken bij De Smaak van Italië ?
DSV Media is per 1 december 2011 op zoek naar een stagiair(e) voor magazine De Smaak van Italië en vakblad Italië in Bedrijf. Ben je tweede- of derdejaars student (hbo of universiteit) en zoek je een stageplek voor minimaal vijf maanden? Heb je een passie voor tijdschriften, reisgidsen, websites en andere vormen van media? Ben je creatief en visueel ingesteld of juist organisatorisch sterk, perfectionistisch en een ster met taal? Heb je Italië door je aderen stromen?

Dan ben jij wellicht onze nieuwe stagiair(e)! Stuur ons een korte motivatie en een uitgebreid CV en wie weet mag  jij dan vanaf 1 december meewerken aan het mooiste magazine over Italië. Je kunt je motivatie en CV per e-mail sturen aan Willemijn van Dijk (w.vandijk@dsvmedia.nl), adjunct-hoofdredacteur van De Smaak van Italië.

preload preload preload